2020 | Vooruitblik op mijn wandeljaar

En toen was het 2020. Een nieuw wandeljaar is aangebroken. Wat zijn mijn plannen?

Nederland
In 2020 wandel ik verder op het Marskramerpad, het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad en het Pieterpad en wellicht dat ik dit jaar het Salland Pad afrond. Daarnaast is het plan om aan een nieuw pad te beginnen: het Graafschapspad in de Achterhoek. Het boekje is al binnen.

Ook mogen de eendaagse routes niet ontbreken. Zo heb ik mijn zinnen gezet op het Kromme Rijnpad. Een paar jaar geleden heb ik een stukje van dit pad gewandeld. De 29 km lange route loopt van Wijk bij Duurstede, langs de Kromme Rijn, naar Utrecht. Een mooie route die naar meer smaakte en de 29 km zijn goed te doen in een dag. Misschien dat het er dan toch dit jaar van komt. Uiteraard zal ik ook dit jaar de nodige Groene Wissels en Trage Tochten wandelen. Ze bevallen over het algemeen zeer goed. Ook sluit ik een NS-wandeling of een Klompenpad niet uit.

Zwitserland
Voor de zomer staat er een wandelvakantie in Zwitserland gepland. De plannen liggen nog niet vast maar wandelen bij Grindelwald in het kanton Bern staat in ieder geval op de planning. Ik kom van kinds af aan in dit land en ken met name het Wallis goed. In de regio Grindelwald heb ik een aantal jaren geleden gewandeld. Dat beviel goed en daarom staan er nu weer een paar dagen in dit gebied op het programma.

Tips?
Heel wat plannen voor 2020 dus. Natuurlijk sta ik ook open voor andere interessante wandeltips in Nederland. Dus is er een Groene Wissel, een Trage Tocht, een NS-wandeling, een Klompenpad of andere eendaagse wandelroute die ik zeker moet lopen, laat het me weten. Ook tips voor eendaagse wandelingen in Zwitserland zijn welkom. Welke wandelingen in dit prachtige land zijn echt de moeite waard?

2019 | Terugblik op mijn wandeljaar

Uitzicht op de Lek tijdens het Klompenpad Lint- en Liniepad

2019 was een goed wandeljaar. Heel afwisselend ook. In tegenstelling tot voorgaande jaren. In 2017 ontdekte ik de langeafstandspaden en liep in dat jaar bijna alle etappes van het Jacobspad. Ook in 2018 lag de focus op één pad, het Westerborkpad. In 2019 zijn het vooral veel verschillende paden geworden. Met veel verschillende mensen en ook alleen.

Welke soorten routes liep ik in 2019?

LangeAfstandsWandeling (LAW)

In de categorie LAW’s liep ik de laatste twee etappes van het Westerborkpad en eindigde heel toepasselijk op 4 mei op het eindpunt in Kamp Westerbork. Ook begon ik dit jaar aan het Marskramerpad. Nadat een vriendin in 2018 in vijf weken het Pieterpad liep, had het wandelvirus haar te pakken en spraken we af om met zijn tweeën van Bad Bentheim naar Scheveningen te lopen. We zijn dit jaar in de buurt van Deventer geëindigd. In 2020 gaan we weer verder.

Met deze Pieterpad-vriendin liep ik in 2018 twee etappes mee van dit pad der paden. Dat smaakte naar meer en dit jaar besloot ik om de komende jaren het Pieterpad helemaal te lopen. In 2019 maakte ik daar een beginnetje mee op de grens van Groningen en Drenthe, samen met een enthousiaste collega.

Streekpad

Noardlike Fryske Wâlden Streekpad: Bûtenfjild boven Feanwâldsterwâl

Met het relatief nieuwe Noardlike Fryske Wâlden Streekpad in een onbekende streek van Friesland, begon ik in februari dit jaar. Helaas ben ik dit jaar niet verder gekomen dan drie etappes. Ik hoop in 2020 wat meer kilometers te maken. De Noardlike Fryske Wâlden zijn namelijk verrassend mooi.

Wandelnetwerkpad

Christoffelpad: Natuurgebied de Olde Maten

Overijssel kent verschillende wandelnetwerken. Binnen deze netwerken zijn meerdere meerdaagse wandelrondjes gemarkeerd. In 2018 begon ik met het Salland Pad dat – niet geheel verrassend – een rondje Salland doet. In 2019 liep ik minder etappes van dit pad dan ik wilde. Het openbaar vervoer in deze contreien bestaat voornamelijk uit buurtbussen die alleen door de week rijden. Mijn vrije tijd zit voornamelijk in het weekend. Dus dat schoot niet echt op.

Een nieuw gemarkeerd rondje binnen zo’n Overijssels wandelnetwerk is het Christoffelpad. In twee afzonderlijke dagen liep ik in 2019 dit rondje van ruim 45 km door Zwartewaterland en nationaal park Weerribben-Wieden. Een mooie, relatief onbekende route in de kop van Overijssel, ook ideaal voor een wandelweekend. Met een groot voordeel: het OV rijdt ook in het weekend.

Overige wandelingen

Trage Tocht Zoutelande

Naast de langere wandelroutes liep ik verschillende eendaagse wandeltochten zoals Groene Wissels en Trage Tochten (ook vaak zonder blogpost). Hier zaten ook enkele zogenaamde Stadswissels bij, zoals deze in Middelburg. Dit zijn wat langere stadswandelingen die je op interessante plekken in en om het centrum brengen. Ook liep ik eindelijk de N70 in het Rijk van Nijmegen, een van de mooiste routes van dit jaar en liep ik op de eerste dag van 2019 een Teutoschleife in het Teutoburgerwald. In de laatste maand van het jaar liep ik mijn eerste Klompenpad en ontdekte een deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

De feiten op een rijtje

In welke landen en provincies?

• Duitsland: Teutoburgerwald en Bad Bentheim
• Drenthe
• Friesland
• Gelderland
• Groningen
• Overijssel
• Utrecht
• Zeeland

Welke paden begonnen in 2019?

• Christoffelpad
• Noardlike Fryske Wâlden Streekpad
• Marskramerpad

Welke paden afgerond in 2019?

• Westerborkpad
• Christoffelpad

Wat waren echte aanraders?

Pieterpad tussen Groningen en Zuidlaren

• Op de N70 bij Nijmegen waan je je in het buitenland, maar de vele heuvels daar zijn toch echt Nederlands.
• Bij de Trage Tocht Zoutelande volg je de Zeeuwse kustlijn en heb je prachtige uitzichten over de zee.
• Bij de Marskramerpad-etappe Bad Bentheim – Oldenzaal loop je van Duitsland naar Nederland door zeer afwisselend landschap.
• Het Pieterpad tussen Groningen en Zuidlaren was verrassend mooi, zeker in de herfst. Je ziet echt dat je een andere provincie in loopt.

Wat viel tegen?

Een heuse berg op het Westerborkpad van Hoogeveen naar Beilen

Eigenlijk vrij weinig. Elke route had weer haar eigen charme. De Westerbork-etappe Hoogeveen – Beilen liep door veel natuurschoon maar ook over lange rechte wegen langs het spoor. Bij deze LAW gaat het in de eerste plaats om de geschiedenis. En dat is ook de reden waarom ik dit pad heb gelopen.

Kortom

Ik kan terugkijken op een goed wandeljaar. Die afwisseling in wandelingen bevalt me prima en daar ga ik zeker mee door in het nieuwe jaar. Op naar een verrassend en wandelrijk 2020!

Hoe was jouw wandeljaar?

Stadswandeling in zomers Middelburg

Route: Groene Wissel Middelburg
Afstand: 8 km
Start: Station Middelburg
Eind: Station Middelburg

Een van de vele straatgedichten in Middelburg

Als je een stad wilt verkennen waar je nog niet eerder bent geweest, is een stadswandeling de ideale manier om een aantal hoogtepunten te zien. Maar hoe kom je aan een route? Ik kijk altijd eerst op wandelzoekpagina.nl of er een zogenaamde Groene Stadswissel is. Dit zijn goed beschreven routes, vaak niet meer dan 10 km, die je gratis van de site kan halen. Tot nu toe waren ze zeer de moeite waard. Zo liep ik al eerder in Leiden, Maastricht, Apeldoorn en op Urk leuke routes. Ook Middelburg blijkt een Groene Stadswissel te hebben.

Op een lentedag met zomerse temperaturen parkeren we de auto achter station Middelburg. Het KNMI voorspelt 30 graden vandaag. Het is nog vroeg, maar je voelt nu al dat het warm gaat worden. We besluiten de route tegen de klok in te lopen, zodat we aan het einde over de schaduwrijke vestingwallen komen. Vanaf het station lopen we door straatjes met allerlei eetgelegenheden naar de binnenstad. Een boter-kaas-en-eieren vogelhuisje doet ons even stilstaan. Wat een leuk idee.

Boter, kaas en eieren

In het centrum gaat de wandeling langs de bekende bezienswaardigheden van Middelburg. We lopen over het Abdijplein, langs het Zeeuws Museum, over de Markt en blijven stilstaan voor het imposante voormalige stadhuis. Op beide pleinen staan podia en worden stoelen neergezet. Medewerkers in kraampjes zijn druk bezig met de voorbereidingen voor het korenfestival ‘Middelburg VÓLkoren’ dat dit weekend wordt gehouden.

Het Abdijplein met het Zeeuws Museum

 

Stadhuis van Middelburg

Overal waar we lopen, beieren de klokken. Kerkgangers haasten zich door de straten. Door open deuren zien we kerkdiensten die aan de gang zijn. Wij wandelen verder, langs de Lange Jan, door de winkelstraat. Hier en daar zet ik een straatgedicht op de foto. Want er zijn straatgedichten genoeg in de Zeeuwse hoofdstad.

Veel straatgedichten in Middelburg verwijzen naar het water en de zee

Het project Sprekende Gevels, waarbij straatgedichten aangebracht worden op gevels in Middelburg, heeft inmiddels 21 (en waarschijnlijk nog wel meer) straatgedichten opgeleverd. Van tevoren heb ik de kaart met de locaties van de gedichten geprint. Ik loop deze Groene Wissel met deze kaart in de hand, mijn man heeft de GPS-route op zijn telefoon. Een goede verdeling. Af en toe wijk ik uit naar een gedicht in een zijstraatje. We zijn er nu toch. Ik kom zelfs twee gedichten tegen die niet op mijn kaartje staan. Een daarvan staat rondom de roos met de naam ‘Rosa Middelburg’, die is aangeboden aan de stad Middelburg, ter gelegenheid van Middelburg 800 jaar stadsrechten.

Een gedicht rond de ‘Rosa Middelburg’ door stadsdichter Karel Leeftink

Via de Volkssterrenwacht Philippus Lansbergen – in 1967 opgericht en daarmee de oudste nog bestaande publiekssterrenwacht van Nederland – lopen we langs de gracht. Het is tijd voor koffie en we strijken neer op een terrasboot bij het leuke HoneyPie voor een cappuccino met heerlijke carrotcake. Vanachter de geraniums kijken we uit over het water en de bootjes die voorbij komen. We zien twee hoofden en een meisje drijven in het water. Kunstwerken van Sjer Jacobs, lees ik later. De hoofden zijn van piepschuim en zijn omhuld door een laagje beton. Ze drijven er inmiddels ruim een maand en trekken veel bekijks. Ik kan me er iets bij voorstellen.

De gracht met het meisje, in de verte de hoofden en de terrasboot

De temperatuur stijgt en we besluiten verder te wandelen. De route brengt ons bij de vestingwallen. Door de bomen is het hier heerlijk schaduwrijk. We lopen bijna alleen over de paadjes langs het water en volgen de punten van het bastion. De witte molen De Hoop steekt fel af tegen de blauwe lucht.

Over de vestingwallen en langs molen De Hoop

Bij het Noordbolwerk is een stuk afgezet waar schapen grazen. Of eigenlijk liggen ze nu voornamelijk in de schaduw. Een bordje geeft aan dat het terrein op een ecologische manier wordt onderhouden door een schaapskudde, die hier een aantal keren per jaar graast. De schapen worden op meerdere plaatsen in Walcheren ingezet, waardoor ze allerlei zaden en sporen van planten verspreiden. Dit leidt tot ecologische verbindingen. Goed dat hier over nagedacht wordt!

Voor schapen is 30 graden ook best wel warm

Na de vestingwallen gaan we door de Koepoort weer het centrum in. De route leidt ons door kleine steegjes. Regelmatig twijfelen we of ze niet doodlopen. Maar elke keer kunnen we doorlopen. Via de binnenhaven tenslotte brengt de route ons weer terug naar het station.

Veel steegjes lijken dood te lopen

Grote groepen mensen komen ons tegemoet, elke groep in een eigen kleur outfit. Koren die op weg zijn naar het festival. Wij lopen door en verlaten deze mooie middeleeuwse stad. Zeer de moeite waard en door de Groene Stadswissel (en de kaart met straatgedichten) zijn we op plekken geweest waar we anders niet gekomen waren. Een aanrader!

Wandelen op en om Urk

Route: Groene Wissel Urk
Afstand: 10 km
Startpunt: Vakantiepark ‘Het Urkerbos’
Eindpunt: Vakantiepark ‘Het Urkerbos’

Uitzicht op het IJsselmeer vanaf Urk

Op een kille zaterdag halverwege december heb ik met een in de Noordoostpolder wonende vriendin afgesproken om een wandeling in haar provincie te maken. Het wordt Urk, het gewezen eiland waar ik, ondanks alle verhalen, nog nooit geweest ben. Mijn vriendin is er bekend, waardoor ik ineens een wandeling MET gids blijk te hebben!

We zetten de auto bij het vakantiepark ‘Het Urkerbos’, dat er nu verlaten bij ligt en duiken het – juist – Urkerbos in. Toen ik dit bos die morgen googelde kwam als eerste de zoekterm ‘moord’ tevoorschijn. Negen jaar geleden werd hier een 14-jarige jongen vermoord door zijn 15-jarige vriend. Volgens de verhalen waren zij bezig geweest met occulte zaken. Dit zijn dingen die je eigenlijk niet moet lezen als je met z’n tweeën op een grijze dag in dat bos gaat wandelen.

Maar het bos ziet eruit, zoals een bos eruit hoort te zien en we lopen over smalle en bredere bospaden, totdat we de bebouwde kom van Urk naderen. Hier lopen we via een schelpenpaadje achter het zwembad langs en komen uiteindelijk bij een grote vijver uit, waar de inmiddels doorgebroken zon de wolken in laat weerspiegelen.

De zon breekt even door

Als we de plaats inlopen, leidt de routebeschrijving ons grotendeels om het oude centrum heen. Mijn vriendin echter vindt dat als je op Urk bent, je ook het oude centrum moet zien. Daar ben ik het uiteraard helemaal mee eens en als een volleerd gids leidt mijn vriendin ons door de verschillende straatjes en ginkies. Een ginkie is een smal steegje in het oude Urk. Er bestaat zelfs een ginkiestocht, waarbij je zelf of onder leiding van een gids de ginkies verkent en leert over de historie van deze oude brandgangen.

Daarnaast blijken de huizen in het oude centrum niet in een straat, maar in een wijk te staan. Om praktische redenen zijn de huizen in het oude Urk sinds het begin van de 20ste eeuw gerangschikt op wijk. Je woont dus niet op Hoofdstraat nummer 25, maar in wijk 3 nummer 25 (3-25). Alle huizen in dit oude gedeelte zijn op deze manier genummerd. In totaal zijn er 8 wijken. In de loop van de tijd zijn er wel straten die een naam hebben gekregen, maar deze zijn nooit officieel geregistreerd.

Geen straten maar wijknummers

Door dit oude centrum lopen we richting de haven, waar de vissersboten, maar ook plezierjachten, dobberen op het donkere water. In restaurant Het Achterhuis eten we een broodje en kijken we uit over het IJsselmeer. De wind maakt witte koppen op de golven, in de verte vaart een containerschip. Geen verkeerde plek om even op te warmen na de koude wind.

De haven van Urk

Na het broodje lopen we langs de haven terug naar het oude dorp. We zien de rood-witte vuurtoren hoog over het water uitkijken. In de verte staan in rechte lijnen statige windmolens in het water. De laatsten verdwijnen in de heiigheid, daar waar Friesland zou moeten liggen. Even verderop staat het Vissersmonument. Op de muren staan de namen van de overleden Urker vissers. Lang geleden (1717) verdwenen op zee, maar ook heel recent in 2015. De jongste overledene was 11 jaar oud. Veel vissers zijn nooit meer teruggevonden.

Het Vissersmonument met in de verte de windmolens

 

Vuurtoren van Urk

En dan beginnen we aan het laatste gedeelte van de tocht. We lopen met de wind in de rug een tijdje over de dijk langs het IJsselmeer. De windmolens komen steeds een beetje dichterbij. Totdat we de dijk overgaan en het Urkerbos weer inlopen. Hier komen we een aantal niet doorsnee wandelaars tegen: zwaar opgemaakte meisjes met hoog opstaande bontkragen, mannen met leren jassen en glimmende schoenen. Ze groeten vriendelijk, maar de moord zit nog in onze gedachten. Ook vertelt mijn vriendin dat er verhalen de ronde doen dat er in dit bos gedeald wordt. Het grijze weer, dat maakt dat het nu om half drie (een week voor de kortste dag) al donkerder begint te worden, helpt ook niet echt.

De IJsselmeerdijk met uitzicht op Urk

In de verte voor ons loopt een man in donkere kleding, inclusief zwarte muts. Hoewel hij dezelfde kant oploopt als wij, komt hij geleidelijk dichterbij. Het lijkt wel of hij steeds langzamer loopt. We houden wat in en bij de asfaltweg die ons weer naar de auto brengt, passeren we hem. Op onze groet mompelt hij wat, kijkt weg, loopt een rondje en draait zich dan om naar het pad waar wij uitkwamen. Als ik achterom kijk, zie ik dat hij weer verdwenen is in het bos.

Het Urkerbos met de bewuste wandelaar

In de auto kijken we terug op een gezellige middag. Misschien is dit wel een wandeling voor een ander jaargetijde, concluderen we. En vooraf informatie opzoeken over het Urkerbos is wellicht ook niet zo’n goed idee. Maar door Urk dwalen met – als het even kan een gids – kan ik iedereen aanbevelen. Je wordt er heel wat wijzer door.

Wandelen in Leiden

Route: Groene Wissel Leiden: Leidsche Hout en Oude binnenstad
Afstand: 10 km
Startpunt: Parkeerplaats aan de Lange Voort, Oegstgeest
Eindpunt: Parkeerplaats aan de Lange Voort, Oegstgeest

Na een gezellig bezoekje aan mijn oudtante in Leiden besluiten we nog een rondje te wandelen in de omgeving. We kiezen voor een Groene Wissel wandeling die door de Leidse binnenstad gaat, maar ook ons onbekende parken aandoet in Oegstgeest. Wellicht dat ik mijn verzameling Leidse straatgedichten nog kan uitbreiden.

Het is een koude, maar zonovergoten herfstdag als we de auto parkeren in de buurt van Landgoed Oud-Poelgeest. We besluiten het rondje tegen de klok in te lopen en komen al snel in het Leidsche Hout waar veel mensen ook aan hun zondagmiddagwandeling zijn begonnen. Ouders met kleine kinderen, jonge en oudere echtparen met en zonder honden, hardlopers, studenten op een swapfiets: het is gezellig druk in dit overigens erg mooie park. In 1931 geopend en ooit aangelegd als werkverschaffingsproject, zoals ook het Amsterdamse Bos.

Doorkijkje in het Leidsche Hout

Het park ligt op de grens van Oegstgeest en Leiden en niet veel later lopen we dan ook door Leiden. Langs Hogeschool Leiden, het LUMC en zelfs het voormalige Pesthuis. Een mooi pand met een tuin met kunstwerken, maar nu wel ingeklemd tussen het ziekenhuis en meerdere wegen.

Het voormalige Pesthuis

Na het LUMC steken we via het station door naar de binnenstad. Hier lopen we om Museum Volkenkunde heen. Een museum dat ik meerdere keren heb bezocht (zie bijvoorbeeld dit artikel over een bijzondere balsport die de Maya’s eeuwen geleden al speelden), maar nu laten we het voor wat het is.

Het Museum Volkenkunde is zeker een bezoekje waard

Langs de Morspoort die in de steigers staat, steken we het Galgewater over. En dan volgt het Rapenburg, de beroemde straat met een aantal musea, maar ook straatgedichten. Mijn verzameling wordt in een paar honderd meter danig uitgebreid!

Straatgedichten in het Japans, Pools, Muskogee (Indianentaal) en Nederlands

We lopen langs de Hortus Botanicus – ook bekend terrein waar we een andere keer weer graag terugkomen – , maken een lusje langs het water over de 5e Binnenvestgracht en komen via een hofje weer terug op het Rapenburg. Door het Van der Werfpark lopen we langs het Steenschuur, de gracht waar in 1807 de Leidse buskruitramp plaatsvond. Een kruitschip met bijna 18.000 kg kruit aan boord ontplofte. Er vielen 151 doden en ruim 2000 gewonden. Meer dan 200 huizen werden verwoest. Het is moeilijk in te denken als je nu naar de gevels, de blauwe lucht en de in het water glinsterende zonnetje kijkt.

5e Binnenvestgracht

Na een cappuccino bij de Koornbrug zigzaggen we verder door het centrum. We komen in straatjes waar we nog niet eerder zijn geweest, zetten onbekende straatgedichten op de foto en lopen zo langzaamaan de binnenstad weer uit. Via de drukke Willem de Zwijgerlaan en de Oegstgeesterweg komen we in het Heempark uit. Het is inmiddels eind van de middag en een stuk minder druk. De lage zon werpt lange schaduwen en levert mooie plaatjes op.

Het Heempark

Het laatste stuk van de route brengt ons weer naar Landgoed Oud-Poelgeest. Het kasteel wordt in de namiddagzon mooi weerspiegeld in het water. Achter de ramen is het een drukte van belang, er is duidelijk een feestje gaande. In het omringende bos begint het al schemerig te worden. Gelukkig is de auto niet ver meer.

Kasteel Oud-Poelgeest

Deze Groene Wissel is een afwisselende rondwandeling door de combinatie van Leidse binnenstad en parken. Wie de hele dag de tijd heeft, kan deze wandeling prima combineren met een bezoekje aan een van de musea die je onderweg tegenkomt.

Onbekende kanten van Maastricht

Route: Groene Wissel Maastricht
Afstand: 9 km
Startpunt: Station Maastricht
Eindpunt: Station Maastricht

De Hoge Brug over de Maas

Op een zonnige herfstdag maken wij op weg naar een weekendje Ardennen een tussenstop in de hoofdstad van Limburg. De Groene Wissel die we daar lopen, brengt ons op plekken waar ik nog niet eerder ben geweest – hoewel ik er jaren geleden een half jaar stage heb gelopen. Het blijkt een goede manier om de stad eens van een andere kant te bekijken.

We beginnen tegenover station Maastricht met een cappuccino. Daar zijn we wel aan toe na de lange autorit. Vanaf het station komen we al snel aan de oever van de Maas, waar de zon glinstert in het water. Rondvaartboten varen af en aan. Het is deze ochtend al druk met allerhande toeristen. Om ons heen horen we naast het Mestreechs ook Duits, Frans, Amerikaans en een hoop Aziatische talen.

De Maas

Via de Hoge Brug steken we de rivier over en lopen via O.L. Vrouwewal naar de Helpoort. De oudste nog bestaande stadspoort van Nederland uit de 13e eeuw. Door het Stadspark komen we bij de Jeker en volgen dit beekje een tijdje. In het park zien we houtsnijwerken en bovenop een heuvel zelfs een droevige beer op een bankje.

De Helpoort

Even verderop staat een kooi waarin een giraffe ligt. Het blijkt een voormalige berenkuil. In 1993 is de laatste bruine beer (Jo) die hier huisde, overgebracht naar Ouwehands Dierenpark. Over de herbestemming van de kuil is veel te doen geweest. Uiteindelijk maakte kunstenaar Michel Huisman de ‘Halfautomatische Troostmachine’ waarin allerlei uitgestorven dieren te zien zijn. Zo is er een quagga te vinden (een soort zebra), de reuzenalk en de Tasmaanse buidelwolf. Alle dieren zijn van brons. De treurende beer op het bankje verwijst – lees ik later – naar de beer Jo.

Beer Jo

 

De Halfautomatische Troostmachine

Van het Stadspark lopen we naar het volgende park. Onder tot de grond reikende boomtakken door, komen we in het herfstige Waldeckpark. In de jaren 20 aangelegd op en rondom het bastion Waldeck, onderdeel van de vestingwerken van Maastricht.

We volgen hierna oude straten totdat we aan het einde van een straatje opeens een hekje doorgaan en in het gebied van de Hoge Fronten staan. Ook hier zijn nog restanten te vinden van oude vestigingswerken uit de 17e en 18e eeuw. Op een aantal hondenuitlaters – met soms al te enthousiaste honden – na is het erg rustig. De zon schijnt uitbundig en we lopen heerlijk in shirtje. We hebben mooi uitzicht over het natuurgebied en de stad.

De Hoge Fronten

 

Uitzicht over de stad

Na het natuurgebied duiken we de stad weer in. Al snel slaan we af naar het – naar het lijkt – doodlopende pleintje Charles Voscour. Van het stadsgewoel is hier niets meer te horen, het lijkt een modern hofje. Met enige moeite vinden we de uitgang en lopen geleidelijk zigzaggend naar het centrum. We komen langs de Sint Janskerk, afgesloten voor publiek vanwege een trouwerij, lopen door het Vagevuur en via de Sint-Servaasbasiliek komen we uiteindelijk op het Vrijthof waar het een drukte van belang is.

Zicht op de Sint Janskerk

Iemand blaast hele grote bellen waar kinderen vrolijk omheen en doorheen rennen. Mensen zitten op bankjes onder de bomen en terrasjes zitten helemaal vol. Wij volgen de wandeling nog tot aan de Maas en gaan daar op zoek naar een terrasje om deze mooie verrassende wandeling af te sluiten. Zeker een aanrader voor wie Maastricht van een andere kant wil zien.

Laat het seizoen maar beginnen

Route: Groene Wissel Ommen: Landgoed Het Laer en Reggedal
Afstand: 12 km
Startpunt: Station Ommen
Eindpunt: Station Ommen

Wandelen langs de Regge

De eerste zondag van april begint zonovergoten en lokt ons naar buiten toe. Een Groene Wisselwandeling bij Ommen is snel gekozen en we zetten de route in de GPS. We parkeren de auto bij station Ommen en besluiten de route met de klok mee te lopen. Achteraf blijkt de beschrijving op papier net andersom te zijn. Ach, een rondje is een rondje. We hebben er niet minder van genoten.

Al snel lopen we Ommen uit over de Bergweg langs mooie vrijstaande huizen met bloeiende bomen in de tuinen. Ze kijken uit op glooiende weilanden, omzoomd door bomen. Het eerste voorjaarsgroen begint hier en daar net aan de takken te verschijnen en vormt een fel contrast met de blauwe lucht. Niet verkeerd om hier te wonen!


In de verte zien we twee vlaggetjes naderen. Ze komen onze kant op en blijken aan twee ligfietsen vast te zitten. De fietsers passeren ons met een groet. De fier wapperende vlaggetjes verraden de herkomst van het oudere echtpaar: België. Ze hadden geen beter weer kunnen hebben voor hun weekendje weg.

De weg vervolgend komen we langs een kookstudio. Aan het begin van de oprit gebiedt een bordje de bezoeker om achteruit in te parkeren. Anders zouden ze er wel eens spijt van kunnen krijgen. Een blik op de oprijlaan kan ons niet zo snel overtuigen van de logica. Maar als Kookstudio-bezoeker zou ik voor de zekerheid maar de instructie opvolgen.


We lopen door het buurtschap Besthmen en duiken dan het bos in. ‘Steile Oever’ geeft een bordje aan. Dit is bekend en eerder bewandeld terrein. De daadwerkelijke Steile Oever zien we niet, maar moeten we binnenkort maar eens met een wandelingetje vereren. “Als de krentenbomen in bloei staan”, voegt mijn medewandelaar eraan toe. Een beroemde uitspraak van mijn schoonmoeder, die weg is van de bloeiende krentenbomen.

Bij de brug over de Regge zien we aan de oever een bootje liggen. Het heeft de vorm van een bootje van papier, alleen dan vele malen groter dan de bootjes die we vroeger vouwden. Een bord geeft aan dat het om een kunstproject gaat. De boot heet Felicità en is een kunstwerk van Jan Merlin Marski. Samen met schoolkinderen van de openbare basisschool Nieuwebrug heeft hij het bootje ontworpen met – inderdaad – een van papier gevouwen bootje als inspiratiebron.

Bootje van papier

Na de brug slaan we af en volgen we een lang stuk de Regge. Het zonnetje schijnt volop en doet het water glinsteren. In de boompjes in de berm bespeuren we witte knoppen. Zouden dit de befaamde krentenbomen zijn? We kunnen het niet met zekerheid zeggen.


Door het glooiende landschap met geploegd akkerland vervolgen we onze weg en bedenken dat een kopje koffie op een terras nu ook wel lekker zou zijn. Vlak voordat we bij een grote weg komen, zien we een terras, met mensen. De keuze is snel gemaakt. Voordat we echter goed en wel op terras staan, komt een man in kokskleding ons tegemoet.

“Wat doen jullie hier?” vraagt hij. Ik denk dat hij een grapje maakt en ik begin over de mooie terrasdag. Koffie lijkt ons wel een goed idee. De man kijkt moeilijk en geeft dan toe dat koffie geen probleem moet zijn. Het is inmiddels ook lunchtijd en op de vraag of hij er ook wat bij heeft, antwoordt hij dat een “broodje of tosti wel moet lukken”.

Een beetje verbaasd nemen we plaats aan de tafel naast de groep mensen. Als de man de koffie brengt, legt hij uit dat ze eigenlijk nog helemaal niet open zijn. “Morgen begint het seizoen pas. Vandaag zijn we bezig met de voorbereidingen. Jullie zullen niet veel horecagelegenheden vinden in deze omgeving die open zijn.” De groep naast ons blijken stamgasten te zijn die even komen bijpraten.

Desalniettemin krijgen we onze lunch en lopen voldaan weer verder. Na een stukje langs de doorgaande weg, duiken we weer het bos in en komen in het park van Landgoed Het Laer terecht. Al snel komen we bij een (bescheiden) naald. Dit kunstwerk is – volgens het informatiebord – omgeven door mysterie. Volgens sommigen herinnert het aan een verdwaalde jonkvrouw, volgens anderen aan een verdwaalde boswachter die op die plek in 1902 werd neergeschoten.


In werkelijkheid is de naald een zichtpunt. De bewoners van het Huis op het landgoed zien door deze naald de tuin in het juiste perspectief. Vanaf de naald is voor ons het Huis echter in geen velden of wegen te bekennen. En vanaf het Huis, waar we even later via een kanaal komen, zien we ook de naald niet. Internet biedt uitkomst. Deze naald is nieuw en vervangt de oude naald die op een andere plek stond, namelijk in het kanaal. Dat maakt het verhaal wat logischer. Jammer dat het informatiebord deze informatie achterwege liet.

We lopen verder en komen al snel weer in Ommen terecht. Het relatief rustige plaatsje dat we vanmorgen uit wandelden, is veranderd in een toeristische heksenketel. De plaatselijke ijssalon doet goede zaken. Rijen dik staan mensen te wachten op hun eerste ijsje van dit jaar. De terrassen zijn overvol. Fietsers, motorrijders en wandelaars lopen af en aan. De ijssalon haalt het niet in zijn hoofd om morgen pas met het seizoen te beginnen.

Via een smalle steeg langs achtertuinen lopen we met een bocht om de drukke weg heen en komen uiteindelijk weer bij het station uit. Ook hier is het een stuk drukker geworden. Auto’s met fietsendragers domineren het parkeerterrein. De blauwe lucht is nog net zo intens als aan het begin van onze wandeling. Deze eerste zondag van april mag voor ons de opmaat zijn voor een zonovergoten lente. Laat het seizoen maar beginnen. Als het even kan vandaag nog!

Dwalen door Drentse historie

Te voet/te fiets: Te voet
Route: Groene Wissel Frederiksoord: Landgoed Frederiksoord-Wilhelminaoord
Afstand: 16 km
Startpunt: Centrum Frederiksoord
Eindpunt: Centrum Frederiksoord

Frederiksoord
Even buiten Frederiksoord worden we verwelkomd in de kolonie

Het lijkt wel alsof we in een groot openluchtmuseum uit zijn gestapt. Monumentale panden staan naast elkaar aan een lange laan. Veel huizen hebben een bord in de tuin staan: ‘koloniekerk’, ‘schoolmeesterswoning’, ‘mandenmakerij’ met daaronder een toelichting op de vroegere functie van het gebouw. Af en toe staat er een ander bord naast. Zo staat in de tuin van de koloniewinkel ook een bord met ‘Uitvaartverzorging Kiers’, met een website voor meer informatie.

We bevinden ons in Frederiksoord, een van de voormalige veenkoloniën in het noorden van Drenthe. Het is het beginpunt van onze Groene Wissel wandeling  door Frederiksoord, Vledder en Wilhelminaoord, een middag dwalen door een voor mij onbekende episode in de Nederlandse geschiedenis.

Onderweg naar Steenwijk is het weer niet heel uitnodigend. Acht graden, geeft de thermometer aan. Af en toe vallen er wat drupjes op de voorruit. Grijze wolken snellen voorbij. Wat een contrast met het warme mooie weer van afgelopen tijd. Maar de afspraak staat en we laten ons niet weerhouden door de buien die volgens buienradar de komende uren precies over Frederiksoord heen drijven. Op de afgesproken plek blijkt onze wandelgenoot er al te zijn. Met rugzakregenhoes en waterdichte wandeljas is ze goed voorbereid. Als wij ons ook in onze bergschoenen hebben gehesen lopen we met gedetailleerde routebeschrijving in de hand richting Hotel Frederiksoord. Tussen twee knus naast elkaar staande witte ambtenarenhuisjes slaan we linksaf, richting het buitengebied.

Tussen twee ambtenarenhuisjes door lopen we richting buitengebied
Tussen twee ambtenarenhuisjes door lopen we richting buitengebied

Die morgen had ik nog even gekeken naar de routebeschrijving. In de inleiding stond een link naar de geschiedenis van Frederiksoord. Niet zoals Veenhuizen een strafkolonie, maar een kans om opnieuw te beginnen voor de ‘armoedige gezinnen’ uit veelal de grote steden. De Maatschappij van Weldadigheid wees hen een stuk grond toe en ze konden aan de slag als boer in het Drenthe van de 19e eeuw. Frederiksoord was niet de enige nederzetting. Ook Boschoord, Willemsoord  en het nabijgelegen Wilhelminaoord verrezen.

Zoals dat gaat in maatschappijen zijn er ook mensen die er niet in passen. Zij worden weggestuurd en bouwen in de buurt plaggenhutten. Zo ontstaan de zogenaamde ‘desperado-kolonies’, zoals Vledderveen en Nijensleek. Onderweg naar het startpunt rijden we door dit laatste dorp heen. Desperado-kolonie had bij mij beelden opgeroepen van een wetteloos wild west stadje. Het contrast met het ingeslapen lintdorp op een zondagochtend in oktober begin 21ste eeuw kan niet groter zijn.

Onderweg komen we sowieso weinig mensen tegen. Na Frederiksoord lopen we via klinkerwegen in de richting van de Wapserveense Aa en nemen daar het zandpad en volgen de vaart. Op wat koeien en zwanen na is het erg rustig. We kijken uit op het land dat er verlaten bij ligt. Was het hier een drukte van belang, twee eeuwen geleden? Het is moeilijk voor te stellen.

Wapserveense Aa

Als we een bruggetje oversteken komen we op een pad terecht waar niet veel mensen ons voor zijn gegaan. Het natte gras staat hoog en onze schoenen en broeken raken langzaam maar zeker doorweekt. We volgen inmiddels de Vledder Aa en lopen daar waar we zonder de routebeschrijving nooit terecht zouden zijn gekomen. Het pad komt uit in een weiland en na een paar kilometer zien we het verharde fietspad dat we verder moeten volgen. Als doorgewinterde wandelaars trotseren we het schrikdraad dat ons nog scheidt van de weg en staan we op droge grond. Op naar Vledder.

Via een park komen we in het enigszins verlaten centrum van het toeristische plaatsje terecht. Op een bankje bij de kerk eten we ons brood en laten we onze broeken drogen. Het is inmiddels droog en met een beetje goede wil is er een zonnetje te zien. Na de laatste boterham en een blik op de kerktoren is het tijd om door te gaan.

Voor het open landschap komen nu bossen in de plaats. Door houtwallen, bosranden en heidevelden komen we door mooie natuur heen. De typisch Drentse schapen die we tijdens onze Drentse wandeling in februari niet zagen, zijn hier volop aanwezig. Langs het Blauwe gat, een bosvennetje waar we voor het eerst andere wandelaars zien, gaat de route richting Wilhelminaoord.

Vledder

Ook hier weer huizen met toelichtingsbordjes. Hoe zou dat zijn voor de bewoners? Niet alleen woon je op een plek vol geschiedenis, maar je maakt ook deel uit van een onofficieel openluchtmuseum. In de zomer staan er hordes toeristen voor je huis, lezen het bordje, maken een foto. Zouden ze instructies krijgen hoe om te gaan met de toeristen? Zijn er speciale regels om de huizen in de oorspronkelijke staat te houden? Het lijkt idyllisch, maar of ik in zo’n huis zou willen wonen, ik weet het niet … Hoewel de Bed & Breakfast in de voormalige pastorie naast de koloniekerk in Wilhelminaoord natuurlijk wel weer een erg leuke bestemming is voor zo’n geschiedkundig monument.

Na Wilhelminaoord is het niet ver meer naar ons startpunt. In Frederiksoord, hebben we onszelf beloofd, drinken we de traditionele Elke Maand Een Route-cappuccino. Door bossen en over zandwegen leggen we de laatste kilometers af. 16 kilometer geeft de GPS aan als we de Majoor van Swietenlaan in Frederiksoord bereiken. Voor het voormalige postkantoor staat een bord buiten waarop de woorden koffie en gebak staan. Het oude gebouw kijkt ons uitnodigend aan en we maken van dit droge moment gebruik om – wellicht voor de laatste keer dit jaar – plaats te nemen op het terras.

In het voormalige postkantoor wordt nu heerlijke cappuccino geschonken
In het voormalige postkantoor wordt nu heerlijke cappuccino geschonken

Als de cappuccino op de tafel staat, vallen er fijne druppeltjes uit de grijze lucht. We laten ons niet weerhouden van dit laatste terrasje van het jaar en blijven zitten. De oktober-uitdaging is volbracht met een zeer afwisselende wandeling door een mooi gebied vol historie. Hier komen we nog een keer terug. Al is het alleen maar om Museum de Koloniehof te bezoeken, het museum over deze streken. Het museumseizoen breekt immers weer aan, concluderen we als we weer in onze warme en droge auto zitten.

Deze wandeling telt mee voor de uitdaging Elke Maand Een Route 2016

Stad van de parken

Te voet/ Te fiets: Te voet
Route: Groene Wissel Apeldoorn: Griftbeek, Parken en Paleis Het Loo
Afstand: 10 km
Start: Centrum Apeldoorn
Eind: Centrum Apeldoorn

Verzetsstrijderspark Apeldoorn
Verzetsstrijderspark Apeldoorn

De afgelopen maanden was het schitterend fietsweer. Wandeltochten zijn er daarom een beetje bij ingeschoten. Op een bewolkte zondag besluiten we de schade in te halen en kiezen een Groene Wissel wandeling uit. Deze wandelingen zijn ons in het verleden goed bevallen. Ze beginnen en eindigen altijd bij een openbaar vervoer mogelijkheid, zijn goed beschreven en komen in allerlei soorten en maten. Er zijn langere, kortere, pannenkoekvarianten, we hebben afgelopen jaren al verschillende gewandeld. De zogenaamde ‘stadswissel’ echter kennen we nog niet. We proberen deze variant uit in een parkrijke stad: Apeldoorn.

Onbekend als we zijn in Apeldoorn volgen we netjes de TomTom naar een parkeerplek. Net als we de wandelschoenen willen pakken, komt er een mevrouw van middelbare leeftijd in een vrolijk gekleurde outfit op ons af. Met grootse handgebaren wijst ze naar het kantoorpand achter ons. “Daar kun je gratis parkeren”, zegt ze. Ze staat er zelf ook. Of we die witte golf zien? Die is van haar. Er is nog één plekje vrij en het is zonde om zoveel parkeergeld te betalen als je ook voor niets kunt staan.

Het is een beredenering waar we wel in mee kunnen gaan. Met auto en al volgen we haar en bezetten het enige nog vrije plekje. Het kantoorpand blijkt verbouwd te worden en op de hekken hangen borden die ongenode bezoekers duidelijk maken dat het terrein betreden toch echt niet de bedoeling is. Een standaard parkeerplek is het niet, maar ‘verboden te parkeren’-bordjes ontbreken. We wagen het er maar op.

We laten onze auto achter en door wat minder aantrekkelijke straten komen we al snel op de route terecht. We passeren het station en aan onze linkerhand zien we het centrum met de winkels liggen. Nu nog verlaten, maar straks een drukte van belang. Het is namelijk koopzondag, begrepen we van de mevrouw van de witte golf. We lopen om het centrum heen en pikken al snel de Griftbeek op.

Het blijkt een helder snelstromend beekje dat doet denken aan de levada’s (irrigatiekanalen) op Madeira. Af en toe zijn er zelfs hoogteverschilletjes. Eenden moeten moeite doen om niet achteruit met de stroom mee te drijven. De zon is inmiddels doorgebroken en we wanen ons bijna op een zuidelijke vakantiebestemming. Alleen de forellen ontbreken nog.

Na de beek volgt het eerste park. In het Verzetsstrijderspark herinneren de monumenten voorbijgangers aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. O.a. het Joodse monument is indrukwekkend  Hier merken we ook dat de routebeschrijving zeer nauwkeurig is en we lopen zoals de bedoeling is recht op het huis met het rieten dak af.

Door gaan we, naar Paleis Het Loo. In mijn herinnering lag dit paleis ver buiten de stad, maar we lopen er nu zo heen. Over lange oprijlanen wordt het beetje bij beetje drukker. In de verte zien we de gebouwen al liggen. Zonovergoten wappert de vlag. Pendelbusjes rijden af en aan vanaf de stallen voor diegene die de afstanden niet kunnen overbruggen. We volgen de meute en genieten even later van een heerlijke lunch .

Paleis Het Loo Apeldoorn
Paleis Het Loo Apeldoorn

Het is een half uur later en de zon gaat inmiddels schuil achter dikke grijze wolken. Tijd om verder te gaan. Als we bij de Naald uitkomen, begint het zachtjes te regenen. De routebeschrijving stelt ons een “zeer bomenrijke” (en dus droge) laan in het vooruitzicht, die we een “flink stuk” moeten volgen, dus we lopen snel door. We passeren de plek waar het 7 jaar geleden zo mis ging op Koninginnedag en zien kort daarop ook het monument met de ballonnen. 7 jaar geleden al weer, het lijkt veel korter.

De Naald Apeldoorn
De Naald Apeldoorn

De lange weg met bomen blijkt precies dat te zijn. De kilometers lange lommerrijke Koning Lodewijklaan voert ons langs grote oude huizen en later nieuwere flatgebouwen weer richting centrum. We passeren nog een droge spreng en steken uiteindelijk over naar het Oranjepark.

Flarden van muziek komen ons tegemoet. Even verderop staan en zitten plukjes mensen, verscholen onder paraplu’s. Ze luisteren naar de oudere man met gitaar die op de treden van de muziektent zit. Hij brengt de jaren 60 en 70 weer tot leven met nummers van Simon & Garfunkel en Cat Stevens. Aan de spandoeken achter hem te zien, is hij niet de enige artiest van vandaag. Er hangt een aangename sfeer bij dit zondagmiddagconcert.

Zondagmiddagconcert in het Oranjepark in Apeldoorn
Zondagmiddagconcert in het Oranjepark in Apeldoorn

Als het weer wat vriendelijker was geweest, waren we blijven luisteren, maar de steeds grotere druppels nopen ons om verder te gaan. Met een bocht lopen we om het publiek op leeftijd heen en pikken over de brug de route weer op. In de vijver worden de kringen steeds talrijker. De regen begint nu echt door te zetten en we maken tempo.

Niet veel later bevinden we ons in een drukke winkelstraat. Dezelfde die we aan het begin van onze wandeling links zagen liggen. De regen houdt de mensen niet tegen en het lijkt net een zaterdagmiddag. De GPS-route op de telefoon geeft aan dat we bijna rond zijn en we besluiten door te steken naar de plek waar we de auto geparkeerd hebben.

Dichterbij gekomen, vraagt mijn medewandelaar half als grap, half serieus of ik ook die prent op onze voorruit zie zitten. Ik schrik even, kijk naar de auto in de verte maar kan niet iets ontdekken dat op een parkeerbon lijkt. Ik zie hem lachen. Opgelucht lach ik terug. Onze auto staat er nog precies zo bij zoals we hem achtergelaten hebben. Gebroederlijk achter de witte golf, in de stad van de parken.

Geurende tuinen

Te voet/te fiets: te voet
Route: Groene Wissel ’t Harde Dr. Alfred Vogeltuinen
Afstand: 10 km
Beginpunt: Carpoolplaats ’t Harde langs de A28
Eindpunt: Carpoolplaats ’t Harde langs de A28

Afbeelding: mijngelderland.nl
Afbeelding: mijngelderland.nl

Het bos is stil, zo goed als verlaten. De lange lanen strekken zich voor ons uit, kale bomen aan weerszijden. De vroege voorjaarszon is in een strijd verwikkeld met de noordwesterwind. Er is geen duidelijke winnaar. De schaduwen die zon en takken maken op de bosweg ogen vriendelijk, aangenaam zelfs, maar de temperatuur blijft achter. Dan vliegt er een vogel op uit de boom. En nog een. Harde knallen maken dat ook wij om ons heen kijken.

We lopen door de bossen bij ’t Harde op de Veluwe en zijn op weg naar de beroemde tuinen van Dr. A. Vogel. Even daarvoor hadden we de auto op de carpoolplaats langs de snelweg gezet en met behulp van de uitgeprinte Groene Wissel-beschrijving de route het bos in gevolgd. “Eerste weg link, langs kleine berkenbomen en een ontzagwekkend naaldbos naar rechts”. Alles klopt perfect en voor we het weten zijn we al een paar kilometer op weg.

En nu dus die knallen. Het klinkt als een wildwestfilm. Zijn het jagers die de wildstand op peil houden? Is het vuurwerk? Een uit de hand gelopen burenruzie? Mijn medewandelaar herinnert zich opeens waar ’t Harde ook om bekend staat. “Was hier niet een militair oefenterrein?” vraagt ze zich af.

Natuurlijk, dat is het! Ik rijd er vaak langs met de trein en hoop dan een glimp op te vangen van de actie. Een in groen tenue gehulde militair die plots uit het struikgewas komt zetten, een tank die bij de sporen hoort op de brede zandpaden of minstens het geluid van schoten. Tot nu toe was het angstvallig stil gebleven. Geen beweging, geen geluid, een welhaast verlaten bos.

De schoten blijven goed hoorbaar als we verder wandelen. Door brede lanen en langs mooie huizen komen we uiteindelijk aan bij de beroemde tuinen van Dr. Vogel. Diagonaal op het pad strekken ze zich voor ons uit. Rijen aan rijen omgespitte borders. Hier en daar staat wat eenzame salie, maar verder is het leeg. Naast de borders staan verschillende rode en gele paaltjes die routes door de tuinen aangeven. Er is zelfs een trimparcours uitgezet voor de actieve bezoeker.

De routebeschrijving raadt ons de rode paaltjes aan. Zigzaggend over de immense tuin vormen we ons een beeld van hoe het er hier over enkele maanden uit zal zien. Volle borders, gezinnen op de picknickweide, kinderen in de tokkelbaan en vooral een lucht vol geuren. Vele kruiden zullen hier groeien en gebruikt worden voor de producten van dr. Vogel. We verbazen ons erover dat alles vrij toegankelijk is. Geen hekken of toegangspoorten.

Aan de rand van de tuinen duiken we het bos weer in en komen met een omweg weer terug in ’t Harde. De schoten zijn inmiddels gestopt. Misschien waren ze toe aan een bakje koffie. Wij in ieder geval wel. In het AC restaurant tegenover de carpoolplaats vinden we onze cappuccino. En zoals wel met meer wandelingen die ik dit jaar heb gelopen, concludeer ik dat ik hier in een ander jaargetijde nog maar eens terug moet komen. Die geurende tuinen wil ik wel eens ervaren.