Trage Tocht Echten: woest en ledig landschap

Route: Trage Tocht Echten: Gijsselterkoelen en Echtenerzand
Afstand: 16 km
Start: Infocentrum ’t Huus met de Belle, Zuidwolderweg 2a Echten
Eind: Infocentrum ’t Huus met de Belle, Zuidwolderweg 2a Echten

Echtener Es

Het is grijs en koud als ik mijn auto parkeer naast de enige andere auto op de parkeerplaats van het Informatiecentrum ‘t Huus met de Belle. Vandaag staat er een Trage Tocht bij het Zuid-Drentse Echten op het programma. De beschrijving belooft een stille wandeling in en om boswachterij Ruinen. Echten en omstreken is geen onbekend terrein. Ik liep hier al eerder met het Westerborkpad en het Jacobspad. Ik ben benieuwd of ik nog bekende plekken tegenkom.

Voordat ik echt op pad ga, werp ik nog een blik naar binnen bij ’t Huus met de Belle dat gevestigd is in een oude schaapskooi van een boerenerf aan de Brink. Naast een informatiecentrum zit er ook een plattelandswinkel en is op het erf een kunstgalerie en een boekbinderij te vinden. Op dit vroege uur is alles nog gesloten.

’t Huus met de Belle

Over een asfaltweg loop ik langs een Engelse theeschenkerij met een echte Engelse telefooncel het dorp uit. Ik kom op een breed onverhard pad terecht dat me met enkele afslagen naar het Echtener Veld brengt. Het is er rustig. Op enkele mountainbikers na, kom ik niemand tegen, zelfs geen hondenuitlaters. Af en toe doet het zonnetje een poging om door te breken, maar het blijft bij een halfslachtige poging. Ik loop enkele kilometers langs verscheidende bosranden. Af en toe is er een ware kaalslag. De boomstammen liggen netjes opgestapeld langs de kant van de weg.

Langs bosranden

Na een vijfsprong kom ik bij de Gijsselterkoelen. Het landschap met plassen en heidevelden laat volgens de omschrijving goed zien hoe Drenthe er in de 19e eeuw uit zag: woest en ledig. Ik kom geen mens tegen en kan de natuur goed op me laten inwerken. Bij een zonnetje zal het er hier ongetwijfeld nog mooier uitzien.

Woest en ledig landschap bij de Gijsselterkoelen

Al een aantal kilometers loop ik gelijk op met een mountainbikepad. Af en toe verdwijnt het pad in het bos om enkele honderden meters later weer op te duiken. Aanvankelijk zie ik slechts enkele MTB-ers maar naarmate de ochtend vordert, worden dit er steeds meer. Ik neem een koffiepauze op een bankje met de rug naar het pad toe. Achter me hoor ik de MTB-ers voorbij fietsen. Enkele mannen praten luid. Eentje uit zijn twijfel over het pad: “Vorige keer duurde het een hele tijd voor we hier waren, nu zijn we hier zo. Rijden we wel goed?” Wat zijn medefietser antwoordt, hoor ik niet. Ze zijn al weer te ver doorgefietst.

Mountainbikepad

Als ik de Echtenseweg oversteek en een onverhard pad tussen twee boerderijen insla, zijn alle mountainbikers op slag verdwenen. De rest van de route zie ik ze ook niet meer terug. Op een enkele hondenuitlater na zie ik in Echten pas weer wat meer mensen. Ik passeer de Hunnenkloosterberg, een smeltwaterheuvel. De naam klinkt indrukwekkend maar met nog geen 10 meter boven NAP is er met moeite wat glooiing in het landschap te zien.

Een bekend bankje

Ik kom op bekend terrein. Bij een bankje bij een vennetje zie ik de bekende geel-blauwe sticker met schelp. Met het Jacobspad van Uithuizen naar Hasselt liep ik hier ook. Het bankje komt me bekend voor en ook het kleine paadje dat volgt langs een diepe sloot door het bos. Tot aan Echten blijf ik af en toe de sticker zien. Het Jacobspad gaat verder naar de Zwarte Dennen.

Met het Jacobspad liep ik hier ook

Het laatste stuk voert me langs een camping waar enkel wat overwinterende caravans te vinden zijn. Een man in een gele werkjas raapt takken op van het grasveld. Het kampeerseizoen komt er weer aan. Door een klaphek kom ik op het Echtenerzand. Het stuifzandgebied is verlaten. De zon lijkt nu echt door te breken en licht de heide en de jeneverbessen goed uit. Wat een timing! Genietend volg ik op mijn gemakje het bochtige paadje over de heide.

Echtenerzand

Ik verlaat het Echtenerzand en via de Echtener Es kom ik weer in Echten uit. Witrode markering met een gestileerd prikkeldraadje geeft aan dat ik een stukje over het Westerborkpad loop. Ik herken Stal Zoer en de plaggenhut in Echten. Deze hut zette ik in december 2018 ook op de foto. We liepen toen door langs Huize Echten naar Hoogeveen. Nu sla ik voor Huize Echten af naar de parkeerplaats, die inmiddels een stuk drukker is geworden.

Plaggenhut in Echten

Op een stukje met veel mountainbikers na was deze wandeling zeker stil te noemen. Kilometers lang liep ik helemaal alleen langs bosranden en over heidevelden. Zelfs met hoofdzakelijk grijs weer was de natuur prachtig. Nu liep ik deze tocht op een zaterdag. Ik kan me voorstellen dat je door de week nauwelijks mountainbikers tegenkomt. Een aanrader voor stiltezoekers.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Knapzakroute Linde – Zuidwolde

Route: Knapzakroute Linde – Zuidwolde K33
Afstand: 18 km (ook in 2 afzonderlijke lussen te lopen)
Start: Parkeerplaats Reestkerk, Oud Avereest 5 Oud Avereest
Eind: Parkeerplaats Reestkerk, Oud Avereest 5 Oud Avereest

Zoals Gelderland en Utrecht de Klompenpaden hebben, heeft Drenthe de Knapzakroutes. Dit zijn niet-gemarkeerde lokale rondwandelingen van gemiddeld 15 kilometer lang in heel Drenthe die vaak door minimaal één dorp komen. De eerste route stamt al uit 1984 en sindsdien zijn er heel wat gemaakt. Op dit moment zijn er zo’n 65 actueel. De routebeschrijvingen en uitgebreide cultuurhistorische informatie vind je in de gidsjes van de routes. Sinds het voorjaar 2020 zijn verscheidende routes ook digitaal te downloaden op knapzakroutes.nl.

Elzenkatjes in natuurgebied Takkenhoogte

Op een zonnige vrijdagochtend in de voorjaarsvakantie parkeer ik om 8 uur mijn auto bij de Reestkerk in Oud Avereest. Er staat welgeteld één andere auto. Het plan is om voor het middaguur (lees: de drukte) de 18 kilometer lange knapzakroute Linde – Zuidwolde te hebben gelopen. Officieel is het beginpunt in Zuidwolde, maar Oud Avereest is wat dichterbij, het ligt aan de route én het is bekend terrein. Vanaf dit punt liep ik vorig jaar juli de prachtige Trage Tocht Oud Avereest bij grijs en miezerig weer.

Kerk van Oud Avereest

Ik pik de route op bij nummer 10 op de kaart. Naast de geprinte routebeschrijving heb ik ook het GPX-bestand op mijn telefoon. Dat raad ik iedereen aan. Op papier kwam ik er niet overal uit. Het eerste stuk van de route is gelijk aan de Trage Tocht. Na de begraafplaats bevind je je midden in de prachtige natuur van het Reestdal. Het sterk meanderende riviertje de Reest vormt de grens tussen Overijssel en Drenthe. Het landschap waar het doorheen stroomt is eeuwenoud cultuurlandschap dat door het welhaast ontbreken van menselijk ingrijpen is behouden. Ik steek de Reest over met de lage zon pal tegen en loop helemaal alleen over het graspad. In de verte hoor ik de klepperende ooievaars op hun nest.

Bruggetje over de Reest

Na boerderij De Wildenberg kom ik op een uitgestrekt heideveld uit. Er grazen schapen en om me heen is het een kakofonie aan vogelgeluiden. Ik zie een groenling langs vliegen en hoor een specht. Er is geen mens te bekennen. Dat is het fijne aan vroeg beginnen, je hebt de natuur voor jezelf.

De heide helemaal voor mezelf

Ik kom in het gebied Takkenhoogte, genoemd naar de familie Takke die vanaf de 17e eeuw vele generaties op De Wildenberg heeft gewoond. Net als in juli beklim ik de kijkheuvel, die nu een heel ander uitzicht biedt dan toen. Toen (afbeelding links) stonden de bomen vol in blad met erboven grijze luchten. Nu (afbeelding rechts) zijn de kale bomen veel minder prominent aanwezig, lijkt de natuur een stuk natter en zijn de luchten veel blauwer.

Langs het water bij een stuw en door het bos aan het Nolderveld, waar een eekhoorn langs spurt, geniet ik van de stilte, de vogels en de zon. Dit keer heb ik wel aan de zonnebril gedacht. Er volgt een lang stuk over verharde wegen. Ik loop de Meeuwenweg af en vervolgens een fietspad. Bij de Nolderweg vlakbij een paadje langs en door een bos dat mij naar Zuidwolde brengt, zit ik op de helft van mijn route en strijk neer op een bankje voor koffie. Ik kijk uit over de velden, groet een hardloopster en een enthousiaste fietsster.

Na de koffie pak ik het paadje langs de bosrand dat op een gegeven moment over gaat in een Kabouterpad. Vrolijk beschilderde kabouters van hout lachen me toe. Op verschillende borden staan opdrachten voor de ‘kabouters’ die dit pad lopen. Kinderen kunnen hier een hoop lol hebben, denk ik! Het kabouterpad grenst aan een bungalowpark. Ik kan me voorstellen dat het vanmiddag hier wel eens druk kan zijn.

Kabouterpad

Voor het bungalowpark wijst een bord de wandelaar op Kamp Linde. In 1942 werden Joodse mannen naar dit werkverschaffingskamp gebracht die het zware ontginningswerk van de werkloze veenarbeiders moesten overnemen. Nog in datzelfde jaar werden zij naar Westerbork overgebracht, De rest van de oorlog diende dit kamp als opvangcentrum voor mensen uit de Randstad die uit hun huizen moesten vanwege de Atlantikwall. Er rest nu nog één barak van dit kamp.

Door de Zuidwolder esbosjes nader ik Zuidwolde. De route gaat de plaats in naar het officiële startpunt. Dit is een heen-en-weertje, dus ik besluit dat stukje over te slaan. Ik steek de doorgaande Ommerweg over en neem aan de overkant de Hooiweg, een onverhard pad dat langs de achterkant van het bungalowpark van net loopt. Over deze weg brachten boeren eeuwenlang het hooi van de Reestlanden naar huis.

De Hooiweg

Hierna voert de route me langs de Reestvervangende leiding. Deze vaart voert sinds 1971 overtollig Reestwater af en voorkomt daarmee wateroverlast. In de jaren 60 gingen stemmen op om de Reest zelf te normaliseren, maar het feit dat de rivier de grens vormt tussen twee provincies bemoeilijkte dit. Want wie betaalt het? Door de Reestvervangende leiding is de loop van de Reest behouden gebleven.

De route langs de leiding is een smal paadje met aan de ene kant water en de andere kant schrikdraad. Ik ben blij dat ik niemand tegenkom. Passeren is vrijwel onmogelijk, laat staan met anderhalve meter afstand. De route verlaat halverwege de leiding om een lusje door een productiebos te maken, waar men volop aan het zagen is. Hierna volg ik weer het water.

Reestvervangende leiding met een smal wandelpad

Bij het Rabbingerveld staat het water hoog. De paden zijn goed begaanbaar maar de graslanden staan onder water. Hier is een nieuw natuurgebied ingericht dat zich waarschijnlijk gaat ontwikkelen tot heidegebied. Nu vind je er veel zonnedauw en moeraswolfsklauw. Het ligt er mooi bij.

Rabbingerveld

Het laatste deel van de route brengt me over de Holtberg (eerder een klein heuveltje) naar de Reest. Ik blijk opeens op een kerkenpad te lopen. Sinds de middeleeuwen gingen boeren in het Reestdal aan de overkant van de Reest, in Overijssel, naar de kerk. Op deze plek gingen ze naar de kerk van Oud Avereest. Ik steek net als de boeren van toen het riviertje over en bewonder de weerspiegeling van de wolken in de Reest.

De Reest vanaf het kerkenpad

Niet veel later sta ik weer voor de kerk van Oud Avereest. De parkeerplaats is een stuk voller. Op het laatste deel van het pad was het ook aanmerkelijk drukker. Het was een goede zet om vroeg te beginnen. Ik kijk terug op wederom een prachtige wandeling in het Reestdal.

Benieuwd naar de andere knapzakroutes die ik gelopen heb? Je vindt ze hier.

Knapzakroute Zorgvlied – Doldersum

Route: Knapzakroute Zorgvlied – Doldersum K36 (lus Zorgvlied)
Afstand: 10 km
Start: Parkeerplaats Andreaskerk Dorspsstraat Zorgvlied
Eind: Parkeerplaats Andreaskerk Dorspsstraat Zorgvlied

Zoals Gelderland en Utrecht de Klompenpaden hebben, heeft Drenthe de Knapzakroutes. Dit zijn niet-gemarkeerde lokale rondwandelingen van gemiddeld 15 kilometer lang in heel Drenthe die vaak door minimaal één dorp komen. De eerste route stamt al uit 1984 en sindsdien zijn er heel wat gemaakt. Op dit moment zijn er zo’n 65 actueel. De routebeschrijvingen en uitgebreide cultuurhistorische informatie vind je in de gidsjes van de routes. Sinds het voorjaar 2020 zijn verscheidende routes ook digitaal te downloaden op knapzakroutes.nl.

Doldersummerveld

Ik kende de knapzakroutes niet en liep mijn eerste op de op-een-na-kortste dag van het jaar. Samen met mijn zus wandelde ik de 10 kilometer lange Zorgvlied-lus van de Zorgvlied-Doldersum route, die in totaal 21 kilometer is. Gewapend met geprinte kaart en GPX-bestand als back-up starten we aan het begin van de middag bij de kerk van Zorgvlied.

Andreaskerk Zorgvlied

Deze katholieke kerk is de enige in de wijde omgeving. Dit heeft alles te maken met het ‘Opleidings-gesticht voor den Landbouw’ dat in de 19e eeuw door de Maatschappij van Weldadigheid in Zorgvlied opgericht werd. Op dit landbouwkundig instituut zouden kinderen van kolonisten opgeleid worden tot opzichter. Hier is niet veel van terecht gekomen. Het instituut werd opgeheven en werd een gasthuis. Een latere eigenaar zorgde ervoor dat eind 19e eeuw arme katholieke gezinnen uit de verre omtrek naar Zorgvlied verhuisden. Na enkele decennia werd de huidige Andreaskerk gebouwd.

Zorgvlied ligt op de grens met Friesland in Nationaal Park Drents-Friese Wold. Een prachtige omgeving, zoals we al snel merken. Nadat we het dorp uitgelopen zijn en een paar campings zijn gepasseerd, duiken we het bos in. Niet veel later lopen we langs de bosrand met aan onze rechterhand de Kolonievaart die de grens met Friesland vormt. Vaart klinkt een beetje merkwaardig voor wat we zien: een sloot met niet veel water. Later lees ik dat deze vaart niet bedoeld was voor scheepvaart. Hij is gegraven om overtollig water uit het gebied af te voeren.

Als we het bos weer induiken laten we de lus naar Doldersum links liggen en maken een doorsteekje om bij het Doldersummerveld de lus naar Zorgvlied weer op te pakken. Juist op dit moment breekt de zon echt door, waardoor het uitgestrekte veld er prachtig bij ligt. Het gele gras met af en toe een kale boom steekt mooi af tegen de blauwe lucht. Als de heide in bloei staat, zal het helemaal mooie vergezichten opleveren. Het Doldersummerveld is een van de grootste en rijkste heidevelden van Drenthe.

We komen enkele wandelaars tegen, maar voor een zonnige zondagmiddag vind ik het erg meevallen met de drukte. Via een stuk heideveld waar een ware kaalslag lijkt te hebben plaatsgevonden – we zien alleen nog maar stronken en enkele takken – beginnen we aan ons laatste stuk terug naar Zorgvlied. Onderweg komen we jaloersmakende mooie vakantiehuisjes tegen. Een paar blijken ook te huur te zijn, hier moeten we ons maar eens in verdiepen. Al kletsend lopen we over de Keukenlaan, zien op de routebeschrijving iets met een afslag en slaan af. Als we bij het erf van een boerderij uitkomen, blijken we een afslag te vroeg te hebben genomen. Uiteindelijk komt dit wel goed uit, nu komen we een bankje tegen om de meegebrachte thee en koffie te nuttigen.

Leuke vakantiehuisjes onderweg

Het loopt tegen drieën, maar het voelt als het einde van de middag als Zorgvlied weer in zicht komt. De zon is inmiddels verdwenen en om ons heen begint het al donkerder te worden. Bij de kerk staan onze auto’s. We spreken af om dit vaker te doen. We hebben al een route: de tweede lus van deze Knapzakroute bij Doldersum.

Benieuwd naar de andere knapzakroutes die ik gelopen heb? Je vindt ze hier.

Herfstwandeling op de Hondsrug bij Odoorn

Route: Groene Wissel Odoorn: De Grafheuvels van Exloo
Afstand: 14 km
Start: Centrum Odoorn
Eind: Centrum Odoorn

Op een regenachtige zondag rijden we naar het Drentse Odoorn voor een rondwandeling in de glooiende omgeving. Op deze eerste dag van een korte vakantie in Groningen willen we ook nog een Drentse wandeling meepikken. Helaas zijn de weersvoorspellingen niet al te best. De regenponcho’s zitten boven in de rugzak, just in case.

We parkeren de auto in het centrum van Odoorn, vlakbij de witte Margarethakerk. Na enkele straten lopen we het dorp uit. We wandelen langs het open veld en het modderige pad waarover we aan het einde van de wandeling – helemaal doorweekt – weer teruglopen. Bij het Odoornerzand duiken we het bos in. Aan het begin van het pad staat een gedicht in het Drents. Het roemt de mooiste streep door het Drentse land: “de weg van Eksel (Exloo) hen Odoorn”

Exloo: laat dat nou precies de richting zijn waar we heen gaan. Alleen nemen we een alternatief pad. Een flink stijgend en dalend pad door een afwisselend landschap van velden, bossen, struiken en heide. Het zonnetje breekt door en licht het geheel nog eens extra uit: het felgroene mos, de robuuste stammen, de vele paddenstoelen (waaronder een koraalzwammetje). De vogels kwetteren naar hartenlust. Prachtig.


Als kers op de taart verschijnt daar het Molenveld, een uitgestrekt heideveld. Als de heide in bloei staat, is dit vast één grote paarse deken. We zien in de verte een bankje, een goed plekje voor koffie. Maar we zien ook een dreigende lucht, waar niet lang daarna regen uit begint te vallen. We trekken onze poncho’s aan en laten het bankje voor wat het is. Aan de rand van het heideveld verschijnt een grote regenboog.

Het Molenveld met een dreigende lucht en regenboog

We doorkruisen het heideveld en lopen over landweggetjes tussen “bollende esakkers” (zoals de omschrijving aangeeft) naar Exloo. Daar verruilen we de koffie uit de thermoskan voor echte cappuccino met lekkers. Het is inmiddels lunchtijd en we zijn niet de enige die op deze regenachtige zondag heeft besloten hier wat te gebruiken.

Na de koffie lopen we aan de andere kant van Exloo het dorp weer uit. De zachte regen is inmiddels overgegaan in een heftiger variant. We lopen richting een (hopelijk wat droger) bos, maar wandelen de eerste kilometers door het open veld. De glooiende akkers met kool liggen er mooi bij. Zelfs bij deze flinke regenbui. We wandelen langs drie grafheuvels en bereiken dan toch de bosrand.

Onze broeken zijn doorweekt als het weer eindelijk wat opklaart. De zon breekt door en wij wandelen het Hunzebos in. De route gaat over een smal slingerend paadje langs een drooggevallen bosbeekje. Dat dit paadje ook een mountainbikepad is, vinden we niet zo ideaal. Er is weinig uitwijkruimte. Gelukkig houdt de regen de MTB-ers binnen en hebben we het pad voor ons alleen.

Een prachtig mountainbikepad

We blijven door het bos lopen totdat het slechts een smal strookje bomen is. De schapen die over de velden dwalen, kijken ons onverschillig aan. Wandelaars (zelfs doorweekte) zien ze waarschijnlijk elke dag. De regen doet inmiddels weer zijn best. Over akkerwegen komen we uit bij Odoorn. We zijn blij als we in onze droge auto kunnen stappen. Ondanks de regen was het een prachtige wandeling.

Benieuwd naar de andere Groene Wissels die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Pieterpad etappe 8: Coevorden – Hardenberg

Route: Pieterpad
Afstand: 19 km
Start: Station Coevorden
Eind: Station Hardenberg

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Op een stralende zondagmorgen in juli zetten we de auto bij station Hardenberg. Met mijn mondkapje in de aanslag stap ik voor het eerst in maanden weer in een trein. Het is nog geen 9 uur en we zijn de enige reizigers in de coupé. Ik had wel wat Pieterpadders verwacht. Het is ideaal wandelweer.

In Coevorden stappen we uit op bekend terrein. Hier stonden we vorige maand ook. Ditmaal nemen we geen koffie bij de bakker, maar gaan meteen op pad. We verwachten in Gramsbergen, dat halverwege de etappe ligt, wel een horeca-gelegenheid te vinden. Langs een voormalig station uit 1910 van de Dedemvaartsche Stoomtramweg Maatschappij – de tramdienst werd in 1947 opgeheven – lopen we Coevorden uit.

Voormalig station DSM, rechts van de slagboom

Al snel bevinden we ons op een onverhard pad in de richting van de Poort van Drenthe, een kunstproject van zwerfkeien uit 2005. Van Coevorden is niets meer te zien, we lopen midden in de natuur en zijn dicht bij de grens met Overijssel. Een meneer met een hond komt ons tegemoet en zit duidelijk niet verlegen om een praatje. Hij loopt hier elke dag, vertelt hij, en komt vrijwel altijd Pieterpad-wandelaars tegen. Voorheen moest hij ze vaak de weg wijzen omdat de route niet duidelijk was. Hij heeft zelfs eens een paar verdwaalde en uitgeputte wandelaars, die het Pieterpad van zuid naar noord liepen, met de auto naar het station gebracht. Gelukkig is de markering nu beter.

Poort van Drenthe

Er komen twee andere wandelaars aan. “Ga maar snel verder” zegt de meneer tegen ons, “dan hou ik hen wel aan de praat, zodat jullie een voorsprong kunnen opbouwen.” Hoewel het natuurlijk geen wedstrijd is, willen we wel weer verder en maken dankbaar gebruik van zijn aanbod. Als we een paar honderd meter verder nog even achterom kijken, zien we de twee wandelaars in een gesprek verwikkeld met de hondenuitlater. We hebben hen niet meer gezien.

De omgeving trekt onze aandacht. Het pad is prachtig. Over kleine onverharde paadjes lopen we tussen wilde bloemen langs de waterkant en koren-, aardappel- en maisvelden door. De weerspiegeling van de Hollandse luchten in het gladde wateroppervlak maken het plaatje compleet.

Het zomerse weer zorgt voor mooie plaatjes

Na wat verharde wegen, omzoomd door eikenbomen komen we bij De Haandrik, een ‘spaghetti’-kruispunt (aldus het boekje) van de Vecht, verschillende kanalen en een spoorlijn. Langs de kanten zitten veel Duitse vissers, als ik de nummerborden op hun auto’s mag geloven. Duitsland is niet ver weg. Het is naast heerlijk wandelweer blijkbaar ook prima visweer. En uiteraard goed fietsweer: wielrenners, e-bikers, maar ook motorrijders rijden in groten getale voorbij.

De Vecht bij het spaghetti-knooppunt

Over een rustig weggetje lopen we in niet al te lange tijd naar Gramsbergen. Aan het begin van de plaats zien we aan het water een terras. De vele rugzakken en wandelschoenen wijzen op mede Pieterpad-wandelaars. Uiteraard nemen we hier ook even pauze. Naderhand blijkt dit een goede beslissing. In het kleine centrum van Gramsbergen vinden we naast een bronzen beeld van Pieterpad-wandelaars alleen maar lege terrassen. De horeca blijkt gesloten.

‘Pieterpad’ van Nelleke Allersma (1996)

Na Gramsbergen komen we in Ane. Een plaats met een geschiedenis. Hier vond de slag van Ane plaats toen in 1227 de Drenten o.l.v. de heer van Coevorden in opstand kwamen tegen de bisschop van Utrecht. De bisschop overleefde deze slag niet. De jongen van de bakker in Coevorden vertelde tijdens de vorige etappe ook trots dit verhaal over ‘zijn’ Coevorden. Ik kende de slag van Ane ook van het Christoffelpad, dat ik vorig jaar liep. Ik wandelde toen door Zwartewatersklooster (een buurtschap bij Hasselt in Overijssel) waar ooit een klooster is gebouwd als boetedoening voor de omgekomen bisschop. Ook schijnen er ridders begraven te liggen, die gesneuveld zijn in de slag. Van zowel het klooster als de riddergraven is in Zwartewatersklooster nu niets meer te zien.

Monument Slag bij Ane

Het is tijd voor de lunch als we een bankje spotten aan de Aner Esch. In het zonnetje eten we ons brood op en groeten alle langskomende fietsers (en dat waren er nogal wat). We wandelen verder door het Engelandsche Bos dat groeit op een afgesneden Vechtmeander. Ik lees in het boekje dat de naam Engeland weideland betekent en komt van het nabijgelegen buurtschap Engeland.

Na het bos zigzaggen we naar Hardenberg. Het laatste stuk lopen we aan de voet van de Vechtdijk en steken dan de rivier over. In Hardenberg verlaten wij de route, die verder loopt in de richting van Ommen. Wij wandelen door het centrum naar het station. Ook hier is er nergens een terrasje open. Ligt het aan de zondag? In ieder geval niet aan het weer, dat was vandaag prachtig.

Hardenberg aan de Vecht

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Wandelen in het Reestdal

Route: Trage Tocht Oud Avereest: Reestdal, Takkenhoogte en Meeuwenveen
Afstand: 13 km
Start: Bezoekerscentrum De Wheem, Oud Avereest 22 in Oud Avereest
Eind: Bezoekerscentrum De Wheem, Oud Avereest 22 in Oud Avereest

Bruggetje over de Reest

Op de grens van Overijssel en Drenthe stroomt de veenbeek de Reest. Het is een van de weinige riviertjes in Nederland dat nog sterk meandert. Door het welhaast ontbreken van menselijk ingrijpen is het landschap in het beekdal behouden gebleven, waardoor je nu door een eeuwenoud cultuurlandschap loopt.

Ik kende het Reestdal van naam, maar had er nog nooit gewandeld. Op een druilerige en winderige zondag in juli beginnen we aan de Trage Tocht Oud Avereest die een rondje van 13 kilometer door het gebied maakt. Als we een paar honderd meter van het bezoekerscentrum verwijderd zijn, lopen we al tussen de velden. Terwijl we uitkijken over de deinende korenaren en korenbloemen, lezen we op een aantal panelen over de verschillende gewassen die in dit gebied te vinden zijn, zoals spelt, zomertarwe en boekweit.

Tussen de velden valt genoeg te lezen

Niet veel later steken we de Reest over en wandelen we Drenthe in. Onder laaghangende eikenbomen lopen we langs een uitgestrekt heideveld waar schapen grazen. In de open vlakte steken de majestueuze bomen duidelijk af tegen de dreigende lucht. Wat is het hier prachtig, zelfs bij dit weer!

We steken een weg over en komen in het gebied Takkenhoogte-Meeuwenveen. Je vindt hier een oeverzwaluwwand en vanaf een kijkheuvel heb je een mooi uitzicht op het gebied. Op een bankje op die heuvel drinken wij onze meegebrachte koffie. Beneden ons, op het pad, horen we stemmen van voorbij rennende hardlopers en van een gezin met twee enthousiaste jongetjes. Wij zien ze vanaf deze plek goed. Zij ons niet.

Uitzicht vanaf de kijkheuvel

Verderop grazen Schotse Hooglanders. Als we langslopen, merken ze ons nauwelijks op. Het pad gaat verder door een bos en over heidevelden. Als de heide echt in bloei staat, zal het hier een paarse zee van bloemen zijn. Op een afstandje zien we het Meeuwenveen liggen. Ooit zat hier een grote kokmeeuwenkolonie. Deze is allang verdwenen, maar de naam is gebleven. Het ven is een zogenaamde pingoruïne, in de ijstijd was dit een ijsheuvel. Toen de temperaturen omhoog gingen, is de laag aarde met het smeltwater van de ijsheuvel afgegleden. Hierdoor ontstond er een aarden wal rond de heuvel. Toen ook de ijskern smolt, bleef er een vennetje achter binnen de wal.

Takkenhoogte

Als ik de informatie lees over de pingo, vliegt er opeens een kleurige vogel voorbij. Mijn medewandelaar heeft de verrekijker al in de aanslag en herkent de vogel met de lange staart, het zorro-masker, de grijze kop en de roodbruine vleugels als de grauwe klauwier. Die hadden we nog niet eerder gezien! Een telefonerende hardloper komt nietsvermoedend aanlopen waardoor de vogel opvliegt en verdwijnt.

Ook wij lopen maar weer door over bospaden en langs graanvelden. Voor het buurtschap Den Huizen passeren we de Reest opnieuw. Het smalle watertje staat vol waterplanten. Het is een prachtig riviertje om te kanoën, maar we vragen ons af of dat wel mag. Iets om uit te zoeken.

De Reest

De route wordt drukker. We komen in de buurt van campings en regelmatig moeten we uitwijken we voor gezinnen met kinderwagens, hondenuitlaters en een enkele hardloper. Het pad maakt een lus door het bos, waarna het nog een klein stukje is naar ons beginpunt. Inmiddels is er een voorzichtig zonnetje doorgebroken, waardoor er meer vlinders actief worden. Een koolwitje en een bont zandoogje blijven geduldig zitten voor de foto.

Bont zandoogje

De parkeerplaats bij het bezoekerscentrum is een stuk drukker geworden. En geef de wandelaars eens ongelijk. Het is een prachtig gebied om er op uit te trekken. Niet in de laatste plaats met behulp van deze wandeling, die zich met recht een trage tocht mag noemen. Trage tochten zijn natuurwandelingen waarvan minimaal 70% over onverharde paden gaat. Ik denk dat deze tocht wel in de buurt van de 100% komt. Deze gevarieerde wandeling is een echte aanrader.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Pieterpad etappe 7: Sleen – Coevorden

Route: Pieterpad
Afstand: 23 km
Start: Sleen centrum
Eind: Coevorden station

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Bloeiende aardappelvelden onderweg

Sinds half maart heb ik geen langeafstandswandelingen meer gedaan. De etappes lopen over het algemeen van A naar B en openbaar vervoer is nu geen optie. Dit is zeker geen noodzakelijke reis. Hoe kom je dan weer thuis of bij je auto? Wij probeerden tijdens deze etappe de auto-fiets-auto combinatie uit en het beviel ons uitstekend. Het van A naar B-wandelseizoen is weer geopend.

Op een zonnige zaterdag parkeren we de auto bij station Coevorden en pakken de fietsen van de auto om richting Sleen te fietsen, 16 km verderop. Het is 8 uur en we speculeren over een open koffietentje in Sleen. Te vroeg, concluderen we. We zijn 200 meter van de auto als we op een oud Van Gend & Loospand het bord Slagter, de echte bakker zien staan. En nog belangrijker, de mededeling dat ze open zijn. Elke doorgewinterde wandelaar weet dat als er een koffiegelegenheid op zijn of haar pad komt hij of zij deze moet grijpen. De volgende is vaak verder weg dan je wil.

Vlakbij de bakker vinden we een kwatrijn van Jean Pierre Rawie

We nemen plaats op het terras. Als de medewerker de cappuccino brengt, zit hij niet verlegen om een praatje. Hij vertelt dat het hele stationsgebied net twee weken geleden is opgeleverd, evenals het kunstwerk waar we op uitkijken. “Het zijn de contouren van de stadsgracht” legt hij uit, wijzend naar het blauw-gouden hoekige lint dat uit een vijvertje omhoog steekt. Hij vindt het gebied erg mooi geworden. En weten we dat Coevorden de enige echte stad van Drenthe is? Met een heus kasteel. In de middeleeuwen hebben de Drenten o.l.v. de heer van Coevorden toch maar mooi de bisschop van Utrecht verslagen. “De slag bij Ane” reageer ik enthousiast, zoals ik net in het wandelboekje had gelezen. “Jaja” zegt de jonge jongen, alsof dat een feitje is dat elk willekeurig mens paraat heeft.

Na deze les geschiedenis stappen we weer op de fiets. We willen vandaag immers nog wandelen. In een klein uurtje fietsen we naar Sleen, waar we de fietsen parkeren en aan de etappe beginnen. Over een lange weg lopen we het mooie dorpje uit. We komen op een onverhard pad langs een akker. In de berm bloeien wilde bloemen in allerlei kleuren. We lopen richting een van de velen vaarten die we deze etappe tegenkomen: de Jongbloedvaart. Bekend terrein voor ons. Hier fietsten we deze ochtend ook.

Na een brug verkennen we de andere zijde van de vaart. Het boekje rept over een zandpad, maar al wat wij zien is een groene jungle. Het pad is redelijk overwoekerd. Na deze wildernistocht komen we uit bij de Verlengde Hoogeveensche Vaart.

Over overwoekerde paden

Tot onze verbazing varen er meerdere grote motorboten op het niet al te brede water. De drie bruggen die we tijdens de daarop volgende kilometers tegenkomen, worden allen bediend door dezelfde bruggenwachtster. Met haar elektrische fiets is ze net op tijd bij de volgende brug om hem open te doen voor steeds hetzelfde motorjacht. Een van de bruggen heeft de naam Hoolbrug. Het is een originele draaibrug en heeft nog een authentiek brugwachtershuisje.

De Hoolbrug en brugwachtershuisje

De route gaat verder naar Den Hool, een mooi gelegen gehuchtje met een kleine brink. We komen hier een paar wandelaars tegen die voor ons liepen en nu neergestreken zijn bij een theeschenkerij. Wij teren nog op de koffie van de bakker en lopen verder. We wandelen langs velden vol koren en bloeiende aardappelakkers. Tot ook wij in Dalerveen de koffie met lekkers niet kunnen weerstaan.

Korenvelden

Na de koffie vervolgen we onze weg over de Oude Dalerveensestraat, een lange weg met hoge bomen. We kruisen het Nieuwe Drostendiep en het Oude Drostendiep. Deze laatste ligt er een stuk aantrekkelijker bij. De bloeiende gele plomp in het water helpt ook mee. Verderop, midden in de natuur, komen we langs een Joodse begraafplaats die in de 18e eeuw gesticht is voor de kleine Joodse gemeenschap van Dalen. Het ligt op een heuveltje en lijkt goed onderhouden. We zien slechts 1 grafsteen. In 2003 is er sinds decennia weer iemand begraven.

Joodse begraafplaats van Dalen met helemaal rechts de nieuwe grafsteen

Een gedicht van Bertus IJdens geeft in het Drents en Nederlands een inkijkje in de geschiedenis van deze plek.

Straatgedicht van Bertus IJdens

Na de begraafplaats wandelen we verder over een schelpenpaadje en komen bij het bekende vakantiepark De Huttenheugte uit, waarnaast ook Plopsaland Indoor gevestigd is. Maya de Bij kijkt ons na als we het park de rug toekeren en onze weg vervolgen. Vlak bij Coevorden krijgen we weer te maken met een pad dat voornamelijk uit hoge grassen bestaat. Zonder machete weten we ons ook hier een weg te banen en bereiken het Stieltjes kanaal, dat dwars door Coevorden loopt.

Over een beschaduwd pad langs het water lopen we de ganzenstad binnen. Net als Oxford heeft de plaats haar oorsprong in de doorwaadbare plaats (vorde of ford) voor koeien/ossen. Door een park volgen we een tijdje de contouren van de gracht. We zien een opvallende watertoren en dan het kasteel. Met de woorden van de bakkermedewerker in gedachten nemen we er een kijkje. Het is nu een hotel. ‘Slapen in het enige kasteel van Drenthe’ had als slogan niet misstaan.

Het enige kasteel van Drenthe

In het park, bij het kasteel maar ook bij het station komen we straatgedichten tegen. De kwatrijnen van Jean Pierre Rawie staan op 10 historische plekken in de stad en vertellen over de geschiedenis. Eigenlijk net als bij de bakker vanochtend. Ze behoren tot het project ‘Scherven van een stad’.

5 van de 10 kwatrijnen in Coevorden

En dan bereiken we weer het station en daarmee de auto. Ons rest nog een autoritje naar Sleen, om de fietsen op te halen. Die auto-fiets-auto combinatie bevalt goed en schept mogelijkheden. Onderweg naar Sleen begint de voorpret al voor de volgende wandeling. Alle langeafstandspaden, streekpaden en wandelnetwerkpaden die ik aan het wandelen ben, passeren de revue. Welke wordt de volgende?

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Pieterpad etappe 6: Schoonloo – Sleen

Route: Pieterpad
Afstand: 24 km
Start: Bushalte Rotonde, Schoonloo
Eind: Sleen centrum

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Pieterpadbankje

Een half uur voordat de bus vertrekt, parkeren we de auto in het centrum van Sleen. We waren die ochtend op tijd vertrokken om maar niet de bus, die één keer per uur gaat, te missen. In de tijd die we nu over hebben, drinken we een cappuccino bij de bakker. Achter een stellage met koeken is een plekje ingericht waar net twee mensen naast elkaar kunnen zitten aan een hoge tafel. Een prima begin van de dag.

Bij de bushalte is het knap koud. Dat vindt de oude mevrouw ook die we daar treffen. Zij gaat voor het eerst sinds 50 jaar weer met de bus. Nu haar man overleden is, is ze aangewezen op het openbaar vervoer. Ze heeft geen rijbewijs. We horen alles over hun wandelvakanties in de bergen – “dat is toch veel mooier dan hier?!” en wenst ons een goede wandeling als ze een dorp verderop uitstapt.

In Schoonloo verlaten ook wij de bus en lopen via het café, waar ik bijna anderhalf jaar geleden mijn eerste Pieterpad-etappe eindigde, het dorp uit. Al snel komen we in het bos terecht, waar dennenbomen in lange rijen staan. Langs het modderige pad liggen boomstammen netjes opgestapeld. Gedurende de hele etappe zullen we voornamelijk in het bos lopen.

Het heeft flink geregend de laatste tijd …

We komen langs De Tweelingen en de Meeuwenplassen, drassig hoogveen waar zeldzame plant- en diersoorten voorkomen. Als we achter ons stemmen horen, denk ik eerst aan Pieterpad-wandelaars. Maar het blijken mountainbikers. Een hele hoop. Voornamelijk mannen van middelbare leeftijd. Wij doen snel een paar stappen opzij en laten ze door. Ze groeten allemaal vriendelijk en slaan dan af naar een pad waar wij niet heen hoeven. We denken hier mooi vanaf te zijn gekomen, maar dit waren niet de laatste mountainbikers van vandaag.

Meeuwenplassen

Als we verder lopen over de bospaden valt het op dat velen verhard zijn met kleine keitjes. Dit zijn flintenwegen, lees ik in het boekje. Flinten zijn veldkeien die verzameld werden tijdens de heideontginningen in de jaren 20 en 30 van de vorige eeuw. Ze werden o.a. gebruikt om de Drentse bospaden te verharden. Je ziet ze dan ook in veel Drentse bossen.

Flintenweg

De route gaat verder over het Orvelter veld en duikt dan weer de bossen in. Regelmatig kruist nu een mountainbikeroute ons pad. Af en toe lopen we zelfs hele stukken óver het mountainbikepad. Gelukkig komen we op die momenten geen mountainbikers tegen, hoewel we ze wel regelmatig in het bos zien. Ik kan me voorstellen dat dit soort shared-space-plekken op mooie zomerse dagen voor wat vervelende ontmoetingen kunnen zorgen. Op de smalle single track kom ik als wandelaar liever geen mountainbiker tegen, en als mountainbiker liever geen wandelaar.

Via een lange brede weg komen we bij het Oranjekanaal uit, steken dit over en duiken aan de andere kant weer het bos in. Daar vinden we een bankje in de luwte om ons brood op te eten. De harde wind maakt het ijzig koud vandaag, waardoor dit, na 15 km, onze eerste pauze is. Daar passeren ook de eerste andere Pieterpadders die we vandaag zien. Ze wensen ons smakelijk eten. Even later wensen wij hen hetzelfde. Zij hebben een kilometer verderop een bankje gevonden in het net doorgebroken zonnetje.

Brug over het Oranjekanaal

Niet veel later komen we langs het Pieterpadmonument. Bovenop een heuvel staan drie grote stenen op elkaar. In 2004 werd dit monument opgericht ter ere van de bedenksters van het Pieterpad: Bertje Jens (1913 – 2009) en Toos Goorhuis-Tjalsma (1915 – 2004). Zij zetten het pad uit tussen 1978 en 1983. Het bestaat dus al het grootste deel van mijn leven.

Pieterpadmonument

Na dit monument volgt er nog één, ditmaal als herinnering aan de Britse bommenwerper die hier in 1943 neerstortte. Restanten van het vliegtuig zijn verwerkt in het monument en beschreven met de namen van de 7-koppige bemanning die de crash niet overleefde.

Vliegtuigmonument

Hierna is het bosloze gebied niet ver meer. De laatste kilometers tot aan Sleen lopen we door open terrein over lange rechte fietspaden. De toren van Sleen zien we al van verre liggen. In het dorp warmen we ons op met een cappuccino. Een goed begin en einde van een boomrijke etappe.

Kerktoren van Sleen

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Pieterpad etappe 3: Groningen -Zuidlaren

Route: Pieterpad
Afstand: 21 km
Start: Station Groningen
Eind: Bushalte op de Brink in Zuidlaren

De Sint Pietersberg is nog een heel eind

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes in Drenthe met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Het is een frisse en zonovergoten herfstdag als ik mijn collega ontmoet op station Groningen. We moeten hoognodig bijpraten en wat is nu een betere gelegenheid dan tijdens een wandeling. Mijn collega woont al tientallen jaren in Groningen en weet veel over de wijken, gebouwen en kunstwerken waar we langskomen. Hoewel ik zelf 7 jaar in de stad heb gewoond, hoor ik veel nieuwe dingen. Ideaal om met een local op pad te gaan.

Vanaf perron 2a komen we via een trap op het viaduct over het spoor. Vanaf daar volgen we het Hoornsediep de stad uit. We zien studenten van de roeivereniging Gyas zich klaarmaken om het water op te gaan en komen even verderop een aantal roeiboten in actie tegen. Een mooi gezicht in de stralende herfstzon.

Studentenroeivereniging Gyas

Dan wijst mijn collega op de hoogspanningsmast met vlammetjes die in de verte te zien is. Iedereen die wel eens Groningen genaderd is over de A28, kent dit kunstwerk. In 1990 bestond de stad 950 jaar en kreeg 10 stadmarkeringen aan de belangrijkste toegangswegen op de grens van de stad. De hoogspanningsmast heet de ‘Gate Tower Clio’ en is gemaakt door Kurt W. Forster. Het laat 2 vormen van energie bij elkaar komen: elektriciteit en gas. De 7 gasvlammetjes staan voor de weekdagen. Op de eerste dag van de week gaat de eerste aan, op de tweede de tweede, totdat alle 7 aan zijn, aan het einde van de week.

Een bekende stadsmarkering

We komen bij het Hoornse Meer uit en besluiten een extra lusje te pakken langs het water. Het is een plaatje. Tegen de strakblauwe lucht staat de molen ‘De Helper’ er fier bij, geflankeerd door de bomen in herfsttooi aan de overkant. Even verderop gaan twee kano’s te water. Warm aangekleed is dit een prachtige dag om te gaan kanoën.

Molen ‘De Helper’ aan het Hoornse Meer

Haren is niet ver meer. We passeren de plaats langs de rand. De omgeving verandert. Je merkt dat je echt op de Hondsrug loopt en richting Drenthe gaat. We laten Glimmen rechts liggen en komen via een hoge trap op een viaduct over het spoor. Via het Tranendal (ik vraag me dan af hoe zo’n weg aan zo’n naam komt?) komen we in het natuurgebied en voormalig militair oefenterrein Appèlbergen terecht. Het is inmiddels lunchtijd en ergens is hier een pannenkoekenrestaurant. We verlaten de route en m.b.v. Google Maps vinden we via kleine paadjes het restaurant.

Wij gaan door een tranendal …

De pannenkoek smaakt goed en voldaan pikken we de route weer op. Aan de rand van het Noordlaarder Bos komen we zowaar een straatgedicht tegen. Op een grote steen staat een gedichtfragment van Vasalis:

Tijd

Ik droomde dat ik langzaam leefde
langzamer dan de oudste steen

Vasalis

Hoe toepasselijk en onverwacht zo middenin de natuur!

Vasalis bij het Noordlaarder Bos

Langs een mooi gelegen Nivon natuurvriendenhuis vervolgen we onze weg naar Zuidlaren. We lopen nu voornamelijk door open land waar de suikerbieten welig tieren. Die gaan binnenkort naar de befaamde suikerfabriek in Groningen. Dan komen we in Zuidlaren. We maken een omweggetje langs het kerkje waar mijn collega is getrouwd. Het ligt er idyllisch bij met de laagstaande zon, de verkleurende bomen en de omgeving van de Kerkbrink. Ik kan me voorstellen dat dit een populaire trouwlocatie is.

Kerkje in Zuidlaren

Dan komt de Brink weer in zicht. Het is alweer een jaar geleden dat ik mijn auto hier parkeerde toen ik begon aan de etappe Zuidlaren – Rolde. Nu nemen we er de bus terug naar Groningen. Het was een mooie en gezellige dag. En ik ben veel informatie rijker die ik als solo-wandelaar zeker niet te weten was gekomen. Op naar de volgende etappe!

De herfst op haar mooist

De etappe loopt door een zeer gevarieerd landschap

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 21: Beilen – Kamp Westerbork

Route: Westerborkpad
Afstand: 20 km
Start: Station Beilen
Eind: Kamp Westerbork (en terug naar Hooghalen)

Op 4 mei, de dag waarop Nederland stilstaat bij o.a. de Nederlandse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog, lopen wij de laatste etappe van het Westerborkpad. Een toepasselijke dag voor de afsluiting van een historisch interessante, af en toe indrukwekkende, en zeker ook mooie route door vijf provincies. Anderhalf jaar geleden begonnen we op Amsterdam Centraal aan de wandeling en haalden bij de Hollandsche Schouwburg – de daadwerkelijke start van het pad – onze eerste stempel. Nu prijkt er een tweede stempel in het boekje, van Herinneringscentrum Kamp Westerbork.

We beginnen de dag in Hooghalen waar we de auto parkeren en een 8-persoonsbusje nemen naar Beilen, het begin van deze etappe. Het weer is afwisselend en dikwijls dreigen donkere luchten met regen. Het blijft gelukkig, op een buitje na, bij een dreiging. De winterse buien die voorspeld zijn, vallen niet in dit gedeelte van Nederland. Fototechnisch is het ideaal weer, de wolkenluchten met felle zon leveren mooie plaatjes op.

Bij de bushalte in Hooghalen nemen we de bus naar Beilen

Vanaf het station lopen we langs de Domo fabriek richting centrum en over het terrein van psychiatrische inrichting Beileroord. De route slingert over het grote terrein dat vlak langs de spoorlijn ligt. Niet de meest ideale plek voor een dergelijke instelling. Zouden hier vaak mensen voor de trein springen?

We komen langs een Joodse begraafplaats die nu midden in een woonwijk ligt. Het grenst aan een speeltuin en ligt verdekt opgesteld. Pas na een paar honderd meter merken we dat we er al voorbij gelopen zijn. In 1941 telde de Joodse gemeenschap Beilen 64 leden. Van alle Joden die zijn weggevoerd, keerde niemand terug. Enkele Joodse inwoners overleefden de oorlog door onder te duiken.

De Joodse begraafplaats Beilen ligt nu midden in een woonwijk

En dan lopen we Beilen uit en volgen een lange weg langs het spoor. We kruisen het Oranjekanaal waar we met het Jacobspad ook langsliepen. Dit kanaal werd o.a. gebruikt om voedsel, bouwmaterialen, maar ook neergeschoten vliegtuigen te vervoeren naar Kamp Westerbork. Deze vliegtuigen werden in het kamp ontmanteld. In april 1945 was dit kanaal de laatste hindernis voor de Canadezen, voordat zij Kamp Westerbork konden bevrijden. Op dat moment waren hier nog 876 Joodse gevangenen.

Oranjekanaal

De weg tot aan Hooghalen gaat deels door het heuvingerzand, een natuurgebied met bos en heide. De bomen beschermen ons tegen de buitjes die af en toe vallen. Tot aan Hooghalen lopen we langs het laatste stuk spoorlijn van deze wandeling en komen we langs de plek van het voormalige treinstation van Hooghalen. Tot november 1942 was er nog geen directe spoorverbinding met het kamp en vertrokken en arriveerden hier de deportatietreinen. Vandaag de dag is hier niets meer van te zien, het stationsgebouw is in 1960 gesloopt.

De spoorlijn bij Hooghalen

In Hooghalen trakteren we onszelf op koffie met een ambachtelijk gebakje bij de dorpsbakker, voordat we aan het laatste gedeelte van de etappe beginnen. Als de buien overgedreven zijn, lopen we via een bungalowpark over een bospad naar Kamp Westerbork. Het is er verlaten, wat ons aan het denken zet over wat zich hier in deze bossen allemaal heeft afgespeeld.

En dan zien we de vele auto’s en bussen op de parkeerplaats van het Herinneringscentrum. Ik weet niet hoe druk het hier normaal is, maar ik kan me voorstellen dat deze plek op een dag als vandaag wel wat meer mensen trekt. Om ons heen horen we naast Nederlands en Fries, ook veel Amerikaans. In het Herinneringscentrum halen we het certificaat: we hebben het Westerborkpad nu echt afgerond. Ook krijgen we hierbij een speldje van het gestileerde prikkeldraadje, symbool van dit pad en Kamp Westerbork. Uiteraard antwoorden we bevestigend als de baliemedewerkster vraagt of we ook een stempel willen in ons boekje.

Een certificaat, een speldje en een stempel

We leggen de laatste kilometers af naar de plek van het kamp zelf. Overal is men bezig met de voorbereidingen voor de herdenking van vanavond. Paden zijn afgesloten met paarse linten en auto’s rijden af en aan. Langs de weg staan op gelijke afstand van elkaar palen met bordjes. Op elk bordje staan de details van een transport dat vertrok uit het kamp: de bestemming, de datum en het aantal mensen. Confronterend om kilometers lang elke paar meter zo’n paal te zien. In totaal zijn er 93 treinen vertrokken met meer dan 107.000 mensen.

Een van de 93 palen, voor elk transport één

Onderweg komen we langs het Bos van de Toekomst. Hier kunnen mensen een boom planten ter herdenking aan een overleden dierbare of als markering van een geboorte, huwelijk of jubileum. Bordjes bij de bomen geven een korte toelichting. Bij Zwolle waren we ook al een dergelijk bos tegengekomen. Dit bos is vele malen groter.

Een boom in het Bos van de Toekomst

Bij het kamp komen we langs de ‘Tekens in Westerbork’. Deze vijf sarcofagen vermelden de kampen waarheen de gevangenen uit Kamp Westerbork gedeporteerd werden, het aantal gevangenen en het aantal overlevenden.

Tekens in Westerbork

Dan doemt daar het beroemde kampcommandantshuis op. Onder glas is het huis bewaard gebleven van Albert Gemmeker, van oktober 1942 tot en met april 1945 commandant van Kamp Westerbork. De groene verf bladdert af, hier en daar staat een raam open, een rafelig gordijntje hangt naar buiten.

Het kampcommandantshuis

Via de slagboom en roestig prikkeldraad lopen we het kampterrein op. Het is een uitgestrekte vlakte met diverse monumenten. Zo zijn er de 102.000 stenen op de voormalige appelplaats van het kamp. Binnen de contouren van Nederland staat elk steentje voor de moord op een mens. Foto’s geven de mensen een gezicht. Op de achtergrond verheffen zich de schotels van de radiosterrenwacht. Indrukwekkend.

De 102.000 stenen

We lopen verder langs een barak, een voorbeeld van een wagon en uitvergrote briefkaarten die mensen vanuit het kamp verstuurden of zelfs uit de trein wierpen in de hoop dat iemand hem zou posten. De berichten als ‘wij gaan op reis’ en ‘we houden ons flink’ zijn extra schrijnend voor de bezoekers van nu, die weten wat er gebeurd is.

Briefkaarten die verstuurd zijn uit Kamp Westerbork

En dan is daar het symbool van het kamp: de omgebogen spoorlijn. Dit is de plek waar vanavond de herdenking wordt gehouden. Cameramensen zijn druk bezig de boel in te richten. Het podium staat er al en het geluid wordt getest. Een jongetje balanceert op de rails. Voor hem is dit een grote speeltuin. Op de achtergrond is de wachttoren een stille getuige van wat hier zich heeft afgespeeld.

Wij sluiten hier het Westerborkpad af. Weer een langeafstandswandeling afgerond. Een met veel historie ditmaal. En uiteraard ook natuurschoon, hoewel niet iedere etappe even mooi was. De rode draad blijft nu eenmaal de spoorlijn. Ik vond het een mooie combinatie en kan deze LAW dan ook iedereen aanraden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je alle verhalen over de etappes.