Luchtkasteeltjes

Soort gedicht: Bord op palen-gedicht
Waar: Zuidlaren
Dichter: Wija Oortwijn

Onder de oude treurboom zie ik de eerste. De neerhangende takken vormen een omlijsting van het rechthoekige bord dat tussen twee palen hangt. De zwarte letters op de witte achtergrond vormen een gedicht in een taal van deze streek. Drents of wellicht Gronings. Hardop lezend begrijp ik dat het gaat over deze plaats en de functie die het ooit had. Ik loop op historische grond.

Na dit gedicht volgt al snel een tweede. Twee palen, een rechthoekig bord, dezelfde opmaak. Een andere dichter, een andere taal. Ook deze zet ik op de foto, om later op mijn gemak nog eens terug te lezen. De derde volgt al snel, de vierde. Dit kan niet anders dan een poëzieroute zijn. Hoeveel meer komen er nog?

Mijn vrienden lopen steeds een beetje sneller verder, terwijl ik de gedichten op de foto zet. Ze weten van mijn straatgedichten-tic, maar we hebben ook een etappe te wandelen. Van het pad der paden welteverstaan. Als ik het vijfde gedicht spot met de intrigerende naam Luchtkasteeltjes, heb ik geen tijd om de regels in me op te nemen. Ik maak snel een foto en trek een sprintje om weer gelijk op te lopen met mijn medewandelaars.

Een paar kilometer geleden zijn we deze etappe van het Pieterpad gestart in het centrum van Zuidlaren. We hebben net Berend Botje met zijn scheepje achter ons gelaten op een rotonde, als we het terrein van Dennenoord opwandelen. In de omgeving een bekende naam. Van heinde en verre kent men het ‘gekkenhuis’. In 1895 werd hier het psychiatrisch ziekenhuis van de Vereeniging tot Christelijke Verzorging van Krankzinnigen en Zenuwlijders in Nederland geopend. Het terrein had veel groen en eigen voorzieningen. Het was een klein dorp op zich.

Tegenwoordig is het complex van GGZ-instelling Lentis, dat nog steeds een deel in gebruik heeft. De oude landschapstuin is er nog altijd. Over het mooie terrein kun je sinds kort een Kwiek-route lopen (waar je – juist – kwiek van kunt worden) en dus ook een poëzieroute.

Volgens Google kent de poëzieroute 17 gedichten, verspreid over het terrein. De winnaars van de Jan Boer Poëzieprijs (georganiseerd door Lentis) krijgen een plekje in de route. Het laatste gedicht dat ik op de foto zette, is van zo’n winnaar. In 2011 won Wija Oortwijn met haar gedicht Luchtkasteeltjes deze prijs. De prijs is in het leven geroepen om “aandacht te vragen voor de vaak uitzonderlijk creatieve talenten van (ex) cliënten van de geestelijke gezondheidszorg” en wordt eens in de drie jaar toegekend. De poëzieprijs is vernoemd naar de Groninger dichter Jan Boer (1899 – 1983).

Luchtkasteeltjes

In haar eentje, spelend op ’t strand,
bouwt ze luchtkasteeltjes,
schepje in de hand.

Met veels te grote slippers,
haren in de war.
Blik op oneindig,
ogen zo star…

Wie is zij? Klein meisje van vier?
Niemand die haar blijkbaar mist.
Wat doet ze eigenlijk hier?

Ik zie de golven komen,
wild rollend over haar heen.
Haar blik verzacht, ze lijkt te dromen en roept:
‘Nu ben ik eindelijk niet meer alleen.’

Nog een laatste blik,
voordat ze verdwijnt
in de armen
van de tomeloze zee.
Nog even zwaait ze terug
en neemt al haar geheimen met zich mee…

In mijn eentje, lopend op ’t strand,
tuur ik naar de einder
en neem
mijn schepje weer ter hand…

Wija Oortwijn

Het thema van 2011 was: ‘Ik zoek wat ik niet vinden kan’. Als ik Luchtkasteeltjes thuis nog eens rustig teruglees, blijkt dit gedicht uitstekend bij dit thema te passen. De ik-persoon ziet letterlijk haar verleden voor zich. Althans, de laatste zin “en neem mijn schepje weer ter hand” lijkt dit te suggereren. Ze ziet een klein meisje (zijzelf?) op het strand dat luchtkasteeltjes bouwt. Een luchtkasteel is een droombeeld of een irreëel toekomstbeeld. Waar denkt het meisje aan, daar op het strand? Ze wordt er in ieder geval niet gelukkig door. Haar “blik op oneindig, ogen zo star” en niemand die haar blijkbaar mist.

De ik-persoon vraagt zich af wie zij eigenlijk is, dat kleine meisje. Welke geheimen ze heeft. Ze krijgt wellicht nooit een antwoord op haar vragen. Dat kleine meisje is verdwenen “in de armen van de tomeloze zee”. Voor het meisje was het een zegen: “Nu ben ik eindelijk niet meer alleen”. Maar wat deed het met de volwassen ik-persoon? Ze tuurt naar de einder en neemt haar schepje weer ter hand. Wellicht om nieuwe luchtkasteeltjes te bouwen?

Als ik het gedicht een paar keer lees, dringt de lading pas echt tot me door. Een droevig gedicht dat aanzet tot nadenken. En op het terrein van Dennenoord zijn  nog minstens twaalf andere gedichten die ik niet gezien heb tijdens onze wandeling. Die komen op mijn Nog Te Bezoeken Straatgedichten-lijst!

Ben jij ook benieuwd naar de gedichten die op het terrein van Dennenoord staan? Bij de receptie van het hoofdgebouw kun je een gratis routebeschrijving krijgen van de poëzieroute.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welk straatgedicht is jou opgevallen?

Advertenties

Pieterpadwandelaar

Het bankje is bezet. Een man en een vrouw zijn neergestreken op het blanke hout waarin de nerven die ooit een boom waren nog goed te zien zijn. Met hun ruggen schermen ze deels de afstanden naar het begin en einde van het pad der paden af. Ook de Drentse plaats die groot in de rugleuning is geëtst is nauwelijks te lezen. Dankzij de Facebookfoto’s herkennen we het pieterpadbankje echter meteen. Bankjes langs het beroemde wandelpad zijn een begrip op zich.

Mijn vriendin en ik halen allebei onze telefoons tevoorschijn voor een foto. De uitrustende wandelaars staan vrijwel gelijk op en laten zonder omhaal hun voormalige zitplaats fotograferen. Ze stellen zelfs voor een foto van ons te maken, op het bankje. Wij maken dankbaar gebruik van het aanbod. Met verwaaide haren knijpen we onze ogen tot spleetjes tegen de zon.

Hoewel ze, zoals dat hoort, het rood-witte wandelboekje in de hand hebben, vallen ze met hun outfit uit de toon bij de hordes pieterpadwandelaars die vandaag op pad zijn. Ik zag vandaag meer wandelstokken, afritsbroeken, sneldrogende shirts in felle kleurtjes, afgedragen bergschoenen en uiteraard rugzakken met waterzakken (met zo’n slangetje over de schouder) dan tijdens alle andere wandelingen van dit jaar tezamen.

De man en vrouw dragen beide een modieuze zonnebril en dito sneakers. De studs op haar shirt laten ruimte vrij voor de glimmende letters die het woord ADORABLE vormen. Zijn spijkerbroek is afgezakt volgens de laatste mode. Zeker geen doorsnee-wandelaars. Zijn eerste vraag echter verraadt dat ze wel degelijk meerdere etappes van het Pieterpad achter de rug hebben: “Lopen jullie naar het noorden of naar het zuiden?”

Zij lopen zuidwaarts en moeten vanuit Drenthe nog een eindje. In mei dit jaar zijn ze begonnen, nadat ze de twee delen van het routeboekje cadeau hadden gekregen. Hun kinderen vonden het een gepast cadeau voor hun 25-jarig huwelijksfeest. “En ik heet Pieter” voegt de man eraan toe, “vandaar”. Hij grijnst zijn rechte, blinkend witte tanden bloot.

Wat we van de etappe van vandaag vonden, vragen ze. Ik wil vertellen over de idyllische beekjes, het bijzondere hoogveen, de bossen waar het licht zo mooi doorheen valt, maar word na mijn inleidende ‘Mooi etappe, we …!” door Pieter in de rede gevallen. Vandaag teveel natuur naar hun smaak, ze misten de plaatsjes. Op een gegeven moment heb je zo’n bos wel gezien.

Uiteraard lopen ze gewoon verder. Het is wel “relaxed”. En ze komen steeds dichter bij hun woonplaats in de Achterhoek. Ach, ze hebben de tijd. Gisteren nog kwamen ze twee vriendinnen tegen die al 12 jaar onderweg zijn op dit langeafstandspad. Ze kunnen dus nog even vooruit. Terwijl Pieter praat, houdt hij continu de passerende wandelaars in de gaten. Jonge blonde vrouwen krijgen een stralende lach toegeworpen.

Dan stelt hij voor samen de laatste kilometers naar het eindpunt van de etappe te lopen. Ik wissel een verbaasde blik met mijn vriendin. Samen oplopen met andere wandelaars gebeurt wel vaker op het Pieterpad, maar Pieter lijkt toch een voorkeur te hebben voor andere – vooral jongere en blondere – wandelaars. Met de gedachte dat het maar een paar kilometer is, stemmen we toe.

Pieter bergt demonstratief zijn boekje op in zijn rugzak. Het is nog maar een klein stukje en de markering tot nu toe is “echt geweldig”. Bij een splitsing aan een bosrand slaat toch de twijfel toe. Twee paden en geen wit-rode markering. Wij vonden de markering niet zo geweldig vandaag en met het boekje dat we in de hand hebben gehouden, gaan wij ze voor op het juiste pad.

Een kwartier later zitten we op een Schoonloos terras. Alle tafeltjes zijn bezet door wandelaars. Rood-witte boekjes en rugzakken zover het oog reikt. Arriverende wandelaars worden herkend, begroet, verhalen worden uitgewisseld. Vooral het natuurschoon onderweg is onderwerp van gesprek. Pieter en echtgenote drinken ontspannen hun welverdiende biertje en gaan bijna op in de groep wandelaars. Bijna.

Als ze aanstalten maken om hun auto op te zoeken, wensen we ze nog veel wandelplezier. “Misschien tot ziens” zegt Pieter joviaal, “binnen nu en twaalf jaar”.

In oktober dit jaar liep ik twee etappes van het Pieterpad en deed inspiratie op voor dit korte fictieve verhaal. Benieuwd naar de etappe waarbij we dit pieterpadbankje tegenkwamen? Lees hier mijn wandelverslag.

Pieterpad: Zuidlaren – Rolde

Route: Pieterpad
Afstand: 18 km
Start: Brink Zuidlaren
Eind: Camping De Weyert Rolde

Welke moeten we hebben?

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij (lees hier haar ervaringen) loopt het pad in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Op haar vraag of ik een paar dagen mee wil lopen is het antwoord uiteraard ja. Gisteren liepen we van Rolde naar Schoonloo, vandaag een etappe noordelijker.

We zijn vandaag met zijn drieën en het weer is weer zonovergoten. We beginnen in Zuidlaren waar de voorbereidingen voor de Zuidlaardermarkt inclusief kermis in volle gang zijn. Langs Berend Botje – die met zijn scheepje op een rotonde in Zuidlaren is beland – lopen we naar de psychiatrische kliniek Dennenoord.

Berend Botje is in Zuidlaren aangekomen

Op het terrein zijn verschillende dingen te doen. Je kunt een poëzieroute volgen – de gedichten die we tegenkomen passen mooi bij de verzameling voor Elke Maand Een Straatgedicht – er is een Kwiek-route die de dag daarvoor geopend blijkt te zijn en je kunt de vier mijl lopen. Voor elk wat wils. Wij draaien de schouders volgens de aanwijzingen van de Kwiek-route en lopen verder naar Schipborg.

Wees kwiek!
Een gedicht in het Gronings

In Schipborg wonen vrienden van mijn vriendin en na een kop koffie met lekkers lopen we verder. Op een kruispunt komen meerdere routes samen en we moeten opletten dat we de goede markering volgen. Het Groot Frieslandpad brengt ons in hele andere gebieden. We duiken al snel weer een natuurgebied in en kruisen met een bruggetje de Aa. Via een vlonderpad en een bosrand komen we op de Gasterse Duinen. Meerdere malen moeten we uitwijken voor fanatieke mountainbikers.

Mountainbikers langs de bosrand

De Gasterse Duinen worden bevolkt door Schotse hooglanders waar pieterpadlopers voor waarschuwen op Facebook. De beesten komen enthousiast op je afrennen in de veronderstelling dat je eten hebt. Het kan enigszins beangstigend overkomen als honderden kilo’s rund op je af komt stormen. Als wij er lopen zijn de beesten echter de rust zelve, ze liggen in de schaduw van de bomen en verroeren geen vin. Misschien dat ze net een hapje (wandelaars genoeg …) gehad hebben. Wij kunnen in ieder geval rustig genieten van onze lunch in het prachtige stuifduinen landschap.

Gasterse Duinen

Na de lunch volgt al snel een nieuw natuurgebied: het Balloërveld. Met een Groene Wissel wandeling liepen we hier eerder, in februari 2016. De kudde Drentse heideschapen, die toen lekker binnen in de schaapskooi zat, loopt nu enthousiast rond. Blatend steken ze voor en na ons het zandpad over. Poseren voor de foto is er niet bij, ze eten ongestoord door als we langs wandelen.

Drentse heideschapen op het Balloërveld

Na een onbedoeld omweggetje langs die bewuste schaapskooi belanden we weer op de route en bereiken Rolde. De tweede etappe is ten einde en het weekend ook. Dat smaakt naar meer!

Benieuwd naar de andere gelopen etappe van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Pieterpad: Rolde – Schoonloo

Route: Pieterpad
Afstand: 20 km
Start: Camping De Weyert Rolde
Eind: Café-Restaurant Hegeman Schoonloo

Groene bossen onderweg

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij (lees hier haar ervaringen) loopt het pad in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Op haar vraag of ik een paar dagen mee wil lopen, is het antwoord uiteraard ja. Dus op een zonnige zaterdag in oktober rijd ik naar Drenthe voor twee etappes van het bekende pad.

Zij rijdt met een campertje van camping naar camping en ik mag een nachtje in het dakbed slapen. We zetten de camper op de camping in Rolde. Bekend terrein want bij de ingang van de camping staat een Jacobspadbordje. Hier liep ik een jaar geleden ook!

Jacobspad meets Pieterpad

Het is schitterend weer als we vertrekken en al snel lopen we in T-shirt. We wandelen om Rolde heen en zien in de verte de Jacobuskerk liggen, waar ook ik vorig jaar een paar zinnen in het gastenboek achterliet.

De Jacobuskerk in Rolde

We lopen gezellig kletsend onze kilometers. Mooie vergezichten, leuke doorkijkjes, af en toe een welverdiend bankje. We wandelen over zandpaden, door bossen en steken beekjes over. Het zijn veelal ‘diep’-en met namen als het Rolder Diep en het Andersche Diep. We lopen door het hoogveengebied Lange Veen dat ons met zonovergoten geel-groene kleuren tegemoet glinstert. Ook de heidevelden zijn talrijk, maar helaas vaak bruin door de zomerse droogte.

Andersche diep

 

Hoogveengebied Lange Veen

Af en toe lopen we een stukje op een mountainbikepad en wijken uit voor enthousiast groetende mountainbikers. Een van hen lijkt een oranje strokenrokje aan te hebben. Dichterbij gekomen blijken het oranje lintjes te zijn. Zou het een voetbaltrainer zijn die minimaal drie voetbalelftallen van oranje lintjes moet voorzien? Later blijken de lintjes een markering van een fietsroute van een fietstourclub uit Assen. Morgen zullen de pieterpadwandelaars de paden moeten delen met veel meer fietsers dan vandaag…

Het oranje lintje

Maar de pieterpadwandelaars zijn er ook in groten getale. Vlakbij de camping in Rolde halen we de eerste wandelaars in. En er volgen er veel meer. Wat een verschil met het Jacobspad of het Westerborkpad, waar we een incidentele wandelaar tegenkwamen. Veel wandelaars zijn gekleed in professioneel ogende wandelkleding en hebben het rood-witte boekje in de hand. Ook lijken ze spraakzamer te zijn.

We maken een praatje met twee mannen die de helft van een picknickbankje aan ons afstaan, groeten vier dove wandelaars met een handgebaar en lopen de laatste kilometers op met wandelaars die we op een pieterpadbankje treffen (de man heet heel passend Pieter). Aan het einde van de etappe, op een terras in Schoonloo, komt mijn vriendin wandelaars tegen die ze op eerdere etappes trof. Ze wisselen wandelervaringen uit en wensen elkaar nog een goede wandeling.

Een pieterpadbankje, met recht een wandelbankje

Wat leuk om zo andere wandelaars te treffen en ervaringen uit te wisselen. Alleen dat zou voor mij al een goede reden zijn om het Pieterpad verder te lopen dan de twee etappes van dit weekend. Wie weet… Morgen eerst maar eens de tweede etappe van Zuidlaren naar Rolde.