Elke Maand Een … | Klompenpad: Lint- en Liniepad

Elke Maand Een: Route
Route: Klompenpad: Lint- en Liniepad
Afstand: 10 km
Start: TOP Eiland van Schalkwijk, Provincialeweg 1 Schalkwijk
Eind: TOP Eiland van Schalkwijk, Provincialeweg 1 Schalkwijk

Enorme wandelbankjes in waterbergingsgebied Blokhoven

Op de dag dat de meteorologische winter begint, loop ik mijn eerste Klompenpad. Een Klompenpad is een wandelroute over boerenland in de provincies Gelderland en Utrecht. Deze paden zijn gemarkeerd met een bordje met klompjes in een bepaalde kleur en de naam van het bewuste pad. Hun aantal groeit gestaag en tijdens eerdere wandelingen ben ik meerdere malen dergelijke markeringen tegengekomen. Hoog tijd om er eens één te wandelen.

Samen met vrienden beginnen we in Schalkwijk aan het Lint- en Liniepad. Bij een toeristisch overstappunt met pannenkoekenhuis parkeren we de auto en maken ons op voor een winterse wandeling. Het zonnetje schijnt maar de temperaturen komen vandaag niet boven de 3 graden uit. We steken het spoor over en lopen over de lange weg langs het spoor richting Lek. In de korte tijd dat we daar lopen komen er meerdere treinen langs. Een stukje druk bereden spoor.

In korte tijd passeren vele treinen

Aan de andere kant van de weg zien we een water dat lijkt op een ijsbaan en daarachter de tuinen van Jonkheer Ram, omringd door grachten. Jonkheer Ram was in de 17e eeuw de bewoner van kasteel Schalkwijk. Een imposant bouwwerk dat eeuwenlang op deze plek heeft gestaan. Nu vormen alleen de onlangs opnieuw uitgegraven grachten nog een zichtbare herinnering aan het kasteel.

Al verder lopend zien we her en der al bunkers in de weilanden om ons heen. Als we op Werk aan de Groeneweg aankomen worden dat er nog veel meer. Deze verdedigingsstelling is in 1914 gebouwd en in 1940 nog flink uitgebreid. Het maakt onderdeel uit van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het diende om het verderop gelegen Fort Honswijk extra te verdedigen. We lopen door grachten en tussen wallen en zien om ons heen meerdere bunkers en loopgraven. Op 14 mei 1940 is er op deze plek nog gevochten, maar het mocht niet baten.

Veel bunkers in Werk aan de Groeneweg

Opvallend zijn de fruitbomen die hier overal staan. We determineren ze eerst als kersenbomen maar de vele appels op de grond doen ons toch van mening veranderen. Deze bomen zijn hier omstreeks 1930 geplant om het verdedigingswerk niet te laten opvallen in dit gebied met veel fruitteelt.

Wallen en grachten met appelbomen

Na het Werk aan de Groeneweg komt al snel de Lek in zicht. De route leidt ons via de uiterwaarden naar Fort Honswijk. De uiterwaarden zijn hier en daar knap modderig, maar de omstandigheden leveren schitterende foto’s op. De zon staat laag en zorgt voor mooie wolkenluchten. Door het windstille weer wordt het water tot een spiegel waarin de wolken goed te zien zijn.

Mooie plaatjes bij de Lek
Mooie plaatjes bij de Lek

Fort Honswijk staat indrukwekkend op een heuvel en kijkt uit over de Lek. Het fort stamt uit 1848, maakt deel uit van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en is in mei 1940 ingenomen door de Duitsers. Tot 2012 werd het fort gebruikt door defensie. Nu worden kamers in het gebouw verhuurd als kantoorruimte. Geen gekke plek!

Fort Honswijk

Langs een ander fort van de Hollandse Waterlinie – Lunet aan de Snel – lopen we door over onverharde paadjes en komen bij polder Blokhoven, een waterbergingsgebied, uit. In het weidse landschap zien we een vlonderpad lopen. In het water staat het kunstwerk ‘Het Geheim van Man en Paard’ dat je letterlijk op verschillende manieren kunt zien, afhankelijk van waar je staat. Via een trekpontje komen we bij een enorm wandelbankje uit.

‘Het Geheim van Man en Paard’ in het water

Hier begint ook het Dichtpad waarlangs de wandelaar 6 eiland haiku’s kan lezen. Het pad bevat de 6 beste gedichten (3 per jaar) van de eiland haiku wedstrijd van 2018 en 2019. De gedichten gaan over het Eiland van Schalkwijk. De winnaar van 2019 schrijft treffend:

de kerk wordt bezocht
pas als de wind hierheen waait
kun je dat horen

Marja Oosterman

Bij het Dichtpad lopen 2 klompenpaden samen op

Na het Dichtpad volgt een lang recht pad met de kerk van Schalkwijk als duidelijk punt in de verte. We zijn niet de enige wandelaars. Op deze mooie zondag komen we veel mensen tegen die dit mooie gebied inwandelen. In Schalkwijk warmen we op met een cappuccino met lekkers bij Restaurant Jonkheer de Ram. Een bekende naam. Heeft de bewoner van Kasteel Schalkwijk ooit kunnen denken dat er een restaurant naar hem vernoemd zou worden?

De kerk van Schalkwijk aan het einde van het pad

Dit eerste Klompenpad was zeer de moeite waard en smaakt zeker naar meer. Ik maakte bij het wandelen gebruik van de handige Klompenpaden-app waarin alle Klompenpaden in Nederland staan en je per pad een kaart met informatie kunt downloaden.

Welke Klompenpaden kunnen jullie mij aanraden?

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Elke Maand Een … | Leeg perron

Elke maand een: Straatgedicht
Soort gedicht: Muurgedicht
Waar: Utrecht
Dichter: Hanny Michaelis

Begin 2018 kondigde ik op deze blog aan, dat ik elke maand een ander straatgedicht in het zonnetje zou zetten. Vele reacties volgden. Stien van Stiensbuitenblog tipte het gedicht in de stationshal van Utrecht CS. Een plek waar ik, tot een paar jaar geleden, dagelijks kwam. Sinds ik in een ander deel van het land werk, kom ik er sporadisch. En nooit met veel tijd om op zoek te gaan naar gedichten. Deze maand was het eindelijk zover en wandelde ik op mijn gemakje door de Utrechtse stationshal. Ik zocht en vond een indringend gedicht.

Aan de Jaarbeurszijde van de hal, bij de gele borden met vertrektijden hangt al ruim twee jaar het gedicht van Hanny Michaelis. ProRail en de NS schonken het tijdens de opening van het nieuwe stationsgebouw aan de reizigers, die hier elke dag in groten getale aan voorbij trekken. Gezien de vele foto’s die ik op sociale media vind van dit gedicht, worden de dichtregels zeker gelezen.

Nacht: veilige overkapping
waar de droomtrein te wachten staat
die me naar jou terugbrengt
door een tunnel van slaap

Samen gaan we het pad
naar de zee, blauw
en warm onder de zon
van een voorbije zomer

Maar altijd rijdt de trein
terug naar het lege perron
van een dag zonder jou

Hanny Michaelis

Uit: Water uit de rots (1957)

De link met het station is duidelijk, maar de trein en het perron zijn niet wat ze lijken. De trein is een droom die de hoofdpersoon weer terugbrengt naar zonniger tijden. Naar herinneringen, lang vervlogen. Het is geen enkele reis en elke keer rijdt de trein weer terug naar het lege perron van het heden. Waar de persoon die gemist wordt, niet meer is.

Droevige regels die, als je meer weet over de dichteres, al snel betekenis krijgen. Hanny Michaelis (1922 – 2007) was Joods en verliest tijdens de Tweede Wereldoorlog haar ouders, vermoord in Sobibor. Door onder te duiken overleeft Hanny de oorlog. Vanaf 1949 verschijnen er zes dichtbundels van haar hand. Ook schrijft ze proza en vertaalt.

In haar gedichten vallen gevoelens en de fysieke omgeving vaak samen, zoals in het gedicht op Utrecht CS. Het moet de peinzende reiziger aanspreken, die even stilstaat bij de gele borden. Waar gaat zijn trein heen? Letterlijk, maar zeker ook figuurlijk. Het gedicht is bij mij in ieder geval blijven hangen. Wederom een prachtig stationsgedicht.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Wandelbankje

Soort gedicht: Bankgedicht
Waar: Schalkwijk (Eiland van Schalkwijk)
Dichter: Maria van de Looverbosch

Elke wandelaar kent ze: de bankjes onderweg tijdens een wandeltocht. Je kijkt er al een tijdje smachtend naar uit. Om daar je hongerklop te bezweren met meegebrachte boterhammen. Of je te verwarmen aan de koffie uit je thermoskan. Of om gewoon neer te strijken en even uit te rusten. Liefst met uitzicht. Bij warme dagen in de schaduw en bij koudere dagen in de zon. Dergelijke bankjes hebben zelfs een naam, een website en vele volgers op social media. Dit zijn de zogenaamde wandelbankjes.

Nu zijn deze bankjes niet exclusief voor wandelaars gereserveerd. Het staat iedereen die langskomt vrij er gebruik van te maken. Als fietsende wandelaar doe ik dat ook regelmatig, zowel wandelend als fietsend. Gezeten op zo’n bankje, heb ik al heel wat landschappen bewonderd. In binnen- en buitenland. Op een zonovergoten Bevrijdingsdag stap ik van mijn fiets om een late lunch te gebruiken op een van de eerste bankjes na aankomst met de veerpont Culemborg – Schalkwijk.

Het wandelbankje staat op het Eiland van Schalkwijk, aan de Veerweg bij de Lekdijk. Je hebt weids uitzicht over de uiterwaarden van de Lek en regelmatig trekken er hordes mensen voorbij die net van de pont afkomen. Echt rustig is het niet, maar er is wel wat te zien. Tot mijn verrassing blijkt het bankje een bankgedicht te bezitten.

Voor Leo van de Looverbosch en Jan Koudijs

HOUTEN, BANKEN

het landschap is niet om te haasten daarom
verplaats het langzaam langs uw oog
zorg daarbij voor stil uitzicht en laat zacht
zonlicht erop kaatsen en wees niet vooringenomen:
denk niet: ik ken het hier, ‘k heb het allang gezien

want haast doodt alles, in heel het leven
het is die zuivere eenvoud van het zitten die toont
hoe verder je kunt kijken, hoe meer je ziet
dichtbij en hoe rustiger je gaat begrijpen
bankjes langs de weg tonen de essentie aan

en wie razen er hier voorbij gemotoriseerd
of zelfs per fiets kun je te hard rijden
om te kunnen zien wat er gezien moet worden
en de tijd te nemen om stil te gaan zitten
even te leven als, ik zeg: een boom

Maria van de Looverbosch
1e dorpsdichteres van de gemeente Houten

Het gedicht is van de hand van Maria van de Looverbosch. In 2008 is zij benoemd tot eerste dorpsdichteres van de gemeente Houten. Naast gedichten schrijft zij ook proza, korte verhalen, romans, essays en wetenschappelijke artikelen, zowel over ethiek als biologie. Het gedicht is opgedragen aan Leo van de Looverbosch en Jan Koudijs, beide inmiddels overleden. De eerste is de vader van de dichteres. Zij schrijft:

“Omdat ik het kijken vanaf een bank langs de weg of bosrand van ons vader geleerd heb èn bijzonder ben gaan waarderen draag ik dit gedicht op aan hem.”

Jan Koudijs was wethouder van Houten tussen 2006 en 2010. Hij heeft Maria van de Looverbosch aangesteld als eerste dorpsdichteres.

Van de Looverbosch maant in haar gedicht de voorbijganger even pas op de plaats te maken, te gaan zitten en om zich heen te kijken. Echt te kijken en het landschap “langzaam langs uw oog” te verplaatsen. Geen enkel uitzicht is elke dag hetzelfde. Je denkt het wellicht te kennen, maar als je echt even de tijd neemt, zie je meer. In het dagelijkse leven is ‘haast’ een alomtegenwoordige factor. De dichteres lijkt de passant een moment van rust te willen geven op dit bankje. Om “even te leven als, ik zeg: een boom” en overpeinzingen de vrije loop te laten.

Na een fietstocht van 50 kilometer en nog ettelijke kilometers voor de boeg kijk ik om me heen en eet geheel ontspannen mijn boterhammen. Op de fiets kun je je onderdompelen in het landschap maar wandelend zie je meer. Zittend op een bankje echter kun je de omgeving echt in je opnemen. “Die zuivere eenvoud van het zitten” blijft onderdeel uitmaken van mijn wandel- en fietstochten. Het is zoals Maria van de Looverbosch zegt: “Het landschap is niet om te haasten”. Maak gebruik van die wandelbankjes.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welke straatgedicht is jou opgevallen?

Westerborkpad etappe 7: Amersfoort – Nijkerk

Route: Westerborkpad
Afstand: 15 km
Startpunt: Station Amersfoort
Eindpunt: Station Nijkerk

Muurhuizen in Amersfoort

Het is officieel de eerste warme dag van het jaar met temperaturen van 20 graden als wij op station Amersfoort beginnen aan onze 7e etappe van het Westerborkpad. Vanaf het station nemen we een shortcut om weer bij de route te komen op de Arnhemseweg, waar we vorige keer afgeslagen zijn naar het station. Hier volgen we de rood-witte stickers naar het centrum, waar we al snel in de winkelstraat komen.

Er zijn al heel wat mensen op de been. In zomerse kleding lopen ze door de straatjes, langs de oude panden, leuke winkeltjes en de terrasjes. Het ziet er aantrekkelijk uit en hoewel het zeker terrasweer is, lopen wij door. We zijn nog maar net op pad.

De route leidt ons langs een straatgedicht waarin Eva Kruyer – stadsdichter van Amersfoort – een ode met knipoog brengt aan de Scherbierstraat. Het is zeker niet het eerste gedicht van een stadsdichter dat we tegenkomen tijdens het Westerborkpad. Leuk al die stadspoëzie! En goede input voor mijn uitdaging Elke Maand Een Straatgedicht

Straatgedicht in Amersfoort

Het pad gaat verder langs de bekende Muurhuizen, waar de rust opvallend is in vergelijking met de winkelstraten even verderop. In de Drieringensteeg passeren we een synagoge die nog in gebruik is op deze zaterdag. Ervoor liggen enkele struikelstenen. Het valt op dat ze hier in het centrum van Amersfoort niet van koper zijn, maar in donkergrijs natuursteen zijn uitgevoerd. Wat zou de reden hier van zijn?

Synagoge aan de Drieringensteeg in Amersfoort
Struikelstenen voor de synagoge

Na een lusje door het oude centrum volgen we de route langs museum Flehite en onder de Koppelpoort door. Hier slaat het pad af en loopt langs het spoor richting station Schothorst. Treinen rijden af en aan en blinken in het felle voorjaarszonnetje. Zonnebrandcrème is geen overbodige luxe deze dag. Als we langs industrieterrein De Hoef komen, zien we oude Volkswagenbusjes en herkennen het bedrijf waar we vorig jaar een eend (de auto) hebben gehuurd als cadeau voor mijn ouders’ huwelijksdag. Het was toen ook dit zelfde schitterende weer.

Vintage auto’s en busjes langs het spoor naar Station Amersfoort Vathorst

In de schaduw van de Ikea gaan we onder de A1 door en volgen verder het spoor. Via Hooglanderveen komen we uiteindelijk bij station Vathorst. Het voelt vreemd om hier te lopen. Ik ben hier vaak langs gereden in de trein, maar nooit eerder liep ik op het fietspad dat ik elke ochtend zag. Een verandering van perspectief.

Amersfoort vanuit een ander perspectief

Na Vathorst laten we de stad achter ons en volgen het spoor door de polder richting Nijkerk. We lopen over een fietsstraat waar de auto te gast is. Aanvankelijk zien we geen fietsers totdat er een horde wielrenners nadert. Zij hebben net een stel op een tandem ingehaald. Met de wind pal tegen krijgt de man voorop de tandem met veel pijn en moeite de trappers rond. Zijn vrouw achterop merkt er niet veel van, zij is druk in gesprek aan de telefoon.

Via buitenwijken van Nijkerk gaan we langzaam richting centrum. Met een omtrekkende beweging langs de rand van Nijkerk lopen we dan toch de plaats in. In het centrum zien we de toren van de Grote- of St. Catharinakerk als duidelijk oriëntatiepunt. Vlak voor het station wijken we af van de route voor een terrasje. Nu wel, 15 kilometer vanaf het terrasrijke begin van onze etappe. Het is nog steeds volop terrasjesweer.

De Grote- of St. Catharinakerk in Nijkerk

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 6: Baarn – Amersfoort

Route: Westerborkpad
Afstand: 23 km
Startpunt: Station Baarn
Eindpunt: Station Amersfoort

Station Baarn

De vorige etappe tussen Hilversum en Baarn liepen we al eventjes zonder jas en genoten van het zonnetje. Vandaag was werkelijk zonovergoten. De winterjas hadden we al thuisgelaten, maar al snel lopen we in een shirtje door de polder, langs het spoor. Onderweg naar Amersfoort en veel historie. Eindelijk lente.

We starten bij station Baarn waar de krokussen volop in bloei staan. Vorige keer eindigden we hier met koffie, maar nu gaan we eerst kilometers maken. Langs grote statige huizen en iets minder grote huizen lopen we al snel Baarn uit. Via een bruggetje komen we op de lange A.P. Hilhorstweg uit, een asfaltweg langs het spoor die ons door weilanden richting Amersfoort brengt. Er passeren vele treinen, totdat er een bruine goederentrein voorbij komt. Een toepasselijk en confronterende reminder aan het pad dat we aan het lopen zijn.

Het is echt voorjaar!

Aanvankelijk is het rustig, maar op een gegeven moment passeren er steeds meer auto’s en (bak)fietsen. Allen gevuld met kinderen. Als we een geel bord met de tekst ‘Lammetjes kijken’ en een pijl in de richting waar wij heengaan tegenkomen vallen de stukjes op hun plek. Even verderop heeft zich een flinke groep ouders met kinderen verzameld voor het hek van een boerderij. Twee verkeersregelaars dirigeren de auto’s naar de juiste plek. Voor 5 euro kun je de lammetjes bekijken. Behalve lammetjes krijg je voor dat geld ook limonade en een springkussen en natuurlijk een boerderijbeleving. Een goede besteding van de zondagochtend zullen veel ouders gedacht hebben.

Lammetjes kijken is goede besteding van de zondagochtend

Wij groeten de verkeersregelaars en laten de lammetjes voor wat ze zijn. Vlak bij Amersfoort verlaten we de lange asfaltweg en lopen een stukje van het klompenpad ‘Het Derde Erf’. We komen in Amersfoort uit, lopen langs een industrieterrein en beginnen dan aan de lange Soesterweg die we helemaal uitlopen. De Joodse begraafplaats onderweg laten we aan ons voorbij gaan. En dan nadert het station. We zijn toe aan koffie en op het stationsplein nemen we plaats op ons eerste terrasje van het jaar. Heerlijk!

Station Amersfoort

Aangezien de teller nog maar op 11 km staat, lopen we na de koffie verder in de wetenschap dat we over een paar uur weer op dit station uitkomen. Via het Bergkwartier, dat met recht die naam draagt, lopen we geleidelijk richting Kamp Amersfoort. Onderweg komen we bij een park een wel heel bijzonder bord tegen. Ik had het nog niet eerder gezien. Hoewel we geen eenden zien, zullen ze er ongetwijfeld zijn. Een creatieve variant op de ‘pas op overstekende herten’ borden.

Pas op overstekende eenden

Via de Stichtse Rotonde komen we in een bosrijk gebied uit en uiteindelijk bij Kamp Amersfoort. In de oorlogsjaren was dit een klein kamp waar 35.000 mensen gevangen hebben gezeten. Onder hen enkele honderden Joden die in afwachting waren van deportatie naar Kamp Westerbork en verder. In de diepte zien we tussen twee taluds de lange schietbaan en tevens fusilladeplaats liggen. Een standbeeld van een magere man staat aan het begin.

De schietbaan van Kamp Amersfoort van bovenaf

Deze ‘gevangene voor het vuurpeloton’ ofwel ‘de stenen man’, zoals het beeld in de volksmond heet, staat hier al sinds 1953. De vijf vredesduiven op de sokkel symboliseren de vijf oorlogsjaren. De schietbaan is helemaal uitgegraven door gevangenen van wie er later ook velen stierven op diezelfde plek.

De stenen man in Kamp Amersfoort

We lopen de schietbaan over tot aan het einde. In de verte horen we honden blaffen, een huiveringwekkende illustratie bij deze plek. Na de schietbaan komen we langs de gedenksteen waar een bosje bloemen ligt van de Herdenking Gevallenen Verzet Ede van enkele dagen geleden. Zestien verzetsmensen uit de gemeente Ede worden herdacht die in Amersfoort en Loosdrecht zijn gefusilleerd. Langs de wachttoren en het bezoekerscentrum lopen we weer richting uitgang.

Een lichtend voorbeeld

Na Kamp Amersfoort is het Russisch Ereveld niet ver meer. Onderweg komen we een monument tegen van Armando. De reusachtige bronzen ladder staat er sinds 1994. Het beeldt de ladders naar de wachttorens van het kamp uit. Maar, zegt de kunstenaar op een toelichtend bordje, het verwijst ook naar de wensen en verlangens van de gevangenen. Een ladder als troost, als vluchtweg.

De ladder van Armando

Dan komt begraafplaats Rusthof in zicht, een grote begraafplaats van ruim 29 hectare waar ook het Russisch Ereveld te vinden is. Rijen witte stenen staan aan weerszijden van een pad dat naar een grote obelisk loopt. In Russische tekens zijn de namen van de soldaten te lezen. Althans, dat neem ik even aan. Mijn Russisch is niet zo goed.

Russisch Ereveld

Naast het Russische Ereveld herbergt deze begraafplaats ook veel andere oorlogsgraven. Zo zijn er 150 slachtoffers uit Kamp Amersfoort begraven. En liggen er militairen uit de eerste en tweede oorlog, uit allerlei landen. Via een pad, omzoomd door witte grafstenen kom je bij een Engels monument waar ruim 200 geallieerde militairen begraven liggen. De meesten behoorden tot de bemanning van de bommenwerpers die onderweg van of naar bombardementen op Duitsland niet meer terugkwamen.

Oorlogsgraven op begraafplaats Rusthof

Zoveel geschiedenis gaat je niet in de koude kleren zitten, tijd om door te gaan. Via de – hoe toepasselijk – Dodeweg kruisen we de A28 en lopen weer richting Amersfoort. Via de lange Leusderweg naderen we langzaam weer het centrum van de Keistad. Als we tegen het spoor aan lopen, slaan we af en volgen de spoorlijn tot aan het station. Het contrast kan niet groter zijn als we deze mooie lentedag vol afschuwelijke geschiedenis afsluiten met een ijsje. De gebeurtenissen van ruim 7 decennia geleden komen tijdens zo’n etappe wel even heel dichtbij.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 5: Hilversum – Baarn

Route: Westerborkpad
Afstand: 23 km
Startpunt: Station Hilversum
Eindpunt: Station Baarn

Een monument voor verdraagzaamheid bij station Hilversum

Afgelopen dagen lagen de gevoelstemperaturen tussen de 15 en 20 graden onder nul. Een warme trui was een noodzakelijk goed. Vandaar dat we vandaag warm aangekleed beginnen aan de vijfde etappe van het Westerborkpad. Het blijkt niet nodig. De blauwe lucht en zon lossen de belofte van voorjaar in en we lopen deze etappe zonder handschoenen, zonder sjaal en zelfs even zonder jas. Heerlijk!

We komen al vroeg in Hilversum aan en verlaten het station aan de voorkant voor een grote lus door en om Hilversum. Door het centrum en de winkelstraten komen we al snel bij begraafplaats ‘Gedenk te sterven’. Hier zien we de ‘Mauthausen steen’, die door Bill Minco – een Joodse verzetsstrijder – werd meegenomen uit de steengroeven van Mauthausen. Kleine steentjes zijn volgens de traditie bovenop het monument gelegd.

De ‘Mauthausen-steen’ in Hilversum

Een gedicht bij de uitgang vraagt de bezoeker om even de stadsgeluiden te laten voor wat ze zijn en een moment stil te staan bij de sterfelijkheid van de mens op deze eeuwenoude begraafplaats (sinds 1792). “Dwaal rond, zie de zerken links en rechts”, gebiedt het ons. En vervolg dan je weg. “Word weer deel van de stad. Leef.” Een mooie boodschap van Robert Grijsen voor de Westerborkpad-wandelaar. Wij nemen dit ter harte. Lees hier mijn artikel over dit gedicht in het kader van Elke Maand Een Straatgedicht.

Gedicht op begraafplaats ‘Gedenk te sterven’

Na de begraafplaats vervolgen we de route door Hilversum. De weg stijgt en daalt licht. In combinatie met het mooie weer dringt zich hierdoor een vakantiegevoel op. We verwelkomen het met open armen. We passeren een Joodse begraafplaats en zien even verderop een originele invulling van een rotonde. Een bootje ligt in een bevroren sloot, midden in het riet. De zon en blauwe lucht maken er een typisch wintertafereel van. Daar, op een rotonde midden in Hilversum.

Langs een grote vijver komen we bij winkelcentrum Kerkelanden, maar op deze zondagochtend is er nog niets open en we lopen verder. Na een stukje over een industrieterrein, merken we dat we de randen van Hilversum bereiken. Rechts van ons ligt een woonwijk, maar links liggen weilanden. Aan het einde van de weg ligt het monument Jeugddalijah voor in 1939 naar Nederland gevluchte Duitssprekende Joodse jongeren die in de oorlog alsnog werden opgepakt.

Via een lange bosweg lopen we richting de Hoorneboegse Heide

Na het monument gaat de route naar de Hoorneboegse Heide. Het loopt inmiddels tegen lunchtijd en Hilversum is wakker. In vergelijking met de Bussumerheide is het hier druk! Gezinnen, mensen met honden, jonge stelletjes, op deze eerste lentedag lijkt iedereen buiten te zijn. En gelijk hebben ze. In de zon ligt het natuurgebied er schitterend bij. Genietend lopen we over de lange rechte weg die ons weer in Hilversum brengt.

Hoorneboegse Heide

Via station Hilversum Sportpark lopen we nog een stukje door de plaats om deze via de Mussenstraat voorgoed te verlaten (althans voor vandaag). Wat volgt is het uitgebreide bosgebied van de Hoge Vuursche. De volgende 6 kilometer is de spoorlijn nooit ver weg. Maar er zijn saaiere wandelpaden langs het spoor. De weg slingert door het bos. Geregeld komt er een trein langs. Na een paar kilometer hebben we de andere wandelaars achter ons gelaten en genietend van de rust bereiken we uiteindelijk Baarn. Bij het station is daar eindelijk de welverdiende cappuccino – onderweg zijn we geen (geopende) horecagelegenheid tegengekomen. Hoewel het zeker terrasjesweer was.

We zijn op station Baarn als reizigers in goed gezelschap, lezen we op de plaquette op het stationsgebouw. Vele kunstenaars zijn vertrokken en aangekomen op dit station, zoals Louis Couperus, Frederik van Eeden en Maria Dermoût, maar ook M.C. Escher en Vincent van Gogh. De laatste zei – als we de plaquette mogen geloven – ‘Baarn, wat is het daar mooi.’ We zullen het de volgende keer zien als we Baarn doorkruisen richting Amersfoort.

Plaquette op station Baarn

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Het zeswoordenverhaal: Lijnen

Lijnenspel station Amersfoort

Dagelijks wachten plaatst zaken in perspectief

 

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Het thema van deze keer is lijnen. Ik moest hierbij meteen denken aan een foto die ik eind december maakte op station Amersfoort. Op dit station heb ik heel wat uren wachtend door gebracht. Het is helemaal niet verkeerd om die uren observerend door te brengen. Dan gaan je dingen opvallen, zelfs op een grauwe dag als die dag.

Fietsen over een landingsbaan

Te voet/te fiets: Te fiets
Route: Van Bennekom via de LF4 Midden-Nederlandroute over de Utrechtse Heuvelrug naar Zeist (50 km) en vandaar via de Soester Duinen naar Amersfoort
De LF4 loopt van Enschede naar Den Haag en is in totaal 300 km lang. Met deze route doorkruis je een “staalkaart van Nederlandse landschappen”: bos, landgoederen, heuvels, rivieren en uiteindelijk de kust. De routes zijn beide kanten op gemarkeerd met de groen-witte bordjes.
Afstand: 85 km
Startpunt: Bennekom
Eindpunt: Station Amersfoort

De route
Op de dagen dat Gelderland roze kleurde en wielrennen eventjes volkssport nummer 1 werd, fietsten wij daar ook, mijn medefietsers en ik. In twee dagen zouden wij Gelderland en Utrecht doorkruisen. Een gevarieerd landschap met bossen, heidevelden, heuvels, rivieren en niet te vergeten Landelijke Fiets (LF-)routes.

Na een zonovergoten eerste dag dwars over de Veluwe, starten we de volgende dag vanuit onze B&B in Bennekom. In een mum van tijd hebben we het plaatsje verlaten en klimmen en dalen door de bossen naar Renkum, waar we de LF 4 oppikken. De temperatuur is al aangenaam, het wordt ook deze dag weer 26 graden. Een mooi visitekaartje voor de Giro.

Bij Wageningen verruilen we de bossen voor de Rijn en is het fietspad opeens vol met fietsers. Al snel echter laten we de drukte achter ons als we weer het achterland induiken. Als de route voor de Grebbeberg naar rechts afbuigt, is een van mijn medefietsers teleurgesteld. Die uitdaging was ze graag aangegaan! Maar even later wordt ze op haar wenken bediend, als een klein weggetje door het bos ons dwingt terug te schakelen en ettelijke kilometers bergopwaarts te fietsen.

Deze berg laten we aan ons voorbij gaan...
Deze berg laten we aan ons voorbij gaan…

In Rhenen nemen we onze eerste welverdiende cappuccino op een terras dat langzaam roze kleurt. Een grote groep MAMILS (Middle Aged Man In Lycra) in roze Giro-shirtjes uit 2010 – toen de Ronde van Italië in Amsterdam startte – strijkt naast ons neer. Ze bespreken hun rit tot nu toe en lijken zeer tevreden. Na de koffie komt de zonnebrandcrème tevoorschijn. Geen overbodige luxe op een dag als deze.

Je kunt niet om de Giro heen
Je kunt niet om de Giro heen

Als we verder fietsen passeren we de verkeersregelaars die al klaar staan om de Giro-renners vrij baan te geven. Het is het laatste wat we zien van de wielerwedstrijd, de LF4 voert ons verder de provincie Utrecht in. Na Rhenen en Elst komen we langs het kasteel van Amerongen. Het ligt er mooi bij en vormt een ideale lunchplek. Met uitzicht op het slot laten we ons de druiven en de croissants goed smaken.

Via Doorn en Odijk komen we bij Zeist, onze vorige woonplaats en bekend terrein. We verlaten de LF4 en fietsen verder naar Soesterberg. Opeens is het fietspad een stuk breder. Asfalt zover het oog reikt, een zinderende lucht en in de verte een groot zwart gebouw. We staan op de voormalige landingsbaan van Vliegveld Soesterberg en kijken uit op het Nationaal Militair Museum. Nog niet eerder fietste ik over een landingsbaan, een vreemde gewaarwording.

Het fietspad loopt over een landingsbaan heen
Het fietspad loopt over een landingsbaan heen

Na Soesterberg is Amersfoort niet ver meer. Via de mooie Soester Duinen met haar zandverstuivingen en hoogteverschillen bereiken we uiteindelijk het station van de Keistad, alwaar we onze tocht afsluiten op een terras. We hebben in totaal 85 kilometer afgelegd vandaag. Weliswaar niet in het roze, en ook niet op een racefiets, maar het voelde wel degelijk als een echte etappe.

Een welverdiende smoothie
Een welverdiende smoothie

Deze fietstocht telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Ik vertrek

Eerste shot: vader, moeder en hun drie kinderen staan op het Franse platteland / in de Oostenrijkse bergen / aan een Zweeds meer en kijken met een glimlach naar de bouwval die vóór komende zomer omgetoverd gaat worden in een bed & breakfast. Hun bed & breakfast. Een lang gekoesterde droom is in hun geestesoog al bewaarheid geworden. Hoe de werkelijkheid er echt uit ziet, zullen we het komende uur te weten komen. Wij, de ruim 1,5 miljoen kijkers die het programma Ik vertrek volgen.

Het gefilmde gezin is zeker niet het eerste dat deze stap waagt. Vele Nederlanders zijn hen voorgegaan – niet alleen de laatste decennia, vastgelegd door de camera – maar door de eeuwen heen. De rustzoekers, semigranten, expats en pioniers. Museum Flehite heeft er een hele tentoonstelling aan gewijd: Thuis in twee werelden. Aan de hand van de verhalen van 16 emigranten krijg je een beeld van een paar eeuwen Nederlandse emigratie.

Museum Flehite

Uiteraard is er het hedendaagse gezin te zien dat ‘vertrekt’. Je kunt zelfs een emigratie in progress volgen via de site van het museum. Een letterlijk ‘levend voorbeeld’. Maar ook is in de tentoonstelling het verhaal te lezen van pioniers als Wolfert van Kouwenhoven, die in 1625 de reis naar Amerika ondernam om daar een van de stichters van Nieuw-Amsterdam (het huidige New York) te worden. Een paar eeuwen later volgt Titia Bergsma haar echtgenoot naar Decima in 1817. Het eiland voor de kust van Japan, waar Nederland toentertijd het monopolie had op de handel met dat land. Zij zou de eerste blanke vrouw zijn die in het hermetisch afgesloten Japan woonde.

Ook mogen de verhalen over Nederlands-Indië niet ontbreken, gevolgd door wellicht de omvangrijkste emigratie die Nederland kende. Die in de jaren 50 van de vorige eeuw. Na de tweede wereldoorlog verlangden veel Nederlanders naar een beter leven. En velen van hen voegden de daad bij het woord. Tussen 1947 en 1963 vertrok meer dan 4% van de bevolking naar onder andere Canada, Australië en de Verenigde Staten. Iets dat door de regering in die jaren gestimuleerd werd.

“Een deel van ons volk moet het aandurven, zoals in vroeger eeuwen, zijn toekomst te zoeken in grotere gebieden dan eigen land.”

Nieuwjaarstoespraak minister-president Willem Drees, 1950

Op de bovenste verdieping van het museum wordt een video vertoond waarin twee van oorsprong Nederlandse dames geïnterviewd worden. Met hun kersverse echtgenoten verlieten ze als jonge twintigers het naoorlogse Nederland. Hoop op een beter leven dreef hen naar de andere kant van de oceaan. Iets waar ze nu, ver in de tachtig, nog steeds spijt van hebben.

Twee museumbezoeksters van vergelijkbare leeftijd strijken neer op het bankje voor het scherm. Aan hun reacties te horen is het een herkenbaar verhaal. De broer van een van hen is ook naar Canada vertrokken. Dat was moeilijk, heel moeilijk, zowel voor de emigranten als voor de thuisblijvers. De museumbezoekster is even stil, staart naar het scherm en laat haar herinneringen de revue passeren.

De zwart-wit foto’s, de boekjes, de brieven en andere spullen die hier verzameld zijn, zullen de komende maanden dit effect op nog wel meer bezoekers hebben. Gezien de vele mensen die vertrokken zijn, kent iedereen wel iemand. Ook mijn opa speelde met de gedachte om naar Canada te vertrekken in de naoorlogse jaren. Het was dat mijn oma haar familie niet achter wilde laten, anders was mijn familiegeschiedenis (en daarmee ook mijn eigen geschiedenis) heel anders verlopen.

Ben je ook benieuwd naar de verhalen van de 16 emigranten die de stap naar het onbekende gewaagd hebben? De tentoonstelling Thuis in twee werelden is nog tot en met 25 oktober 2015 te zien in Museum Flehite.

Met dank aan Lalagé voor de tip!

Dit museumbezoek telt mee voor de uitdaging ‘Elke maand een museum‘.

De stad in beweging

Detail uit 'Metropool' (2014) door Stefan Bleekrode
Detail uit ‘Metropool’ (2014) door Stefan Bleekrode

Met het puntje van de tong tussen haar lippen geklemd laat ze een drupje lijm op het suikerklontje vallen. Geconcentreerd stapelt ze het op de andere klontjes die langzaam maar zeker de vorm van een huis aannemen. Naast haar een eenvoudiger ontwerp. Haar broertje legt de laatste hand aan zijn suikerklontmannetje. Beide bouwwerken sluiten feilloos aan bij de andere creatieve uitingen op de tafel, die samen een heuse Suikerstad vormen.

Deze ludieke actie is onderdeel van de tentoonstelling De Stad in MIJ die op dit moment te zien is in Museum IJsselstein. De stad in werkelijk al haar facetten hangt, staat en wordt er geprojecteerd. Vertrekpunt zijn de historische stadsgezichten op IJsselstein, zoals deze al vele eeuwen geschilderd worden. Sfeervol, waarheidsgetrouw. Maar het kan ook anders. Dat laten de kunstenaars zien die het thema aangrijpen om een andere werkelijkheid neer te zetten. Zo zijn er driedimensionaal naar je toe komende kunstwerken, grafisch vervreemdende prenten, maar ook steden gefotografeerd vanaf grote hoogte.

Wat mij aangenaam verraste waren de ‘gecombineerde’ tekeningen en foto’s. Steden worden herschikt, samengevoegd en vormen een geheel nieuwe stad. Zo hangen er enkele werken van Stefan Bleekrode (1986) die verschillende delen van steden combineert tot een imaginaire stad. Zijn tekeningen kloppen tot in het kleinste detail en deden mij denken aan het Panorama van Zutphen. Ik zou zo een uur een dergelijke tekening kunnen afspeuren op zoek naar verrassende details en – wie weet – geheime boodschappen.

Ook het werk van de Turkse kunstenaar Murat Germen (1965) houdt je vast. Op het eerste gezicht lijkt het een volgebouwde heuvel. Huizen in allerlei kleuren zijn naast, boven en onder elkaar gebouwd. Bovenop de heuvel een moskee. Als je echter nog eens goed kijkt lijkt het niet logisch, niet realistisch. Zijn er wel straten, kunnen de bewoners eigenlijk hun deur wel uit? Is dit een foto van een bestaande stad?

Muta-morfophosis noemt Germen deze werken. Hij heeft er meerdere gemaakt. De term is volgens het toelichtingbordje “een samentrekking van mutatie en metamorfose”. Wat hem opvalt is dat steden veranderen en toch steeds meer op elkaar gaan lijken. Hij probeert het gewone op een ongewone manier te laten zien, “by alienating it from its familiar context and finally make people to see it afresh…”.

'Muta-Motphosis, Izmir' (2011) door Murat Germen
‘Muta-Morphosis, Izmir’ (2011) door Murat Germen

En dat gebeurt zeker en niet alleen bij dit werk. ‘De stad’ krijgt een hele andere betekenis als je al deze ‘verfrissende’ kunstwerken bij elkaar ziet. Dit is nu zo’n tentoonstelling die je meerdere malen zou kunnen bezoeken, zonder je te vervelen. Een nog niet eerder gezien detail, een achterliggend idee dat nu pas doordringt, je ziet elke keer wat nieuws. Het is eigenlijk zoals een stad in werkelijkheid is: er is altijd wat te zien en het is immer in beweging. En dat is precies wat de kunstenaars zo fascineert.

Benieuwd naar De stad in MIJ? De tentoonstelling is nog tot 15 maart 2015 te zien in Museum IJsselstein.

Dit museumbezoek telt mee voor de uitdaging ‘Elke maand een museum‘.