Elke Maand Een … | Het klooster van Rheine

Elke Maand Een: Museum
Museum: Kloster Bentlage
Waar: Rheine, Duitsland

Toegang naar Kloster Bentlage

De dagen rondom de jaarwisseling brengen we door in het Duitse Teutoburgerwald, een bosrijk en heuvelachtig gebied tussen Osnabrück en Münster. We bezoeken Rheine en lopen drie Teutoschleifen. Dit zijn rondwandelingen die grenzen aan de Hermannshöhen, de langeafstandswandeling in het Teutoburgerwald, die van Rheine naar Marsberg loopt.

We beginnen ons lange weekend in Rheine, waar we het Klooster Bentlage willen bezoeken. In dit klooster is tegenwoordig een museum gevestigd met o.a. moderne kunst. Het ligt buiten het stadje en dus pakken we, na een rondje door het centrum van Rheine, de auto. Als we op een groot parkeerterrein aankomen, blijkt het klooster nog een eindje lopen. We volgen de bordjes en staan dan onverwacht te midden van oude vakwerkhuizen en hoge bouwwerken van takkenbossen.

Indrukwekkend gradeerwerk

We blijken op het terrein van de voormalige zoutwininstallatie terecht te zijn gekomen: het Salinenpark. Tot in 1952 werd hier zout geproduceerd. In de 18e en vroege 19e eeuw was zout uit Rheine een begeerd handelsgoed. Tegenwoordig staan de historische gebouwen er nog, met als blikvanger het gradeerwerk. Dit zijn twee hoge muren van takjes sleedoorn, waardoor men water laat sijpelen. Onder invloed van warmte, zonlicht en wind verdampt het water en neemt het zoutgehalte in het water toe.

Water sijpelt door takjes sleedoorn

Wij lopen er langs en verwonderen ons over deze verrassende bouwwerken. Een leuke bonus, onderweg naar het museum. Over een bospad komen we uiteindelijk bij het klooster uit. Het blijkt er verrassend druk. Dames in feestjurken, heren in pak, allemaal gaan ze de deur door en de lange gang in. In het klooster blijkt een bruiloft gaande. Maar “het museum is gewoon open”, verzekert een medewerkster ons, die achter de balie bij de ingang zit. Op haar aanwijzing lopen we door dezelfde lange gang en worden enthousiast ontvangen door de twee heren achter de museumbalie.

Kloster Bentlage

Een museumbezoek kost 5 euro per persoon, leggen ze uit, maar als we een kortingskaart hebben maar 3 Euro. De jongere man somt op waarmee we korting kunnen krijgen: een seniorenkaart, een studentenkaart, een vrienden van het kloosterkaart en nog veel meer. Verwachtingsvol kijkt hij ons aan. Ik moet hem teleurstellen, we zijn geen studenten meer, geen senioren en ook geen kloostervrienden.

Nadat we betaald hebben, komen we als eerste in een vleugel waar in zijkamers de geschiedenis van het klooster verteld wordt. Het klooster stamt uit 1437 en heeft in de eeuwen die volgden heel wat meegemaakt. De leden van de Orde van het Heilig Kruis stichtten het. De kruisheren voerden een bescheiden handel in de zoutwinning. In de 19e eeuw bouwde een adellijke familie het klooster om tot kasteel. Tegenwoordig is het een museum, kun je er overnachten, high teaën in het museumcafé en is het dus een trouwlocatie. Ook is het Europese Sprookjesgenootschap al meer dan 50 jaar in het klooster gevestigd.

Wat ons het meeste bijblijft van de tentoonstelling zijn de twee laatmiddeleeuwse relikwieëntuinen. In een duistere kamer worden twee enigszins lugubere voorstellingen uitgelicht. Honderden botten en schedels van heiligen zijn bijeengebracht en te midden van kunstbloemen om Jezus aan het kruis gerangschikt. Ze stellen het Hof van Eden en de Calvarieberg (Golgotha) voor. Op de stukjes perkament naast een relikwie is de naam van de heilige geschreven aan wie het botje ooit toebehoorde. De oudere heer van de balie is met ons meegelopen en vertelt dat elke relikwie een echtheidsverklaring heeft, voor zover dat mogelijk is. De twee ‘tuinen’ waren bijna bij het vuilnis beland.

Op de eerste verdieping is een wisselende tentoonstelling van moderne kunst. Op dit moment hangen er vele modernistische schilderijen van plaatselijke kunstenaars. Kubistische, expressionistische en dadaïstische werken wisselen elkaar af. De schilderijen komen mooi uit in deze bijzondere expositieruimte. Boven ons de oude balken van het museum en onder onze voeten donkere eeuwenoude, ongelijke planken. De werken hangen in de grote ruimte, maar ook in de oude cellen van de monniken. Door een rooster in een hoek van het vertrek komt een haardvuurgeur ons tegemoet. Er hangt hier een bijzondere sfeer, ik snap heel goed waarom dit een populaire expositieruimte is.

Op de eerste verdieping is een wisselende expositie

We zijn op dit moment de enige bezoekers en de oudere heer van de balie, die inmiddels ook naar boven is gekomen, popelt om wat meer te vertellen. Op mijn vraag of het altijd zo rustig is, vertelt hij enthousiast dat er dagen zijn geweest dat er wel 900 bezoekers waren. Waarom er nu bijna niemand is? “Ze zijn waarschijnlijk te druk met het voorbereiden van Sylvester”.

Als we weer bij de balie komen, blijkt dat we met het kaartje ook toegang hebben tot het Josef Wincklerhaus. Het geboortehuis van de auteur Josef Winckler (1881 – 1966) is nu een museum en blijkt op het salinenterrein te staan. Hoewel we de schrijver niet kennen, nemen we toch een kijkje in het kleine museum. Zijn bekendste werk blijkt de schelmenroman Der tolle Bomberg (1923) en zegt mij, om heel eerlijk te zijn, niets. Ik word echter wel nieuwsgierig als ik lees dat het boek inmiddels 750.000 exemplaren kent en verfilmd is.

Josef Wincklerhaus Rheine

En zo krijgen we bij ons bezoekje aan het klooster een uitgebreide geschiedenis van Rheine cadeau. Het klooster en het Salinenpark zijn zeker een bezoekje waard. Je kunt het combineren met de Naturzoo, de dierentuin van Rheine, die naast het park ligt. In het voorjaar en de zomer lijkt me dit een fijne plek om – zeker ook met kinderen – een middag door te brengen. En dat op nog geen half uur rijden vanaf de Nederlandse grens.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Advertenties

Elke Maand Een … 2019 (lustrum)

Lustrum
En toen werden we wakker in 2019. Een nieuw jaar met nieuwe uitdagingen. Ook voor de Elke Maand Een …- uitdaging. 2019 is wat dat betreft een lustrumjaar. In de afgelopen vier jaar blogde ik elke maand over de uitdagingen die ik mijzelf gesteld had dat jaar.

In 2015 bezocht ik elke maand een museum en schreef daarover. Het werkte erg motiverend, ook door de reacties op de stukken. Dat maakte dat ik in 2016 een nieuwe Elke Maand Een … – uitdaging aanging: Elke Maand Een Route, waarbij ik een bestaande route wandelde of fietste. Ook in 2017 en 2018 ging ik door met de uitdagingen, respectievelijk met Elke Maand Een Foto (met een verhaal) en Elke Maand Een Straatgedicht.

2019
Maar wat ga ik doen in 2019? Welke uitdaging stel ik mijzelf in dit lustrumjaar? Ik heb besloten om in 2019 alle eerdere Elke Maand Een …- categorieën aan bod te laten komen. Ik ga schrijven over musea, routes, foto’s en straatgedichten. Het streven is een gelijke verdeling van de categorieën over het jaar.

Hoog op het lijstje
Afgelopen jaren had ik de bedoeling om ook straatgedichten en musea in Zeeland te bezoeken. Dit is er niet van gekomen. Voor 2019 staat deze provincie daarom hoog op het lijstje. Ook het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam en de N70 Natuurroute in het Rijk van Nijmegen wil ik dit jaar zien/wandelen.

Jullie tips
Uiteraard ben ik benieuwd naar jullie tips. Welke musea moet ik echt bezoeken? Welke wandel- en fietsroutes zijn niet te versmaden (bijvoorbeeld in Zeeland) en is er een straatgedicht dat ik echt niet mag missen? De categorie Elke Maand Een Foto is ook voor mij nog een verrassing. Het is maar net wat tegenkom in 2019 (en vastleg op de gevoelige plaat).

Een overzicht van de blogposts voor Elke Maand Een … 2019 vind je hier.

Westerborkpad etappe 13: Rondwandeling ’t Harde – Elburg

Route: Westerborkpad
Afstand: 20 km
Start: Carpoolplaats ‘t Harde aan de A28
Eind: Carpoolplaats ‘t Harde aan de A28

In Elburg heb je leuke straatjes

Afgelopen weken was het zinderend heet. Geen wandelweer vonden we. Vandaag is er 29 graden voorspeld. Nog warm, maar met een windje en de schaduw van de bomen onderweg te doen, hopen we. Vanaf de carpoolplaats ‘t Harde aan de A28 gaan we op pad.

De eerste kilometers zijn goed te doen. We duiken al snel het bos in en de temperatuur is aangenaam. Na een kilometer of 3 zien we de A. Vogel Tuinen liggen. Deze omgeving is bekend terrein. Met de Groene Wissel ‘t Harde liepen we hier al eens eerder. Alleen zagen we toen de tuinen in het vroege voorjaar en waren ze vooral kaal. Nu bloeit alles volop. Wat een verschil.

De A. Vogel tuinen staan volop in bloei

Het is rustig en we besluiten een slinger door de tuinen te maken om daarna de route weer op te pakken. De planten staan er nog redelijk fris bij. Hier moet haast wel gesproeid worden. De tuinman die we even later tegenkomen, bevestigt dit. Ze sproeien ‘s nachts met grondwater. “Nu het nog mag” voegt hij eraan toe. “Er mogen wel meer buien komen zoals die bui van zaterdag, maar voorlopig zit dat er niet in”. Wij hopen met hem mee, wensen hem nog een prettige werkdag en verlaten de tuinen.

Groetjes!

Niet veel later komen we langs kasteel Zwaluwenberg, een statig landhuis. De route loopt hier langs omdat hier in het najaar van 1942 twee Joodse broertjes van 10 en 6 ondergedoken zaten. Ze werden ontdekt tijdens een huiszoeking in datzelfde jaar. Uiteindelijk kwamen ze terecht in Amsterdam in de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg. Het verzet wist de jongens daar weg te krijgen en ze overleefden de oorlog.

Kasteel Zwaluwenberg

Via schaduwrijke plattelandsweggetjes komen we op het Puttenerpad, een schelpenpad door een weiland. We lopen verder langs Kasteel Old Putten en naderen dan Elburg. De vele auto’s op de parkeerplaatsen voor Elburg Vesting doen vermoeden dat het niet rustig is op deze doordeweekse dag. Er blijkt een braderie te zijn en de hoofdstraten staan vol met kraampjes. Er is heel wat publiek op af gekomen.

Elburg met aan de linkerkant van de weg het Agnietenklooster waar nu Museum Elburg in gevestigd is

Het boekje leidt ons met een ingewikkeld patroon door het oude stadje met de kenmerkende Grote of Sint Nicolaaskerk met opvallend klein spitsje. Bij de eerste lus komen we langs de kloostertuin van het voormalige Agnietenklooster (nu Museum Elburg). Het is een oase van rust en we besluiten op een bankje in de schaduw een broodje te eten.

In de kloostertuin eten we onze lunch

Na de lunch banen we ons een weg door de menigte en lopen over de stadswal naar de Joodse begraafplaats. Van alle Joodse bewoners van Elburg die gedeporteerd zijn in de oorlog is niemand teruggekeerd. De Joodse gemeente Elburg werd in 1947 opgeheven.

Joodse begraafplaats Elburg

In het museum Sjoel Elburg, dat we op aanraden van een paar bloggers die reageerden op mijn vorige post bezoeken, komen we meer te weten over de Joodse inwoners van Elburg en de Joden in Nederland door de eeuwen heen. Een enthousiaste medewerker vertelt ons uitgebreid over het gebouw waar van 1855 tot 1947 de synagoge in gevestigd was. We lopen er een uurtje rond, maar moeten dan weer verder. Er is echter nog zoveel te zien. Als we meer tijd hebben, komen we hier zeker nog eens terug.

Museum Sjoel Elburg

We maken onze ronde om Elburg af en gaan dan weer richting ‘t Harde. De zon brandt inmiddels een stuk feller en de schaduwrijke wegen zijn spaars. Over kleine onverharde paadjes en geasfalteerde plattelandswegen lopen we verder. De pet en zonnebrand zijn geen overbodige luxe. Vele weilanden zijn geel, een particuliere tuin nog frisgroen. Of zij alleen ‘s nachts sproeien met grondwater? Ik betwijfel het.

En dan staan we na een bosweggetje weer in de straat waar we de vorige etappe ook liepen. Toen kwamen we uit Nunspeet. Vaag staat ons nog iets bij over blaffende honden bij één van de huizen. Bij een huis met een hek eromheen komt het allemaal weer terug. Drie honden springen uit het niets luid blaffend tegen het hek op. Ik schrik me dood. Even denk ik dat ze eruit kunnen maar het hek blijkt dicht. Ja, dit was precies wat ons vorige keer ook overkwam. Gelukkig hoeven we hier niet nog een keer langs. Volgende keer verlaten we ‘t Harde en lopen we naar Wezep.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Slightly creepy camping site

Is dat nou een beer, die daar tussen de bomen de kampeerder gadeslaat. Of misschien een elk (een slagje kleiner dan een eland) met kleine elkjes? Daar wil je niet in de buurt komen. Of toch een vos, een lynx of zelfs een wolf? Ik hoop dat de kampeerders hun eten goed hebben opgeborgen in de auto, of ergens ver weg van hun tent. Want voor je het weet heb je een beer te eten. Hoewel, ‘kampeerders’? Ik zie bij nader inzien maar één kampeerder. Is hij alleen of is de medekampeerder even weg, een avondwandelingetje maken in de omgeving?

Op een zondagmiddag in januari stond ik oog in oog met deze Slightly creepy camping site 8 (2012), een werk van Karin Bos dat deel uitmaakt van de expositie Expedition Nature dat de mooie ondertitel draagt Not all who wander are lost. CODA in Apeldoorn toont er werken die de natuur en het landschap als onderwerp hebben. Van sprookjesachtig tot angstaanjagend, en soms allebei.

Karin Bos maakte de selectie uit diverse kunstenaars. Haar eigen werken vormen een aanzienlijk deel van de expositie. De relatie tussen mens en natuur staat centraal in haar schilderijen, die zowel liefelijke landschappen als verontrustende beelden laten zien. Op de site van CODA wordt het treffend beschreven:

“Met zorgvuldig gekozen kleuren en lichtval ontstaat een filmisch en geladen beeld van een wereld vol verhalen waarin niets is wat lijkt en waar een vrolijk vakantietafereel evengoed de plek van een verschrikkelijke misdaad kan zijn.”

Een beschrijving die goed van toepassing is op het kampeertafereeltje. Het is een van de eerste schilderijen die ik zie. En meteen komen herinneringen aan een kampeervakantie in Canada naar boven. Kilometers camping midden in het bos, 20 minuten lopen naar het dichtstbijzijnde toiletgebouw. Wilde dieren liepen vrolijk over de camping die ook eigenlijk gewoon bos was. ‘Pas op voor de beren en voor de elks!’ was de waarschuwing die je kreeg bij de receptie. Een korte instructie wat je moest doen bij een ontmoeting (klein maken, dan wel groot) werd afgedraaid. De receptiemedewerker klonk bijna als de caissière die vraagt of je nog koopzegels wil.

Karin Bos heeft de sfeer goed getroffen. Slightly creepy is het zeker. Mijn mede-museumbezoekers dachten vast niet allemaal aan een camping in een natuurgebied in British Columbia bij het zien van het werk. Wellicht zagen zij seriemoordenaars verscholen in het bos, monsters, overvallers en wat dies meer zij. Of gewoon een kampeerder op een van de vele campings op de Veluwe die bij het kampvuur zijn boek leest en zich langzaam maar zeker klaar maakt om te gaan slapen.

Ook benieuwd naar de kunstwerken van Expedition Nature? Je kunt ze nog tot 4 maart 2018 zien in CODA in Apeldoorn.

Westerborkpad etappe 1: Amsterdam CS – Amsterdam Muiderpoort

Route: Westerborkpad
Afstand: 10 km
Startpunt: Station Amsterdam Centraal
Eindpunt: Station Amsterdam Muiderpoort

Een typisch Amsterdams plaatje op de Kloveniersburgwal

Aanleiding
Enkele maanden geleden liepen we met het Jacobspad langs Voormalig Kamp Westerbork en kwamen daar de markering tegen van een ander langeafstandspad. De blauw-rode (en de nieuwe rood-witte) bordjes met een gestileerd prikkeldraadstukje bleken te verwijzen naar het Westerborkpad. Een langeafstandswandeling die de route volgt die de Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog bij deportatie aflegden vanuit de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam naar Kamp Westerbork. Het pad is slechts één kant op gemarkeerd omdat er weinigen terugkwamen. Deze route langs historische sporen en gedenkplaatsen sprak ons aan en we bestelden het boekje.

Boekwinkel en stamcafé
Op een herfstige dag in oktober wandelen we de proloog en de eerste etappe zoals deze in het boekje staan. Ook de bijbehorende app hebben we op onze telefoon staan. Naast kaartjes van de verschillende etappes bevat de app ook geluidsfragmenten. Op bepaalde plekken wordt het verhaal bij die plek verteld. Wie woonden er, wat is er gebeurd, wat is hun verhaal? Na nog geen 100 meter na ons startpunt op Amsterdam CS is het eerste fragment al te beluisteren. We zetten het volume wat harder en wandelen al luisterend verder.

Bij Amsterdam horen natuurlijk de duiven

De route slaat af richting de grachten en we zien bekende namen als Brouwersgracht, Keizersgracht en Prinsengracht voorbijkomen. Zigzaggend doorkruisen we de grachtengordel en komen door kleine straatjes met leuke winkeltjes en koffiezaakjes die je eigenlijk zou moeten onthouden voor een volgende keer. Via het Anne Frank Huis, waar al een flinke rij staat en de Westertoren komen we uiteindelijk weer bij de Herengracht. Hier nemen we een klein omweggetje naar de American Book Center, een boekhandel waar ik altijd even langs ga als ik in Amsterdam ben. Dit keer heb ik een heel lijstje Engelse boektitels bij me, waarvan ik hoop er een paar te bemachtigen.

Een half uur later en helaas slechts één boek rijker, verlaten we de winkel en pikken de route weer op. Het is lunchtijd en we besluiten een broodje te eten bij het ‘stamcafé’ (Café de Jaren) van mijn medewandelaar die een tijdje in Amsterdam gestudeerd heeft. De buien die aanvankelijk nog meevallen volgen elkaar nu steeds sneller op. Een droog en warm onderkomen komt nu zeker als geroepen.

Bezienswaardigheden
Na de lunch in het oude, lichte pand vervolgen we onze route en komen door de Oudemanspoort waar slechts één boekenkraampje herinnert aan de grote boekenmarkt die hier anders staat. Langs het verzetsmonument en de Stopera, komen we bij het Waterlooplein uit. Nadat we de Dokwerker gepasseerd zijn, is het tijd voor onze volgende stop.

De Dokwerker aan het Jonas Daniël Meijerplein

We komen namelijk langs het Joods Historisch Museum, gevestigd in de Grote Synagoge. Sinds een paar dagen worden hier de schilderijen van Charlotte Salomon (1917-1943), een Joodse kunstenares uit Berlijn, geëxposeerd. Ik las vorige maand het boek Charlotte (2014) van David Foenkinos over haar leven en ben sindsdien benieuwd naar haar werk. Nu we er toch langs komen, kunnen we mooi e.e.a. combineren. Mijn indruk van de tentoonstelling lees je hier.

Het Joods Historisch Museum is gevestigd in de Grote Synagoge

Een bijzondere ervaring en een heerlijke (koosjere) amandelbolus rijker vervolgen we onze weg. We passeren de Portugese Synagoge, lopen langs Artis en het Auschwitzmonument en komen uit bij de Hollandsche Schouwburg, het einde van de proloog en het begin van de eerste etappe. Met ons ticket van het Joods Historisch Museum hebben we hier gratis toegang.

Het Auschwitzmonument (Spiegelmonument) in het Wertheimpark

We bezoeken de tentoonstelling en staan stil bij de enorme rij met achternamen van mensen die niet meer teruggekomen zijn. Dan komt het wel dichtbij. De mevrouw aan de balie pakt, als ze hoort dat we het Westerborkpad lopen, haar stempel en stempelkussen. Veel wandelaars willen graag een aandenken aan dit beginpunt van het Westerborkpad en ook in ons boekje prijkt nu een stempel.

De Hollandsche Schouwburg, officieel beginpunt van het Westerborkpad

Oosterpark en Transvaalbuurt
Na de Hollandsche Schouwburg komen we langs het Tropenmuseum en slaan af het Oosterpark in. De app blijkt achteraf een andere route te geven dan het boekje, maar het beeldje van de Titaantjes van Nescio maakt die weg ook de moeite waard. Hierna duikt de route de Transvaalbuurt in. Voor de Tweede Wereldoorlog kende deze wijk veel Joodse inwoners. In 1941 wordt de buurt aangewezen als ‘Judenviertel’ waardoor veel Joodse gezinnen noodgedwongen hier naartoe moesten verhuizen. Twee jaar later is het beeld compleet anders. Door razzia’s wonen er na juni 1943 nauwelijks nog Joden in de wijk.

De regen maakt dat de wijk er nu mistroostig uit ziet. Er zijn weinig mensen op straat. We wandelen verder en komen uiteindelijk uit bij het Muiderpoortstation, ons eindstation van deze eerste etappe. De wandeling was kort voor ons doen, slechts 10 km. Maar er was zoveel te zien, zoveel te bezoeken, je komt langs allerlei historisch interessante plekken dat we moeite moesten doen om weer een beetje op tijd op Station Muiderpoort te zijn. Eigenlijk zou je dit eerste gedeelte van het Westerborkpad in twee dagen moeten doen. Maak er een weekendje Amsterdam van en bezoek de interessante bezienswaardigheden onderweg.

In de trein terug

Markering en de app
De route is, zoals we bij Kamp Westerbork zagen, inderdaad gemarkeerd, maar onderweg hebben we lang niet altijd de markering kunnen vinden. Dit is ook lastig in een drukke stad met veel plekken waar de sticker of het bordje geplaatst kan worden. Dat is althans onze ervaring. Ook het Jacobspad was in de veel kleinere stad Groningen nauwelijks gemarkeerd. Wandelaars doen er daarom goed aan om het boekje en liefst ook de app mee te nemen.

Als je de GPS inschakelt op je telefoon, laat de app zien waar je bent. Je hoeft enkel het streepje van de route te volgen. Helaas was de app niet heel stabiel. Na het maken van een foto met de telefoon of openen van een andere app moest de kaart opnieuw geladen worden. Als dit niet lukte moest de app zelf opnieuw opgestart worden. Vervelend, maar voor ons geen probleem, gelukkig hadden we ook het boekje nog. Wellicht dat een update voor verbetering zorgt.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Graphic novel avant la lettre

Vorige maand las ik Charlotte (2014), een werk van de Franse schrijver David Foenkinos. Ik was onder de indruk. Niet alleen van de schrijfstijl maar ook van het verhaal, van het leven van de jonge Joodse kunstenares Charlotte Salomon in een roerige tijd. Toen ik het boek digitaal dichtsloeg bleef ik ademloos achter, en benieuwd. Zouden haar schilderijen ergens geëxposeerd worden?

Het toeval wil dat 2017 het 100ste geboortejaar is van Charlotte Salomon. Een jaar voor haar dood voltooide ze haar levenswerk Leven? of theater?. Het Joods Historisch Museum (JHM) in Amsterdam beschikt over de originele gouaches (waterverfschilderijen) uit het boek. Sinds 20 oktober zijn deze werken te zien in de kelder van het museum. We onderbraken de eerste etappe van het Westerborkpad, dat langs het museum loopt, om de schilderijen te zien.

Kort het verhaal van Charlotte. In 1917 wordt ze geboren in Berlijn. In de familie van haar moeder is zelfmoord gemeengoed en zit de ‘waanzin’ in de genen. Haar oma, tante, maar ook haar moeder komen op deze manier aan hun einde. Charlotte is dan acht en ze groeit op als een meisje dat veel op zichzelf is. Haar vader hertrouwt en Charlotte en haar stiefmoeder kunnen het goed met elkaar vinden. Charlotte blijkt een tekentalent maar ondervindt hinder van de steeds strengere regels voor Joden in het fascistische Duitsland van de jaren 30. Onverwachts wordt ze toch aangenomen bij de kunstacademie en brengt daar een paar jaren door.

Vlak voor de oorlog ontvlucht ze Duitsland naar haar grootouders, die in Zuid-Frankrijk verblijven. Hier pakt ze het schilderen weer op, kunst is haar houvast in deze onzekere tijden. Ze schrijft en schildert haar levenswerk, leert de liefde (weer) kennen, maar vanuit hier vertrekt ze ook op haar laatste reis. Naar Auschwitz, 26 jaar oud en 5 maanden zwanger.

Haar levenswerk overleeft de oorlog en komt in Amsterdam terecht, waar haar vader en stiefmoeder de oorlog hebben overleefd. Het is een autobiografisch verhaal, rijkelijk voorzien van gouaches (bijna 800 stuks) en muziek. De ‘graphic novel avant la lettre’ (zoals Uitgeverij Cossee het noemt) is nu voor het eerst integraal tentoongesteld. De schilderijen hangen genummerd naast elkaar en gaan als een slinger door de expositieruimte. Het past ternauwernood. De tekst uit het boek is eronder in het Nederlands te lezen. Voor de Engels- en Franssprekende bezoeker zijn ook boekjes in die taal beschikbaar met de integrale tekst.

De belangstelling is groot op deze herfstachtige zondag. De expositie is drie dagen oud. Samen met geïnteresseerden schuifel ik langs de schilderijen tegen de gele achtergrond. Aanvankelijk zijn de werken gedetailleerd, later worden het steeds meer schetsen. Helemaal aan de andere kant van de ruimte eindigt het boek met de woorden “Leben oder Theater?” weergegeven op de rug van de hoofdpersoon.

Naast dit laatste schilderij zit een deur die toegang geeft tot een korte route naar het museumcafé. In die gang krijgt de bezoeker nog de kans zijn of haar mening te geven over de geëxposeerde werken van Salomon. Wat blijft u bij? Wat is u opgevallen? Een mevrouw is druk bezig haar mening op te schrijven. Wij lopen door en proberen in het café een warme – volgens de Joodse spijswetten bereide – amandelbolus die heerlijk smaakt bij de cappuccino.

Voor wie wil kan het hele boek lezen, daar in de kelder van het museum. Je moet er dan wel een paar uurtjes voor uit trekken. Ik kies ervoor om het lijvige werk te kopen in de museumwinkel. Een mooie ingebonden editie met alle schilderijen. Eigenlijk geen werk om tijdens een wandeltocht mee te nemen (er staan ons die middag nog een aantal kilometers Westerborkpad te wachten). Maar ja, het werk stond, sinds ik de novelle van Foenkinos las, hoog op mijn nog te lezen-lijst. En wat is nu een betere plaats om het levenswerk van Charlotte Salomon te kopen dan in het museum waar haar werken al lange tijd verblijven – en nu integraal  tentoongesteld worden?

Ook benieuwd naar gouaches en het bewogen leven van Charlotte Salomon? De expositie in het Joods Historisch Museum is nog te zien tot en met 25 maart 2018. Wil je nu al meer lezen over het boek? Het Joods Cultureel Kwartier heeft een prachtige interactieve website gemaakt waar je het hele werk kunt lezen, zien en horen. Alle gouaches zijn hier te bekijken, je kunt de oorspronkelijke tekst lezen, inclusief vertalingen. En wat mij erg aansprak is dat je ook muziekfragmenten kunt beluisteren die in het boek beschreven zijn. Zo komt de tijd waarin Leven? of Theater? is geschreven wel heel dichtbij.

Boek met adempauzes

Over Charlotte van David Foenkinos (2014)

Ik lees de laatste tijd meer bibliotheek e-books op mijn iPad. De keus is tegenwoordig steeds ruimer en de paar jaar oude boeken staan lang niet allemaal in analoge versie op de plank van mijn bibliotheek. Een van die boeken was Charlotte van David Foenkinos. Na positieve recensies op Goodreads kwam dit Franse boek op mijn NTL-lijstje terecht. Vorige week in de trein begon ik erin en terwijl de regendruppels gemoedelijk – en iets minder gemoedelijk – tegen de ramen tikten las ik de eerste hoofdstukken. Gisteren las ik de laatste pagina.

Zoals de titel al verraadt draait dit boek om Charlotte. Het betreft Charlotte Salomon, een kunstenares die van 1917 tot 1943 leefde. De schilderijen die zij gemaakt heeft, bevinden zich tegenwoordig in Nederland, in het depot van het Joods Historisch Museum in Amsterdam. Ik kende haar niet, maar na dit verhaal over haar leven, de geschiedenis van haar familie, wil ik haar – en haar schilderijen – graag beter leren kennen.

Charlotte woont in Berlijn en heeft een Joodse vader, een vooraanstaand chirurg. In de familie van haar moeder is zelfmoord gemeengoed en zit de ‘waanzin’ in de genen. Haar oma, tante, maar ook haar moeder komt op deze manier aan haar einde. Charlotte is dan acht en ze groeit op als een meisje dat veel op zichzelf is. Haar vader hertrouwt en Charlotte en haar stiefmoeder kunnen het goed met elkaar vinden. Ze blijkt veel talenten te hebben en tekent graag.

In de jaren 30 wordt het steeds lastiger voor Joden in het fascistische Duitsland. Door haar talent wordt ze toch toegelaten tot de kunstacademie. Vlak voor de oorlog ontvlucht ze Duitsland naar haar grootouders die in Zuid-Frankrijk verblijven. Hier pakt ze het schilderen weer op, kunst is haar houvast in deze onzekere tijden. Ze schrijft en tekent haar autobiografie, leert de liefde (weer) kennen, maar vanuit hier vertrekt ze ook op haar laatste reis. Naar Auschwitz, 26 jaar oud.

Wat meteen opvalt is de bladspiegel, de manier waarop de zinnen gerangschikt zijn op de pagina. Elke zin staat op een nieuwe regel, na een beperkt aantal zinnen volgt een witregel. Een gedicht!, was mijn eerste gedachte. Maar het blijkt anders. De auteur pakt af en toe het woord in deze roman en vertelt dat hij adempauzes nodig heeft. Hij is al jaren geobsedeerd door Charlotte en in verschillende van zijn romans komt zij terug. Maar een boek over haar schrijven, lukte hem niet. Tot nu toe.

“Ik begon, ik probeerde, dan gaf ik het op.
Het lukte me niet twee zinnen achter elkaar te schrijven.
Op elk punt voelde ik dat ik vast zat.
Onmogelijk om verder te gaan.
Het was een fysieke gewaarwording, een beklemming.
Ik merkte dat het nodig was steeds op een nieuwe regel te beginnen, om lucht te krijgen.”

Na elke zin is nu een pauze ingelast. Na verschillende alinea’s – die verdacht veel lijken op strofes – volgt een nieuw hoofdstuk. Het is een boek met veel pauzes, ademmomenten om een kort en heftig leven te kunnen beschrijven.

Omdat de zinnen op één regel moeten passen, zijn ze kort en sober. Het maakt voor mij de tekst afstandelijk. In korte zinnen wordt een geschiedenis neergezet die gekenmerkt wordt door dood, verdriet, depressie en onmacht. Maar zodra de schrijver weer van zich laat horen, wordt het boek persoonlijk. Hij vertelt kort waarom hij een bepaalde keuze heeft gemaakt in de tekst. Maar ook wat hij voelde toen hij voor het huis in Berlijn stond waar Charlotte woonde. De huidige eigenaar laat hem niet binnen en al wat rest van Charlotte, haar vader en stiefmoeder zijn de Stolpersteine.

Deze mix tussen inhoud, vorm en de persoonlijke noot van de auteur maakt dit tot een boek waar ik eerst wat vreemd tegenaan keek, maar in mijn hoofd bleef hangen naarmate ik verder kwam. Ik wilde meer weten over Charlotte, zien hoe haar schilderijen er eigenlijk uitzien, maar ik was ook benieuwd waarom de auteur zo nieuwsgierig was geworden naar deze jonge kunstenares. Het werk, dat ze net voordat ze gedeporteerd wordt, schrijft en tekent, blijkt nog te bestaan en is onlangs in het Nederlands uitgegeven bij Uitgeverij Cossee, dezelfde uitgever als dit boek. Leven? of Theater? heet het en is een ‘graphic novel avant la lettre’ zoals de uitgever het noemt. ‘Dit is mijn hele leven’ zei Charlotte erover toen ze het werk bij een bevriende arts in bewaring gaf.

Een leven dat dit jaar precies 100 jaar geleden begon. Als markering van Charlottes honderdste geboortejaar organiseert het Joods Historisch Museum van 20 oktober 2017 tot en met 25 maart 2018 een expositie die gewijd is aan haar artistieke nalatenschap Leven? Of Theater?. Ik ben heel benieuwd.

Dit boek van Foenkinos is de ideale voorbereiding op de expositie. Lees dit boek langzaam en aandachtig. Haal adem na elke zin en laat het op je inwerken. Dit dunne boekje vertelt een interessant levensverhaal waar helaas veel te snel een einde aan is gekomen. Maar het is ook de zoektocht van een schrijver om het object van zijn obsessie tot leven te brengen, een poging om in het tastbare heden het verleden te laten herleven.

 

Het dak op

Puntige heuvels tot zover het oog strekt. Het gras steekt felgroen af tegen de met donkere wolken bezaaide blauwe lucht. In de schijnbaar willekeurig neergeplante glazen driehoeken zie ik de zon gemeen fel branden en de wolken voorbij spoeden. Nog even en ze laten weer een pittig bui los. Het is dat de heuvels niet rond zijn, anders had ik me zeker in het welbekende Teletubbieslandschap gewaand.

Ik loop over een zwarte loopbrug die door het landschap slingert. Een keer slechts kom ik een andere bezoeker tegen. Iemand die ook de treden heeft beklommen, benieuwd naar wat daarboven was. Hij loopt net zo rond als ik. Om zich heen kijkend, verwondering in zijn ogen, maar ook een voldane glimlach. Hij is bij het einde geweest, dat is duidelijk.

Voor mij nadert het einde ook. In een paar passen sta ik bij de rand en word beloond met een uitzicht over het gebied. Regendruppels op auto’s glinsteren in de zon, wandelaars lopen over de brug verderop, vogels vullen de lucht met hun gekwetter. In de verte zie ik het water van het natuurgebied. Een bezoeker kijkt omhoog, ziet mij staan en denkt, daar wil ik straks ook staan. Daar boven.

Daar boven in de heuvels, die strikt genomen helemaal geen heuvels zijn. Onder mij lopen bezoekers. Onder mij liep ik net ook. Slenterend langs de de oude boot, de visnetten, de rietsnijdersattributen, de foto’s en filmpjes uit het verleden, langs geprojecteerde vissen die over muren lijken te zwemmen en niet te vergeten een aaibare bever.

Een kleine foto bij de uitgang (tevens ingang) toont de heuvels in hun kale staat van zijn. Simpele vakantiehuisjes lijken het, met puntdaken. Niet indrukwekkend, zeker niet iets om bij stil te staan. Nu getransformeerd tot het huidige heuvellandschap geeft het het gebouw een extra dimensie. Want hoe vaak kun je nu zeggen dat je bovenop een museum hebt gestaan? En dat je je helemaal niet bovenop een museum waande? Maar in een Teletubbieslandschap … Nou ja, bijna dan.

Wil je ook ervaren hoe het is om op een museum te lopen? Bezoek dan het Biesboschmuseum in Werkendam. Het gebouw ligt midden in Nationaal Park de Biesbosch en is onlangs geheel vernieuwd.

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Het blauw

Het blauw is overal. Boven en onder me, tegen me aan, tussen me in. Ik voel het tegen mijn huid, het zoekt toenadering tot mijn haren. Het voelt afstandelijk, glad maar toch stroef, warm maar niet per se aangenaam. Ronde vormen omringen me zover het oog strekt.

Het blauw is niet donker, het is niet licht. Het is de kleur van het blauwe uur tussen middag en avond. De zon heeft zich teruggetrokken en de avond bereidt zijn opwachting voor. Als ik echter mijn hoofd beweeg, verandert ook de kleur. Van middag naar avond en soms heel kort naar nacht.

Bewegen lukt en ik tunnelgraaf me een weg door de massa. Het blauw dwarrelt weg, zweeft omhoog, schiet opzij. Ik hoor geluiden als mijn vingers in aanraking komen met het oppervlak. Maar ik hoor ook wat anders. Doffe slagen in de verte, gemoffelde stemmen.

Waar ben ik? Zodra ik de glazen deuren doorging, was mijn oriëntatie verdwenen. Een paar seconden daarvoor wist ik nog heel goed waar ik heen moest. Enkele stappen verder, een bocht, een draaiing van mijn hoofd en weg was die zekerheid.

Dan hoor ik mijn naam, ergens uit deze kamer. Komt het van links? Ik doe een paar stappen in die richting en blijf staan. Weer mijn naam, nu van rechts. Ik begin te lopen in tegengestelde richting. En roep zijn naam. En loop. En roep.

Er is geen paniek. Verdwalen kan niet in deze afgesloten ruimte. Vroeg of laat kom je bij de uitgang. Maar ik voel een stijgende verbazing over hoe snel je gedesoriënteerd kunt raken. Hoe ongelooflijk vlug je ingesloten wordt door al dat blauw, dat in een andere situatie alleen maar bijdraagt aan de feestvreugde.

museum-voorlinden

Ik zie een hand en dan nog een. Ik zeg zijn naam. Maar de vrouw die aan de handen vastzit lijkt in niets op hem. Dat concludeert ze zelf ook als ze opmerkt dat ik helaas de verkeerde voor me heb. Naast haar zie ik nu ook een man opduiken. Een deel van zijn gezicht verschijnt, een arm. Hij groet me. “Kom, we gaan nog een rondje” zegt hij tegen de vrouw. En binnen een seconde zijn ze weer opgeslokt door het blauw.

Mijn naam klinkt nu dichtbij: “Waar ben je?” “Hier!” roep ik en ik voel zijn hand al op mijn schouder. Even later zijn lachende gezicht en dat van haar. Gevonden, zeggen hun glimlachen. Nu de deur nog. Die blijkt verrassend dichtbij.

In de naastgelegen ruimte fatsoeneren we onze statisch geworden haren. In hun ogen zie ik de schittering van plezier. “Het leukste onderdeel van het museum!”, zou mijn oudtante van 83 later zeggen. Achter de glazen deuren deinen de hoog opgestuwde blauwe ballonnen op en neer. Af en toe steekt er een hand bovenuit.

Wil je ook het blauw ervaren? Of een van de andere bijzondere kunstwerken, zoals het zwembad waar je in kunt staan zonder nat te worden? Bezoek dan ook Museum Voorlinden in Wassenaar. De ballonnen maken onderdeel uit van de tentoonstelling Say cheese! Van Martin Creed en is nog te zien tot en met 11 juni 2017.

Het eendaagse-stedentrip-museum

Kunstmuseum Pabla Picasso Münster

Een indrukwekkende trap strekt zich voor ons uit. De aarderode muren en de grote ramen doen de lichte treden nog beter uitkomen. Een enkele bezoeker klimt langzaam hoger en hoger naar de eerste tentoonstellingsruimte. Dit moet ik vastleggen, schiet er door mijn hoofd en ik pak mijn telefoon uit mijn tas.

Nadat het beeld op het scherm mijn goedkeuring kan wegdragen, zie ik beweging in mijn linkerooghoek. De suppoost die net onze kaartjes heeft gecontroleerd staat aan de voet van de trap te gebaren. Hij wijst naar de bordjes die naast hem hangen. Op een ervan staat een fototoestel met een streep erdoorheen.

Ik had ze wel gezien maar niet geregistreerd. Mijn medemuseumbezoeker draait zich naar de man toe en reageert met een grote glimlach. Hij spreekt de geruststellende woorden “Das war das letzte Foto”. De suppoost steekt zijn duim omhoog en lacht zijn tanden bloot. Het uniform herbergt onverwachte vriendelijkheid.

We bevinden ons op de Picassoplatz in het Duitse Münster en zijn toe aan het culturele deel van onze eendaagse stedentrip: een bezoek aan het Kunstmuseum Pablo Picasso Münster. Een jaar eerder voerde onze stedentrip-voor-een-dag ons naar Osnabrück, alwaar het Felix-Nussbaum-haus een verpletterende indruk maakte. Met hooggespannen verwachtingen beklimmen we nu de treden naar de werken van Henri Matisse.

In de schetsen die aan de muren hangen, wordt in enkele lijnen een gezicht uitgebeeld. Meerdere gezichten hangen naast elkaar, bijna hetzelfde. Een net wat andere uitdrukking. De lippen bestaan uit een enkele streek en zijn toch herkenbaar als mond. Ze bevatten een zwierigheid, deze beelden. De schetsen lijken een aanzet te vormen tot een melodie. Matisse was van mening dat een kunstenaar door dagelijks te oefenen “de hand tot zingen moet brengen”. Wat we aanschouwen zijn oefeningen, een basis voor een schilderij, de opzet voor een later kunstwerk.

Henri Matisse - Primavera (1938)
Henri Matisse – Primavera (1938) Afbeelding: abc.net.au

De meeste bezoekers houden een audio device aan hun oor en luisteren per tekening, litho of knipwerk naar het verhaal erachter. Wij zijn (niet geheel bewust) device-loos en hebben naast de schilderijtitel op het bordje naast het kunstwerk, ook de toelichtende teksten in dieprode en donkergrijze vlakken op de muren tot onze beschikking. En natuurlijk de kunstwerken zelf, die stuk voor stuk een verhaal vertellen.

Als we de trap verder bestijgen naar de bovenste tentoonstellingsruimte komen we bekendere werken tegen van de kunstenaar. Gele bladeren in een blauwe vlakte, die ook als kerkramen vervaardigd zijn, papierknipwerken, illustraties met gedichten. Dit is waar we Matisse van kennen. Interessant om deze werken nu eens in het echt te aanschouwen. Hij laat weinig ruimte over voor de naamgever van dit museum. Letterlijk. Picasso is in slechts een paar ruimten terug te vinden.

In minder dan een uur hebben we de twee verdiepingen gezien en vangen de afdaling aan. We groeten de inmiddels een stuk jonger en slanker geworden suppoost onderaan de trap. En tussen suppoost en kluisje is daar onvermijdelijk de vergelijking met het eendaagse-stedentrip-museum van een jaar geleden. Was het even indrukwekkend, vragen we ons af. Zijn we flabbergasted en toe aan een cappuccino? Nee, concluderen we beide, hoewel die cappuccino er altijd wel in gaat. Het is een interessante tentoonstelling, maar van een hele andere orde dan het Felix- Nussbaum-haus.

Misschien is het ook niet met elkaar te vergelijken: een tijdelijke tentoonstelling van twee verdiepingen en een gebouw, levensverhaal en schilderijen die met elkaar vervloeien. Mijmerend over de geziene werken, bevinden we ons weer op de keitjes van de Picassoplatz en besluiten op zoek te gaan naar een niet noodzakelijke, doch zeer welkome cappuccino.

Matisse - Die Hand zum singen bringen
Afbeelding: kunstmuseum-picasso-muenster.de

Ook benieuwd naar de tentoonstelling ‘Matisse – Die Hand zum Singen bringen’? De kunstwerken zijn nog te zien tot en met 29 januari 2017 in Kunstmuseum Pablo Picasso Münster.