Fietsen langs Duitse rivieren | Römer-Lippe-Route

Onze totale fietsroute

In de zomer van 2019 fietsen we in twee weken langs twee Duitse rivieren. De eerste week fietsen we vanuit Nederland naar de Emsradweg en pakken deze route in Ditzum op. Ditzum is een klein vissersplaatsje vlakbij de monding van de Ems in Emden. Vanaf hier zakken we af naar de bron van de Ems bij Hövelhof. Daar steken we over naar Detmold om in de tweede week de Römer-Lippe-Route te fietsen. De rivier de Lippe volgen we van bron naar monding in de Rijn, tussen Wesel en Xanten. Vanaf Xanten fietsen we weer terug naar Nederland. We zijn dan 1050 km verder, hebben verschillende landschappen doorkruist en zijn veel ontmoetingen en indrukken rijker.

Fietsen over de Römer-Lippe-Route

Het routeboekje met op de achtergrond de Lippe

Vanaf een camping midden in het Teutoburgerwald beginnen we aan de Römer-Lippe-Route. De bron van de rivier de Lippe zien we pas 35 kilometer verderop. De route begint namelijk bij het Hermannsdenkmal, een kolossaal beeld boven op een heuvel dat verwijst naar de slag bij het Teutoburgerwald tussen de Germanen en de Romeinen. Niet alleen volgt deze fietsroute de Lippe, maar leidt het de fietsers ook langs de uitgebreide Romeinse geschiedenis van dit gebied. En wat is nu een betere plek om te beginnen dan bij Hermann, oftewel Arminius, de Germaanse legeraanvoerder die Caesars legioenen verpletterend versloeg?

Hermann in volle glorie

Om bij het Denkmal te komen, moet je in korte tijd een paar honderd hoogtemeters overbruggen en dat valt me, na de vlakke EmsRadweg, wel zwaar. Ook de rest van de etappe van die dag die ons o.a. bij de Externsteine brengt, een rotsformatie van zandsteen te midden van de heuvels, is veel stijgen en dalen.

De Externsteine

De omgeving ziet er meteen ook heel anders uit. Heuvelachtige landschappen, overdekt met bossen, open vlakten met weiden, wilde bloemen en graanvelden vouwen zich voor ons uit. Het levert mooie vergezichten op.

We fietsen door een mooi landschap

Bij Bad Lippspringe ontspringt de Lippe. Vanaf 8 meter diepte borrelt het water op in een meertje. Informatieborden, bloembakken en verschillende uitzichtpunten maken het tot een officiële bron, die ik ook voor ogen had bij de Ems. Het verschil kan niet groter zijn. De route is vanaf hier redelijk vlak en de komende dagen volgen we de Lippe naar de monding bij Wesel. Af en toe steken we hem over met een trekpontje.

De bron van de Lippe in Bad Lippspringe

De rivier is vaak helder en stroomt snel. Waterplanten waaieren uit in de stroomrichting. De ganzen en eenden op het water moeten moeite doen om op hun plek te blijven. Heel breed wordt het water niet. Verschillende malen zien we kano’s voorbijkomen. Stroomafwaarts uiteraard. Grote stukken lopen de Lippe en het druk bevaren Datteln-Hamm-Kanal naast elkaar.

Met de klok mee vanaf links boven: de Lippe; een trekpontje; uitzicht op de Lippe vanaf het terras van hotel Zur Rauschenburg; de Lippe en het Datteln-Hamm-Kanal lopen naast elkaar

De plaatsjes langs de Lippe

Paderborn met de Pader

Onze eerste overnachting op de Römer-Lippe-Route is in Paderborn. Een oud, leuk stadje vol vakwerkhuizen. De Pader, met 4 kilometer de kortste rivier van Duitsland, ontspringt er en stroomt er als een helder, af en toe snelstromend, beekje doorheen. Om te eindigen in de Padersee bij Schloß Neuhaus. In Schloß Neuhaus ontbijten we bij een bakkertje vlakbij het slot, waar het plaatsje naar vernoemd is. De uitgestrekte tuinen achter het kasteel staan volop in bloei. Kinderen van de plaatselijke basisschool hebben er een sportdag.

De tuinen van Schloß Neuhaus

In Lippstadt bewonderen we het grote plein met – wederom – vakwerkhuizen en de fontein met bijzondere beelden. Ook de Kaffee und Kuchen smaken er goed. Van de uitgestrekte stad Hamm zien we voornamelijk de omliggende natuur. Wel werpen we een blik op de immense glazen olifant in het Maximilianpark waar industriële panden nu een andere bestemming krijgen à la Eindhoven of Rotterdam. In Werne pauzeren we bij het gradeerwerk, waar zout wordt gewonnen door water langs sleedoorntakjes te laten lopen

Met de klok mee vanaf links boven: Lippstadt; gradeerwerk van Werne; streetart in Dorsten; Haltern am See

Via Haltern am See, gelegen aan een groot meer en Dorsten, waar ik een mooie muurschildering spot, komt de route in Wesel uit, een oud stadje waar de Lippe uitmondt in de Rijn. De route zelf eindigt in Xanten, de plaats bij uitstek voor Romeinse geschiedenis.

Monding van de Lippe in de Rijn

Romeinse geschiedenis

Onderweg worden we verschillende malen herinnerd aan de Romeinse geschiedenis van dit gebied

De Limes, de noordgrens van het Romeinse Rijk langs de Rijn, liep langs Xanten en in de Romeinse tijd lag bij deze plek de stad Colonia Ulpia Traiana en de belangrijke legerplaats Castra Vetera. In het archeologisch park bij de stad zijn originele resten van gebouwen terug te vinden. Ik was hier ooit met een excursie van de middelbare school. Zeker een aanrader.

Ook elders op de route komen we verschillende keren overblijfselen tegen uit de Romeinse tijd. Uitgebreide informatieborden en plaatsaanduidingen geven de geïnteresseerden een beeld van hoe het graanveld of het bos dat er nu ligt, er een paar duizend jaar geleden uitzag.

Omleidingen

De route kent opvallend veel omleidingen. Wegwerkzaamheden maken dat ook fietsers geen gebruik kunnen maken van bepaalde wegen of bruggen. Op de site van de Römer-Lippe-Route staat dit allemaal aangegeven en wordt ook een alternatieve route beschreven. Uiteraard hadden wij dit van te voren niet bekeken en hebben we heel wat meer kilometers gefietst dan nodig was. Soms over saaie rechten wegen, soms over mountainbike-paadjes door bossen. Niet echt ideaal met onze volgeladen fietsen.

Ontmoetingen

Af en toe komen we vreemde borden tegen

Onderweg is veel te zien. Daarom staan we regelmatig even stil om een foto te maken, in het boekje te kijken of een informatiebord te lezen. We hebben meerdere keren gehad dat er, zodra we afstapten, iemand naar ons toekwam en vroeg of hij ons kon helpen. Nadat we ontkennend geantwoord hadden, kwam het gesprek – uiteraard – op fietsen en de omgeving. Het heeft een aantal leuke gesprekken opgeleverd.

Zo vertelt een oude man op een e-bike in Detmold dat hij elke dag een rondje fietst “das ist gut für die Knochen”. Het verbaast hem niet dat we Nederlands zijn. Hij ziet de laatste jaren steeds meer fietsende Nederlanders. “Terecht”, merk ik op, “gezien de omgeving”. Daar is hij het volkomen mee eens.

Op onze laatste camping in Duitsland ontmoeten we een vakantiefietser uit Rotterdam die al vijf weken onderweg is. Hij heeft een rondje Zwitserland gedaan en heeft het nu wel weer gehad. Hij wil naar huis en het liefst voor de finale van het voetbal, de volgende dag. Dat wordt nog even doorfietsen, merken we op. Hij ziet het wel zitten. De dag ervoor had hij 140 kilometer afgelegd “en ook nog een lekke band geplakt”.

Overnachtingen

Camping Uentrop

Tijdens de Römer-Lippe-Route hebben we een aantal bijzondere overnachtingen gehad. Zo was er de camping Uentrop bij Hamm die op zichzelf erg rustig was, ware het niet dat de snelweg praktisch over de camping liep en de koeltorens van de verderop gelegen industrie ons uitzicht vormden. Het hotel Zur Rauschenburg bij Olfen was typisch Duits. Idyllisch gelegen aan de Lippe stond het statige gebouw aan de rand van het bos. De kamers waren sinds de jaren 50 niet meer veranderd en de zware houten meubels gaan nog wel een tijdje mee. We hebben er heerlijk op het terras gezeten en genoten van onze schnitzel.

De laatste camping aan de route lag bij Wesel aan de Rijn. We kwamen er aan op een vrijdagmiddag. Dit bleek geen goede combinatie. De camping was immens (het was een kilometer lopen van onze tent naar de douches) en de halve omgeving was uitgelopen om op die plek het weekend door te brengen. Wat een contrast met de boerencamping in Drempt (Achterhoek) waar we de volgende avond een plekje in de boomgaard vonden: “die ladder staat er om de kersen te plukken, dus ga vooral je gang.”

Meer informatie

Romeinse cijfers geven onderweg het aantal afgelegde kilometers vanaf de bron van de Lippe aan

Meer informatie over de Römer-Lippe-Route vind je op de site. Hier kun je ook de GPS-track downloaden. De hoofdroute is 295 kilometer lang. Regelmatig echter heb je de mogelijkheid om een alternatieve route te fietsen (een Schleife) langs een Romeinse bezienswaardigheid of mooie natuur. Zowel de hoofdroutes als de Schleifen zijn gemarkeerd en in het Bikelineboekje aangegeven. Ook vind je onderweg regelmatig grote roestrode stalen platen met Romeinse cijfers. Deze cijfers geven het aantal kilometers aan vanaf de bron van de Lippe.

De markering van de Römer-Lippe-Route

De markering bestaat uit rood-blauw-witte vierkantjes waarin je een gestileerde Romeinse helm en de Lippe kunt ontwaren. De bordjes hangen onderaan de richtingaanwijzerbordjes.

Benieuwd naar onze ervaringen op de EmsRadweg? Lees het hier.

Advertenties

Fietsen langs Duitse rivieren | EmsRadweg

Onze totale fietsroute

In de zomer van 2019 fietsen we in twee weken langs twee Duitse rivieren. De eerste week fietsen we vanuit Nederland naar de EmsRadweg en pakken deze route in Ditzum op. Ditzum is een klein vissersplaatsje vlakbij de monding van de Ems in Emden. Vanaf hier zakken we af naar de bron van de Ems bij Hövelhof. Daar steken we over naar Detmold om in de tweede week de Römer-Lippe-Route te fietsen. De rivier de Lippe volgen we van bron naar monding in de Rijn, tussen Wesel en Xanten. Vanaf Xanten fietsen we weer terug naar Nederland. We zijn dan 1050 km verder, hebben verschillende landschappen doorkruist en zijn veel ontmoetingen en indrukken rijker.

Naar de EmsRadweg toe

Zwarte Dennen

Het is boven de 30 graden als wij in twee dagen via Overijssel, Drenthe en Groningen naar Ditzum in Noord-Duitsland fietsen. De Nederlandse provincies doen niet onder voor het Duitse Ostfriesland. We rijden door de verstilde Zwarte Dennen bij Staphorst, over het mooiste fietspad van Drenthe in het Dwingelderveld en door het prachtige natuurgebied Bovenlanden (inclusief een verzonken dorp) in Noord-Groningen. We kamperen op twee mini-campings in Eursinge en Bellingwolde, waar het goed toeven is.

Bad Nieuweschans (en daarmee de grens) is niet ver meer

De EmsRadweg bereiken we de volgende ochtend. In ons routeboekje wordt de route van bron tot monding beschreven. Wij fietsen hem andersom en dus bladeren we terug in het boekje. In het veld is de route gelukkig beide kanten op gemarkeerd. Emden is de officiële start (of einde) van de route. Wij besluiten om de route in Ditzum, 10 km van Emden, op te pakken. Emden ligt aan de overkant van de Ems en dat retourtje met de pont geloven we wel.

Fietsen over de EmsRadweg

In Warendorf

Ditzum is een oud vissersdorpje aan de monding van de Ems. Het landschap van Ostfriesland is kaal en het eerste deel van de route fietsen we voornamelijk langs de dijk, af en toe laverend tussen de schapen. De weg is vlak en zal dit ook blijven tot aan de bron bij Hövelhof.

Laveren tussen schapen langs de dijk bij Ditzum

De Ems is breed en de binnenvaartschepen varen af en aan. Ook kun je hier een enorm cruiseschip tegenkomen dat in de Meyer-werf in Papenburg wordt gebouwd. Al jarenlang een onderwerp van discussie tussen natuurliefhebbers en de werf. De eerste groep ziet graag dat de Ems een natuurlijke loop houdt en de natuur bewaard blijft. De werf en de lobby eromheen daarentegen hebben voor de gebouwde cruiseschepen een diepe en brede rivier nodig.

Binnenvaartschepen komen onderweg in de Ems en in het er parallel aan lopende Dortmund-Ems-Kanal tot aan Rheine 13 sluizen tegen. Bij Greven, vroeger de laatste bevaarbare Emshaven, wordt de rivier te smal en zien we alleen nog plezierjachtjes, kano’s en op een gegeven moment zelfs dat niet meer. De serieuze rivier wordt in krap 400 km een lieflijk stroompje met overhangende bomen, koeien op de oevers en wuivende graanvelden erlangs. Wij kamperen aan de Ems, drinken er Kaffee und Kuchen naast, steken haar over in oude dorpjes met traditionele vakwerkhuizen en af en toe biedt zij een thuis aan een kunstwerk.

De Ems van monding tot bron deel 1: van Ditzum (bovenaan) tot aan Rheine (onderaan)

In de bossen bij Hövelhof bereiken we na zes dagen fietsen de bron van de Ems. In een informatiecentrum lezen we over de rivier, een paar honderd meter verderop vind je de bron. Het ligt bij een militair oefenterrein dat sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog Engels is. Al sinds het begin van de route heb ik een plek voor ogen waar je het water ziet opborrelen. De werkelijkheid is anders. Langs de vlonders waar je overheen loopt, zie je wat water glinsteren dat verder het bos in loopt. Naar het schijnt is dit overigens niet de echte bron. Die ligt even verderop, binnen de grenzen van de militaire zone.

De Ems van monding tot bron deel 2: van Telgte (bovenaan) tot aan de bron bij Hövelhof (onderaan)

Geschiedenis

Onderweg zien we veel graanvelden

Een aanleiding voor mij om de EmsRadweg te fietsen, was het boek Het lied van de Eems (2011) van Aafke Steenhuis. In dit boek fietst zij de EmsRadweg en vertelt over de geschiedenis van de rivier en het omliggende gebied. Ik herlees het tijdens onze fietsvakantie en dat maakt dat ik met hele andere ogen naar de omgeving kijk.

We doorkruisen Ostfriesland en Emsland, gebieden met een lange en niet altijd rooskleurige geschiedenis. In vroeger tijden waren het arme streken en werd er turf gewonnen. Net als aan de Nederlandse kant van de grens.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er maar liefst 15 straf-, concentratie- en krijgsgevangenenkampen in het Emsland. Het plaatsje Haren (Ems) is vlak na de oorlog nog een paar jaar Pools geweest. De Poolse soldaten die meevochten aan de geallieerde zijde en Poolse dwangarbeiders uit de kampen konden niet meer terug naar huis. Het land lag achter het IJzeren Gordijn. De Britse bezettingsmacht besloot toen de oorspronkelijke bevolking van Haren (Ems) weg te sturen en de huizen beschikbaar te stellen aan de Polen.

Moin

Onderweg komen we veel andere fietsers tegen die veelal op elektrische fietsen de route de andere kant op fietsen. Deze fietsers en ook de wandelaars groeten ons met moin. De groet die de Groningers ook niet vreemd is. Tot ver in het zuidelijke stroomgebied van de Ems groeten we op deze manier, totdat hallo en morgen de boventoon gaan voeren. Volgens Aafke Steenhuis kunnen mensen aan beide kanten van de grens elkaar prima verstaan als ze dialect spreken. Ze kan het weten, ze heeft het zelf uitgetest.

Eichenprozessionsspinner

Hier hadden we beter niet kunnen stoppen

Een paar dagen nadat we vertrokken zijn, haalt hij het nationale nieuws: de eikenprocessierups. In vergelijking met voorgaande jaren is het aantal rupsen verdriedubbeld. De brandhaartjes van de beesten zorgen voor hevig jeuk bij mens en dier. Het is dus oppassen geblazen. De rood-witte linten om de eikenbomen waarschuwen de voorbijgangers. In Duitsland krijgen we dit allemaal niet zo mee. Maar ook daar zijn de beesten aan een opmars bezig. We zien de borden, maar staan er niet zo bij stil. Tot vlak voor Warendorf.

Vanwege de warmte pauzeren we even in de schaduw van een grote boom. Pas later zien we het bord en daar vlak naast het nest van de Eichenprozessionsspinner. Ik maak nog even een foto, maar het kwaad is al geschied. ’s Avonds blijken we toch wel veel – naar we denken – muggenbulten te hebben en er komen steeds meer bij, op de vreemdste plekken. De rups heeft toegeslagen. De dagen erna vermijden we ondanks de aantrekkelijke schaduw alle eikenbomen, met of zonder bord. Dit niet weer.

De plaatsjes langs de Ems

Met de klok mee vanaf rechtsboven: Papenburg; Kloster Bentlage bij Rheine; Leer; Telgte; Rietberg; Rheda-Wiedenbrück; Warendorf; Hövelhof

De Ems komt door en langs verschillende leuke stadjes, zoals:

– Leer, een havenstadje met oude straatjes en huizen;
– Papenburg, dat doorkruist wordt door grachten boordevol bloembakken (zowel erin als erlangs);
– Rheine en het Kloster Bentlage, waar we met oud en nieuw waren en dat er nu, in de zon en met de bomen vol in blad, toch wel heel anders uitziet;
– Telgte, een oud stadje met een mooie kerk en een kunstwerk in de Ems van een man met een zwemband;
– Warendorf, met een pleintje met typisch Duitse geveltjes en een kerk met het opschrift ‘Nütz die Zeit’;
– Rheda-Wiedenbrück, met levensechte beelden van alledaagse mensen van keramiek;
– het sprookjesachtige Rietberg waar we naast de Ems, die veel weg heeft van een snelstromend beekje, onze cappuccino met overheerlijke Himbeerenkuche eten;
– Hövelhof, waar we voor het voormalige jachtslot van een bisschop uit de middeleeuwen van onze lunch genieten.

Overnachtingen

Op Camping Quellental bij de bron van de Ems

Tijdens de EmsRadweg hebben we verschillende soorten overnachtingen. We slapen op campings, sommigen iets groter dan we willen, soms in het gezelschap van eenden of kippen (inclusief een haan die om 4 uur ’s ochtends wakker werd), in een jeugdherberg, in een hostel op een boerderij in bedrijf en als enige gasten in een pension in een groot huis. Aanraders zijn voor ons:

Querdel’s Hof in Emsbüren, overnachten in een pension met meerdere kamers in een groot huis in the middle of nowhere, dat eigendom is van een boerenfamilie. Het ontbijt van voornamelijk zelfgemaakte producten, is een kilometer verderop, in de tuin van de boerderij.
Hotel Meier-Westmeyer in Marienfeld zit in een oude, nog in bedrijf zijnde boerderij in het rustige dorpje Marienfeld. Er is een oud klein goederenliftje waarmee we onze fietstassen eenvoudig naar de tweede verdieping kunnen krijgen.

Meer informatie

De groene ‘E’ markeert de EmsRadweg

Meer informatie over de EmsRadweg staat op de site van de route. Hier vind je o.a. de omleidingen, informatie over de omgeving en de GPS-track. Ook staat hier een link naar de praktische app van de EmsRadweg, waarmee je o.a. heel makkelijk de afstand tussen twee punten kunt bepalen. Heel handig als je ’s avonds voor je tentje de route van de volgende dag uitstippelt.

De EmsRadweg is ook gemarkeerd, zoals veel fietsroutes in Duitsland. De markeringsbordjes zijn vaak vierkantjes die onder de richtingaanwijzerbordjes hangen. De EmsRadweg is herkenbaar aan de groene E in beeld en spiegelbeeld. In verband met omleidingen kun je eigenlijk niet alleen op deze markering fietsen. Neem in ieder geval een fietsrouteboekje mee (wij hadden het boekje van Bikeline) of de GPS-track.

Benieuwd naar onze ervaringen op de Römer-Lippe-Route? Lees het hier.

Salland Pad etappe 5: Luttenberg – Haarle

Route: Salland Pad
Afstand: 16 km
Start: Bushalte Heuvelweg in Luttenberg
Eind: Bushalte ‘t Kruuspunt in Haarle

Naast de Langeafstandswandelingen en Streekpaden die Nederland rijk is, zijn er nog vele andere paden die je op mooie plekjes in ons land brengen. Zo kwam ik het Salland Pad tegen, dat gebruik maakt van het wandelnetwerk Salland, een netwerk van wandelwegen tussen de IJssel en de Sallandse heuvelrug. Het Salland Pad is met 130 km de langste van de vijf beborde themaroutes binnen dit netwerk. Andere themaroutes zijn o.a. de Sallandse Zandloper en het Schipbeekpad. Het Salland Pad maakt een rondje door Salland. Je kunt daarom op elk willekeurig punt beginnen. Het boekje met de verschillende etappes koop je voor 2 Euro online of bij een plaatselijke boekhandel.

We lopen over kleine paadjes tussen weiland en sloot

 

In april liepen we de vorige etappe van het Salland Pad. De natuur was toen in lentetooi met frisgroene blaadjes, bloesem en allerhande bloemen in de bermen.  Het groen van de bomen is nu, drie maanden later, dieper, zwaarder. Langs de akkers staan korenbloemen, klaprozen en andere bloemen in allerlei kleuren. En laten we vooral niet de insecten vergeten. In april waren eikenbomen nog onschuldig, nu loopt een groot deel van de voorbijgangers er met een grote boog omheen. Uiteraard komen we deze bomen – en hun tijdelijke bewoners – ook tijdens deze mooie etappe tegen.

We starten vandaag in Luttenberg, waar we met de buurtbus arriveren. De eerste paar honderd meter liepen we vorige keer ook, toen we per ongeluk de verkeerde kant op liepen. Nu mogen we verder het glooiende landschap in. Het is 18 graden, in de blauwe lucht drijven wolken en de zon schijnt regelmatig. Kortom, prima wandelweer.

De route leidt ons over plattelandsweggetjes, door bossen boordevol eikenbomen en over kleine, net gemaaide paadjes tussen weilanden en sloten. Libellen vliegen af en aan, kikkers kwaken in de sloten, de sigaren van de lisdodden maken het plaatje af. We wanen ons in een Jac. P. Thijsse landschap! Het is rustig op deze dinsdagochtend. Af en toe passeert er een auto of een fietser, wandelaars zien we niet. Op een dagcamping luistert een groep kinderen aandachtig naar hun juffen, op camping De Luttenberg zitten vakantievierende echtparen voor hun caravans met een kopje koffie.

In Mariënheem drinken we bij de bakkerij en buurtwinkel van Stichting de Parabool – een organisatie voor o.a. dagbesteding voor mensen met een verstandelijke beperking – een kopje koffie. Hier komen we ook twee andere wandelaars tegen. De oudere heren hebben op deze doordeweekse dag ook hun wandelschoenen aangetrokken en lopen een rondje uit een wandelgids van Gegarandeerd Onregelmatig. We wensen elkaar een goede wandeling en vervolgen onze weg.

Na Mariënheem lopen we al snel het natuurreservaat Boetelerveld in. Het is het enige overgebleven natte heidegebied in Salland en behoort tot de Natura 2000-gebieden (een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden). Er komen bijzondere dier- en plantsoorten voor en er is een vogeltrektelpost gevestigd. Wat ons vooral opvalt, zijn de vele eiken. Met een boog eromheen lopen, is er niet bij. Door het hoge gras en de struiken kunnen we enkel het smalle pad volgen, dat pal onder de laaghangende eikentakken doorloopt.

Vogeltrektelpost op het Boetelerveld

We zien links en rechts diverse nesten vol eikenprocessierupsen tegen de stammen geplakt zitten. We blijven niet staan, maar houden het tempo erin. Hoe sneller we dit gebied uit zijn, hoe beter. Dit is niet een plek om te zijn op dit moment. Na 2,5 kilometer komt het einde in zicht en zijn we blij weer bredere wegen te zien.

Op een bankje ver weg van eikenbomen eten we onze broodjes en leggen dan de laatste kilometers af naar de buurtbushalte in Haarle. Het Salland Pad hebben we dan al verlaten. Dit buigt voor Haarle af richting het natuurgebied De Sprengenberg. Hier komen we terug als de rupsen vlinders zijn geworden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Salland Pad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Elke Maand Een … | Glutenvrij

Elke Maand Een: Foto
Waar: Supermarkt

Op het prikbord in de supermarkt hangt een kaartje: ‘Te koop: Graan- en glutenvrij hondenvoer voor de grote hond. Zit nog 9 kg in.’ Een geprinte foto van een grote groen met bruine zak met een zwarte hond erop, is erbij geplakt. De geïnteresseerden kunnen zelf bieden.

Hoewel ik geen hond heb trekt de advertentie mijn aandacht. Te midden van de aangeboden fietsen, computerspelletjes en babysitters valt een foto van een grote aangebroken zak glutenvrij hondenvoer op. Wat is er met de hond in kwestie gebeurd?

Ik zie een voormalige hondeneigenaar met tranen in zijn ogen aan zijn keukentafel zitten. Voor hem ligt het voorgedrukte advertentiekaartje uit de supermarkt. Hij heeft net zijn trouwe maatje achtergelaten in het huisdierencrematorium. Overal in huis staan nog spullen die hem herinneren aan de vriendschap die ruim 10 jaar heeft geduurd. Daar naast de etensbak bijvoorbeeld staat nog de grote zak voer die de ouwe lobbes erbovenop moest helpen. Het mocht niet baten en nu wil hij deze pijnlijke herinnering zo snel mogelijk kwijt.

Een oudere man in een trainingsbroek, op crocs en net wat te lang wit haar, ziet mij kijken naar de advertentie. Hij merkt op dat “die brokken niet te vreten zijn”. Hij had ze ook gekocht voor zijn eigen hond, op advies van de dierenarts. Na twee happen weigerde het beest nog verder te eten. “Er valt natuurlijk geen discussie te voeren met zo’n hond.”

Ik durf niet te vragen of zijn hond nog leeft.

“Maar” gaat de man verder, “Evert heeft nu een ander merk voer. Ook glutenvrij, maar een stuk beter te hachelen. Hond blij, baasje blij.” Ik zie zijn gezicht ontspannen, hij mompelt “jaja” in zichzelf en schuifelt naar de uitgang. Aan de andere kant van de draaideur zie ik een grote zwarte hond opspringen. Zijn staart beweegt als een malle. Met enige moeite buigt de man zich naar voren en krabt de hond achter zijn oren.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Stadswandeling in zomers Middelburg

Route: Groene Wissel Middelburg
Afstand: 8 km
Start: Station Middelburg
Eind: Station Middelburg

Een van de vele straatgedichten in Middelburg

Als je een stad wilt verkennen waar je nog niet eerder bent geweest, is een stadswandeling de ideale manier om een aantal hoogtepunten te zien. Maar hoe kom je aan een route? Ik kijk altijd eerst op wandelzoekpagina.nl of er een zogenaamde Groene Stadswissel is. Dit zijn goed beschreven routes, vaak niet meer dan 10 km, die je gratis van de site kan halen. Tot nu toe waren ze zeer de moeite waard. Zo liep ik al eerder in Leiden, Maastricht, Apeldoorn en op Urk leuke routes. Ook Middelburg blijkt een Groene Stadswissel te hebben.

Op een lentedag met zomerse temperaturen parkeren we de auto achter station Middelburg. Het KNMI voorspelt 30 graden vandaag. Het is nog vroeg, maar je voelt nu al dat het warm gaat worden. We besluiten de route tegen de klok in te lopen, zodat we aan het einde over de schaduwrijke vestingwallen komen. Vanaf het station lopen we door straatjes met allerlei eetgelegenheden naar de binnenstad. Een boter-kaas-en-eieren vogelhuisje doet ons even stilstaan. Wat een leuk idee.

Boter, kaas en eieren

In het centrum gaat de wandeling langs de bekende bezienswaardigheden van Middelburg. We lopen over het Abdijplein, langs het Zeeuws Museum, over de Markt en blijven stilstaan voor het imposante voormalige stadhuis. Op beide pleinen staan podia en worden stoelen neergezet. Medewerkers in kraampjes zijn druk bezig met de voorbereidingen voor het korenfestival ‘Middelburg VÓLkoren’ dat dit weekend wordt gehouden.

Het Abdijplein met het Zeeuws Museum

 

Stadhuis van Middelburg

Overal waar we lopen, beieren de klokken. Kerkgangers haasten zich door de straten. Door open deuren zien we kerkdiensten die aan de gang zijn. Wij wandelen verder, langs de Lange Jan, door de winkelstraat. Hier en daar zet ik een straatgedicht op de foto. Want er zijn straatgedichten genoeg in de Zeeuwse hoofdstad.

Veel straatgedichten in Middelburg verwijzen naar het water en de zee

Het project Sprekende Gevels, waarbij straatgedichten aangebracht worden op gevels in Middelburg, heeft inmiddels 21 (en waarschijnlijk nog wel meer) straatgedichten opgeleverd. Van tevoren heb ik de kaart met de locaties van de gedichten geprint. Ik loop deze Groene Wissel met deze kaart in de hand, mijn man heeft de GPS-route op zijn telefoon. Een goede verdeling. Af en toe wijk ik uit naar een gedicht in een zijstraatje. We zijn er nu toch. Ik kom zelfs twee gedichten tegen die niet op mijn kaartje staan. Een daarvan staat rondom de roos met de naam ‘Rosa Middelburg’, die is aangeboden aan de stad Middelburg, ter gelegenheid van Middelburg 800 jaar stadsrechten.

Een gedicht rond de ‘Rosa Middelburg’ door stadsdichter Karel Leeftink

Via de Volkssterrenwacht Philippus Lansbergen – in 1967 opgericht en daarmee de oudste nog bestaande publiekssterrenwacht van Nederland – lopen we langs de gracht. Het is tijd voor koffie en we strijken neer op een terrasboot bij het leuke HoneyPie voor een cappuccino met heerlijke carrotcake. Vanachter de geraniums kijken we uit over het water en de bootjes die voorbij komen. We zien twee hoofden en een meisje drijven in het water. Kunstwerken van Sjer Jacobs, lees ik later. De hoofden zijn van piepschuim en zijn omhuld door een laagje beton. Ze drijven er inmiddels ruim een maand en trekken veel bekijks. Ik kan me er iets bij voorstellen.

De gracht met het meisje, in de verte de hoofden en de terrasboot

De temperatuur stijgt en we besluiten verder te wandelen. De route brengt ons bij de vestingwallen. Door de bomen is het hier heerlijk schaduwrijk. We lopen bijna alleen over de paadjes langs het water en volgen de punten van het bastion. De witte molen De Hoop steekt fel af tegen de blauwe lucht.

Over de vestingwallen en langs molen De Hoop

Bij het Noordbolwerk is een stuk afgezet waar schapen grazen. Of eigenlijk liggen ze nu voornamelijk in de schaduw. Een bordje geeft aan dat het terrein op een ecologische manier wordt onderhouden door een schaapskudde, die hier een aantal keren per jaar graast. De schapen worden op meerdere plaatsen in Walcheren ingezet, waardoor ze allerlei zaden en sporen van planten verspreiden. Dit leidt tot ecologische verbindingen. Goed dat hier over nagedacht wordt!

Voor schapen is 30 graden ook best wel warm

Na de vestingwallen gaan we door de Koepoort weer het centrum in. De route leidt ons door kleine steegjes. Regelmatig twijfelen we of ze niet doodlopen. Maar elke keer kunnen we doorlopen. Via de binnenhaven tenslotte brengt de route ons weer terug naar het station.

Veel steegjes lijken dood te lopen

Grote groepen mensen komen ons tegemoet, elke groep in een eigen kleur outfit. Koren die op weg zijn naar het festival. Wij lopen door en verlaten deze mooie middeleeuwse stad. Zeer de moeite waard en door de Groene Stadswissel (en de kaart met straatgedichten) zijn we op plekken geweest waar we anders niet gekomen waren. Een aanrader!

Fietsen langs Duitse rivieren

Vorig jaar september begon het weer te kriebelen. De wandelvakantie in Ierland (lees hier een impressie) lag alweer een paar maanden achter ons. De donkere dagen voor kerst lagen in het verschiet. Wat is er dan leuker om te fantaseren over een volgende vakantie. Een fietsvakantie wel te verstaan, die keuze was snel gemaakt. Na een jaar wandelen werd het weer tijd om te gaan fietsen. Maar waar?

Nu kom ik af en toe leuke fietsideeën tegen. Ik houd ze bij in een alsmaar groeiend lijstje. Sinds een paar jaar staat de Noord-Duitse EmsRadweg ook op dit lijstje. Eigenlijk nadat ik het boek Het lied van de Eems (2011) van Aafke Steenhuis las. In dit boek fietst zij – juist – de EmsRadweg en vertelt over de geschiedenis van de rivier en het omliggende gebied. Dat doet ze goed, want halverwege het boek zag ik mij al langs de Eems fietsen, dwars door de historie.

De EmsRadweg (route uit de app van de EmsRadweg)

De keuze was dus snel gemaakt. Met die 382 kilometer zijn we wel een kleine week zoet. De route is beschreven in een boekje van Bikeline, van de bron in het Teutoburgerwald naar de monding van de rivier bij Emden. We besluiten de Radweg andersom te fietsen. Zo kunnen we bij de monding een andere fietsroute uit het lijstje oppikken: de Römer-Lippe-Route.

Deze route volgt, zoals de naam al zegt, de rivier de Lippe. Hij begint in Detmold en eindigt in Xanten waar de rivier uitmondt in de Rijn. Het leuke van deze route is dat je onderweg veel nog tastbare Romeinse historie tegenkomt. Ooit vertaalde ik op de middelbare school Latijnse teksten uit De Bello Gallico van Julius Caesar. Het Teutoburgerwald kreeg hierin haast mythische proporties. Daar moet ik nog eens heen, besloot ik toen. Ik ben er inmiddels al een paar keer geweest, te voet. Maar de combinatie in de Römer-Lippe-Route van dit mythische woud en tastbare Romeinse historie is wel heel aantrekkelijk.

De Römer-Lippe-Route (bron: http://www.din-atours.de)

Met deze tweede rivierroute van 295 kilometer is de fietsvakantie rond. Twee Duitse rivieren van bron tot monding, flink wat historie en niet in de laatste plaats mooie landschappen. Ik krijg er helemaal zin in.

Elke Maand Een … | Wandelen in en om Zoutelande

Elke Maand Een: Route
Route: Trage Tocht Zoutelande
Afstand: 15 km
Start: Parkeerplaats aan de Nieuwstraat tegenover het Oranjeplein
Eind: Parkeerplaats aan de Nieuwstraat tegenover het Oranjeplein

Aan mooie uitzichten geen gebrek tijdens deze wandeling

Het zonovergoten Hemelvaartweekend brengen we door in een provincie waar ik slechts één keer eerder was: Zeeland. Uiteraard willen we wandelen in het Zeeuwse. Bij een korte zoektocht op internet valt mijn oog op de Trage Tocht Zoutelande. Een bekende plaatsnaam. Toen twee jaar geleden de Zeeuwse band Bløf een grote hit had met het nummer Zoutelande kende opeens heel Nederland het Zeeuwse plaatsje. Ik ook. Voor die tijd had ik er nog nooit van gehoord. Dit is mijn kans om de bezongen plaats in het echt te zien. De zeer positieve recensie van een enthousiaste wandelaar, die bij de routebeschrijving staat, helpt uiteraard ook.

“Zo’n beetje alles wat het onvolprezen landschap van Zeeland heeft te bieden komt op deze tocht wel voorbij.”

De wandeling begint op een groot gratis parkeerterrein vlakbij het strand. We zijn er om half 10 en er is nog genoeg plek. ‘s Middags blijkt dat een heel ander verhaal en zijn twee Duitse vrouwen blij dat we weggaan. Maar nu lopen we samen met andere vroege badgasten richting strand. Zoutelande maakt zich in dit zonnige Hemelvaartweekend op voor veel toeristen.

Het is altijd bijzonder als je weer de zee ziet, ook ditmaal. We lopen steil omhoog over een klinkerpaadje en komen dan op een wandelpad uit langs de zee. Voor ons zien we een vrijwel verlaten breed strand en een kalme zee. Op gelijke afstand van elkaar staan golfbrekers. In de verte zweven deltavliegers boven de duinen. Het ochtendzonnetje en de strakblauwe lucht maken het plaatje compleet. Mooi hoor, Zoutelande.

Langs de weg verwijzen een beeld van een renner en een plaquette naar de Marathon van Zeeland. Deze marathon loopt langs de kust van Burgh-Haamstede naar Zoutelande. Een mooi gebied om doorheen te lopen. Maar ook zwaar, over het strand en door de duinen. Ik lees later dat het de mooiste en zwaarste marathon van Nederland genoemd wordt. ‘Verder dan ver’ staat er onder de plaquette, ik kan me voorstellen dat dat zo voelt voor de renners.

Beeld renner Marathon Zeeland

We volgen de route richting Westkapelle. We verlaten al snel de boulevard en gaan verder over het strand. Vlakbij de vloedlijn lopen we het stuk tussen twee strandpaviljoens in. Geregeld zoeken we een plekje met genoeg ruimte om tussen de palen van de golfbrekers door te lopen. Gelukkig zijn we niet de eersten en is het een kwestie van de voetsporen in het zand volgen.

Geregeld lopen we tussen de golfbrekerpalen door
We zien veel grote zeeschepen voorbij varen

We verlaten het stand via hoge trappen, lopen nog een stuk door de duinen en gaan dan het binnenland in.

Om van het strand over de duinen te komen zijn er hoge trappen

Overal waar we kijken zijn campings, vakantiehuisjes (sommige erg mooi gelegen) en hotels. Over kleine weggetjes omzoomd door hoge meidoornheggen, onverharde paadjes langs akkers en sloten en bosweggetjes maken we een lus terug naar Zoutelande. We lopen langs een van de vele bunkers die over zijn van het landfront Vlissingen, dat deel uitmaakte van de Atlantikwall. Vlissingen had tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke positie en moest goed verdedigd worden.

Een boerderij onderweg

En dan zijn we weer in Zoutelande en beginnen aan de tweede lus. Het is een stuk drukker dan toen we hier begonnen. Het vakantieseizoen lijkt echt begonnen te zijn. Via allerlei onverharde bospaadjes doorkruisen we Zoutelande. Bij Klein Valkenisse lopen we door een mooi duinbos en gaan dan weer de duinen in. We lunchen bij een van de vele strandtenten.

Na de lunch klimmen we weer naar boven over de lange trap en hoog boven de zee kijken we uit op de grote containerschepen die dicht langs de kust varen. Het zijn schitterende uitzichten. Het strand is inmiddels een stuk drukker, overal zitten mensen en staan tentjes en parasols. Kinderen spelen in de branding. Het strand is ook aanzienlijk minder breed dan vanmorgen. Het is duidelijk vloed. De golfbrekers zijn grotendeels verdwenen in zee.

De weg terug naar Zoutelande is erg mooi. Het pad stijgt en daalt door de hoge duinen. Allerlei bloemen steken scherp af tegen het helmgras, het lichte zand en de blauwe lucht. Het ene uitzicht is nog mooier dan het andere. We komen langs een verbleekt bordje ‘Let op vliegplaats’. Dit blijkt de plek waar deltavliegers en paragliders kunnen opstijgen. De duinen zijn blijkbaar hoog genoeg voor een vliegtochtje.

Over een glooiend pad lopen we weer richting Zoutelande
Let op vliegplaats

Als we bijna weer in Zoutelande zijn, zien we een huis dat mooi opgaat in de duinen. Elke verdieping is bekleed met zand en helmgras. Dit was vast een leuke uitdaging voor de architect. En dan komt daar weer de plek in zicht waar we vanmorgen begonnen. We laten de zee achter ons en via het klinkerpaadje lopen we terug naar de auto.

Het huis gaat op in de duinen

De wandelaar die op wandelzoekpagina.nl reageerde op de Trage Tocht Zoutelande eindigt zijn reactie met “Hulde, heer Wolfs, u heeft ons een grandioze dag bezorgd.” Ik kan dit alleen maar beamen.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Elke Maand Een … | Wandelingen in een museum

Elke Maand Een: Museum
Museum: Museum De Pont
Waar: Tilburg

Als ik wandel, probeer ik na die tijd mijn wandeling in woorden te vatten. Wat zag ik, wie kwam ik tegen, hoe beleefde ik de omgeving? Met foto’s visualiseer ik mijn woorden. Kijk, zo mistig was het. Of, zo zag een gele zee van paardenbloemen eruit. Er zijn veel meer mensen die hun wandelervaringen op papier zetten. Wandelboeken en -blogs zijn er te over. Maar sommige wandelaars maken met wandelen kunst. Richard Long is zo’n wandelaar.

Op een vrijdag in mei bezoek ik Museum De Pont in Tilburg. Een van de tijdelijke tentoonstellingen is van beeldhouwer, schilder en fotograaf Richard Long (Bristol, 1945). In de immense hal van de voormalige wolspinnerij liggen verschillende composities van stenen. Een weg van rode platte stenen, een kruis van grotere stenen met vlak afgezaagde kanten, een cirkel van grovere keien. In de voormalige opslagruimtes voor de wol, die om de grote hal heen liggen, hangen foto’s en teksten. Alles refereert aan wandelingen.

En Richard Long heeft al heel wat afgewandeld.

Zo liep hij …

Van Megalithic to subatomic, from Carnac to Cern. A walk of 603 Miles in nineteen days across France to Switzerland in de herfst van 2008

In 1980 liep hij langs en over verschillende Ierse bergen, waaronder de Ballyhoura Mountains. Hier liep ik vorig jaar ook.

Bij de rode weg hangt de volgende tekst. Het zet me aan het denken.

Hours
Miles

A walk of 24 hours: 82 Miles
A walk of 24 Miles in 82 hours

England 1996

In één van de wolopslagruimtes hangt het verslag van een wandeling van 16 dagen in Frankrijk in het voorjaar van 2005.

Ik stel me hierbij voor dat elk woord een dag vertegenwoordigt. Of het is een samenvatting van de wandelroute in de eerste 16 woorden die bij hem opkwamen. Wat een ontzettend leuk idee om op deze manier een wandeling in beeld te brengen. Zo kan ik bijvoorbeeld het Westerborkpad, dat ik in 21 etappes liep, in 21 woorden vatten. Hier ga ik mee aan de slag…

Het werk van Richard Long is nu binnen tentoongesteld, maar hij maakt ook kunst buiten. Sinds eind jaren 60 experimenteert hij door “in te grijpen in het landschap”. Dit klinkt groots, maar is het niet. Het kan een steen zijn die hij ergens anders neerlegt, of een paadje van voetstappen in het gras. De natuur wordt – zoals op de site van het museum staat – “niet veroverd, maar intuïtief behandeld als een soort vriend.” Het kunstwerk buiten gaat uiteindelijk weer op in de natuur. “Wat tentoongesteld wordt, komt voort uit het contact van een levend wezen met zijn omgeving.” Het zet mij als wandelaar in de natuur aan het denken. Wat doet een landschap eigenlijk met je en op welke manieren kun je dit tot uiting brengen?

Deze expositie is nog te zien tot en met 16 juni 2019. Dus mocht je een keer in de buurt zijn van Tilburg, deze tentoonstelling – en ook het museum – zijn zeker een bezoekje waard. De Pont deed me een beetje denken aan Voorlinden in Wassenaar. Grote kunstwerken, bijzondere video’s, mooie schilderwerken in een immense ruimte. Beide zijn particuliere musea. De Pont ontleent zijn naam aan de zakenman en jurist Jan de Pont (1915 – 1987) die na zijn dood een legaat naliet ‘ter stimulering van de hedendaagse kunst’. Op deze bijzondere plek komt de kunst goed tot zijn recht.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Marskramerpad etappe 4: Rijssen – Okkenbroek

Route: Marskramerpad
Afstand: 30 km
Start: Station Rijssen
Eind: Bushalte Koerselmansweg Okkenbroek

Half mei is het lentegroen nog alom aanwezig

De afgelopen etappes liepen we in het mooie Twente. Deze vierde etappe leidt ons Twente uit en over de Sallandse Heuvelrug. We beklimmen een heuse berg en nemen na afloop de buurtbus naar station Deventer in een plaatsje waar we nog niet eerder van gehoord hebben. Het is niet zonovergoten zoals bij de vorige etappes, maar met 14 graden is het prima wandelweer.

We beginnen de etappe in Rijssen en wandelen eerst twee kilometer om de route weer op te pikken. We komen langs plekken waar we een maand geleden ook liepen. Het is nog even mooi. We maken een omtrekkende beweging rond Rijssen, waardoor het plaatsje bijna 15 kilometer lang op ongeveer gelijke afstand blijft liggen. We spreken grappend over het ‘rondje Rijssen’ totdat we de markering ‘rondje Rijssen’ tegenkomen. Het bestaat echt!

Rondje Rijssen bestaat echt!

We steken met een pontje de Regge over. Ik ben de primitievere trekpontjes gewend, waarbij je jezelf overtrekt met een (nat) touw. Dit pontje is groter en een stuk geavanceerder. Door te draaien aan een hendel trek je de ketting strak en zet je jezelf over.

Pontje over de Regge

Aan de overkant volgen we de Regge een tijdje, lopen over het erf van een boerderij (altijd leuk als routes over dit soort privé-gronden mogen lopen) en steken bij een imposante eik akkerland over. We zien weinig wandelaars. De wandelende mensen die we tegenkomen zijn enigszins pissig. Ze volgen de gele pijltjesroute van wandelnetwerk Twente, maar weten niet meer welke kant ze op moeten. “Dit hadden we gisteren ook al!” verzucht de man. Of wij even mee kunnen kijken. Maar wij kunnen ze ook niet helpen. Door de werkzaamheden aan de beken klopt de markering niet meer. Hier liepen we bij de vorige etappe ook tegenaan. We wensen ze succes en vervolgen ons pad.

Imposante eik

We lunchen langs een grindpad waar de bermen goed gemaaid zijn, behalve rondom de bankjes. Gevolg is dat ons lunchbankje omzoomd is door brandnetels en we eerst het bankje brandnetelvrij moeten maken, voordat we kunnen gaan zitten.

Bankje in de brandnetels

Dan komt het gebied van de Holterberg in zicht. Een bord geeft aan dat het verboden is voor auto’s en motors. Dit geldt echter niet voor o.a. 65-plussers. Positieve discriminatie die ik nog niet eerder ergens heb gezien. Over verlaten fietspaden dalen en stijgen we in het bos.

Verboden voor auto’s, tenzij je ouder dan 65 jaar bent

We komen langs de Canadese begraafplaats waar nog de kransen en bloemen van Dodenherdenking liggen. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog is op de Holterberg nog hevig gevochten. Het gemeentebestuur van Holten heeft voor de Canadese soldaten, die in de laatste fase van de oorlog in Noord- en Oost-Nederland omkwamen, deze begraafplaats aangelegd. Het is een van de grootste van Nederland. De Canadian War Cemetery is keurig onderhouden. Bij sommige graven staan foto’s van de gesneuvelden. Een groepje mensen dat langs de graven loopt lijken een familielid te bezoeken. Zo te horen komen ze uit Canada.

Canadese begraafplaats op de Holterberg

Dan is het toch echt tijd voor een kopje koffie. Volgens het boekje zijn er deze etappes heel wat koffiedrinkgelegenheden, gezien de vele kopjes koffie op de kaart. De eerste twee blijken echter gesloten en de derde verdwenen. De vierde is een pannenkoekenrestaurant en bevindt zich op de Holterberg. Dit is wel open en na 20 km genieten we van een cappuccino met lekkers.

Via de Panoramaweg, waar we niet heel veel panorama zien, dalen we de berg weer af en lopen het laatste gedeelte naar Okkenbroek. De in het boekje beloofde bushalte een paar kilometer voor Okkenbroek blijkt er niet te zijn en we moeten flink aanpoten om nog op tijd de bus in Okkenbroek te halen.

Vlak voor het plaatsje rijdt de buurtbus ons tegemoet. Hij stopt en vraagt waar we heen moeten. We noemen Okkenbroek en onze twijfel of we het wel halen. Hij stelt ons gerust, we kunnen sowieso straks mee. Hij moet eerst nog een lusje rijden, maar komt dan weer terug in Okkenbroek. Als we dan nog niet bij de halte zijn, pikt hij ons onderweg wel op. Er is toch maar één weg. We halen het net en laten ons naar station Deventer brengen. 30 km op de teller. Volgende keer wandelen we van Okkenbroek naar Deventer.

Op de Holterberg

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 21: Beilen – Kamp Westerbork

Route: Westerborkpad
Afstand: 20 km
Start: Station Beilen
Eind: Kamp Westerbork (en terug naar Hooghalen)

Op 4 mei, de dag waarop Nederland stilstaat bij o.a. de Nederlandse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog, lopen wij de laatste etappe van het Westerborkpad. Een toepasselijke dag voor de afsluiting van een historisch interessante, af en toe indrukwekkende, en zeker ook mooie route door vijf provincies. Anderhalf jaar geleden begonnen we op Amsterdam Centraal aan de wandeling en haalden bij de Hollandsche Schouwburg – de daadwerkelijke start van het pad – onze eerste stempel. Nu prijkt er een tweede stempel in het boekje, van Herinneringscentrum Kamp Westerbork.

We beginnen de dag in Hooghalen waar we de auto parkeren en een 8-persoonsbusje nemen naar Beilen, het begin van deze etappe. Het weer is afwisselend en dikwijls dreigen donkere luchten met regen. Het blijft gelukkig, op een buitje na, bij een dreiging. De winterse buien die voorspeld zijn, vallen niet in dit gedeelte van Nederland. Fototechnisch is het ideaal weer, de wolkenluchten met felle zon leveren mooie plaatjes op.

Bij de bushalte in Hooghalen nemen we de bus naar Beilen

Vanaf het station lopen we langs de Domo fabriek richting centrum en over het terrein van psychiatrische inrichting Beileroord. De route slingert over het grote terrein dat vlak langs de spoorlijn ligt. Niet de meest ideale plek voor een dergelijke instelling. Zouden hier vaak mensen voor de trein springen?

We komen langs een Joodse begraafplaats die nu midden in een woonwijk ligt. Het grenst aan een speeltuin en ligt verdekt opgesteld. Pas na een paar honderd meter merken we dat we er al voorbij gelopen zijn. In 1941 telde de Joodse gemeenschap Beilen 64 leden. Van alle Joden die zijn weggevoerd, keerde niemand terug. Enkele Joodse inwoners overleefden de oorlog door onder te duiken.

De Joodse begraafplaats Beilen ligt nu midden in een woonwijk

En dan lopen we Beilen uit en volgen een lange weg langs het spoor. We kruisen het Oranjekanaal waar we met het Jacobspad ook langsliepen. Dit kanaal werd o.a. gebruikt om voedsel, bouwmaterialen, maar ook neergeschoten vliegtuigen te vervoeren naar Kamp Westerbork. Deze vliegtuigen werden in het kamp ontmanteld. In april 1945 was dit kanaal de laatste hindernis voor de Canadezen, voordat zij Kamp Westerbork konden bevrijden. Op dat moment waren hier nog 876 Joodse gevangenen.

Oranjekanaal

De weg tot aan Hooghalen gaat deels door het heuvingerzand, een natuurgebied met bos en heide. De bomen beschermen ons tegen de buitjes die af en toe vallen. Tot aan Hooghalen lopen we langs het laatste stuk spoorlijn van deze wandeling en komen we langs de plek van het voormalige treinstation van Hooghalen. Tot november 1942 was er nog geen directe spoorverbinding met het kamp en vertrokken en arriveerden hier de deportatietreinen. Vandaag de dag is hier niets meer van te zien, het stationsgebouw is in 1960 gesloopt.

De spoorlijn bij Hooghalen

In Hooghalen trakteren we onszelf op koffie met een ambachtelijk gebakje bij de dorpsbakker, voordat we aan het laatste gedeelte van de etappe beginnen. Als de buien overgedreven zijn, lopen we via een bungalowpark over een bospad naar Kamp Westerbork. Het is er verlaten, wat ons aan het denken zet over wat zich hier in deze bossen allemaal heeft afgespeeld.

En dan zien we de vele auto’s en bussen op de parkeerplaats van het Herinneringscentrum. Ik weet niet hoe druk het hier normaal is, maar ik kan me voorstellen dat deze plek op een dag als vandaag wel wat meer mensen trekt. Om ons heen horen we naast Nederlands en Fries, ook veel Amerikaans. In het Herinneringscentrum halen we het certificaat: we hebben het Westerborkpad nu echt afgerond. Ook krijgen we hierbij een speldje van het gestileerde prikkeldraadje, symbool van dit pad en Kamp Westerbork. Uiteraard antwoorden we bevestigend als de baliemedewerkster vraagt of we ook een stempel willen in ons boekje.

Een certificaat, een speldje en een stempel

We leggen de laatste kilometers af naar de plek van het kamp zelf. Overal is men bezig met de voorbereidingen voor de herdenking van vanavond. Paden zijn afgesloten met paarse linten en auto’s rijden af en aan. Langs de weg staan op gelijke afstand van elkaar palen met bordjes. Op elk bordje staan de details van een transport dat vertrok uit het kamp: de bestemming, de datum en het aantal mensen. Confronterend om kilometers lang elke paar meter zo’n paal te zien. In totaal zijn er 93 treinen vertrokken met meer dan 107.000 mensen.

Een van de 93 palen, voor elk transport één

Onderweg komen we langs het Bos van de Toekomst. Hier kunnen mensen een boom planten ter herdenking aan een overleden dierbare of als markering van een geboorte, huwelijk of jubileum. Bordjes bij de bomen geven een korte toelichting. Bij Zwolle waren we ook al een dergelijk bos tegengekomen. Dit bos is vele malen groter.

Een boom in het Bos van de Toekomst

Bij het kamp komen we langs de ‘Tekens in Westerbork’. Deze vijf sarcofagen vermelden de kampen waarheen de gevangenen uit Kamp Westerbork gedeporteerd werden, het aantal gevangenen en het aantal overlevenden.

Tekens in Westerbork

Dan doemt daar het beroemde kampcommandantshuis op. Onder glas is het huis bewaard gebleven van Albert Gemmeker, van oktober 1942 tot en met april 1945 commandant van Kamp Westerbork. De groene verf bladdert af, hier en daar staat een raam open, een rafelig gordijntje hangt naar buiten.

Het kampcommandantshuis

Via de slagboom en roestig prikkeldraad lopen we het kampterrein op. Het is een uitgestrekte vlakte met diverse monumenten. Zo zijn er de 102.000 stenen op de voormalige appelplaats van het kamp. Binnen de contouren van Nederland staat elk steentje voor de moord op een mens. Foto’s geven de mensen een gezicht. Op de achtergrond verheffen zich de schotels van de radiosterrenwacht. Indrukwekkend.

De 102.000 stenen

We lopen verder langs een barak, een voorbeeld van een wagon en uitvergrote briefkaarten die mensen vanuit het kamp verstuurden of zelfs uit de trein wierpen in de hoop dat iemand hem zou posten. De berichten als ‘wij gaan op reis’ en ‘we houden ons flink’ zijn extra schrijnend voor de bezoekers van nu, die weten wat er gebeurd is.

Briefkaarten die verstuurd zijn uit Kamp Westerbork

En dan is daar het symbool van het kamp: de omgebogen spoorlijn. Dit is de plek waar vanavond de herdenking wordt gehouden. Cameramensen zijn druk bezig de boel in te richten. Het podium staat er al en het geluid wordt getest. Een jongetje balanceert op de rails. Voor hem is dit een grote speeltuin. Op de achtergrond is de wachttoren een stille getuige van wat hier zich heeft afgespeeld.

Wij sluiten hier het Westerborkpad af. Weer een langeafstandswandeling afgerond. Een met veel historie ditmaal. En uiteraard ook natuurschoon, hoewel niet iedere etappe even mooi was. De rode draad blijft nu eenmaal de spoorlijn. Ik vond het een mooie combinatie en kan deze LAW dan ook iedereen aanraden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je alle verhalen over de etappes.