Speuldepad: witte pauwen en dansende bomen

Route: Klompenpad Speuldepad
Afstand: 16 km
Start: Parkeerplaats Landgoed Staverden, Uddelermeerweg in Ermelo
Eind: Parkeerplaats Landgoed Staverden, Uddelermeerweg in Ermelo

Er is wat regen voorspeld op deze zondagochtend. We kiezen daarom voor een wandeling door de bossen en komen uit op het Speuldepad, een Klompenpad op de Veluwe. Het gebied kennen we van de Trage Tocht Drie die we vorig jaar herfst liepen. Het was geen verkeerde keuze. Niet alleen lopen we over prachtige paden in mooie gebieden, maar we worden ook niet al te nat tijdens de fikse buien.

Op landgoed Staverden

We parkeren de auto op landgoed Staverden bij het gelijknamige kasteel. Staverden is een buurtschap met ongeveer 30 inwoners. In 1298 zijn er stadsrechten verleend aan Staverden en daarom wordt deze plaats ook wel de kleinste stad van Nederland genoemd. Het idee om van Staverden een stad te maken is echter rond 1320, nog geen 25 jaar na de verlening van de rechten, opgegeven.

We laten het kasteel eerst voor wat het is en wandelen de route met de klok mee. Hierdoor komen we allereerst langs de witte pauwen, die we op de parkeerplaats al hoorden roepen. Achter een hek zitten een hele hoop van deze siervogels. De witte pauwen van kasteel Staverden (ook wel de Witte Pauwenburcht genoemd) kennen een lange traditie. Ze worden al sinds 1308 gehouden. Ook nu nog krijgt de commissaris van de Koning in Gelderland bij bepaalde gelegenheden een bos witte pauwenveren van de pauwen van Staverden.

Witte pauwen van Gelre

Over kleine paadjes lopen we over landgoed Staverden, steken de Staverdense Beek over en komen uit op het Houtdorper- en Speulderveld. Op de parkeerplaats was het rustig en dat merken we nu ook. Op de vroege zondagochtend zijn we hier helemaal alleen. We zien zelfs geen paarden, hoewel hier ook een uitgebreid ruiter- en mennetwerk met knooppunten blijkt te lopen.

Ruiter- en mennetwerk

Hoewel de aanvankelijk blauwe lucht steeds bewolkter wordt, blijft het droog. We lopen over de heide, horen allerhande vogels zoals de veldleeuwerik en zien vele zwaluwen voorbij scheren. Naast het pad staan kleurige wilde bloemen. Op een bankje naast eeuwenoude grafheuvels drinken we koffie en groeten de eerste mountainbikers van de dag. Er zullen er nog vele volgen.

Op het Houtdorper- en Speulderveld
Op het Houtdorper- en Speulderveld

De route loopt verder richting Speuld, een buurtschap en tevens naamgever van het pad. Hier duiken we de Speulder- en Sprielderbossen in. We zien de dansende bomen waar deze bossen bekend om staan. Eigenlijk zijn het kromme bomen, de rechte exemplaren zijn in de loop der eeuwen gekapt door de inwoners van de omliggende dorpen.

Dansende bomen

Als we weer bij een heideveld komen, merk je dat het later op de ochtend is. Mountainbikers rijden af en aan en we zien zelfs een paar wandelaars. Bij Landgoed Leuvenem begint het te druppelen. De regenhoezen gaan over de rugzakken en we steken het heideveld over. In de daarop volgende bossen regent het flink door. Gelukkig hebben we beschutting.

Landgoed Leuvenum

Bij hotel-restaurant De Zwarte Boer in Leuvenem is het droog en weten we nog net een plekje te bemachtigen op het terras. Het is een uitspanning met een geschiedenis. De naam komt van de oude boerderij die hier rond 1600 stond. Het lag op het kruispunt van de oude handelswegen Harderwijk-Deventer en Amersfoort-Zwolle en was hiermee een belangrijk uitspanning voor postkoetsen. Een aantal eeuwen later zitten er vooral veel mountainbikers op het terras.

Over de parkeerplaats weten we een doorgang te vinden die ons weer op het Klompenpad brengt. We zijn net op tijd van het terras vertrokken want het begint weer te regenen. Over bospaden en langs beken lopen we richting Kasteel Staverden. Het imposante witte gebouw ligt er mooi bij, zelfs in deze natte omstandigheden. We maken nog een rondje door de uitbundig bloeiende tuinen en overbruggen dan de laatste paar 100 meter naar de parkeerplaats.

Kasteel Staverden
Tuinen bij kasteel Staverden

Vanmorgen stonden we er met twee auto’s, inmiddels is de parkeerplaats flink vol. De regen weerhoudt de mensen er niet van om erop uit te trekken. Het is dan ook een prachtig gebied. We sluiten dit mooie Klompenpad af met een broodje op de parkeerplaats, begeleid door de roep van de witte pauwen.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Kopermolenpad: langs molens, landgoederen, beken en enken

Route: Klompenpad Kopermolenpad
Afstand: 13 km
Start: Wenumse Watermolen, Oude Zwolseweg 164 Wenum Wiesel
Eind: Wenumse Watermolen, Oude Zwolseweg 164 Wenum Wiesel

Vandaag is Nederland verdeeld. Op weergebied dan. De oostelijke helft is bewolkt, in de westelijke helft schijnt de zon. Hoewel Wenum Wiesel nu nog grijs is, heb ik goede hoop. De scheidslijn met wolken schuift langzaam naar het oosten. Het is 8 uur als ik mijn auto bij de Wenumse Watermolen parkeer. Er staat welgeteld één andere auto.

De route die ik vandaag loop bestaat uit vier naast elkaar gelegen lussen, wat inkorten mogelijk maakt. Ik loop de hele 13 kilometer en besluit de route met de klok mee te lopen. De wandeling start bij een molen die al in 1313 vermeld wordt. Deze molen was door de eeuwen heen een korenmolen, een kopermolen (hier werden koperen platen geslagen) en een runmolen (hier werd schors gemalen voor de leerlooierij). Langs de molen loopt de Wenumse Beek, waar in vroeger tijden vijf molens langs stonden. Vandaag de dag is alleen de Wenumse Watermolen nog over.

Wenumse Watermolen

Voor de molen ligt de wijerd, deze plas werd gebruikt voor de aandrijving van de molen. De route leidt me erlangs. De eerste en voorlopige laatste wandelaar die ik er tegenkom heeft een bos gras in zijn handen. Ontbijt voor de konijnen? Ik loop over kleine wegen en paden richting landgoed De Kopermolen. Onderweg kom ik grote huizen en veel uitbundig bloeiende rododendrons tegen.

Landgoed De Kopermolen was vroeger een stuk uitgestrekter. Het heette toen De Rotterdamse Kopermolen, in 1627 ontstaan na de bouw van een papiermolen aan de Wenumse Beek. Een Rotterdamse scheepsreder bouwde de molen om tot kopermolen. Ook de wijerd behoorde tot dit landgoed.

Landgoed De Kopermolen

Ik loop langs beken en bosweggetjes en twijfel bij een markering die naar een oprit wijst. Het pad blijkt daar toch door te lopen. Ik kan me voorstellen dat ik niet de eerste ben die daar nog even de klompenpaden-app raadpleegt, just to be sure dat je niet iemands tuin in loopt. Ik wandel langs weides waar de bermen vol staan met fluitenkruid en boterbloemen. De insecten vliegen af en aan. De vogels kwetteren en ik kom geen mens tegen. Heerlijk.

Bij Landhuis De Ploeg lees ik in de app dat de Rotterdamse industrieel Louis Joseph Dobbelman die deze villa begin 19e eeuw liet bouwen juist om die reden naar Wiesel kwam. Het is een gebied “waar je de wind door de bomen kon horen ruisen, de vogels kon horen fluiten en waar de beek stroomde.”

Landhuis De Ploeg

De villa is niet het enige grote huis dat ik passeer. Langs de bosweggetjes staan stuk voor stuk indrukwekkende huizen, oud en nieuw staat door elkaar. Ook hier zijn de rododendrons in groten getale aanwezig. Het lijkt me heerlijk rustig wonen hier. Bij de Wieselse Enk, waar veel kleine eenmansenken waren (een enk is een hooggelegen veldje of akker), staat een authentiek ogende schaapskooi in het veld bij de Zandhegge. Het ligt er mooi bij, 100 jaar geleden kan het er net zo uitgezien hebben. Op een bankje verderop drink ik mijn koffie. De enkele fietser die langskomt, groet vriendelijk.

Schaapskooi op de Wieselse Enk

Na de koffie volg ik drie ruiters een klein paadje in. Een beek kruist mijn weg, de paarden stappen er doorheen, ik maak gebruik van de stapstenen. Tussen weides met nog veel meer paarden door kom ik op een lange asfaltweg terecht. In de verte zie ik de Oranjemolen liggen, een windkorenmolen.

Gelukkig lagen er stapstenen in de beek

In de meest rechter lus loop ik tegen de Grift en het Apeldoorns Kanaal aan. Bekend terrein, hier loopt het Kopermolenpad een stukje gelijk op met het Holhorsterpad dat ik in januari liep. Ik herken het karakteristieke bruggetje dat er nu, 5 maanden later, met al dat groen, misschien nog wel mooier bij ligt.

Bruggetje waar het Holhorsterpad en het Kopermolenpad overheen gaan

De Wenumse Watermolen is nu niet ver meer. Ik volg nog een stuk fietspad dat vroeger het tracé van een spoorlijn was van Dieren naar Zwolle. Dit tracé kwam ik bij andere klompenpaden ook al tegen. Een klein, mooi gelegen paadje langs de Wenumse Beek brengt me naar de achterkant van de watermolen waar het waterrad zit.

Laatste paadje naar de Wenumse Watermolen
Wenumse Watermolen

Ik ben weer terug waar ik begon. Er staan wat meer auto’s op de parkeerplaats, maar druk is het niet. Misschien dat het grijze weer de mensen tegenhoudt. De zon is helaas niet tevoorschijn gekomen. Desondanks was dit een prachtige wandeling. Zeker in deze tijd van het jaar waarin alles bloeit en kwettert.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Tuylermarkerpad: rust en ruimte in het buitengebied van Terwolde

Route: Klompenpad Tuylermarkerpad
Afstand: 11 km
Start: Cosmas en Damianuskerk, Molenweg 2 Terwolde
Eind: Cosmas en Damianuskerk, Molenweg 2 Terwolde

Cosmas en Damianuskerk Terwolde

Onderweg naar Terwolde worden de druppels op mijn voorruit steeds talrijker. In Terwolde miezert het een beetje. Geen reden om mijn wandelplannen te wijzigen. Ik parkeer mijn auto op een rustige parkeerplaats bij de indrukwekkende 14e eeuwse Cosmas en Damianuskerk. Op dit punt starten twee Klompenpaden: het Tuylermarkerpad en het Woldermarkerpad. Ik loop vandaag de eerste. De klompenpadensite belooft een wandeling over boerenerven, schouwpaden en historische wegen en een sfeer die wordt bepaald door rust, ruimte en het IJssellandschap.

Er bloeit veel onderweg

De route bestaat uit twee lussen. Ik besluit beide met de klok mee te lopen. Na een aanloopje over de Dorpsstraat vanuit Terwolde kom ik op de eerste lus. Na enige bebouwing loop ik al snel over kleine paadjes langs weilanden en sloten. Ook heb ik mijn eerste overstapjes over hekken en prikkeldraad te pakken. Vanaf een smal paadje met knotwilgen zie ik in de verte het gemaal mr. A.C. van der Feltz liggen. Vanaf 1916 stond hier een stoomgemaal dat nu in gebruik is als woonhuis. Ernaast staat het huidige gemaal uit 1951. Het is vernoemd naar een dijkgraaf van polderdistrict Veluwe.

Gemaal mr. A.C. van der Feltz

Langs weiden en over onverharde wegen loop ik naar de tweede lus. Het natte gras staat hoog en binnen de kortste keren zijn mijn schoenen en de onderkant van mijn broek doorweekt. Gelukkig zijn de schoenen waterdicht. Ik volg braaf een markering met een pijl naar rechts maar mis de pijl naar links er vlak na. Gelukkig is de omweg niet al te groot. De tweede lus brengt me op de IJsseldijk. De eigenlijke route loopt door de uiterwaarden, maar in verband met het broedseizoen blijf ik nu de Bandijk volgen. Ik heb een mooi uitzicht op Deventer aan de andere kant van de IJssel.

De Bandijk met aan de overkant Deventer

Op een grote steen in de buurt van ’t Nieuwe Diekhuus staat vermeld dat de schilder Ruysdael vanaf precies deze plek de IJssel heeft geschilderd. Het bordje nodigt de voorbijganger uit om zelf ook het penseel of potlood ter hand te nemen. Ik laat deze kans even aan mij voorbijgaan. Op het naastgelegen bankje geniet ik van mijn koffie met Ruysdaels uitzicht.

Het uitzicht van Ruysdael

Langs een mooie boerderij verscholen in het groen loop ik over kleine paadjes langs akkers en weiden, over bruggetjes, langs een aantal kunstzinnige immense insecten op oude boerenkarren en door een boomgaard terug naar waar ik de tweede lus begon. Het land wordt druk bemest en de trekkers met aanhanger rijden af en aan. Op de weg waar ik loop moet ik meerdere keren de berm in om een trekker te laten passeren.

Boerderij in het groen
Kunstzinnige insecten

Over asfaltwegen en kleine paadjes langs een sloot loop ik geleidelijk terug naar Terwolde. Het begint harder te regenen en bij een bankje doe ik mijn regenhoes om mijn rugzak. Als ik opkijk zie ik bij het Toevoerkanaal twee mannen vissen. Blijkbaar heeft een van de twee een goede vangst gedaan. Breed lachend poseert hij voor de foto. De route leidt me langs de Terwoldsche Wetering en via kleine paadjes weer terug naar Terwolde.

Aan leuke paadjes geen gebrek

In Terwolde is de Coop tegenover de kerk opengegaan. Het ingeslapen dorp van vanmorgen is een stuk levendiger geworden. Wat een verschil met de rust en ruimte van het IJssellandschap. Het was goed toeven in het buitengebied van Terwolde, waar alles nu weelderig groen is en allerhande bloemen in bloei staan. Op Instagram reageert iemand op mijn foto’s van deze wandeling: “Fijn als zelfs miezer de schoonheid van een pad blijft tonen.” Ze heeft helemaal gelijk. Dat zegt veel over het pad.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Bekbergerpad: glooiende enken en oude bossen

Route: Klompenpad Bekbergerpad
Afstand: 13 km
Start: De Ruitersmolen, Tullekensmolenweg 47 in Beekbergen
Eind: De Ruitersmolen, Tullekensmolenweg 47 in Beekbergen

Op een zonnige woensdagochtend blijken mijn man en ik beide vrij te zijn. We grijpen onze kans om een van de klompenpaden op de Veluwe te wandelen, die in de weekenden druk belopen zijn. We kiezen voor het Bekbergerpad. Geen verkeerde keuze, zo blijkt.

We zijn vroeg en parkeren om kwart over acht de auto bij de Ruitersmolen. Schilders zijn al druk in de weer bij deze eeuwenoude graanmolen, van oorsprong een papiermolen. In de jaren 80 is de toen zwaar vervallen molen opgeknapt en sindsdien draait het waterrad weer in de Oude Beek. De schildersteigers maken de foto toch iets minder spectaculair.

Waterrad van de Ruitersmolen met steigers

We besluiten de route met de klok mee te lopen. Langs een houten watermolenrad die al lange tijd geen dienst meer lijkt te doen, komen we al snel op de eerste akkers uit. Er ligt nog rijp op van de koude nacht. Via kleine weggetjes en een SRV winkel (het is lang geleden dat ik een SRV wagen zag rijden!) ontvouwt zich voor ons een weids uitzicht. Glooiende akkers zover het oog strekt. Een prachtig gezicht met die zon erbij.

De route leidt ons over een klein pad dwars over de akkers. We zijn de enige wandelaars op deze doordeweekse ochtend. In de verte zien we een hondenuitlater voortsjokken. Aan de rand van de akker staat een bankje in de zon met een prachtig uitzicht. Hoewel we er net een paar kilometer op hebben zitten, houden we ons aan onze stelregel: ‘maak gebruik van mooie bankjes, je weet niet wanneer en of er een volgende komt’. Met een kopje koffie genieten we van het landschap.

Leuke paadjes over uitgestrekte akkers

Hierna duikt de route de oude Veluwse bossen in. De paden stijgen en dalen licht. Uit de verte zien we het voormalig sanatorium Immendaal voor TBC-patiënten uit Rotterdam. Tegenwoordig heeft het gebouw nog steeds een verpleegfunctie. Ook de andere gebouwen die we tegenkomen lijken onderdeel te zijn van een zorgorganisatie. Het ligt er mooi, zo in de bossen.

Voormalig sanitorium Immendaal

Via Villa Grafzicht, met inderdaad zicht op een boomrijke begraafplaats en langs tennisbanen, waar druk getennist wordt door Beekbergse senioren, lopen we de plaats in. De Nederlands hervormde kerk uit de 15e en 16e eeuw waar we langslopen is het oudste bestaande gebouw in de gemeente.

Nederlands hervormde kerk Beekbergen

Aan de rand van de bebouwing staat een monument voor de exodus uit Arnhem die op gang kwam door Operatie Market Garden in september 1944. Deze militaire operatie, bedoeld om strategische bruggen op Nederlands grondgebied te veroveren, mislukte. Arnhem bleek een brug te ver. 95.000 mensen uit Arnhem en omgeving sloegen op de vlucht, o.a. richting Apeldoorn en omgeving. Om aan geallieerde vliegtuigen duidelijk te maken dat ze vluchtelingen waren, hadden zij witte doeken bij zich. Helaas werkte dit niet altijd. Bij een geallieerde luchtaanval bij Beekbergen stierven tientallen vluchtelingen. Het monument herdenkt de mensen die op de vlucht sloegen, maar ook de mensen die hen opvingen.

Monument voor de exodus uit Arnhem

We lopen de enk (een hoog gelegen veld of akker) konijnenkamp op. We kijken uit over een uitgestrekt glooiend veld. Met de Hollandse lucht erboven is het een plaatje. Geleidelijk lopen we het bos weer in. Een turquoise houten huisje valt op. Het blijkt het voormalige tennishuisje bij de tennisbanen te zijn van kasteel Spelderholt, een landhuis uit 1908. De tennisbanen zijn al enige tijd verdwenen.

De enk konijnenkamp
Het tennishuisje bij kasteel Spelderholt

Over wederom een enk, de Engelanderenk, lopen we het bosgebied Bruggelen in. De Beekbergse enken behoren tot de oudste enken van Nederland. De glooiingen vinden hun oorsprong in een stuwwal die hier in de ijstijd is ontstaan. Het levert vele eeuwen later mooie plaatjes op.

Het pad slingert door het bos heen en brengt ons dicht bij de A1. We zien zelfs een tijdje de auto’s voorbijrazen. Het laatste stuk volgen we de Oude Beek die langs meerdere molens stroomt. Naast de Ruitersmolen waar we deze wandeling startten, stroomt de beek ook langs de Tullekensmolen. Het gebouw uit de 16e eeuw herbergde ooit een graanmolen, een papiermolen en een wasserij. Tegenwoordig is er een Ford-museum in gevestigd.

Tullekensmolen

Het laatste stukje van het pad is nog verrassend mooi. In de beek zien we de wolken weerspiegeld. Over kleine paadjes lopen we om de Ruitersmolen heen, passeren een hoop bankjes, een bijenkorf en veel speenkruid. Bij de auto aangekomen zijn we het er over eens dat we een prachtige wandeling hebben gelopen met veel afwisseling. Ons beide wacht een middag met werk, maar met zo’n ochtend is dat geen enkel probleem.

Oude Beek

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Vrijheijtpad: door het buitengebied van Elburg

Route: Klompenpad Vrijheijtpad
Afstand: 14 km (zonder verlenging 11 km)
Start: Havenkade 21 Elburg (parkeerplaats De oude Vos)
Eind: Havenkade 21 Elburg (parkeerplaats De oude Vos)

Vorig jaar liepen we het Eekterpad bij Oosterwolde. Bij Elburg waren toen net twee nieuwe Klompenpaden geopend, we wandelden een tijdje gelijk op met één van die twee: het Vrijheijtpad. Sinds die wandeling staat dit pad op mijn nog-te-wandelen lijstje. Op een vroege zondagochtend met af en toe een buitje is het zover.

Op een parkeerplaats bij de haven zetten we de auto neer en doen onze wandelschoenen aan. Een hondenuitlater komt aanlopen en begint een praatje. Hij gaat ervan uit dat we vissers zijn. Dat we niet in het groen gekleed zijn, geen hengels of een enorme paraplu bij ons hebben, doet niets af aan zijn beeld. We wijzen op onze rugzakken en wandelschoenen en dan valt het kwartje pas. Als we van de parkeerplaats naar het beginpunt van het pad lopen, begrijpen we waarom hij die associatie had. In de haven zijn op deze vroege zondagochtend veel vissers te vinden die vast hun auto’s op dezelfde parkeerplaats hebben gezet.

Een van de stadspoorten van Elburg

We lopen de route met de klok mee. Dat betekent dat we eerst een stukje stadswal meepakken. Deze wandeling komt niet binnen de stadsmuren van het oude vestingstadje. Voor ons geen probleem. Elburg kennen we van o.a. het Westerborkpad. Voor wie de stad niet kent, maak aan het einde van je wandeling zeker even een rondje door het oude centrum. Het is de moeite waard.

Grote of Sint-Nicolaaskerk

Met zicht op de stompe toren van de Grote of Sint-Nicolaaskerk verlaten we de stadswal en worden meteen een drassig weiland ingeleid. Over zeven bruggetjes (het pad heet ‘De zeuven vondertjes’) lopen we naar De Vrijheid, een wijk van Elburg en tevens naamgever van dit pad. In de 14e eeuw lagen hier twee buurtschappen met dezelfde naam: De Groote Vrijheid en De Kleine Vrijheid. Een Vryheit is het rechtsgebied dat tot de stad behoort.

Over de Tempelweg verlaten we de stad. Op het onverharde pad, geflankeerd door wilgen kwetteren de vogels naar hartenlust. Hier en daar zien we de eerste blaadjes voorzichtig verschijnen. De lente komt eraan. We komen uit op de Melksteeg. Over deze smalle weg liepen boeren vroeger naar de graslanden in de polder om daar hun koeien te melken.

Tempelweg

Langs een bijenhouder die eigen honing verkoopt en gratis onkruid aanbiedt (wel zelf plukken), komen we in de buurt van Oosterwolde. Hier zien we de markering van het bekende Eekterpad en lopen een tijdje gelijk op. Als we Oostendorp naderen slaan we af voor de routeverlenger die ons via een klein paadje langs een industrieterrein naar Landgoed Zwaluwenburg brengt. Het landhuis stamt uit 1728 en wordt beschouwd als een van de fraaiste 18e-eeuwse landhuizen van Gelderland.

Zwaluwenburg

Dit is bekend terrein, het Westerborkpad loopt hier ook en als we later neerstrijken op een bankje in de Dr. A. Vogeltuinen (vrij toegankelijk) denk ik terug aan de Groene Wissel die ik hier jaren geleden liep. De wandeling werd toen begeleid door harde knallen van het nabijgelegen militaire oefenterrein. Vandaag is het stil. De kruiden en planten die hier op ecologische wijze worden gekweekt moeten nog uit hun winterslaap komen, op enkele narcissen en helleborussen na. Over een paar maanden ziet het er hier heel anders uit.

Dr. A. Vogeltuinen

Via Landgoed Schouwenburg, waar koningin Juliana regelmatig logeerde bij haar hofdame Jacoba Catharina van Sytzama, komen we op echt boerenland uit. Op het drassige weiland proberen we zoveel mogelijk de modder en mest te omzeilen. Langs een sloot en door een paardenweide is dit een uitdaging. Met bemodderde schoenen komen we op een asfaltweg uit die ons weer naar Oostendorp leidt.

We lopen een stukje langs de Zuiderzeestraatweg om vervolgens over een klein paadje langs sportvelden weer richting Elburg vesting te slingeren. We blijven aan de overkant van het water lopen en met een bocht om de vesting heen komen we weer bij de haven uit. Het aantal vissers is flink toegenomen en ook het publiek is danig gegroeid. Dagjesmensen blijven staan, locals kijken toe, half hangend op hun fietsen.

Zuiderzeestraatweg

Op de klompenpadensite zijn de meningen verdeeld over dit pad. Vooral het stuk langs de Zuiderzeestraatweg wordt als teleurstellend ervaren. Wij kijken terug op een mooie afwisselende wandeling. Onverwachte paadjes door weilanden met leuke bruggetjes worden afgewisseld met kleine plattelandsweggetjes, verschillende landgoederen en inderdaad een drukke weg. Wij liepen er op zondagochtend. Toen was die weg waarschijnlijk lang niet zo druk als anders. Het is echter een klein gedeelte van de route. Als ik thuis mijn bemodderde schoenen uit de auto haal, is het zeker niet de drukke weg waar ik als eerste aan denk.

Leuke paadjes en overstapjes

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Klompenmakerspad: Oene in de mist

Route: Klompenpad Klompenmakerspad
Afstand: 11 km
Start: Café Restaurant Dorpszicht, Dorpsstraat 10 Oene
Eind: Café Restaurant Dorpszicht, Dorpsstraat 10 Oene

Het Klompenmakerspad: het klinkt als het klompenpad der klompenpaden. In werkelijkheid is het een ode aan Oene, van oudsher een klompenmakersdorp en het startpunt van dit pad. De vele klompen onderweg aan paaltjes, op borden en in rekken laten je dit niet vergeten.

Een echt klompenmakerspad

Het is nog voor negenen op een zondagochtend als wij onze auto parkeren op een verlaten parkeerplaats bij het café midden in het dorp. Het is mistig en stil. Met de hoop op een zonnetje keren wij het café de rug toe en volgen de rode klompjes, de bordjes ‘Welkom’ en ‘Zet hem op!’ richting de kerk.

Kerk Oene

We lopen over de Houtweg, een naam die herinnert aan de klompenmakerij. Langs de weg staan rijen populieren die op grote schaal werden aangeplant om er klompen van te kunnen maken. In 1900 telde Oene ruim 70 klompenmakers, rond 1923 nog 30. Heden ten dage is er geen enkele klompenmaker meer over in het dorp.

Een enthousiaste bewoner

Na het begroeten van een enthousiast varken lopen we de Stroombreeddijk op, een dijk langs de Stroombreed en blijven dit onverharde pad lange tijd volgen. Door de mist zien we weinig. Af en toe doemen de vage contouren van hoogspanningsmasten, bomen en een reiger op. En dan is daar opeens een reuzeknijper.

Stroombreeddijk

De grote broer van de knijper waar je normaal gesproken je was mee ophangt, draagt de tekst ‘knijp er eens tussenuit!’ en dat is precies wat we deze ochtend aan het doen zijn. Mijn medewandelaar probeert de knijper uit door op het uiteinde al zijn gewicht in de strijd te werpen. De reuzeknijper blijkt uitstekend te werken. Het wasgoed kan zo aan de hoogspanningskabel gehangen worden, zoals mijn zwager suggereert via de familie-app, na het zien van onze foto.

Reuzeknijper

In de grijsheid om ons heen is nog best wel wat te zien. Zo komen we langs een monument voor de bemanning van een Engelse bommenwerper die op deze plek in juni 1944 werd neergeschoten. Bij het verlaten van de Stroombreed bij de Vloeddijk passeren we een monumentale sluis. De keersluis moest bij hoog water het water uit de IJssel keren om de ontgonnen gronden erachter te beschermen.

Monumentale sluis

Door weilanden en over stille weggetjes komen we langs een indrukwekkende boerderij met de veelzeggende naam Landmans Welvaren. Zoals wel meer IJsselhoeven staat het voorhuis met rieten dak dwars op het achterste gedeelte, waar de koeienstal met deel was.

Landmans Welvaren

Tot nu toe waren we geen andere mensen tegengekomen. De zondagse koude mist nodigt niet direct uit tot een wandelingetje. Als we echter op een bankje neerstrijken voor een warme kop koffie lijkt Oene en omstreken wakker te zijn geworden. Hardlopers, wielrenners, wandelaars en hondenuitlaters komen vriendelijk groetend voorbij.

Na de koffie komen we via weilandpaadjes uit op het terrein van een aardbeienkweker. Gerrit en Trijnie Bronsink lijken een groot bedrijf te hebben met aanzienlijke kassen maar ook een terras en een winkel. Nu is alles gesloten, maar voor de klompenpadwandelaar in aardbeientijd lijkt me dit een uitstekende stop. Dit is overigens niet de eerste kwekerij die we tegenkomen op deze route. Het pad loopt langs allerhande kwekerijen maar ook diverse malen eroverheen. Dat is het leuke van de klompenpaden, ze brengen je op plekken waar je anders niet komt.

Aardbeienkwekerij

Gezellig pratend volgen we de markering totdat ik de app er weer bij pak. We hadden de routeverlenger willen doen die de totale afstand op 14 kilometer zou brengen, maar zijn de afslag zonder het te beseffen voorbijgelopen. De routeverkorters op dit pad zijn niet gemarkeerd, maar de routeverlenger dus ook niet. Mocht je de route willen verkorten of verlengen, hou dan de app erbij. Dit pad is overigens één richting op gemarkeerd en wordt onderhouden door de cliënten van een zorgorganisatie uit Oene. De hoofdroute zelf is goed voorzien van rode klompjes.

Mijn medewandelaar vindt het niet erg om de verlenging over te slaan en we besluiten door te lopen naar de auto. Voordeel is wel dat we nu langs boerderij ’t Klooster komen waar het in het begin van de 20ste eeuw afgebroken klooster Nazareth stond. De vrouwen die dit klooster ingingen legden geen kloostergelofte af en namen hun bezittingen mee. Hun hogere doel was het verzorgen van de wezen.

Boerderij ’t Klooster

Bij de parkeerplaats blijkt het aantal auto’s vervierdubbeld. Een wandelaar die bij het klompenpadenbord de route bekijkt, vraagt met enige verbazing of wij al weer klaar zijn. “Jazeker”, is ons antwoord, “en het was lekker rustig”. Hoofdschuddend om van die vroege opstaanders op de zondag, loopt hij samen met zijn vrouw richting de rode klompjes en de bordjes ‘Welkom’ en ‘Zet hem op!’.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Holhorsterpad: een pad vol tegenstellingen

Route: Klompenpad Holhorsterpad
Afstand: 11 km
Start: Dorpshuis, Beemterweg 25A, Beemte Broekland
Eind: Dorpshuis, Beemterweg 25A, Beemte Broekland

Hoewel de weersvoorspellingen niet geweldig zijn, willen we er deze ochtend toch even uit. Het wordt het korte Klompenpad Holhosterpad. De reacties in het gastenboek op de Klompenpadensite zijn voor dit pad wisselend. De ene wandelaar vindt (het geluid van) de snelweg een afknapper, de ander prijst juist de routemakers die de leuke kleine paadjes door de natuurgebieden hebben gezocht. Het maakt me nieuwsgierig.

Het is net licht en miezerig weer als we de auto bij het dorpshuis in Beemte parkeren. Dit dorp van 300 inwoners ligt net boven Apeldoorn en behoort tot de kern Beemte Broekland. In 2018 is het nog tot mooiste plaats van Gelderland verkozen. Met dit donkere, grijze weer kunnen we ons daar nu weinig bij voorstellen.

Mooiste plaats van Gelderland

We verlaten het dorp en komen al snel tussen het Apeldoorns Kanaal en de Grift te lopen. Deze laatste is een in de 14e eeuw gegraven vaart van Apeldoorn naar Heerde. Het voert het water van de beken en sprengen af waar ooit veel papiermolens langs stonden (op het niet ver hier vandaan gelegen Horsthoekerpad bij Heerde loop je zelfs nog langs zo’n voormalige papiermolen). In de Grift komt de Papagaaibeek uit. Ook loopt er een Papagaaiweg. Beide namen voeren terug naar Hoeve de Papagaai. De oorspronkelijke boerderij uit 1700 staat er niet meer, maar een herbouwde versie draagt dezelfde naam en staat er nu nog steeds.

Leuke bruggetjes

Over een mooi ambachtelijk ogend bruggetje steken we het water over en lopen over kleine weggetjes naar een Apeldoorns industrieterrein. Vlak voor een grote weg hebben we twee mogelijkheden, een voor natte en een voor droge tijden. Hoewel deze ochtend geenszins droog te noemen is, nemen we toch het droge tijden-paadje. Door de modder lopen we door een brede houtwal en zien puttertjes, winterkoninkjes en een goudvink. Ons schoeisel is gelukkig modderproof.

Na een drukke weg overgestoken te hebben, lopen we over een klein paadje langs het industrieterrein. Het Apeldoorns Kanaal ligt aan onze linkerhand. We nemen wat afslagen, komen nog meer bedrijven tegen en lijken dan weer de stad uit te lopen. Aan het wolvenbos zien we een aantal onverwachte boerderijen. De geluidswal denken we even weg, evenals het geluid van de Oost-Veluweweg en een hoog kantoorgebouw dat we ettelijke kilometers blijven zien. Het is een vreemde gewaarwording, deze plattelandsbeleving midden in de bedrijvigheid. Ik vraag me af hoe de bewoners het hier vinden.

Tegenstelling platteland en stad

We lopen door een jong bosje met veel water. Dit stukje natuur heeft de gemeente Apeldoorn ontwikkeld als compensatie voor de uitbreiding van het bedrijventerrein vlakbij. Drassige weilanden volgen en we komen op de Holhorsterweg uit. Holhorst is een oud gebied in Beemte Broekland (en de naamgever van het Klompenpad). Een horst duidde een met bomen begroeide hoogte in een laag gebied aan. Aan de Holhorsterweg stonden ooit twee boerderijen met de naam Holhorst, waarvan er nu nog één terug te vinden is.

Nieuwe, enigszins drassige natuur

We gaan onder de Oost-Veluweweg door via een tunnel vol mooie street art. 15 street art en graffiti kunstenaars hielden in augustus 2020 een zogenaamde jam met het thema natuur. Dat zie je goed terug op deze Laan van Zodiak. Mijn eerste Klompenpad met street art!

Street art Laan van Zodiak

We kruisen de A50 en komen in de Weteringse Broek uit, een agrarisch natuurontwikkelingsproject waar veel knobbelzwanen voorkomen. Wandelaars waarschuwden op de Klompenpadensite voor modder op dit pad. Ze hebben niks teveel gezegd. In dit natte gebied met akkers, graslanden en water van het Apeldoorns Kanaal, de Grift en de weteringen ploegen we door de modder en is het pad af en toe verdwenen onder een laag water. Laarzen of hoge waterdichte wandelschoenen zijn aan te bevelen in deze natte jaargetijden.

Weteringse Broek

Nadat we wederom de A50 kruisen is het niet ver meer naar het startpunt in Beemte. We concluderen dat dit niet één van de mooiste Klompenpaden is, maar wel een bijzondere. De tegenstelling tussen natuur en snelweg, kleine paadjes en industrieterrein is enorm. Op de achtergrond is tijdens een groot deel van de wandeling het continue gezoem van grote wegen aanwezig. Dit is ook Nederland. Complimenten aan de routemakers dat ze in deze stedelijke omgeving toch nog de natuur en de leuke paadjes hebben weten te vinden.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Loobrinkerpad: door Kievitsveld en Vossenbroek

Route: Klompenpad Loobrinkerpad
Afstand: 10 km
Start: Dorpshuis De Hezebrink, Ds. van Rhijnstraat 69, Emst
Eind: Dorpshuis De Hezebrink, Ds. van Rhijnstraat 69, Emst

Het is nog schemerig als ik aankom bij het dorpshuis in Emst. Ik had de zonsopgang vanmorgen iets te enthousiast ingeschat. Er wordt sneeuw en gladheid voorspeld vanmiddag, daarom ben ik al vroeg uit de veren. Een maand geleden stond ik hier ook. Er beginnen hier namelijk twee Klompenpaden. In december liep ik het Schaverensepad, westelijk van Emst. Vanochtend staat het Loobrinkerpad op het programma, aan de oostkant van het dorp. Het buurtschap Loobrink is de naamgever van dit pad.

Het is stil in Emst. Al snel ben ik het dorp uit en loop over kleine weggetjes naar de Smallertsweg. In de verte zie ik een hoop mensen en een aantal retro bushokjes. Is het een motorcross, een dorpsfeest, een busstation? Ik kom niet dichtbij genoeg om er een goede blik op te werpen, maar de Klompenpaden-app geeft het antwoord. Hier zit een forellenkwekerij met visvijvers. Wat ik daar zie zijn vissers die al vroeg in de kou, in een bushokje, aan het vissen zijn. Zij liever dan ik!

Even later loop ik langs de parkeerplaats. Borden maken duidelijk dat hier naast visvijvers ook een speelpark, horeca en een kaarsenmakerij zit. Een plek voor een dagje uit. Hoewel in deze tijden van lockdown waarschijnlijk alleen de visvijvers open zijn. Het ligt aan de Smallertsebeek, aangelegd voor de papierindustrie. Een naam die ik bij het Schaverensepad ook al tegenkwam.

Smallertsebeek

Na enig gezigzag kom ik in Recreatiegebied Kievitsveld uit. Ik loop langs verschillende plassen, sommige al rond 1900 aangelegd als kweekvijvers, andere zijn bij de aanleg van de A50 ontstaan door zandwinning. De Smallertse plas is de grootste en uitgerust met een waterskibaan. Op een paar hondenuitlaters is het er verlaten. Meerkoeten en aalscholvers hebben de plas voor zichzelf.

Smallertse plas

In het gastenboek op de Klompenpadensite wordt bij dit pad gewaarschuwd voor modder. Daarom heb ik vanochtend mijn lage wandelschoenen verruild voor mijn bergschoenen. Dat blijkt geen verkeerde keuze. Het pad naar de plassen is knap modderig, maar ook de route die volgt door natuurgebied Het Vossenbroek vormt een modderige uitdaging.

Modder in Het Vossenbroek

Het natuurgebied wordt doorsneden door de A50, die ook duidelijk te horen en af en toe te zien is. Het is geen wonder dat het er modderig is. Het gebied ligt laag, water kan niet weg en er komt kwelwater uit de Veluwe aan het oppervlak. In andere jaargetijden bloeien hier bijzondere planten. Ook is er een elzenbroekbos, vrij zeldzaam in Nederland. Zoals wandelblogger Klaske de Jong mij op Instagram aanraadt: hier moet ik in de lente of de zomer nog maar eens terugkomen.

Door afwisselend open en bosrijk landschap loop ik weer richting Emst. Het Loobrinkerpad loopt een stukje op met het tracé van het voormalig baronnenlijntje van Apeldoorn naar Hattem. Er ligt nu een fietspad, de straat heeft de toepasselijke naam ‘Spoorstraat’. Oorspronkelijk liep het spoor van Apeldoorn naar Paleis het Loo waar koning Willem III woonde. In 1886 werpt de lobby van een paar adellijke burgemeesters (vandaar de naam ‘baronnenlijntje’) zijn vruchten af en wordt de lijn doorgetrokken naar Hattem. Tot in 1950 werden er personen vervoerd op het lijntje.

Spoorstraat

Vlak voor Emst kom ik op de route die ik een paar uur daarvoor ook liep. Het is nog een klein stukje naar het dorpshuis waar de bronzen jongen nog steeds verdiept is in een spelletje mens-erger-je-niet (zie mijn wandelverslag van het Schaverensepad voor een toelichting). In tegenstelling tot vorige keer is het niet beduidend drukker geworden. Onderweg heb ik ook slechts één wandelaar gezien. Zou de sneeuwvoorspelling de mensen binnen hebben gehouden? Of is het de vroege zaterdagochtend?

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Horsthoekerpad: over heideveld en langs sprengen

Route: Klompenpad Horsthoekerpad
Afstand: 17 km (15 km zonder routeverlenger)
Start: Parkeerplaats Uitspanning de Schaapskooi, Elburgerweg 31 Heerde
Eind: Parkeerplaats Uitspanning de Schaapskooi, Elburgerweg 31 Heerde

De Renderklippen kom ik regelmatig tegen op Instagram. De meest mooie foto’s komen voorbij van de glooiende uitgestrekte heidevelden tussen Heerde en Epe. Al dan niet met schapen. Het is een van de gebieden in Nederland waar het ’s nachts nog echt donker is, door de ligging ver van steden. Hoog tijd om zelf het gebied te verkennen. Een korte zoektocht leert dat er een Klompenpad door het gebied loopt. De keuze is snel gemaakt. Op de tweede dag van het jaar betreed ik bij het eerste daglicht op aanwijzing van twee rode klompjes de grote stille heide.

Alhoewel, stil kan ik het niet noemen. Ondanks de weinige auto’s op de parkeerplaats word ik na twee meter al gepasseerd door twee hardlopers, stap ik opzij voor een elektrische fietser en hoor ik in de verte het geblaf van meerdere honden. Ik loop langs de uitspanning die nu dicht is. Opvallend is dat er behalve fietsen ook paarden geparkeerd kunnen worden. Hoewel ik geen enkel paard tegenkom, blijkt bij terugkomst op de parkeerplaats deze niet alleen helemaal vol te staan met auto’s maar ook met meerdere paardentrailers. Blijkbaar is dit een goed gebied om paard te rijden.

Veluwse heideschapen

De heide is in mist gehuld, wat het een mysterieus tintje geeft. De schaapskudde van Veluwse heideschapen staat vandaag in een veld achter een hek bij de schaapskooi. De schaapshonden zitten in hun hokken en zijn van verre te horen. Ik besluit de twee kilometer lange routeverlenger te doen. Deze brengt me naar het pluizenmeer, genoemd naar het veenpluis dat hier vroeger stond. Eens was dit een schapenwasplaats. Zomers trekt dit water veel dieren aan, waaronder verschillende soorten libellen. Nu ligt het meertje er verlaten bij.

Pluizenmeer

Ik kom steeds meer hondenuitlaters tegen. De honden mogen hier loslopen. Nu ben ik geen groot fan van loslopende enthousiaste honden. Daarom wandel ik vandaag de route bewust tegen de klok in zodat ik eerst over de Renderklippen kom. Het plan was om de grote massa hondenuitlaters voor te zijn. Hoewel ik nu een stuk of 20 honden tegenkom, vermoed ik dat het vanmiddag nog een stuk drukker is. Iedereen groet vriendelijk, de honden rennen vrolijk voorbij.

Renderklippen in de mist

Ik beklim een paar heuvels die onderdeel zijn van de Veluwse stuwwal en duik dan het bos in. Naast de mist is het ook zachtjes gaan regenen. Ik ga ervan uit dat het slechts een buitje is en loop stevig door. In het bosgebied liggen meerdere sprengenbeken die je als wandelaar af en toe kruist over kleine houten bruggetjes. De Noordelijke, Middelste en Zuidelijke Horsthoekerbeek zijn aangelegd voor de papierindustrie.

Bruggetje over een sprengenbeek

Nadat ik – in inmiddels een stevige regen – bij buurtschap Horsthoek (de naamgever van het Klompenpad en de beken) een groot transferium en de A50 passeer, loop ik via kleine paadjes over boerenland naar een oorspronkelijke papiermolen aan de Noordelijke Horsthoekerbeek. Na 1840 ging het niet meer zo goed met het papier maken. Deze molen van Rakhorst is toen omgebouwd tot korenmolen.

Molen van Rakhorst, oorspronkelijk een papiermolen

Ik wandel langs akkers en door boomgaarden en geleidelijk wordt het droog. Op een nat bankje spreid ik een plastic zak uit en geniet van mijn warme koffie (lang leve de thermoskan!). Verder maar weer, naar het landgoed rondom Huize Bonenburg, een landhuis uit de 17e eeuw. Hier maakt het pad een lus langs het Apeldoorns Kanaal en door het bos om weer uit te komen aan de andere kant van het landhuis.

Huize Bonenburg

De route duikt hier Heerde in. Langs de randen van oudere en nieuwere woonwijken, waarvan sommige nog in aanbouw, slagen de routemakers erin veelal op onverharde paden te blijven. De uit één plank bestaande bruggetjes over sloten en natte gedeelten maken het uitdagend. Aan de rand van Heerde kom ik de eerste andere klompenpadwandelaars tegen. Voor mij is het nog een paar kilometer, zij zijn net begonnen.

Over planken, door boomgaarden en over boerenland

Via een viaduct over de A50 kom ik weer in het bos bij de Renderklippen terecht. Gezien de vele mountainbikesporen in de modder, lijken deze paden niet alleen door wandelaars gebruikt te worden. Ik zie echter vandaag geen enkele MTB-er. Wel twee paard en wagens die naast elkaar in volle draf voorbij komen. Een opmaat voor wat ik op de parkeerplaats bij de schaapskooi aantref. Verschillende mensen in paardrij-outfit zadelen hun paarden voor een frisse rit in een mooi gebied. Hier kom ik zeker nog een keer terug als de zon schijnt.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

2020 | Terugblik op mijn wandeljaar

Teutoburgerwald in januari tijdens de Teutoschleife Holperdorper

2020 was in meerdere opzichten een bijzonder jaar. Veel plannen gingen niet door. Maar er kwamen andere dingen voor in de plaats. Met name buitenactiviteiten zoals kanotochten, fietsritjes en wandelingen, heel veel wandelingen. In mijn veelal lege weekenden zocht ik in alle vroegte de natuur op. Ver weg van de mensenmassa’s ontdekte ik de schoonheid en het gemak van Klompenpaden, verkende nieuwe Groene Wissels en Trage Tochten en begon aan maar liefst twee nieuwe Streekpaden en één nieuwe Lange Afstandswandeling (LAW).

De ontdekking van de fiets-auto combinatie maakte de van A-naar-B wandelingen een stuk toegankelijker. Waarom ik dit niet eerder heb gedaan … Geen afhankelijkheid van openbaar vervoer dat in weekenden niet rijdt of op een bepaald traject überhaupt niet aanwezig is. Gewoon met de auto naar het eindpunt, op het fietsje naar het beginpunt, terug wandelen en dan de fiets ophalen. Dodelijk eenvoudig.

LAW’s

Het Marskramerpad bleef dit jaar bij één etappe. Ik loop dit pad samen met een vriendin die niet in de buurt woont en ons eerste wandelweekend was begin maart. Niet alleen gooide corona niet lang daarna roet in het eten, maar ook een Tweede Wereldoorlog bom maakte dat we onze tweede etappe van dat weekend niet konden lopen. We hopen in 2021 eindelijk Overijssel te kunnen verlaten om de Veluwe te ontdekken.

Het Pieterpad gaat voorspoedig en brengt me op mooie plekken, maar is nog lang niet klaar. De eerste etappe vanaf Pieterburen moet ik nog steeds lopen en hoop ik toch wel in 2021 te doen. Ook ligt Gelderland in de planning. Vanaf Holten gaat het nu eerst richting Laren. Ik ben heel benieuwd waar ik eind 2021 eindig.

Pionierspad: Uitzicht op de Bovenwijde bij Giethoorn

En dan het Pionierspad. Flevoland stond al een tijdje op het wandellijstje en het plan was om in 2021 met deze LAW door de polder te beginnen. In december lonkte het pad teveel en besloten we om toch al de eerste etappe te doen. Bij koud maar zonnig winterweer liepen we van Steenwijk naar een welhaast verlaten Giethoorn. Begin 2021 verder door De Wieden en op naar de polder.

Streekpaden

Het Salland Pad liep ik uit dit jaar. In 2018 begon ik in Olst met dit rondje door de gevarieerde natuur van Salland. Een kleine twee jaar en 130 km later stond ik weer in Olst. Toen door de coronamaatregelen de – toch al niet in het weekend rijdende – buurtbussen helemaal niet meer reden, bood de fiets-auto combinatie een goed alternatief. Het vrij onbekende pad vlecht de in het Wandelnetwerk Overijssel uitgezette rondjes aan elkaar tot een afwisselende grote ronde die wel wat meer bekendheid kan gebruiken.

Het Westerwoldepad kwam op mijn pad toen de geplande herfstvakantie naar Zwitserland niet doorging. In plaats van in de Alpen liepen we drie etappes door een verrassende streek van Groningen. Volgend jaar wil ik in een lang weekend de resterende etappes lopen door dit mooie gebied.

Westerwoldepad etappe 2

Het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad gaat in korte etappes, maar we hebben geen haast. Ik loop het met mijn moeder (en af en toe mijn vader). De noordelijke Friese Wouden zijn prachtig. Volgend jaar gaan we vanuit Buitenpost verder richting zuiden.

Het Graafschapspad lag in 2019 al in de planning en in januari en februari liepen we de eerste etappes. Ook hier bleek daarna openbaar vervoer in coronatijd een hindernis. In november togen we met auto en fiets naar de Achterhoek voor de derde en laatste etappe van dit jaar. Wellicht loop ik ‘m volgend jaar uit.

Rondwandelingen

Wezepsche Heide tijdens het Klompenpad Wiseperpad

Dit jaar heb ik veel meer rondwandelingen gelopen en beschreven dan andere jaren. Waar veel lege weekenden al niet goed voor zijn. De eerste dagen van het jaar liep ik in een ijzig en mistig Duitsland in het Teutoburgerwald en bij Bad Bentheim. In de zomer liep ik een Twentse Tocht van Truus Wijnen die in 2015 tot mooiste wandeling van het jaar werd bekroond. Ook wandelde ik mijn eerste (en zeker niet mijn laatste) Knapzakroute in Drenthe.

Naast een drietal prachtige Groene Wissels (zoals die van Odoorn en Markelo, beide in heuvelachtig gebied) liep ik maar liefst tien Trage Tochten. Ik ontdekte het prachtige Reestdal met de trage tochten Oud-Avereest en Ommerschans, liep te midden van dansende bomen op de Veluwe bij Drie en zag bij Oranjewoud een hele andere kant van Friesland.

Het aantal Klompenpaden overtrof de Trage Tochten. Het gemak van de markering en de klompenpaden-app met veel informatie maakte dat ik er twaalf liep dit jaar. Vooral het gebied tussen IJssel en Veluwe is me zeer goed bevallen. Zo genoot ik van het zonovergoten late voorjaar met het Fliertpad bij Twello en liep ik door paarse zeeën van bloeiende heide op de Tonnenberg bij Wapenveld op het Vosbergenpad. Maar ook in mijn eentje op de Wezepsche Heide (Wiseperpad) ‘s morgens vroeg in december was werkelijk adembenemend.

Alle Klompenpaden van 2020

Al met al kijk ik terug op een mooi wandeljaar. Ik liep meer dan anders, maar ik schreef ook veel meer over mijn wandelingen. Andere onderwerpen die normaal gesproken voorbij komen op dit blog vereisten OV-reizen, fietsvakanties, museumbezoeken, stedentripjes, etc. Helaas is dat er niet veel van gekomen. Hopelijk ziet 2021 er (in ieder geval deels) anders uit. En ach, anders bieden wandelingen een zeer goed alternatief.

Wat was jouw mooiste wandeling van 2020?