Winterslaap

Tientallen kilometers snelweg liggen nog voor hem. Misschien wel honderden. Op weg naar het noorden ziet hij de omgeving om zich heen veranderen. Een grijze wereld vouwt zich langzaam om hem heen. De verte wordt opgeslokt door het witte niets. De kale bomen zijn berijpt, aanschouwen zwijgend het langsrazende verkeer. De winter is begonnen.

De meeste campers staan inmiddels opgeborgen in hun winterstalling en zullen voor de lente geen daglicht meer zien. Na een laatste weekendje weg in een zonovergoten herfstweekend hebben ook de laatsten hun taak volbracht. Althans voor dit jaar. Opgeruimd en blinkend gepoetst maken zij zich op voor hun welverdiende winterslaap.

Een enkeling mag mee op avontuur. De winter door, het ijs trotserend. En de sneeuw. En rendieren als het mee zit. Wellicht een eland op zijn tijd. Uitgerust met winterbanden, sneeuwkettingen, een goedwerkende verwarming en ski’s binnen handbereik is hij op weg. De omgeving is veelbelovend. Hier al. Handenwrijvend tuurt de bestuurder in de verte. Hij heeft er zin in.

Een ander is vergeten en had al lang in de winterstalling moeten staan. Op de zaterdagmiddag voor Sinterklaas rijdt de eigenaar – op nadrukkelijk verzoek van zijn vrouw – de familiecamper naar de grote schuur van een boer, een plaats verderop. Was ik maar weer thuis, denkt hij, als hij de snelweg opdraait op de koude, mistige decembermiddag.

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Advertenties

Jacobspad etappe 11: Echten – Zwarte Dennen

Route: Jacobspad Uithuizen – Hasselt
Afstand: 19 km
Startpunt: Vakantiepark Westerbergen, Echten
Eindpunt: Parkeerplaats Zwarte Dennen, Punthorst

De Hoogeveense vaart als de zon nog schijnt

Op een echte herfstdag in november verzamelen we om 10 uur ’s ochtends op een modderige parkeerplaats in het bosgebied van de Zwarte Dennen. In één auto rijden we naar Vakantiepark Westerbergen, waar we vorig keer geëindigd zijn. Ditmaal zijn we met zijn vieren en beginnen vol goede moed aan deze etappe.

Nadat we de weg verlaten waar het Vakantiepark aan ligt, bevinden we ons al snel aan de Hoogeveense vaart, waar de wind vrij spel heeft. Aanvankelijk schijnt de zon nog volop, maar donkere luchten komen snel dichterbij en onvermijdelijk barst de bui los. Een van mijn medewandelaars is blij, want nu kan hij zijn nieuwe rode poncho testen. De zonnebril die hij opzette toen de zon scheen bij vertrek houdt hij op. Na enig geworstel met de poncho – niet geholpen door de windvlagen – heeft hij hem aan. Hij doet hem de rest van de wandeling niet meer uit. Volgens mij is de poncho goedgekeurd.

De befaamde poncho

Na een natte wandeling langs de vaart steken we via de Ossesluis het water over en komen op beschutter terrein terecht. De Leijenweg is omringd door bomen die de wind tegen houden. Als we onder de A28 doorlopen, is de regen gereduceerd tot enkele druppen. We slaan af en lopen over een fietspad het gehucht Eemten in. De zon is weer tevoorschijn gekomen en de bruinrode bladeren steken fel af tegen de donkere lucht.

Herfstkleuren in november in Eemten

Na het buurtschap Haalweide zien we De Wijk liggen. Via een zandpad – een geliefd paadje onder hondenliefhebbers, merken we – lopen we gedeeltelijk om de plaats heen. Als we afslaan naar het centrum, blijken er grote nesten in de bomen te zitten waar het pad onderdoor loopt. Welke vogels maken hier in het voorjaar weer gebruik van? Er is maar één manier om hier achter te komen.

De enorme nesten

Langs de molen lopen we over de dorpsstraat en strijken neer in een grand café om warm te worden en uiteraard voor de cappuccino. We hebben er 10 km op zitten, koffie gaat er wel in. We timen het net goed. Een fikse regenbui slaat tegen de ramen. Als we verder gaan, leidt de route ons De Wijk uit richting landgoed Dickninge. Het is een mooi pad langs de ijsbaan. De combinatie van zon en donkere luchten leveren prachtige foto’s op.

De ijsbaan bij landgoed Dickninge

Op de site van het Jacobspad stond vermeld dat de route nu om landgoed Dickninge heen loopt in plaats van eroverheen. De route is gedeeltelijk opnieuw bewegwijzerd. We zien geen omleiding maar volgen de bordjes en als die ontbreken slaan we op de gok af in de goede richting. Zonder omwegen komen we uit op de goede route. Zo kan het dus ook. We zijn de vorige etappe al meer dan genoeg verkeerd gelopen!

De Reest vormt de grens tussen Drenthe en Overijssel

Na het landgoed kruisen we het riviertje de Reest en lopen een nieuwe provincie in: Overijssel. De derde en tevens laatste provincie die we zien op het Jacobspad. Via Halfweg lopen we Boswachterij Staphorst in. We worden verrast. De zon laat de herfstbladeren mooi uitkomen en over afwisselend grotere en kleinere onverharde wegen komen we uit bij een meertje met een bankje. Een goede lunchplek besluiten we. De ganzen op het meer zwemmen ongestoord verder als wij ons brood tevoorschijn halen.

Lunch met uitzicht

Na de regenbuien van vanochtend was een bankje in de zon op zo’n plek niet iets wat ik direct verwacht had, maar dat is het leuke van wandelen. Verwacht het onverwachte! Na de lunch lopen we langs heidevelden, kruisen verschillende mountainbikepaden en komen compleet bemodderde mtb-ers tegen. Zij liever dan wij. Het is, ondanks de zon, knap koud.

Als we de recreatieplas Zwarte Dennen zien, weten we dat de auto niet ver meer is. Meer mensen zijn er nog even uitgegaan op deze onverwachts zonnige zondagmiddag. De paden zijn beduidend drukker dan vanochtend. Ook de parkeerplaats is een stuk voller. Met onze modderige schoenen stappen we voorzichtig in de auto en rijden terug naar Echten voor een laatste glimp Drenthe.

In december staat de laatste etappe op de planning. Vanaf de Zwarte Dennen lopen we dan naar Hasselt. Het eindpunt van de route die in januari in Noord-Groningen startte, in de sneeuw. Wie weet hoe de wereld er volgende maand uitziet…

Benieuwd naar de andere etappes van het Jacobspad Uithuizen – Hasselt? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Straatgedicht

Om mij heen is niets. Nou ja, niets … Er is een autoweg, een parkeerplaats, weilanden, water, bomen en rails voor zover het oog strekt. Ik wacht. Op een trein met vertraging. “De sprinter naar Amsterdam Centraal vertrekt over 10 minuten” schalt het over het perron. Het handjevol mensen om mij heen wacht geduldig. Op een kluitje onder het afdak. Schuilend tegen de wind en herfstregens.

Tegen de glazen wand van het tegenovergelegen perron strekt een blauw vlak zich uit. Er lijken tekens in te staan, of letters. Te ver weg om er chocola van te maken. Erachter liggen de weilanden. Mistroostig groen achter een blinkende vaart. Dan schuift een geel gevaarte tussen mij en de overkant.

Acht uur later ben ik terug. De grijze lucht hangt nog steeds boven de weilanden. Mensen spoeden zich voor mij de trap af richting parkeerplaats. Het perron is binnen enkele ogenblikken verlaten. Ik sta oog in oog met het blauwe vlak waar inderdaad letters in staan. Ze vormen een gedicht, verspreid over vier ramen. Het oktoberlicht valt door de letters heen. Het geeft de ‘Thuiskomst’ een sombere sfeer.

Dit gedicht van Ida Gerhardt hangt op station Kampen Zuid. Haar uit 1940 stammende woorden verwelkomen de Kampenaren die huiswaarts keren en de bezoekers die toevallig op het station belanden. Gevat in honderden regendruppels leest de stilstaande reiziger over een positieve boodschap die door het seizoen wordt tegengesproken.

Lente was een beter jaargetijde geweest voor dit gedicht, waarin de thuiskomst van de ik-persoon wordt beschreven. Na “zóveel bitt’re jaren” ontvangt de vrouw die in de tuin van het kleine huis aan de rivier aan het werk is, de ik-persoon. Het beschreven landschap met de rivier, het dijkland en de ruime wolkenvluchten zie ik, als ik – letterlijk – door het gedicht heen kijk. De functie en de omgeving van deze plek komen heel mooi samen in dit gedicht.

Wat een uitgelezen locatie voor straatpoëzie.

Thuiskomst

Dit is mijn droom- het kleine huis aan de rivier;
het rusteloze scheren van de zwaluw gaat er
langs dak en raam; de roodborst nestelt bij de vlier.
Een schip zeilt traag voorbij; de bel luidt over ’t water.

En als ik nader waar de dijk zich buigt door ’t land,
richt kort zich op die in de lage tuin gebogen
over de spade staat,-en met de vrije hand
weert zij het helle licht beschuttend van de ogen.

Hoe ken ik dit gebaar, hoe is het mij vertrouwd,
dit sterke opzien van wie daag’lijks naar de lucht en
het wiss’lend, open water turend, rustig oud
werd in dit dijkland en zijn ruime wolkenvluchten.

Er is een scherp herkennen van elkaar en
dan komt zij langs het smalle klinkerpad gelopen,-
maar keert nog terug en stoot de stroeve huisdeur open.
Dit ogenblik-wat tellen zóveel bitt’re jaren?

Ida Gerhardt
Uit: Kosmos
uitgever v/h C.A. Mees 1940

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Jacobspad etappe 10: Dwingelderveld – Echten

Route: Jacobspad Uithuizen – Hasselt
Afstand: 16 km
Startpunt: Bezoekerscentrum Dwingelderveld, Ruinen
Eindpunt: Vakantiepark Westerbergen, Echten

De Ruiner Aa in de herfst

Op de dag van de derde herfststorm van dit seizoen wandelen we alweer de tiende etappe van het Jacobspad. De voorspellingen zijn niet al te best maar, doorgewinterde wandelaars als we zijn, gaan we gewoon op pad. Uiteindelijk valt het altijd weer mee, is onze ervaring. En dat blijkt vandaag ook zeker het geval.

We zijn met zijn vijven, waaronder weer een nieuwe medewandelaar. Het Jacobspad wordt steeds populairder! We starten op de parkeerplaats van bezoekerscentrum Dwingelderveld. Begeleid door een paar pittige buien lopen we de weg af richting Ruinen, maar slaan al snel af op een fietspad dat ons langs molen De Zaandplatte voert.

Molen De Zaandplatte

Tegen de (op dat moment) blauwe lucht torent de molen boven ons uit. Ervoor zien we een bordje staan dat we nog niet eerder zagen. Het ANWB bordje markeert de kinderfietsroute Volg het Vossenspoor. ‘Opdracht’ staat eronder. Wat een leuk idee! Niet alleen kunnen kinderen hun eigen fietsroute volgen, ook zijn er opdrachten aan verbonden. Het blijkt voor kinderen van 6 tot 12 jaar te zijn. Bij de route hoort een speciaal boekje met verhalen, tekeningen en opdrachten. Op deze website vind je meer informatie.

Een fietsroute speciaal voor kinderen

Na de molen is Ruinen niet ver meer. Via Engeland lopen we het dorp binnen. Er zijn weinig mensen op straat en de horeca lijkt gesloten. Bij de Mariakerk blijkt het restaurant toch open te zijn. Hier genieten we van de bijna traditionele cappuccino met appeltaart. We zitten half buiten op een overdekt terras en krijgen zo nog een beetje een terrasgevoel, eind oktober. Heerlijk!

Na de koffie lopen we Ruinen uit. Langs de rand van het dorp vervolgen we onze weg, totdat we afslaan op het Rietepad. We steken we de Ruiner Aa over, wat mooie plaatjes oplevert. We lopen door Hees en buigen dan af naar Boswachterij Ruinen.

We naderen Boswachterij Ruinen

Als we de N375 oversteken staan we vrijwel gelijk in het bos. Op het kaartje lijkt de route zo simpel: alsmaar rechtdoor en dan het heideveld met watertje rechtsom nemen. In de praktijk blijkt dit toch niet zo gemakkelijk te zijn. Zoals wel vaker gebeurde afgelopen jaar in de bosrijke omgevingen op het Jacobspad, raken we wederom de weg kwijt. We denken dat we het heideveld met meertje nog wel gevonden hebben. We lunchen in ieder geval aan de oever van een idyllisch vennetje. Hier genieten we van het inmiddels traditionele lekkers dat een van de wandelaars elke etappe meeneemt. In dit geval was het overheerlijke baklava.

Als we weer verder lopen blijkt een paar meter van ons bankje het pad versperd door een slang. Nou ja, slangetje. Een hazelworm, concludeert een medewandelaar, maar de tekening op zijn rug doet ons toch twijfelen. We maken snel een foto en de slang in kwestie wordt later door de boswachter in het bezoekerscentrum Dwingelderveld geïdentificeerd als ringslang. Onze eerste slang tijdens het Jacobspad!

De slang in kwestie!

Na deze ontmoeting vervolgen we het pad, maar twijfelen over de juiste weg. Met behulp van de OsmAnd-app van een medewandelaar en de kompaskwaliteiten van een andere denken we de goede richting op te lopen, hoewel het ontbreken van de Jacobspadmarkering niet heel geruststellend is. We worstelen ons door een boom die dwars over de weg is gevallen en komen uiteindelijk uit bij de fietsvariant van het Jacobspad. We zitten in ieder geval weer op de route. Met wat meer kilometers in de benen dan gepland, komen we op het Commissaris Cramerpad de wandelvariant weer tegen. We zijn weer op de goede route. Over modderige paden vervolgen we het pad.

De wandelvariant gaat over modderige paden

Na de spoorwegovergang duiken we al snel weer het (voor vandaag laatste) bos in. Via allerlei opstapjes over prikkeldraad denken we het pad weer te vinden. Maar de markering blijkt al snel niet meer aanwezig. We zigzaggen door het bos over de met bladeren bedekte bodem in wat we denken dat de juiste richting is. Het eindpunt van deze etappe is vakantiepark Westerbergen en op een gegeven moment zien we inderdaad huisjes verschijnen. Maar ja, welke kant moeten we nu op? We gaan er maar vanuit dat de aflopende huisnummers ons wel naar de uitgang van het park leiden. Helaas blijkt dit niet het geval. Wederom biedt de OsmAnd-app uitkomst op dit toch best wel grote vakantiepark in het bos.

Het pad is nauwelijks te onderscheiden

Bij de parkeerplaats spreken we, onder het genot van de overgebleven baklava, de data af voor de laatste twee etappes van het Jacobspad. Als het goed is, komen we half december in Hasselt aan. Het einde komt in zicht!

Benieuwd naar de andere etappes van het Jacobspad Uithuizen – Hasselt? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 1: Amsterdam CS – Amsterdam Muiderpoort

Route: Westerborkpad
Afstand: 10 km
Startpunt: Station Amsterdam Centraal
Eindpunt: Station Amsterdam Muiderpoort

Een typisch Amsterdams plaatje op de Kloveniersburgwal

Aanleiding
Enkele maanden geleden liepen we met het Jacobspad langs Voormalig Kamp Westerbork en kwamen daar de markering tegen van een ander langeafstandspad. De blauw-rode (en de nieuwe rood-witte) bordjes met een gestileerd prikkeldraadstukje bleken te verwijzen naar het Westerborkpad. Een langeafstandswandeling die de route volgt die de Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog bij deportatie aflegden vanuit de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam naar Kamp Westerbork. Het pad is slechts één kant op gemarkeerd omdat er weinigen terugkwamen. Deze route langs historische sporen en gedenkplaatsen sprak ons aan en we bestelden het boekje.

Boekwinkel en stamcafé
Op een herfstige dag in oktober wandelen we de proloog en de eerste etappe zoals deze in het boekje staan. Ook de bijbehorende app hebben we op onze telefoon staan. Naast kaartjes van de verschillende etappes bevat de app ook geluidsfragmenten. Op bepaalde plekken wordt het verhaal bij die plek verteld. Wie woonden er, wat is er gebeurd, wat is hun verhaal? Na nog geen 100 meter na ons startpunt op Amsterdam CS is het eerste fragment al te beluisteren. We zetten het volume wat harder en wandelen al luisterend verder.

Bij Amsterdam horen natuurlijk de duiven

De route slaat af richting de grachten en we zien bekende namen als Brouwersgracht, Keizersgracht en Prinsengracht voorbijkomen. Zigzaggend doorkruisen we de grachtengordel en komen door kleine straatjes met leuke winkeltjes en koffiezaakjes die je eigenlijk zou moeten onthouden voor een volgende keer. Via het Anne Frank Huis, waar al een flinke rij staat en de Westertoren komen we uiteindelijk weer bij de Herengracht. Hier nemen we een klein omweggetje naar de American Book Center, een boekhandel waar ik altijd even langs ga als ik in Amsterdam ben. Dit keer heb ik een heel lijstje Engelse boektitels bij me, waarvan ik hoop er een paar te bemachtigen.

Een half uur later en helaas slechts één boek rijker, verlaten we de winkel en pikken de route weer op. Het is lunchtijd en we besluiten een broodje te eten bij het ‘stamcafé’ (Café de Jaren) van mijn medewandelaar die een tijdje in Amsterdam gestudeerd heeft. De buien die aanvankelijk nog meevallen volgen elkaar nu steeds sneller op. Een droog en warm onderkomen komt nu zeker als geroepen.

Bezienswaardigheden
Na de lunch in het oude, lichte pand vervolgen we onze route en komen door de Oudemanspoort waar slechts één boekenkraampje herinnert aan de grote boekenmarkt die hier anders staat. Langs het verzetsmonument en de Stopera, komen we bij het Waterlooplein uit. Nadat we de Dokwerker gepasseerd zijn, is het tijd voor onze volgende stop.

De Dokwerker aan het Jonas Daniël Meijerplein

We komen namelijk langs het Joods Historisch Museum, gevestigd in de Grote Synagoge. Sinds een paar dagen worden hier de schilderijen van Charlotte Salomon (1917-1943), een Joodse kunstenares uit Berlijn, geëxposeerd. Ik las vorige maand het boek Charlotte (2014) van David Foenkinos over haar leven en ben sindsdien benieuwd naar haar werk. Nu we er toch langs komen, kunnen we mooi e.e.a. combineren. Mijn indruk van de tentoonstelling lees je hier.

Het Joods Historisch Museum is gevestigd in de Grote Synagoge

Een bijzondere ervaring en een heerlijke (koosjere) amandelbolus rijker vervolgen we onze weg. We passeren de Portugese Synagoge, lopen langs Artis en het Auschwitzmonument en komen uit bij de Hollandsche Schouwburg, het einde van de proloog en het begin van de eerste etappe. Met ons ticket van het Joods Historisch Museum hebben we hier gratis toegang.

Het Auschwitzmonument (Spiegelmonument) in het Wertheimpark

We bezoeken de tentoonstelling en staan stil bij de enorme rij met achternamen van mensen die niet meer teruggekomen zijn. Dan komt het wel dichtbij. De mevrouw aan de balie pakt, als ze hoort dat we het Westerborkpad lopen, haar stempel en stempelkussen. Veel wandelaars willen graag een aandenken aan dit beginpunt van het Westerborkpad en ook in ons boekje prijkt nu een stempel.

De Hollandsche Schouwburg, officieel beginpunt van het Westerborkpad

Oosterpark en Transvaalbuurt
Na de Hollandsche Schouwburg komen we langs het Tropenmuseum en slaan af het Oosterpark in. De app blijkt achteraf een andere route te geven dan het boekje, maar het beeldje van de Titaantjes van Nescio maakt die weg ook de moeite waard. Hierna duikt de route de Transvaalbuurt in. Voor de Tweede Wereldoorlog kende deze wijk veel Joodse inwoners. In 1941 wordt de buurt aangewezen als ‘Judenviertel’ waardoor veel Joodse gezinnen noodgedwongen hier naartoe moesten verhuizen. Twee jaar later is het beeld compleet anders. Door razzia’s wonen er na juni 1943 nauwelijks nog Joden in de wijk.

De regen maakt dat de wijk er nu mistroostig uit ziet. Er zijn weinig mensen op straat. We wandelen verder en komen uiteindelijk uit bij het Muiderpoortstation, ons eindstation van deze eerste etappe. De wandeling was kort voor ons doen, slechts 10 km. Maar er was zoveel te zien, zoveel te bezoeken, je komt langs allerlei historisch interessante plekken dat we moeite moesten doen om weer een beetje op tijd op Station Muiderpoort te zijn. Eigenlijk zou je dit eerste gedeelte van het Westerborkpad in twee dagen moeten doen. Maak er een weekendje Amsterdam van en bezoek de interessante bezienswaardigheden onderweg.

In de trein terug

Markering en de app
De route is, zoals we bij Kamp Westerbork zagen, inderdaad gemarkeerd, maar onderweg hebben we lang niet altijd de markering kunnen vinden. Dit is ook lastig in een drukke stad met veel plekken waar de sticker of het bordje geplaatst kan worden. Dat is althans onze ervaring. Ook het Jacobspad was in de veel kleinere stad Groningen nauwelijks gemarkeerd. Wandelaars doen er daarom goed aan om het boekje en liefst ook de app mee te nemen.

Als je de GPS inschakelt op je telefoon, laat de app zien waar je bent. Je hoeft enkel het streepje van de route te volgen. Helaas was de app niet heel stabiel. Na het maken van een foto met de telefoon of openen van een andere app moest de kaart opnieuw geladen worden. Als dit niet lukte moest de app zelf opnieuw opgestart worden. Vervelend, maar voor ons geen probleem, gelukkig hadden we ook het boekje nog. Wellicht dat een update voor verbetering zorgt.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Huisjes

Je ziet ze steeds meer de laatste tijd. In alle soorten, maten en kleuren. Het lijkt wel een rage te worden. Aan de schuttingen, in de bomen, aan de huizen, zelfs in de huizen. Soms eentje, vaker meerdere. Hele rijtjes, complete woonwijken bevolken het straatbeeld.

Maar het zijn niet alleen de bevolkte gebieden waar deze trend zich verspreidt. Ook de bossen gaan mee met de laatste hype. Kijk maar eens omhoog, de volgende keer dat je door een kleine of grotere verzameling bomen loopt. Vogelhuisjes zo ver het oog reikt.

Als vogel zou ik een beetje in de war raken. Welk huisje had ik ook al weer gehuurd voor dit seizoen? Met de gekleurde exemplaren, af en toe zelfs voorzien van een motiefje, is dit nog niet zo’n probleem. Maar in het bos zijn ze allemaal groen, of bruin. En de bomen zijn ook allemaal groen, en bruin. Vind dan maar eens je optrekje terug.

In de bossen van Landgoed Den Alerdinck heeft men hier wat op gevonden. Simpel en doelmatig zijn de huisjes voorzien van een huisnummer. Eigenlijk zoals het in de mensenwereld ook werkt. Het enige wat de koolmees, pimpelmees, of ander gevederd medewezen hoeft te doen, is het nummer van zijn eigen huisje onthouden. Eitje.

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

Jacobspad etappe 9: Terhorst – Dwingelderveld

Route: Jacobspad Uithuizen – Hasselt
Afstand: 18 km
Startpunt: Terhorst, parkeerplaats buiten het dorp aan het Koninginnepad
Eindpunt: Bezoekerscentrum Dwingelderveld, Ruinen

Het Moordenaarsveen aan het begin van de Kraloër Heide

Bij het beantwoorden van de vragen van de Wandelen-tag schreef ik dat het beste wandelweer voor mij 20 graden en een zonnetje is. Tijdens de vorige Jacobspad-etappe in augustus waren deze omstandigheden aanvankelijk ver te zoeken. De september-etappe is echter zonovergoten. En 20 graden. Het ideale wandelweer dus voor een etappe die eigenlijk vrijwel alleen door natuur en over onverharde paden gaat.

De heide staat nog volop in bloei

We starten met zijn vieren, waaronder één wandelaar die nog niet eerder meeliep. Hij had de foto’s van de ‘incidentele’ koffie met appeltaart gezien en wilde graag deel uitmaken van die ervaring (en uiteraard meewandelen). Hij bleek een enthousiaste wandelaar die na deze etappe de smaak te pakken heeft. De oktober-etappe staat al in zijn agenda.

Vanaf de parkeerplaats in Terhorst lopen we vrijwel gelijk over een zandpad en na een paar honderd meter al midden tussen de bloeiende heide van het Terhorsterzand. Nog bedauwd van een frisse nacht levert het een mooi plaatje op. Ook de paddenstoelen zijn ruimschoots aanwezig. Het is met recht een mooie herfstdag.

Langs Camping De Bosrand lopen we naar het enige plaatsje van deze etappe, Spier. Hier komen we er niet onderuit om weer zo’n foto met koffie en appeltaart te ensceneren. Wij, de ervaren Jacobspadwandelaars, vinden dat overigens geen enkel probleem. Misschien is dit – nu de herfst zijn intrede doet – wel het laatste terrasje van het Jacobspad.

Spier: een plaatsnaam die ik, sinds we het Jacobspad in januari begonnen, tegenkwam op de borden langs de A28. Daar lopen we ook ooit langs, dacht ik dan. Nu was het zover, na 8,5 etappe staan we in Spier. Het ooit is heden geworden.

Na de koffie wandelen we richting diezelfde A28 en slaan een paadje met het bordje voetpad in. Opeens lopen we vlak langs de snelweg, slechts een slootje en een groenstrook scheidt ons van het voortrazende verkeer. Via een trap komen we uiteindelijk op een viaduct over de weg uit en lopen langs de Van der Valk waar ik afgelopen maanden zo vaak langs reed.

De A28 waar ik regelmatig overheen reed

Vlak hierna duiken we boswachterij Dwingeloo in en lopen met veel afslagen door bos en heideveld. Met dit weer een plaatje. De routeaanduidingen zijn niet overal even talrijk en zonder boekje en GPS waren we gegarandeerd de weg kwijtgeraakt. Bij een bankje in de zon stoppen we voor de lunch. Ons uitzicht is een uitgestrekt heideveld. In de verte zien we de fietsers van de fietsvariant van het Jacobspad.

Hierna volgen lange rechte wegen die naar de Dwingeloosche en Kraloër Heide leiden. We lopen langs een schaapskooi en komen steeds meer fietsers, wandelaars en ook een huifkar tegen. En geef ze eens ongelijk. Na het weer van afgelopen weken is dit een cadeautje waar we niet meer op gehoopt hadden. De Kraloër Heide is groot, uitgestrekt maar ook enigszins kaal. De bloeiende heide hebben we achter ons gelaten.

Een kilometerslang zandpad doorsnijdt de Kraloër Heide

Na een kilometerslang zandpad bereiken we weer het bezoekerscentrum Dwingelderveld waar we die ochtend één van de twee auto’s achterlieten. De parkeerplaats is een stuk drukker geworden. Voor het bord van het bezoekerscentrum willen we een foto maken van ons vieren. Eén van mijn medewandelaars vraagt een oudere man met zijn handen vol plantjes. Hij twijfelt geen moment, zet de plantjes neer en neemt vier foto’s. Vervolgens grijpt hij deze kans aan om zijn Amerika-ervaringen te delen. Hij en zijn vrouw zijn net terug van twee weken westkust en hij vond het geweldig. Twee van mijn medewandelaars kunnen meepraten over dit gebied, waardoor de man alleen maar enthousiaster wordt.

Het bewuste bord

Met moeite kunnen we ons losrukken. De man moet eigenlijk ook weer verder met de voorbereidingen voor de streekmarkt van morgen bij het bezoekerscentrum. Wij maken dankbaar gebruik van de mogelijkheid om in het bezoekerscentrum een boerderij-ijsje te halen. Op een bankje in de schaduw genieten we van deze plaatselijke lekkernij en evalueren de wandeling. Hij is te scharen onder een van de mooiste etappes die we tot nu toe gelopen hebben. Het perfecte wandelweer hielp ook een handje.

In oktober duiken we boswachterij Ruinen in voor een van de laatste etappes voor Hasselt.

Benieuwd naar de andere etappes van het Jacobspad Uithuizen – Hasselt? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Ever tried to climb this?

Ever tried to climb this? vroeg een onbekende. Hij of zij had in een duidelijk leesbaar handschrift zijn vraag achtergelaten op een stalen constructie die de overkapping van het perron ondersteunde. Mijn antwoord was een volmondig Nee! En ik ga er vandaag ook niet aan beginnen, voegde ik er in gedachten aan toe.

Het is woensdagochtend, midden-augustus en stralend weer. Een uur daarvoor was ik vanuit een klein Noord-Duits plaatsje op de trein gestapt naar Hamburg, in de hoop daar tickets te bemachtigen richting Nederland. De Deutsche Bahn medewerkster had meegedacht en via 5 overstappen zouden ik en mijn volgeladen fiets in Nederland geraken. Die dag nog. Regionalbahn was het toverwoord. Met een cappuccino-to-go en een zoet broodje wachtte ik op mijn trein richting Bremen.

Ever tried to climb this? Ik had er überhaupt niet over nagedacht dat je deze constructie ook zou kunnen beklimmen. Maar voor de avonturier onder ons is het waarschijnlijk een koud kunstje. Erg ver kom je echter niet. Binnen een paar meter kom je bij het dak. Het uitzicht is niet veel beter dan hier beneden. Treinen, rails, reizigers en af en toe een vakantiefietser.

Wie was de onbekende vragensteller? Heeft hij de constructie echt beklommen? Of is het niet verder gekomen dan een gedachte? Een wachtende reiziger, aan het einde van de dag. Hij (het is vast een ‘hij’) komt uit zijn werk en is op weg naar huis. Zoals elke dag neemt hij zijn vertrouwde plekje in, naast de constructie. Hij staart voor zich uit, zijn gedachten mijlenver weg.

Een jongetje huppelt langs aan de hand van zijn moeder. “Mag ik daarop klimmen, mama?” vraagt hij en hij wil al naar de constructie toelopen. “Nee joh”, zegt zijn moeder, “dat is niet om in te klimmen. Dit is een station, geen speeltuin.” Moeder en zoon lopen verder, maar hebben iets wakker gemaakt in de wachtende reiziger. Hij bekijkt de constructie met hele andere ogen.

Uit zijn tas pakt hij een viltstift en schrijft zijn gedachte op. In het Engels … eigenlijk vrij ongebruikelijk voor een Duitser.

Dus misschien was de vragensteller wel een heel ander persoon. Een Amerikaanse toerist op doorreis, een baldadige internationale student die daadwerkelijk naar boven is geklommen. Of wellicht een vakantiefietser die die dag op zijn tweede station aanbeland was en nog vele treinen in het verschiet had … en vele wachttijden.

Wie het ook was, er rest nu slechts een vraag. Een vijfwoordenzin die mensen op ideeën brengt, ze aanspoort om anders naar hun omgeving te kijken en zelfs bloggers inspireert.

In januari 2017 ging ik de uitdaging aan om elke maand een foto te plaatsen met het verhaal erachter. Het onderwerp van de foto kan van alles zijn. Het is maar net wat ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. De foto’s met verhaal tot nu toe kun je hier terugvinden. Lijkt het je ook leuk om je foto’s een verhaal mee te geven? Voel je vrij om mee te doen met deze uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar jouw gekke, mooie, grappige, abstracte, inspirerende of bijzondere foto (#EMEF).

De Wandelen-Tag

Een zandpad onderweg op het Jacobspad Uithuizen – Hasselt

Op de blog van Vera wandelt zag ik in augustus deze tag voorbijkomen. De weken erna dook hij bij meerdere wandel- en reisbloggers op. Ze deden uit de doeken waarom ze hun wandelschoenen aantrokken en uren achtereen al wandelend binnen- en buitenland verkenden. Ik kwam bijzondere antwoorden tegen. Hieronder volgen de mijne.

Waarom wandel je?
Ik wandel al zolang ik mij kan herinneren. Van kinds af aan gingen wij elke herfstvakantie met drie generaties naar Zwitserland om de meest schitterende wandelingen te maken. De natuur, de gezelligheid en de prestatie zijn redenen die ook nu nog gelden. Je komt op plekken waar je met de fiets of auto niet komt, hebt lunches met prachtige uitzichten en ik ben soms verbaasd over hoe makkelijk ik 20 kilometers ‘wegtik’.

Steenmannetjes tijdens een wandeling naar Cabane de Moiry in het Val d’Anniviers, Zwitserland

Tegenwoordig is historie ook een belangrijke reden om een wandeling te doen. Het Jacobspad van Uithuizen naar Hasselt is het eerste langeafstandwandelpad dat ik loop en brengt me langs eeuwenoude kerken, kerkepaden, onbekende dorpjes en heel veel geschiedenis waar ik niets van af wist. Voor het Westerborkpad waar ik binnenkort mee wil starten, is historie ook de belangrijkste drijfveer.

Maar misschien nog wel de belangrijkste reden om te wandelen zijn de onverwachte, onvoorziene zaken waar je onderweg op stuit. Het zijn de dingen die je niet in de hand hebt. Het pad houdt op, de aanwijzingen blijken niet te kloppen, je komt bekende of onbekende mensen tegen waarmee je leuke gesprekken hebt. En soms leidt dat zelfs tot een kopje koffie in een 18e-eeuwse boerderij.

Wanneer wandel je?
Ik wandel wanneer ik de tijd heb. Meestal is dit in een weekend of op mijn roostervrije dag door de week. Deze dagen besteed ik dan aan groene wissels, trage tochten, een etappe van een langeafstandswandeling of een ommetje in de buurt. Daarnaast draag ik altijd mijn Garmin, een activity tracker waarmee ik al mijn stappen bij houd. Ik ben dus eigenlijk dagelijks bezig met wandelen en loop vaak bewust nog een stukje als ik bijvoorbeeld moet wachten op mijn trein of bus.

Waar wandel je het liefst?
Eigenlijk heeft elke wandeling zijn eigen charme. Je maakt altijd wel iets mee of komt iets tegen dat je niet verwacht en dat maakt het leuk. Mooie natuur, verrassende paadjes, uitdagende klimmen zijn zeker favoriet, maar een wandeling door een stad of dorpje zijn minstens zo interessant. Ik word iets minder blij van kilometerslange geasfalteerde paden langs grote wegen.

Tijdens de Trage Tocht Berg en Dal maken we veel hoogtemeters

Wandel je samen of alleen?
Meestal wandel ik samen met echtgenoot, familielid, vriendin of collega. Wandelen is een ideale gelegenheid om bij te praten. Daarnaast is het gewoon gezellig en zie je met meerdere mensen meer dan in je eentje, zoals hertensporen of de juiste afslag.

Wat is voor jou het perfecte wandelweer?
Het meest ideale weertype om bij te wandelen is een graadje of 20, droog en niet te veel wind. Maar bij andere weertypen trek ik er ook op uit. De herfst en de lente vind ik fijne jaargetijden om buiten te zijn. De natuur laat zich dan van haar mooiste kant zien. Ik kom dan ook met veel foto’s thuis.

Op een mooie herfstdag lopen we de Trage Tocht Paleis Het Loo

Wat neem je mee tijdens jouw wandeling?
In mijn rugzak zit altijd voldoende proviand voor onderweg, we komen lang niet altijd een horeca-gelegenheid tegen. Bij het Jacobspad hebben we de traditie ingesteld om elke etappe iets lekkers mee te nemen. Dit varieert van Terschellinger pondkoek tot verse ananasstukjes. Daarnaast natuurlijk het routeboekje, eventueel een wandelkaart, mijn telefoon, een fototoestel, een EHBO-setje, een plastic zak om op natte bankjes of grasvelden droog te zitten en afhankelijk van waar en bij welke weersomstandigheden we wandelen een GPS-apparaat, een warme trui en zonnebrandcrème.

Wat is jouw wandeltempo?
Mijn wandeltempo is helemaal afhankelijk van het gebied waar ik wandel, met wie ik wandel en hoe fotogeniek alles is. Het gaat me bij het wandelen niet om de snelheid, maar om het genieten. Een wandeling is een middagje of dagje uit.

Op welke schoenen wandel je?
Ik wandel eigenlijk altijd op mijn Lowa’s, bergschoenen die inmiddels al weer 7 jaar oud zijn. Ik heb ermee in de bergen van Canada, Madeira en de Alpen gewandeld, maar ze hebben ook regelmatig door de duinen van Terschelling, de heidevelden van Drenthe en de bossen van de Veluwe gewandeld.

Mijn trouwe Lowa’s

Wandel je het liefst verhard of onverhard?
Ik kan niet zeggen dat ik liever verhard of onverhard wandel, dat is helemaal afhankelijk van de wandeling. Als ik een wandeling maak voor en door de natuur heeft onverhard wandelen mijn voorkeur. Wandelingen door een eeuwenoude geschiedenis van een stad of gebied echter brengt onvermijdelijk verharde wegen met zich mee. Dit past bij de wandeling. En die kinderkopjes hebben zeker hun charme.

Wanneer is een wandeling voor jou geslaagd?
Een wandeling is voor mij geslaagd als ik met een goed gevoel huiswaarts keer. Dit kan zijn omdat de natuur prachtig was, ik interessante historische dingen ben tegengekomen, het gezelschap aangenaam was, ik leuke ontmoetingen heb gehad of verrassende dingen ben tegengekomen onderweg (zoals een zebra in de sneeuw).

Tijdens de Trage Tocht Duursche Waarden bij Den Nul komen we wel een heel bijzonder dier tegen

Kortom, een wandeling is geslaagd als ik er een stuk over kan schrijven. Tot nu toe is dat altijd het geval geweest. Volgens Robert Macfarlane is dit ook niet zo vreemd. In zijn boek De oude wegen (2012) schrijft hij het volgende:

“Het pact tussen lopen en schrijven is bijna zo oud als de literatuur zelf – een wandeling is maar één stap verwijderd van een verhaal, en elk pad vertelt.”

Geef de Wandel-Tag door
Lees je dit nu en denk je: herkenbaar! Of juist helemaal niet? Vul dan ook de Wandelen-Tag van Vera wandelt in. Ik ben benieuwd naar jouw wandelervaringen.

 

Fiets in de trein

Treinleven

Stel je voor

Stel je voor: je staat op het perron met je fiets volgepakt met minimaal twee voor- en twee achtertassen. Net heb je de lift genomen om in de spoortunnel te kunnen komen. Het oude vrouwtje met rollator, dat aan kwam lopen toen jij al in de lift stond, wilde heel graag met je mee in de lift en was enigszins gepikeerd dat dat niet paste. Vanuit de spoortunnel nam je een tweede lift om op het perron te komen. Nu wacht je op de trein die je op je Duitse plek van bestemming zal brengen. Of in ieder geval een stukje in de goede richting, er wachten je namelijk nog drie overstappen.

Met de fiets in de trein

Met de fiets in de trein. Het kan in Nederland, Duitsland, België, Luxemburg en nog veel meer andere landen. Dat is fijn en handig. Het scheelt je als fietser enorm veel tijd. Maar reizen met een fiets in de trein brengt ook uitdagingen met zich mee. Altijd. Althans wel die keren, afgelopen jaren, dat ik het deed. Geen enkele reis is hetzelfde, geen enkele conducteur is hetzelfde en ook de medereizigers die met hun fietsen de reis ondernamen, zijn stuk voor stuk anders. Het mag met recht een avontuur genoemd worden.

Vier vakanties ervaring heb ik inmiddels. De eerste reis vanuit Luxemburg, de laatste vanuit Noord-Duitsland. In Luxemburg had ik nog geen fiets-in-trein ervaring en was ik blij dat mijn fiets überhaupt een plekje vond op het balkon. Samen met nog een aantal andere fietsen, waardoor er niemand meer in of uit kon. Vanuit Noord-Duitsland reisden we met enkel regionale treinen, wat een luxe bleek te zijn voor de vakantiefietser.

Luxemburg en België

De Luxemburgse trein leek veel op de Nederlandse, alleen een paar decennia ouder. Fietsen konden in principe op het balkon staan, maar als het er meer dan drie werden, kon je er eigenlijk niet meer in of uit. Tassen konden we er niet kwijt en stonden opgestapeld op het bankje tegenover ons. Gelukkig was het niet druk en de andere fietsers hadden dezelfde constructie bedacht. Wij hadden net de Vennbahn gefietst, de smokkelroute door Duitsland, België en Luxemburg over een oud spoorwegtracé en zagen een deel van de door ons gefietste route langs ons heen flitsen, terwijl we in rap tempo naar België reden.

In de Belgische trein was een apart rijtuig gereserveerd voor de fietsen. De conducteur had de sleutel en tijdens de rit mochten reizigers niet bij hun fietsen blijven. Geen probleem en lekker makkelijk. Diefstal werd zo ook lastig. Bij krappe overstaptijden ben je wel weer afhankelijk van de man met de sleutel, maar die wil over het algemeen ook weer verder. Geen enkel probleem dus.

Duitsland

Het fietsgedeelte in de Duitse intercity

En dan de Duitse treinen. Hier ligt mijn meeste ervaring en ook de meeste avonturen. In de intercity’s is reserveren voor je fiets verplicht. Er is beperkt plek in de speciale fietsgedeelten van de coupés. Je fiets hang je aan of zet je in de speciale haken. Bagage kan er meestal niet op blijven maar kun je naast je fiets kwijt.

Nadeel is dat niet iedereen zich aan de nummers houdt die zijn toegewezen in de reserveringen. Bepaalde plekken hebben nu eenmaal de voorkeur boven andere. Ik zet ook liever mijn fiets in een lage stalling, dan dat ik het voorwiel aan een haak in de buurt van het plafond moet hangen. Daarnaast heb ik de ervaring dat reserveringen ook wel opgeheven worden. Onder het mom van ‘zie maar dat je een plekje kunt bemachtigen’ stap je dan met zwaarbeladen fiets de trein in.

Intercity’s hebben een hoge instap en een smalle deur en een nauw gangetje waardoor je je fiets naar binnen moet wurmen. Instappen bij regionale treinen daarentegen zijn meestal gelijkvloers en de doorgangen zijn breder. Ook merkten we, toen we afgelopen zomer zonder reservering met enkel regionale treinen vanuit Noord-Duitsland terugreden naar Nederland, dat bepaalde Bundesländer hun regionale treinen uitrusten met een compleet fietsrijtuig.

Op station Hamburg Harburg rijden regionale treinen met aparte fietscoupés

Enkel haken, standaards en stangen om je fiets in te zetten, aan te hangen of tegen aan te laten leunen. Ideaal! Dertig fietsen konden er zeker staan. Op onze reis was het niet druk, waardoor we 10 uur en 5 overstappen later geen enkel stuk bagage van de fiets hadden hoeven halen. Ook kwamen we keurig op tijd aan op ons eindstation.

Een ervaring die maakt dat ik volgende keer weer met regionale treinen wil reizen. Zeker na ons akkefietje in Almelo vorig jaar met de intercity. Vanuit Denemarken reisden we toen terug naar Nederland, met een Duitse trein. In Almelo stapten we over op een Nederlandse trein. De bagage stond al op het perron, de fietsen nog in de trein. Toen gingen de deuren dicht en reed de trein weg. Gelukkig stond ik ook op het perron en mijn medefietser nog in de trein, waardoor het allemaal nog goed kwam. Maar dit is de nachtmerrie van elke fietser en was voor mij bijna de reden om niet meer met de fiets in de trein te reizen.

Maar ja, het is zo makkelijk en je komt zo veel verder. Dus dit jaar, toen het Almelo-akkefietje iets minder vers in het geheugen lag, toch weer een fiets-treinreis geboekt. Naar Rostock ditmaal (en vanuit daar naar Zweden), wederom met de intercity. Helaas bleek de tweede trein überhaupt geen fietsrijtuig te hebben waardoor de fietsers hun fietsen kwijt moesten in een gewoon rijtuig met bankjes en tafeltjes. Hangend aan het voorwiel bevestigden wij onze fietsen met de spin aan de bagagerekken, nadat we hem, zonder bagage, met moeite door het gangpad hadden gemanoeuvreerd. De tafeltjes waren opgeklapt, waardoor er bij zo’n vierzitsbankje net plek was voor twee fietsen.

De niet fietsende reiziger keek vreemd op toen het rijtuig bevolkt bleek door op hun achterwiel balancerende fietsen. Dit soort gevallen verenigt wel de vakantiefietser. Iedereen helpt elkaar met bagage en ophangen van fietsen. Ook bij het uitstappen worden van alle kanten helpende handen uitgestoken. Dat is het positieve aan dit soort situaties, het maakt het contact een stuk makkelijker. En de met de trein reizende vakantiefietser is over het algemeen geïnteresseerd in zijn collega-fietsers. De afgelopen vier fietsvakanties hebben we dan ook veel verhalen gehoord (en verteld) in de trein. Het maakt de reis onzeker, onverwacht, maar ook zeker interessant en avontuurlijk.

Nederland

Nederlandse treinen tenslotte kunnen nog wat leren van de Duitse regionale treinen – en toegegeven – ook van de Duitse intercity’s. Aparte fietsgedeelten ben ik nog niet tegengekomen in de Nederlandse trein. Op het balkon zijn per treinstel drie plekken gereserveerd voor fietsen. Dat is het. Als het vol is, is het vol. Reserveren is niet mogelijk. Gelukkig is de manoeuvreerruimte in de Nederlandse trein wel een stuk ruimer dan in de Duitse intercity. En als je een vroege of late trein pakt is er vaak ook genoeg plek.

Dus

Treinreizen met de fiets is dus per land, maar ook per trein een verrassing. Het beste is om zonder verwachtingen in te stappen en de avonturen onderweg over je heen te laten komen. Het loopt altijd anders dan je denkt en dat levert leuke verhalen op voor later (of voor een blog). Waar we volgend jaar heengaan, weet ik nog niet. Maar beginnen of eindigen met een treinreis sluit ik zeker niet uit.