2020 | Terugblik op mijn wandeljaar

Teutoburgerwald in januari tijdens de Teutoschleife Holperdorper

2020 was in meerdere opzichten een bijzonder jaar. Veel plannen gingen niet door. Maar er kwamen andere dingen voor in de plaats. Met name buitenactiviteiten zoals kanotochten, fietsritjes en wandelingen, heel veel wandelingen. In mijn veelal lege weekenden zocht ik in alle vroegte de natuur op. Ver weg van de mensenmassa’s ontdekte ik de schoonheid en het gemak van Klompenpaden, verkende nieuwe Groene Wissels en Trage Tochten en begon aan maar liefst twee nieuwe Streekpaden en één nieuwe Lange Afstandswandeling (LAW).

De ontdekking van de fiets-auto combinatie maakte de van A-naar-B wandelingen een stuk toegankelijker. Waarom ik dit niet eerder heb gedaan … Geen afhankelijkheid van openbaar vervoer dat in weekenden niet rijdt of op een bepaald traject überhaupt niet aanwezig is. Gewoon met de auto naar het eindpunt, op het fietsje naar het beginpunt, terug wandelen en dan de fiets ophalen. Dodelijk eenvoudig.

LAW’s

Het Marskramerpad bleef dit jaar bij één etappe. Ik loop dit pad samen met een vriendin die niet in de buurt woont en ons eerste wandelweekend was begin maart. Niet alleen gooide corona niet lang daarna roet in het eten, maar ook een Tweede Wereldoorlog bom maakte dat we onze tweede etappe van dat weekend niet konden lopen. We hopen in 2021 eindelijk Overijssel te kunnen verlaten om de Veluwe te ontdekken.

Het Pieterpad gaat voorspoedig en brengt me op mooie plekken, maar is nog lang niet klaar. De eerste etappe vanaf Pieterburen moet ik nog steeds lopen en hoop ik toch wel in 2021 te doen. Ook ligt Gelderland in de planning. Vanaf Holten gaat het nu eerst richting Laren. Ik ben heel benieuwd waar ik eind 2021 eindig.

Pionierspad: Uitzicht op de Bovenwijde bij Giethoorn

En dan het Pionierspad. Flevoland stond al een tijdje op het wandellijstje en het plan was om in 2021 met deze LAW door de polder te beginnen. In december lonkte het pad teveel en besloten we om toch al de eerste etappe te doen. Bij koud maar zonnig winterweer liepen we van Steenwijk naar een welhaast verlaten Giethoorn. Begin 2021 verder door De Wieden en op naar de polder.

Streekpaden

Het Salland Pad liep ik uit dit jaar. In 2018 begon ik in Olst met dit rondje door de gevarieerde natuur van Salland. Een kleine twee jaar en 130 km later stond ik weer in Olst. Toen door de coronamaatregelen de – toch al niet in het weekend rijdende – buurtbussen helemaal niet meer reden, bood de fiets-auto combinatie een goed alternatief. Het vrij onbekende pad vlecht de in het Wandelnetwerk Overijssel uitgezette rondjes aan elkaar tot een afwisselende grote ronde die wel wat meer bekendheid kan gebruiken.

Het Westerwoldepad kwam op mijn pad toen de geplande herfstvakantie naar Zwitserland niet doorging. In plaats van in de Alpen liepen we drie etappes door een verrassende streek van Groningen. Volgend jaar wil ik in een lang weekend de resterende etappes lopen door dit mooie gebied.

Westerwoldepad etappe 2

Het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad gaat in korte etappes, maar we hebben geen haast. Ik loop het met mijn moeder (en af en toe mijn vader). De noordelijke Friese Wouden zijn prachtig. Volgend jaar gaan we vanuit Buitenpost verder richting zuiden.

Het Graafschapspad lag in 2019 al in de planning en in januari en februari liepen we de eerste etappes. Ook hier bleek daarna openbaar vervoer in coronatijd een hindernis. In november togen we met auto en fiets naar de Achterhoek voor de derde en laatste etappe van dit jaar. Wellicht loop ik ‘m volgend jaar uit.

Rondwandelingen

Wezepsche Heide tijdens het Klompenpad Wiseperpad

Dit jaar heb ik veel meer rondwandelingen gelopen en beschreven dan andere jaren. Waar veel lege weekenden al niet goed voor zijn. De eerste dagen van het jaar liep ik in een ijzig en mistig Duitsland in het Teutoburgerwald en bij Bad Bentheim. In de zomer liep ik een Twentse Tocht van Truus Wijnen die in 2015 tot mooiste wandeling van het jaar werd bekroond. Ook wandelde ik mijn eerste (en zeker niet mijn laatste) Knapzakroute in Drenthe.

Naast een drietal prachtige Groene Wissels (zoals die van Odoorn en Markelo, beide in heuvelachtig gebied) liep ik maar liefst tien Trage Tochten. Ik ontdekte het prachtige Reestdal met de trage tochten Oud-Avereest en Ommerschans, liep te midden van dansende bomen op de Veluwe bij Drie en zag bij Oranjewoud een hele andere kant van Friesland.

Het aantal Klompenpaden overtrof de Trage Tochten. Het gemak van de markering en de klompenpaden-app met veel informatie maakte dat ik er twaalf liep dit jaar. Vooral het gebied tussen IJssel en Veluwe is me zeer goed bevallen. Zo genoot ik van het zonovergoten late voorjaar met het Fliertpad bij Twello en liep ik door paarse zeeën van bloeiende heide op de Tonnenberg bij Wapenveld op het Vosbergenpad. Maar ook in mijn eentje op de Wezepsche Heide (Wiseperpad) ‘s morgens vroeg in december was werkelijk adembenemend.

Alle Klompenpaden van 2020

Al met al kijk ik terug op een mooi wandeljaar. Ik liep meer dan anders, maar ik schreef ook veel meer over mijn wandelingen. Andere onderwerpen die normaal gesproken voorbij komen op dit blog vereisten OV-reizen, fietsvakanties, museumbezoeken, stedentripjes, etc. Helaas is dat er niet veel van gekomen. Hopelijk ziet 2021 er (in ieder geval deels) anders uit. En ach, anders bieden wandelingen een zeer goed alternatief.

Wat was jouw mooiste wandeling van 2020?

Noardlike Fryske Wâlden etappe 5: Westergeest – Buitenpost

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 11 km
Start: Centrum, Westergeest
Eind: Station Buitenpost

Tussen de brandnetels vinden we de markering

Op een mooie nazomerdag beginnen we om een uur of 2 aan deze etappe. De ochtend zat vol met andere bezigheden en de zondagmiddag ligt nog voor ons. We starten in het kleine dorpje Westergeest, waar aan het centrale picknickbankje bij de kerk een aantal mensen zit met dezelfde T-shirts aan. De tekst op de achterkant van het shirt kunnen we niet lezen. Ook hangen er vlaggen. Op tafel staan thermoskannen en bekertjes. Het lijkt het ontvangstcomité voor een fiets- of wandeltocht. Het blijkt het eerste te zijn. Als we aan het einde van de middag terugkeren in Westergeest om de auto op te halen, is de hoeveelheid geparkeerde fietsen aanzienlijk gestegen. Het terras van het plaatselijke café zit vol.

Maar zover is het nog lang niet. We groeten het comité, lopen over een klein paadje langs de eeuwenoude kerk en slaan dan af naar de hoofdstraat. We wandelen het dorp uit langs oude huizen die, net als vorige keer, stuk voor stuk informatieborden in de tuin hebben staan met de geschiedenis van het pand en informatie over vroegere en huidige bewoners. Aan de rand van het dorp ontkomen we ook niet aan de historie van dit plaatsje. Een groot bord vermeldt de hoogtepunten van Westergeest. Diverse gebouwen uit het dorp komen hier weer terug. Westergeest heeft een actieve historische vereniging!

De voormalige lagere school van Westergeest

Al snel lopen we langs de Nije Swemmer. Het is het verlengde van de Petsleat, de vaart waar we de vorige etappe zo veel bootjes zagen. De hoeveelheid bootjes valt nu, ondanks het mooie weer, wel mee. Het aantal vissers daarentegen is veel talrijker. Ik snap het volkomen. Met een stoeltje in de schaduw langs de waterkant. Beetje kletsen. Heerlijk. En doe mij dan maar een boek i.p.v. een hengel.

De Nije Swemmer

Na een paar kilometer laten we de vaart achter ons en nemen een fietspad richting Oudwoude. Om ons heen ligt grasland. In en om de sloten staat het riet, de brandnetels en hier en daar een bloeiende paarse bloem meters dik. De blaadjes van de eenzame bomen in het landschap beginnen al een beetje bruin te kleuren. We steken de N358 over, bewonderen de landinrichting Kollumerland. Met jaartallen wordt aangegeven wat wanneer gedaan is. Hier en daar wijst een pijl in de verte. Zo geeft de tekst betekenis aan het landschap.

Via de buitenwijken lopen we Kollum in. De vaart die door het dorp loopt, lijkt recentelijk te zijn opgeknapt. En ook het fietspad erlangs ziet er nieuw uit. Zeker het stuk waar het fietspad veranderd is in een ware atletiekbaan. Een eerbetoon aan Foekje Dillema, zien we aan het einde. De atlete, waar zoveel over te doen is geweest, is op 81 jarige leeftijd in Kollum overleden in het verzorgingstehuis dat naast het fietspad ligt. Later wijst een medewandelaar mij op een artikel van Omrop Fryslân. Heel toevallig gaat dit over een hardloopwedstrijd van 100 meter die op 22 oktober aanstaande wordt gehouden ter ere van de atlete. De Foekje Dillema-bokaal gaat over dit fietspad, dat er al klaar voor ligt.

Straatkunst maar ook één dag een atletiekbaan

De gracht in het centrum lijkt niet minder nieuw. In het namiddagzonnetje liggen het water en de oude huizen erlangs er mooi bij. Dit was niet hoe ik Kollum had voorgesteld. Bij een terrasje besluiten we onszelf te trakteren op koffie met lekkers. Redelijk uniek voor het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad. Onze ervaring is dat op dit Streekpad de (geopende) horecagelegenheden dun gezaaid zijn.

Kollum

Na de koffie lopen we met een paar slingers het plaatsje weer uit. Op een uitgestrekt dierenveldje zien we naast herten ook opeens een walibi verschijnen. Kollum blijft verrassen. Over een fietspad met verlichting in het asfalt (we vragen ons af hoeveel licht nu zoiets geeft, maar een hoed over de lamp levert geen resultaat op) slingeren we naar Buitenpost. Bij de P&R bij het station eindigt deze etappe.

Benieuwd naar de andere etappes van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Noardlike Fryske Wâlden etappe 4: Damwâld – Westergeest

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 11 km
Start: Haadwei, Damwâld
Eind: Centrum, Westergeest

Op 12 april 2018 opent weerman Gerrit Hiemstra Frieslands nieuwste streekpad: Noardlike Fryske Wâlden. Zoals de naam al zegt, loopt deze 165 km lange rondwandeling door de noordelijke Friese Wouden, de noordoosthoek van Friesland. Deze streek staat bekend om het coulisselandschap: kleinschalig boerenland omzoomd door houtwallen en elzensingels. Het is aangewezen als Nationaal Landschap. Wandelaars Jaap en Anneke Jongejan zijn de initiatiefnemers van de route. Op Wandelnet staat het volgende: “Ze combineerden onverharde paden, klinkerwegen en dorpsommetjes tot een prachtige route door een gebied dat wel ‘het best bewaarde geheim van Friesland’ wordt genoemd.”

De laatste keer dat ik een etappe van het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad wandelde was in november vorig jaar. We zijn ruim een half jaar verder en er is heel wat gebeurd in de wereld. De route is echter nog even mooi. Mijn drie medewandelaars en ik gaan dit keer voor een korte etappe en lopen van Dâmwald naar het kleine dorpje Westergeest.

Het belooft een mooie dag te worden als we in Dâmwald op de Haadwei het Halepad weer oppakken waar we er vorige keer vanaf gestapt zijn. De verbindingsroute over andermans erf om zo snel mogelijk bij de kerk, de school of de winkel te komen, voert ons langs een kerk en over een weide. De lucht is blauw en om de zon is een kring met regenboogkleuren te zien. Geen van ons vieren heeft dit fenomeen eerder gezien. Een korte zoektocht op Google meldt echter dat zo’n halo allerminst zeldzaam is. Het wordt gevormd door de breking van zonlicht in ijskristallen. Toch maar wat meer naar boven kijken.

De halo om de zon blijkt niet zo zeldzaam

De Halerûte gaat verder door het Vermaningsbos en over een schouwpad langs een sloot. In de weilanden eromheen is een boer druk bezig met het keren van het gemaaide gras. Het is er de tijd voor, we zien het meerdere malen tijdens deze etappe. Bij de N356 (de Centrale As) verlaten we het Halepad en steken met een slinger de drukke weg over.

Over fietspaden met bloeiende bermen en door en langs bosranden vervolgen we onze weg. We passen op voor de los rinnende kippen bij een boerderij (het bordje staat aan beide kanten van het erf) maar we zien er geen één. Zouden de bordjes te laat geplaatst zijn?

Geen kip gezien…

Zuidelijk van Wâlterswâld lopen we door de weilanden naar de Petsleat. Motorbootjes varen op deze vaart af en aan en verderop liggen er een heel stel aangemeerd. De over het algemeen oudere echtparen zitten op hun gemakje op het achterdek met de krant, een boek of de mobiele telefoon. Ook een kopje koffie ontbreekt niet. Getuige de plaatsnamen op de boten is Appingedam goed vertegenwoordigd, maar we zien ook Dordrecht voorbijkomen. Dat is nog wel een eindje varen.

Motorbootje op de Petsleat

Niet lang na de brug over de Petsleat komen we op een punt waar de route twee opties geeft. De ene is te belopen tijdens het broedseizoen, de andere erbuiten. Eind juli is geen broedseizoen meer, waardoor we de tweede optie kunnen nemen. Het eerste stuk gaat over lange rechte asfaltwegen en na ruim een kilometer beginnen we ons af te vragen waarom je hier niet in het broedseizoen kunt lopen. Totdat de markering ons een onverhard pad op stuurt, tussen weiland en sloot door. We hebben de reden gevonden. We horen veel vogels en bij elke stap die we zetten, vliegen de vlinders en libellen op. We passeren een meneer met fototoestel en verrekijker die we al van verre aan de kant van het pad zagen staan. Ik ben benieuwd welke bijzondere soorten hij gespot heeft.

Uitzicht van de fotograferende meneer

Het laatste stuk van de route gaat over een fietspad door het natuurgebied de Zwagermieden. Door een vogelkijkscherm hebben we uitzicht op een plas waar in een ander jaargetijde bijzondere vogels te zien zijn, aldus het informatiebord. De paar wilde eenden die we nu zien hebben niet eens een plekje gekregen op het bord…

Natuurgebied de Zwagermieden

Westergeest komt in zicht. Het stikt er van de informatiebordjes. Voor veel huizen staat op een bordje de geschiedenis van het pand beschreven. Je kunt je hier makkelijk een paar uur onderdompelen in de geschiedenis van dit plaatsje. Wij houden het bij een paar bordjes, bewonderen de oude kerk en zoeken dan weer de auto op. We spreken af om – ijs en weder dienende – dit jaar in ieder geval nog een etappe te doen, waarbij we in de plaats Buitenpost uitkomen.

Benieuwd naar de andere etappes van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

2020 | Vooruitblik op mijn wandeljaar

En toen was het 2020. Een nieuw wandeljaar is aangebroken. Wat zijn mijn plannen?

Nederland
In 2020 wandel ik verder op het Marskramerpad, het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad en het Pieterpad en wellicht dat ik dit jaar het Salland Pad afrond. Daarnaast is het plan om aan een nieuw pad te beginnen: het Graafschapspad in de Achterhoek. Het boekje is al binnen.

Ook mogen de eendaagse routes niet ontbreken. Zo heb ik mijn zinnen gezet op het Kromme Rijnpad. Een paar jaar geleden heb ik een stukje van dit pad gewandeld. De 29 km lange route loopt van Wijk bij Duurstede, langs de Kromme Rijn, naar Utrecht. Een mooie route die naar meer smaakte en de 29 km zijn goed te doen in een dag. Misschien dat het er dan toch dit jaar van komt. Uiteraard zal ik ook dit jaar de nodige Groene Wissels en Trage Tochten wandelen. Ze bevallen over het algemeen zeer goed. Ook sluit ik een NS-wandeling of een Klompenpad niet uit.

Zwitserland
Voor de zomer staat er een wandelvakantie in Zwitserland gepland. De plannen liggen nog niet vast maar wandelen bij Grindelwald in het kanton Bern staat in ieder geval op de planning. Ik kom van kinds af aan in dit land en ken met name het Wallis goed. In de regio Grindelwald heb ik een aantal jaren geleden gewandeld. Dat beviel goed en daarom staan er nu weer een paar dagen in dit gebied op het programma.

Tips?
Heel wat plannen voor 2020 dus. Natuurlijk sta ik ook open voor andere interessante wandeltips in Nederland. Dus is er een Groene Wissel, een Trage Tocht, een NS-wandeling, een Klompenpad of andere eendaagse wandelroute die ik zeker moet lopen, laat het me weten. Ook tips voor eendaagse wandelingen in Zwitserland zijn welkom. Welke wandelingen in dit prachtige land zijn echt de moeite waard?

Noardlike Fryske Wâlden etappe 3: Feanwâlden – Damwâld

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 10 km
Start: Station Feanwâlden
Eind: Haadwei, Damwâld

De geelrode markering van het streekpad in het Bûtefjild

Op 12 april 2018 opent weerman Gerrit Hiemstra Frieslands nieuwste streekpad: Noardlike Fryske Wâlden. Zoals de naam al zegt, loopt deze 165 km lange rondwandeling door de noordelijke Friese Wouden, de noordoosthoek van Friesland. Deze streek staat bekend om het coulisselandschap: kleinschalig boerenland omzoomd door houtwallen en elzensingels. Het is aangewezen als Nationaal Landschap. Wandelaars Jaap en Anneke Jongejan zijn de initiatiefnemers van de route. Op Wandelnet staat het volgende: “Ze combineerden onverharde paden, klinkerwegen en dorpsommetjes tot een prachtige route door een gebied dat wel ‘het best bewaarde geheim van Friesland’ wordt genoemd.”

Toen we de vorige etappe liepen van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden was het augustus en volop zomer. Nu is het eind november en een stuk kouder. Aan de bomen hangen nog enkele blaadjes, de ganzen verzamelen zich en de zon staat laag. Mijn medewandelaar wilde niet al te ver lopen, dus vandaag staat er een korte etappe op het programma.

Novemberlicht levert mooie plaatjes op

Vanaf station Feanwâlden zoeken we het punt op waar ik vorige keer de route heb verlaten. Door een klaphek komen we in een modderig weiland. De zon breekt door en de wereld ziet er meteen een stuk mooier uit. We lopen door natuurgebied het Bûtefjild richting moerasgebied Het Houtwiel. Het weiland is overgegaan in een fietspad en vanaf de verschillende bruggetjes hebben we een mooi uitzicht over het water aan beide kanten van de weg. Het riet met de zon levert mooie plaatjes op.

Bûtefjild

Dan komen we uit op de Goddeloaze Singel. In het boekje lees ik dat deze singel deel uitmaakt van een eeuwenoud kloosterpad. Het was de verbindingsroute naar het cisterciënzer klooster Klaarkamp bij Rinsumageest. Aan deze singel staat het vroegere ‘Goddeloos Tolhuis’. Op deze ongure plek schijnen vreemde zaken gebeurd te zijn. Zo zou er een visser zijn gevonden met zijn hoofd achterstevoren op zijn romp, omdat hij zijn hele leven alleen maar had gevloekt.

Het heet niet voor niets ‘goddeloos’

Wij merken niets van dit alles en zien enkel een vredig landschap, waar het op deze zondagochtend heerlijk rustig is. We laten het Tolhuis voor wat het is en gaan richting Broeksterwâld. Over het terrein van een hoveniersbedrijf komen we op een onverhard pad. Op een groot bord staat ‘Teatertún’. We weten niet goed wat we ons daarbij moeten voorstellen en nemen een kijkje.

Een teatertún

Bovenaan de trap blijken we op het bovenste bankje van een stenen tribune te staan. Voor ons zien we een natuurlijk podium en daarachter een mooi aangelegde tuin met een vijver, een boot en zelfs een eilandje. Verrast door dit onverwachte openluchttheater lopen we een rondje door de tuin en besluiten op een picknickbankje onze lunch te eten.

Een openluchttheater en een tuin

Na de lunch is Damwâld niet ver meer. Via zogenaamde halepaden lopen we de laatste kilometers. Halepaden zijn oude verbindingsroutes over andermans erf om zo snel mogelijk bij de kerk, de school of de winkel te komen. Veel van dit soort paden zijn verdwenen door woningbouw of ruilverkaveling. Gelukkig heeft men een deel van de halepaden weer hersteld via de Haleroute in en om Damwâld. Op informatiepanelen kun je meer lezen over de geschiedenis van deze paden

De Halerûte in en om Damwâld

Op de Haadwei in Damwâld staat de auto. De Halerûte gaat verder door richting Westergeast. Die route volg ik volgende keer, in waarschijnlijk weer een ander jaargetijde.

Het eindpunt van deze etappe

Benieuwd naar de andere etappes van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Noardlike Fryske Wâlden etappe 2: Gytsjerk – Feanwâlden

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 18 km
Start: Nieuwe Straatweg, Gytsjerk
Eind: Station Feanwâlden

Indrukwekkende wolkenluchten boven Oer de Wiel

Op 12 april 2018 opent weerman Gerrit Hiemstra Frieslands nieuwste streekpad: Noardlike Fryske Wâlden. Zoals de naam al zegt, loopt deze 165 km lange rondwandeling door de noordelijke Friese Wouden, de noordoosthoek van Friesland. Deze streek staat bekend om het coulisselandschap: kleinschalig boerenland omzoomd door houtwallen en elzensingels. Het is aangewezen als Nationaal Landschap. Wandelaars Jaap en Anneke Jongejan zijn de initiatiefnemers van de route. Op Wandelnet staat het volgende: “Ze combineerden onverharde paden, klinkerwegen en dorpsommetjes tot een prachtige route door een gebied dat wel ‘het best bewaarde geheim van Friesland’ wordt genoemd.”

Veel springbalsemien onderweg

Een half jaar geleden liepen we de eerste etappe van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden. Het was verrassend mooi en we waren het er over eens dat we snel de tweede etappe moesten lopen. Heel snel is het niet geworden, maar op een zonnige dag tussen regenachtige dagen in augustus stappen we in Gytsjerk uit de auto voor de tweede etappe. Over de Canterlandseweg lopen we al snel het dorp uit en lopen dwars door de weilanden in noordelijke richting. Een mountainbiker haalt ons in, groet en rijdt door in een zigzaggende lijn. Al die kuilen en hoge graspollen rijden niet al te prettig. Dan komt Oentsjerk in zicht.

Volgens de kaart zou hier een koffiegelegenheid zijn, maar het café blijkt gesloten i.v.m. zomervakantie. Ook Stania State – vroeger een landhuis met landgoed van Friese adellijke families, nu een mooi gelegen restaurant, conferentiecentrum en trouwlocatie – is dicht. Jammer, want we hadden op deze mooie plek best een kopje koffie willen drinken. We lopen door de Engelse landschapstuinen en door het bos richting Griekenland en Turkije.

Stania State is helaas dicht

Een aparte naam voor een klein bos dat ooit in het bezit was van de familie Van Sminia. Met de opbrengst van Griekse en Turkse staatsobligaties kochten zij dit gebied. Op dit moment zijn de bosjes in het bezit van het Fryske Gea. Via het dorpje Readtsjerk komen we uit bij het natuurgebied Oer de Wiel.

We klimmen over het hek, zoals de route aangeeft en bevinden ons in uitgestrekte weilanden. Rechts van ons zien we water. Meerkoeten en waterhoentjes dobberen er op hun gemakje. Er is geen mens te bekennen. Enthousiast door het uitzicht volgen we het water, klimmen over nog veel meer hekken en lopen te midden van schapen die zich weinig van ons aantrekken. Dan wordt het tijd voor de lunch.

We klimmen over meerdere hekken

In dit natuurgebied zijn weinig bankjes, dus eten we zittend in het gras met uitzicht op het water onze broodjes. De indrukwekkende wolkenluchten maken het plaatje compleet. Erg mooi! Als we verder lopen zien we na 10 minuten een bankje (het lijkt wel een wetmatigheid). Aan de rand van het weiland staat een kunstwerk van Nynke Rixt Jukema, dat tevens een verhoogd bankje is. Het kijkt uit over het water en was een mooie lunchplek geweest.

Dit was een mooi lunchbankje geweest

Na een paar kilometer komen we bij een weg, waar we de route verlaten. Het natuurgebied en de route gaan aan de overkant van de weg verder. Daar lopen we volgende keer, besluiten we. Hopelijk niet pas over een half jaar. Over de weg lopen we terug naar het station van Feanwâlden, waar we die ochtend de tweede auto hadden geparkeerd. Het Noardlike Fryske Wâlden pad is nog steeds zeer de moeite waard.

Benieuwd naar de andere etappes van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Noardlike Fryske Wâlden etappe 1: Burgum – Gytsjerk

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 21 km
Start: Markt, Burgum
Eind: Nieuwe Straatweg, Gytsjerk

Op 12 april 2018 opent weerman Gerrit Hiemstra Frieslands nieuwste streekpad: Noardlike Fryske Wâlden. Zoals de naam al zegt, loopt deze 165 km lange rondwandeling door de noordelijke Friese Wouden, de noordoosthoek van Friesland. Deze streek staat bekend om het coulisselandschap: kleinschalig boerenland omzoomd door houtwallen en elzensingels. Het is aangewezen als Nationaal Landschap. Wandelaars Jaap en Anneke Jongejan zijn de initiatiefnemers van de route. Op Wandelnet staat het volgende: “Ze combineerden onverharde paden, klinkerwegen en dorpsommetjes tot een prachtige route door een gebied dat wel ‘het best bewaarde geheim van Friesland’ wordt genoemd.”

Veel elzensingels …

Dit klinkt heel aantrekkelijk. Op een zonovergoten zondag in februari besluiten we eens een kijkje te nemen in de Noardlike Fryske Wâlden. We starten onze etappe in Burgum, een groot dorp van meer dan 10.000 inwoners. Ik kende de plaats enkel van de ‘stinkfabriek’ waar slachtafval verwerkt wordt tot allerlei producten. Na deze zondag heb ik mijn beeld moeten bijstellen. De plaats ligt er mooi bij in het voorjaarszonnetje. Over brede straten met hoge bomen en mooie huizen lopen we richting de Kruiskerk. Een bord wijst ons daar op het kloosterpad uit 1453 dat vanuit Dokkum langs Burgum naar Smalle Ee loopt. De 40 km lange route voert langs plaatsen waar ooit monniken en/of nonnen woonden of werkten. Een wandelidee voor een andere keer.

De Kruiskerk in Burgum

Via een smalle weg lopen we Burgum uit en slaan dan af naar wat lijkt een toegang tot een boerderij. De route leidt ons echter via elzensingels langs de boerderijen en we maken een verrassend mooie lus. En zo volgen er meer. Door bosjes, over verharde en onverharde weggetjes lopen we via Noordburgum richting Quatrebras. Het buurtschap bij een groot kruispunt is bekend van de grote discotheek die hier al tientallen jaren zit. Bij gebrek aan bankje besluiten we langs de weg op de stoeprand ons broodje op te eten. De zon schijnt fel in ons gezicht, achter ons razen de auto’s langs. Een wat minder fijn stuk om langs te wandelen, maar waarschijnlijk hadden de routemakers weinig andere keus.

Na Quatrebras steken we de Centrale As over, de nieuwe doorgaande weg van de N31 bij Drachten naar Holwerd. We slaan af richting Feanwâldsterwâl, waar volgens het boekje tussen begin- en eindpunt het enige kopje koffie op deze etappe te vinden is. We worden niet teleurgesteld. Schitterend gelegen aan een vaart met knotwilgen vinden we It Dûke Lûk, een klein hotel-café dat ook kano’s en bootjes verhuurt. We zijn de enige gasten en genieten in het zonnetje op het terras van onze cappuccino met appeltaart.

Feanwâldsterwâl met aan de vaart It Dûke Lûk

Als we de route verder volgen, begrijpen we de bootjesverhuur wat beter. In het natuurgebied Bûtenfjild ten noorden van Feanwâldsterwâl – hier is na 1750 veel veen afgegraven – zijn slootjes en vaarten te over. Hier moeten we nog maar eens terugkomen met onze vouwkano! Maar te voet is dit gebied niet minder mooi. Knotwilgen, rietkragen en ganzen in overvloed. En ook mensen. Liepen we tot nu toe praktisch alleen over de paden, nu moeten we regelmatig uitwijken voor fietsers en wandelaars. Het mooie weer drijft de mensen naar buiten.

Het Bûtenfjild boven Feanwâldsterwâl

Stuk voor stuk groeten de tegenliggers ons. Standaard in het Fries. Een oude dame die naast haar fiets loopt, wordt door veel mensen vriendelijk aangesproken: “Wat nou, is de fiets kapot?”. Het smalle fietspad en de vele tegenliggers blijken de oorzaak te zijn van haar gedwongen wandeling. Ze moet nog een eindje, maar heeft op deze manier wel veel aanspraak. Ik geloof niet dat ze het heel erg vindt. Bij het uitzichtpunt blijk je ook een aantal rondwandelingen in dit gebied te kunnen maken. Sommige door met het trekpontje de vaart over te steken. Wij hebben nog 6 km voor de boeg en lopen door. Maar wel met de gedachte om hier nog eens terug te komen. Al dan niet te voet.

Het Bûtenfjild met trekpontje aan de rechteroever

Langs een aantal meertjes (de Bouwepet) komen we uit bij het Geologisch Monument. Jan Faber uit Gytsjerk heeft hier zo’n 100.000 zwerfstenen uit de omgeving verzameld. Deze stenen zijn in de laatste ijstijd hier terecht gekomen en met de ruilverkaveling Tysjerksteradiel weer aan de oppervlakte gekomen. De stenen liggen in de vorm van de kaart van Scandinavië (schaal 1:100.000). Gesteenten waarvan de herkomst bekend is, liggen daar waar ze vandaan komen. Je kunt ook over de Scandinavische landen heenlopen. Twee meisjes zijn in Noord-Noorwegen aan het spelen. Wij houden het bij Zweden en vervolgen na noordelijk Lapland onze weg.

Geologisch Monument

Geologisch monument

Via onverharde weggetjes lopen we via Mûnein naar ons eindpunt Gytsjerk. Een bord in een tuin met de tekst “It is hjir tritich bliksem” laat ons niet vergeten dat we in Friesland zijn. Het zonnetje staat laag maar schijnt nog even fel. Het heeft vandaag het prachtige landschap nog eens extra uitgelicht. De etappe was goed gemarkeerd en ging veelal over weggetjes met weinig verkeer en onverharde paden. De makers hebben echt hun best gedaan om er een aantrekkelijke tocht van te maken. Ik ben overstag en wil meer zien van die Noardlike Fryske Wâlden. Volgende keer naar Damwâld.

30 km per uur in Gytsjerk

Benieuwd naar de andere etappes van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.