Westerwoldepad etappe 5: Kopstukken 50 – Wedderbergen

Route: Westerwoldepad
Afstand: 24 km
Start: Kopstukken 50, Mussel
Eind: Wedderbergen

In het zuidoosten van de provincie Groningen ligt de streek Westerwolde. Wie Groningen enkel kent van de uitgestrektheid van het Pieterpad en het Jacobspad staat een verrassing te wachten. Westerwolde biedt een afwisselend landschap van oude bossen, vennen en moerassen, heidevelden, kleine dorpjes en beekdalen. De beekdalen van de Westerwoldse Aa en de Ruiten Aa vormen de basis van het Westerwoldepad. Het pad is bijna 100 km lang en maakt een rondje door de streek van Wedderbergen naar Ter Apel en terug. Door werkzaamheden aan (nieuwe) meanders van de Ruiten Aa kan het pad nog wijzigen. Het pad is gemarkeerd met geel-blauwe stickers.

In oktober 2020 liepen we de eerste drie etappes en was er nog niet overal markering. Inmiddels is de markering overal aangebracht. Routekaarten, een routebeschrijving en het GPX bestand van het gehele pad zijn te downloaden op de site van het Westerwoldepad.

De eerste bosanemonen van het jaar

Gisteren scheen de zon tijdens de vierde etappe van het Westerwoldepad. Vandaag duidelijk niet. Het is koud, grijs en er staat flink wat wind op deze eerste paasdag. We hebben nog de hoop dat dit in de loop van de dag verandert, maar helaas. Het mag de pret niet drukken. Vandaag staat de vijfde en tevens laatste etappe van het pad op het programma.

We zetten de auto bij Wedderbergen, een recreatiegebied met bungalowpark en camping. Het is er een stuk drukker dan vorig jaar oktober. Mensen willen in het paasweekend graag ergens anders heen. Hun eigen huis hebben ze nu wel gezien. En geef ze eens ongelijk. Wij laten het park voor wat het is, stappen op de fiets en leggen de 15 kilometer af naar Kopstukken, waar we gisteren zijn geëindigd.

De eerste paar wandelkilometers gaan over lange rechte wegen. Langs de kant van de weg staan jonge boompjes, om ons heen zijn akkers. Naast Kopstukken lopen we ook over Zaadstukken. Een korte zoektocht op internet levert geen achtergrondinformatie op over deze bijzondere straatnamen.

Lange rechte wegen bij Zaadstukken, ook dit is het Westerwoldepad

We komen uit bij de Mussel-Aa, naast de Ruiten Aa en de Westerwoldse Aa de derde Aa die we tijdens dit pad tegenkomen. De Mussel-Aa komt bij Wessinghuizen (waar deze etappe ook langsloopt) samen met de Ruiten Aa. De gezamenlijke stroom heet de Westerwoldse Aa. We volgen de Mussel-Aa een tijd langs de randen van akkers. Veldleeuweriken zingen ver boven ons het hoogste lied. Deze vogels staan op de rode lijst, het zijn slachtoffers van de intensieve veeteelt. Volgens een kaartje op de site van de vogelbescherming lijkt het grensgebied van Oost-Drenthe en Groningen het gebied te zijn waar ze veel voorkomen. We treffen het.

Mussel-Aa

Na een koffiepauze komen we uit bij het Mussel-Aa-kanaal dat we lange tijd volgen. Eerst aan de linkeroever, dan aan de rechter. We zien tijdens deze kilometers meer wandelaars dan tijdens de hele etappe gisteren.

Mussel-Aa-kanaal

Na het kanaal is Onstwedde niet ver meer. De route neemt een klein stukje van de plaats mee, namelijk de volkstuinen, de ijsbaan en de kerk. De kerktoren van de middeleeuwse Nicolaaskerk zagen we al lange tijd in de verte.

Nicolaaskerk in Onstwedde

Langs de eerste bosanemonen van dit jaar en een parkje met vlonderpad lopen we via een door vrachtauto’s verstopt paadje Onstwedde uit. In het natuurgebied dat volgt tussen de Mussel-Aa en de Ruiten Aa is het druk. Parkeerplaatsen zijn vol. Stellen en gezinnen, al dan niet met hond, wandelen voorbij. Eerste paasdag, zelfs als deze grijs en koud is, lijkt een dag te zijn om naar buiten te gaan. Zeker als andere mogelijkheden door corona-maatregelen zeer beperkt zijn.

We zien onderweg weer dezelfde constructie als bij Jipsinghuizen waarbij naast de brug de (bredere) weg door de beek loopt. Een meisje met laarzen wandelt vrolijk door het water, de bijbehorende hond neemt de brug. De route volgend doorkruisen we een groot deel van het gebied. Zelfs bij dit donkere grijze weer ziet er mooi uit.

De bredere weg loopt door het water
Natuurgebied tussen de Mussel-Aa en de Ruiten Aa

Bij Wessinghuizen verlaten we het gebied en daarmee ook meteen de wandelaars. Over kleine paadjes langs en door een bosrand lopen we naar Wedde. In tegenstelling tot de eerste etappe lopen we deze etappe met een lus om de burcht heen. In Wedde blijkt dat de etappe die we vorig jaar als eerste liepen nu de laatste is geworden en de laatste de eerste. Het GPX-bestand is afgelopen half jaar gewijzigd. We willen niet hetzelfde stuk naar Wedderbergen lopen als toen en besluiten de huidige eerste etappe te doen. Wel volgen we eerst nog een stukje Westerwoldse Aa die vorig jaar nog niet tot de (GPS-)route behoorde.

Kleine paadjes bij Wessinghuizen

Bij het bruggetje over de Westerwoldse Aa dat we nog herkennen van vorig jaar oktober slaan we af naar de huidige eerste etappe en volgen de route tot aan Wedderbergen. Over het terrein, waar allerlei werkzaamheden bezig zijn, wandelen we terug naar de auto.

De laatste etappe zit erop. Het Westerwoldepad is klaar. We zagen Westerwolde in de herfst en het vroege voorjaar. Bij zon en grijs weer. Vaak waren we de enige wandelaars. Het was een afwisselend pad met mooie natuur in de beekdalen, weidse uitzichten tussen Ter Apel en Kopstukken, maar ook lange rechte stukken. Ik kende Groningen van het Pieterpad en het Jacobspad, maar met dit pad heeft de provincie mij echt verrast. Voor wie op zoek is naar een nieuw, niet al te lang streekpad, is dit een aanrader.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerwoldepad? Hier vind je de etappes die ik heb gelopen.

Westerwoldepad etappe 4: Ter Apel – Kopstukken 50

Route: Westerwoldepad
Afstand: 18 km
Start: TOP Klooster Ter Apel, Poortweg 3 Ter Apel
Eind: Kopstukken 50, Mussel

Ruiten Aa vlakbij Ter Apel

In het zuidoosten van de provincie Groningen ligt de streek Westerwolde. Wie Groningen enkel kent van de uitgestrektheid van het Pieterpad en het Jacobspad staat een verrassing te wachten. Westerwolde biedt een afwisselend landschap van oude bossen, vennen en moerassen, heidevelden, kleine dorpjes en beekdalen. De beekdalen van de Westerwoldse Aa en de Ruiten Aa vormen de basis van het Westerwoldepad. Het pad is bijna 100 km lang en maakt een rondje door de streek van Wedderbergen naar Ter Apel en terug. Door werkzaamheden aan (nieuwe) meanders van de Ruiten Aa kan het pad nog wijzigen. Het pad is gemarkeerd met geel-blauwe stickers.

In oktober 2020 liepen we de eerste drie etappes en was er nog niet overal markering. Inmiddels is de markering overal aangebracht. Routekaarten, een routebeschrijving en het GPX bestand van het gehele pad zijn te downloaden op de site van het Westerwoldepad.

Het weekend van Pasen lijkt een uitgelezen moment om de resterende twee etappes van het Westerwoldepad te lopen. De natuur die in oktober in herfsttooi kwam, is nu in lentesferen. Voorzichtig beginnen enkele bomen groen te kleuren, de wilgenkatjes, de sleedoorn en forsythia bloeien uitbundig, de vogels zingen naar hartenlust en we zien zelfs een klein geaderd witje voor ons uit fladderen. Dat de zon de hele eerste etappe schijnt, helpt ook om het lentegevoel te krijgen.

Lente!

We zetten de auto aan het Mussel-Aa-kanaal aan de weg Kopstukken en fietsen naar de TOP bij het klooster in Ter Apel. Op een bankje in de zon met uitzicht op het klooster drinken we een bakje koffie. Na de auto- en fietsrit zijn we er wel aan toe. Na de koffie volgen we de geel-blauwe markering die vrijwel achter het bankje ons de weg wijst richting noorden.

Klooster in Ter Apel

Door het bos komen we bij de Ruiten Aa uit. Via een klein paadje volgen we het water een tijdje en stuiten op een spectaculaire mountainbike-oversteek. Deze gaat dwars door de beek heen. Hier moeten we zeker nog een keer terugkomen met de MTB’s! Na niet al te lange tijd verlaat de route de beek, we zien hem de rest van de etappe niet meer terug.

Spectaculaire mountainbike-oversteek

De etappe is afwisselend. Hij loopt in de lengte door meerdere op de kaart smalle bosgebieden waardoor het lijkt alsof we in een omvangrijk bos wandelen. Als we het bos uitkomen hebben we weidse uitzichten over de akkers met windturbines aan de horizon.

We lopen door verschillende bosgebieden
Weidse uitzichten met windturbines aan de horizon

Aan het einde van een smal schelpenpaadje langs een zandafgraving met waarschuwingsborden voor drijfzand vinden we een lunchbankje. We zien een boer met zijn trekker lussen rijden op het land. Een mountainbiker komt voorbij, een elektrische fatstep (nooit eerder gezien) en later ook twee crossmotoren. Verder is het stil.

Schelpenpaadje langs een zandafgraving

Via Sellingerbeetse met een opvallend kerkje uit 1925 in de stijl van de Amsterdamse School met de naam ‘Opwaarts!’ (inclusief uitroepteken) komen we uit bij de Beetster Koeln, een recreatieplas met camping en strandje. Op een paar mountainbikers na is het verlaten. Ik kan me voorstellen dat het hier op een mooie zomerdag een stuk drukker is.

Opwaarts! in Sellingerbeetse
Beetster Koeln

Via een bos komen we wederom langs een zandwinning en volgen er lange rechte wegen. Aanvankelijk over een zandpad en later over een graspad langs water en enkele kilometers door weilanden. We zien reeën en fazanten terwijl we tegen de steeds hardere wind in lopen. Hier wil je niet met striemende regen zijn en we prijzen ons gelukkig met de nog altijd aanwezige zon.

Harde wind in de weilanden

Vanaf Kopstukken is het niet ver meer. We zien het Mussel-Aa-kanaal weer en herkennen de afslag die we die ochtend op de fiets namen. Via een zand- en grasweg komen we weer bij de auto uit. Nog even de fietsen ophalen in Ter Apel en dan door naar het natuurhuisje. Morgen lopen we naar Wedderbergen, waar we in oktober vorig jaar begonnen.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerwoldepad? Hier vind je de etappes die ik heb gelopen.

Westerwoldepad etappe 3: Borgerveld – Ter Apel

Route: Westerwoldepad
Afstand: 13 km
Start: Parkeerplaats Ter Borg, Borgerveld
Eind: TOP Klooster Ter Apel, Poortweg 3 Ter Apel

Amethistzwam of rodekoolzwam

In het zuidoosten van de provincie Groningen ligt de streek Westerwolde. Wie Groningen enkel kent van de uitgestrektheid van het Pieterpad en het Jacobspad staat een verrassing te wachten. Westerwolde biedt een afwisselend landschap van oude bossen, vennen en moerassen, heidevelden, kleine dorpjes en beekdalen. De beekdalen van de Westerwoldse Aa en de Ruiten Aa vormen de basis van het Westerwoldepad. Het pad is bijna 100 km lang en maakt een rondje door de streek van Wedderbergen naar Ter Apel en terug. Door werkzaamheden aan (nieuwe) meanders van de Ruiten Aa kan het pad nog wijzigen. Het pad is gemarkeerd met geel-blauwe stickers.

Ik loop de eerste drie etappes in oktober 2020 van Wedderbergen naar Ter Apel. Op dat moment is de markering nog niet overal aangebracht. Routekaarten, een routebeschrijving en het GPX bestand van het gehele pad zijn vanaf het moment dat ik dit verslag schrijf, te downloaden op de site van het Westerwoldepad.

Het belooft een grijze dag te worden op deze derde en voor nu laatste etappe op het Westerwoldepad, maar al snel breekt de zon door. We treffen het deze dagen met het weer. We parkeren de auto bij het klooster van Ter Apel, midden in de bossen. Druk is het niet. Er staan drie andere auto’s op deze woensdagochtend. Op de fiets rijden we naar de parkeerplaats waar we gisteren de auto parkeerden. Vanaf daar beginnen we deze kortste etappe van de drie.

We starten deze etappe bij Borgerveld

Na een kilometer over verharde wegen komen we de Ruiten Aa weer tegen en wandelen er onverhard een stuk langs. We zien een vistrap, een snelstromend gedeelte en meerdere kanosteigers. Door alle overgangen van weiland naar weiland en de stuwen moet je hier vaak je kano overtillen. Ik ben benieuwd of dat in een ander gedeelte van dit riviertje anders is. Het plan is namelijk om hier nog eens terug te komen en de Ruiten Aa vanuit een kano te bekijken.

Een kanosteiger in de Ruiten Aa

Tussen het akkers staan twee rijen bomen met een paadje ertussen. De route gaat hierlangs en meteen krijgen we het gevoel in een bos te lopen. Het pad wordt steeds smaller en na een oversteekje moeten we moeite doen om in het groen aan de overkant het paadje weer te vinden. Het staat in schril contrast met de twee kilometer die volgen over een fietspad langs de grote weg. Het minste gedeelte van deze etappe. Maar overeenkomstig de rest van het Westerwoldepad volgt de route ook tijdens deze twee kilometer de Ruiten Aa, die hier parallel aan de weg stroomt.

Voor Ter Haar volgen we de van de weg afbuigende rivier en lopen door hoog gras en later een prachtig natuurgebied. Grassen, boompjes, dopheide en hier en daar een bloeiende teunisbloem omgeven het kleine kronkelpaadje. Er lijken hier veel schapen te hebben gelopen, getuige de vele keutels. Nu zijn we hier helemaal alleen.

De Ruiten Aa door een verlaten natuurgebied

We komen uit op een fietspad dat ons het bos in leidt. De bodem is bezaaid met varens. Vogeltjes zingen naar hartenlust. In de verte klinkt het geroffel van een specht. Na het bos lopen we een stuk langs het Ruiten A kanaal tot vlakbij de Duitse grens. In de verte zien we de Duitse windmolens draaien.

Ruiten A kanaal

Met een lus komen we terug bij het Ruiten A kanaal. Dit keer geen brug die ons van de ene naar de andere kant brengt, maar een gondel. Wat een leuke verrassing! Je moet er maar op komen. De groene cabine met rode katrollen werkt op handbediening en per keer kunnen er twee mensen in. Boven het kanaal blijven we even stil hangen en genieten van de weerspiegeling van de kleurende bomen op het water.

De gondel over het Ruiten A kanaal
Uitzicht vanuit de gondel op het Ruiten A kanaal

De laatste kilometers zijn aangebroken. Door het bos lopen we richting het klooster van Ter Apel, vlakbij het Toeristisch Overstap Punt (TOP). Het ligt er imposant bij. We lezen dat er ook een museum in gevestigd is. Dat zal moeten wachten tot een volgende keer. Want we komen hier zeker nog een keer terug om het mooie Westerwoldepad verder af te lopen. Voor nu is onze korte wandelvakantie voorbij. Tijd om naar huis te gaan.

Klooster van Ter Apel

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerwoldepad? Hier vind je de etappes die ik tot nu toe heb gelopen.

Westerwoldepad etappe 2: Jipsinghuizen – Borgerveld

Route: Westerwoldepad
Afstand: 19 km
Start: Bushalte Droga, Jipsinghuizen
Eind: Parkeerplaats Ter Borg, Borgerveld

Doorkijkje bij natuurgebied Holle Beetse Vennekampen bij Sellingen

In het zuidoosten van de provincie Groningen ligt de streek Westerwolde. Wie Groningen enkel kent van de uitgestrektheid van het Pieterpad en het Jacobspad staat een verrassing te wachten. Westerwolde biedt een afwisselend landschap van oude bossen, vennen en moerassen, heidevelden, kleine dorpjes en beekdalen. De beekdalen van de Westerwoldse Aa en de Ruiten Aa vormen de basis van het Westerwoldepad. Het pad is bijna 100 km lang en maakt een rondje door de streek van Wedderbergen naar Ter Apel en terug. Door werkzaamheden aan (nieuwe) meanders van de Ruiten Aa kan het pad nog wijzigen. Het pad is gemarkeerd met geel-blauwe stickers.

Ik loop de eerste drie etappes in oktober 2020 van Wedderbergen naar Ter Apel. Op dat moment is de markering nog niet overal aangebracht. Routekaarten, een routebeschrijving en het GPX bestand van het gehele pad zijn vanaf het moment dat ik dit verslag schrijf, te downloaden op de site van het Westerwoldepad.

De eerste markering van het Westerwoldepad die we tegenkomen

Het is een zonovergoten ochtend als we de auto parkeren op een parkeerplaats midden in de natuur. We zijn de enige auto daar, maar in de tijd dat we de fietsen van de auto halen, zijn er al een wandelaar en een fietser langsgekomen. Na ruim 6 km bereiken we Jipsinghuizen en parkeren de fietsen bij de bushalte aan het begin van het dorp. Voor ons ligt ruim het driedubbele aan wandelkilometers. Deze etappe kent vele lussen.

Vanuit Jipsinghuizen lopen we al snel de natuur in. We volgen de Ruiten Aa en wandelen over een splinternieuw bruggetje met een onverharde weg ernaast die dwars door de rivier gaat. Ik zie meteen al spannende beelden van 4×4’s voor me, die in een flink tempo door de rivier rijden. Het kan natuurlijk ook zijn dat deze doorgangen voor (ietwat minder spannende) trekkers bedoeld zijn.

De Ruiten Aa, geheel vernieuwd

Voor het eerst zien we markering van het Westerwoldepad. Op Instagram zag ik dat vrijwilligers bezig waren met het aanbrengen ervan. Nu, buiten Jipsinghuizen, zien we de geel-blauwe schildjes. De GPS en de markering komen niet overeen en we besluiten maar de markering te volgen. Een goed idee, want we lopen nu met een lus langs een prachtig bosvennetje. De spinnenwebben zijn bedauwd, het water is glad als een spiegel en de bomen kleuren. Boven ons vliegen ganzen in formatie voorbij. Herfstiger kan bijna niet.

Een onverwacht bosvennetje

Wat volgt is een uitgestrekt veld. Weer heel anders dan we tot nu toe hebben gezien. Aan de rand staat een huis in Zweedse stijl. Hier zou ik wel willen wonen! De route blijft de Ruiten Aa volgen. Via een heideveld en de nodige vennetjes komen we in het bos terecht. Hier zien we niet alleen een Egelroute voor kinderen, maar stuiten ook op het Theater van de Natuur.

Een uitgestrekt veld met een mooi huis

Via een trap met 15 treden met op elke trede een ander gedicht, krijg je boven met een draaibaar bühnekader een privé-voorstelling van de omringende natuur. Elke moment van de dag een andere. In de gedichten geeft de betreffende dichter zijn of haar bijzondere kijk op de natuur. Op uitnodiging van beeldend kunstenaar Adriaan Nette, die dit theater ontwierp. Zo schreef Jean Pierre Rawie op zijn trede het volgende:

Wat er geweest is, toen en hier
in samengaan van woud en water
aanschouwt men generaties later
herschapen tot een stil theater
in deze bocht van de rivier

Jean Pierre Rawie

Theater van de Natuur
Jean Pierre Rawie op één van de treden

Na het theater en het bos maakt de route een lus door Sellingen. In het Hof van Sellingen drinken we koffie. Naast een horecagelegenheid is het ook een woninginrichtingswinkel, waar men druk is (half oktober) om alles in kerstsferen te brengen. Na de koffie wandelen we langs de oude kerk Sellingen weer uit.

Kerk van Sellingen

Over kleine paadjes over een dijkje in het bos wandelen we een immens heideveld op, het natuurgebied Ter Borg. Met 35 hectare het grootste aaneengesloten heideveld van Groningen. We zien reeën, horen veel vogels, maar verder is er niemand. We hebben het heideveld helemaal voor ons alleen. Heerlijk.

Natuurgebied Ter Borg

We laten Ter Borg achter ons en komen weer op de parkeerplaats uit waar we vanmorgen de auto neerzetten. Maar we zijn nog niet aan het einde van onze route. Ons wacht nog een lusje door het natuurgebied Holle Beetse Vennekampen bij Sellingen. Wandelend door een halfopen landschap met velden, bosjes, meertjes, houtwallen, zandwegen, paddenstoelen en schapen genieten we van de zon.

Bij Laude lopen we over het terrein van een bijzondere Rust achter een fabriek ons laatste weiland van vandaag in. Bij de weg nemen we afscheid van de Ruiten Aa en slaan af naar onze auto. Het was een prachtige etappe en het mooie herfstweer heeft hier zeker aan meegeholpen. Morgen pikken we hier de route weer op.

Ruiten Aa

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerwoldepad? Hier vind je de etappes die ik tot nu toe heb gelopen.

Westerwoldepad etappe 1: Wedderbergen – Jipsinghuizen

Route: Westerwoldepad
Afstand: 24 km
Start: Wedderbergen
Eind: Basisschool Jipsinghuizen

In het zuidoosten van de provincie Groningen ligt de streek Westerwolde. Wie Groningen enkel kent van de uitgestrektheid van het Pieterpad en het Jacobspad staat een verrassing te wachten. Westerwolde biedt een afwisselend landschap van oude bossen, vennen en moerassen, heidevelden, kleine dorpjes en beekdalen. De beekdalen van de Westerwoldse Aa en de Ruiten Aa vormen de basis van het Westerwoldepad. Het pad is bijna 100 km lang en maakt een rondje door de streek van Wedderbergen naar Ter Apel en terug. Door werkzaamheden aan (nieuwe) meanders van de Ruiten Aa kan het pad nog wijzigen. Het pad is gemarkeerd met geel-blauwe stickers.

Ik loop de eerste drie etappes in oktober 2020 van Wedderbergen naar Ter Apel. Op dat moment is de markering nog niet overal aangebracht. Routekaarten, een routebeschrijving en het GPX-bestand van het gehele pad zijn vanaf het moment dat ik dit verslag schrijf, te downloaden op de site van het Westerwoldepad.

We zijn een paar dagen in Zuidoost-Groningen met het plan een aantal etappes van het Westerwoldepad te lopen. De weersvoorspellingen werden naarmate de week naderde steeds minder slecht. Op de dag van de eerste etappe schijnt zelfs het zonnetje. We rijden met de auto en fietsen vanaf onze B&B in Sellingen naar Jipsinghuizen, parkeren daar de auto bij de verlaten basisschool (herfstvakantie) en stappen op onze fietsen naar recreatiegebied Wedderbergen.

Bij een gesloten horecagelegenheid met grote parkeerplaats zetten we de fietsen in het rek en gaan op pad. Het Westerwoldepad is hier niet gemarkeerd, maar de twee LAW’s die hier ook langslopen wel. Gedurende deze hele etappe zullen we afwisselend het Groot Frieslandpad en het Noaberpad tegenkomen. We lopen met geprinte kaarten van de site van het Westerwoldepad en de GPS-track. Deze laatste is onontbeerlijk, merken we.

Er lopen meerdere LAW’s hier

Het bungalowpark is in gebruik. Er staan auto’s bij de huisjes, het zwembad is open en bij het Weddermeer wordt druk gevist. We groeten een aantal parkbewoners/hondenuitlaters en lopen via een klein paadje het park af. Met de Westerwoldse Aa aan onze rechterhand proberen we niet uit te glijden in de modder en genieten van het zonnetje en het landschap.

Vissers aan het Weddermeer
Langs de Westerwoldse Aa

Het eerste plaatsje dat we tegenkomen is Wedde. We lopen langs de hervormde kerk uit de 13e eeuw en slaan dan af naar Burcht Wedde of Wedderborg. Van hieruit is de Heerlijkheid Westerwolde lange tijd bestuurd. Nu is het een kinderhotel, een vakantieverblijf voor kinderen en jongeren tot 16 jaar, die “aan de andere kant van het geluk geboren zijn” en die niet de mogelijkheid hebben om zelf met vakantie te gaan.

Burcht Wedde of Wedderborg

We vervolgen onze weg langs de Ruiten Aa, die ons tijdens de volgende etappes ook zal vergezellen. Het is een mooie kanorivier en we besluiten om hier nog eens terug te komen. Dan combineren we de laatste etappes van het Westerwoldepad met een kanodagje.

De Geselberg (Giezelbaarg in het Gronings) ligt langs de Ruiten Aa. Dit heuveltje was vroeger een galgenveld. Tussen 1587 en 1597 werden op deze plek meerdere personen wegens vermeende hekserij levend verbrand. Een gedenksteen noemt de namen van de vrouwen en de mannen. Een paar mensen overleefden de gruwelijkheden.

Een gruwelijke gebeurtenis

De weg voert over modderige paadjes, langs bloeiende zonnebloemvelden (half oktober!) en door een prachtig coulisselandschap met verkleurende bomen. Regelmatig lopen we door een natuurgebied, de ene keer verlaten, de andere keer met een paar wandelende gezinnen of stelletjes. Koeien in alle vormen en maten staren ons regelmatig aan. De Ruiten Aa is nooit ver weg.

De Ruiten Aa

Vanaf Smeerling, het dorpje met acht verspreide boerderijen en een beschermd dorpsgezicht, worden de wegen door de natuurgebieden steeds meer verhard. Voor onze doorweekte schoenen niet zo erg. Uiteraard zijn er ook onverharde paden. Zo lopen we meerdere malen langs randen van weilanden. De GPS leidt ons. Bij één weiland stuiten we op schrikdraad. Achter het schrikdraad zien we het klaphekje waar we door moeten. Maar we vinden nergens iets dat op een overstapje lijkt. We volgden vanaf rustpunt MoeNieks, vlak na Weende, een spoor door het gras en besluiten dat nu maar verder te volgen in de hoop op een doorgang. Geen gekke gedachte, blijkt. De wandelaar die ons voorging is op een plek waar het schrikdraad lager hangt, over het hek gestapt. Ook wij maken dankbaar gebruik van deze mogelijkheid.

Door het weiland volgen we het spoor van een wandelaar

Hierna is het nog ettelijke kilometers naar Jipsinghuizen. We lopen door weilanden, langs bosranden, door bosjes en uiteindelijk over een fietspad naast de N976. Langs de Ruiten Aa is men druk bezig met werkzaamheden. Ik kan me voorstellen dat de route hier er over een half jaar heel anders uit ziet. We zijn blij als we eindelijk het bordje Jipsinghuizen zien en even verderop de auto. 24 km op de teller. Morgen verder.

Het eindpunt van onze eerste etappe

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerwoldepad? Hier vind je de etappes die ik tot nu toe heb gelopen.

Elke Maand Een … | Gedichten op handen

Elke Maand Een: Straatgedicht
Soort gedichten: Bord-op-paal-gedicht
Dichters: Albertina Soepboer en Lammert Tesinga
Plaats: Groningen

Het klooster van Maria Virgo – Albertina Soepboer

Elke Pieterpadwandelaar die etappe twee van Winsum naar Groningen heeft gelopen, is er langsgekomen. Deze gedichten op twee cortenstalen handen. Toch zie ik weinig foto’s met deze gedichten op de talloze blogs, twitterberichtjes, instagramposts en facebookberichten over dit pad terugkomen. Lonkt de stad, valt het niet genoeg op of haalt een straatgedicht het niet bij de weidse panoramafoto’s van het Groninger landschap met imposante wolkenluchten?

Op een van die laatste dagen van 2019 werd ik aangenaam verrast. Begeleid door de knallen van het carbid schieten loop ik op een mooie winterdag door het verstilde Groninger land naar de provinciehoofdstad. Vlak voor het universiteitscomplex Zernike wijst een bord ‘naar het klooster’. Ik zie geen klooster, maar wel een gedicht. Kunstig uitgestanst in twee roestige handen.

Ik lees het gedicht, kijk of ik echt geen restanten van een klooster zie in het weiland, omringd door kale bomen en hoogspanningskabels en maak dan een foto. Voor mijn straatgedichtverzameling en om het verhaal erachter uit te zoeken. Even later kom ik een tweede gedicht tegen. Ook op handen, ditmaal van Lammert Tesinga. Niet een klooster maar een galgenveld is het onderwerp.

Galgenveld – Lammert Tiesinga

Thuis lees ik dat dit gebied een rijke geschiedenis kent. In de middeleeuwen stond hier het Benedictijner nonnenklooster Maria Virgo, een galgenveld en het Kasteel Selwerd (nu nog een wijk in Groningen). Op het kasteel woonden de heren van Selwerd die vanaf de twaalfde eeuw Groningen bestierden. Tussen 1992 en 1997 zijn op deze plek meerdere archeologische onderzoeken geweest. Er is besloten om de overblijfselen zo goed mogelijk in tact te houden en niet op te graven.

Om toch de geschiedenis van deze plek zichtbaar te maken, is er een poëzieproject gestart. In vier gedichten (er zijn er dus nog twee!) kan een voorbijganger nu lezen over wat er eeuwen geleden op deze plek was. De stalen handen hebben dezelfde vorm als de handen van de betreffende dichter. Een leuk detail.

Beide gedichten brengen me inderdaad terug naar de middeleeuwen. ‘Galgenveld’ laat weinig aan de verbeelding over. Wie de ‘ik’ ook is, straks is het gedaan met hem. Hij ontkomt niet aan de strop.

Galgenveld

Waar de dood
mij wacht,
daar ben ik werkelijk
alleen. Ik zie mijzelf,
ik loop, men duwt en schopt
en drijft mij naar de paal, omklemt
mijn hoofd en trekt het in de strop en trekt en trekt …
totdat ik wegzink in een waas. Dit is
waarvoor ik vrees,
wat zich straks
zondermeer
voltrekt.

Lammert Tesinga

Het gedicht over het klooster nodigt uit tot nadenken, gissen. Verwijst de kasteelruïne naar al wat er overgebleven is van Kasteel Selwerd, nadat de kasteelheer (Rudolf Prediker, ook wel ‘piraat van Reitdiep’ genoemd) werd onthoofd en het kasteel werd verwoest door de stad Groningen? En de oude geest van een valk? Daarvoor zou ik echt in de geschiedenis van deze plek moeten duiken. Ook zonder het gedicht helemaal te begrijpen, komt het verhaal bij me binnen.

Het klooster van Maria Virgo

De kloostermoppen zijn weer teruggekeerd in de klei.
Over het weiland scheren de lage zwaluwschaduwen.

’s Ochtends daalden de kloosterlingen de wierde af
In de kasteelruïne bezongen zij de aardse armoede
terwijl de dood nog rondwaarde. Toen de regen inzette,
droeg de hemel het kleurteken van een oud verbond.

Ze zagen hoe boven het klooster de oude geest bad
van een valk op jacht hoe hij sporen in de grond
bespiedde en zich toen liet vallen. De valkenierster
van het hart stak de leren handschoen naar hem uit.

Albertina Soepboer

De volgende keer dat ik in Groningen ben, ga ik op zoek naar de andere twee gedichten.

Net als vorig jaar is de Elke Maand Een …- uitdaging in 2020 een combinatie van eerdere uitdagingen. Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Ook dit jaar komen alle eerdere categorieën aan bod. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Pieterpad etappe 2: Winsum – Groningen

Route: Pieterpad
Afstand: 21 km
Start: Station Winsum
Eind: Station Groningen

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes in Drenthe met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Op een van de laatste dagen van het jaar is er mooi winterweer voorspeld. Ik heb een zondag zonder afspraken en besluit een vroege trein naar Winsum te pakken voor de tweede etappe van het Pieterpad. Als ik in Groningen overstap op de trein naar Roodeschool, stappen er met mij nog een aantal wandelaars in. Ze hebben het over ‘De Gouden Karper’, een herberg in Winsum, maar ook het beginpunt van de tweede etappe. Dit moeten wel Pieterpadwandelaars zijn.

In Winsum is het stil. Zondagochtend half 10 in de kerstvakantie is blijkbaar geen tijd om naar buiten te gaan. Het is ook knap koud, wellicht dat dat ook niet meehelpt. Ik geniet van de rust als ik met behulp van de aanwijzingen in het boekje naar ‘De Gouden Karper’ loop. Vanaf daar gaat de route al snel Winsum uit.

Over een rustig landweggetje loop ik tussen de weilanden richting Garnwerd. De beloofde zon laat nog op zich wachten, maar de rijp op de weilanden levert mooie plaatjes op. Er lopen twee mannen met vier honden voor me. De honden lopen los en zijn erg enthousiast. Nu ben ik niet zo’n fan van enthousiaste honden en ga steeds langzamer lopen. Het mag niet baten. Midden op een smal fietspad lassen ze een pauze in, waar koekjes voor zowel mens als dier aan te pas komen. De mannen zien mijn aarzeling, grijpen de honden vast en zeggen het bekende zinnetje ‘ze doen niks hoor!’. Ik mompel een bedankje en zet flink de pas erin. Het geblaf achter me wordt langzaam zachter.

Het Groninger land op een winterse zondagochtend

Uit de richting van Garnwerd hoor ik de knallen van het carbid schieten. Tot aan Groningen blijven de knallen te horen. Nog een paar dagen tot aan oud en nieuw. Dat kan niemand ontgaan. De route laat Garnwerd links (of eigenlijk rechts) liggen. Het is nog vroeg en waarschijnlijk is er weinig horeca open. Ik besluit maar door te lopen. Bij de Wetsingersluis in het Reitdiep breekt dan toch een winterzonnetje door en het landschap krijgt een heel ander aangezicht.

Verder naar Oostum. Als in de verte het kerkje, hooggelegen op een wierde, opdoemt, zie ik langs de weg een schilderij van – juist – hetzelfde kerkje. Bijna 100 jaar geleden, in 1922, schilderde Ploeglid Johan Dijkstra hier het kerkje van Oostum. Door zo’n bord kijk je heel anders naar het landschap om je heen. Een leuk idee!

Het schilderij met rechts in de verte het kerkje

Het kerkje van Oostum

In Wierumerschouw stuit ik op een van de omleidingen van deze etappe. Door een aanvaring is de Paddepoelsterbrug over het Van Starkenborghkanaal gestremd. Gelukkig zijn er meer bruggen en de goed aangegeven markering brengt me langs het Reitdiep naar de Dorkwerderbrug. Op de dijk langs het Reitdiep staat de lage zon recht voor me. De silhouetten van de Pieterpadwandelaars die in de verte voor me lopen, steken mooi af tegen de kale bomen. Als ik me omdraai ziet de wereld er heel anders uit. De dreigende lucht met zon maakt dat ik een beetje sneller ga lopen.

Het Reitdiep richting de zon

Het Reitdiep met de zon in de rug

Langs het Van Starkenborghkanaal loop ik naar de plek waar de route oorspronkelijk zou uitkomen. Waar een brug zou moeten liggen, is nu een vrije doorgang. Dat was inderdaad lastig oversteken geweest. De route buigt hier af richting Groningen. Al snel zie ik rechts van me de eerste gebouwen van universiteitscomplex Zernike opdoemen.

De Paddepoelsterbrug is verdwenen

Aan mijn linkerhand staat een bord dat wijst ‘naar het klooster’. Nu zie ik geen klooster, maar wel een gedicht. Albertina Soepboer beschrijft het klooster dat hier ooit stond. Een tweede gedicht van Lammert Tesinga even verderop heeft de titel ‘Galgenveld’. Google geeft een verklaring. Beide gedichten verwijzen naar Kasteel Selwerd (nog steeds een wijk in Groningen) dat in de Middeleeuwen op deze plek stond. Het klooster en galgenveld lagen bij het kasteel. Ook lees ik dat er hier nog twee gedichten zijn die verwijzen naar het kasteel. Nog maar een keer terug!

Gedicht van Lammert Tesinga

Via Selwerd en het Noorderplantsoen loop ik de stad in. Ik heb 7 jaar in Groningen gewoond en ik bevind me op bekend terrein. Via het Hoge der A, de Vismarkt, de Folkingestraat en het Groninger Museum kom ik weer bij het station uit. Het was een mooie etappe op deze winterdag. Volgende keer de laatste Groningse etappe van Pieterburen naar Winsum en dan vanaf Schoonloo verder Drenthe in.

Het bekende Hoge der A

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Pieterpad etappe 3: Groningen -Zuidlaren

Route: Pieterpad
Afstand: 21 km
Start: Station Groningen
Eind: Bushalte op de Brink in Zuidlaren

De Sint Pietersberg is nog een heel eind

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes in Drenthe met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Het is een frisse en zonovergoten herfstdag als ik mijn collega ontmoet op station Groningen. We moeten hoognodig bijpraten en wat is nu een betere gelegenheid dan tijdens een wandeling. Mijn collega woont al tientallen jaren in Groningen en weet veel over de wijken, gebouwen en kunstwerken waar we langskomen. Hoewel ik zelf 7 jaar in de stad heb gewoond, hoor ik veel nieuwe dingen. Ideaal om met een local op pad te gaan.

Vanaf perron 2a komen we via een trap op het viaduct over het spoor. Vanaf daar volgen we het Hoornsediep de stad uit. We zien studenten van de roeivereniging Gyas zich klaarmaken om het water op te gaan en komen even verderop een aantal roeiboten in actie tegen. Een mooi gezicht in de stralende herfstzon.

Studentenroeivereniging Gyas

Dan wijst mijn collega op de hoogspanningsmast met vlammetjes die in de verte te zien is. Iedereen die wel eens Groningen genaderd is over de A28, kent dit kunstwerk. In 1990 bestond de stad 950 jaar en kreeg 10 stadmarkeringen aan de belangrijkste toegangswegen op de grens van de stad. De hoogspanningsmast heet de ‘Gate Tower Clio’ en is gemaakt door Kurt W. Forster. Het laat 2 vormen van energie bij elkaar komen: elektriciteit en gas. De 7 gasvlammetjes staan voor de weekdagen. Op de eerste dag van de week gaat de eerste aan, op de tweede de tweede, totdat alle 7 aan zijn, aan het einde van de week.

Een bekende stadsmarkering

We komen bij het Hoornse Meer uit en besluiten een extra lusje te pakken langs het water. Het is een plaatje. Tegen de strakblauwe lucht staat de molen ‘De Helper’ er fier bij, geflankeerd door de bomen in herfsttooi aan de overkant. Even verderop gaan twee kano’s te water. Warm aangekleed is dit een prachtige dag om te gaan kanoën.

Molen ‘De Helper’ aan het Hoornse Meer

Haren is niet ver meer. We passeren de plaats langs de rand. De omgeving verandert. Je merkt dat je echt op de Hondsrug loopt en richting Drenthe gaat. We laten Glimmen rechts liggen en komen via een hoge trap op een viaduct over het spoor. Via het Tranendal (ik vraag me dan af hoe zo’n weg aan zo’n naam komt?) komen we in het natuurgebied en voormalig militair oefenterrein Appèlbergen terecht. Het is inmiddels lunchtijd en ergens is hier een pannenkoekenrestaurant. We verlaten de route en m.b.v. Google Maps vinden we via kleine paadjes het restaurant.

Wij gaan door een tranendal …

De pannenkoek smaakt goed en voldaan pikken we de route weer op. Aan de rand van het Noordlaarder Bos komen we zowaar een straatgedicht tegen. Op een grote steen staat een gedichtfragment van Vasalis:

Tijd

Ik droomde dat ik langzaam leefde
langzamer dan de oudste steen

Vasalis

Hoe toepasselijk en onverwacht zo middenin de natuur!

Vasalis bij het Noordlaarder Bos

Langs een mooi gelegen Nivon natuurvriendenhuis vervolgen we onze weg naar Zuidlaren. We lopen nu voornamelijk door open land waar de suikerbieten welig tieren. Die gaan binnenkort naar de befaamde suikerfabriek in Groningen. Dan komen we in Zuidlaren. We maken een omweggetje langs het kerkje waar mijn collega is getrouwd. Het ligt er idyllisch bij met de laagstaande zon, de verkleurende bomen en de omgeving van de Kerkbrink. Ik kan me voorstellen dat dit een populaire trouwlocatie is.

Kerkje in Zuidlaren

Dan komt de Brink weer in zicht. Het is alweer een jaar geleden dat ik mijn auto hier parkeerde toen ik begon aan de etappe Zuidlaren – Rolde. Nu nemen we er de bus terug naar Groningen. Het was een mooie en gezellige dag. En ik ben veel informatie rijker die ik als solo-wandelaar zeker niet te weten was gekomen. Op naar de volgende etappe!

De herfst op haar mooist

De etappe loopt door een zeer gevarieerd landschap

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Elke maand een straatgedicht | Terugblik

Straatpoëzie in (met de klok mee) Hilversum, Bussum, Amsterdam, Schalkwijk en Zutphen

De uitdaging
Aan het begin van dit jaar startte ik met alweer de vierde ‘Elke Maand Een’-uitdaging. Dit keer stelde ik mezelf als doel om elke maand iets te schrijven over een straatgedicht. Enige voorwaarde was wel dat ik het straatgedicht zelf tegen was gekomen en op de foto had gezet. Het bleek geen moeilijke opgave. Ik heb de uitdaging dan ook gehaald om elke maand een blogpost over een straatgedicht te plaatsen. De 12 artikelen vind je hier.

Ik wendde mezelf aan om – overal waar ik kwam – om me heen te kijken. Muren, stoeptegels, ramen, alles kon een straatgedicht bevatten. Het deed me op een andere manier naar mijn omgeving kijken. En vaak leverde het wat op. Soms één gedicht, soms veel meer. Af en toe raadpleegde ik de site straatpoezie.nl (een (onvolledig) overzicht van alle straatpoëzie in Nederland en België) als ik een plaats bezocht. Het is tenslotte jammer als je, in een plaats aan de andere kant van het land, net een gedicht mist dat een straat verderop hangt.

De gedichten
Het leverde een aanzienlijke voorraad aan gedichten op. Over de mooiste en meest bijzondere maakte ik een blogpost. Een literaire wandeling door Zutphen besloot ik als geheel te beschrijven. Teveel mooie en bijzondere gedichten. Een aantal van de gedichten die ik afgelopen jaar verzamelde, stonden nog niet op het straatpoëzie-overzicht. Toevoegen is eenvoudig en het overzicht is nu een stukje vollediger.

Straatpoëzie in Zutphen

De gedichten waren erg verschillend. Er waren er die al lang voordat ze in het straatbeeld verschenen, geschreven waren. Zo ben ik meerdere malen Ida Gerhardt tegengekomen, o.a. in Zutphen. Maar ook Victor E. van Vriesland (Amsterdam) en Wotkoce Okisce (Leiden) waren al overleden toen hun poëzie straatpoëzie werd.

Andere gedichten zijn specifiek geschreven voor de plek waar ze hangen. Dit soort gedichten ben ik het meeste tegengekomen. Ze verhalen over (de historie van) het gebied of de (voormalige) functie van het gebouw. Zo kan de toevallige voorbijganger lezen over het voormalige klooster in Ten Boer waar nu een winkelcentrum staat, over de geschiedenis van de begraafplaats in Hilversum en de oorspronkelijke functie van de Bordenhal in Maastricht. In Bussum, Hilversum, Schalkwijk en Zutphen (en veel meer plekken waar ik nog niet over heb geschreven) lieten de stadsdichters van zich horen. Een of meerdere gedichten van hun hand sieren de straten op.

Straatgedicht in Ten Boer

De balans opmakend
Met een Drents gedicht in de maand december, heb ik 9 van de 12 provincies gehad. Alleen Flevoland, Brabant en Zeeland ontbreken nog in mijn verzameling. 7 dichters kende ik toen ik hun straatgedicht zag. Dit jaar heeft me dus veel nieuwe namen en gedichten opgeleverd. Er zaten een paar mooie gedichten tussen. Wat de meeste indruk maakte, was het gedicht van Judith Nieken in Leeuwarden. Misschien ook omdat het zo herkenbaar is. Het zijn zinnen die ik zelf geschreven had willen hebben.

Mijn verzameling telt op dit moment 83 gedichten en is nog altijd groeiende. Deze uitdaging leverde mij zoveel plezier op, dat ik ook volgend jaar gewoon doorga met het verzamelen van en schrijven over straatgedichten. Poëzie is overal om ons heen. Het is zonde is om daar niet wat meer aandacht aan te besteden.

Straatpoëzie in (met de klok mee) Zuidlaren, Leiden, Maastricht, Hulshorst, Zwolle en Leeuwarden

 

Verdwenen kloosterlingen

Soort gedicht: Muurgedicht
Waar: Ten Boer
Dichter: Jean Pierre Rawie

Het is februari 2017 en ik heb net 17 kilometer afgelegd over Groningse plattelandswegen. Het Jacobspad is nog onontdekt terrein voor me en ik ben blij deze winterse etappe tot een goed einde te hebben gebracht. De komende maanden loop ik het zuiden en de betere seizoenen tegemoet om bijna een jaar later te eindigen in een Overijsselse Hanzestad.

Maar zover is het nog lang niet. Op dit moment loop ik het Groningse plaatsje Ten Boer in. Als het centrum van het dorp in zicht komt, loop ik bijna tegen de gevel op waar levensgroot een gedicht van Jean Pierre Rawie te lezen is. Een foto is snel gemaakt en bijna een jaar later ben ik mijn jongere ik dankbaar voor die actie. Met de Elke Maand Een Straatgedicht-uitdaging komt het gedicht nu goed van pas.

Jean Pierre Rawie (1951) is geen onbekende voor me. Tijdens mijn studie in Groningen kwam ik deze Groningse dichter regelmatig tegen. In dichtvorm wel te verstaan. Zijn gedichten gaan over de bekende thema’s in het leven zoals liefde en dood. Enige ironie is hem niet vreemd. Zo staat het gedicht Finis (uit: Het meisje en de dood, 1979) me nog helder voor de geest. Hij neemt hierin alvast een voorproefje op zijn eigen overlijden en schrijft een overlijdensbericht. De eerste strofe luidt:

Heden is, na een langdurig lijden
dat hij met godsvertrouwen droeg,
Jean Pierre Rawie van ons verscheiden,
Hij komt dus niet meer in de kroeg.

De dichter staat bekend om zijn flamboyante levensstijl. De drank heeft hem eind jaren 80 zelfs bijna zijn leven gekost. Tegenwoordig behoort Rawie tot de bestverkopende dichters van Nederland. Regels uit zijn gedichten worden vaak gebruikt in rouwadvertenties.

Nu kom ik hem hier tegen, in dit dorp, 10 kilometer van ‘Stad’, zoals Groningen door de Groningers genoemd wordt. Het gedicht uit mei 2007 is speciaal geschreven voor het nieuwe dorpscentrum met winkels en appartementen dat naar deze plek is verplaatst. Voorheen bevond het centrum zich op de Wierde, de plek waar in de 13e eeuw een nonnenklooster stond. Al wat nu nog rest van het benedictinessenklooster is de kerk. Statig en indrukwekkend, omsloten door de huizen van het dorp.

Het dunbevolkte gebied herbergt veel geschiedenis. Pas als je je er in verdiept, realiseer je je dat de wereld hier er vele eeuwen geleden heel anders uitzag. Tijdens de Groningse etappes van het Jacobspad ervoeren we dit aan den lijve. We passeerden meerdere plekken waar in vroeger tijden grote kloosters stonden, liepen over kerkepaden en bezochten indrukwekkende kerken in bijna verlaten dorpjes.

Het gedicht op de muur in Ten Boer past heel goed bij deze langeafstandwandeling en gaat als volgt:

De eeuwen kwamen en de eeuwen gingen.
De kleine dorpskern op de zwarte klei
veranderde met de veranderingen.
De stad kroop ieder jaar wat naderbij,

en veel verdween. De vroegere abdij
is heen, heen zijn de vrome kloosterlingen –
maar in de wind is het soms weer of wij
hen door de nieuwbouwwijken horen zingen.

mei 2007
Jean Pierre Rawie

Het verwoordt wat voor meerdere Groninger dorpen geldt. Door de eeuwen veranderen met de veranderingen de dorpen. En veel verdwijnt. En toen ik in het verlaten dorpje Wittewierum tussen de eeuwenoude omgevallen en halfvergane grafstenen stond – ooit de plek waar het beroemde klooster Bloemhof van abt Emo (van Emo’s reis van Dick E.H. de Boer) gevestigd was – kwam de geschiedenis wel heel dichtbij. Het leek zelfs even of ik in de wind de kloosterlingen hoorde zingen.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welke straatgedicht is jou opgevallen?