13 podcast-tips voor je ommetje

Sinds 13 maart werk ik, net als veel andere mensen, door een zeker virus thuis. Dit scheelt mij op een dag 3,5 uur aan reistijd. Dat klinkt veel, maar het lijkt (leek) veel korter. Die tijd in de trein en de bus bracht ik veelal lezend door. Per maand gingen er de nodige boeken doorheen. Ik lees nu ook nog wel, maar besteed de vrijgekomen tijd ook aan wandelen. Elke ochtend begin ik de dag met een ommetje van drie kwartier in de buurt. Omdat ik de omgeving inmiddels wel ken, luister ik sinds een paar maanden tijdens het wandelen naar podcasts.

Ik ontdekte een hoop leuke podcasts die wellicht niet allemaal even bekend zijn. Hieronder zet ik mijn favoriete podcasts van dit moment op een rijtje:

Natuur

Radio Hortus

Een aantal keren per jaar ben ik te vinden in de Hortus Botanicus van Leiden. De botanische tuin voelt als een oase van rust midden in de stad en ik ben er graag. Van het vroege voorjaar tot het late najaar, er is altijd veel te zien. Sinds eind 2019 maakt de Hortus een podcast over het doen en laten van de botanische tuin. De interviews met medewerkers en de weetjes over de tuin maken dat ik weer helemaal zin krijg in een bezoekje.

Puur natuur

Deze podcast wordt gemaakt door Natuurmonumenten. Boswachters vertellen over de gebieden van Natuurmonumenten zoals de Marker Wadden. Ook worden er mensen zoals schrijfster Griet op de Beeck geïnterviewd over hun relatie met de natuur. Ik ben er echt even uit met deze podcast.

Boeken

NPO Radio 1 Boekenpodcast

Presentatoren van NPO radio bespreken in wisselende duo’s per aflevering vier boeken die zij interessant vinden. Dit kan fictie zijn, maar ook komen er biografieën en geschiedenisboeken voorbij. De besprekingen per boek zijn precies lang genoeg om de luisteraar warm te maken. Door deze podcast zijn er al heel wat boeken op mijn nog te lezen lijstje beland.

Cultuur

Making an opera

In 8 afleveringen laat Stef Visjager zien hoe de opera Ritratto wordt gemaakt. Zij volgt anderhalf jaar lang 7 internationale jonge zangers van De Nationale Opera van audities tot generale repetitie. De première stond gepland op de ongelukkige datum vrijdag 13 maart 2020. Het was de dag waarop bijeenkomsten met meer dan 100 mensen werden afgelast i.v.m. de Corona-maatregelen. Hoewel ik nog nooit een opera heb gezien, vond ik dit inkijkje in de operawereld fascinerend.

Geschiedenis

De familie Romeijn

Zussen Aafke en Anneke Romeijn maakten deze podcast over hun zoektocht naar de geschiedenis van hun familie. Er gaan verhalen rond in de familie over familieleden die tijdens de Tweede Wereldoorlog misschien niet helemaal aan de juiste kant van de lijn stonden. Interessant om te horen hoe zij dit aanpakten en wat zij uiteindelijk ontdekt hebben.

Rivierverhalen

Wim Eikelboom vertelt in deze podcast de verhalen van de rivier de IJssel. Al eeuwenlang leven mens, natuur en rivier samen. Dat levert interessante verhalen op. Het doet me een beetje denken aan het reisprogramma Langs de Rijn waarbij Martin Hendriksma en Huub Stapel op zoek gaan naar verhalen over de Rijn terwijl ze van de bron naar de monding reizen.

Interviews algemeen

The Braveheart Club Podcast

In deze Podcast van Happinez interviewt schrijver en angst-onderzoeker Roanne van Voorst allerlei bekende en minder bekende mensen over moed. Een breed begrip dat mooi gesprekken oplevert.

Met Groenteman in de kast

Gijs Groenteman interviewt iedere week iemand die hem heeft verwonderd of is opgevallen. Hij schuwt de humor niet en door de goede vragen krijg je mooie gesprekken. Ik luister er vaak met een glimlach naar.

De Ben Tiggelaar Podcast

Schrijver en gedragswetenschapper Ben Tiggelaar interviewt elke twee weken interessante gasten over persoonlijk leiderschap. De geïnterviewden komen uit diverse vakgebieden en hebben elk weer een eigen kijk op het onderwerp. Ook voor mijn werk een interessante podcast.

Wandelen en avontuur

Ongebaande Paden Podcast

In 2019 liep Anne Mathot een deel van de Pacific Crest Trail, een langeafstandspad in Noord-Amerika van ruim 4000 km. Het pad loopt vanaf de grens met Mexico in het zuiden naar de grens met Canada in het noorden. Tijdens het wandelen in voornamelijk wildernis deelt Anne de mooie en minder mooie momenten. Je hoort de regen op haar tentje en de vogels om haar heen. Tijdens mijn ommetje ben ik echt even in de Amerikaanse wildernis.

Podcast voor Avontuurlijke Vrouwen

Wandelaar, schrijver en wereldreiziger Antonette Spaan interviewt in deze podcast avontuurlijke vrouwen. Van wereldreizigers tot vrouwen die avonturen dichter bij huis beleven. Hoe ziet hun leven eruit? Waarom hebben zij hiervoor gekozen? Wat is voor hen avontuur? Inspirerende verhalen die maken dat je je eigen leven op een andere manier gaat bekijken.

Wandellust met Twan Huys

Sinds maart dit jaar ligt het boek Wandellust van Twan Huys in de boekwinkel, waarin hij de mooiste wandelgebieden van Nederland beschrijft en zijn gesprekken met bijzondere mensen. In de gelijknamige podcast interviewt hij al wandelend vijf bekende en mindere bekende Nederlanders die allemaal een liefde voor wandelen hebben. O.a. de aflevering met Ben Feringa heb ik met veel plezier geluisterd. De Nobelprijswinnaar en hoogleraar natuurkunde neemt Twan Huys mee naar de Drentse Aa waar zij al pratend de weg kwijtraken.

Overig

Ongesigneerd

Dit is een al wat oudere podcast (de laatste aflevering is van februari 2019) over onopvallend design in de wereld om ons heen. Denk aan de stoeptegel of straatnaambordjes. Wat zijn de ideeën achter deze schijnbaar simpele elementen in het straatbeeld? De podcast zit goed in elkaar met geluidsfragmenten en muziek en is vaak niet langer dan een kwartier. Tjitske Mussche en Laura Stek doen het erg leuk en je leert in korte tijd interessante weetjes. Jammer dat er niet meer afleveringen zijn!

13 podcast-tips

Deze 13 zeer diverse podcasts geven mijn ommetjes een hele andere dimensie. Inmiddels ga ik af en toe weer naar kantoor, maar de ommetjes blijven. En de podcasts ook!

Welke (minder bekende) podcasts raden jullie me aan?

Niebroekerpad: wandelen door een Jac. P. Thijsse-landschap

Route: Klompenpad Niebroekerpad
Afstand: 14 km
Start: Dorpsplein 8 Nijbroek
Eind: Dorpsplein 8 Nijbroek

Op een stralende zomerdag parkeren we de auto in het uitgestorven Nijbroek. Onder het donkerrode gebladerte van de bomen aan het Dorpsplein is genoeg plek en schaduw. Nijbroek is eeuwenoud en ligt in een polder uit de middeleeuwen. Het is het enige dorp in de gemeente Voorst dat niet op een zandheuvel is ontstaan. Aan het plein staat de dorpskerk waar de historische kern van de plaats in de 16e en 17e eeuw omheen is gebouwd.

Kerk van Nijbroek met rechts het MKZ-monument

Van recentere datum is het MKZ- monument naast de kerk. Blijkbaar zijn in 2001 ook hier veel dieren geruimd bij de uitbraak van mond- en klauwzeer. Ik had er nog niet eerder een monument voor gezien. Twee bruine plastic stoeltjes nodigen de voorbijganger uit om hier wat langer bij stil te blijven staan/zitten.

MKZ-monument

Het pad start met een lus ten noorden van Nijbroek, de verkorte route slaat dit stuk over. Dat is eigenlijk zonde. Het is er prachtig. Over een onverhard pad lopen we het dorp uit en komen al snel op een graspaadje langs een sloot terecht. Het gras is net gemaaid en nog nat. Langs de waterkant staan diverse bloeiende bloemen. Ook de sigaren (lisdodden) ontbreken niet. De insecten vliegen af en aan. We wanen ons in een Jac. P. Thijsse landschap.

Jac P. Thijsse-landschap

Na een ietwat zwaarder stuk door een weiland met hoogstaand nat gras komen we met klamme sokken bij de Middendijk aan en later bij de Zeedijk. Het zijn kleine geasfalteerde wegen die we een paar kilometers volgen. Zeedijk klinkt misschien wat vreemd in deze contreien waar de zee ver te zoeken is. ‘Zee’ heeft echter niks met water te maken, maar is een verbastering van ‘zij’. De dijk liep langs het gebied aan de oostzijde van Nijbroek.

Na de Zeedijk wordt het pad weer onverhard en volgt een slootje langs weilanden en een bosrand. We lopen hier op met een ander Klompenpad: het Woldermarkerpad. Er groeien veel brandnetels waar allerhande vlinders op vertoeven. De atalanta, de dagpauwoog en de gehakkelde aurelia fladderen voorbij. Later volgen het landkaartje en het koevinkje. Ook worden we omringd door diverse juffers en libellen.

Landkaartje
Koevinkje

Op de Wellerweg, eerst een fietspad met nieuwsgierige koeien, later een zandweggetje dat eens een verbindingsweg was tussen Deventer en Nijbroek, zien we de eerste andere wandelaars van vanochtend. De teller zal uiteindelijk op drie blijven steken. Niet veel voor zo’n prachtige wandeldag als vandaag, midden in de vakantie. Nu is het zo dat er veel Klompenpaden in dit gebied zijn (zoals het Fliertpad dat we eerder liepen), maar ook andere wandelroutes. Genoeg keus dus!

Na deze volgden er nog veel meer nieuwsgierige koeien

Na de Wellerweg loopt de route verder langs de Nijbroekse Wetering. Ook hier is het pad weer keurig gemaaid. Het mais staat hoog en de eerste aanzetten van maiskolven zijn zichtbaar. Het is hier rustig. Qua mensen dan. De vogels fluiten naar hartenlust, de vlinders en libellen vliegen af en aan. Ook is er op de achtergrond het niet aflatende geluid van de vliegtuigjes die waarschijnlijk op vliegveld Teuge zijn opgestegen. Het is blijkbaar goed vliegweer.

Langs de Nijbroekse Wetering

Onder een lindeboom eten we op een bankje onze lunch met uitzicht op de weilanden. In de schaduw met een briesje krijg ik een beetje spijt dat ik geen boek heb meegenomen. Het zit hier heerlijk. Een uurtje langer was geen probleem geweest. Maar helaas, bij gebrek aan boek en met nog een paar kilometers voor de boeg gaan we weer verder.

Vlak voor Nijbroek haalt een wandelaar ons in. Hij loopt in een hoog tempo en binnen korte tijd is hij een stipje in de verte geworden. Op ons gemakje lopen ook wij het dorp weer in. De auto staat nog steeds in de schaduw van de hoge bomen en is nog koel van binnen. Geen overbodige luxe bij dit weer. We kijken terug op een mooie wandeling. De lange rechte paden, die enkele wandelaars op de site van klompenpaden saai noemen, zijn voor mij alles behalve dat. De natuur waar de paden doorheen lopen en het mooie zomerweer maakten dit tot een prachtige wandeling.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Pieterpad etappe 8: Coevorden – Hardenberg

Route: Pieterpad
Afstand: 19 km
Start: Station Coevorden
Eind: Station Hardenberg

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Op een stralende zondagmorgen in juli zetten we de auto bij station Hardenberg. Met mijn mondkapje in de aanslag stap ik voor het eerst in maanden weer in een trein. Het is nog geen 9 uur en we zijn de enige reizigers in de coupé. Ik had wel wat Pieterpadders verwacht. Het is ideaal wandelweer.

In Coevorden stappen we uit op bekend terrein. Hier stonden we vorige maand ook. Ditmaal nemen we geen koffie bij de bakker, maar gaan meteen op pad. We verwachten in Gramsbergen, dat halverwege de etappe ligt, wel een horeca-gelegenheid te vinden. Langs een voormalig station uit 1910 van de Dedemvaartsche Stoomtramweg Maatschappij – de tramdienst werd in 1947 opgeheven – lopen we Coevorden uit.

Voormalig station DSM, rechts van de slagboom

Al snel bevinden we ons op een onverhard pad in de richting van de Poort van Drenthe, een kunstproject van zwerfkeien uit 2005. Van Coevorden is niets meer te zien, we lopen midden in de natuur en zijn dicht bij de grens met Overijssel. Een meneer met een hond komt ons tegemoet en zit duidelijk niet verlegen om een praatje. Hij loopt hier elke dag, vertelt hij, en komt vrijwel altijd Pieterpad-wandelaars tegen. Voorheen moest hij ze vaak de weg wijzen omdat de route niet duidelijk was. Hij heeft zelfs eens een paar verdwaalde en uitgeputte wandelaars, die het Pieterpad van zuid naar noord liepen, met de auto naar het station gebracht. Gelukkig is de markering nu beter.

Poort van Drenthe

Er komen twee andere wandelaars aan. “Ga maar snel verder” zegt de meneer tegen ons, “dan hou ik hen wel aan de praat, zodat jullie een voorsprong kunnen opbouwen.” Hoewel het natuurlijk geen wedstrijd is, willen we wel weer verder en maken dankbaar gebruik van zijn aanbod. Als we een paar honderd meter verder nog even achterom kijken, zien we de twee wandelaars in een gesprek verwikkeld met de hondenuitlater. We hebben hen niet meer gezien.

De omgeving trekt onze aandacht. Het pad is prachtig. Over kleine onverharde paadjes lopen we tussen wilde bloemen langs de waterkant en koren-, aardappel- en maisvelden door. De weerspiegeling van de Hollandse luchten in het gladde wateroppervlak maken het plaatje compleet.

Het zomerse weer zorgt voor mooie plaatjes

Na wat verharde wegen, omzoomd door eikenbomen komen we bij De Haandrik, een ‘spaghetti’-kruispunt (aldus het boekje) van de Vecht, verschillende kanalen en een spoorlijn. Langs de kanten zitten veel Duitse vissers, als ik de nummerborden op hun auto’s mag geloven. Duitsland is niet ver weg. Het is naast heerlijk wandelweer blijkbaar ook prima visweer. En uiteraard goed fietsweer: wielrenners, e-bikers, maar ook motorrijders rijden in groten getale voorbij.

De Vecht bij het spaghetti-knooppunt

Over een rustig weggetje lopen we in niet al te lange tijd naar Gramsbergen. Aan het begin van de plaats zien we aan het water een terras. De vele rugzakken en wandelschoenen wijzen op mede Pieterpad-wandelaars. Uiteraard nemen we hier ook even pauze. Naderhand blijkt dit een goede beslissing. In het kleine centrum van Gramsbergen vinden we naast een bronzen beeld van Pieterpad-wandelaars alleen maar lege terrassen. De horeca blijkt gesloten.

‘Pieterpad’ van Nelleke Allersma (1996)

Na Gramsbergen komen we in Ane. Een plaats met een geschiedenis. Hier vond de slag van Ane plaats toen in 1227 de Drenten o.l.v. de heer van Coevorden in opstand kwamen tegen de bisschop van Utrecht. De bisschop overleefde deze slag niet. De jongen van de bakker in Coevorden vertelde tijdens de vorige etappe ook trots dit verhaal over ‘zijn’ Coevorden. Ik kende de slag van Ane ook van het Christoffelpad, dat ik vorig jaar liep. Ik wandelde toen door Zwartewatersklooster (een buurtschap bij Hasselt in Overijssel) waar ooit een klooster is gebouwd als boetedoening voor de omgekomen bisschop. Ook schijnen er ridders begraven te liggen, die gesneuveld zijn in de slag. Van zowel het klooster als de riddergraven is in Zwartewatersklooster nu niets meer te zien.

Monument Slag bij Ane

Het is tijd voor de lunch als we een bankje spotten aan de Aner Esch. In het zonnetje eten we ons brood op en groeten alle langskomende fietsers (en dat waren er nogal wat). We wandelen verder door het Engelandsche Bos dat groeit op een afgesneden Vechtmeander. Ik lees in het boekje dat de naam Engeland weideland betekent en komt van het nabijgelegen buurtschap Engeland.

Na het bos zigzaggen we naar Hardenberg. Het laatste stuk lopen we aan de voet van de Vechtdijk en steken dan de rivier over. In Hardenberg verlaten wij de route, die verder loopt in de richting van Ommen. Wij wandelen door het centrum naar het station. Ook hier is er nergens een terrasje open. Ligt het aan de zondag? In ieder geval niet aan het weer, dat was vandaag prachtig.

Hardenberg aan de Vecht

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Wandelen in het Reestdal

Route: Trage Tocht Oud-Avereest
Afstand: 13 km
Start: Bezoekerscentrum De Wheem, Oud Avereest 22 in Oud-Avereest
Eind: Bezoekerscentrum De Wheem, Oud Avereest 22 in Oud-Avereest

Bruggetje over de Reest

Op de grens van Overijssel en Drenthe stroomt de veenbeek de Reest. Het is een van de weinige riviertjes in Nederland dat nog sterk meandert. Door het welhaast ontbreken van menselijk ingrijpen is het landschap in het beekdal behouden gebleven, waardoor je nu door een eeuwenoud cultuurlandschap loopt.

Ik kende het Reestdal van naam, maar had er nog nooit gewandeld. Op een druilerige en winderige zondag in juli beginnen we aan de Trage Tocht Oud-Avereest die een rondje van 13 kilometer door het gebied maakt. Als we een paar honderd meter van het bezoekerscentrum verwijderd zijn, lopen we al tussen de velden. Terwijl we uitkijken over de deinende korenaren en korenbloemen, lezen we op een aantal panelen over de verschillende gewassen die in dit gebied te vinden zijn, zoals spelt, zomertarwe en boekweit.

Tussen de velden valt genoeg te lezen

Niet veel later steken we de Reest over en wandelen we Drenthe in. Onder laaghangende eikenbomen lopen we langs een uitgestrekt heideveld waar schapen grazen. In de open vlakte steken de majestueuze bomen duidelijk af tegen de dreigende lucht. Wat is het hier prachtig, zelfs bij dit weer!

We steken een weg over en komen in het gebied Takkenhoogte-Meeuwenveen. Je vindt hier een oeverzwaluwwand en vanaf een kijkheuvel heb je een mooi uitzicht op het gebied. Op een bankje op die heuvel drinken wij onze meegebrachte koffie. Beneden ons, op het pad, horen we stemmen van voorbij rennende hardlopers en van een gezin met twee enthousiaste jongetjes. Wij zien ze vanaf deze plek goed. Zij ons niet.

Uitzicht vanaf de kijkheuvel

Verderop grazen Schotse Hooglanders. Als we langslopen, merken ze ons nauwelijks op. Het pad gaat verder door een bos en over heidevelden. Als de heide echt in bloei staat, zal het hier een paarse zee van bloemen zijn. Op een afstandje zien we het Meeuwenveen liggen. Ooit zat hier een grote kokmeeuwenkolonie. Deze is allang verdwenen, maar de naam is gebleven. Het ven is een zogenaamde pingoruïne, in de ijstijd was dit een ijsheuvel. Toen de temperaturen omhoog gingen, is de laag aarde met het smeltwater van de ijsheuvel afgegleden. Hierdoor ontstond er een aarden wal rond de heuvel. Toen ook de ijskern smolt, bleef er een vennetje achter binnen de wal.

Takkenhoogte

Als ik de informatie lees over de pingo, vliegt er opeens een kleurige vogel voorbij. Mijn medewandelaar heeft de verrekijker al in de aanslag en herkent de vogel met de lange staart, het zorro-masker, de grijze kop en de roodbruine vleugels als de grauwe klauwier. Die hadden we nog niet eerder gezien! Een telefonerende hardloper komt nietsvermoedend aanlopen waardoor de vogel opvliegt en verdwijnt.

Ook wij lopen maar weer door over bospaden en langs graanvelden. Voor het buurtschap Den Huizen passeren we de Reest opnieuw. Het smalle watertje staat vol waterplanten. Het is een prachtig riviertje om te kanoën, maar we vragen ons af of dat wel mag. Iets om uit te zoeken.

De Reest

De route wordt drukker. We komen in de buurt van campings en regelmatig moeten we uitwijken we voor gezinnen met kinderwagens, hondenuitlaters en een enkele hardloper. Het pad maakt een lus door het bos, waarna het nog een klein stukje is naar ons beginpunt. Inmiddels is er een voorzichtig zonnetje doorgebroken, waardoor er meer vlinders actief worden. Een koolwitje en een bont zandoogje blijven geduldig zitten voor de foto.

Bont zandoogje

De parkeerplaats bij het bezoekerscentrum is een stuk drukker geworden. En geef de wandelaars eens ongelijk. Het is een prachtig gebied om er op uit te trekken. Niet in de laatste plaats met behulp van deze wandeling, die zich met recht een trage tocht mag noemen. Trage tochten zijn natuurwandelingen waarvan minimaal 70% over onverharde paden gaat. Ik denk dat deze tocht wel in de buurt van de 100% komt. Deze gevarieerde wandeling is een echte aanrader.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Twentse Tocht | Hof Espelo en Lonnekermeer

Route: Twentse Tocht 3 Hof Espelo – Lonnekermeer uit Twaalf Twentse tochten (2019) van Truus Wijnen. Klik hier voor de digitale versie op Wandelzoekpagina.
Afstand: 17 km
Start: Parkeerplaats Bezoekerscentrum Koetshuis Hof Espelo, Weerseloseweg 259 Enschede
Eind: Parkeerplaats Bezoekerscentrum Koetshuis Hof Espelo, Weerseloseweg 259 Enschede

Op Twitter en Instagram volg ik Truus Wijnen die daar met groot succes ‘haar’ Twente promoot als wandelgebied. Na alle mooie foto’s en wandelbeschrijvingen besluiten ook wij een paar dagen naar Twente te gaan. Uiteraard koop ik het wandelboekje Twaalf Twentse tochten van – jawel – Truus Wijnen, waarin twaalf rondwandelingen beschreven staan door het Twentse land.

De wandeling ‘Hof Espelo – Lonnekermeer’ is in 2015 door de bezoekers van Wandelzoekpagina verkozen tot ‘mooiste wandeling van het jaar’. Dat maakt me nieuwsgierig. Op een doordeweekse dag parkeren we de auto bij het bezoekerscentrum Koetshuis Hof Espelo van Landschap Overijssel. Hoewel er naast het gebouw een stuk of 15 mensen (vrijwilligers?) gezellig koffiedrinkend in een cirkel zitten, is het bezoekerscentrum niet open. Enkel op zondag.

Bij bewolkt weer lopen we over bospaden en lanen over landgoed Hof Espelo. Het is een van de landgoederen rondom Enschede die door rijke textielfabrikanten gekocht werden. Zij bouwden er o.a. hun zomerverblijf. We wandelen door het begin deze eeuw aangelegde sterrenbos (een bos met paden in de vorm van een ster) en komen in de wildernis terecht. Letterlijk.

We komen in de Wildernis terecht

Via de Hartjesbosweg (waar komt die leuke naam vandaan?) komen we uit bij landgoed Lonnekermeer waarop twee meertjes liggen. Deze meertjes zijn ontstaan toen er zand afgegraven werd voor de aanleg van de Twentse spoorlijnen. Op een bankje kijken we uit over het water en even waan ik me in Zweden. Totdat twee hondenuitlaters, plat Twents pratend, langslopen.

Het lijkt wel Zweden

Langs veel eiken met de eikenprocessierups maken we een lus om de meertjes. Op panelen langs het pad staan verschillende gedichten van de Twentse dichter Willem Wilmink, zowel in het Nederlands als in het Twents. We wijken ietwat af van de route in het boekje om er nog een paar meer mee te pakken. Deze kans laat ik me niet ontglippen.

Gedichten van Willem Wilmink op landgoed Lonnekermeer

Het wordt zonniger en dat merk je aan de natuur. Steeds meer vlinders fladderen op, vogels zingen naar hartenlust. Op de kleine bospaadjes en brede zandwegen blijven we regelmatig staan om naar een fladderaar te kijken. In de bermen staat kamille, dat heerlijk geurt. Via een beekje dat idyllisch door het bos meandert komen we bij de campus van de universiteit Twente uit.

De route gaat dwars over de campus waar de studentenonderkomens, de collegezalen, maar ook veel voorzieningen zijn. Het lijkt wel een dorp op zich. Mooi gelegen, direct grenzend aan de natuur. Nu erg rustig, maar in andere maanden waarschijnlijk een stuk drukker. Aan de wandelboulevard besluiten we een broodje te eten met uitzicht op een vijver met een half verzonken klokkentoren: het Torentje van Drienerlo. Het is een ontwerp uit 1979 van Wim T. Schippers en staat symbool voor het achterblijven van kerkelijke dogma’s bij nieuwe wetenschappelijke inzichten. Twee meerkoeten zorgen voor vermaak terwijl ze een nest in gereedheid brengen. Twee zwanen kijken vanaf de kant toe hoe de ene meerkoet op en neer zwemt met takjes en blaadjes, terwijl de andere ze aanpakt en het nest ordent.

Torentje van Drienerlo

Vanaf de campus lopen we over kleine paadjes, langs mannen in witte pakken die de eikenprocessierups verwijderen en langs meerdere hardlopende studenten over bospaden in een paar kilometer weer terug naar de auto.

University of Twente

Leuk om eens de campus van universiteit Twente te hebben gezien. Het ligt er mooi te midden van het groen. Ook de wandeling zelf was de moeite waard. Het maakt me benieuwd naar de andere tochten uit het boekje.

Welke wandeling uit Twaalf Twentse tochten kunnen jullie me aanraden?

Aan het einde van de wandeling brak de zon goed door

Pieterpad etappe 7: Sleen – Coevorden

Route: Pieterpad
Afstand: 23 km
Start: Sleen centrum
Eind: Coevorden station

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Bloeiende aardappelvelden onderweg

Sinds half maart heb ik geen langeafstandswandelingen meer gedaan. De etappes lopen over het algemeen van A naar B en openbaar vervoer is nu geen optie. Dit is zeker geen noodzakelijke reis. Hoe kom je dan weer thuis of bij je auto? Wij probeerden tijdens deze etappe de auto-fiets-auto combinatie uit en het beviel ons uitstekend. Het van A naar B-wandelseizoen is weer geopend.

Op een zonnige zaterdag parkeren we de auto bij station Coevorden en pakken de fietsen van de auto om richting Sleen te fietsen, 16 km verderop. Het is 8 uur en we speculeren over een open koffietentje in Sleen. Te vroeg, concluderen we. We zijn 200 meter van de auto als we op een oud Van Gend & Loospand het bord Slagter, de echte bakker zien staan. En nog belangrijker, de mededeling dat ze open zijn. Elke doorgewinterde wandelaar weet dat als er een koffiegelegenheid op zijn of haar pad komt hij of zij deze moet grijpen. De volgende is vaak verder weg dan je wil.

Vlakbij de bakker vinden we een kwatrijn van Jean Pierre Rawie

We nemen plaats op het terras. Als de medewerker de cappuccino brengt, zit hij niet verlegen om een praatje. Hij vertelt dat het hele stationsgebied net twee weken geleden is opgeleverd, evenals het kunstwerk waar we op uitkijken. “Het zijn de contouren van de stadsgracht” legt hij uit, wijzend naar het blauw-gouden hoekige lint dat uit een vijvertje omhoog steekt. Hij vindt het gebied erg mooi geworden. En weten we dat Coevorden de enige echte stad van Drenthe is? Met een heus kasteel. In de middeleeuwen hebben de Drenten o.l.v. de heer van Coevorden toch maar mooi de bisschop van Utrecht verslagen. “De slag bij Ane” reageer ik enthousiast, zoals ik net in het wandelboekje had gelezen. “Jaja” zegt de jonge jongen, alsof dat een feitje is dat elk willekeurig mens paraat heeft.

Na deze les geschiedenis stappen we weer op de fiets. We willen vandaag immers nog wandelen. In een klein uurtje fietsen we naar Sleen, waar we de fietsen parkeren en aan de etappe beginnen. Over een lange weg lopen we het mooie dorpje uit. We komen op een onverhard pad langs een akker. In de berm bloeien wilde bloemen in allerlei kleuren. We lopen richting een van de velen vaarten die we deze etappe tegenkomen: de Jongbloedvaart. Bekend terrein voor ons. Hier fietsten we deze ochtend ook.

Na een brug verkennen we de andere zijde van de vaart. Het boekje rept over een zandpad, maar al wat wij zien is een groene jungle. Het pad is redelijk overwoekerd. Na deze wildernistocht komen we uit bij de Verlengde Hoogeveensche Vaart.

Over overwoekerde paden

Tot onze verbazing varen er meerdere grote motorboten op het niet al te brede water. De drie bruggen die we tijdens de daarop volgende kilometers tegenkomen, worden allen bediend door dezelfde bruggenwachtster. Met haar elektrische fiets is ze net op tijd bij de volgende brug om hem open te doen voor steeds hetzelfde motorjacht. Een van de bruggen heeft de naam Hoolbrug. Het is een originele draaibrug en heeft nog een authentiek brugwachtershuisje.

De Hoolbrug en brugwachtershuisje

De route gaat verder naar Den Hool, een mooi gelegen gehuchtje met een kleine brink. We komen hier een paar wandelaars tegen die voor ons liepen en nu neergestreken zijn bij een theeschenkerij. Wij teren nog op de koffie van de bakker en lopen verder. We wandelen langs velden vol koren en bloeiende aardappelakkers. Tot ook wij in Dalerveen de koffie met lekkers niet kunnen weerstaan.

Korenvelden

Na de koffie vervolgen we onze weg over de Oude Dalerveensestraat, een lange weg met hoge bomen. We kruisen het Nieuwe Drostendiep en het Oude Drostendiep. Deze laatste ligt er een stuk aantrekkelijker bij. De bloeiende gele plomp in het water helpt ook mee. Verderop, midden in de natuur, komen we langs een Joodse begraafplaats die in de 18e eeuw gesticht is voor de kleine Joodse gemeenschap van Dalen. Het ligt op een heuveltje en lijkt goed onderhouden. We zien slechts 1 grafsteen. In 2003 is er sinds decennia weer iemand begraven.

Joodse begraafplaats van Dalen met helemaal rechts de nieuwe grafsteen

Een gedicht van Bertus IJdens geeft in het Drents en Nederlands een inkijkje in de geschiedenis van deze plek.

Straatgedicht van Bertus IJdens

Na de begraafplaats wandelen we verder over een schelpenpaadje en komen bij het bekende vakantiepark De Huttenheugte uit, waarnaast ook Plopsaland Indoor gevestigd is. Maya de Bij kijkt ons na als we het park de rug toekeren en onze weg vervolgen. Vlak bij Coevorden krijgen we weer te maken met een pad dat voornamelijk uit hoge grassen bestaat. Zonder machete weten we ons ook hier een weg te banen en bereiken het Stieltjes kanaal, dat dwars door Coevorden loopt.

Over een beschaduwd pad langs het water lopen we de ganzenstad binnen. Net als Oxford heeft de plaats haar oorsprong in de doorwaadbare plaats (vorde of ford) voor koeien/ossen. Door een park volgen we een tijdje de contouren van de gracht. We zien een opvallende watertoren en dan het kasteel. Met de woorden van de bakkermedewerker in gedachten nemen we er een kijkje. Het is nu een hotel. ‘Slapen in het enige kasteel van Drenthe’ had als slogan niet misstaan.

Het enige kasteel van Drenthe

In het park, bij het kasteel maar ook bij het station komen we straatgedichten tegen. De kwatrijnen van Jean Pierre Rawie staan op 10 historische plekken in de stad en vertellen over de geschiedenis. Eigenlijk net als bij de bakker vanochtend. Ze behoren tot het project ‘Scherven van een stad’.

5 van de 10 kwatrijnen in Coevorden

En dan bereiken we weer het station en daarmee de auto. Ons rest nog een autoritje naar Sleen, om de fietsen op te halen. Die auto-fiets-auto combinatie bevalt goed en schept mogelijkheden. Onderweg naar Sleen begint de voorpret al voor de volgende wandeling. Alle langeafstandspaden, streekpaden en wandelnetwerkpaden die ik aan het wandelen ben, passeren de revue. Welke wordt de volgende?

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Fliertpad: wandelen langs beroemde landhuizen bij Twello

Route: Klompenpad: Fliertpad
Afstand: 16 km
Start: Parkeerplaats gemeentehuis, H.W. Iordenweg 17 Twello
Eind: Parkeerplaats gemeentehuis, H.W. Iordenweg 17 Twello

Twello: bij het horen van de naam dacht ik dat de plaats in Twente lag, Hengelo en Almelo in gedachten. Maar niets is minder waar. Twello ligt in Gelderland, in het grensgebied tussen IJssel en Veluwe, grofweg tussen Deventer en Apeldoorn. Ik was er vandaag voor het eerst. Om er een klompenpad te lopen. De statige landgoederen, karakteristieke boerderijen en het beekdal van de Fliert, waar je volgens de beschrijving resp. over, langs en doorheen komt als wandelaar, spraken me aan. De beschrijving heeft niets teveel gezegd.

Op een zonnige zaterdag parkeren we de auto op de parkeerplaats bij het gemeentehuis van gemeente Voorst in Twello. De hekken om het gebouw en de staat van het pand doen vermoeden dat de gemeenteambtenaren momenteel ergens anders werken. Een bord waarschuwt ons voor de roeken in de eiken rondom de parkeerplaats. In deze tijd hebben ze jongen en het kan zijn dat je auto geraakt wordt door vogelpoep en takjes. Vanwege een zekere rups hadden we de auto gelukkig al zo ver mogelijk van de bomen af geparkeerd.

De klompenpadstickers vinden we meteen en via onverharde weggetjes wandelen we al snel Twello uit. Achter ons lopen twee stevige, kale mannen met meerdere tattoos. De bergschoenen, de wandeluitrusting en het feit dat ze dezelfde afslagen nemen als wij, doen vermoeden dat zij ook het Fliertpad lopen. Wij staan een paar keer stil om een vogel te spotten, waardoor zij ons al snel inhalen. Ze groeten vriendelijk en met een “we zien jullie wel weer” lopen ze verder.

De lucht is stralend blauw. Het wordt vandaag warm en dat voel je nu al. De plassen op de weggetjes van de buien van die nacht geven een verfrissend gevoel. Ook de natte grashalmen op de overwoekerde paadjes waar we even later lopen zijn heerlijk fris aan onze benen. We spotten veel libellen, vlinders en zelfs een roodborsttapuit, waar mijn vogel-enthousiaste medewandelaar erg blij mee is.

We bereiken de – een stuk hoger gelegen – Wilpsedijk. We lopen op en langs deze dijk en zien dan onder een imposante boom de twee kale wandelaars zitten. Ze kijken uit op een landhuis aan het water met op de voorgrond een ooievaarsnest, waar het hele gezin thuis is. Een mooi plekje om even uit de zon wat te drinken. Als ze ook de klompenpad-app gebruiken, weten ze dat ze het van oorsprong 19e-eeuwse landhuis ‘t Schol zien. In 1974 brandde het helemaal uit en was daarmee het perfecte decor voor landhuis ‘Hartenstein’ in de film A bridge too far.

Landhuis ’t Schol

Na een groet laten we ze lekker zitten en lopen een saai stukje tegemoet langs de N344. Gelukkig duurt het niet lang en even later kijken we op een hoger gelegen parallelweg uit over het Stadsland. In vroeger tijden de moestuin van Deventer, toen de IJssel nog een andere loop had en de rivier met een grote boog naar het westen liep. Tegenwoordig ligt de Hanzestad aan de andere kant van de IJssel. Op de huidige landbouwgronden is de kans aanwezig dat je een patrijs ziet. Wij moeten ons helaas tevreden stellen met een paar houtduiven.

Stadsland: ooit de moestuin van Deventer

Een bordje wijst naar het Hof van Twello aan de andere kant van de weg. Er is een streekwinkel en een blotevoetenpad. Nieuwsgierig geworden en hopend op koffie wijken we van de route af. Het Hof van Twello blijkt een stuk groter dan verwacht. We vinden er allerhande planten in kassen, een speeltuin, een streekwinkel en een heus terras tussen de citroenboompjes. Nu de horeca weer open is, maken we er dankbaar gebruik van.

Uiteraard zijn de kale wandelaars ons weer gepasseerd toen we aan de koffie zaten. We komen ze bij landgoed het Hunderen weer tegen. “Tot straks” beloven we elkaar enthousiast. Maar het zou de laatste keer zijn dat we ze zien. Het landhuis ligt er prachtig bij en in het omliggende bos met waterpartijen is het mooi wandelen, zelfs met rollators. Een oudere mevrouw met rollator en kleindochter groet ons en wenst ons een prettige wandeling.

Op landgoed het Hunderen

Op een bord lees ik dat dit landhuis bekend is geworden door het boek Heren van de thee van Hella S. Haasse. De naam van het landhuis zegt me helemaal niets, hoewel ik het boek – alweer een tijdje geleden – met veel plezier gelezen heb. Tijd voor een herlezing.

Landhuis het Hunderen

Het Fliertpad bestaat als het ware uit twee lussen, waardoor je de route ook in een verkorte versie kunt lopen van 11 km. Wij doen beide lussen en de tweede begint na het Hunderen. Via een appelboomgaard komen we op een graspad langs een sloot terecht. De grashalmen staan hoog, waardoor we ons regelmatig echt een weg moeten banen. Het lijkt wel of deze tweede lus niet veel gelopen wordt.

Appelboomgaard

 

Overwoekerde paden

Het is maar goed dat wij het wel doen, want we komen hier eindelijk de naamgever van dit pad tegen: het beekje de Fliert. Volgens de app is de Fliert waarschijnlijk een van de weinige natuurlijke beken in de omgeving. Op het verlaten pad waar we lopen ligt de beek er mooi bij met de waterlelies en overhangende bomen.

De Fliert

Na de Fliert slingert het pad door weilanden en waterbergingsbossen van Vitens. Het levert mooie vergezichten op waarvoor we regelmatig stil blijven staan. Ook loopt de route even op met een ander klompenpad (Avervoorderpad). Genoeg vervolgwandelingen hier.

Na enkele kilometers staan we weer voor landhuis het Hunderen. Vanaf hier maakt de route de lus af richting het beginpunt. Via verkoelende bospaden komt de kerktoren van Twello weer in zicht en lopen we het laatste stukje naar de auto. De roeken hebben zich koest gehouden en wij kijken terug op een mooie afwisselende wandeling die zeker door meer wandelaars gelopen zou moeten worden. Al is het maar om de paden iets minder overwoekerd te houden.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Lentewandeling bij Oranjewoud

Route: Trage Tocht Oranjewoud
Afstand: 13 km
Start: Parkeerplaats Koningin Julianaweg, bij driesprong Emmalaan, Oranjewoud
Eind: Parkeerplaats Koningin Julianaweg, bij driesprong Emmalaan, Oranjewoud

Fris lentegroen in de bossen bij Oranjewoud

Op de parkeerplaats staan een stuk of wat auto’s. Een hardloper komt aanrennen, stapt in haar auto en rijdt weg. Een man stapt net uit en wandelt zijn hond achterna in de richting van het brede bospad. Zij komen hier duidelijk vaker. Wij zijn hier voor het eerst en zijn blij de parkeerplaats in één keer te hebben gevonden. We staan in Oranjewoud, een plaatsje onder de rook van Heerenveen.

Het dorp dankt zijn naam aan prinses van Oranje Albertine Agnes van Nassau die hier in de 17e eeuw een landgoed kocht en het de naam Oranjewoud gaf. In de eeuwen hierna vestigden meerdere voorname families zich in Oranjewoud. Het is dan ook niet verwonderlijk dat hier bovengemiddeld veel landhuizen te vinden zijn. Meteen aan het begin van de trage tocht komen we er meerdere tegen.

Klein Jagtlust

Het is een prachtige lentedag. De frisgroene blaadjes van de bomen steken fel af tegen de strakblauwe lucht. De landhuizen komen zo mooi uit, maar ook de rechte paden in het museumpark, waar we vrij in het begin doorheen komen. Het park is keurig onderhouden en voor de vermoeide wandelaar zijn er veel bankjes om op neer te ploffen. Oorspronkelijk stamt het park uit 1700 maar is in 2004 weer aangelegd. Museum Belvédère is het centrale punt. Nu gesloten, maar ruim een jaar geleden zagen we hier een prachtige tentoonstelling van Ruud van Empel. Hopelijk kunnen we snel weer genieten van nieuwe exposities.

Museum Belvédère in het Museumpark

In het park komen we redelijk wat mensen tegen: hondenuitlaters, hardlopers, twee dames op een step, inclusief stuurtasjes en bidons, maar ook gezinnen op de fiets. Iedereen groet ons en ze genieten zichtbaar van de mooie dag. De route leidt ons langs het Grand Canal en duikt dan het Tuimelaarsbos in. Op slag zijn we alleen en horen we enkel de vogels.

Het pad loopt door het bos en langs de bosrand. Regelmatig moeten we uitwijken voor mountainbikers die, ook hier, ons vriendelijk groeten. We komen uit bij het buurtschap Brongergea. Tussen de 14e en 16e eeuw een zelfstandig kerkdorp, nu onderdeel van Oranjewoud. Het kerkhof met de klokkenstoel herinnert nog aan vroeger tijden.

Brongergea

In Brongergea, maar ook al in het begin van de tocht komen we verschillende straatgedichten tegen. Witte letters op kleine natuurstenen plaquettes die op keien aangebracht zijn: ze vielen me in het begin helemaal niet op. In het Museumpark wijst mijn medewandelaar me op de eerste en al snel volgen er meer. Ze maken onderdeel uit van Poëzijpaad Oranjewâld, ofwel het Dichterspad. Gedichten van gerenommeerde dichters en nieuw talent zijn te vinden in een uitgestrekt gebied tussen Oranjewoud en Katlijk. Het idee is dat gedicht en landschap elkaar versterken. De gedichten die wij tegenkomen zijn in het Fries. Een leuk initiatief.

De tocht voert ons verder over bospaadjes, langs akkerland en vaarten. Bij een aantrekkelijk gelegen bankje aan het water houden we een koffiepauze met koffie uit de thermoskan. Om ons heen bloeit het fluitenkruid en koolzaad uitbundig. Boven het water zweven diverse soorten libellen.

Koffie onderweg op een prachtig plekje

 

Het fluitenkruid bloeit uitbundig

Als we weer richting Oranjewoud gaan, lopen we over kleine paadjes door een mooi coulisselandschap, afgewisseld met statige bomenlanen, grasland en een voorjaarsgroen bos. In 13 km zien we een heel divers landschap voorbij trekken. Dit is ook Friesland en zeer de moeite waard.

De paden op, de lanen in

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Hoenwaardsepad: wandelen door het buitengebied van Hattem

Route: Klompenpad: Hoenwaardsepad
Afstand: 13 km
Start: Parkeerplaats De Bleek 3 in Hattem
Eind: Parkeerplaats De Bleek 3 in Hattem

Op de grens van IJssel en Veluwe ligt het Hanzenstadje Hattem. Niet alleen het oude centrum is de moeite van een bezoekje waard. Ook het buitengebied heeft de wandelaar veel afwisseling te bieden. Dat merken we als we op een vroege zonovergoten zondagochtend het klompenpad Hoenwaardsepad lopen.

We beginnen het pad met de paar kilometers optionele verlenging, zoals wel meer klompenpaden dat hebben. De extra lus leidt ons langs de vaart die boten vanuit de jachthaven toegang tot de IJssel geeft. Aan de overkant ligt een camperplaats met daarachter het centrum van Hattem, de kerktoren is duidelijk te zien. De camperplaats is goed gevuld. Een man op slippers en in korte broek doet net de deur van zijn camper open, gaapt en stapt met een kop koffie in zijn hand naar buiten. Hij laat het uitzicht over het glinsterende water en de haven verderop op zich inwerken. Achter het stuur van de camper zit een hond.

De kerk van Hattem met rechts nog net een paar campers in beeld

De route brengt ons over een onverhard pad naar de IJssel. Flarden mist zweven boven het water en worden mooi uitgelicht door het vroege zonnetje. Op de oever zitten meerdere vissers stoïcijns naar hun dobbers te kijken. De ene slechts uitgerust met hengel en emmer, de andere lijkt hier al meerdere dagen te bivakkeren. Zonder uitzondering groeten ze ons vriendelijk als we langslopen. Een binnenvaartschip vaart stroomopwaarts in de richting van de stralende lentezon. Wij volgen in zijn kielzog.

De IJssel is prachtig ’s ochtends vroeg

Het pad leidt ons, na deze extra lus, over de dijk langs de Wiesenbergse Kolk naar een fietspad langs het Apeldoorns Kanaal. Er volgt een uitstapje naar Huis de Wezenburg, een mooi gelegen landhuis onder het frisgroene en rode bladerdak. Daar kiezen we voor de variant die bij hoog water niet mogelijk is. Door een uitgestrekte grasvlakte met imposante bloeiende kastanjebomen slalommen we om de molshopen heen (zoals de briefjes die er hangen, aangeven). We horen enkel vogels. Heerlijk, die rust die hier heerst. Als kers op de taart herbergt een bord bij een bankje een straatgedicht van Ida Gerhardt.

Huis de Wezenburg

 

Een onverwacht straatgedicht

Als we tussen de gebouwen door weer richting het fietspad langs het kanaal lopen, scheren twee grote bonte spechten langs ons. Mijn medewandelaar, die de online cursus van de vogelbescherming volgt, heeft zijn verrekijker meegenomen en kan de verderop neergestreken spechten goed zien. Naast de grutto, het puttertje en de lijster kan hij nu ook deze specht aan zijn waarnemingen van vandaag toevoegen. De ijsvogel wordt hier ook vaak gespot, zo lees ik op de site van de klompenpaden. Tot grote spijt van mijn medewandelaar zien we het blauwe vogeltje vandaag niet.

Na het kanaal volgt een prachtig tegen de bosrand aan gelegen golfbaan. We doorkruisen lanen met grote huizen en groeten meerdere hondenuitlaters. Een oudere meneer vraagt of wij toevallig het klompenpad lopen. Na ons bevestigende antwoord wenst hij ons veel plezier, want “dat is een prachtige route”. We zijn nog niet eens op de helft, maar ik kan het alleen maar met hem eens zijn.

Apeldoorns Kanaal, waar regelmatig ijsvogels worden gespot

Het pad duikt het bos in. Al slingerend lopen we over Landgoed Molecaten. Historische gebouwen herinneren aan vroeger tijden. Zo komen we een spijker tegen uit 1640 met de voor dit landgoed kenmerkende geel-rode luiken. Sinds deze wandeling weet ik dat in een spijker graan opgeslagen werd. Ook passeren we een schanswerk uit de 80-jarige oorlog en meerdere sprengen die tussen 1600 en 1800 gegraven werden om waterenergie te leveren voor het aandrijven van de watermolens.

Links de spijker, rechts het schanswerk

 

Trijssprengen, een van de sprengen in dit gebied

Onderweg komen we meerdere mountainbikers tegen die van de bestaande MTB-route afwijken om de echte hellingen in dit gebied mee te pikken. Met schijnbaar gemak fietst een mountainbiker ons tegemoet. Recht de helling op, die wij aan het afdalen zijn. Boomwortels, stenen en de helling zelf vormen voor hem geen enkel probleem. Hij groet ons zelfs vriendelijk.

Uiteindelijk komen we weer uit in Hattem en lopen via buitenwijken terug naar de auto. De ochtend is nog niet voorbij, onze wandeling wel helaas. Bij laag water en een zonnetje een aanrader.

Zicht op Hattem

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Ochtendwandeling bij het Sallandse Schoonheten

Route: Trage Tocht Schoonheten
Afstand: 12 km
Start: Dorpsplein, Heeten
Eind: Dorpsplein, Heeten

Mooi gelegen boerderijen onderweg

Aan de noordkant van het Sallandse dorp Heeten ligt in het halfopen landschap het landgoed Schoonheten. Je kunt er prachtig wandelen, aldus de Trage Tochten-man Rob Wolfs op wandelzoekpagina.nl. Op een vroege vrijdagochtend nemen we de proef op de som. En Rob heeft gelijk. Niet alleen ligt het landschap er schitterend bij in het stralende voorjaarszonnetje, ook komen we kilometerslang helemaal niemand tegen. De ideale wandeling in deze tijden.

We parkeren de auto op de grote, bijna verlaten parkeerplaats in het centrum van Heeten. Na een paar straten zijn we het dorp uit en lopen op een plattelandsweggetje richting het Overijssels Kanaal. Onderweg komen we meerdere beren tegen. De A4-tjes met afbeeldingen van teddyberen in alle vormen en maten zijn met punaises op boomstammen geprikt. De berenjacht is ook hier mogelijk. (Voor wie dit niets zegt: Sinds enkele weken zetten mensen beren voor hun raam, zodat kinderen in hun wijk beren kunnen zoeken. Naar het gelijknamige boek ‘Wij gaan op berenjacht’ van Michael Rosen)

In Heeten kunnen de kinderen ook op berenjacht

Na de beren komen we bij het kanaal uit. We steken de brug over en slaan dan rechtsaf om over een onverhard pad het kanaal te volgen. Het lijkt net een plaatje uit de 19e eeuw. De zon, het rechte kanaal waarin de bomen weerspiegeld worden, ik zou niet vreemd opkijken als ik nu een trekschuit tegen zou komen.

Overijssels Kanaal

De route heeft een verrassing in petto. Het is dan wel geen trekschuit, maar na een paar kilometer ligt er een trekpontje klaar waarmee we ons overzetten naar de andere kant. In het midden van het kanaal laten we de rust van het water en de omgeving even op ons inwerken, heerlijk! Aan de overkant vervolgen we onze weg langs het kanaal om vervolgens af te slaan, de drukke N332 over te steken en het bos in te duiken.

Een trekpontje is onderdeel van de route

Na enkele meters hebben we de weg achter ons gelaten en lopen over een mulle zandweg tussen statige bomen over landgoed Schoonheten. Na een paar kilometer zien we wat verder van de weg afgelegen Kasteel Schoonheten. Een slotgracht en een grote omhaagde tuin maken het plaatje compleet.

Kasteel Schoonheten

Via onverharde wegen met statige eiken, rododendrons, bloeiende krentenbomen en af en toe een boerderij met de voor dit landgoed kenmerkende blauw-witte luiken slingeren we weer richting het Overijssels Kanaal. Bij het kanaal lopen we, aan de andere zijde dan op de heenweg, weer terug naar de brug. De route maakt hier nog een lusje om Heeten heen over onverharde wandelpaadjes. Door de stille straten komen we weer terug bij het Dorpsplein.

Bloeiende krentenbomen in overvloed langs deze route

Voor wie in de ochtenduren wil genieten van het landschap en de natuur zonder andere wandelaars tegen te komen, is dit een aanrader.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.