Beurtbalkje

Ik hoorde van de week op mijn werk een woord dat ik nog niet eerder had gehoord. Nu komt dat wel vaker voor, maar dit woord wordt gebruikt in het inburgeringsexamen Nederlands. Als je dit woord niet kent, ben je niet goed ingeburgerd. Iedere nieuwe Nederlander zou namelijk moeten weten wat een beurtbalkje is. Ik en mijn collega’s wisten het niet. Maar wij hebben dan ook geen inburgeringsexamen gedaan.

Nu vind ik het eigenlijk wel een mooi woord. Het beschrijft wat het is. Een balkje dat aangeeft wiens beurt het is. Bij de kassa dan. Want daar kom je de beurtbalkjes in het wild tegen. Ik sta regelmatig in de rij bij de kassa en probeer dan vriendelijk te zijn voor de persoon achter mij door zo’n balkje achter mijn boodschappen te leggen. Ik heb er nooit bij stilgestaan hoe zoiets heet.

Er zijn meer woorden voor dingen die je in het dagelijkse leven gebruikt, maar die je niet kunt benoemen. Je verwijst ernaar met ding(etje), dat geval, een omschrijving of met een fysiek wijsgebaar. Zo zijn er die haakjes bovenaan je bergschoen waar je je veters langs legt (veterhaakjes?), de geribbelde tegels die blinden de weg naar o.a. de trein of de bus moeten wijzen (blindengeleidetegels?), dat apparaat dat voor de slagbomen van een parkeergarage staat en waarbij je op een knopje drukt om een parkeerticket te krijgen (is dit ook een parkeerautomaat, net als het apparaat waar je je kaartje betaalt? Dat zou dan wel wat verwarrend zijn.)

Gelukkig ken ik nu wel het woord voor de boodschapperscheider op de kassaband. En het woord is ouder dan ik dacht, het bestaat al sinds 1996. In het tijdschrift Onze Taal werd lezers toen gevraagd een naam te verzinnen voor dat ding dat veel mensen wekelijks of zelfs dagelijks gebruiken. Er kwamen veel suggesties binnen en vier van die suggesties luidden: beurtbalkje. De Taaladviesdienst riep dit allitererende woord uit tot winnaar. Beurtbalkje raakte hierna echter niet ingeburgerd en er moest een actiegroep aan te pas komen om in 2005 het woord in de Van Dale te krijgen.

En nu ken ik het dus ook, ruim 20 jaar na de introductie in de Nederlandse taal. Tot voor kort stond ik bij de kassa en als ik niet bij de balkjes kon, wees ik ernaar en vroeg de persoon voor mij om er zo eentje door te geven. Dat werd ook altijd begrepen, zeker als ik er een wijsgebaar bij maakte. Maar een woord is natuurlijk veel praktischer. Mits we allemaal weten wat er bedoeld wordt. Ik vraag me oprecht af of iemand begrijpt wat ik bedoel met ‘Kunt u mij het beurtbalkje even aangeven?” Tenzij het natuurlijk een geslaagde van een inburgeringscursus is …

Advertenties

Het zeswoordenverhaal: Lijnen

Lijnenspel station Amersfoort

Dagelijks wachten plaatst zaken in perspectief

 

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Het thema van deze keer is lijnen. Ik moest hierbij meteen denken aan een foto die ik eind december maakte op station Amersfoort. Op dit station heb ik heel wat uren wachtend door gebracht. Het is helemaal niet verkeerd om die uren observerend door te brengen. Dan gaan je dingen opvallen, zelfs op een grauwe dag als die dag.

Het zeswoordenverhaal: Humor

De verwarde cavia

Soms is absurd zo ontzettend herkenbaar

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Het thema van deze keer is Humor. Een thema dat het boek dat ik afgelopen dagen las, goed samenvat. De verwarde cavia van Paulien Cornelisse heeft – uiteraard – een cavia als hoofdpersoon die net als jij en ik moet werken voor haar geld. Ze doet dit op de afdeling communicatie van een doorsnee bedrijf. Het met veel vaart en humor beschreven wel en wee in de kantoortuin is ontzettend herkenbaar voor de kantoor(tuin)medewerkers onder ons. Geloof mij, ik kan het weten, ik breng er elke week vele uren door. En zit ook nog eens vlak bij de communicatieafdeling.

Het zeswoordenverhaal: Ontmoeting

Ik zag Menno Sandra Bernart

Als koffie en boeken elkaar ontmoeten…

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Het thema van deze keer is Ontmoeting. Het deed me denken aan een Instagram-foto die ik een aantal weken geleden maakte. Een goed boek en een kop lekkere koffie vormen al een goede combinatie. De belichting bij deze foto maakte het geheel af. De sfeer die dit oproept. Ja, een dergelijke ontmoeting kan met recht een geluksmoment genoemd worden.

Zwienden en sporken

En alweer bleven we ongedeerd - Hanna Bervoets

Voor het schap met maaltijdsalades slaat de twijfel toe. Makkelijk maar gezond komt in zoveel mogelijkheden. De blauwe kaas-peer met frambozenvinaigrette ligt gebroederlijk naast de Marokkaanse kip met couscous en munt-citroendressing. “Wil je echt gezond doen, neem mij dan!” lijkt de spinazie quinoa maaltijdsalade met soja-gember-sesamdressing mij toe te roepen. Ik zie ze een zucht slaken als ik naar de geitenkaas met honing-tijm dressing reik.

Een groot bord voor het schap belooft de koper een gratis spork bij aankoop van iedere maaltijdsalade, af te halen bij de servicebalie. Voor wie even niet meer wist wat een spork nu ook al weer precies was, staat het stuk bestek meer dan levensgroot afgebeeld onder de tekst. Een lepel en vork in één, uitgevoerd in een frisgroene kleur. Hij oogt hip. Je kunt er mee gezien worden als maaltijdsalade etende treinreiziger. Die wil ik uiteraard ook.

Een ‘spork’ is een goed voorbeeld van een – weliswaar Engels – samengesteld woord. Waarom een geheel nieuwe term bedenken voor een stuk bestek als de som der delen ook nog herkenning oplevert bij de gebruikers? Hen wellicht een glimlach ontfutselt als ze door hebben waar de naam vandaan komt? Toegegeven, het klinkt een beetje buitenaards, maar de naam is pakkend.

Hanna Bervoets stelt in haar columnbundel En alweer bleven we ongedeerd (2015) ook het gebruik van een samengestelde woord voor: de ‘zwiend’. Dit zijn vrienden van vrienden die niet jouw vrienden zijn. Je komt ze tegen op verjaardagen en bij verhuizingen, maar hoe noem je nu zo iemand? Bervoets vindt ze nog het meest op zwagers lijken: “je kiest ze niet zelf, het is jouw band met een ander die jullie tot elkaar veroordeelt. Voor ik verder ga, wil ik voorstellen om de vrienden van vrienden voortaan ‘zwienden’ te noemen.”

Bij menig lezer zal deze column een feest der herkenning zijn. Ja, dacht ik, toen ik het las, ik heb ook zwienden. Sommigen ken ik al jaren. Met de ene zwiend kun je het goed vinden, terwijl je met de andere na drie woorden al uitgesproken bent. Zo heb ik laatst nog met een zwiend een leuk gesprek gehad over Sri Lanka. Die paar keer per jaar dat ik haar zie, is net genoeg om op de hoogte te blijven van haar reizen.

Andere zwienden zie ik nooit meer. Als zwienden hebben wij onze band niet in de hand. De vriendschap tussen mijn vriend en zijn vriend was voorbij. En ook wij waren zwiend-af. “Ook in dat opzicht zijn het net zwagers. Na een scheiding ben je ze kwijt. Omdat je ze nooit écht hebt gehad.” Mijn vocabulaire is weer een woord rijker, of eigenlijk twee.

De tweede dankzij de supermarkt, waar ik even later met mijn maaltijdsalade bij de servicebalie sta. Ik tref er een zenuwachtige zaterdaghulp. “Een spork, een spork, ja, dat stond op een bord voor het schap, toch?” vraagt ze mij, terwijl ze alle laden opentrekt in de hoop het gevraagde object tegen te komen. Een paar telefoontjes later en nog meer opengetrokken laden en kastjes, draait ze zich naar mij om. “ik denk dat de sporken niet binnengekomen zijn, helaas. Maar goed dat u er naar vroeg, nu weten we het in ieder geval.”

Een goede daad rijker, maar zonder de hippe spork loop ik naar huis. Ongewild lijkt hij meer op de zwiend dan gedacht. Ik heb ‘m ook nooit écht gehad, bedenk ik me. En ach, met een mes en een vork is zo’n salade ook stukken makkelijker te eten. Zou er eigenlijk een ‘mork’ bestaan?

Afgelopen jaren verscheen op deze blog regelmatig een recensie over een boek dat net dat beetje extra had. De boeken waren zeer divers, de recensies ook. Soms las ik een maand geen opvallend boek, soms twee achter elkaar. Mijn boekbelevingen vind je hier. Dit jaar wil ik het vanuit een andere invalshoek benaderen. Elke maand kies ik één boek uit waar iets verrassends in zit. Dat kan van alles zijn, een citaat, een vreemde naam voor een café, een gevoel dat je er aan over houdt, stijl, een woord, de mooie cover, muziek, noem het maar. Het vereist een wat andere manier van naar een boek kijken en laat je langer stilstaan bij het gelezene. Komend jaar ben ik gespitst op het  verwonderpunt.

Het zeswoordenverhaal: Mysterie

Rode pumps

Al wat restte waren rode pumps.

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Het thema van deze keer is Mysterie. Deze situatie trof ik aan op een regenachtige namiddag aan het einde van de zomer. De parkeerplaats stroomde leeg, twee rode pumps bleven achter.  Waren ze in de haast vergeten of misschien ongewild achtergelaten? Waar was de eigenaresse? Dit zou zomaar het begin van een spannende thriller kunnen zijn…

Het zeswoordenverhaal: Erfgoed

Zülpich, Duitsland
Zülpich, Duitsland

“Hoor ik daar een prins aankomen?”

 

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Het thema van deze keer is Erfgoed. Het sprookje mag hierin niet ontbreken. Tijdens onze vakantie in Duitsland kwamen we door Zülpich. Een van oorsprong Romeins stadje met onder andere deze toren. De donkere wolken die zich op dat moment samenpakten boven de heuvels in de verte, verlicht door de laatste zonnestralen en de rozen in de bijbehorende tuin gaven het geheel een sprookjesachtige sfeer. Doornroosje of Rapunzel hadden niet misstaan in deze setting. Beide misschien nog wel ouder dan de toren zelf.

Het zeswoordenverhaal: Wonen

'Muta-Morphosis, Izmir' (2011) door Murat Germen
‘Muta-Morphosis, Izmir’ (2011) door Murat Germen

“In het huisje daarboven woonden wij.”

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Het thema van deze week is Wonen. Ik moest hierbij gelijk denken aan het kunstwerk dat ik kort geleden zag in Museum IJsselstein van de Turkse kunstenaar Murat Germen. Op het eerste gezicht lijkt het een foto, maar als je goed kijkt, klopt er iets niet. De huizen staan wel heel dicht op elkaar. Kunnen de mensen hun deur eigenlijk wel uit komen?

Het zeswoordenverhaal: Uitbundig

wpid-fotor_141536250848990.jpg

Zijn ogen fonkelden, verraadden inwendig gejuich.

Op de site van Doldriest staat de schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Afgelopen week was het thema Uitbundig. Bij dit woord dacht ik in eerste instantie aan grootse en meeslepende teksten, gevoelens, beelden. Dat ‘uitbundig’ ook heel goed op een andere manier tot uiting kan komen, bewees een kennis toen hij mij het goede nieuws vertelde.

Het zeswoordenverhaal: Hemellichaam

wpid-20141018_111046.jpg

Waterig zonnetje in voetspoor van bedrijvigheid.

 

Het zeswoordenverhaal: eerder over gehoord, nog niet eerder wat mee gedaan. Tot ik op de site van Doldriest de wekelijkse schrijfuitdaging ‘Verhaal in zes woorden met beeld’ zag staan.

“Schrijf een verhaal in slechts zes woorden. Laat je inspireren door een foto of afbeelding en schrijf daar je verhaal bij. Of bedenk eerst zes woorden en maak/zoek dan een foto.”

Deze week is het thema Hemellichaam. Geïnspireerd zag ik het volgende moment bovenstaand beeld op mijn aanrecht verschijnen na het zetten van een kopje thee.