Elke Maand Een … | Stilte

Elke Maand Een: Foto
Waar: Trein

“Dames, ik zeg het niet nog een keer.” Hij wijst naar het raam. Door rimpels in zijn voorhoofd te trekken probeert de conducteur zijn woorden kracht bij te zetten. De zweem van een glimlach die om zijn lippen speelt, maakt het lastig hem serieus te nemen. De oude dames in kwestie merken dit maar al te goed. Ze proberen schuldbewust te kijken. “Ja, nu zie ik het ook”, zegt de ene mevrouw, terwijl ze naar het raam kijkt. Haar buurvrouw knikt instemmend en probeert ernstig te kijken.

Een station eerder had ik nog een sprintje getrokken om bij de juiste coupé uit te komen. Ik wilde mijn boek uitlezen en hoopte op een stille stiltecoupé. Geen zekerheid tegenwoordig. Het enige vrije bankje was direct achter twee oude dametjes. Hun witte haren stevig in de krul, hun beige jassen netjes aan het haakje, een pak stroopwafels op het neergeklapte tafeltje. Ook lag er een opengeslagen fotoalbum. De ene dame wees haar buurvrouw oude zwart-wit foto’s aan. Ik zat nog niet, of haar duidelijke en luide stem klonk door de coupé. “Weet je nog, toen we met Mies en Henk naar Zeeland gingen?”

Ik twijfel of ik er wat van moet zeggen. Vaak hebben oudere mensen, die niet regelmatig met de trein reizen, niet door dat ze in een stiltecoupé zitten. Ook het begrip stiltecoupé is lang niet altijd duidelijk. Voor veel mensen is stiltecoupé synoniem aan fluistercoupé. Om mij heen zit iedereen met oordopjes in. Ik besluit ook maar mijn oortjes te pakken en bij de rustige klanken van een Spotify-playlist, sla ik mijn boek open.

Tien minuten later komt de conducteur langs. Hij heeft helblauwe ogen met een twinkeling. Samen met zijn tweedagen-baardje zou hij zo uit een soapserie gestapt kunnen zijn. Of uit een jongensband. Het donkere uniform laat zijn brede schouders en lange lichaam goed uitkomen. Na mijn OV-kaart checkt hij de geprinte e-tickets van de dames voor mij, die ze na enig zoeken uit hun tassen weten op te diepen. “Sorry conducteur, we zagen u niet aankomen.” Als hij verder loopt, keuvelen ze gezellig verder.

Als de conducteur klaar is met zijn ronde draait hij zich om naar de dames. Blijkbaar is hij ze al eerder tegengekomen deze treinreis. “Dames, jullie zitten nog steeds in de stiltecoupé. Als jullie gezellig willen kletsen, dan moeten jullie ergens anders gaan zitten.” De oude dames knikken wat. “Dit is een stiltecoupé”, probeert de conducteur weer, “hier moet je echt stil zijn. Ik zeg het niet nog een keer.” Hij wijst naar het woord ‘stilte’ op het raam. Heel even draaien de dames hun hoofden in de gewezen richting.

Tussen de twee stoelen in vang ik de blik op van de conducteur. Ik trek mijn wenkbrauwen en schouders op en maak met mijn handpalmen naar boven duidelijk dat het weinig zin heeft. Hij knikt, kijkt verontschuldigend, zucht en loopt dan verder. Voor me hoor ik de twee vrouwen op een ietwat zachtere toon van onderwerp veranderen. “Aardige knaap hè, knap ook! Zeker als hij probeert om streng te kijken. Zou hij nog terugkomen, voordat we in Utrecht zijn?”

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Elke Maand Een … | Glutenvrij

Elke Maand Een: Foto
Waar: Supermarkt

Op het prikbord in de supermarkt hangt een kaartje: ‘Te koop: Graan- en glutenvrij hondenvoer voor de grote hond. Zit nog 9 kg in.’ Een geprinte foto van een grote groen met bruine zak met een zwarte hond erop, is erbij geplakt. De geïnteresseerden kunnen zelf bieden.

Hoewel ik geen hond heb trekt de advertentie mijn aandacht. Te midden van de aangeboden fietsen, computerspelletjes en babysitters valt een foto van een grote aangebroken zak glutenvrij hondenvoer op. Wat is er met de hond in kwestie gebeurd?

Ik zie een voormalige hondeneigenaar met tranen in zijn ogen aan zijn keukentafel zitten. Voor hem ligt het voorgedrukte advertentiekaartje uit de supermarkt. Hij heeft net zijn trouwe maatje achtergelaten in het huisdierencrematorium. Overal in huis staan nog spullen die hem herinneren aan de vriendschap die ruim 10 jaar heeft geduurd. Daar naast de etensbak bijvoorbeeld staat nog de grote zak voer die de ouwe lobbes erbovenop moest helpen. Het mocht niet baten en nu wil hij deze pijnlijke herinnering zo snel mogelijk kwijt.

Een oudere man in een trainingsbroek, op crocs en net wat te lang wit haar, ziet mij kijken naar de advertentie. Hij merkt op dat “die brokken niet te vreten zijn”. Hij had ze ook gekocht voor zijn eigen hond, op advies van de dierenarts. Na twee happen weigerde het beest nog verder te eten. “Er valt natuurlijk geen discussie te voeren met zo’n hond.”

Ik durf niet te vragen of zijn hond nog leeft.

“Maar” gaat de man verder, “Evert heeft nu een ander merk voer. Ook glutenvrij, maar een stuk beter te hachelen. Hond blij, baasje blij.” Ik zie zijn gezicht ontspannen, hij mompelt “jaja” in zichzelf en schuifelt naar de uitgang. Aan de andere kant van de draaideur zie ik een grote zwarte hond opspringen. Zijn staart beweegt als een malle. Met enige moeite buigt de man zich naar voren en krabt de hond achter zijn oren.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Elke Maand Een … | Zeedruif

Elke Maand Een: Foto
Waar: Hortus Botanicus Leiden

Op het bankje onder de bloeiende prunus is een man verdiept in zijn boek. Onderuitgezakt hangt hij tegen de rugleuning. Zijn rechterenkel rust losjes op zijn linkerbovenbeen. Met één hand houdt hij het pocketboek een stukje voor zich uit. De rug is op meerdere plekken geknakt, de voorkant vaal en omgekruld. De rode springerige letters van deze science fiction cultroman nemen bijna helemaal de kleurige voorkant in beslag. Hij brengt zijn wijsvinger naar zijn mond, likt er kort aan en slaat dan een vergeelde bladzijde om.

Als er een groepje al te luidruchtige bezoekers langskomt, kijkt de lezer op. Hij laat zijn blik over de mensen glijden, kijkt naar de eenden die uit de gracht klauteren en draait dan zijn hoofd naar de grote bruine vazen die in een rechte lijn de Chinese kruidentuin in tweeën delen. Weelderige bloemen en sierlijke vogels die zo uit een sprookje weggevlogen lijken te zijn, sieren de vazen.

Ik sta op een paar meter afstand van de voorste vaas en knijp mijn ogen tot spleetjes tegen de felle voorjaarszon. ‘Zeedruif’ lees ik op het bordje dat uit de vaas steekt. Ik laat de naam even bezinken. Mijn fantasie schotelt mij beelden voor van druifvormig zeewier, velden dobberend op de oceaan, wijnboeren die met bootjes de vruchten oogsten. Ik ben al bij het eindproduct aanbeland – de zeedruifwijn, met een zilte afdronk – als een briesje me doet opkijken.

Onder de witte bloemetjes van de prunus die zachtjes bewegen in de wind, zie ik de lezer met trage bewegingen de mouwen van zijn lichte linnen overhemd opstropen. Uit de bruinlederen schoudertas die naast hem op de bank staat, vist hij een zonnebril met kleine ronde glazen. Hij laat zijn boek nu op zijn bovenbeen rusten en een fractie later gaat hij weer op in het verhaal.

Het boek dat hij leest, The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy, is inmiddels veertig jaar oud, maar brengt zijn lezers nog altijd ver in de toekomst. Naar andere werelden dan de onze. Ook deze lezer wordt duidelijk gegrepen. Ik laat hem achter op zijn bijzondere leesplekje in deze eeuwenoude Hortus. Met uitzicht op een plant die naadloos in zijn verhaal past.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Elke Maand Een … 2019 (lustrum)

Lustrum
En toen werden we wakker in 2019. Een nieuw jaar met nieuwe uitdagingen. Ook voor de Elke Maand Een …- uitdaging. 2019 is wat dat betreft een lustrumjaar. In de afgelopen vier jaar blogde ik elke maand over de uitdagingen die ik mijzelf gesteld had dat jaar.

In 2015 bezocht ik elke maand een museum en schreef daarover. Het werkte erg motiverend, ook door de reacties op de stukken. Dat maakte dat ik in 2016 een nieuwe Elke Maand Een … – uitdaging aanging: Elke Maand Een Route, waarbij ik een bestaande route wandelde of fietste. Ook in 2017 en 2018 ging ik door met de uitdagingen, respectievelijk met Elke Maand Een Foto (met een verhaal) en Elke Maand Een Straatgedicht.

2019
Maar wat ga ik doen in 2019? Welke uitdaging stel ik mijzelf in dit lustrumjaar? Ik heb besloten om in 2019 alle eerdere Elke Maand Een …- categorieën aan bod te laten komen. Ik ga schrijven over musea, routes, foto’s en straatgedichten. Het streven is een gelijke verdeling van de categorieën over het jaar.

Hoog op het lijstje
Afgelopen jaren had ik de bedoeling om ook straatgedichten en musea in Zeeland te bezoeken. Dit is er niet van gekomen. Voor 2019 staat deze provincie daarom hoog op het lijstje. Ook het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam en de N70 Natuurroute in het Rijk van Nijmegen wil ik dit jaar zien/wandelen.

Jullie tips
Uiteraard ben ik benieuwd naar jullie tips. Welke musea moet ik echt bezoeken? Welke wandel- en fietsroutes zijn niet te versmaden (bijvoorbeeld in Zeeland) en is er een straatgedicht dat ik echt niet mag missen? De categorie Elke Maand Een Foto is ook voor mij nog een verrassing. Het is maar net wat tegenkom in 2019 (en vastleg op de gevoelige plaat).

Een overzicht van de blogposts voor Elke Maand Een … 2019 vind je hier.

Elke maand een foto | Terugblik

Op 1 januari 2017 begon ik aan een creatieve ‘Elke maand een …’ uitdaging. Ik daagde mezelf uit om elke maand één foto (EMEF) te selecteren uit mijn archieven, recent of niet zo recent, en daar het verhaal achter te vertellen. Aan het einde van het jaar zou ik dan twaalf foto’s hebben die niet in de vergetelheid waren geraakt.

Uitdaging gehaald?
Het einde van het jaar is daar, tijd om terug te kijken. Heb ik de uitdaging gehaald en elke maand een foto met verhaal geplaatst? Jazeker! Het zijn er zelfs dertien geworden. In januari plaatste ik twee foto’s. De inspiratie begon goed.

Inspiratie
Het bleek een uitdaging die me goed lag. Foto’s waren er in overvloed en het verhaal – al dan niet zelf ingevuld – was ook nooit ver weg. Een foto is voor mij een goede basis voor een blogpost gebleken. De meeste foto’s inspireren tot een verhaal. Soms zag ik een situatie en wist dat de EMEF-uitdaging voor die maand in the pocket was. Met een telefoon heb je altijd een camera binnen handbereik.

Uiteenlopende situaties
De natuur vormde regelmatig een dankbare fotolocatie. Of het nu een slak was die ik tegenkwam onderweg naar de bus, bijzondere zelfgekweekte worteltjes, hangvogels of een markante boom. Elke situatie inspireerde tot een verhaal. Ook bij geschreven teksten en rekensommen op diverse stations wist ik gelijk: dit is EMEF-materiaal.

Het had gebeurd kunnen zijn
Een keer heb ik een foto gebruikt die niet van mij was. De foto, door mijn man gemaakt, was te mooi om niet te gebruiken. De sfeer die het in mist gehulde tafereel uitstraalde, schreeuwde om een blogpost. Wie ben ik dan om dit te laten gaan …! Het verhaal had gebeurd kunnen zijn.

En dat is kenmerkend voor meerdere andere blogposten. Of het gegaan is zoals opgeschreven, blijft altijd een raadsel. Ik heb mijn eigen gedachten en invullingen verbonden aan een foto. Het verstilde moment heeft voor mij een betekenis gekregen waar ik eigenlijk niet meer omheen kan. De foto’s zijn niet weggezakt in een archief met vele andere foto’s. Onttrokken aan de vergetelheid hebben ze een ere-plekje gekregen. Met z’n dertienen vormen ze een geslaagde Elke Maand Een Foto-uitdaging.

Benieuwd naar alle foto’s en de verhalen? Een overzicht vind je hier.

Winterslaap

Tientallen kilometers snelweg liggen nog voor hem. Misschien wel honderden. Op weg naar het noorden ziet hij de omgeving om zich heen veranderen. Een grijze wereld vouwt zich langzaam om hem heen. De verte wordt opgeslokt door het witte niets. De kale bomen zijn berijpt, aanschouwen zwijgend het langsrazende verkeer. De winter is begonnen.

De meeste campers staan inmiddels opgeborgen in hun winterstalling en zullen voor de lente geen daglicht meer zien. Na een laatste weekendje weg in een zonovergoten herfstweekend hebben ook de laatsten hun taak volbracht. Althans voor dit jaar. Opgeruimd en blinkend gepoetst maken zij zich op voor hun welverdiende winterslaap.

Een enkeling mag mee op avontuur. De winter door, het ijs trotserend. En de sneeuw. En rendieren als het mee zit. Wellicht een eland op zijn tijd. Uitgerust met winterbanden, sneeuwkettingen, een goedwerkende verwarming en ski’s binnen handbereik is hij op weg. De omgeving is veelbelovend. Hier al. Handenwrijvend tuurt de bestuurder in de verte. Hij heeft er zin in.

Een ander is vergeten en had al lang in de winterstalling moeten staan. Op de zaterdagmiddag voor Sinterklaas rijdt de eigenaar – op nadrukkelijk verzoek van zijn vrouw – de familiecamper naar de grote schuur van een boer, een plaats verderop. Was ik maar weer thuis, denkt hij, als hij de snelweg opdraait op de koude, mistige decembermiddag.

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Straatgedicht

Om mij heen is niets. Nou ja, niets … Er is een autoweg, een parkeerplaats, weilanden, water, bomen en rails voor zover het oog strekt. Ik wacht. Op een trein met vertraging. “De sprinter naar Amsterdam Centraal vertrekt over 10 minuten” schalt het over het perron. Het handjevol mensen om mij heen wacht geduldig. Op een kluitje onder het afdak. Schuilend tegen de wind en herfstregens.

Tegen de glazen wand van het tegenovergelegen perron strekt een blauw vlak zich uit. Er lijken tekens in te staan, of letters. Te ver weg om er chocola van te maken. Erachter liggen de weilanden. Mistroostig groen achter een blinkende vaart. Dan schuift een geel gevaarte tussen mij en de overkant.

Acht uur later ben ik terug. De grijze lucht hangt nog steeds boven de weilanden. Mensen spoeden zich voor mij de trap af richting parkeerplaats. Het perron is binnen enkele ogenblikken verlaten. Ik sta oog in oog met het blauwe vlak waar inderdaad letters in staan. Ze vormen een gedicht, verspreid over vier ramen. Het oktoberlicht valt door de letters heen. Het geeft de ‘Thuiskomst’ een sombere sfeer.

Dit gedicht van Ida Gerhardt hangt op station Kampen Zuid. Haar uit 1940 stammende woorden verwelkomen de Kampenaren die huiswaarts keren en de bezoekers die toevallig op het station belanden. Gevat in honderden regendruppels leest de stilstaande reiziger over een positieve boodschap die door het seizoen wordt tegengesproken.

Lente was een beter jaargetijde geweest voor dit gedicht, waarin de thuiskomst van de ik-persoon wordt beschreven. Na “zóveel bitt’re jaren” ontvangt de vrouw die in de tuin van het kleine huis aan de rivier aan het werk is, de ik-persoon. Het beschreven landschap met de rivier, het dijkland en de ruime wolkenvluchten zie ik, als ik – letterlijk – door het gedicht heen kijk. De functie en de omgeving van deze plek komen heel mooi samen in dit gedicht.

Wat een uitgelezen locatie voor straatpoëzie.

Thuiskomst

Dit is mijn droom- het kleine huis aan de rivier;
het rusteloze scheren van de zwaluw gaat er
langs dak en raam; de roodborst nestelt bij de vlier.
Een schip zeilt traag voorbij; de bel luidt over ’t water.

En als ik nader waar de dijk zich buigt door ’t land,
richt kort zich op die in de lage tuin gebogen
over de spade staat,-en met de vrije hand
weert zij het helle licht beschuttend van de ogen.

Hoe ken ik dit gebaar, hoe is het mij vertrouwd,
dit sterke opzien van wie daag’lijks naar de lucht en
het wiss’lend, open water turend, rustig oud
werd in dit dijkland en zijn ruime wolkenvluchten.

Er is een scherp herkennen van elkaar en
dan komt zij langs het smalle klinkerpad gelopen,-
maar keert nog terug en stoot de stroeve huisdeur open.
Dit ogenblik-wat tellen zóveel bitt’re jaren?

Ida Gerhardt
Uit: Kosmos
uitgever v/h C.A. Mees 1940

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Huisjes

Je ziet ze steeds meer de laatste tijd. In alle soorten, maten en kleuren. Het lijkt wel een rage te worden. Aan de schuttingen, in de bomen, aan de huizen, zelfs in de huizen. Soms eentje, vaker meerdere. Hele rijtjes, complete woonwijken bevolken het straatbeeld.

Maar het zijn niet alleen de bevolkte gebieden waar deze trend zich verspreidt. Ook de bossen gaan mee met de laatste hype. Kijk maar eens omhoog, de volgende keer dat je door een kleine of grotere verzameling bomen loopt. Vogelhuisjes zo ver het oog reikt.

Als vogel zou ik een beetje in de war raken. Welk huisje had ik ook al weer gehuurd voor dit seizoen? Met de gekleurde exemplaren, af en toe zelfs voorzien van een motiefje, is dit nog niet zo’n probleem. Maar in het bos zijn ze allemaal groen, of bruin. En de bomen zijn ook allemaal groen, en bruin. Vind dan maar eens je optrekje terug.

In de bossen van Landgoed Den Alerdinck heeft men hier wat op gevonden. Simpel en doelmatig zijn de huisjes voorzien van een huisnummer. Eigenlijk zoals het in de mensenwereld ook werkt. Het enige wat de koolmees, pimpelmees, of ander gevederd medewezen hoeft te doen, is het nummer van zijn eigen huisje onthouden. Eitje.

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Ever tried to climb this?

Ever tried to climb this? vroeg een onbekende. Hij of zij had in een duidelijk leesbaar handschrift zijn vraag achtergelaten op een stalen constructie die de overkapping van het perron ondersteunde. Mijn antwoord was een volmondig Nee! En ik ga er vandaag ook niet aan beginnen, voegde ik er in gedachten aan toe.

Het is woensdagochtend, midden-augustus en stralend weer. Een uur daarvoor was ik vanuit een klein Noord-Duits plaatsje op de trein gestapt naar Hamburg, in de hoop daar tickets te bemachtigen richting Nederland. De Deutsche Bahn medewerkster had meegedacht en via 5 overstappen zouden ik en mijn volgeladen fiets in Nederland geraken. Die dag nog. Regionalbahn was het toverwoord. Met een cappuccino-to-go en een zoet broodje wachtte ik op mijn trein richting Bremen.

Ever tried to climb this? Ik had er überhaupt niet over nagedacht dat je deze constructie ook zou kunnen beklimmen. Maar voor de avonturier onder ons is het waarschijnlijk een koud kunstje. Erg ver kom je echter niet. Binnen een paar meter kom je bij het dak. Het uitzicht is niet veel beter dan hier beneden. Treinen, rails, reizigers en af en toe een vakantiefietser.

Wie was de onbekende vragensteller? Heeft hij de constructie echt beklommen? Of is het niet verder gekomen dan een gedachte? Een wachtende reiziger, aan het einde van de dag. Hij (het is vast een ‘hij’) komt uit zijn werk en is op weg naar huis. Zoals elke dag neemt hij zijn vertrouwde plekje in, naast de constructie. Hij staart voor zich uit, zijn gedachten mijlenver weg.

Een jongetje huppelt langs aan de hand van zijn moeder. “Mag ik daarop klimmen, mama?” vraagt hij en hij wil al naar de constructie toelopen. “Nee joh”, zegt zijn moeder, “dat is niet om in te klimmen. Dit is een station, geen speeltuin.” Moeder en zoon lopen verder, maar hebben iets wakker gemaakt in de wachtende reiziger. Hij bekijkt de constructie met hele andere ogen.

Uit zijn tas pakt hij een viltstift en schrijft zijn gedachte op. In het Engels … eigenlijk vrij ongebruikelijk voor een Duitser.

Dus misschien was de vragensteller wel een heel ander persoon. Een Amerikaanse toerist op doorreis, een baldadige internationale student die daadwerkelijk naar boven is geklommen. Of wellicht een vakantiefietser die die dag op zijn tweede station aanbeland was en nog vele treinen in het verschiet had … en vele wachttijden.

Wie het ook was, er rest nu slechts een vraag. Een vijfwoordenzin die mensen op ideeën brengt, ze aanspoort om anders naar hun omgeving te kijken en zelfs bloggers inspireert.

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Zweedse schuilplaats

Het is onze eerste echte fietsdag in Zweden en volgepakt doorkruisen we Skåne. Moe van de inspanning, de heuvels en de elementen zijn we – aan het einde van de middag – blij bij de camping te zijn aangekomen. Althans, we zijn blij om een plekje voor onze tent te hebben, en een douche. Deze grote, volgepakte, niet goedkope camping die ook nog eens de nodige vertier biedt, is niet ons ding.

Na alle post-fietswerkzaamheden (tent opzetten, wasje doen, douchen, maaltijd bereiden) die de komende weken routine gaan worden, wandelen we richting zee. Want dat is een belangrijke reden voor de grootte, drukte en prijs van deze camping: hij ligt aan zee. Aan het Kattegat om precies te zijn, de zeestraat tussen zuidwest-Zweden en het Deense Jutland.

De zon staat laag. Nog even en de schemering treedt in. Wij wandelen langs de steigers, de kleine houten huisjes, de barbecue-plekken. Een jong stel zit knusjes op een bankje, een paar kinderen schoppen een bal over. Aan de overkant ligt een cruiseschip voor anker. Nog een kwartiertje besluiten we, dan gaan we terug naar de tent voor de welverdiende nachtrust.

En opeens is daar het bordje, onopvallend, klein, maar fascinerend. Het doet ons stilstaan. Wat staat erop? Wat wil dit bordje zeggen? Met mijn medefietser speculeer ik over een ongemakkelijke bushalte, een backpackerval (als je het stokje weghaalt) en een schuilkelder in geval van een bombardement. We weten het simpelweg niet.

Het moet een kilometer verderop zijn. Er is maar één manier om erachter te komen, besluiten we, en we lopen verder. Maar na een kilometer hebben we niets gezien wat op het bordje lijkt. We lopen nog een paar honderd meter maar zien enkel de inmiddels zwart geworden zee. In de schemering keren we terug naar onze tent.

Anderhalve week later worstelen we ons door de Jutlandse tegenwind over de Hærvejen, de eeuwenoude Deense handelswegen. Voornamelijk fietsers en wandelaars maken gebruik van deze grindwegen. We zijn die dag al regelmatig afgestapt om een schuilplaats te zoeken voor de fikse regenbuien die over het land trekken. Ook nu naderen de donkere wolken in rap tempo. Met een schuin oog op bomen met een dicht en overhangend bladerdek fietsen we verder.

Twee wandelaars in regenponcho en grote rugzak komen ons tegemoet. Zoals gebruikelijk groeten we elkaar. En precies op dat moment barst de bui los. Wij speuren de omgeving af naar een droge schuilplek. Een van de geponchoode wandelaars draait zich half om en wijst naar de weg waar zij vandaan komen: “There is a shelter, a 100 meters that way. You can wait there for the rain to stop”.

Dankbaar fietsen we in een hoog tempo verder. Wat we daar verderop, glimmend van de regen, langs de weg zien staan, brengt ons in één klap weer terug naar die avond van de eerste fietsdag in Zweden. Het onopvallende Zweedse bordje staat hier in Denemarken in levensgroot formaat langs de weg. Het is een bivak, een plek om te schuilen, wellicht ook te gebruiken door kampeerders die er willen overnachten. Ja, dat moet het bijna wel geweest zijn, daar aan het strand bij die overvolle camping. Als we dat geweten hadden…

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).