Elke Maand Een … | Glutenvrij

Elke Maand Een: Foto
Waar: Supermarkt

Op het prikbord in de supermarkt hangt een kaartje: ‘Te koop: Graan- en glutenvrij hondenvoer voor de grote hond. Zit nog 9 kg in.’ Een geprinte foto van een grote groen met bruine zak met een zwarte hond erop, is erbij geplakt. De geïnteresseerden kunnen zelf bieden.

Hoewel ik geen hond heb trekt de advertentie mijn aandacht. Te midden van de aangeboden fietsen, computerspelletjes en babysitters valt een foto van een grote aangebroken zak glutenvrij hondenvoer op. Wat is er met de hond in kwestie gebeurd?

Ik zie een voormalige hondeneigenaar met tranen in zijn ogen aan zijn keukentafel zitten. Voor hem ligt het voorgedrukte advertentiekaartje uit de supermarkt. Hij heeft net zijn trouwe maatje achtergelaten in het huisdierencrematorium. Overal in huis staan nog spullen die hem herinneren aan de vriendschap die ruim 10 jaar heeft geduurd. Daar naast de etensbak bijvoorbeeld staat nog de grote zak voer die de ouwe lobbes erbovenop moest helpen. Het mocht niet baten en nu wil hij deze pijnlijke herinnering zo snel mogelijk kwijt.

Een oudere man in een trainingsbroek, op crocs en net wat te lang wit haar, ziet mij kijken naar de advertentie. Hij merkt op dat “die brokken niet te vreten zijn”. Hij had ze ook gekocht voor zijn eigen hond, op advies van de dierenarts. Na twee happen weigerde het beest nog verder te eten. “Er valt natuurlijk geen discussie te voeren met zo’n hond.”

Ik durf niet te vragen of zijn hond nog leeft.

“Maar” gaat de man verder, “Evert heeft nu een ander merk voer. Ook glutenvrij, maar een stuk beter te hachelen. Hond blij, baasje blij.” Ik zie zijn gezicht ontspannen, hij mompelt “jaja” in zichzelf en schuifelt naar de uitgang. Aan de andere kant van de draaideur zie ik een grote zwarte hond opspringen. Zijn staart beweegt als een malle. Met enige moeite buigt de man zich naar voren en krabt de hond achter zijn oren.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Advertenties

Elke Maand Een … | Zeedruif

Elke Maand Een: Foto
Waar: Hortus Botanicus Leiden

Op het bankje onder de bloeiende prunus is een man verdiept in zijn boek. Onderuitgezakt hangt hij tegen de rugleuning. Zijn rechterenkel rust losjes op zijn linkerbovenbeen. Met één hand houdt hij het pocketboek een stukje voor zich uit. De rug is op meerdere plekken geknakt, de voorkant vaal en omgekruld. De rode springerige letters van deze science fiction cultroman nemen bijna helemaal de kleurige voorkant in beslag. Hij brengt zijn wijsvinger naar zijn mond, likt er kort aan en slaat dan een vergeelde bladzijde om.

Als er een groepje al te luidruchtige bezoekers langskomt, kijkt de lezer op. Hij laat zijn blik over de mensen glijden, kijkt naar de eenden die uit de gracht klauteren en draait dan zijn hoofd naar de grote bruine vazen die in een rechte lijn de Chinese kruidentuin in tweeën delen. Weelderige bloemen en sierlijke vogels die zo uit een sprookje weggevlogen lijken te zijn, sieren de vazen.

Ik sta op een paar meter afstand van de voorste vaas en knijp mijn ogen tot spleetjes tegen de felle voorjaarszon. ‘Zeedruif’ lees ik op het bordje dat uit de vaas steekt. Ik laat de naam even bezinken. Mijn fantasie schotelt mij beelden voor van druifvormig zeewier, velden dobberend op de oceaan, wijnboeren die met bootjes de vruchten oogsten. Ik ben al bij het eindproduct aanbeland – de zeedruifwijn, met een zilte afdronk – als een briesje me doet opkijken.

Onder de witte bloemetjes van de prunus die zachtjes bewegen in de wind, zie ik de lezer met trage bewegingen de mouwen van zijn lichte linnen overhemd opstropen. Uit de bruinlederen schoudertas die naast hem op de bank staat, vist hij een zonnebril met kleine ronde glazen. Hij laat zijn boek nu op zijn bovenbeen rusten en een fractie later gaat hij weer op in het verhaal.

Het boek dat hij leest, The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy, is inmiddels veertig jaar oud, maar brengt zijn lezers nog altijd ver in de toekomst. Naar andere werelden dan de onze. Ook deze lezer wordt duidelijk gegrepen. Ik laat hem achter op zijn bijzondere leesplekje in deze eeuwenoude Hortus. Met uitzicht op een plant die naadloos in zijn verhaal past.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Rollator

Treinleven

Het belsignaal klinkt, de slagbomen gaan naar beneden, de lange trein rijdt het station binnen. Als hij tot stilstand komt, maken reizigers op het perron als op afspraak rijtjes aan weerszijden van de deuren. De korte klikjes van de deurontgrendeling klinken en een fractie later zwaaien de deuren open. Het eerste dat in de deuropening verschijnt is een rollator, gedragen door een jongen van een jaar of 19. Hoodie, sneakers met dikke doorzichtige zolen, blote enkels, spijkerbroek met gaten. Hij zet het zilverkleurige hulpmiddel langzaam neer op het perron, het mandje richting de treindeur en kijkt achterom.

Een kleine, kromgebogen oude mevrouw daalt stapje voor stapje de paar treden af. Ze houdt zich stevig vast aan de stangen van de deuren. Als ze vaste grond onder haar voeten heeft, kijkt ze op. Ze ziet haar rollator en de jongen die aanstalten maakt om de stroom naar de uitgang te volgen. “Dank je wel, jongeman” klinkt het opvallend duidelijk. De jongen knikt en loopt dan weg. Even ben ik in de war. Ik had in mijn hoofd van de jongen al haar kleinzoon gemaakt.

Een andere reiziger komt aanlopen en ziet de rollator staan. In een vloeiende beweging pakt deze jongen, in eenzelfde tenue als de uitstappende rollatordrager, het ding op en draait het om. De handvatten wijzen nu naar de oude mevrouw. Hij glimlacht kort naar de dame, neemt in één stap de treden en verdwijnt in de coupé. De oude mevrouw fronst haar wenkbrauwen, kijkt van haar rollator naar de treindeur en weer terug en glimlacht even.

Ze rangschikt haar tas in het mandje, doet haar sjaal goed en raakt even haar gepermanente witte krullen aan. Links en rechts van haar lopen drommen reizigers richting uitgang. De conducteur fluit, de deuren gaan dicht en de trein zet zich in beweging. De oude mevrouw kijkt de trein na, pakt dan de handvatten vast en op haar gemakje gaat ze de stroom achterna. Ik zie haar schuifelend steeds kleiner worden. Voor haar treinreizen heeft zij geen kleinzoon nodig.

Moerasdak

“Hoe was je weekend?” vraag ik mijn collega op maandagochtend bij het koffieautomaat. Zij kijkt mij over de rand van haar leesbril aan, fronst haar wenkbrauwen, en vraagt: “Heb je wel eens van een moerasdak gehoord?”

Die vraag had ik niet verwacht. Groene daken ken ik. Er groeien vetplanten op, of kruiden, of gras. Maar een moerasdak? In vroeger tijden was een moeras een gebied waar je beter niet kon komen. Gespuis en enge monsters hielden zich er op. Er was drijfzand en onverwachte gevaren. In sprookjes en thrillers is het DE plek waar de slechte dingen gebeuren. Je raakt er kwijt. Of vermoord. Of iets anders onprettigs. Blijf er ver vandaan is het devies dat we al van kinds af aan meekrijgen.

Blijkbaar kijk ik mijn collega vragend aan. Ze steekt van wal. Haar man had in het weekend een enthousiast betoog gehouden over een moerasdak. Het leek hem wel wat voor hun – nu nog standaard – platte dak. Zij had geknikt en “ja schat” gemompeld, terwijl in haar hoofd de meest angstaanjagende associaties met een moeras voorbij kwamen.

Veilig bij het koffieautomaat gebeurt mij hetzelfde. “Schat, ik ben even het dak op”, zegt zo’n echtgenoot. En vervolgens zie je hem nooit meer terug. Verdronken in het moerasdak, is de conclusie van het rechercheteam. “Risico van zo’n dak, mevrouwtje. Dat weet je als je er aan begint. Dit is al de derde dit jaar. Om het maar niet te hebben over al die vermiste huisdieren. Fikkie en Felix komen echt niet allemaal onder een auto terecht. Neem dat maar van ons aan. Zo’n moeras in de buurt oefent een aantrekkingskracht uit op zelfs de minst avontuurlijke huisdieren. Tja, duurzaamheid brengt zo z’n risico’s met zich mee.”

Mijn collega haalt haar kopje onder de automaat vandaan, laat een suikerklontje in haar cappuccino vallen en roert. “Het is niet dat ik niet groen wil leven, maar ik moet erg wennen aan het idee om onder een moeras te wonen. Maar, zo benadrukt mijn man, we zouden wel de eerste in het dorp zijn met zo’n dak. Dat is voor hem belangrijk.”

“Maar wat is een moerasdak nou eigenlijk?” vraag ik mijn collega. Het blijkt iets minder spannend dan het in mijn fantasie was geworden, veel minder spannend. Huisdieren zijn veilig en echtgenoten ook. Het is een dak waar permanent een laagje water op staat met daarin blijvend groene waterplanten. Het dak dient als waterberging waardoor bij fikse regenbuien de riolering wordt ontzien. Ook heeft het een isolerende werking: koel in de zomer, warm in de winter.

Niet te vergelijken met het concept moeras dat ik uit mijn jeugd ken dus. Tussen toen en nu ligt een hele wereld en het is nu zover dat mensen zelf, bewust, een moeras opzoeken. Sterker nog, ze halen het in (of eigenlijk op) huis! Een moerasdak als groen prestigeobject. Dat is weer wat anders dan de nieuwste elektrische auto.

Als we teruglopen naar de kantoortuin moet mijn collega toegeven dat het – nu ze zichzelf alle voordelen hoort opsommen – wel aantrekkelijk begint te klinken. “Alleen die naam hè…” Ik knik instemmend en denk bij mezelf, daar valt wat aan te doen. “Wat denk je van een Shrekdak?” Ik spreek het uit als shrekdek. “De tekenfilmheld Shrek woont immers lang en gelukkig in the Swamp.” Mijn collega lacht. “Dat vinden de kinderen vast leuk. En het bekt nog lekker ook!”

Elke Maand Een … 2019 (lustrum)

Lustrum
En toen werden we wakker in 2019. Een nieuw jaar met nieuwe uitdagingen. Ook voor de Elke Maand Een …- uitdaging. 2019 is wat dat betreft een lustrumjaar. In de afgelopen vier jaar blogde ik elke maand over de uitdagingen die ik mijzelf gesteld had dat jaar.

In 2015 bezocht ik elke maand een museum en schreef daarover. Het werkte erg motiverend, ook door de reacties op de stukken. Dat maakte dat ik in 2016 een nieuwe Elke Maand Een … – uitdaging aanging: Elke Maand Een Route, waarbij ik een bestaande route wandelde of fietste. Ook in 2017 en 2018 ging ik door met de uitdagingen, respectievelijk met Elke Maand Een Foto (met een verhaal) en Elke Maand Een Straatgedicht.

2019
Maar wat ga ik doen in 2019? Welke uitdaging stel ik mijzelf in dit lustrumjaar? Ik heb besloten om in 2019 alle eerdere Elke Maand Een …- categorieën aan bod te laten komen. Ik ga schrijven over musea, routes, foto’s en straatgedichten. Het streven is een gelijke verdeling van de categorieën over het jaar.

Hoog op het lijstje
Afgelopen jaren had ik de bedoeling om ook straatgedichten en musea in Zeeland te bezoeken. Dit is er niet van gekomen. Voor 2019 staat deze provincie daarom hoog op het lijstje. Ook het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam en de N70 Natuurroute in het Rijk van Nijmegen wil ik dit jaar zien/wandelen.

Jullie tips
Uiteraard ben ik benieuwd naar jullie tips. Welke musea moet ik echt bezoeken? Welke wandel- en fietsroutes zijn niet te versmaden (bijvoorbeeld in Zeeland) en is er een straatgedicht dat ik echt niet mag missen? De categorie Elke Maand Een Foto is ook voor mij nog een verrassing. Het is maar net wat tegenkom in 2019 (en vastleg op de gevoelige plaat).

Een overzicht van de blogposts voor Elke Maand Een … 2019 vind je hier.

Pieterpadwandelaar

Het bankje is bezet. Een man en een vrouw zijn neergestreken op het blanke hout waarin de nerven die ooit een boom waren nog goed te zien zijn. Met hun ruggen schermen ze deels de afstanden naar het begin en einde van het pad der paden af. Ook de Drentse plaats die groot in de rugleuning is geëtst is nauwelijks te lezen. Dankzij de Facebookfoto’s herkennen we het pieterpadbankje echter meteen. Bankjes langs het beroemde wandelpad zijn een begrip op zich.

Mijn vriendin en ik halen allebei onze telefoons tevoorschijn voor een foto. De uitrustende wandelaars staan vrijwel gelijk op en laten zonder omhaal hun voormalige zitplaats fotograferen. Ze stellen zelfs voor een foto van ons te maken, op het bankje. Wij maken dankbaar gebruik van het aanbod. Met verwaaide haren knijpen we onze ogen tot spleetjes tegen de zon.

Hoewel ze, zoals dat hoort, het rood-witte wandelboekje in de hand hebben, vallen ze met hun outfit uit de toon bij de hordes pieterpadwandelaars die vandaag op pad zijn. Ik zag vandaag meer wandelstokken, afritsbroeken, sneldrogende shirts in felle kleurtjes, afgedragen bergschoenen en uiteraard rugzakken met waterzakken (met zo’n slangetje over de schouder) dan tijdens alle andere wandelingen van dit jaar tezamen.

De man en vrouw dragen beide een modieuze zonnebril en dito sneakers. De studs op haar shirt laten ruimte vrij voor de glimmende letters die het woord ADORABLE vormen. Zijn spijkerbroek is afgezakt volgens de laatste mode. Zeker geen doorsnee-wandelaars. Zijn eerste vraag echter verraadt dat ze wel degelijk meerdere etappes van het Pieterpad achter de rug hebben: “Lopen jullie naar het noorden of naar het zuiden?”

Zij lopen zuidwaarts en moeten vanuit Drenthe nog een eindje. In mei dit jaar zijn ze begonnen, nadat ze de twee delen van het routeboekje cadeau hadden gekregen. Hun kinderen vonden het een gepast cadeau voor hun 25-jarig huwelijksfeest. “En ik heet Pieter” voegt de man eraan toe, “vandaar”. Hij grijnst zijn rechte, blinkend witte tanden bloot.

Wat we van de etappe van vandaag vonden, vragen ze. Ik wil vertellen over de idyllische beekjes, het bijzondere hoogveen, de bossen waar het licht zo mooi doorheen valt, maar word na mijn inleidende ‘Mooi etappe, we …!” door Pieter in de rede gevallen. Vandaag teveel natuur naar hun smaak, ze misten de plaatsjes. Op een gegeven moment heb je zo’n bos wel gezien.

Uiteraard lopen ze gewoon verder. Het is wel “relaxed”. En ze komen steeds dichter bij hun woonplaats in de Achterhoek. Ach, ze hebben de tijd. Gisteren nog kwamen ze twee vriendinnen tegen die al 12 jaar onderweg zijn op dit langeafstandspad. Ze kunnen dus nog even vooruit. Terwijl Pieter praat, houdt hij continu de passerende wandelaars in de gaten. Jonge blonde vrouwen krijgen een stralende lach toegeworpen.

Dan stelt hij voor samen de laatste kilometers naar het eindpunt van de etappe te lopen. Ik wissel een verbaasde blik met mijn vriendin. Samen oplopen met andere wandelaars gebeurt wel vaker op het Pieterpad, maar Pieter lijkt toch een voorkeur te hebben voor andere – vooral jongere en blondere – wandelaars. Met de gedachte dat het maar een paar kilometer is, stemmen we toe.

Pieter bergt demonstratief zijn boekje op in zijn rugzak. Het is nog maar een klein stukje en de markering tot nu toe is “echt geweldig”. Bij een splitsing aan een bosrand slaat toch de twijfel toe. Twee paden en geen wit-rode markering. Wij vonden de markering niet zo geweldig vandaag en met het boekje dat we in de hand hebben gehouden, gaan wij ze voor op het juiste pad.

Een kwartier later zitten we op een Schoonloos terras. Alle tafeltjes zijn bezet door wandelaars. Rood-witte boekjes en rugzakken zover het oog reikt. Arriverende wandelaars worden herkend, begroet, verhalen worden uitgewisseld. Vooral het natuurschoon onderweg is onderwerp van gesprek. Pieter en echtgenote drinken ontspannen hun welverdiende biertje en gaan bijna op in de groep wandelaars. Bijna.

Als ze aanstalten maken om hun auto op te zoeken, wensen we ze nog veel wandelplezier. “Misschien tot ziens” zegt Pieter joviaal, “binnen nu en twaalf jaar”.

In oktober dit jaar liep ik twee etappes van het Pieterpad en deed inspiratie op voor dit korte fictieve verhaal. Benieuwd naar de etappe waarbij we dit pieterpadbankje tegenkwamen? Lees hier mijn wandelverslag.

Snoekduik

De lucht ruikt naar herfst als ik in alle vroegte, rond half 6, de achterkant van het station nader. Vooral in deze maanden zijn er altijd wel een paar parkeervakken bezet met touringcars die wachten op hun vakantiegangers. De vaak wat oudere mensen staan – opvallend wakker op dit vroege uur – met grote koffers klaar om hun vakantie naar de zon aan te vangen. Een grote tegenstelling met de duffe treinreizigers, die op de automatisch piloot hun weg naar de perrons vinden.

In de treintunnel is het niet druk. Een man in pak loopt met ferme pas de roltrap op naar zijn perron. Een meisje in een fladderig jurkje en gympen slentert, haar blik gericht op haar telefoon, naar de AH to go voor een shot cafeïne. De man van middelbare leeftijd met baard, in korte broek en wandelschoenen springt eruit. Hij draalt wat bij de poortjes, maar heeft noch een papieren kaartje noch een OV-chipkaart in de aanslag.

Hij lijkt te twijfelen welke vervoerder hij moet nemen, maar loopt dan toch naar het gele poortje van de NS. Hij spiedt om zich heen en maakt dan een snoekduik. Met zijn rugzak nog op zijn rug probeert hij onder het poortje door te tijgeren. Behalve dat er opeens een enorm gepiep klinkt – nog indringender in de stille stationstunnel – past hij, met zijn rugzak op, ook simpelweg niet onder de poortjes door.

Snel staat hij weer op en loopt quasi-onverschillig richting de kaartautomaat. Om zich een houding te geven pakt hij zijn telefoon en begint een gesprek tegen een al dan niet fictief persoon aan de andere kant van de lijn.

Het beeld dat ik had van baardige wandelaars van middelbare leeftijd is op die vroege ochtend aan het einde van de zomer danig veranderd. Wat ook de reden was van zijn illegale actie, onder OV chipkaart poortjes door tijgeren helpt je imago niet. Het jammerlijk mislukken ervan, nog minder.

Ierland | De wildernis in

In juni 2018 doorkruisen wij de zuidelijke helft van Ierland. We zijn met onze eigen auto en tent en kamperen op kleine campings. Af en toe slapen we in een Bed & Breakfast. Met de auto en te voet genieten we van de schoonheid van het groene eiland. De komende tijd lees je hier een greep uit onze belevenissen.

Onze eerste Ierse camping ligt in Donard, aan de rand van de Wicklow Mountains

Het veld is ruim, enigszins glooiend, met her en der wat boompjes en een stapel stenen in het midden. Het gras ligt er groen en verzorgd bij. Het heeft duidelijk kort geleden nog een grasmaaier gezien. Een incidentele bruine rechthoek herinnert aan een tent die er meer dan een paar dagen heeft gestaan. De kampeerders zijn doorgetrokken, op zoek naar nieuwe gebieden om te ontdekken.

Het uitzicht is weids. In de verte zijn de bergen van de Wicklow Mountains te zien. Door de drizzling rain zijn het vandaag slechts vage omtrekken. Ervoor lopen schapen op een stuk land dat door een hek gescheiden wordt van de camping. Zij laten elk uur van de dag enthousiast van zich horen. In de caravans en campers die op de verharde plekken om het veld heen staan, zitten de eigenaren met een warme kop koffie. Af en toe dwaalt hun blik van hun boek of tablet over het veld en in de verte.

Ierland – Wicklow Mountains

De rust is voelbaar op dit middaguur. De caravankampeerders vermaken zich prima. Wellicht dat er nog een ommetje in zit vanmiddag. Over een uurtje of zo. Als de regen wat minder is geworden. Nu eerst nog een mailtje naar de kleinkinderen. Met een foto van het uitzicht uit de caravan. Maar dan komt in een rustig tempo een donkergroene landrover het beeld in rijden.

In de auto zitten een vader en een zoon van een jaar of 8. Ze rijden helemaal door tot aan het hek met de schapen, alwaar ze de auto parkeren. De zoon sprint naar de berg stenen en lijkt zich prima te vermaken. De vader laadt de auto uit. Een tent, stoeltjes, een tafel, een koelbox, kratjes bier, een vuurkorf, blokken hout, alle ingrediënten voor een vader-zoon weekend lijken aanwezig.

De zoon is inmiddels naar de ingang van de camping gerend waar meer landrovers verschenen zijn. Ook hier weer vaders met zonen, af en toe een man alleen. De landrovers hebben alle denkbare soorten, maten en kleuren. Oud en nieuw, klein en groot, met en zonder daktent, met en zonder aanhanger (al dan niet volgeladen met hout). Achter elkaar rijden ze naar het hek en voegen zich bij hun soortgenoot. Enthousiaste begroetingen bij de mannen, joelende kinderen op de berg stenen.

Met een peuk en een flesje bier zetten de mannen de tenten op. Vuren branden vrolijk. Nog meer landrovers voegen zich bij de groep. Het lijkt een dorp op zich te worden. Van stoere mannen en jongens. De geur van gebraden worstjes verspreidt zich over de camping. De niet-Ierse kampeerders kijken verbaasd toe – sommige met een zweem van jaloezie. Een enkeling herkent dit tafereel van een vorige camping.

Het is vrijdagavond en Ierse landrover-eigenaren verzamelen zich op campings in de Ierse natuur. Voor een nacht, soms twee, bevinden ze zich in een echte landroverreclame-setting. Mannen onder elkaar, kampvuren, off-road rijden: kortom, the Land Rover experience onder het motto One life, live it. Maandag wacht het kantoor weer met de rapporten en de cijfertjes.

De camping op zondagmiddag, als de landrovers weer vertrokken zijn

Wij slaan het tafereel verbaasd gade op onze eerste nacht op onze eerste camping in Ierland. Een week later zien we hetzelfde, op een andere camping in een ander deel van het land. De groep is dan nog een stuk groter. Het grasveld een stuk kleiner. De natuur even mooi. Het zijn dan niet alleen vaders en zonen, maar ook stelletjes en zelfs hele gezinnen.

Een weekend de wildernis in. De landrover gebruiken waarvoor hij is bedoeld. Samen met gelijkgestemden. Ik was het fenomeen nog niet eerder tegengekomen in mijn kampeercarrière. De Ieren doen het gewoon, weer of geen weer, in het weekend trek je erop uit. Met de landrover, je zoon en desnoods de hele familie. Back to nature. En waarom niet?

Ierland | Een Ierse B&B in Connemara

In juni 2018 doorkruisen wij de zuidelijke helft van Ierland. We zijn met onze eigen auto en tent en kamperen op kleine campings. Af en toe slapen we in een Bed & Breakfast. Met de auto en te voet genieten we van de schoonheid van het groene eiland. De komende tijd lees je hier een greep uit onze belevenissen.

Spiddal ligt in de streek Connemara aan de Ierse westkust

De luchten zijn grijs, de drizzling rain en bijbehorende mist geven het landschap een merkwaardige sfeer. Prachtig, mysterieus en echt Iers. Althans, Iers zoals ik me Ierland voorstelde, totdat ik een paar dagen geleden voet aan land zette van dit groene eiland. Dat er een hittegolf aankomt met on-Iers weer, weten we dan nog niet.

Drizzling rain en mist: echt Iers weer

Met weersvoorspellingen die de komende dagen niet veel beter worden, besluiten we om die nacht een Ierse Bed & Breakfast uit te proberen. We reserveren een kamer in een B&B met de klinkende naam An Caladh Gearr Thatch Cottage. De witte cottage met rieten dak ligt net buiten Spiddal, 25 km van Galway in de Connemara-regio en dus midden in Gaeltacht gebied. Eén van de paar regio’s in Ierland waar de voertaal nog Gaelic is. De Wild Atlantic Way, de 2500 km lange autoroute die langs de hele Ierse westkust loopt, gaat ook hier langs. Onderweg komen we regelmatig de bruine borden tegen met de witte zigzagstreep op een blauwe achtergrond.

De Wild Atlantic Way in Connemara

Die morgen zijn we vertrokken uit het groene Wicklow Mountains-gebied in het oosten van Ierland. Hier aan de westkust is de omgeving compleet anders. Vlak land strekt zich voor ons uit met hier en daar een heuveltje. En uiteraard de talrijke muurtjes. Grotere en kleinere stenen vormen op elkaar gestapeld afscheidingen van de stukken land. Tot nu toe zagen we voornamelijk heggetjes. Af en toe opduikende witte en gele huisjes maken het beeld af en vormen een mooi kleurcontrast met het groen-grijze landschap.

Het landschap in Connemara

Als ’s avonds de zon doorbreekt, rijden we langs de kust naar de havenplaats Rossaveal, waar de boot naar de Aran Islands vertrekt. Wat een leegte, wat een schoonheid. Zo compleet anders dan we tot nu toe gezien hebben. Hier komen we nog een keer terug, besluiten we als we een paar uur later weer richting ons overnachtingsadres rijden.

Muurtjes, waar je ook kijkt

Als we de voordeur opendoen, stappen we gelijk de gezamenlijke woonkamer in. De open haard brandt, geriefelijke fauteuils staan er in een halve cirkel omheen. De naastgelegen ontbijtkamer heeft één grote tafel waar de gasten gezamenlijk een Iers ontbijt kunnen gebruiken. De muren en kasten zijn, net als in de woonkamer, bedekt met talloze beeldjes, schilderijtjes en wat dies meer zij.

De volgende ochtend blijken alle drie de kamers van de B&B verhuurd te zijn en we ontbijten samen met een Duits en een Amerikaans stel, alle vier vijftigers. Het Duitse stel is op de fiets en vindt het knap dat we met de auto links rijden. Op de fiets vinden ze het al een hele toer. Ze vertellen enthousiaste verhalen over hun afgelopen fietsdagen, waardoor het bij ons als vakantiefietsers natuurlijk ook gaat kriebelen.

Het Amerikaanse stel had een bruiloft in Ierland van een familielid. Veel Ieren zijn tussen 1845 en 1850 naar de Verenigde Staten vertrokken tijdens de great famine. In die periode mislukten de aardappeloogsten en stierven vele mensen door honger en ziekte. Maar ook daarna zijn ze en masse de oceaan overgestoken, op zoek naar een beter leven. De Amerikaanse vrouw heeft nog goed contact met haar Ierse familie en komt over wanneer ze kan. Links rijden laat zij over aan haar man, veel te gevaarlijk op al die kleine weggetjes. Haar man haalt zijn schouders op. “No problem”, zegt hij met een diepe, kalme stem en weidt vervolgens uit over de bijzonder geologie van The Burren, het gebied waar wij die dag heen willen.

Ik heb het Ierse ontbijt met spek, worstjes, scrambled eggs, black pudding en baked tomatoes aan me voorbij laten gaan. Scones, een bakje yoghurt en een pot sterke thee voldeden prima. Mijn tafelgenoten die ochtend lieten het zich echter goed smaken. De vriendelijke gastvrouw zorgde ervoor dat we niet zonder eten kwamen te zitten en als we gewild hadden, hadden we genoeg voedsel voor de rest van de dag naar binnen kunnen werken, daar in die leuke authentieke cottage aan de Ierse westkust.

An Caladh Gearr Thatch Cottage net buiten Spiddal

Veel verhalen rijker en met een goed gevulde maag stappen we in de auto. Op weg naar andere onbekende Ierse streken. De drizzle rain valt nog steeds. Arme vakantiefietsers, denken we. En even zijn we blij dat we dit jaar voor een ander soort vakantie hebben gekozen.

Elke maand een foto | Terugblik

Op 1 januari 2017 begon ik aan een creatieve ‘Elke maand een …’ uitdaging. Ik daagde mezelf uit om elke maand één foto (EMEF) te selecteren uit mijn archieven, recent of niet zo recent, en daar het verhaal achter te vertellen. Aan het einde van het jaar zou ik dan twaalf foto’s hebben die niet in de vergetelheid waren geraakt.

Uitdaging gehaald?
Het einde van het jaar is daar, tijd om terug te kijken. Heb ik de uitdaging gehaald en elke maand een foto met verhaal geplaatst? Jazeker! Het zijn er zelfs dertien geworden. In januari plaatste ik twee foto’s. De inspiratie begon goed.

Inspiratie
Het bleek een uitdaging die me goed lag. Foto’s waren er in overvloed en het verhaal – al dan niet zelf ingevuld – was ook nooit ver weg. Een foto is voor mij een goede basis voor een blogpost gebleken. De meeste foto’s inspireren tot een verhaal. Soms zag ik een situatie en wist dat de EMEF-uitdaging voor die maand in the pocket was. Met een telefoon heb je altijd een camera binnen handbereik.

Uiteenlopende situaties
De natuur vormde regelmatig een dankbare fotolocatie. Of het nu een slak was die ik tegenkwam onderweg naar de bus, bijzondere zelfgekweekte worteltjes, hangvogels of een markante boom. Elke situatie inspireerde tot een verhaal. Ook bij geschreven teksten en rekensommen op diverse stations wist ik gelijk: dit is EMEF-materiaal.

Het had gebeurd kunnen zijn
Een keer heb ik een foto gebruikt die niet van mij was. De foto, door mijn man gemaakt, was te mooi om niet te gebruiken. De sfeer die het in mist gehulde tafereel uitstraalde, schreeuwde om een blogpost. Wie ben ik dan om dit te laten gaan …! Het verhaal had gebeurd kunnen zijn.

En dat is kenmerkend voor meerdere andere blogposten. Of het gegaan is zoals opgeschreven, blijft altijd een raadsel. Ik heb mijn eigen gedachten en invullingen verbonden aan een foto. Het verstilde moment heeft voor mij een betekenis gekregen waar ik eigenlijk niet meer omheen kan. De foto’s zijn niet weggezakt in een archief met vele andere foto’s. Onttrokken aan de vergetelheid hebben ze een ere-plekje gekregen. Met z’n dertienen vormen ze een geslaagde Elke Maand Een Foto-uitdaging.

Benieuwd naar alle foto’s en de verhalen? Een overzicht vind je hier.