Elke Maand Een … 2019 (lustrum)

Lustrum
En toen werden we wakker in 2019. Een nieuw jaar met nieuwe uitdagingen. Ook voor de Elke Maand Een …- uitdaging. 2019 is wat dat betreft een lustrumjaar. In de afgelopen vier jaar blogde ik elke maand over de uitdagingen die ik mijzelf gesteld had dat jaar.

In 2015 bezocht ik elke maand een museum en schreef daarover. Het werkte erg motiverend, ook door de reacties op de stukken. Dat maakte dat ik in 2016 een nieuwe Elke Maand Een … – uitdaging aanging: Elke Maand Een Route, waarbij ik een bestaande route wandelde of fietste. Ook in 2017 en 2018 ging ik door met de uitdagingen, respectievelijk met Elke Maand Een Foto (met een verhaal) en Elke Maand Een Straatgedicht.

2019
Maar wat ga ik doen in 2019? Welke uitdaging stel ik mijzelf in dit lustrumjaar? Ik heb besloten om in 2019 alle eerdere Elke Maand Een …- categorieën aan bod te laten komen. Ik ga schrijven over musea, routes, foto’s en straatgedichten. Het streven is een gelijke verdeling van de categorieën over het jaar.

Hoog op het lijstje
Afgelopen jaren had ik de bedoeling om ook straatgedichten en musea in Zeeland te bezoeken. Dit is er niet van gekomen. Voor 2019 staat deze provincie daarom hoog op het lijstje. Ook het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam en de N70 Natuurroute in het Rijk van Nijmegen wil ik dit jaar zien/wandelen.

Jullie tips
Uiteraard ben ik benieuwd naar jullie tips. Welke musea moet ik echt bezoeken? Welke wandel- en fietsroutes zijn niet te versmaden (bijvoorbeeld in Zeeland) en is er een straatgedicht dat ik echt niet mag missen? De categorie Elke Maand Een Foto is ook voor mij nog een verrassing. Het is maar net wat tegenkom in 2019 (en vastleg op de gevoelige plaat).

Een overzicht van de blogposts voor Elke Maand Een … 2019 vind je hier.

Advertenties

2016: het jaar van ‘Elke Maand Een Route’

Logo EMER
Net als in 2015 begon ik 2016 met een ‘Elke Maand’-uitdaging. Ditmaal geen musea, maar een sportievere uitdaging. Ik daagde mezelf uit om elke maand een route te gaan lopen of fietsen. In het geval van de fietsroute minimaal 50 km, in geval van de wandelroute minimaal 15 km. Op de blogpost van begin januari kwamen vele reacties met tips. Ook vele voor mij onbekende. Hartstikke leuk. En is het me gelukt?

Uiteindelijk heb ik niet elke maand een route gefietst of gewandeld van de minimale afstand. In augustus, september en december waren de routes korter. De teller blijft steken op 10 routes, waarvan 5 wandelroutes en 5 fietsroutes. Al met al kijk ik niettemin wel degelijk terug op een goed route-jaar. Door de uitdaging kwam ik op allerlei plaatsen en ontdekte nieuwe routes.

De wandelroutes brachten me naar Overijssel, Drenthe en Gelderland. Ik wandelde een frisse maar mooie etappe van het Streekpad het Hanzestedenpad langs de IJssel van Kampen naar Zwolle. Ook de eerste Groene Wissel bij Rolde leverde mooie plaatjes op. En een belofte om nog eens terug te komen, als er geen rijp meer in de bomen hing.

Aan de horizon is nog net het kerkje van Rolde zichtbaar
Een frisse Groene Wissel-wandeling bij Rolde

De andere Groene Wissel wandeling ging door de voormalige landbouwkolonie Frederiksoord, waar we dwaalden door Drentse historie. Bij Steenwijk liep ik een NS-wandeling door een afwisselende omgeving waar vroeger de mammoeten rondliepen. De enige Trage Tocht in het rijtje bracht me naar buitenlands Nederland in Berg en Dal. Toch wel een van de meest bijzondere routes van dit jaar.

Onhollandse landschappen
Onhollandse landschappen bij Berg en Dal

De fietsroutes in eigen land gingen langs vele LF-routes met af en toe nieuwsgierigmakende namen: de LF-3 Hanzeroute, LF9 NAP-route, LF23 Zuiderzeeroute, LF4 Midden-Nederlandroute, LF16 Vechtdalroute en LF15 Boerenlandroute. De verschillende etappes brachten me naar de rivieren van Overijssel, het Veluwemeer aan de kant van Flevoland, heuvelachtig Gelderland en de bekende maar altijd mooie Utrechtse Heuvelrug.

In Duitsland fietste ik, terugkomend van ons Deense fietsvakantie nog 100 km over de Ostseeküsten-Radweg. De afwisseling van binnenland en kust, inclusief de traditionele Duitse strandstoelen maakte deze route tot een van de hoogtepunten van onze vakantie. Ik sluit het niet uit dat ik in de toekomst nog een paar etappes van deze fietsroute meepak.

Typisch Duitse strandstoelen
Langs de Ostseeküsten-Radweg

Ik ben heel wat paadjes in gewandeld en gefietst, waar ik anders niet afgeslagen zou zijn. Dat is het leuke van een route. Je komt op plekken waar je anders nooit zou komen. En op die paadjes ontmoet je weer mensen die je anders niet was tegengekomen. Zo heb ik zelfs een keer een collega-blogger begroet. Weliswaar zonder dat ik het zelf door had. Bij hem viel het kwartje, na het lezen van mijn blogpost.

Al met al een sportief jaar, dat ik in 2017 zeker wil evenaren. Weliswaar niet meer als uitdaging en zonder de restrictie van de minimale kilometers. Wel staan er al wel weer wat routes op het programma. Zo wil ik in de zomer het Rondje Vlaanderen gaan fietsen (ongeveer 900 kilometer) door vijf Vlaamse provincies en heb ik het idee opgevat om het Jacobspad Uithuizen – Hasselt in een jaar te lopen.

Pelgrimspad Jacobspad Uithuizen Hasselt
Ben je benieuwd naar alle gewandelde en gefietste routes? Hier vind je een overzicht.

Op naar een wandel- en fietsrijk 2017!

Het geel-grijze wandelstel

Te voet/te fiets: Te voet
Route: NS-wandeling Woldberg Steenwijk
Afstand: Officieel 9, 14 of 17 km, wij liepen er 15
Startpunt: Station Steenwijk
Eindpunt: Station Steenwijk

“Bijna onderaan de trap (B61) linksaf en direct weer linksaf langs een rijwielstalling. U komt uit op een fietspad langs het spoor en gaat rechtsaf.”

Mijn medewandelaar en ik staan naast onze auto’s op het parkeerterrein achter het station van Steenwijk als we deze regels lezen. We staan in de startblokken om de NS-wandeling Woldberg Steenwijk te wandelen en kijken nu om ons heen op zoek naar een trap met het nummer B61 waar we linksaf, linksaf en rechtsaf moeten. We moeten er even in komen.

De regels zijn geschreven voor treinreizigers die vanaf het perron lopen maar wij benaderen het nu van de andere kant. Terwijl wij besluiten om toch maar naar het begin van de route te lopen, passeert een echtpaar van middelbare leeftijd ons. Zij in een felgele jas en afritsbare wandelbroek, hij in spijkerbroek en donkergrijze donsjas. Met een routebeschrijving in de hand gaan zij de weg die wij ook zullen gaan. We zullen ze nog regelmatig treffen. Ook zij lopen de NS wandeling. Al vrij snel halen we ze in. We groeten elkaar vriendelijk.

NS wandeling Woldberg Steenwijk
In de verte de torenspits van Steenwijk

Even later lopen we langs het spoor over een verhard fietspad en hebben – volgens de kaart – net Tuk achter ons gelaten. Niet dat we het gemerkt hebben, al pratend is het Mannenkoor, karrenspoor-plaatsje volledig aan ons voorbij gegaan. Ook het theehuis dat we even later tegenkomen met de welluidende naam Tuk’s Theehuis doet geen belletje rinkelen. Aparte achternaam heeft die eigenaar, dacht ik nog.

NS wandeling Woldberg Steenwijk
Als na een paar honderd meter een uitkijktoren in zicht komt, zijn we gefocust. Deze toren is vanaf de snelweg goed te zien, ik ben er regelmatig langs gereden. Uiteraard beklimmen we het bouwwerk. Op heldere dagen kun je de Weerribben, Heerenveen en zelfs Zwolle zien, vertelt het informatiebord ons. Helaas is het bewolkt en zien we slechts de nabije omgeving. Wat overigens geen straf is. Aan de ene kant de bossen rondom de Woldberg, aan de andere kant de snelweg met daarachter Steenwijk. De kenmerkende Steenwijkse torenspits zien we niet voor het laatst deze wandeling. Als we weer afdalen komt net het wandelstel aanlopen. Ze wachten tot we weer op de grond staan, knikken ons vriendelijk toe en vangen dan hun klim aan.

NS wandeling Woldberg Steenwijk
Door holle wegen, brede bospaden en beukenlanen verkennen we het gebied rondom de Woldberg verder. Informatieborden brengen ons regelmatig op de hoogte van de geschiedenis van de omgeving. Tegen lunchtijd vinden we een bankje op de Woldberg (26 meter!), midden in het bos. Een mammoet vergezelt ons tijdens de lunch. Weliswaar tweedimensionaal en niet op ware grootte, maar niettemin een mammoet. Tussen de bomen door zien we in de verte de torenspits van Steenwijk. We zwaaien nog even naar het geel-grijze echtpaar dat ons weer passeert en eten rustig ons broodje op.

NS wandeling Woldberg Steenwijk
De afwisselende natuur maakt deze wandeling zeer de moeite waard, zelfs op een grijze dag als vandaag. We lopen door bossen en over heuvels, langs heidevelden en weilanden. Ook is er de nodige horeca onderweg. Bij Fredeshiem strijken we neer voor een warme versnapering met gevulde speculaas. Het is tenslotte bijna sinterklaas. Een groep wandelende vriendinnen en een ouder echtpaar bezetten een paar andere tafels. Druk is het niet op deze woensdagmiddag.

Na de koffie pakken we de route weer op:

“Op een kruising rechtdoor en aan het eind van het pad linksaf, zijpaden negeren. Op een driesprong rechts aanhouden”.

We lopen en lopen, maar het einde van het pad komt maar niet. Op een gegeven moment kun je de omstandigheden zeker moeilijk begaanbaar noemen, maar het blijft een pad en we lopen door. De beloofde driesprong blijft echter uit en bij een T-splitsing besluiten we toch de GPS erbij te pakken. De route blijkt gelukkig niet ver weg. Het blijft Nederland.

Langs een smalle verharde weg bereiken we uiteindelijk Steenwijk weer en komen met een omtrekkende beweging bij het station aan. Daar besluiten we nog even de vestingstad in te gaan en die torenspits die we enkel uit de verte hebben gezien, van dichtbij te aanschouwen. Als we in een grand café op het centrale plein de wandeling afsluiten met een drankje, zien we door de ramen de bekende kleuren voorbij komen. De geel-grijze combinatie blijft even staan, kijkt naar ons etablissement, twijfelt, maar loopt dan weer door. Dat is het laatste wat we van ze zien.

Deze wandeling telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Onhollands

Te voet/te fiets: Te voet
Route: Trage Tocht Berg en Dal
Afstand: Officieel 12 km, wij liepen er 15
Startpunt: Parkeerplaats bij Park Tivoli in Berg en Dal
Eindpunt: Parkeerplaats bij Park Tivoli in Berg en Dal

Trage Tocht Berg en Dal
Begin 2016 begon ik het nieuwe jaar met de uitdaging Elke Maand Een Route. Toen mijn vriendin dit hoorde, was de afspraak al snel gemaakt om een keer een route te wandelen. Met ‘de mannen’ uiteraard. De hare kwam oorspronkelijk uit de omgeving van Nijmegen en wist nog wel wat leuke routes. Maanden geleden prikten wij een datum in het najaar in onze agenda’s.

En toen was het oktober. Op een mistige zondag met de belofte van zon parkeerden wij tegenover pretpark Tivoli in Berg en Dal. Op het programma staat de Trage Tocht Berg en Dal. De routebeschrijving belooft twaalf kilometer klimmen en dalen langs het Filosofendal, de Elyzeese velden en de Duivelsberg. Fraaie namen die de wandeling, voordat we goed en wel begonnen zijn, alvast de nodige jeu meegeven.

Jeu, die de omgeving zelf ook al in zich heeft. We merken het op de heenweg al. Als we in de buurt van Berg en Dal komen, verandert het landschap compleet. De navigatie gebiedt ons een klinkerweggetje naar rechts te nemen, dat in het Sauerland niet zou misstaan. De weg gaat meteen omhoog en blijft stijgen totdat we het bordje Berg en Dal zijn gepasseerd. “Maximaal 10%” staat er op de bordjes. Als vakantiefietser weet ik hoe 10% voelt, zeker zo’n lang stuk en voel mee met de fietsers die we passeren.

Nadat we onze vrienden ontmoet hebben op de afgesproken plek, pakken we de navigatie erbij en duiken het bos in. Vrijwel meteen daalt het bospad en krijgen we een indruk van het ‘klimmen en dalen’. De zon is inmiddels gaan schijnen en strijklicht valt door de takken. Het paadje kronkelt door het bos over trappetjes en bruggetjes. Af en toe vangen we een glimp op van de velden die tegen de bosrand aan liggen. De mist hangt er nog in flarden overheen en biedt een fotogeniek plaatje.

Trage Tocht Berg en Dal
Onderweg komen we regelmatig bordjes tegen. Op een van die bordjes staat ‘N70’. Het lijkt een provinciale weg, maar is een 16 km lange wandelroute door het Rijk van Nijmegen en loopt over maar liefst 8 bergen. Gedeeltelijk volgt het de Trage Tocht die wij lopen. De ‘N’ staat voor Natuurroute en de 70 verwijst naar het jaar waarin de route is ontstaan: 1970. De N70 is een eerbetoon aan het jaar van de Natuurbescherming in 1970. Op andere bordjes staat een figuur die met zijn armen of vleugels gespreid in de lucht lijkt te staan. Een intrigerend beeld, maar waar dit bordje naar verwijst … ik heb het niet terug kunnen vinden.

Het bordje met de figuur met uitgestrekte armen of vleugels.
Het bordje met de figuur met uitgestrekte armen of vleugels.

Tegen lunchtijd komen we langs twee overduidelijk doorgewinterde wandelaars. In outdoorkleding zitten ze op een bankje. In hun handen een beker waar de stoom vanaf slaat. Een soepgeur komt ons tegemoet. Op de grond bij hun voeten staat een gasstelletje met een professioneel ogend windschermpje erom heen. “Lekker”, verzucht mijn vriendin. We lopen inmiddels weer in de mist en dan daalt de temperatuur snel. “Helaas”, reageren de twee mannen, “het water is op.”

Als we later op een vochtig bankje op de Boterberg onze boterhammen opeten, gaan onze gedachten naar het thermoskannetje dat nog thuis in de kast staat. Voor de komende herfstwandelingen misschien helemaal niet zo’n gek idee. Of we nemen natuurlijk een gasstelletje mee. We kijken naar het glooiende veld dat voor ons ligt en begroeten de in kleurige kleding gehulde wandelaars die ons passeren.

Mist en zon wisselen elkaar af.
Mist en zon wisselen elkaar af.

Na de lunch lopen we snel weer verder om het weer wat warmer te krijgen. Verderop is het pad veranderd in een grote modderpoel. Als we achter elkaar over een smalle strook aangestampte modder aan de zijkant lopen, komt een mountainbiker ons achterop. Hij houdt in tot wij voorbij de modderpoel zijn en haalt ons dan in. Onze opmerking dat een beetje mountainbiker toch wel dwars door de modder gaat, ontlokt hem enkel een ‘boer-met-kiespijn’-lachje. Hij was waarschijnlijk met andere dingen bezig, zoals de Meiberg die op hem (en ons) ligt te wachten. De 90 meter hoge berg heeft een stevige klim in petto. Hij doet ‘m op het kleinste blad en weet fietsend de top te bereiken. Wij kunnen alleen vol bewondering toekijken.

De taakverdeling was bij het begin van de wandeling al snel duidelijk: de mannen nemen het navigeren op zich.  Mijn vriendin en ik lopen voorop en slaan op een gegeven moment een bospaadje in. Achter ons horen we “Hey dames, hier naar rechts”. De twee oudere vrouwen met hond die we net ingehaald hebben, kijken verbaasd op en begrijpen al snel dat zij niet naar rechts hoeven. “Hij klinkt wel streng”, vertrouwt een van de vrouwen ons nog toe als we ons omgedraaid hebben en de weg weer teruglopen. Ze voegt er een vette knipoog aan toe, althans, dat had zomaar gekund.

Trage Tocht Berg en Dal
Met bijna 12 kilometer op de teller, begint de cappuccino nu wel te lonken. De brasserie die ons in de routeomschrijving in het vooruitzicht is gesteld, blijkt helaas dicht. Het biedt een verlaten indruk. Op deze zondag had het nog wel wat omzet kunnen draaien met de vele wandelaars die hier hun middag doorbrengen. Dan maar door naar de horeca aan het beginpunt.

Vlak voor het einde strekken wijngaarden zich uit over de glooiende heuvels. Een sms-je van de provider heet ons welkom in Duitsland. We zijn nauwelijks verbaasd. Dit zijn geen Hollandse landschappen meer. Een lang weekend Duitsland dat ‘altijd nog eens’ op de planning staat, zou zomaar kunnen veranderen in een lang weekend Berg en Dal. Aan de wandelingen zal het niet liggen. Die smaken naar meer en er zijn er nog genoeg over.

Onhollandse landschappen
Onhollandse landschappen

Deze wandeling telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Dwalen door Drentse historie

Te voet/te fiets: Te voet
Route: Groene Wissel Frederiksoord: Landgoed Frederiksoord-Wilhelminaoord
Afstand: 16 km
Startpunt: Centrum Frederiksoord
Eindpunt: Centrum Frederiksoord

Frederiksoord
Even buiten Frederiksoord worden we verwelkomd in de kolonie

Het lijkt wel alsof we in een groot openluchtmuseum uit zijn gestapt. Monumentale panden staan naast elkaar aan een lange laan. Veel huizen hebben een bord in de tuin staan: ‘koloniekerk’, ‘schoolmeesterswoning’, ‘mandenmakerij’ met daaronder een toelichting op de vroegere functie van het gebouw. Af en toe staat er een ander bord naast. Zo staat in de tuin van de koloniewinkel ook een bord met ‘Uitvaartverzorging Kiers’, met een website voor meer informatie.

We bevinden ons in Frederiksoord, een van de voormalige veenkoloniën in het noorden van Drenthe. Het is het beginpunt van onze Groene Wissel wandeling  door Frederiksoord, Vledder en Wilhelminaoord, een middag dwalen door een voor mij onbekende episode in de Nederlandse geschiedenis.

Onderweg naar Steenwijk is het weer niet heel uitnodigend. Acht graden, geeft de thermometer aan. Af en toe vallen er wat drupjes op de voorruit. Grijze wolken snellen voorbij. Wat een contrast met het warme mooie weer van afgelopen tijd. Maar de afspraak staat en we laten ons niet weerhouden door de buien die volgens buienradar de komende uren precies over Frederiksoord heen drijven. Op de afgesproken plek blijkt onze wandelgenoot er al te zijn. Met rugzakregenhoes en waterdichte wandeljas is ze goed voorbereid. Als wij ons ook in onze bergschoenen hebben gehesen lopen we met gedetailleerde routebeschrijving in de hand richting Hotel Frederiksoord. Tussen twee knus naast elkaar staande witte ambtenarenhuisjes slaan we linksaf, richting het buitengebied.

Tussen twee ambtenarenhuisjes door lopen we richting buitengebied
Tussen twee ambtenarenhuisjes door lopen we richting buitengebied

Die morgen had ik nog even gekeken naar de routebeschrijving. In de inleiding stond een link naar de geschiedenis van Frederiksoord. Niet zoals Veenhuizen een strafkolonie, maar een kans om opnieuw te beginnen voor de ‘armoedige gezinnen’ uit veelal de grote steden. De Maatschappij van Weldadigheid wees hen een stuk grond toe en ze konden aan de slag als boer in het Drenthe van de 19e eeuw. Frederiksoord was niet de enige nederzetting. Ook Boschoord, Willemsoord  en het nabijgelegen Wilhelminaoord verrezen.

Zoals dat gaat in maatschappijen zijn er ook mensen die er niet in passen. Zij worden weggestuurd en bouwen in de buurt plaggenhutten. Zo ontstaan de zogenaamde ‘desperado-kolonies’, zoals Vledderveen en Nijensleek. Onderweg naar het startpunt rijden we door dit laatste dorp heen. Desperado-kolonie had bij mij beelden opgeroepen van een wetteloos wild west stadje. Het contrast met het ingeslapen lintdorp op een zondagochtend in oktober begin 21ste eeuw kan niet groter zijn.

Onderweg komen we sowieso weinig mensen tegen. Na Frederiksoord lopen we via klinkerwegen in de richting van de Wapserveense Aa en nemen daar het zandpad en volgen de vaart. Op wat koeien en zwanen na is het erg rustig. We kijken uit op het land dat er verlaten bij ligt. Was het hier een drukte van belang, twee eeuwen geleden? Het is moeilijk voor te stellen.

Wapserveense Aa

Als we een bruggetje oversteken komen we op een pad terecht waar niet veel mensen ons voor zijn gegaan. Het natte gras staat hoog en onze schoenen en broeken raken langzaam maar zeker doorweekt. We volgen inmiddels de Vledder Aa en lopen daar waar we zonder de routebeschrijving nooit terecht zouden zijn gekomen. Het pad komt uit in een weiland en na een paar kilometer zien we het verharde fietspad dat we verder moeten volgen. Als doorgewinterde wandelaars trotseren we het schrikdraad dat ons nog scheidt van de weg en staan we op droge grond. Op naar Vledder.

Via een park komen we in het enigszins verlaten centrum van het toeristische plaatsje terecht. Op een bankje bij de kerk eten we ons brood en laten we onze broeken drogen. Het is inmiddels droog en met een beetje goede wil is er een zonnetje te zien. Na de laatste boterham en een blik op de kerktoren is het tijd om door te gaan.

Voor het open landschap komen nu bossen in de plaats. Door houtwallen, bosranden en heidevelden komen we door mooie natuur heen. De typisch Drentse schapen die we tijdens onze Drentse wandeling in februari niet zagen, zijn hier volop aanwezig. Langs het Blauwe gat, een bosvennetje waar we voor het eerst andere wandelaars zien, gaat de route richting Wilhelminaoord.

Vledder

Ook hier weer huizen met toelichtingsbordjes. Hoe zou dat zijn voor de bewoners? Niet alleen woon je op een plek vol geschiedenis, maar je maakt ook deel uit van een onofficieel openluchtmuseum. In de zomer staan er hordes toeristen voor je huis, lezen het bordje, maken een foto. Zouden ze instructies krijgen hoe om te gaan met de toeristen? Zijn er speciale regels om de huizen in de oorspronkelijke staat te houden? Het lijkt idyllisch, maar of ik in zo’n huis zou willen wonen, ik weet het niet … Hoewel de Bed & Breakfast in de voormalige pastorie naast de koloniekerk in Wilhelminaoord natuurlijk wel weer een erg leuke bestemming is voor zo’n geschiedkundig monument.

Na Wilhelminaoord is het niet ver meer naar ons startpunt. In Frederiksoord, hebben we onszelf beloofd, drinken we de traditionele Elke Maand Een Route-cappuccino. Door bossen en over zandwegen leggen we de laatste kilometers af. 16 kilometer geeft de GPS aan als we de Majoor van Swietenlaan in Frederiksoord bereiken. Voor het voormalige postkantoor staat een bord buiten waarop de woorden koffie en gebak staan. Het oude gebouw kijkt ons uitnodigend aan en we maken van dit droge moment gebruik om – wellicht voor de laatste keer dit jaar – plaats te nemen op het terras.

In het voormalige postkantoor wordt nu heerlijke cappuccino geschonken
In het voormalige postkantoor wordt nu heerlijke cappuccino geschonken

Als de cappuccino op de tafel staat, vallen er fijne druppeltjes uit de grijze lucht. We laten ons niet weerhouden van dit laatste terrasje van het jaar en blijven zitten. De oktober-uitdaging is volbracht met een zeer afwisselende wandeling door een mooi gebied vol historie. Hier komen we nog een keer terug. Al is het alleen maar om Museum de Koloniehof te bezoeken, het museum over deze streken. Het museumseizoen breekt immers weer aan, concluderen we als we weer in onze warme en droge auto zitten.

Deze wandeling telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Ronde van de Lemelerberg

Te voet/te fiets: Te fiets
Route: Van Zwolle via de LF 16 Vechtdalroute, LF 8 en LF 15 Boerenlandroute terug naar Zwolle.
De LF 16 Vechtdalroute is 230 km lang en loopt van de monding van de Vecht bij Zwolle naar de bron bij het Duitse Darfeld. De naamloze LF 8 is een 100 km lange verbindingsroute tussen LF-routes en loopt van Ommen naar Winterswijk. De LF 15 Boerenlandroute tenslotte is 260 km lang en doorkruist Nederland van Alkmaar naar Enschede. Het draait bij deze route allemaal om het authentieke Nederlandse boerenleven, dat per streek veel verschillen laat zien.
Afstand: 74 km
Startpunt: Zwolle
Eindpunt: Zwolle

Een rondje van LF-routes om de Lemelerberg heen
Een rondje van LF-routes om de Lemelerberg heen

Op de kaart vormen ze een driehoek, de drie LF-routes die om en nabij de Lemelerberg lopen. Het lijkt een mooi rondje voor deze zondag. Om kwart over negen ’s ochtends zitten we al op de fiets. De temperatuur is aangenaam als we de binnenstad van Zwolle doorkruisen. Volgens de voorspellingen wordt vandaag de 27 graden aangetikt. Een gelukje dat deze zomerse dag in het weekend valt na al die regendagen van afgelopen weken.

Na een aantal kilometers zien we de eerste LF-bordjes. We zitten op de Vechtdalroute. Al snel verlaten we Zwolle en fietsen langs de rivier over de dijk. Hoewel het nog vroeg is, zijn we niet de enigen. Veel hardlopers en fietsers genieten van het zomerse weer. Aan de overkant van de rivier zien we de met zilverkleurig plastic omhulde hooibalen glinsteren in de zon. Net van die zilveren bolletjes waar we vroeger op kinderfeestjes de plakjes cake mee versierden.

De vecht met zilveren hooibalen
De vecht met zilveren hooibalen

Een paar kilometer voor Dalfsen staat een kleindochter met haar opa en oma om een groene paal heen. Ze luisteren ingespannen naar een kinderstem die over de dijk heen schalt. We vangen woorden op als ‘Vechtdal’, ‘landgoed’ en ‘lang geleden’. Nieuwsgierig geworden, stappen we een paar meter verder af, pakken de zonnebrandcrème en luisteren mee naar het verhaal.

Als de opa en oma verder fietsen met hun kleindochter, overbruggen wij de paar meter en zien een vechtdalinformatiepaal. D.m.v. een pedaal onderaan de paal wek je stroom op voor het verhaal  (“blijven trappen” maant het opschrift ons). Wij kiezen voor de volwassenenvariant en luisteren een paar minuten lang naar een ver familielid van een grootgrondbezitter die hier lang geleden woonde.

Een informatiepaal aan de Vecht
Een informatiepaal aan de Vecht

Helemaal op de hoogte van het ontstaan van dit gebied fietsen we verder. Al gauw zien we de zwevende steen van Dalfsen en het daar tegenover liggende stadje. Naast het gemeentehuis ligt een zeer aanlokkelijk terrasje aan de Vecht. De beslissing is snel genomen en al snel zitten we aan de cappuccino. We kijken uit over het water en steken onze hand op naar een voorbijvarend sloepje met grote picknickmand. Ja, deze zondag mag met recht zomers genoemd worden.

De zwevende steen bij Dalfsen
De zwevende steen bij Dalfsen

De fiets lonkt weer en we vertrekken richting Ommen. We volgen nog steeds de Vecht en moeten regelmatig afremmen voor grote groepen wandelaars die in zomerse kleding het fietspad bevolken. We komen door bossen, langs landgoederen en beklimmen zelfs een berg. De Lemelerberg wel te verstaan. Een heuvel die oprijst in het landschap en een populaire plek is voor wandelaars en mountainbikers.

Even daarvoor waren we al verschillende campings en B&B’s tegengekomen die namen hadden als ‘Bergzicht’ en ‘Berg en bos’. Maar hoe we ook ons best deden, een berg zagen we niet. Misschien dat het zicht op de berg alleen in de winter van toepassing is, als de bomen kaal zijn. Als we kort daarna het bos induiken en de weg merkbaar begint te stijgen, kunnen we het bestaan van de berg niet meer ontkennen. We passeren enkele afgestapte fietsers die de laatste hoogtemeters te voet overbruggen. Hun fietsen aan de hand. Dat is onze eer te na en wij zetten stug door. Gelukkig hebben we nog de Deense heuvels in de benen en bereiken fietsend de top.

Na de top zijn we in no time weer beneden, waar we een bankje zoeken om ons te beraden op de verdere fietstocht. De temperatuur is aanmerkelijk gestegen en onze bidons beginnen leeg te raken. We zijn het niet meer gewend, die hoge temperaturen. We besluiten het rondje wat kleiner te maken. We laten Hellendoorn en Nijverdal voor wat ze zijn en steken door naar Lemelerveld, waardoor we op de Boerenlandroute terechtkomen.

LF 15 Boerenlandroute
LF 15 Boerenlandroute

Zoals de naam al doet vermoeden passeren we veel akkerland, met hier en daar een varkensboerderij. Het zijn rustige wegen langs vaarten en bosranden. We hebben de wind in de rug en waaien met gemak terug naar Zwolle. 74 kilometer geeft de teller aan, als we afstappen. 40 kilometer minder dan in de planning lag, maar het voelt als een volwaardige etappe: de Ronde van de Lemelerberg.

Deze fietstocht telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Strandstoelen, sups en een oorlogsschip

Deense fietsvakantie #3

In juni 2016 fietsen we anderhalve week al eiland hoppend door Denemarken. Ons Deense avontuur begint in het Duitse Flensburg, waar de trein ons en onze fietsen in ruim 9 uur heen brengt. Via zuidelijk Jutland, Als, het zuiden van Fyn, Tåsinge, Langeland, Lolland, Falster en Bogø komen we uiteindelijk op Møn aan. Onze meest oostelijke bestemming. Terug op Lolland steken we over naar Noord-Duitsland, alwaar we in Lübeck de trein weer terug pakken naar Nederland.

Onderweg genieten we van het Deense landschap, hebben allerlei ontmoetingen en beleven dingen die je van tevoren niet bedenkt. De komende tijd kun je hier een greep uit die belevenissen lezen, in willekeurige volgorde.

Te voet/te fiets: Te fiets
Route: Van Fehmarnsund via de Oostzeekustroute naar Lübeck
De Oostzeekustroute – ook wel Ostseeküsten-Radweg, Baltic Sea Cycle Route of EuroVelo 10 genoemd – volgt bijna 8000 km lang de kust van de Oostzee. De route gaat door Duitsland, Polen, Litouwen, Letland, Estland, Rusland, Finland, Zweden en Denemarken. Wij rijden er 100 km van, in de Duitse deelstaat Schleswig-Holstein.
Afstand: 102 km
Startpunt: Fehmarnsund op het Oostzee-eiland Fehmarn (Duitsland)
Eindpunt: Lübeck (Duitsland)

Oostzeekustroute van Fehmarnsund naar Lübeck
Oostzeekustroute van Fehmarnsund naar Lübeck

We worden wakker in een oude caravan met een inrichting die sinds de jaren 70 niet meer is veranderd. Dagen later ruik ik nog de muffe geur die in mijn slaapzak is achtergebleven. Het matras ligt echter prima en onze telefoons en batterijen voor de GPS zijn weer helemaal opgeladen. Het animatieteam dat over een paar dagen zijn intrek neemt in dit stulpje heeft niks te klagen. Wij ook niet, en de overnachting was kosteloos.

Gisteren kwamen we na een lange dag fietsen op deze camping aan. Onze laatste dag Denemarken was er een met veel (tegen)wind, lange rechte wegen en uiteindelijk de haven van Rødby. Wachtend op de veerboot die ons naar het Duitse Puttgarden zou brengen, blikten we terug op een zonnige, mooie week in Denemarken. Het Scandinavische land had ons aangenaam verrast. Nu op zoek naar een Duitse camping.

Die camping vinden we in Fehmarnsund pal aan de Oostzee, waar de campingmevrouw ons geheel onverwacht een gratis overnachting in een caravan aanbiedt. “De nachten zijn koud” geeft ze als verklaring. Misschien dat onze volgepakte fietsen en de sporen van een lange dag op onze gezichten mee hebben  gespeeld.

De volgende ochtend vertrekken we vroeg. We hebben aardig wat kilometers voor de boeg. We willen vandaag Lübeck halen om morgen de trein terug te pakken naar Nederland. Na een blik op de kaart besluiten we de Ostseeküsten-Radweg te volgen. Buiten de camping zien we een klein vierkant bordje met ‘Ostseeküsten-Radweg’ onder de richtingaanwijzer hangen. Het is nu een kwestie van bordjes volgen. Dat blijkt echter niet zo eenvoudig.

Ostseeküsten-Radweg
Aanvankelijk gaat het goed. Over de hoge Fehmarnsundbrücke steken we de zee-engte tussen Fehmarn en het vasteland over. Door het hoge gras aan weerszijden van het fietspad blijft er slechts een smalle strook weg over. Het lijkt wel een single track op een mountainbike parcours. Onze fietstassen raken continu het gras, waardoor we ongewild een breder pad banen voor de fietsers die na ons komen. Het weerhoudt ons er niet van om te genieten van het uitzicht over de Oostzee. Het ochtendzonnetje doet het water glinsteren.

De route voert ons door een glooiend landschap met akkers en boerderijen. De zee is nooit ver weg, getuige de vele richtingaanwijzers naar uitspanningen en campings. We zien hem echter pas na 25 kilometer weer, azuurblauw en zomers. Deze afwisseling van kust en binnenland maakt de Oostzeekustroute zeer aantrekkelijk. Verandering van spijs doet eten.

Even een pauze om de kaart te raadplegen
Even een pauze om de kaart te raadplegen

Aan de kust zijn we niet de enige. Hoewel het een doordeweekse dag in juni is, hebben vele mensen de weg naar het strand gevonden. Ook de fietspaden zijn goed bezet. We passeren dagjesmensen maar ook vakantiefietsers, veel vakantiefietsers. In 10 minuten Oostzeekustroute komen we er al meer tegen dan in een week Denemarken.

Als we in een grotere plaats komen, raken we de routebordjes kwijt. Een GPS-route was nu wel handig geweest. We fietsen maar naar het zuiden en pikken uiteindelijk weer de route op. In de volgende plaats is het weer hetzelfde verhaal. We maken zo heel wat extra kilometers maar komen ook een bakkerij met heerlijke broodjes tegen. Op het terras bepalen we opnieuw onze richting. Het zal niet de laatste keer zijn.

In de middag stoppen we voor bloedsinaasappelschepijs. Op een muurtje kijken we uit over zee. Er komt een kano langs en een supper. Staand op zijn sup-board beweegt de jongen zich met soepele slagen voort en is binnen no-time uit ons gezichtsveld verdwenen. De typisch Duitse strandstoelen staan netjes in rijen opgesteld. In de verte ligt een oorlogsschip. Het vormt een vreemd contrast.

Typisch Duitse strandstoelen
Typisch Duitse strandstoelen

Aan het einde van de dag bereiken we de buitenwijken van Lübeck. De GPS is ingesteld op het station en verkeerslicht na verkeerslicht naderen we het centrum van deze Hanzestad. Wachtend voor één van deze verkeerslichten stopt er een oudere dame naast mij. Na een goedkeurende blik op onze bepakte fietsen vraagt ze waar wij heengaan. “We zijn er al”, zeg ik, “Lübeck”. Ze glimlacht en steekt haar duim omhoog. “Was ik nog maar jong” denk ik haar te horen mompelen. Dan springt het licht op groen. “Nog een mooie avond in mijn stad” roept ze ons na.

Deze fietstocht telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Fietsen over een landingsbaan

Te voet/te fiets: Te fiets
Route: Van Bennekom via de LF4 Midden-Nederlandroute over de Utrechtse Heuvelrug naar Zeist (50 km) en vandaar via de Soester Duinen naar Amersfoort
De LF4 loopt van Enschede naar Den Haag en is in totaal 300 km lang. Met deze route doorkruis je een “staalkaart van Nederlandse landschappen”: bos, landgoederen, heuvels, rivieren en uiteindelijk de kust. De routes zijn beide kanten op gemarkeerd met de groen-witte bordjes.
Afstand: 85 km
Startpunt: Bennekom
Eindpunt: Station Amersfoort

De route
Op de dagen dat Gelderland roze kleurde en wielrennen eventjes volkssport nummer 1 werd, fietsten wij daar ook, mijn medefietsers en ik. In twee dagen zouden wij Gelderland en Utrecht doorkruisen. Een gevarieerd landschap met bossen, heidevelden, heuvels, rivieren en niet te vergeten Landelijke Fiets (LF-)routes.

Na een zonovergoten eerste dag dwars over de Veluwe, starten we de volgende dag vanuit onze B&B in Bennekom. In een mum van tijd hebben we het plaatsje verlaten en klimmen en dalen door de bossen naar Renkum, waar we de LF 4 oppikken. De temperatuur is al aangenaam, het wordt ook deze dag weer 26 graden. Een mooi visitekaartje voor de Giro.

Bij Wageningen verruilen we de bossen voor de Rijn en is het fietspad opeens vol met fietsers. Al snel echter laten we de drukte achter ons als we weer het achterland induiken. Als de route voor de Grebbeberg naar rechts afbuigt, is een van mijn medefietsers teleurgesteld. Die uitdaging was ze graag aangegaan! Maar even later wordt ze op haar wenken bediend, als een klein weggetje door het bos ons dwingt terug te schakelen en ettelijke kilometers bergopwaarts te fietsen.

Deze berg laten we aan ons voorbij gaan...
Deze berg laten we aan ons voorbij gaan…

In Rhenen nemen we onze eerste welverdiende cappuccino op een terras dat langzaam roze kleurt. Een grote groep MAMILS (Middle Aged Man In Lycra) in roze Giro-shirtjes uit 2010 – toen de Ronde van Italië in Amsterdam startte – strijkt naast ons neer. Ze bespreken hun rit tot nu toe en lijken zeer tevreden. Na de koffie komt de zonnebrandcrème tevoorschijn. Geen overbodige luxe op een dag als deze.

Je kunt niet om de Giro heen
Je kunt niet om de Giro heen

Als we verder fietsen passeren we de verkeersregelaars die al klaar staan om de Giro-renners vrij baan te geven. Het is het laatste wat we zien van de wielerwedstrijd, de LF4 voert ons verder de provincie Utrecht in. Na Rhenen en Elst komen we langs het kasteel van Amerongen. Het ligt er mooi bij en vormt een ideale lunchplek. Met uitzicht op het slot laten we ons de druiven en de croissants goed smaken.

Via Doorn en Odijk komen we bij Zeist, onze vorige woonplaats en bekend terrein. We verlaten de LF4 en fietsen verder naar Soesterberg. Opeens is het fietspad een stuk breder. Asfalt zover het oog reikt, een zinderende lucht en in de verte een groot zwart gebouw. We staan op de voormalige landingsbaan van Vliegveld Soesterberg en kijken uit op het Nationaal Militair Museum. Nog niet eerder fietste ik over een landingsbaan, een vreemde gewaarwording.

Het fietspad loopt over een landingsbaan heen
Het fietspad loopt over een landingsbaan heen

Na Soesterberg is Amersfoort niet ver meer. Via de mooie Soester Duinen met haar zandverstuivingen en hoogteverschillen bereiken we uiteindelijk het station van de Keistad, alwaar we onze tocht afsluiten op een terras. We hebben in totaal 85 kilometer afgelegd vandaag. Weliswaar niet in het roze, en ook niet op een racefiets, maar het voelde wel degelijk als een echte etappe.

Een welverdiende smoothie
Een welverdiende smoothie

Deze fietstocht telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Langs de Zuiderzee

Te voet/te fiets: Te fiets
Route: Rondje rondom het Veluwemeer via LF9 NAP-route, etappe Elburg – Harderwijk en LF23 Zuiderzeeroute, etappe Harderwijk – Elburg
De LF9 loopt van Nieuweschans naar Breda en is in totaal 455 km lang. Deze route volgt de kustlijn die ontstaat als alle dijken en duinen wegvallen. Een intrigerend (en confronterend) uitgangspunt. De LF 23 loopt van Kampen naar Amsterdam en is in totaal 115 km lang. Samen met LF21 en LF22 vormt het de Zuiderzeeroute. De routes zijn beide kanten op gemarkeerd met de groen-witte bordjes.
Afstand: 53 km
Startpunt: Parkeerplaats bij Elburg Vesting in Elburg
Eindpunt: Parkeerplaats bij Elburg Vesting in Elburg

De NAP-route langs het Veluwemeer
De NAP-route langs het Veluwemeer

Al een tijdje was voorspeld dat deze zondag de eerste echte lentedag zou zijn, met temperaturen van wel 20 graden. En wat is nu een betere manier om die dag door te brengen dan op de fiets? Toen we echter vanochtend de gordijnen openschoven en de regendruppels zachtjes op de terrastegels zagen landen, werd ons enthousiasme enigszins getemperd. Waar was die uitbundige zon, die blauwe lucht, het kortebroekenweer?

Als we in Elburg – in lange broek en met jasje – op de fiets stappen, regent het nog steeds een beetje. We rijden over de brug over het Veluwemeer naar Flevoland en komen al snel de eerste camping tegen en het eerste bungalowpark. De parken ogen verlaten, een enkeling zit aan het ontbijt in zijn voortent. Zijn uitzicht bestaat uit een grijs Veluwemeer en af en toe een fietser.

De lange rechte weg voert ons vlak langs het meer. Met een paar passen zouden we onze warmgefietste voeten kunnen koelen in het meer. Net als tijdens onze wandeling langs de IJssel in januari laten we deze kans aan ons voorbij gaan. De regen maakt het niet erg aantrekkelijk. Aan de overkant zien we Gelderland en het fietspad dat we op de terugweg nemen.

Na nog veel meer campings, parken, een golfbaan, de langste kunstijsbaan ter wereld en een schietbaan maakt het fietspad opeens een bocht naar links. Ik overweeg nog om rechtdoor te fietsen, de weg lijkt namelijk gewoon door te lopen. Net op tijd, gooi ik mijn stuur om. Ik had bijna alsnog mijn voeten gekoeld in het Veluwemeer. Net als bij een Engelse ‘ford’ loopt een zijstroompje van het meer over de weg heen naar het achterland.

Een 'ford' in de polder
Een ‘ford’ in de polder

Als we even later in Harderwijk komen, schijnt de zon uitbundig. De lentedag had gewoon wat opstartproblemen. Op zoek naar cappuccino fietsen we het centrum in en stuiten in het Hortuspark op een terrasje. Met uitzicht op het park, genieten wij van een ovenvers appelkruimeltaartje. De musjes zijn niet verlegen en pikken graag een kruimeltje mee.

De musjes pikken graag een kruimeltje mee
De musjes pikken graag een kruimeltje mee

Met de zon als bondgenoot fietsen we na deze cappuccino weer richting Elburg. We volgen nu de Zuiderzeeroute. Een fietstocht van ruim 400 km om de voormalige Zuiderzee. Een route  die al een tijdje op mijn nog-te-fietsen-lijstje staat. De verkennende 25 km die we vandaag fietsen, bevalt goed. We tikken de Veluwe aan en komen langs enkele varkensboerderijen. Onderweg zien we steeds meer fietsers. De doorgewinterde zondagse wielrenners worden nu afgewisseld door oudere echtparen op e-bikes en gezinnen. Ook motorrijders zijn in groten getale op weg. In colonnes doorkruisen ze het landschap.

De Zuiderzeeroute
De Zuiderzeeroute

Ter hoogte van Nunspeet buigt de route af naar rechts, maar mijn medefietser slaat linksaf. Hij kent het hier goed. Even later staan we aan het meer, aan de surfoever de Hoge Bijssel. Het is er verlaten. “Als de wind goed is, is het hier vergeven van de surfers”, verzekert mijn medefietser me. Hij wijst mij het veldje aan waar hij vele malen zijn surfmateriaal in orde heeft gebracht. Met een glimlach kijkt hij over het water.

Het op-de-pont-wacht-bankje aan de Hoge Bijssel
Het op-de-pont-wacht-bankje aan de Hoge Bijssel

Bij de plek waar de pont van de overkant van het Veluwemeer aanmeert, eten we een boterham. Daar in de verte fietsten we vanochtend. De caravans van de campings zijn goed te zien. Dan varen er twee jongens in een rubberboot ons gezichtsveld binnen. “De pont vaart nog niet, meneer” zegt de stuurman beleefd, “Pas eind deze maand”, voegt de tweede jongen eraan toe. We realiseren ons dat we op het ‘op-de-pont-wacht-bankje’ zitten en verzekeren de jongens dat we ondanks onze zitplek niet op de pont wachten. Ze knikken, glimlachen en keren de boot dan om.

De laatste 10 kilometers naar Elburg voeren over een fietspad met treurwilgen dwars door weilanden. Aan onze linkerhand blijft het Veluwemeer zichtbaar. De zon brandt in ons gezicht, de vliegen zoemen om ons heen. Wat een contrast met vanochtend. Het is bijna jammer als we de contouren van Elburg in het vizier krijgen en de Zuiderzeeroute verlaten. Ik wil door naar Kampen, Blokzijl, Lemmer, de Afsluitdijk over. De Zuiderzeeroute is zojuist met stip gestegen in de nog-te-fietsen Top 10.

Zuiderzeeroute vlak voor Elburg
Zuiderzeeroute vlak voor Elburg

Deze fietstocht telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

 

Stroomopwaarts op de fiets

Te voet/te fiets: Te fiets
Route: LF3 Hanzeroute, etappe Zutphen – Arnhem
De LF3 loopt van Holwerd naar Maastricht en is opgedeeld in de Rietlandroute, Hanzeroute en Maasroute. Wij fietsten een deel van de Hanzeroute, die de fietser 135 kilometer lang langs de IJssel en een aantal voormalige Hanzesteden voert. De route is beide kanten op gemarkeerd met de groen-witte bordjes. De route  begint bij Millingen en eindigt in Kampen (of omgekeerd).
Afstand: 54 km
Startpunt: Parkeerplaats bij IJsselpaviljoen, IJsselkade 1 in Zutphen
Eindpunt: Station Arnhem

De groenwitte bordjes markeren de LF-routes
De groenwitte bordjes markeren de LF-routes

Het hele weekend schijnt de zon uitbundig, een voorbode dat de lente niet lang meer op zich laat wachten. Als er een moment is om de eerste lange afstandsroute voor ‘Elke Maand Een Route’ te fietsen, dan is het nu. De temperatuur haalt amper de 6 graden, maar we rekenen erop dat de zonnestralen een hoop goed maken. De handschoenen gaan wel mee en we besluiten de route in een gunstige windrichting te fietsen. Op naar Zutphen.

Bij Zutphen stuiten we – nog in de auto – op de eerste omleidingen. Uiteindelijk weten we de parkeerplaats aan de IJssel te vinden. We laden de fietsen van de auto en gaan op weg. Even buiten Zutphen zijn daar weer die gele borden. Een aantal wegen is afgesloten, een bord ‘doodlopende weg’ markeert de weg die wij willen nemen. Wij wagen de gok. Als fietser hebben we de ervaring dat dit niet zoveel zegt. Vaak kun je er op de fiets nog wel langs.

Na 1,5 km echter komen we op een kruispunt van vier wegen, waarvan er drie afgesloten zijn. De enige weg die we kunnen nemen, is de weg die we net gekomen zijn. Doodlopend is in dit geval echt doodlopend. Mijn medefietser raadpleegt de GPS en komt tot de conclusie dat we weer terug moeten naar het begin. Die 50 km gaan we vandaag wel halen zo!

Als we de route weer oppikken komen we al snel bij het pontje naar Bronkhorst, het kleinste stadje van Nederland. Als drie auto’s en de nodige fietsers de pont opgereden zijn, gaat de slagboom dicht. Om een paar seconden later weer open te gaan. Vier mountainbikers rijden met enige spoed de pont op. Op de vraag van de pontschipper of er nog meer komen, antwoordt een van de mannen schertsend dat er nog 30 volgen. De pontschipper lacht even, werpt voor de zekerheid nog een snelle blik op de toegangsweg, maar maakt zich dan klaar om te vertrekken.

De twee mannen en twee vrouwen rijden op identieke mountainbikes, allemaal hebben ze een spijkerbroek aan, de dames een handtas om de schouder, nog net geen hakken aan. De mtb-verhuurder zal niet ver weg zijn. Aan de overkant buigen zij af “naar het stadje. Want dat hebben we wel verdiend!”. Wij laten Bronkhorst – in dit geval – rechts liggen en vervolgen de route over de IJsseldijk.

Net voorbij Bronkhorst komen we langs een gemaal. In de voormalige gemaalwoning zitten mensen aan de koffie en kijken uit over de uiterwaarden. Aan de andere kant van de weg staan witte picknickbankjes. De kilometerteller nadert de 20 km, een goed moment voor de eerste stop.

Witte picknickbankjes bij het Keukengemaal/Kunstgemaal bij Bronkhorst
Witte picknickbankjes bij het Keukengemaal/Kunstgemaal bij Bronkhorst

We zijn in het Keukengemaal aanbeland. Een hippe brasserie aan de IJsseldijk die dit seizoen net weer een week open is. De cappuccino is er uitstekend, de boerenappeltaart van streekproducten ook. In de lichte rechthoekige ruimte zit een handjevol mensen. Ik kan me voorstellen dat deze aantallen snel verdubbelen zodra de temperaturen gaan stijgen. Naast het Keukengemaal zit het Kunstgemaal, een expositieruimte waar hedendaagse kunstenaars hun werk kunnen laten zien. Er zijn mindere plekken om te exposeren.

Na de cappuccino fietsen we in straf tempo verder. De wind maakt het knap fris maar het zonovergoten landschap is het meer dan waard. We passeren mooie uitzichten op het hoge water in de uiterwaarden. Het rivierwater is felblauw. De witte zeilen van de kleine zeilbootjes bij Giesbeek maken het contrast nog groter. Een mooie dag om je eerste zeilles te krijgen.

Bij Westervoort gaat de route verder naar Millingen. Wij slaan af naar Arnhem om daar de trein terug naar Zutphen te nemen. Onderweg in de trein zien we de plekken waar we langs hebben gefietst. Nog steeds zonovergoten. In Zutphen maakt de laagstaande zon het plaatje nog mooier. Het is een aanrader, deze eerste fietstocht voor EMER16.

De IJssel bij Zutphen
De IJssel bij Zutphen

Deze fietstocht telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016