Pieterpad etappe 8: Coevorden – Hardenberg

Route: Pieterpad
Afstand: 19 km
Start: Station Coevorden
Eind: Station Hardenberg

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Op een stralende zondagmorgen in juli zetten we de auto bij station Hardenberg. Met mijn mondkapje in de aanslag stap ik voor het eerst in maanden weer in een trein. Het is nog geen 9 uur en we zijn de enige reizigers in de coupé. Ik had wel wat Pieterpadders verwacht. Het is ideaal wandelweer.

In Coevorden stappen we uit op bekend terrein. Hier stonden we vorige maand ook. Ditmaal nemen we geen koffie bij de bakker, maar gaan meteen op pad. We verwachten in Gramsbergen, dat halverwege de etappe ligt, wel een horeca-gelegenheid te vinden. Langs een voormalig station uit 1910 van de Dedemvaartsche Stoomtramweg Maatschappij – de tramdienst werd in 1947 opgeheven – lopen we Coevorden uit.

Voormalig station DSM, rechts van de slagboom

Al snel bevinden we ons op een onverhard pad in de richting van de Poort van Drenthe, een kunstproject van zwerfkeien uit 2005. Van Coevorden is niets meer te zien, we lopen midden in de natuur en zijn dicht bij de grens met Overijssel. Een meneer met een hond komt ons tegemoet en zit duidelijk niet verlegen om een praatje. Hij loopt hier elke dag, vertelt hij, en komt vrijwel altijd Pieterpad-wandelaars tegen. Voorheen moest hij ze vaak de weg wijzen omdat de route niet duidelijk was. Hij heeft zelfs eens een paar verdwaalde en uitgeputte wandelaars, die het Pieterpad van zuid naar noord liepen, met de auto naar het station gebracht. Gelukkig is de markering nu beter.

Poort van Drenthe

Er komen twee andere wandelaars aan. “Ga maar snel verder” zegt de meneer tegen ons, “dan hou ik hen wel aan de praat, zodat jullie een voorsprong kunnen opbouwen.” Hoewel het natuurlijk geen wedstrijd is, willen we wel weer verder en maken dankbaar gebruik van zijn aanbod. Als we een paar honderd meter verder nog even achterom kijken, zien we de twee wandelaars in een gesprek verwikkeld met de hondenuitlater. We hebben hen niet meer gezien.

De omgeving trekt onze aandacht. Het pad is prachtig. Over kleine onverharde paadjes lopen we tussen wilde bloemen langs de waterkant en koren-, aardappel- en maisvelden door. De weerspiegeling van de Hollandse luchten in het gladde wateroppervlak maken het plaatje compleet.

Het zomerse weer zorgt voor mooie plaatjes

Na wat verharde wegen, omzoomd door eikenbomen komen we bij De Haandrik, een ‘spaghetti’-kruispunt (aldus het boekje) van de Vecht, verschillende kanalen en een spoorlijn. Langs de kanten zitten veel Duitse vissers, als ik de nummerborden op hun auto’s mag geloven. Duitsland is niet ver weg. Het is naast heerlijk wandelweer blijkbaar ook prima visweer. En uiteraard goed fietsweer: wielrenners, e-bikers, maar ook motorrijders rijden in groten getale voorbij.

De Vecht bij het spaghetti-knooppunt

Over een rustig weggetje lopen we in niet al te lange tijd naar Gramsbergen. Aan het begin van de plaats zien we aan het water een terras. De vele rugzakken en wandelschoenen wijzen op mede Pieterpad-wandelaars. Uiteraard nemen we hier ook even pauze. Naderhand blijkt dit een goede beslissing. In het kleine centrum van Gramsbergen vinden we naast een bronzen beeld van Pieterpad-wandelaars alleen maar lege terrassen. De horeca blijkt gesloten.

‘Pieterpad’ van Nelleke Allersma (1996)

Na Gramsbergen komen we in Ane. Een plaats met een geschiedenis. Hier vond de slag van Ane plaats toen in 1227 de Drenten o.l.v. de heer van Coevorden in opstand kwamen tegen de bisschop van Utrecht. De bisschop overleefde deze slag niet. De jongen van de bakker in Coevorden vertelde tijdens de vorige etappe ook trots dit verhaal over ‘zijn’ Coevorden. Ik kende de slag van Ane ook van het Christoffelpad, dat ik vorig jaar liep. Ik wandelde toen door Zwartewatersklooster (een buurtschap bij Hasselt in Overijssel) waar ooit een klooster is gebouwd als boetedoening voor de omgekomen bisschop. Ook schijnen er ridders begraven te liggen, die gesneuveld zijn in de slag. Van zowel het klooster als de riddergraven is in Zwartewatersklooster nu niets meer te zien.

Monument Slag bij Ane

Het is tijd voor de lunch als we een bankje spotten aan de Aner Esch. In het zonnetje eten we ons brood op en groeten alle langskomende fietsers (en dat waren er nogal wat). We wandelen verder door het Engelandsche Bos dat groeit op een afgesneden Vechtmeander. Ik lees in het boekje dat de naam Engeland weideland betekent en komt van het nabijgelegen buurtschap Engeland.

Na het bos zigzaggen we naar Hardenberg. Het laatste stuk lopen we aan de voet van de Vechtdijk en steken dan de rivier over. In Hardenberg verlaten wij de route, die verder loopt in de richting van Ommen. Wij wandelen door het centrum naar het station. Ook hier is er nergens een terrasje open. Ligt het aan de zondag? In ieder geval niet aan het weer, dat was vandaag prachtig.

Hardenberg aan de Vecht

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Pieterpad etappe 7: Sleen – Coevorden

Route: Pieterpad
Afstand: 23 km
Start: Sleen centrum
Eind: Coevorden station

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Bloeiende aardappelvelden onderweg

Sinds half maart heb ik geen langeafstandswandelingen meer gedaan. De etappes lopen over het algemeen van A naar B en openbaar vervoer is nu geen optie. Dit is zeker geen noodzakelijke reis. Hoe kom je dan weer thuis of bij je auto? Wij probeerden tijdens deze etappe de auto-fiets-auto combinatie uit en het beviel ons uitstekend. Het van A naar B-wandelseizoen is weer geopend.

Op een zonnige zaterdag parkeren we de auto bij station Coevorden en pakken de fietsen van de auto om richting Sleen te fietsen, 16 km verderop. Het is 8 uur en we speculeren over een open koffietentje in Sleen. Te vroeg, concluderen we. We zijn 200 meter van de auto als we op een oud Van Gend & Loospand het bord Slagter, de echte bakker zien staan. En nog belangrijker, de mededeling dat ze open zijn. Elke doorgewinterde wandelaar weet dat als er een koffiegelegenheid op zijn of haar pad komt hij of zij deze moet grijpen. De volgende is vaak verder weg dan je wil.

Vlakbij de bakker vinden we een kwatrijn van Jean Pierre Rawie

We nemen plaats op het terras. Als de medewerker de cappuccino brengt, zit hij niet verlegen om een praatje. Hij vertelt dat het hele stationsgebied net twee weken geleden is opgeleverd, evenals het kunstwerk waar we op uitkijken. “Het zijn de contouren van de stadsgracht” legt hij uit, wijzend naar het blauw-gouden hoekige lint dat uit een vijvertje omhoog steekt. Hij vindt het gebied erg mooi geworden. En weten we dat Coevorden de enige echte stad van Drenthe is? Met een heus kasteel. In de middeleeuwen hebben de Drenten o.l.v. de heer van Coevorden toch maar mooi de bisschop van Utrecht verslagen. “De slag bij Ane” reageer ik enthousiast, zoals ik net in het wandelboekje had gelezen. “Jaja” zegt de jonge jongen, alsof dat een feitje is dat elk willekeurig mens paraat heeft.

Na deze les geschiedenis stappen we weer op de fiets. We willen vandaag immers nog wandelen. In een klein uurtje fietsen we naar Sleen, waar we de fietsen parkeren en aan de etappe beginnen. Over een lange weg lopen we het mooie dorpje uit. We komen op een onverhard pad langs een akker. In de berm bloeien wilde bloemen in allerlei kleuren. We lopen richting een van de velen vaarten die we deze etappe tegenkomen: de Jongbloedvaart. Bekend terrein voor ons. Hier fietsten we deze ochtend ook.

Na een brug verkennen we de andere zijde van de vaart. Het boekje rept over een zandpad, maar al wat wij zien is een groene jungle. Het pad is redelijk overwoekerd. Na deze wildernistocht komen we uit bij de Verlengde Hoogeveensche Vaart.

Over overwoekerde paden

Tot onze verbazing varen er meerdere grote motorboten op het niet al te brede water. De drie bruggen die we tijdens de daarop volgende kilometers tegenkomen, worden allen bediend door dezelfde bruggenwachtster. Met haar elektrische fiets is ze net op tijd bij de volgende brug om hem open te doen voor steeds hetzelfde motorjacht. Een van de bruggen heeft de naam Hoolbrug. Het is een originele draaibrug en heeft nog een authentiek brugwachtershuisje.

De Hoolbrug en brugwachtershuisje

De route gaat verder naar Den Hool, een mooi gelegen gehuchtje met een kleine brink. We komen hier een paar wandelaars tegen die voor ons liepen en nu neergestreken zijn bij een theeschenkerij. Wij teren nog op de koffie van de bakker en lopen verder. We wandelen langs velden vol koren en bloeiende aardappelakkers. Tot ook wij in Dalerveen de koffie met lekkers niet kunnen weerstaan.

Korenvelden

Na de koffie vervolgen we onze weg over de Oude Dalerveensestraat, een lange weg met hoge bomen. We kruisen het Nieuwe Drostendiep en het Oude Drostendiep. Deze laatste ligt er een stuk aantrekkelijker bij. De bloeiende gele plomp in het water helpt ook mee. Verderop, midden in de natuur, komen we langs een Joodse begraafplaats die in de 18e eeuw gesticht is voor de kleine Joodse gemeenschap van Dalen. Het ligt op een heuveltje en lijkt goed onderhouden. We zien slechts 1 grafsteen. In 2003 is er sinds decennia weer iemand begraven.

Joodse begraafplaats van Dalen met helemaal rechts de nieuwe grafsteen

Een gedicht van Bertus IJdens geeft in het Drents en Nederlands een inkijkje in de geschiedenis van deze plek.

Straatgedicht van Bertus IJdens

Na de begraafplaats wandelen we verder over een schelpenpaadje en komen bij het bekende vakantiepark De Huttenheugte uit, waarnaast ook Plopsaland Indoor gevestigd is. Maya de Bij kijkt ons na als we het park de rug toekeren en onze weg vervolgen. Vlak bij Coevorden krijgen we weer te maken met een pad dat voornamelijk uit hoge grassen bestaat. Zonder machete weten we ons ook hier een weg te banen en bereiken het Stieltjes kanaal, dat dwars door Coevorden loopt.

Over een beschaduwd pad langs het water lopen we de ganzenstad binnen. Net als Oxford heeft de plaats haar oorsprong in de doorwaadbare plaats (vorde of ford) voor koeien/ossen. Door een park volgen we een tijdje de contouren van de gracht. We zien een opvallende watertoren en dan het kasteel. Met de woorden van de bakkermedewerker in gedachten nemen we er een kijkje. Het is nu een hotel. ‘Slapen in het enige kasteel van Drenthe’ had als slogan niet misstaan.

Het enige kasteel van Drenthe

In het park, bij het kasteel maar ook bij het station komen we straatgedichten tegen. De kwatrijnen van Jean Pierre Rawie staan op 10 historische plekken in de stad en vertellen over de geschiedenis. Eigenlijk net als bij de bakker vanochtend. Ze behoren tot het project ‘Scherven van een stad’.

5 van de 10 kwatrijnen in Coevorden

En dan bereiken we weer het station en daarmee de auto. Ons rest nog een autoritje naar Sleen, om de fietsen op te halen. Die auto-fiets-auto combinatie bevalt goed en schept mogelijkheden. Onderweg naar Sleen begint de voorpret al voor de volgende wandeling. Alle langeafstandspaden, streekpaden en wandelnetwerkpaden die ik aan het wandelen ben, passeren de revue. Welke wordt de volgende?

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Pieterpad etappe 6: Schoonloo – Sleen

Route: Pieterpad
Afstand: 24 km
Start: Bushalte Rotonde, Schoonloo
Eind: Sleen centrum

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Pieterpadbankje

Een half uur voordat de bus vertrekt, parkeren we de auto in het centrum van Sleen. We waren die ochtend op tijd vertrokken om maar niet de bus, die één keer per uur gaat, te missen. In de tijd die we nu over hebben, drinken we een cappuccino bij de bakker. Achter een stellage met koeken is een plekje ingericht waar net twee mensen naast elkaar kunnen zitten aan een hoge tafel. Een prima begin van de dag.

Bij de bushalte is het knap koud. Dat vindt de oude mevrouw ook die we daar treffen. Zij gaat voor het eerst sinds 50 jaar weer met de bus. Nu haar man overleden is, is ze aangewezen op het openbaar vervoer. Ze heeft geen rijbewijs. We horen alles over hun wandelvakanties in de bergen – “dat is toch veel mooier dan hier?!” en wenst ons een goede wandeling als ze een dorp verderop uitstapt.

In Schoonloo verlaten ook wij de bus en lopen via het café, waar ik bijna anderhalf jaar geleden mijn eerste Pieterpad-etappe eindigde, het dorp uit. Al snel komen we in het bos terecht, waar dennenbomen in lange rijen staan. Langs het modderige pad liggen boomstammen netjes opgestapeld. Gedurende de hele etappe zullen we voornamelijk in het bos lopen.

Het heeft flink geregend de laatste tijd …

We komen langs De Tweelingen en de Meeuwenplassen, drassig hoogveen waar zeldzame plant- en diersoorten voorkomen. Als we achter ons stemmen horen, denk ik eerst aan Pieterpad-wandelaars. Maar het blijken mountainbikers. Een hele hoop. Voornamelijk mannen van middelbare leeftijd. Wij doen snel een paar stappen opzij en laten ze door. Ze groeten allemaal vriendelijk en slaan dan af naar een pad waar wij niet heen hoeven. We denken hier mooi vanaf te zijn gekomen, maar dit waren niet de laatste mountainbikers van vandaag.

Meeuwenplassen

Als we verder lopen over de bospaden valt het op dat velen verhard zijn met kleine keitjes. Dit zijn flintenwegen, lees ik in het boekje. Flinten zijn veldkeien die verzameld werden tijdens de heideontginningen in de jaren 20 en 30 van de vorige eeuw. Ze werden o.a. gebruikt om de Drentse bospaden te verharden. Je ziet ze dan ook in veel Drentse bossen.

Flintenweg

De route gaat verder over het Orvelter veld en duikt dan weer de bossen in. Regelmatig kruist nu een mountainbikeroute ons pad. Af en toe lopen we zelfs hele stukken óver het mountainbikepad. Gelukkig komen we op die momenten geen mountainbikers tegen, hoewel we ze wel regelmatig in het bos zien. Ik kan me voorstellen dat dit soort shared-space-plekken op mooie zomerse dagen voor wat vervelende ontmoetingen kunnen zorgen. Op de smalle single track kom ik als wandelaar liever geen mountainbiker tegen, en als mountainbiker liever geen wandelaar.

Via een lange brede weg komen we bij het Oranjekanaal uit, steken dit over en duiken aan de andere kant weer het bos in. Daar vinden we een bankje in de luwte om ons brood op te eten. De harde wind maakt het ijzig koud vandaag, waardoor dit, na 15 km, onze eerste pauze is. Daar passeren ook de eerste andere Pieterpadders die we vandaag zien. Ze wensen ons smakelijk eten. Even later wensen wij hen hetzelfde. Zij hebben een kilometer verderop een bankje gevonden in het net doorgebroken zonnetje.

Brug over het Oranjekanaal

Niet veel later komen we langs het Pieterpadmonument. Bovenop een heuvel staan drie grote stenen op elkaar. In 2004 werd dit monument opgericht ter ere van de bedenksters van het Pieterpad: Bertje Jens (1913 – 2009) en Toos Goorhuis-Tjalsma (1915 – 2004). Zij zetten het pad uit tussen 1978 en 1983. Het bestaat dus al het grootste deel van mijn leven.

Pieterpadmonument

Na dit monument volgt er nog één, ditmaal als herinnering aan de Britse bommenwerper die hier in 1943 neerstortte. Restanten van het vliegtuig zijn verwerkt in het monument en beschreven met de namen van de 7-koppige bemanning die de crash niet overleefde.

Vliegtuigmonument

Hierna is het bosloze gebied niet ver meer. De laatste kilometers tot aan Sleen lopen we door open terrein over lange rechte fietspaden. De toren van Sleen zien we al van verre liggen. In het dorp warmen we ons op met een cappuccino. Een goed begin en einde van een boomrijke etappe.

Kerktoren van Sleen

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

2020 | Vooruitblik op mijn wandeljaar

En toen was het 2020. Een nieuw wandeljaar is aangebroken. Wat zijn mijn plannen?

Nederland
In 2020 wandel ik verder op het Marskramerpad, het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad en het Pieterpad en wellicht dat ik dit jaar het Salland Pad afrond. Daarnaast is het plan om aan een nieuw pad te beginnen: het Graafschapspad in de Achterhoek. Het boekje is al binnen.

Ook mogen de eendaagse routes niet ontbreken. Zo heb ik mijn zinnen gezet op het Kromme Rijnpad. Een paar jaar geleden heb ik een stukje van dit pad gewandeld. De 29 km lange route loopt van Wijk bij Duurstede, langs de Kromme Rijn, naar Utrecht. Een mooie route die naar meer smaakte en de 29 km zijn goed te doen in een dag. Misschien dat het er dan toch dit jaar van komt. Uiteraard zal ik ook dit jaar de nodige Groene Wissels en Trage Tochten wandelen. Ze bevallen over het algemeen zeer goed. Ook sluit ik een NS-wandeling of een Klompenpad niet uit.

Zwitserland
Voor de zomer staat er een wandelvakantie in Zwitserland gepland. De plannen liggen nog niet vast maar wandelen bij Grindelwald in het kanton Bern staat in ieder geval op de planning. Ik kom van kinds af aan in dit land en ken met name het Wallis goed. In de regio Grindelwald heb ik een aantal jaren geleden gewandeld. Dat beviel goed en daarom staan er nu weer een paar dagen in dit gebied op het programma.

Tips?
Heel wat plannen voor 2020 dus. Natuurlijk sta ik ook open voor andere interessante wandeltips in Nederland. Dus is er een Groene Wissel, een Trage Tocht, een NS-wandeling, een Klompenpad of andere eendaagse wandelroute die ik zeker moet lopen, laat het me weten. Ook tips voor eendaagse wandelingen in Zwitserland zijn welkom. Welke wandelingen in dit prachtige land zijn echt de moeite waard?

Pieterpad etappe 2: Winsum – Groningen

Route: Pieterpad
Afstand: 21 km
Start: Station Winsum
Eind: Station Groningen

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes in Drenthe met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Op een van de laatste dagen van het jaar is er mooi winterweer voorspeld. Ik heb een zondag zonder afspraken en besluit een vroege trein naar Winsum te pakken voor de tweede etappe van het Pieterpad. Als ik in Groningen overstap op de trein naar Roodeschool, stappen er met mij nog een aantal wandelaars in. Ze hebben het over ‘De Gouden Karper’, een herberg in Winsum, maar ook het beginpunt van de tweede etappe. Dit moeten wel Pieterpadwandelaars zijn.

In Winsum is het stil. Zondagochtend half 10 in de kerstvakantie is blijkbaar geen tijd om naar buiten te gaan. Het is ook knap koud, wellicht dat dat ook niet meehelpt. Ik geniet van de rust als ik met behulp van de aanwijzingen in het boekje naar ‘De Gouden Karper’ loop. Vanaf daar gaat de route al snel Winsum uit.

Over een rustig landweggetje loop ik tussen de weilanden richting Garnwerd. De beloofde zon laat nog op zich wachten, maar de rijp op de weilanden levert mooie plaatjes op. Er lopen twee mannen met vier honden voor me. De honden lopen los en zijn erg enthousiast. Nu ben ik niet zo’n fan van enthousiaste honden en ga steeds langzamer lopen. Het mag niet baten. Midden op een smal fietspad lassen ze een pauze in, waar koekjes voor zowel mens als dier aan te pas komen. De mannen zien mijn aarzeling, grijpen de honden vast en zeggen het bekende zinnetje ‘ze doen niks hoor!’. Ik mompel een bedankje en zet flink de pas erin. Het geblaf achter me wordt langzaam zachter.

Het Groninger land op een winterse zondagochtend

Uit de richting van Garnwerd hoor ik de knallen van het carbid schieten. Tot aan Groningen blijven de knallen te horen. Nog een paar dagen tot aan oud en nieuw. Dat kan niemand ontgaan. De route laat Garnwerd links (of eigenlijk rechts) liggen. Het is nog vroeg en waarschijnlijk is er weinig horeca open. Ik besluit maar door te lopen. Bij de Wetsingersluis in het Reitdiep breekt dan toch een winterzonnetje door en het landschap krijgt een heel ander aangezicht.

Verder naar Oostum. Als in de verte het kerkje, hooggelegen op een wierde, opdoemt, zie ik langs de weg een schilderij van – juist – hetzelfde kerkje. Bijna 100 jaar geleden, in 1922, schilderde Ploeglid Johan Dijkstra hier het kerkje van Oostum. Door zo’n bord kijk je heel anders naar het landschap om je heen. Een leuk idee!

Het schilderij met rechts in de verte het kerkje

 

Het kerkje van Oostum

In Wierumerschouw stuit ik op een van de omleidingen van deze etappe. Door een aanvaring is de Paddepoelsterbrug over het Van Starkenborghkanaal gestremd. Gelukkig zijn er meer bruggen en de goed aangegeven markering brengt me langs het Reitdiep naar de Dorkwerderbrug. Op de dijk langs het Reitdiep staat de lage zon recht voor me. De silhouetten van de Pieterpadwandelaars die in de verte voor me lopen, steken mooi af tegen de kale bomen. Als ik me omdraai ziet de wereld er heel anders uit. De dreigende lucht met zon maakt dat ik een beetje sneller ga lopen.

Het Reitdiep richting de zon

 

Het Reitdiep met de zon in de rug

Langs het Van Starkenborghkanaal loop ik naar de plek waar de route oorspronkelijk zou uitkomen. Waar een brug zou moeten liggen, is nu een vrije doorgang. Dat was inderdaad lastig oversteken geweest. De route buigt hier af richting Groningen. Al snel zie ik rechts van me de eerste gebouwen van universiteitscomplex Zernike opdoemen.

De Paddepoelsterbrug is verdwenen

Aan mijn linkerhand staat een bord dat wijst ‘naar het klooster’. Nu zie ik geen klooster, maar wel een gedicht. Albertina Soepboer beschrijft het klooster dat hier ooit stond. Een tweede gedicht van Lammert Tiesinga even verderop heeft de titel ‘Galgenveld’. Google geeft een verklaring. Beide gedichten verwijzen naar Kasteel Selwerd (nog steeds een wijk in Groningen) dat in de Middeleeuwen op deze plek stond. Het klooster en galgenveld lagen bij het kasteel. Ook lees ik dat er hier nog twee gedichten zijn die verwijzen naar het kasteel. Nog maar een keer terug!

Gedicht van Lammert Tiesinga

Via Selwerd en het Noorderplantsoen loop ik de stad in. Ik heb 7 jaar in Groningen gewoond en ik bevind me op bekend terrein. Via het Hoge der A, de Vismarkt, de Folkingestraat en het Groninger Museum kom ik weer bij het station uit. Het was een mooie etappe op deze winterdag. Volgende keer de laatste Groningse etappe van Pieterburen naar Winsum en dan vanaf Schoonloo verder Drenthe in.

Het bekende Hoge der A

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

2019 | Terugblik op mijn wandeljaar

Uitzicht op de Lek tijdens het Klompenpad Lint- en Liniepad

2019 was een goed wandeljaar. Heel afwisselend ook. In tegenstelling tot voorgaande jaren. In 2017 ontdekte ik de langeafstandspaden en liep in dat jaar bijna alle etappes van het Jacobspad. Ook in 2018 lag de focus op één pad, het Westerborkpad. In 2019 zijn het vooral veel verschillende paden geworden. Met veel verschillende mensen en ook alleen.

Welke soorten routes liep ik in 2019?

LangeAfstandsWandeling (LAW)

In de categorie LAW’s liep ik de laatste twee etappes van het Westerborkpad en eindigde heel toepasselijk op 4 mei op het eindpunt in Kamp Westerbork. Ook begon ik dit jaar aan het Marskramerpad. Nadat een vriendin in 2018 in vijf weken het Pieterpad liep, had het wandelvirus haar te pakken en spraken we af om met zijn tweeën van Bad Bentheim naar Scheveningen te lopen. We zijn dit jaar in de buurt van Deventer geëindigd. In 2020 gaan we weer verder.

Met deze Pieterpad-vriendin liep ik in 2018 twee etappes mee van dit pad der paden. Dat smaakte naar meer en dit jaar besloot ik om de komende jaren het Pieterpad helemaal te lopen. In 2019 maakte ik daar een beginnetje mee op de grens van Groningen en Drenthe, samen met een enthousiaste collega.

Streekpad

Noardlike Fryske Wâlden Streekpad: Bûtenfjild boven Feanwâldsterwâl

Met het relatief nieuwe Noardlike Fryske Wâlden Streekpad in een onbekende streek van Friesland, begon ik in februari dit jaar. Helaas ben ik dit jaar niet verder gekomen dan drie etappes. Ik hoop in 2020 wat meer kilometers te maken. De Noardlike Fryske Wâlden zijn namelijk verrassend mooi.

Wandelnetwerkpad

Christoffelpad: Natuurgebied de Olde Maten

Overijssel kent verschillende wandelnetwerken. Binnen deze netwerken zijn meerdere meerdaagse wandelrondjes gemarkeerd. In 2018 begon ik met het Salland Pad dat – niet geheel verrassend – een rondje Salland doet. In 2019 liep ik minder etappes van dit pad dan ik wilde. Het openbaar vervoer in deze contreien bestaat voornamelijk uit buurtbussen die alleen door de week rijden. Mijn vrije tijd zit voornamelijk in het weekend. Dus dat schoot niet echt op.

Een nieuw gemarkeerd rondje binnen zo’n Overijssels wandelnetwerk is het Christoffelpad. In twee afzonderlijke dagen liep ik in 2019 dit rondje van ruim 45 km door Zwartewaterland en nationaal park Weerribben-Wieden. Een mooie, relatief onbekende route in de kop van Overijssel, ook ideaal voor een wandelweekend. Met een groot voordeel: het OV rijdt ook in het weekend.

Overige wandelingen

Trage Tocht Zoutelande

Naast de langere wandelroutes liep ik verschillende eendaagse wandeltochten zoals Groene Wissels en Trage Tochten (ook vaak zonder blogpost). Hier zaten ook enkele zogenaamde Stadswissels bij, zoals deze in Middelburg. Dit zijn wat langere stadswandelingen die je op interessante plekken in en om het centrum brengen. Ook liep ik eindelijk de N70 in het Rijk van Nijmegen, een van de mooiste routes van dit jaar en liep ik op de eerste dag van 2019 een Teutoschleife in het Teutoburgerwald. In de laatste maand van het jaar liep ik mijn eerste Klompenpad en ontdekte een deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

De feiten op een rijtje

In welke landen en provincies?

• Duitsland: Teutoburgerwald en Bad Bentheim
• Drenthe
• Friesland
• Gelderland
• Groningen
• Overijssel
• Utrecht
• Zeeland

Welke paden begonnen in 2019?

• Christoffelpad
• Noardlike Fryske Wâlden Streekpad
• Marskramerpad

Welke paden afgerond in 2019?

• Westerborkpad
• Christoffelpad

Wat waren echte aanraders?

Pieterpad tussen Groningen en Zuidlaren

• Op de N70 bij Nijmegen waan je je in het buitenland, maar de vele heuvels daar zijn toch echt Nederlands.
• Bij de Trage Tocht Zoutelande volg je de Zeeuwse kustlijn en heb je prachtige uitzichten over de zee.
• Bij de Marskramerpad-etappe Bad Bentheim – Oldenzaal loop je van Duitsland naar Nederland door zeer afwisselend landschap.
• Het Pieterpad tussen Groningen en Zuidlaren was verrassend mooi, zeker in de herfst. Je ziet echt dat je een andere provincie in loopt.

Wat viel tegen?

Een heuse berg op het Westerborkpad van Hoogeveen naar Beilen

Eigenlijk vrij weinig. Elke route had weer haar eigen charme. De Westerbork-etappe Hoogeveen – Beilen liep door veel natuurschoon maar ook over lange rechte wegen langs het spoor. Bij deze LAW gaat het in de eerste plaats om de geschiedenis. En dat is ook de reden waarom ik dit pad heb gelopen.

Kortom

Ik kan terugkijken op een goed wandeljaar. Die afwisseling in wandelingen bevalt me prima en daar ga ik zeker mee door in het nieuwe jaar. Op naar een verrassend en wandelrijk 2020!

Hoe was jouw wandeljaar?

Pieterpad etappe 3: Groningen -Zuidlaren

Route: Pieterpad
Afstand: 21 km
Start: Station Groningen
Eind: Bushalte op de Brink in Zuidlaren

De Sint Pietersberg is nog een heel eind

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes in Drenthe met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Het is een frisse en zonovergoten herfstdag als ik mijn collega ontmoet op station Groningen. We moeten hoognodig bijpraten en wat is nu een betere gelegenheid dan tijdens een wandeling. Mijn collega woont al tientallen jaren in Groningen en weet veel over de wijken, gebouwen en kunstwerken waar we langskomen. Hoewel ik zelf 7 jaar in de stad heb gewoond, hoor ik veel nieuwe dingen. Ideaal om met een local op pad te gaan.

Vanaf perron 2a komen we via een trap op het viaduct over het spoor. Vanaf daar volgen we het Hoornsediep de stad uit. We zien studenten van de roeivereniging Gyas zich klaarmaken om het water op te gaan en komen even verderop een aantal roeiboten in actie tegen. Een mooi gezicht in de stralende herfstzon.

Studentenroeivereniging Gyas

Dan wijst mijn collega op de hoogspanningsmast met vlammetjes die in de verte te zien is. Iedereen die wel eens Groningen genaderd is over de A28, kent dit kunstwerk. In 1990 bestond de stad 950 jaar en kreeg 10 stadmarkeringen aan de belangrijkste toegangswegen op de grens van de stad. De hoogspanningsmast heet de ‘Gate Tower Clio’ en is gemaakt door Kurt W. Forster. Het laat 2 vormen van energie bij elkaar komen: elektriciteit en gas. De 7 gasvlammetjes staan voor de weekdagen. Op de eerste dag van de week gaat de eerste aan, op de tweede de tweede, totdat alle 7 aan zijn, aan het einde van de week.

Een bekende stadsmarkering

We komen bij het Hoornse Meer uit en besluiten een extra lusje te pakken langs het water. Het is een plaatje. Tegen de strakblauwe lucht staat de molen ‘De Helper’ er fier bij, geflankeerd door de bomen in herfsttooi aan de overkant. Even verderop gaan twee kano’s te water. Warm aangekleed is dit een prachtige dag om te gaan kanoën.

Molen ‘De Helper’ aan het Hoornse Meer

Haren is niet ver meer. We passeren de plaats langs de rand. De omgeving verandert. Je merkt dat je echt op de Hondsrug loopt en richting Drenthe gaat. We laten Glimmen rechts liggen en komen via een hoge trap op een viaduct over het spoor. Via het Tranendal (ik vraag me dan af hoe zo’n weg aan zo’n naam komt?) komen we in het natuurgebied en voormalig militair oefenterrein Appèlbergen terecht. Het is inmiddels lunchtijd en ergens is hier een pannenkoekenrestaurant. We verlaten de route en m.b.v. Google Maps vinden we via kleine paadjes het restaurant.

Wij gaan door een tranendal …

De pannenkoek smaakt goed en voldaan pikken we de route weer op. Aan de rand van het Noordlaarder Bos komen we zowaar een straatgedicht tegen. Op een grote steen staat een gedichtfragment van Vasalis:

Tijd

Ik droomde dat ik langzaam leefde
langzamer dan de oudste steen

Vasalis

Hoe toepasselijk en onverwacht zo middenin de natuur!

Vasalis bij het Noordlaarder Bos

Langs een mooi gelegen Nivon natuurvriendenhuis vervolgen we onze weg naar Zuidlaren. We lopen nu voornamelijk door open land waar de suikerbieten welig tieren. Die gaan binnenkort naar de befaamde suikerfabriek in Groningen. Dan komen we in Zuidlaren. We maken een omweggetje langs het kerkje waar mijn collega is getrouwd. Het ligt er idyllisch bij met de laagstaande zon, de verkleurende bomen en de omgeving van de Kerkbrink. Ik kan me voorstellen dat dit een populaire trouwlocatie is.

Kerkje in Zuidlaren

Dan komt de Brink weer in zicht. Het is alweer een jaar geleden dat ik mijn auto hier parkeerde toen ik begon aan de etappe Zuidlaren – Rolde. Nu nemen we er de bus terug naar Groningen. Het was een mooie en gezellige dag. En ik ben veel informatie rijker die ik als solo-wandelaar zeker niet te weten was gekomen. Op naar de volgende etappe!

De herfst op haar mooist
De etappe loopt door een zeer gevarieerd landschap

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Luchtkasteeltjes

Soort gedicht: Bord op palen-gedicht
Waar: Zuidlaren
Dichter: Wija Oortwijn

Onder de oude treurboom zie ik de eerste. De neerhangende takken vormen een omlijsting van het rechthoekige bord dat tussen twee palen hangt. De zwarte letters op de witte achtergrond vormen een gedicht in een taal van deze streek. Drents of wellicht Gronings. Hardop lezend begrijp ik dat het gaat over deze plaats en de functie die het ooit had. Ik loop op historische grond.

Na dit gedicht volgt al snel een tweede. Twee palen, een rechthoekig bord, dezelfde opmaak. Een andere dichter, een andere taal. Ook deze zet ik op de foto, om later op mijn gemak nog eens terug te lezen. De derde volgt al snel, de vierde. Dit kan niet anders dan een poëzieroute zijn. Hoeveel meer komen er nog?

Mijn vrienden lopen steeds een beetje sneller verder, terwijl ik de gedichten op de foto zet. Ze weten van mijn straatgedichten-tic, maar we hebben ook een etappe te wandelen. Van het pad der paden welteverstaan. Als ik het vijfde gedicht spot met de intrigerende naam Luchtkasteeltjes, heb ik geen tijd om de regels in me op te nemen. Ik maak snel een foto en trek een sprintje om weer gelijk op te lopen met mijn medewandelaars.

Een paar kilometer geleden zijn we deze etappe van het Pieterpad gestart in het centrum van Zuidlaren. We hebben net Berend Botje met zijn scheepje achter ons gelaten op een rotonde, als we het terrein van Dennenoord opwandelen. In de omgeving een bekende naam. Van heinde en verre kent men het ‘gekkenhuis’. In 1895 werd hier het psychiatrisch ziekenhuis van de Vereeniging tot Christelijke Verzorging van Krankzinnigen en Zenuwlijders in Nederland geopend. Het terrein had veel groen en eigen voorzieningen. Het was een klein dorp op zich.

Tegenwoordig is het complex van GGZ-instelling Lentis, dat nog steeds een deel in gebruik heeft. De oude landschapstuin is er nog altijd. Over het mooie terrein kun je sinds kort een Kwiek-route lopen (waar je – juist – kwiek van kunt worden) en dus ook een poëzieroute.

Volgens Google kent de poëzieroute 17 gedichten, verspreid over het terrein. De winnaars van de Jan Boer Poëzieprijs (georganiseerd door Lentis) krijgen een plekje in de route. Het laatste gedicht dat ik op de foto zette, is van zo’n winnaar. In 2011 won Wija Oortwijn met haar gedicht Luchtkasteeltjes deze prijs. De prijs is in het leven geroepen om “aandacht te vragen voor de vaak uitzonderlijk creatieve talenten van (ex) cliënten van de geestelijke gezondheidszorg” en wordt eens in de drie jaar toegekend. De poëzieprijs is vernoemd naar de Groninger dichter Jan Boer (1899 – 1983).

Luchtkasteeltjes

In haar eentje, spelend op ’t strand,
bouwt ze luchtkasteeltjes,
schepje in de hand.

Met veels te grote slippers,
haren in de war.
Blik op oneindig,
ogen zo star…

Wie is zij? Klein meisje van vier?
Niemand die haar blijkbaar mist.
Wat doet ze eigenlijk hier?

Ik zie de golven komen,
wild rollend over haar heen.
Haar blik verzacht, ze lijkt te dromen en roept:
‘Nu ben ik eindelijk niet meer alleen.’

Nog een laatste blik,
voordat ze verdwijnt
in de armen
van de tomeloze zee.
Nog even zwaait ze terug
en neemt al haar geheimen met zich mee…

In mijn eentje, lopend op ’t strand,
tuur ik naar de einder
en neem
mijn schepje weer ter hand…

Wija Oortwijn

Het thema van 2011 was: ‘Ik zoek wat ik niet vinden kan’. Als ik Luchtkasteeltjes thuis nog eens rustig teruglees, blijkt dit gedicht uitstekend bij dit thema te passen. De ik-persoon ziet letterlijk haar verleden voor zich. Althans, de laatste zin “en neem mijn schepje weer ter hand” lijkt dit te suggereren. Ze ziet een klein meisje (zijzelf?) op het strand dat luchtkasteeltjes bouwt. Een luchtkasteel is een droombeeld of een irreëel toekomstbeeld. Waar denkt het meisje aan, daar op het strand? Ze wordt er in ieder geval niet gelukkig door. Haar “blik op oneindig, ogen zo star” en niemand die haar blijkbaar mist.

De ik-persoon vraagt zich af wie zij eigenlijk is, dat kleine meisje. Welke geheimen ze heeft. Ze krijgt wellicht nooit een antwoord op haar vragen. Dat kleine meisje is verdwenen “in de armen van de tomeloze zee”. Voor het meisje was het een zegen: “Nu ben ik eindelijk niet meer alleen”. Maar wat deed het met de volwassen ik-persoon? Ze tuurt naar de einder en neemt haar schepje weer ter hand. Wellicht om nieuwe luchtkasteeltjes te bouwen?

Als ik het gedicht een paar keer lees, dringt de lading pas echt tot me door. Een droevig gedicht dat aanzet tot nadenken. En op het terrein van Dennenoord zijn  nog minstens twaalf andere gedichten die ik niet gezien heb tijdens onze wandeling. Die komen op mijn Nog Te Bezoeken Straatgedichten-lijst!

Ben jij ook benieuwd naar de gedichten die op het terrein van Dennenoord staan? Bij de receptie van het hoofdgebouw kun je een gratis routebeschrijving krijgen van de poëzieroute.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welk straatgedicht is jou opgevallen?

Pieterpadwandelaar

Het bankje is bezet. Een man en een vrouw zijn neergestreken op het blanke hout waarin de nerven die ooit een boom waren nog goed te zien zijn. Met hun ruggen schermen ze deels de afstanden naar het begin en einde van het pad der paden af. Ook de Drentse plaats die groot in de rugleuning is geëtst is nauwelijks te lezen. Dankzij de Facebookfoto’s herkennen we het pieterpadbankje echter meteen. Bankjes langs het beroemde wandelpad zijn een begrip op zich.

Mijn vriendin en ik halen allebei onze telefoons tevoorschijn voor een foto. De uitrustende wandelaars staan vrijwel gelijk op en laten zonder omhaal hun voormalige zitplaats fotograferen. Ze stellen zelfs voor een foto van ons te maken, op het bankje. Wij maken dankbaar gebruik van het aanbod. Met verwaaide haren knijpen we onze ogen tot spleetjes tegen de zon.

Hoewel ze, zoals dat hoort, het rood-witte wandelboekje in de hand hebben, vallen ze met hun outfit uit de toon bij de hordes pieterpadwandelaars die vandaag op pad zijn. Ik zag vandaag meer wandelstokken, afritsbroeken, sneldrogende shirts in felle kleurtjes, afgedragen bergschoenen en uiteraard rugzakken met waterzakken (met zo’n slangetje over de schouder) dan tijdens alle andere wandelingen van dit jaar tezamen.

De man en vrouw dragen beide een modieuze zonnebril en dito sneakers. De studs op haar shirt laten ruimte vrij voor de glimmende letters die het woord ADORABLE vormen. Zijn spijkerbroek is afgezakt volgens de laatste mode. Zeker geen doorsnee-wandelaars. Zijn eerste vraag echter verraadt dat ze wel degelijk meerdere etappes van het Pieterpad achter de rug hebben: “Lopen jullie naar het noorden of naar het zuiden?”

Zij lopen zuidwaarts en moeten vanuit Drenthe nog een eindje. In mei dit jaar zijn ze begonnen, nadat ze de twee delen van het routeboekje cadeau hadden gekregen. Hun kinderen vonden het een gepast cadeau voor hun 25-jarig huwelijksfeest. “En ik heet Pieter” voegt de man eraan toe, “vandaar”. Hij grijnst zijn rechte, blinkend witte tanden bloot.

Wat we van de etappe van vandaag vonden, vragen ze. Ik wil vertellen over de idyllische beekjes, het bijzondere hoogveen, de bossen waar het licht zo mooi doorheen valt, maar word na mijn inleidende ‘Mooi etappe, we …!” door Pieter in de rede gevallen. Vandaag teveel natuur naar hun smaak, ze misten de plaatsjes. Op een gegeven moment heb je zo’n bos wel gezien.

Uiteraard lopen ze gewoon verder. Het is wel “relaxed”. En ze komen steeds dichter bij hun woonplaats in de Achterhoek. Ach, ze hebben de tijd. Gisteren nog kwamen ze twee vriendinnen tegen die al 12 jaar onderweg zijn op dit langeafstandspad. Ze kunnen dus nog even vooruit. Terwijl Pieter praat, houdt hij continu de passerende wandelaars in de gaten. Jonge blonde vrouwen krijgen een stralende lach toegeworpen.

Dan stelt hij voor samen de laatste kilometers naar het eindpunt van de etappe te lopen. Ik wissel een verbaasde blik met mijn vriendin. Samen oplopen met andere wandelaars gebeurt wel vaker op het Pieterpad, maar Pieter lijkt toch een voorkeur te hebben voor andere – vooral jongere en blondere – wandelaars. Met de gedachte dat het maar een paar kilometer is, stemmen we toe.

Pieter bergt demonstratief zijn boekje op in zijn rugzak. Het is nog maar een klein stukje en de markering tot nu toe is “echt geweldig”. Bij een splitsing aan een bosrand slaat toch de twijfel toe. Twee paden en geen wit-rode markering. Wij vonden de markering niet zo geweldig vandaag en met het boekje dat we in de hand hebben gehouden, gaan wij ze voor op het juiste pad.

Een kwartier later zitten we op een Schoonloos terras. Alle tafeltjes zijn bezet door wandelaars. Rood-witte boekjes en rugzakken zover het oog reikt. Arriverende wandelaars worden herkend, begroet, verhalen worden uitgewisseld. Vooral het natuurschoon onderweg is onderwerp van gesprek. Pieter en echtgenote drinken ontspannen hun welverdiende biertje en gaan bijna op in de groep wandelaars. Bijna.

Als ze aanstalten maken om hun auto op te zoeken, wensen we ze nog veel wandelplezier. “Misschien tot ziens” zegt Pieter joviaal, “binnen nu en twaalf jaar”.

In oktober dit jaar liep ik twee etappes van het Pieterpad en deed inspiratie op voor dit korte fictieve verhaal. Benieuwd naar de etappe waarbij we dit pieterpadbankje tegenkwamen? Lees hier mijn wandelverslag.

Pieterpad etappe 4: Zuidlaren – Rolde

Route: Pieterpad
Afstand: 18 km
Start: Brink Zuidlaren
Eind: Camping De Weyert Rolde

Welke moeten we hebben?

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij (lees hier haar ervaringen) loopt het pad in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Op haar vraag of ik een paar dagen mee wil lopen is het antwoord uiteraard ja. Gisteren liepen we van Rolde naar Schoonloo, vandaag een etappe noordelijker.

We zijn vandaag met zijn drieën en het weer is weer zonovergoten. We beginnen in Zuidlaren waar de voorbereidingen voor de Zuidlaardermarkt inclusief kermis in volle gang zijn. Langs Berend Botje – die met zijn scheepje op een rotonde in Zuidlaren is beland – lopen we naar de psychiatrische kliniek Dennenoord.

Berend Botje is in Zuidlaren aangekomen

Op het terrein zijn verschillende dingen te doen. Je kunt een poëzieroute volgen – de gedichten die we tegenkomen passen mooi bij de verzameling voor Elke Maand Een Straatgedicht – er is een Kwiek-route die de dag daarvoor geopend blijkt te zijn en je kunt de vier mijl lopen. Voor elk wat wils. Wij draaien de schouders volgens de aanwijzingen van de Kwiek-route en lopen verder naar Schipborg.

Wees kwiek!
Een gedicht in het Gronings

In Schipborg wonen vrienden van mijn vriendin en na een kop koffie met lekkers lopen we verder. Op een kruispunt komen meerdere routes samen en we moeten opletten dat we de goede markering volgen. Het Groot Frieslandpad brengt ons in hele andere gebieden. We duiken al snel weer een natuurgebied in en kruisen met een bruggetje de Aa. Via een vlonderpad en een bosrand komen we op de Gasterse Duinen. Meerdere malen moeten we uitwijken voor fanatieke mountainbikers.

Mountainbikers langs de bosrand

De Gasterse Duinen worden bevolkt door Schotse hooglanders waar pieterpadlopers voor waarschuwen op Facebook. De beesten komen enthousiast op je afrennen in de veronderstelling dat je eten hebt. Het kan enigszins beangstigend overkomen als honderden kilo’s rund op je af komt stormen. Als wij er lopen zijn de beesten echter de rust zelve, ze liggen in de schaduw van de bomen en verroeren geen vin. Misschien dat ze net een hapje (wandelaars genoeg …) gehad hebben. Wij kunnen in ieder geval rustig genieten van onze lunch in het prachtige stuifduinen landschap.

Gasterse Duinen

Na de lunch volgt al snel een nieuw natuurgebied: het Balloërveld. Met een Groene Wissel wandeling liepen we hier eerder, in februari 2016. De kudde Drentse heideschapen, die toen lekker binnen in de schaapskooi zat, loopt nu enthousiast rond. Blatend steken ze voor en na ons het zandpad over. Poseren voor de foto is er niet bij, ze eten ongestoord door als we langs wandelen.

Drentse heideschapen op het Balloërveld

Na een onbedoeld omweggetje langs die bewuste schaapskooi belanden we weer op de route en bereiken Rolde. De tweede etappe is ten einde en het weekend ook. Dat smaakt naar meer!

Benieuwd naar de andere gelopen etappe van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.