Groene Wissel Texel Oudeschild: wandelen tussen de tuunwallen

Route: Groene Wissel Texel Oudeschild: Waddenzeedijk en Hoge Berg
Afstand: 13 km
Start: Kruising Redoute en Schansweg bij Oudeschild
Eind: Kruising Redoute en Schansweg bij Oudeschild

Duidelijk Texel

We zijn een dagje op Texel en wat is een betere manier om het eiland te verkennen dan te voet? We zijn op bezoek bij een kampeerder op een camping bij Oudeschild. Vanaf de camping is het niet ver naar de Groene Wissel Oudeschild. We laten de caravan voor wat hij is en lopen bij Hollandse luchten met zijn drieën en een hond richting de Waddenzeedijk. Hier pikken we na een kilometer de route op.

Waddenzeedijk

Vanaf de dijk zien we aanvankelijk de zee niet. Er zijn werkzaamheden om het duingebied te verbreden. Helmgras en wat dies meer zij, wordt aangeplant. Je ziet dat het mooi wordt. Na een tijdje komt de zee in zicht. Bij een stralend zonnetje lopen we over de lange rechte dijk. Witte schapen vormen een duidelijk contrast met het groene gras en de blauwe lucht. Het water schittert in de zon, heerlijk!

Werkzaamheden langs de kust

In de verte zien we Oudeschild al liggen. De route leidt ons langs twee kerken, door pittoreske straatjes, langs een molen en natuurlijk de haven waar meerdere schepen afgemeerd zijn. Oudeschild is de thuishaven van de Texelse vissersvloot en we zien ook enkele vissersboten liggen.

Oudeschild

Hoewel de boot naar Texel half leeg was, is het hier redelijk druk. De toeristen lijken zich in deze haven te verzamelen. Op de trappen, de bankjes en de kade zitten mensen met een kopje koffie, uitkijkend over het water, genietend van het zonnetje. Ik geef ze geen ongelijk!

Haven Oudeschild

De route loopt verder richting de jachthaven, waar slechts enkele boten liggen. Het seizoen is duidelijk nog niet begonnen. Een houten wegwijzer geeft de afstand aan naar UNESCO Werelderfgoed zoals de Dolomieten (862 km), de Grand Canyon (8395 km) en de Galapagos eilanden (10.448 km). Ook de Waddenzee is UNESCO Werelderfgoed, slechts 0,1 km van ons verwijderd.

UNESCO Werelderfgoed

Na een fietspad over de Waddenzeedijk slaan we af de polder in bij het natuurgebied Ottersaat. In deze zoute kwelplas met eilandjes komen veel verschillende vogels voor. Hierna volgen lange rechte enigszins saaie asfaltwegen met hier en daar narcissen om de boel wat op te vrolijken. Gelukkig lopen we nu richting het zuiden en hebben we de fikse noorderwind mee.

We komen langs een zelfpluktuin en de Texelse bierbrouwerij. In het glooiende landschap van natuurgebied De Hoge Berg zien we de eerste tuunwallen. Dit zijn van plaggen gemaakte afscheidingen tussen twee percelen grond. Ze zijn uit nood geboren. Het grondwaterpeil ligt hier laag waardoor sloten graven geen optie was. Ook was er weinig hout voorhanden voor hekken. De komende kilometers zijn de paadjes waarover we lopen omzoomd door deze wallen, waardoor je het idee van een holle weg krijgt. Het doet me een beetje denken aan Ierland waar stenen muurtjes dezelfde functie vervullen.

Tuunwallen op De Hoge Berg

De Hoge Berg is een restant van een stuwwal uit de ijstijd. Het hoogste punt ligt op 15 meter boven NAP. Schapenboeren groeven hier drinkkolken voor de schapen en legden de tuunwallen aan. Het levert nu een karakteristiek landschap op. Met verbazing lopen we over de glooiende paadjes en kijken uit over het land.

We komen uit bij het Doolhof, een klein bosje uit de 18e eeuw dat zelfs in de Camera Obscura van Hildebrand wordt genoemd. Er staan bankjes in allerlei vormen en maten, waarvan er een aantal bezet zijn door stelletjes en gezinnen. In een grote diepe kuil spelen kinderen. Direct naast dit doolhof ligt het bijenhotel De Zandkuil waar je bij zonnig weer veel verschillende soorten wilde bijen en wespen ziet.

Bijenhotel De Zandkuil

Het is misschien nog twee kilometer tot aan het punt waar we op de route kwamen. Het paadje waar we in moeten is echter verboden voor honden. De kampeerder met hond kent Texel goed en neemt een omweg via Oudeschild. Wij gaan het paadje in en lopen zigzaggend over gemaaide stroken aan de randen van weilanden. We passeren kolkjes en bankjes. De middagzon laat het geheel fel oplichten. Wat een mooi gebied hier!

Een kolkje voor de schapen

We komen uit op de Schansweg die langs het fort De Schans loopt, een gerestaureerd verdedigingswallencomplex. Het werd in 1574 aangelegd in opdracht van Willem van Oranje om het eiland en de Reede van Texel te beschermen tegen de Spanjaarden. De Reede was een ankerplaats voor schepen die wachtten op gunstige wind om uit te varen. Ook werd hier vracht overgeladen van schepen die de ondiepe Zuiderzee niet konden bevaren.

Fort De Schans

Als we bij de Waddenzeedijk aankomen, zijn we rond. Dit is de plek waar we aan het begin van de middag de route oppikten. In 13 kilometer hebben we een heel afwisselend landschap van Texel gezien. De kampeerder met hond komt aanlopen van haar omweggetje en samen lopen we terug naar de camping.

Met rozige gezichten rijden we aan het einde van de dag weer de boot op, terug naar huis. Het voelt als een weekend weg, zo’n dagje Texel. Zeker met een prachtige wandeling waarbij je in een paar uur tijd zoveel verschillende kanten van het eiland ziet.

Benieuwd naar de andere Groene Wissels die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Stationsgedicht

Soort gedicht: Muurgedicht / Stationsgedicht
Waar: Bussum
Dichter: Gaston Bannier

Stations, ik breng er veel tijd door. Op een gemiddelde werkdag vertoef ik toch – alles bij elkaar – zo een half uur op de verschillende treinstations die ik aandoe. Ook op andere dagen reis ik – als het even kan – met de trein naar mijn plek van bestemming. Zo ook tijdens het wandelen van het Westerborkpad dat tussen Amsterdam en voormalig Kamp Westerbork veelal het spoor volgt. Tijdens een van de etappes kom ik een bijzonder soort straatgedicht tegen: het stationsgedicht.

Straatpoëzie is bedoeld om een gevarieerd publiek kennis te laten maken met een gedicht, een dichter of wellicht iets te zeggen over de plek waar het betreffende gedicht hangt. In een willekeurige straat krijgt een gedicht aandacht van de voorbijganger die toevallig omhoog (muurgedicht) of omlaag (grondgedicht) kijkt. Velen zullen er echter, zonder het te weten, aan voorbij lopen.

Een station daarentegen is dé plek van de wachtenden. Op een trein of bijvoorbeeld een afspraak. Bij uitstek een locatie voor een gedicht. Ik zie ze dan ook steeds meer verschijnen, deze stationsgedichten. Sinds mijn eerste op station Kampen-Zuid, kijk ik op – voor mij nieuwe – stations altijd even bewust om me heen. Is er ergens een gedicht verscholen?

Op station Naarden-Bussum is het raak. Na een lange etappe vanuit Weesp via Muiden, Muiderberg en het Naardermeer stap ik op een koude januaridag in Bussum het bijzondere stationsgebouw binnen. Het kubistisch-expressionistische gebouw uit 1926 met de asymmetrische vormen, de indrukwekkende hal met bijzondere lampen en de glas-in-loodramen maakt dat ik even rustig om me heen kijk. Dan valt mijn oog op de twee muurgedichten in de stationshal die gebroederlijk naast elkaar hangen.

Beiden zijn van Gaston Bannier, kunstenaar, dichter en performer. Van 2013 tot en met 2015 was hij stadsdichter van de gemeente Bussum en heeft meerdere straatgedichten achtergelaten in deze plaats. Zo ook hier, op dit station. Vooral het korte gedicht spreekt me aan.

hier komen de verhalen uit hun huizen,
staan de stoelen klaar voor vertrek.
hier spreekt men af,
ergens in de tijd,
in het licht of in de duisternis,
als binnen op weg naar buiten is.

Gaston Bannier

Ik herken het treinleven dat ik zo goed ken. Een station is een plek waar mensen bij elkaar komen, die elkaar anders nooit ontmoet hadden. De trein is hun overeenkomst. Maar elke reiziger brengt zijn eigen verhaal mee. Een verhaal dat voor de andere reizigers vaak verborgen blijft. Starend naar hun telefoons wacht men op de trein, zit men in de trein en gaat zijns weegs.

Maar heel soms heb je geluk en komen niet alleen de mensen maar ook de verhalen naar buiten. Een vertraging wil hier nog wel eens bij helpen. Gezamenlijk leed maakt de tongen los. Althans dat is mijn ervaring. Elke dag stap ik in de trein met de stiekeme hoop op een verhaal. Ze zijn er. Overal. Ze moeten alleen hun weg naar buiten vinden.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welke straatgedicht is jou opgevallen?

Gedenkt te sterven

Soort gedicht: Muurgedicht
Waar: Hilversum
Dichter: Robert Grijsen

We zijn al vroeg uit de veren en arriveren nog voor de kerken ingaan op onze plek van bestemming: Hilversum. De plaats in Het Gooi is het beginpunt van onze vijfde etappe van het Westerborkpad dat ons vandaag over de provinciegrenzen leidt. Vanaf het station lopen we het centrum in. Het is stil op straat. Op enkele kerkgangers na. Wij lopen ze tegemoet als zij zich richting de Grote Kerk begeven. Zij gaan de kerkdeuren door, wij betreden de er tegenoverliggende begraafplaats.

Met de toepasselijke naam Gedenkt te sterven is deze oudste begraafplaats van Hilversum een oase van rust. Grote oude beuken bieden schaduw in warme zomers. De muur schermt de bezoeker af van het drukke stadsgewoel. Begraven wordt er al lang niet meer. In de Tweede Wereldoorlog vond de laatste begrafenis plaats. Her en der liggen nog enkele grafstenen maar de meeste graven zijn geruimd.

Bij de opening in 1792 lag de begraafplaats aan de rand van de stad. Tegenwoordig is het een klein, rustig stadspark aan de rand van het centrum. Het herbergt verschillende monumenten, waaronder enkelen uit de Tweede Wereldoorlog. Vandaar dat wij hier ook staan vandaag. Maar we vinden meer dan herinneringen aan de oorlog. Vlak voordat we de begraafplaats willen verlaten, stuiten we op een muurgedicht.

Gedenkt te sterven

Ontdek vandaag of morgen de verborgen
begraafplaats. Ga door het hek naar binnen.

Laat de stadsgeluiden voor wat ze zijn. Zeg
zachtjes: het is rustig hier – en het is rustig.

Dwaal rond, zie de zerken links en rechts,
de kleine monumenten, de dodenlantaarn.

Voel hoe eeuwen samensmelten tot een
onbestemde tijd. Sta stil tussen de beuken,

de machtige wachters die zo veel hebben
meegemaakt, die zo vertrouwd zijn met

verdriet om wat is kwijtgeraakt. Bedenk
dat je sterfelijk bent, dat je ooit moet gaan.

Ooit, later, maar nu nog niet. Loop langzaam
over het pad, naar het hek waar je begon.

Leg je hand op de oude koele muur, zeg
zachtjes dat je terugkomt, en verlaat deze

plek, deze tuin van iedereen. Vervolg je weg.
Word weer deel van de stad. Leef.

Robert Grijsen

1792 – 2017

Als stadsdichter van Hilversum van 2015 tot en met 2017 schreef Robert Grijsen verschillende gedichten voor de plaats. In het kader van het 225-jarig bestaan van de begraafplaats werd hij gevraagd een muurgedicht te schrijven voor deze bijzondere plek. In juni 2017 werd de plaquette onthuld door de burgemeester.

Robert Grijsen wilde met zijn stadsdichterschap laten zien dat poëzie niet alleen maar zwaar en moeilijk hoeft te zijn maar ook toegankelijk en leuk is. Ik denk dat hij met dit gedicht een heel eind is gekomen. Ik kijk na het lezen om me heen, zie de oude beuken staan, hoor de stilte. Even daarvoor waren wij al langs de zerken gelopen, hadden de monumenten op ons in laten werken. De eeuwen geschiedenis die deze plek meegemaakt heeft, komen even heel dichtbij.

En dan is het tijd om verder te gaan. Het grootste deel van de etappe van vandaag wacht op ons. Met dit toepasselijke gedicht voor de Westerborkpadwandelaar – stilstaan bij de sterfelijkheid van de mens is een rode draad tijdens dit pad – vervolgen wij onze weg en worden weer deel van de stad. “Leef” galmt het nog na in onze hoofden.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welke straatgedicht is jou opgevallen?

Westerborkpad etappe 5: Hilversum – Baarn

Route: Westerborkpad
Afstand: 23 km
Startpunt: Station Hilversum
Eindpunt: Station Baarn

Een monument voor verdraagzaamheid bij station Hilversum

Afgelopen dagen lagen de gevoelstemperaturen tussen de 15 en 20 graden onder nul. Een warme trui was een noodzakelijk goed. Vandaar dat we vandaag warm aangekleed beginnen aan de vijfde etappe van het Westerborkpad. Het blijkt niet nodig. De blauwe lucht en zon lossen de belofte van voorjaar in en we lopen deze etappe zonder handschoenen, zonder sjaal en zelfs even zonder jas. Heerlijk!

We komen al vroeg in Hilversum aan en verlaten het station aan de voorkant voor een grote lus door en om Hilversum. Door het centrum en de winkelstraten komen we al snel bij begraafplaats ‘Gedenk te sterven’. Hier zien we de ‘Mauthausen steen’, die door Bill Minco – een Joodse verzetsstrijder – werd meegenomen uit de steengroeven van Mauthausen. Kleine steentjes zijn volgens de traditie bovenop het monument gelegd.

De ‘Mauthausen-steen’ in Hilversum

Een gedicht bij de uitgang vraagt de bezoeker om even de stadsgeluiden te laten voor wat ze zijn en een moment stil te staan bij de sterfelijkheid van de mens op deze eeuwenoude begraafplaats (sinds 1792). “Dwaal rond, zie de zerken links en rechts”, gebiedt het ons. En vervolg dan je weg. “Word weer deel van de stad. Leef.” Een mooie boodschap van Robert Grijsen voor de Westerborkpad-wandelaar. Wij nemen dit ter harte. Lees hier mijn artikel over dit gedicht in het kader van Elke Maand Een Straatgedicht.

Gedicht op begraafplaats ‘Gedenk te sterven’

Na de begraafplaats vervolgen we de route door Hilversum. De weg stijgt en daalt licht. In combinatie met het mooie weer dringt zich hierdoor een vakantiegevoel op. We verwelkomen het met open armen. We passeren een Joodse begraafplaats en zien even verderop een originele invulling van een rotonde. Een bootje ligt in een bevroren sloot, midden in het riet. De zon en blauwe lucht maken er een typisch wintertafereel van. Daar, op een rotonde midden in Hilversum.

Langs een grote vijver komen we bij winkelcentrum Kerkelanden, maar op deze zondagochtend is er nog niets open en we lopen verder. Na een stukje over een industrieterrein, merken we dat we de randen van Hilversum bereiken. Rechts van ons ligt een woonwijk, maar links liggen weilanden. Aan het einde van de weg ligt het monument Jeugddalijah voor in 1939 naar Nederland gevluchte Duitssprekende Joodse jongeren die in de oorlog alsnog werden opgepakt.

Via een lange bosweg lopen we richting de Hoorneboegse Heide

Na het monument gaat de route naar de Hoorneboegse Heide. Het loopt inmiddels tegen lunchtijd en Hilversum is wakker. In vergelijking met de Bussumerheide is het hier druk! Gezinnen, mensen met honden, jonge stelletjes, op deze eerste lentedag lijkt iedereen buiten te zijn. En gelijk hebben ze. In de zon ligt het natuurgebied er schitterend bij. Genietend lopen we over de lange rechte weg die ons weer in Hilversum brengt.

Hoorneboegse Heide

Via station Hilversum Sportpark lopen we nog een stukje door de plaats om deze via de Mussenstraat voorgoed te verlaten (althans voor vandaag). Wat volgt is het uitgebreide bosgebied van de Hoge Vuursche. De volgende 6 kilometer is de spoorlijn nooit ver weg. Maar er zijn saaiere wandelpaden langs het spoor. De weg slingert door het bos. Geregeld komt er een trein langs. Na een paar kilometer hebben we de andere wandelaars achter ons gelaten en genietend van de rust bereiken we uiteindelijk Baarn. Bij het station is daar eindelijk de welverdiende cappuccino – onderweg zijn we geen (geopende) horecagelegenheid tegengekomen. Hoewel het zeker terrasjesweer was.

We zijn op station Baarn als reizigers in goed gezelschap, lezen we op de plaquette op het stationsgebouw. Vele kunstenaars zijn vertrokken en aangekomen op dit station, zoals Louis Couperus, Frederik van Eeden en Maria Dermoût, maar ook M.C. Escher en Vincent van Gogh. De laatste zei – als we de plaquette mogen geloven – ‘Baarn, wat is het daar mooi.’ We zullen het de volgende keer zien als we Baarn doorkruisen richting Amersfoort.

Plaquette op station Baarn

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 4: Bussum – Hilversum

Route: Westerborkpad
Afstand: 13 km
Startpunt: Station Naarden-Bussum
Eindpunt: Station Hilversum

De Bussumerheide in februari

Op een zonnige winterdag met een vleugje voorjaar stappen we uit de trein op station Naarden-Bussum. Drie weken geleden stonden we hier ook, aan het einde van een lange etappe door veel natuur en geschiedenis. Vandaag wacht ons een kortere etappe die voornamelijk door stedelijk gebied voert.

Het Brediuskwartier in Bussum

Voor het station pakken we de route weer op en lopen via een synagoge al snel door een brede laan met aan weerszijden grote vrijstaande huizen uit de eerste decennia van de 20e eeuw. De route maakt een lus door dit Brediuskwartier, zodat de Westerborkpadwandelaars ook langs de Joodse begraafplaats lopen. Het is wederom zaterdag en dus laten we de begraafplaats voor wat het is. Door de lus passeren we tweemaal het grote park dat middenin het Brediuskwartier ligt. Het Bilderdijkpark aan de ene kant gaat naadloos over in Het Mouwtje dat we na enkel kilometers passeren. De ideale plek voor hondenuitlaters en hardlopers.

Het Bilderdijkpark in Bussum

Na het park lopen we het centrum van Bussum in. Langs opvallend veel wijnhuizen komen we uiteindelijk in de Brinklaan. Hier kan ik wederom een straatgedicht toevoegen aan mijn verzameling. Op een witte muur aan het einde van een parkeerplaats springt het gedicht ‘Waterlelie’ van Frederik van Eeden in het oog. Wie weet komt het een dezer maanden nog terug op deze blog.

Frederik van Eeden in Bussum

We hebben er inmiddels vijf kilometer op zitten en hebben wel trek in een cappuccino. Aan de Laarderweg, net buiten het centrum, stappen we een koffietentje binnen. Op de vraag of de eigenaar ook wat bij de koffie heeft, somt hij een hele lijst op om te eindigen met Braziliaanse maiscake, zijn persoonlijke favoriet. Uiteraard kiezen we voor deze ons onbekende lekkernij. Het houdt het midden tussen cake en pudding en smaakt heerlijk. De Braziliaanse bakster zit twee tafeltjes verderop en neemt glimlachend de complimenten in ontvangst.

Na de koffie wordt het tijd voor het natuur-deel van deze etappe. We lopen de Laarderweg helemaal uit en komen uit op de Bussumerheide. Met achter ons de bebouwing van Bussum, rechts in de verte een grote zendmast van Hilversum en links de hoogbouw van Laren volgen we de rood-witte bewegwijzering van het Westerborkpad. We zijn niet de enige wandelaars, maar ik kan me voorstellen dat het op een zonnige zondagmiddag een stuk drukker is. Met het zonnetje erbij ligt het heideveld er prachtig bij.

Na een fietspad gaat de Bussumerheide over in de Westerheide. Na een kilometer komt de bebouwing van Hilversum alweer in zicht. Eenmaal door de straten van Hilversum lopend gaat het vlot. En voor we het weten zien we station Hilversum-Mediapark liggen. Aan de andere kant van het spoor ligt het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid dat gevestigd is in het bekende opvallend kleurige gebouw. Het is niet ver meer naar ons eindpunt en dus besluiten we een omweggetje te maken en het museum te bezoeken. We trekken er een uurtje voor uit, maar er is zoveel te zien en te ervaren dat je er wel een hele dag voor uit kan trekken. Een aanrader, zeker met kinderen!

Nederlands Instituut voor Beeld en geluid in Hilversum

De laatste kilometers naar het station lopen we langs het spoor. Het is een drukte van belang op deze zonnige zaterdagmiddag. Fietsers, auto’s, veel kinderwagens. De zon trekt. Nog even en de eerste terrasjes zullen weer verschijnen. Ik krijg er nu al zin in. Wellicht tijdens de volgende etappe, die ons naar Baarn voert.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 3: Weesp – Bussum

Route: Westerborkpad
Afstand: 21 km
Startpunt: Station Weesp
Eindpunt: Station Naarden-Bussum

Ook dit is het Westerborkpad (de A1 bij Hakkelaarsbrug)

Op de dag dat Auschwitz 73 jaar geleden werd bevrijd, stappen wij op station Weesp uit de trein voor onze derde etappe van het Westerborkpad. De route begint gelijk met geschiedenis. Het pad loopt door het centrum van het vestigingsstadje Weesp langs de in ere herstelde synagoge. Toen in 1947 de Weesper Joodse gemeenschap was opgeheven deed het gebouw jarenlang dienst als garage. De struikelstenen die ervoor liggen en de plaquette op de zijgevel vertellen het ware verhaal.

Struikelstenen voor de synagoge in Weesp

Over de Lange Vechtbrug en langs het fort lopen we Weesp uit en komen op de – met recht – Lange Muiderweg geheten weg uit. De kilometerslange smalle weg loopt langs de Vecht en aan onze linkerzijde ligt een keur aan woonboten, van eigen knutselwerkjes tot moderne huizen die in een moderne nieuwbouwwijk niet zouden misstaan. Elke boot weer een andere wereld. Er is geen gasleiding waardoor elke boot een eigen gastank in de tuin heeft staan. Dat beeld zien we deze hele route, overal gastanken, tot aan Naarden.

Over de Lange Vechtbrug verlaten we Weesp

Auto’s en wielrenners ontwijkend volgen we deze toch wel drukke weg. Als we de A1 kruisen, krijgen we Muiden in zicht en lopen al snel langs allerlei zeilschepen. Naast het Westerborkpad loopt hier ook het Floris V-pad en dat zien we in alles terug. We besluiten in een café gewijd aan Floris V (Eethuys Café Graaf Floris V te Muyden) de eerste cappuccino van de dag te gebruiken. De inrichting spreekt ook de Amerikanen aan die helemaal verrukt over deze historisch uitziende plek zichzelf laten vereeuwigen voor de ‘fireplace’.

In Floris V inrichting drinken we een cappuccino

Na de koffie lopen we langs het Muizenfort Muiden uit en komen al snel in het buitengebied. Over een modderige dijk lopen we richting IJmeer. Aan de overkant zien we het Muiderslot liggen, het kasteel uit de 13e eeuw waar Floris V gevangen heeft gezeten en – vier eeuwen later – dichter en toneelschrijver P.C. Hooft heeft gewoond. We kijken naar ettelijke eeuwen geschiedenis.

Muiderslot

Via diverse overstapjes over hekken vervolgen we de dijk die grotendeels langs het IJmeer loopt. In de verte zien we Pampus liggen. Overal om ons heen zien we stille getuigen van de Tweede Wereldoorlog . Onderweg op de dijk komen we een antitank versperring tegen die deel uitmaakte van de stelling van Amsterdam. De punten zijn gemaakt van spoorrails en wijzen naar het oosten, de kant waar de vijand vandaan zou komen. Ook staan er her en der bunkers in het land. We zijn niet verbaasd als het Waterliniepad hier ook langs blijkt te lopen, genoeg geschiedenis.

We passeren een antitank versperring

In Muiderberg komen we het monument ter herinnering aan Floris V tegen, ‘dikke steen’ genoemd in het boekje. In het park dat hierna volgt zien we een boom ter herinnering aan de kroning van Willem Alexander in 2013. De boom steekt schriel af tegen de boom die ter ere van Wilhelmina is geplant in 1898, een paar meter verderop.

Als we Muiderberg uitlopen komen we langs de grootste Joodse begraafplaats van Nederland. Achter de muur en verderop gescheiden van de weg door een sloot zien we inderdaad een zee aan grafstenen. Ze staan dicht op elkaar en lijken in betere conditie dan de stenen van begraafplaats Zeeburg. Volgens het boekje is dit de enige Hoogduitse begraafplaats in Nederland die nog intensief gebruikt wordt. Helaas is het zaterdag en is de begraafplaats gesloten, anders hadden we graag een kijkje genomen.

Joodse Begraafplaats Muiderberg

Als we verder komen, weten we dat de Hakkelaarsbrug niet ver meer is. In verschillende tuinen staan borden met de tekst Vrije Republiek Hakkelaarsbrug. De inwoners van het buurtschap voelen zich niet gehoord over de overlast tijdens de werkzaamheden aan de A1, A6 en de spoorbrug. Ze richten een Vrije Republiek op. En zoals het een echte republiek betaamt, is er zelfs een paspoort een vlag en postzegels. Zonder Westerborkpad hadden we er waarschijnlijk nooit van gehoord.

Een vrije republiek …

Via de Hakkelaarsbrug lopen we tegen de A1 aan en steken deze over. De zon is inmiddels doorgebroken waardoor de 10 rijstroken van de snelweg er mooi bij liggen. Het Naardermeer komt in zicht. Aan het einde van een zijweg zien we molen ‘De Onrust’ staan. Een molen uit het begin van de 19e eeuw die speciaal gebouwd is om het Naardermeer droog te leggen. Tegenwoordig wordt hij gebruikt om het Naardermeer te bemalen.

Molen De Onrust

Wij zijn blij dat het gebied o.a. dankzij Jac. P. Thijsse gebleven is zoals het was en genieten van de natuur. Over modderige paadjes lopen we het gebied in en sluiten het hek inclusief touw om de schapen binnen te houden. Bij het gemaal ‘De Machine’ eten we op een bankje een broodje. Het uitzicht over het Naardermeer met zon is niet te versmaden. Dat hadden we niet verwacht toen we vanmorgen bij grijs weer vertrokken vanaf Weesp. De twee Westerborkpadwandelaars die al geruime tijd voor ons liepen, laten we achter op het tweede bankje als we weer verder lopen.

Een zonovergoten lunch aan het Naardermeer

De modder wordt minder als we op een lange rechte weg omzoomd door bomen terechtkomen. Links van ons is de snelweg nooit ver weg. In de tussenliggende weilanden spotten we ganzen, witte reigers, zwanen en de door Natuurmonumenten uitgezette Schotse Galloway runderen. Als we de vlaggen van Natuurmonumenten zien wapperen, besluiten we tot een cappuccino bij Gasterij Stadzigt. Vanaf hier kun je makkelijk het Naardermeergebied in lopen. Met bemodderde schoenen nemen we plaats naast een groep die met vlaggetjes en ballonnen viert dat een van hen 75 is geworden. Geen gekke plek voor een dergelijk jubileum. Door de grote ramen heb je schitterend uitzicht op het natuurgebied.

En dan resten ons nog slechts een paar kilometer tot het station Naarden-Bussum. Door lange straten met statige jaren 30 huizen lopen we Naarden binnen. Na een paar kilometer gaat Naarden over in Bussum en zien we al snel het station liggen. Het kubistisch-expressionistische gebouw uit 1926 ziet er bijzonder uit. De asymmetrische vormen, de indrukwekkende hal met bijzondere lampen en de glas-in-loodramen maken dat we even rustig om ons heen blijven kijken.

En dan zien we ook de twee muurgedichten. Gebroederlijk naast elkaar verhalen ze over het treinleven. Ze zijn van de hand van voormalig stadsdichter van de gemeente Bussum Gaston Bannier. Wederom gedichten op een station! Mijn verzameling straatpoëzie en input voor Elke Maand Een Straatgedicht groeit gestaag.

Een van de twee muurgedichten op station Naarden-Bussum

In de trein kijken we terug op de dag. Het was een mooie etappe met een goede mix van geschiedenis en natuurschoon. Ik krijg alweer zin in de volgende etappe richting Hilversum.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Lang vergeten namen

Soort gedicht: Bankgedicht
Waar: Amsterdam, Oosterspoorplein
Dichter: Viktor E. van Vriesland

Op een bankje in een park in Amsterdam kan de oplettende voorbijganger 27 woorden lezen die samen een gedicht vormen. In acht regels wordt er gerept over een gebeurtenis van lang geleden. Wellicht lang vergeten? Weten we überhaupt nog wat er mogelijk vergeten is? lijkt de dichter zich af te vragen.

Deze maand was ik een van die voorbijgangers. Een bewuste, wel te verstaan. Geholpen door het routeboekje van het Westerborkpad ging ik aan het begin van mijn tweede etappe van het lange afstandspad op zoek naar dit bankje dat een bijzonder straatgedicht herbergt – of eigenlijk een bankgedicht.

Het bankje staat op het Oosterspoorplein, vlakbij het Muiderpoortstation in Amsterdam. Het vormt een monument voor de ruim elfduizend Joden die tijdens de Tweede Wereldoorlog via het Muiderpoortstation zijn weggevoerd naar Kamp Westerbork en van daaruit naar vernietigingskampen in Midden-Europa. Slechts een enkeling is teruggekeerd. Veel van deze mensen woonden in de Transvaalbuurt, die grenst aan het station.

Op 3 oktober 2002 onthulde de toenmalige burgemeester Job Cohen het bankje en een informatiebord. Op die dag was het precies zestig jaar geleden dat het eerste transport vertrok vanaf het Muiderpoortstation. Het roestvrijstalen bankje is een ontwerp van Steffen Maas. Het gedicht is geschreven door Viktor E. van Vriesland (1892 – 1974), een Joodse dichter, criticus en vertaler.

Het gedicht dat in het bankje gegraveerd is, luidt als volgt:

Muiderpoortstation:

Tocht er door hun schimmen
Nog een stroom van lang,
Lang vergeten namen,
Lang vergeten ogen?

Zullen wij nog weten
Dat wij ons vergeten
Zijn vergeten?

Viktor E. van Vriesland

Het raakt mij, dit gedicht, over wie er lang geleden langs deze plek gekomen zijn. Nu, ruim 75 jaar later, zijn het nog slechts schimmen die thuishoren in een andere tijd. Een tijd waarvan de gruwelen ons bekend zijn. De namen van de slachtoffers echter raken in de vergetelheid. Wie waren het, die hier liepen? Hoe zagen zij eruit? De dichter vraagt zich zelfs af of wij inmiddels niet vergeten zijn, dat wij het zijn vergeten.

Maar zover is het gelukkig niet. Niet voor deze plek. Dit bankje, het gedicht, maar ook het Westerborkpad houden de geschiedenis die zich hier heeft afgespeeld levendig. En nog steeds, zestien jaar na de opening, blaast de wind door de gegraveerde letters van het gedicht en tocht het door hun schimmen.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welke straatgedicht is jou opgevallen?

Westerborkpad etappe 2: Amsterdam Muiderpoort – Weesp

Route: Westerborkpad
Afstand: 18 km
Startpunt: Station Amsterdam Muiderpoort
Eindpunt: Station Weesp

De wit-rode markering met gestileerd prikkeldraad van het Westerborkpad langs het Amsterdam-Rijnkanaal

In oktober 2017 liepen we de eerste etappe van het Westerborkpad en dompelden we ons onder in cultuur en geschiedenis. We zijn inmiddels drie maanden verder, dus hoog tijd voor een vervolg. We beginnen waar we in oktober eindigden, bij het station Muiderpoort. Vorige keer regende het, nu is het een mistige dag maar droog, een stuk beter dus.

We beginnen bij het monument op het Oosterspoorplein, waar een bord verwijst naar de 11.000 joden die vanaf dit station gedeporteerd zijn naar Westerbork. In een roestvrijstalen bankje is een mooi gedicht hierover van Viktor E. Van Vriesland te lezen. Een mooie kandidaat voor Elke maand een straatgedicht. De blogpost over dit gedicht vind je hier.

Westerborkpad etappe 2
Het informatiebord over het Muiderpoortstation

We laten het station achter ons en lopen de Indische buurt in. De Celebesstraat en later de Valentijnkade leiden ons de stad uit. We komen langs de oude Joodse begraafplaats Zeeburg. De begraafplaats ziet er verwaarloosd uit. Stenen zijn omgevallen en in de verte zien we nog veel meer stenen staan in het hoge gele gras. Het is zaterdag, dus de begraafplaats is in verband met de Sjabbat gesloten. Maar door het hek blijft het beeld indrukwekkend. Mede door het weer lijkt het wel een openingsshot van een enge film.

De oude Joodse begraafplaats Zeeburg

Verder lopend merken we goed dat we de stad achter ons hebben gelaten. Niet alleen is de omgeving minder bebouwd, maar we komen ook steeds meer hardlopers tegen. Het is gewoon druk. De meesten duiken het Flevopark in. Een enkeling rent verder, in de richting waar wij vandaan komen. In de weg zijn kleine ronde symbooltjes van hardlopers aangebracht. Lopen we hier over een gemarkeerde hardlooproute?

We komen langs een pontje uit 1896, dat overigens vandaag niet vaart en steken even verderop alsnog het water over. Onder de A10 en de Nesciobrug door lopen we Diemen in. Het geeft geen verkeerde aanblik. Aan de ene kant staat een oud tolhuis, in het water aan de andere zijde vaart een groot binnenvaartschip voorbij. Een hele andere wereld dan de omgeving van het Jacobspad dat we deze maand afrondden.

De fraaie entree tot Diemen

In Diemen lopen we met een bocht om een nieuwbouwwijk heen door een park. Ook hier is de snelweg niet ver weg. Aan onze rechterhand bevindt zich het geluidsscherm van de Ringweg. Dan buigen we af en komen via station Diemen en een Joodse begraafplaats bij een winkelcentrum. Naast een warenmarkt strijken we neer in een grand café voor de eerste cappuccino van de dag. Daar waren we wel aan toe met dit grijze, kille weer.

Voldaan vervolgen we onze weg en komen al snel midden in een nieuwbouwwijk in aanbouw terecht. De markering verdwijnt achter met hekken afgezette straten. We besluiten aan de andere kant van de brede weg verder te lopen langs de huizen die reeds bewoond zijn. Via straten die vernoemd zijn naar plantages in Suriname checken we af en toe de route op de telefoon. Dan stopt er een snelle bolide naast ons. Een even snelle jongeman vraagt of we hulp nodig hebben. Verbaasd antwoorden we ontkennend. Dit hadden we hier niet verwacht te midden van de bouwactiviteiten en het drukke verkeer.

We vinden de markering weer en geleidelijk worden we naar het Diemerbos geleid. Het blijkt een walhalla voor hondenliefhebbers. Het lijkt wel of alle variëteiten aan Diemer honden zich hier verzameld hebben. Enthousiast rennen ze het pad op en af. De baasjes kennen een even grote variëteit.

Zelfs bij dit weer is het in het Diemerbos een drukte van belang

Na het Diemerbos lopen we een stukje langs de Gaasp en slaan dan af naar het Gaaspermolenpad, een weg tussen de weilanden door. Hier eten we op een bankje in een weiland een boterham. Ganzen vliegen over. In de verte raast de A9. In het weiland staat een vogelobservatiescherm. Dat de natuur en de mens zo vlak naast elkaar leven wordt hier goed duidelijk.

Het Amsterdam-Rijnkanaal nadert en via een spoorbrug steken we het kanaal over. Op de brug rijden de treinen af en aan. Onder ons passeren de binnenvaartschepen. En ook hier ontbreken de hardlopers niet. Twee wandelaars met grote rugzakken, wandelbroeken en waterdichte jassen komen ons tegemoet. Wij zagen ze hiervoor al aan de overzijde van het kanaal lopen. Zij volgen duidelijk niet het één-kant-op -gemarkeerde Westerborkpad. Wellicht komen ze van het Zuiderzeepad of het Trekvogelpad die beide hier vlakbij lopen. Het lijkt ons geweldig om ook eens met rugzak een weekendje op pad te gaan. Als het beter weer is, besluiten we.

Over de spoorbrug lopen we naar Weesp

Weesp is nu niet ver meer. De eerste nieuwbouwwijken in aanbouw beginnen zich al af te tekenen. Het is voor ons inmiddels een bekend beeld. We volgen het spoor en komen uiteindelijk bij het station uit. Het is nog vroeg en we besluiten het stadje zelf te bekijken. We hadden een tweede Naarden verwacht, maar dat valt een beetje tegen. Het grijze weer helpt ook niet. Na een rondje door het centrum eindigen we deze etappe op station Weesp.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 1: Amsterdam CS – Amsterdam Muiderpoort

Route: Westerborkpad
Afstand: 10 km
Startpunt: Station Amsterdam Centraal
Eindpunt: Station Amsterdam Muiderpoort

Een typisch Amsterdams plaatje op de Kloveniersburgwal

Aanleiding
Enkele maanden geleden liepen we met het Jacobspad langs Voormalig Kamp Westerbork en kwamen daar de markering tegen van een ander langeafstandspad. De blauw-rode (en de nieuwe rood-witte) bordjes met een gestileerd prikkeldraadstukje bleken te verwijzen naar het Westerborkpad. Een langeafstandswandeling die de route volgt die de Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog bij deportatie aflegden vanuit de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam naar Kamp Westerbork. Het pad is slechts één kant op gemarkeerd omdat er weinigen terugkwamen. Deze route langs historische sporen en gedenkplaatsen sprak ons aan en we bestelden het boekje.

Boekwinkel en stamcafé
Op een herfstige dag in oktober wandelen we de proloog en de eerste etappe zoals deze in het boekje staan. Ook de bijbehorende app hebben we op onze telefoon staan. Naast kaartjes van de verschillende etappes bevat de app ook geluidsfragmenten. Op bepaalde plekken wordt het verhaal bij die plek verteld. Wie woonden er, wat is er gebeurd, wat is hun verhaal? Na nog geen 100 meter na ons startpunt op Amsterdam CS is het eerste fragment al te beluisteren. We zetten het volume wat harder en wandelen al luisterend verder.

Bij Amsterdam horen natuurlijk de duiven

De route slaat af richting de grachten en we zien bekende namen als Brouwersgracht, Keizersgracht en Prinsengracht voorbijkomen. Zigzaggend doorkruisen we de grachtengordel en komen door kleine straatjes met leuke winkeltjes en koffiezaakjes die je eigenlijk zou moeten onthouden voor een volgende keer. Via het Anne Frank Huis, waar al een flinke rij staat en de Westertoren komen we uiteindelijk weer bij de Herengracht. Hier nemen we een klein omweggetje naar de American Book Center, een boekhandel waar ik altijd even langs ga als ik in Amsterdam ben. Dit keer heb ik een heel lijstje Engelse boektitels bij me, waarvan ik hoop er een paar te bemachtigen.

Een half uur later en helaas slechts één boek rijker, verlaten we de winkel en pikken de route weer op. Het is lunchtijd en we besluiten een broodje te eten bij het ‘stamcafé’ (Café de Jaren) van mijn medewandelaar die een tijdje in Amsterdam gestudeerd heeft. De buien die aanvankelijk nog meevallen volgen elkaar nu steeds sneller op. Een droog en warm onderkomen komt nu zeker als geroepen.

Bezienswaardigheden
Na de lunch in het oude, lichte pand vervolgen we onze route en komen door de Oudemanspoort waar slechts één boekenkraampje herinnert aan de grote boekenmarkt die hier anders staat. Langs het verzetsmonument en de Stopera, komen we bij het Waterlooplein uit. Nadat we de Dokwerker gepasseerd zijn, is het tijd voor onze volgende stop.

De Dokwerker aan het Jonas Daniël Meijerplein

We komen namelijk langs het Joods Historisch Museum, gevestigd in de Grote Synagoge. Sinds een paar dagen worden hier de schilderijen van Charlotte Salomon (1917-1943), een Joodse kunstenares uit Berlijn, geëxposeerd. Ik las vorige maand het boek Charlotte (2014) van David Foenkinos over haar leven en ben sindsdien benieuwd naar haar werk. Nu we er toch langs komen, kunnen we mooi e.e.a. combineren. Mijn indruk van de tentoonstelling lees je hier.

Het Joods Historisch Museum is gevestigd in de Grote Synagoge

Een bijzondere ervaring en een heerlijke (koosjere) amandelbolus rijker vervolgen we onze weg. We passeren de Portugese Synagoge, lopen langs Artis en het Auschwitzmonument en komen uit bij de Hollandsche Schouwburg, het einde van de proloog en het begin van de eerste etappe. Met ons ticket van het Joods Historisch Museum hebben we hier gratis toegang.

Het Auschwitzmonument (Spiegelmonument) in het Wertheimpark

We bezoeken de tentoonstelling en staan stil bij de enorme rij met achternamen van mensen die niet meer teruggekomen zijn. Dan komt het wel dichtbij. De mevrouw aan de balie pakt, als ze hoort dat we het Westerborkpad lopen, haar stempel en stempelkussen. Veel wandelaars willen graag een aandenken aan dit beginpunt van het Westerborkpad en ook in ons boekje prijkt nu een stempel.

De Hollandsche Schouwburg, officieel beginpunt van het Westerborkpad

Oosterpark en Transvaalbuurt
Na de Hollandsche Schouwburg komen we langs het Tropenmuseum en slaan af het Oosterpark in. De app blijkt achteraf een andere route te geven dan het boekje, maar het beeldje van de Titaantjes van Nescio maakt die weg ook de moeite waard. Hierna duikt de route de Transvaalbuurt in. Voor de Tweede Wereldoorlog kende deze wijk veel Joodse inwoners. In 1941 wordt de buurt aangewezen als ‘Judenviertel’ waardoor veel Joodse gezinnen noodgedwongen hier naartoe moesten verhuizen. Twee jaar later is het beeld compleet anders. Door razzia’s wonen er na juni 1943 nauwelijks nog Joden in de wijk.

De regen maakt dat de wijk er nu mistroostig uit ziet. Er zijn weinig mensen op straat. We wandelen verder en komen uiteindelijk uit bij het Muiderpoortstation, ons eindstation van deze eerste etappe. De wandeling was kort voor ons doen, slechts 10 km. Maar er was zoveel te zien, zoveel te bezoeken, je komt langs allerlei historisch interessante plekken dat we moeite moesten doen om weer een beetje op tijd op Station Muiderpoort te zijn. Eigenlijk zou je dit eerste gedeelte van het Westerborkpad in twee dagen moeten doen. Maak er een weekendje Amsterdam van en bezoek de interessante bezienswaardigheden onderweg.

In de trein terug

Markering en de app
De route is, zoals we bij Kamp Westerbork zagen, inderdaad gemarkeerd, maar onderweg hebben we lang niet altijd de markering kunnen vinden. Dit is ook lastig in een drukke stad met veel plekken waar de sticker of het bordje geplaatst kan worden. Dat is althans onze ervaring. Ook het Jacobspad was in de veel kleinere stad Groningen nauwelijks gemarkeerd. Wandelaars doen er daarom goed aan om het boekje en liefst ook de app mee te nemen.

Als je de GPS inschakelt op je telefoon, laat de app zien waar je bent. Je hoeft enkel het streepje van de route te volgen. Helaas was de app niet heel stabiel. Na het maken van een foto met de telefoon of openen van een andere app moest de kaart opnieuw geladen worden. Als dit niet lukte moest de app zelf opnieuw opgestart worden. Vervelend, maar voor ons geen probleem, gelukkig hadden we ook het boekje nog. Wellicht dat een update voor verbetering zorgt.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Graphic novel avant la lettre

Vorige maand las ik Charlotte (2014), een werk van de Franse schrijver David Foenkinos. Ik was onder de indruk. Niet alleen van de schrijfstijl maar ook van het verhaal, van het leven van de jonge Joodse kunstenares Charlotte Salomon in een roerige tijd. Toen ik het boek digitaal dichtsloeg bleef ik ademloos achter, en benieuwd. Zouden haar schilderijen ergens geëxposeerd worden?

Het toeval wil dat 2017 het 100ste geboortejaar is van Charlotte Salomon. Een jaar voor haar dood voltooide ze haar levenswerk Leven? of theater?. Het Joods Historisch Museum (JHM) in Amsterdam beschikt over de originele gouaches (waterverfschilderijen) uit het boek. Sinds 20 oktober zijn deze werken te zien in de kelder van het museum. We onderbraken de eerste etappe van het Westerborkpad, dat langs het museum loopt, om de schilderijen te zien.

Kort het verhaal van Charlotte. In 1917 wordt ze geboren in Berlijn. In de familie van haar moeder is zelfmoord gemeengoed en zit de ‘waanzin’ in de genen. Haar oma, tante, maar ook haar moeder komen op deze manier aan hun einde. Charlotte is dan acht en ze groeit op als een meisje dat veel op zichzelf is. Haar vader hertrouwt en Charlotte en haar stiefmoeder kunnen het goed met elkaar vinden. Charlotte blijkt een tekentalent maar ondervindt hinder van de steeds strengere regels voor Joden in het fascistische Duitsland van de jaren 30. Onverwachts wordt ze toch aangenomen bij de kunstacademie en brengt daar een paar jaren door.

Vlak voor de oorlog ontvlucht ze Duitsland naar haar grootouders, die in Zuid-Frankrijk verblijven. Hier pakt ze het schilderen weer op, kunst is haar houvast in deze onzekere tijden. Ze schrijft en schildert haar levenswerk, leert de liefde (weer) kennen, maar vanuit hier vertrekt ze ook op haar laatste reis. Naar Auschwitz, 26 jaar oud en 5 maanden zwanger.

Haar levenswerk overleeft de oorlog en komt in Amsterdam terecht, waar haar vader en stiefmoeder de oorlog hebben overleefd. Het is een autobiografisch verhaal, rijkelijk voorzien van gouaches (bijna 800 stuks) en muziek. De ‘graphic novel avant la lettre’ (zoals Uitgeverij Cossee het noemt) is nu voor het eerst integraal tentoongesteld. De schilderijen hangen genummerd naast elkaar en gaan als een slinger door de expositieruimte. Het past ternauwernood. De tekst uit het boek is eronder in het Nederlands te lezen. Voor de Engels- en Franssprekende bezoeker zijn ook boekjes in die taal beschikbaar met de integrale tekst.

De belangstelling is groot op deze herfstachtige zondag. De expositie is drie dagen oud. Samen met geïnteresseerden schuifel ik langs de schilderijen tegen de gele achtergrond. Aanvankelijk zijn de werken gedetailleerd, later worden het steeds meer schetsen. Helemaal aan de andere kant van de ruimte eindigt het boek met de woorden “Leben oder Theater?” weergegeven op de rug van de hoofdpersoon.

Naast dit laatste schilderij zit een deur die toegang geeft tot een korte route naar het museumcafé. In die gang krijgt de bezoeker nog de kans zijn of haar mening te geven over de geëxposeerde werken van Salomon. Wat blijft u bij? Wat is u opgevallen? Een mevrouw is druk bezig haar mening op te schrijven. Wij lopen door en proberen in het café een warme – volgens de Joodse spijswetten bereide – amandelbolus die heerlijk smaakt bij de cappuccino.

Voor wie wil kan het hele boek lezen, daar in de kelder van het museum. Je moet er dan wel een paar uurtjes voor uit trekken. Ik kies ervoor om het lijvige werk te kopen in de museumwinkel. Een mooie ingebonden editie met alle schilderijen. Eigenlijk geen werk om tijdens een wandeltocht mee te nemen (er staan ons die middag nog een aantal kilometers Westerborkpad te wachten). Maar ja, het werk stond, sinds ik de novelle van Foenkinos las, hoog op mijn nog te lezen-lijst. En wat is nu een betere plaats om het levenswerk van Charlotte Salomon te kopen dan in het museum waar haar werken al lange tijd verblijven – en nu integraal  tentoongesteld worden?

Ook benieuwd naar gouaches en het bewogen leven van Charlotte Salomon? De expositie in het Joods Historisch Museum is nog te zien tot en met 25 maart 2018. Wil je nu al meer lezen over het boek? Het Joods Cultureel Kwartier heeft een prachtige interactieve website gemaakt waar je het hele werk kunt lezen, zien en horen. Alle gouaches zijn hier te bekijken, je kunt de oorspronkelijke tekst lezen, inclusief vertalingen. En wat mij erg aansprak is dat je ook muziekfragmenten kunt beluisteren die in het boek beschreven zijn. Zo komt de tijd waarin Leven? of Theater? is geschreven wel heel dichtbij.