Salland Pad etappe 5: Luttenberg – Haarle

Route: Salland Pad
Afstand: 16 km
Start: Bushalte Heuvelweg in Luttenberg
Eind: Bushalte ‘t Kruuspunt in Haarle

Naast de Langeafstandswandelingen en Streekpaden die Nederland rijk is, zijn er nog vele andere paden die je op mooie plekjes in ons land brengen. Zo kwam ik het Salland Pad tegen, dat gebruik maakt van het wandelnetwerk Salland, een netwerk van wandelwegen tussen de IJssel en de Sallandse heuvelrug. Het Salland Pad is met 130 km de langste van de vijf beborde themaroutes binnen dit netwerk. Andere themaroutes zijn o.a. de Sallandse Zandloper en het Schipbeekpad. Het Salland Pad maakt een rondje door Salland. Je kunt daarom op elk willekeurig punt beginnen. Het boekje met de verschillende etappes koop je voor 2 Euro online of bij een plaatselijke boekhandel.

We lopen over kleine paadjes tussen weiland en sloot

 

In april liepen we de vorige etappe van het Salland Pad. De natuur was toen in lentetooi met frisgroene blaadjes, bloesem en allerhande bloemen in de bermen.  Het groen van de bomen is nu, drie maanden later, dieper, zwaarder. Langs de akkers staan korenbloemen, klaprozen en andere bloemen in allerlei kleuren. En laten we vooral niet de insecten vergeten. In april waren eikenbomen nog onschuldig, nu loopt een groot deel van de voorbijgangers er met een grote boog omheen. Uiteraard komen we deze bomen – en hun tijdelijke bewoners – ook tijdens deze mooie etappe tegen.

We starten vandaag in Luttenberg, waar we met de buurtbus arriveren. De eerste paar honderd meter liepen we vorige keer ook, toen we per ongeluk de verkeerde kant op liepen. Nu mogen we verder het glooiende landschap in. Het is 18 graden, in de blauwe lucht drijven wolken en de zon schijnt regelmatig. Kortom, prima wandelweer.

De route leidt ons over plattelandsweggetjes, door bossen boordevol eikenbomen en over kleine, net gemaaide paadjes tussen weilanden en sloten. Libellen vliegen af en aan, kikkers kwaken in de sloten, de sigaren van de lisdodden maken het plaatje af. We wanen ons in een Jac. P. Thijsse landschap! Het is rustig op deze dinsdagochtend. Af en toe passeert er een auto of een fietser, wandelaars zien we niet. Op een dagcamping luistert een groep kinderen aandachtig naar hun juffen, op camping De Luttenberg zitten vakantievierende echtparen voor hun caravans met een kopje koffie.

In Mariënheem drinken we bij de bakkerij en buurtwinkel van Stichting de Parabool – een organisatie voor o.a. dagbesteding voor mensen met een verstandelijke beperking – een kopje koffie. Hier komen we ook twee andere wandelaars tegen. De oudere heren hebben op deze doordeweekse dag ook hun wandelschoenen aangetrokken en lopen een rondje uit een wandelgids van Gegarandeerd Onregelmatig. We wensen elkaar een goede wandeling en vervolgen onze weg.

Na Mariënheem lopen we al snel het natuurreservaat Boetelerveld in. Het is het enige overgebleven natte heidegebied in Salland en behoort tot de Natura 2000-gebieden (een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden). Er komen bijzondere dier- en plantsoorten voor en er is een vogeltrektelpost gevestigd. Wat ons vooral opvalt, zijn de vele eiken. Met een boog eromheen lopen, is er niet bij. Door het hoge gras en de struiken kunnen we enkel het smalle pad volgen, dat pal onder de laaghangende eikentakken doorloopt.

Vogeltrektelpost op het Boetelerveld

We zien links en rechts diverse nesten vol eikenprocessierupsen tegen de stammen geplakt zitten. We blijven niet staan, maar houden het tempo erin. Hoe sneller we dit gebied uit zijn, hoe beter. Dit is niet een plek om te zijn op dit moment. Na 2,5 kilometer komt het einde in zicht en zijn we blij weer bredere wegen te zien.

Op een bankje ver weg van eikenbomen eten we onze broodjes en leggen dan de laatste kilometers af naar de buurtbushalte in Haarle. Het Salland Pad hebben we dan al verlaten. Dit buigt voor Haarle af richting het natuurgebied De Sprengenberg. Hier komen we terug als de rupsen vlinders zijn geworden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Salland Pad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Advertenties

Stadswandeling in zomers Middelburg

Route: Groene Wissel Middelburg
Afstand: 8 km
Start: Station Middelburg
Eind: Station Middelburg

Een van de vele straatgedichten in Middelburg

Als je een stad wilt verkennen waar je nog niet eerder bent geweest, is een stadswandeling de ideale manier om een aantal hoogtepunten te zien. Maar hoe kom je aan een route? Ik kijk altijd eerst op wandelzoekpagina.nl of er een zogenaamde Groene Stadswissel is. Dit zijn goed beschreven routes, vaak niet meer dan 10 km, die je gratis van de site kan halen. Tot nu toe waren ze zeer de moeite waard. Zo liep ik al eerder in Leiden, Maastricht, Apeldoorn en op Urk leuke routes. Ook Middelburg blijkt een Groene Stadswissel te hebben.

Op een lentedag met zomerse temperaturen parkeren we de auto achter station Middelburg. Het KNMI voorspelt 30 graden vandaag. Het is nog vroeg, maar je voelt nu al dat het warm gaat worden. We besluiten de route tegen de klok in te lopen, zodat we aan het einde over de schaduwrijke vestingwallen komen. Vanaf het station lopen we door straatjes met allerlei eetgelegenheden naar de binnenstad. Een boter-kaas-en-eieren vogelhuisje doet ons even stilstaan. Wat een leuk idee.

Boter, kaas en eieren

In het centrum gaat de wandeling langs de bekende bezienswaardigheden van Middelburg. We lopen over het Abdijplein, langs het Zeeuws Museum, over de Markt en blijven stilstaan voor het imposante voormalige stadhuis. Op beide pleinen staan podia en worden stoelen neergezet. Medewerkers in kraampjes zijn druk bezig met de voorbereidingen voor het korenfestival ‘Middelburg VÓLkoren’ dat dit weekend wordt gehouden.

Het Abdijplein met het Zeeuws Museum

 

Stadhuis van Middelburg

Overal waar we lopen, beieren de klokken. Kerkgangers haasten zich door de straten. Door open deuren zien we kerkdiensten die aan de gang zijn. Wij wandelen verder, langs de Lange Jan, door de winkelstraat. Hier en daar zet ik een straatgedicht op de foto. Want er zijn straatgedichten genoeg in de Zeeuwse hoofdstad.

Veel straatgedichten in Middelburg verwijzen naar het water en de zee

Het project Sprekende Gevels, waarbij straatgedichten aangebracht worden op gevels in Middelburg, heeft inmiddels 21 (en waarschijnlijk nog wel meer) straatgedichten opgeleverd. Van tevoren heb ik de kaart met de locaties van de gedichten geprint. Ik loop deze Groene Wissel met deze kaart in de hand, mijn man heeft de GPS-route op zijn telefoon. Een goede verdeling. Af en toe wijk ik uit naar een gedicht in een zijstraatje. We zijn er nu toch. Ik kom zelfs twee gedichten tegen die niet op mijn kaartje staan. Een daarvan staat rondom de roos met de naam ‘Rosa Middelburg’, die is aangeboden aan de stad Middelburg, ter gelegenheid van Middelburg 800 jaar stadsrechten.

Een gedicht rond de ‘Rosa Middelburg’ door stadsdichter Karel Leeftink

Via de Volkssterrenwacht Philippus Lansbergen – in 1967 opgericht en daarmee de oudste nog bestaande publiekssterrenwacht van Nederland – lopen we langs de gracht. Het is tijd voor koffie en we strijken neer op een terrasboot bij het leuke HoneyPie voor een cappuccino met heerlijke carrotcake. Vanachter de geraniums kijken we uit over het water en de bootjes die voorbij komen. We zien twee hoofden en een meisje drijven in het water. Kunstwerken van Sjer Jacobs, lees ik later. De hoofden zijn van piepschuim en zijn omhuld door een laagje beton. Ze drijven er inmiddels ruim een maand en trekken veel bekijks. Ik kan me er iets bij voorstellen.

De gracht met het meisje, in de verte de hoofden en de terrasboot

De temperatuur stijgt en we besluiten verder te wandelen. De route brengt ons bij de vestingwallen. Door de bomen is het hier heerlijk schaduwrijk. We lopen bijna alleen over de paadjes langs het water en volgen de punten van het bastion. De witte molen De Hoop steekt fel af tegen de blauwe lucht.

Over de vestingwallen en langs molen De Hoop

Bij het Noordbolwerk is een stuk afgezet waar schapen grazen. Of eigenlijk liggen ze nu voornamelijk in de schaduw. Een bordje geeft aan dat het terrein op een ecologische manier wordt onderhouden door een schaapskudde, die hier een aantal keren per jaar graast. De schapen worden op meerdere plaatsen in Walcheren ingezet, waardoor ze allerlei zaden en sporen van planten verspreiden. Dit leidt tot ecologische verbindingen. Goed dat hier over nagedacht wordt!

Voor schapen is 30 graden ook best wel warm

Na de vestingwallen gaan we door de Koepoort weer het centrum in. De route leidt ons door kleine steegjes. Regelmatig twijfelen we of ze niet doodlopen. Maar elke keer kunnen we doorlopen. Via de binnenhaven tenslotte brengt de route ons weer terug naar het station.

Veel steegjes lijken dood te lopen

Grote groepen mensen komen ons tegemoet, elke groep in een eigen kleur outfit. Koren die op weg zijn naar het festival. Wij lopen door en verlaten deze mooie middeleeuwse stad. Zeer de moeite waard en door de Groene Stadswissel (en de kaart met straatgedichten) zijn we op plekken geweest waar we anders niet gekomen waren. Een aanrader!

Elke Maand Een … | Wandelen in en om Zoutelande

Elke Maand Een: Route
Route: Trage Tocht Zoutelande
Afstand: 15 km
Start: Parkeerplaats aan de Nieuwstraat tegenover het Oranjeplein
Eind: Parkeerplaats aan de Nieuwstraat tegenover het Oranjeplein

Aan mooie uitzichten geen gebrek tijdens deze wandeling

Het zonovergoten Hemelvaartweekend brengen we door in een provincie waar ik slechts één keer eerder was: Zeeland. Uiteraard willen we wandelen in het Zeeuwse. Bij een korte zoektocht op internet valt mijn oog op de Trage Tocht Zoutelande. Een bekende plaatsnaam. Toen twee jaar geleden de Zeeuwse band Bløf een grote hit had met het nummer Zoutelande kende opeens heel Nederland het Zeeuwse plaatsje. Ik ook. Voor die tijd had ik er nog nooit van gehoord. Dit is mijn kans om de bezongen plaats in het echt te zien. De zeer positieve recensie van een enthousiaste wandelaar, die bij de routebeschrijving staat, helpt uiteraard ook.

“Zo’n beetje alles wat het onvolprezen landschap van Zeeland heeft te bieden komt op deze tocht wel voorbij.”

De wandeling begint op een groot gratis parkeerterrein vlakbij het strand. We zijn er om half 10 en er is nog genoeg plek. ‘s Middags blijkt dat een heel ander verhaal en zijn twee Duitse vrouwen blij dat we weggaan. Maar nu lopen we samen met andere vroege badgasten richting strand. Zoutelande maakt zich in dit zonnige Hemelvaartweekend op voor veel toeristen.

Het is altijd bijzonder als je weer de zee ziet, ook ditmaal. We lopen steil omhoog over een klinkerpaadje en komen dan op een wandelpad uit langs de zee. Voor ons zien we een vrijwel verlaten breed strand en een kalme zee. Op gelijke afstand van elkaar staan golfbrekers. In de verte zweven deltavliegers boven de duinen. Het ochtendzonnetje en de strakblauwe lucht maken het plaatje compleet. Mooi hoor, Zoutelande.

Langs de weg verwijzen een beeld van een renner en een plaquette naar de Marathon van Zeeland. Deze marathon loopt langs de kust van Burgh-Haamstede naar Zoutelande. Een mooi gebied om doorheen te lopen. Maar ook zwaar, over het strand en door de duinen. Ik lees later dat het de mooiste en zwaarste marathon van Nederland genoemd wordt. ‘Verder dan ver’ staat er onder de plaquette, ik kan me voorstellen dat dat zo voelt voor de renners.

Beeld renner Marathon Zeeland

We volgen de route richting Westkapelle. We verlaten al snel de boulevard en gaan verder over het strand. Vlakbij de vloedlijn lopen we het stuk tussen twee strandpaviljoens in. Geregeld zoeken we een plekje met genoeg ruimte om tussen de palen van de golfbrekers door te lopen. Gelukkig zijn we niet de eersten en is het een kwestie van de voetsporen in het zand volgen.

Geregeld lopen we tussen de golfbrekerpalen door
We zien veel grote zeeschepen voorbij varen

We verlaten het stand via hoge trappen, lopen nog een stuk door de duinen en gaan dan het binnenland in.

Om van het strand over de duinen te komen zijn er hoge trappen

Overal waar we kijken zijn campings, vakantiehuisjes (sommige erg mooi gelegen) en hotels. Over kleine weggetjes omzoomd door hoge meidoornheggen, onverharde paadjes langs akkers en sloten en bosweggetjes maken we een lus terug naar Zoutelande. We lopen langs een van de vele bunkers die over zijn van het landfront Vlissingen, dat deel uitmaakte van de Atlantikwall. Vlissingen had tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke positie en moest goed verdedigd worden.

Een boerderij onderweg

En dan zijn we weer in Zoutelande en beginnen aan de tweede lus. Het is een stuk drukker dan toen we hier begonnen. Het vakantieseizoen lijkt echt begonnen te zijn. Via allerlei onverharde bospaadjes doorkruisen we Zoutelande. Bij Klein Valkenisse lopen we door een mooi duinbos en gaan dan weer de duinen in. We lunchen bij een van de vele strandtenten.

Na de lunch klimmen we weer naar boven over de lange trap en hoog boven de zee kijken we uit op de grote containerschepen die dicht langs de kust varen. Het zijn schitterende uitzichten. Het strand is inmiddels een stuk drukker, overal zitten mensen en staan tentjes en parasols. Kinderen spelen in de branding. Het strand is ook aanzienlijk minder breed dan vanmorgen. Het is duidelijk vloed. De golfbrekers zijn grotendeels verdwenen in zee.

De weg terug naar Zoutelande is erg mooi. Het pad stijgt en daalt door de hoge duinen. Allerlei bloemen steken scherp af tegen het helmgras, het lichte zand en de blauwe lucht. Het ene uitzicht is nog mooier dan het andere. We komen langs een verbleekt bordje ‘Let op vliegplaats’. Dit blijkt de plek waar deltavliegers en paragliders kunnen opstijgen. De duinen zijn blijkbaar hoog genoeg voor een vliegtochtje.

Over een glooiend pad lopen we weer richting Zoutelande
Let op vliegplaats

Als we bijna weer in Zoutelande zijn, zien we een huis dat mooi opgaat in de duinen. Elke verdieping is bekleed met zand en helmgras. Dit was vast een leuke uitdaging voor de architect. En dan komt daar weer de plek in zicht waar we vanmorgen begonnen. We laten de zee achter ons en via het klinkerpaadje lopen we terug naar de auto.

Het huis gaat op in de duinen

De wandelaar die op wandelzoekpagina.nl reageerde op de Trage Tocht Zoutelande eindigt zijn reactie met “Hulde, heer Wolfs, u heeft ons een grandioze dag bezorgd.” Ik kan dit alleen maar beamen.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Marskramerpad etappe 4: Rijssen – Okkenbroek

Route: Marskramerpad
Afstand: 30 km
Start: Station Rijssen
Eind: Bushalte Koerselmansweg Okkenbroek

Half mei is het lentegroen nog alom aanwezig

De afgelopen etappes liepen we in het mooie Twente. Deze vierde etappe leidt ons Twente uit en over de Sallandse Heuvelrug. We beklimmen een heuse berg en nemen na afloop de buurtbus naar station Deventer in een plaatsje waar we nog niet eerder van gehoord hebben. Het is niet zonovergoten zoals bij de vorige etappes, maar met 14 graden is het prima wandelweer.

We beginnen de etappe in Rijssen en wandelen eerst twee kilometer om de route weer op te pikken. We komen langs plekken waar we een maand geleden ook liepen. Het is nog even mooi. We maken een omtrekkende beweging rond Rijssen, waardoor het plaatsje bijna 15 kilometer lang op ongeveer gelijke afstand blijft liggen. We spreken grappend over het ‘rondje Rijssen’ totdat we de markering ‘rondje Rijssen’ tegenkomen. Het bestaat echt!

Rondje Rijssen bestaat echt!

We steken met een pontje de Regge over. Ik ben de primitievere trekpontjes gewend, waarbij je jezelf overtrekt met een (nat) touw. Dit pontje is groter en een stuk geavanceerder. Door te draaien aan een hendel trek je de ketting strak en zet je jezelf over.

Pontje over de Regge

Aan de overkant volgen we de Regge een tijdje, lopen over het erf van een boerderij (altijd leuk als routes over dit soort privé-gronden mogen lopen) en steken bij een imposante eik akkerland over. We zien weinig wandelaars. De wandelende mensen die we tegenkomen zijn enigszins pissig. Ze volgen de gele pijltjesroute van wandelnetwerk Twente, maar weten niet meer welke kant ze op moeten. “Dit hadden we gisteren ook al!” verzucht de man. Of wij even mee kunnen kijken. Maar wij kunnen ze ook niet helpen. Door de werkzaamheden aan de beken klopt de markering niet meer. Hier liepen we bij de vorige etappe ook tegenaan. We wensen ze succes en vervolgen ons pad.

Imposante eik

We lunchen langs een grindpad waar de bermen goed gemaaid zijn, behalve rondom de bankjes. Gevolg is dat ons lunchbankje omzoomd is door brandnetels en we eerst het bankje brandnetelvrij moeten maken, voordat we kunnen gaan zitten.

Bankje in de brandnetels

Dan komt het gebied van de Holterberg in zicht. Een bord geeft aan dat het verboden is voor auto’s en motors. Dit geldt echter niet voor o.a. 65-plussers. Positieve discriminatie die ik nog niet eerder ergens heb gezien. Over verlaten fietspaden dalen en stijgen we in het bos.

Verboden voor auto’s, tenzij je ouder dan 65 jaar bent

We komen langs de Canadese begraafplaats waar nog de kransen en bloemen van Dodenherdenking liggen. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog is op de Holterberg nog hevig gevochten. Het gemeentebestuur van Holten heeft voor de Canadese soldaten, die in de laatste fase van de oorlog in Noord- en Oost-Nederland omkwamen, deze begraafplaats aangelegd. Het is een van de grootste van Nederland. De Canadian War Cemetery is keurig onderhouden. Bij sommige graven staan foto’s van de gesneuvelden. Een groepje mensen dat langs de graven loopt lijken een familielid te bezoeken. Zo te horen komen ze uit Canada.

Canadese begraafplaats op de Holterberg

Dan is het toch echt tijd voor een kopje koffie. Volgens het boekje zijn er deze etappes heel wat koffiedrinkgelegenheden, gezien de vele kopjes koffie op de kaart. De eerste twee blijken echter gesloten en de derde verdwenen. De vierde is een pannenkoekenrestaurant en bevindt zich op de Holterberg. Dit is wel open en na 20 km genieten we van een cappuccino met lekkers.

Via de Panoramaweg, waar we niet heel veel panorama zien, dalen we de berg weer af en lopen het laatste gedeelte naar Okkenbroek. De in het boekje beloofde bushalte een paar kilometer voor Okkenbroek blijkt er niet te zijn en we moeten flink aanpoten om nog op tijd de bus in Okkenbroek te halen.

Vlak voor het plaatsje rijdt de buurtbus ons tegemoet. Hij stopt en vraagt waar we heen moeten. We noemen Okkenbroek en onze twijfel of we het wel halen. Hij stelt ons gerust, we kunnen sowieso straks mee. Hij moet eerst nog een lusje rijden, maar komt dan weer terug in Okkenbroek. Als we dan nog niet bij de halte zijn, pikt hij ons onderweg wel op. Er is toch maar één weg. We halen het net en laten ons naar station Deventer brengen. 30 km op de teller. Volgende keer wandelen we van Okkenbroek naar Deventer.

Op de Holterberg

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 21: Beilen – Kamp Westerbork

Route: Westerborkpad
Afstand: 20 km
Start: Station Beilen
Eind: Kamp Westerbork (en terug naar Hooghalen)

Op 4 mei, de dag waarop Nederland stilstaat bij o.a. de Nederlandse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog, lopen wij de laatste etappe van het Westerborkpad. Een toepasselijke dag voor de afsluiting van een historisch interessante, af en toe indrukwekkende, en zeker ook mooie route door vijf provincies. Anderhalf jaar geleden begonnen we op Amsterdam Centraal aan de wandeling en haalden bij de Hollandsche Schouwburg – de daadwerkelijke start van het pad – onze eerste stempel. Nu prijkt er een tweede stempel in het boekje, van Herinneringscentrum Kamp Westerbork.

We beginnen de dag in Hooghalen waar we de auto parkeren en een 8-persoonsbusje nemen naar Beilen, het begin van deze etappe. Het weer is afwisselend en dikwijls dreigen donkere luchten met regen. Het blijft gelukkig, op een buitje na, bij een dreiging. De winterse buien die voorspeld zijn, vallen niet in dit gedeelte van Nederland. Fototechnisch is het ideaal weer, de wolkenluchten met felle zon leveren mooie plaatjes op.

Bij de bushalte in Hooghalen nemen we de bus naar Beilen

Vanaf het station lopen we langs de Domo fabriek richting centrum en over het terrein van psychiatrische inrichting Beileroord. De route slingert over het grote terrein dat vlak langs de spoorlijn ligt. Niet de meest ideale plek voor een dergelijke instelling. Zouden hier vaak mensen voor de trein springen?

We komen langs een Joodse begraafplaats die nu midden in een woonwijk ligt. Het grenst aan een speeltuin en ligt verdekt opgesteld. Pas na een paar honderd meter merken we dat we er al voorbij gelopen zijn. In 1941 telde de Joodse gemeenschap Beilen 64 leden. Van alle Joden die zijn weggevoerd, keerde niemand terug. Enkele Joodse inwoners overleefden de oorlog door onder te duiken.

De Joodse begraafplaats Beilen ligt nu midden in een woonwijk

En dan lopen we Beilen uit en volgen een lange weg langs het spoor. We kruisen het Oranjekanaal waar we met het Jacobspad ook langsliepen. Dit kanaal werd o.a. gebruikt om voedsel, bouwmaterialen, maar ook neergeschoten vliegtuigen te vervoeren naar Kamp Westerbork. Deze vliegtuigen werden in het kamp ontmanteld. In april 1945 was dit kanaal de laatste hindernis voor de Canadezen, voordat zij Kamp Westerbork konden bevrijden. Op dat moment waren hier nog 876 Joodse gevangenen.

Oranjekanaal

De weg tot aan Hooghalen gaat deels door het heuvingerzand, een natuurgebied met bos en heide. De bomen beschermen ons tegen de buitjes die af en toe vallen. Tot aan Hooghalen lopen we langs het laatste stuk spoorlijn van deze wandeling en komen we langs de plek van het voormalige treinstation van Hooghalen. Tot november 1942 was er nog geen directe spoorverbinding met het kamp en vertrokken en arriveerden hier de deportatietreinen. Vandaag de dag is hier niets meer van te zien, het stationsgebouw is in 1960 gesloopt.

De spoorlijn bij Hooghalen

In Hooghalen trakteren we onszelf op koffie met een ambachtelijk gebakje bij de dorpsbakker, voordat we aan het laatste gedeelte van de etappe beginnen. Als de buien overgedreven zijn, lopen we via een bungalowpark over een bospad naar Kamp Westerbork. Het is er verlaten, wat ons aan het denken zet over wat zich hier in deze bossen allemaal heeft afgespeeld.

En dan zien we de vele auto’s en bussen op de parkeerplaats van het Herinneringscentrum. Ik weet niet hoe druk het hier normaal is, maar ik kan me voorstellen dat deze plek op een dag als vandaag wel wat meer mensen trekt. Om ons heen horen we naast Nederlands en Fries, ook veel Amerikaans. In het Herinneringscentrum halen we het certificaat: we hebben het Westerborkpad nu echt afgerond. Ook krijgen we hierbij een speldje van het gestileerde prikkeldraadje, symbool van dit pad en Kamp Westerbork. Uiteraard antwoorden we bevestigend als de baliemedewerkster vraagt of we ook een stempel willen in ons boekje.

Een certificaat, een speldje en een stempel

We leggen de laatste kilometers af naar de plek van het kamp zelf. Overal is men bezig met de voorbereidingen voor de herdenking van vanavond. Paden zijn afgesloten met paarse linten en auto’s rijden af en aan. Langs de weg staan op gelijke afstand van elkaar palen met bordjes. Op elk bordje staan de details van een transport dat vertrok uit het kamp: de bestemming, de datum en het aantal mensen. Confronterend om kilometers lang elke paar meter zo’n paal te zien. In totaal zijn er 93 treinen vertrokken met meer dan 107.000 mensen.

Een van de 93 palen, voor elk transport één

Onderweg komen we langs het Bos van de Toekomst. Hier kunnen mensen een boom planten ter herdenking aan een overleden dierbare of als markering van een geboorte, huwelijk of jubileum. Bordjes bij de bomen geven een korte toelichting. Bij Zwolle waren we ook al een dergelijk bos tegengekomen. Dit bos is vele malen groter.

Een boom in het Bos van de Toekomst

Bij het kamp komen we langs de ‘Tekens in Westerbork’. Deze vijf sarcofagen vermelden de kampen waarheen de gevangenen uit Kamp Westerbork gedeporteerd werden, het aantal gevangenen en het aantal overlevenden.

Tekens in Westerbork

Dan doemt daar het beroemde kampcommandantshuis op. Onder glas is het huis bewaard gebleven van Albert Gemmeker, van oktober 1942 tot en met april 1945 commandant van Kamp Westerbork. De groene verf bladdert af, hier en daar staat een raam open, een rafelig gordijntje hangt naar buiten.

Het kampcommandantshuis

Via de slagboom en roestig prikkeldraad lopen we het kampterrein op. Het is een uitgestrekte vlakte met diverse monumenten. Zo zijn er de 102.000 stenen op de voormalige appelplaats van het kamp. Binnen de contouren van Nederland staat elk steentje voor de moord op een mens. Foto’s geven de mensen een gezicht. Op de achtergrond verheffen zich de schotels van de radiosterrenwacht. Indrukwekkend.

De 102.000 stenen

We lopen verder langs een barak, een voorbeeld van een wagon en uitvergrote briefkaarten die mensen vanuit het kamp verstuurden of zelfs uit de trein wierpen in de hoop dat iemand hem zou posten. De berichten als ‘wij gaan op reis’ en ‘we houden ons flink’ zijn extra schrijnend voor de bezoekers van nu, die weten wat er gebeurd is.

Briefkaarten die verstuurd zijn uit Kamp Westerbork

En dan is daar het symbool van het kamp: de omgebogen spoorlijn. Dit is de plek waar vanavond de herdenking wordt gehouden. Cameramensen zijn druk bezig de boel in te richten. Het podium staat er al en het geluid wordt getest. Een jongetje balanceert op de rails. Voor hem is dit een grote speeltuin. Op de achtergrond is de wachttoren een stille getuige van wat hier zich heeft afgespeeld.

Wij sluiten hier het Westerborkpad af. Weer een langeafstandswandeling afgerond. Een met veel historie ditmaal. En uiteraard ook natuurschoon, hoewel niet iedere etappe even mooi was. De rode draad blijft nu eenmaal de spoorlijn. Ik vond het een mooie combinatie en kan deze LAW dan ook iedereen aanraden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je alle verhalen over de etappes.

Westerborkpad etappe 20: Hoogeveen – Beilen

Route: Westerborkpad
Afstand: 29 km
Start: Station Hoogeveen
Eind: Station Beilen

Bij de vorige etappe was het grijs, de kortste dag was bijna daar en Drenthe was in kerstsferen. Alweer een tijdje geleden dus. Wat weerhield ons tot nu toe van verder wandelen? Sinds het najaar van 2018 is er tussen Hoogeveen en Beilen een buslijn opgeheven, waardoor de etappe vanaf Hoogeveen nu bijna 30 km is. Niet heel aantrekkelijk op korte, donkere winterdagen. Maar nu de dagen lengen, het weer zonovergoten is en ik met het Marskramerpad al weer meerdere langere etappes heb gewandeld, is het op Tweede Paasdag dan toch tijd voor de 20ste etappe.

Op een stralende voorjaarsdag beginnen we op tijd in Hoogeveen. We hebben al een auto- en treinrit achter de rug en zijn toe aan koffie. Gelukkig heeft de Huiskamer op het station prima cappuccino en beginnen we voldaan aan de wandeling. We lopen al snel Hoogeveen uit en komen in een bos met een bijzondere naam: het Spaarbankbos. Vroeger lagen hier heidevelden. In 1890 koopt de Spaarbank uit Hoogeveen het terrein en plant er een bos voor mijnhout in Limburg. De naam herinnert nog altijd aan deze tijd.

Als wij verder het bos inlopen, dringt de stilte zich op. Na een kilometer tekenen vijf silhouetten zich af tegen de bomen. De zonnestralen werpen schaduwen op de roestbruine metalen mensfiguren. De beeldengroep herdenkt de vijf inwoners van Hoogeveen die begin augustus 1943 op deze plek gefusilleerd zijn, als represaille op een verzetsactie. Het is een indrukwekkend gezicht, hier op deze vroege ochtend.

Monument Spaarbankbos

We verlaten het bos en zoeken de spoorlijn op die steeds dichter bij Kamp Westerbork komt. We komen in een gebied van landweggetjes, buurtschappen, weidevelden en bosstroken. De plaatsen die we op de borden zien staan, klinken ver van alles verlaten en niet al te positief: Siberië, Zwartschaap, Stuifzand. Het verwijst naar het onherbergzame Drenthe van vroeger tijden, toen deze plaatsen ook echt ver van de bewoonde wereld lagen. De ANWB-bordjes met de wandelroute ‘Naar Siberië’ krijgen als ondertitel ‘(en weer terug)’ mee. Voor wie nog twijfelt om deze route te gaan wandelen.

Met een slinger brengt de route ons bij de plek van Werkkamp Kremboong. In 1942 werden hier ongeveer 400 Joodse mannen ingezet als dwangarbeider bij de ontginning van de velden rondom het kamp. Het kamp stond op de akkers naast het monument, dat nu nog herinnert aan die tijd. De naam Kremboong verwijst naar een suikerfabriek op Java. De fabriekseigenaar kocht dit Drentse gebied als belegging en vernoemde het naar zijn plantage.

Monument voor Kamp Kremboong

Na Kremboong volgt de route een tijdje het Oude Diep. De velden om ons heen zien geel van de paardenbloemen. In de bermen bloeien sleutelbloemen en fluitenkruid. Het is volop lente. En dan nadert de berg. Borden verwelkomen ons op het fietsparcours ‘Col du VAM’. Links en rechts van ons rijden de wielrenners ons voorbij en beginnen aan hun klim van de 15% hellingen. Af en toe worden ze ingehaald door een oudere dame op een elektrische fiets met een grote mand voorop.

Uiteraard wagen wij ons ook aan de klim. Een vreemd idee om op een voormalige vuilnisbelt in Drenthe te lopen, terwijl je om je heen een Frans berglandschap ziet. Op de top vereeuwigen wij onszelf voor het ‘col’-bord met de hoogte (4800 cm boven NAP!). We lopen een rondje door het infocentrum de Blinkerd en aanvaarden dan de terugtocht.

Franse taferelen in Drenthe

Op naar Wijster waar we onze hoop hebben gevestigd op een kopje koffie. In het Drentse plaatsje vinden we een bankje met een gedicht over de arbeiders van de VAM (Vuil Afvoer Maatschappij), weinig mensen, maar geen koffie. Aan het einde van het dorp blijkt een snackbar open en we stellen ons tevreden met een ijsje.

Een gedicht over de VAM in Wijster

Het laatste stuk van de etappe loopt voor een groot deel langs het spoor. Bij een boerderij vinden we een stolperstein, ter herinnering aan een verzetsheld die hier woonde. Bij Ter Horst liepen we al eerder, merken we als we markering van het Jacobspad tegenkomen. Door buitenwijken van Beilen naderen we langzaam maar zeker het station. Na 29 km zien we de Domo fabriek, nu Friesland Campina, opdoemen. Hier hebben we vanmorgen vroeg de auto geparkeerd. Na een zonnige, warme en verrassende etappe zijn we er weer. Nog één etappe te gaan naar de plek waar dit langeafstandspad naar vernoemd is.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Marskramerpad etappe 3: Borne – Rijssen

Route: Marskramerpad
Afstand: 24 km
Start: Station Borne
Eind: Station Rijssen

Een eenzame boom op de Deldeneresch

De mooiste wandeldagen zijn in het voorjaar. Althans, dat vind ik. Het zijn die dagen waarop het voorjaar zich uitbundig laat zien. In verse lichtgroene blaadjes die opeens de takken bevolken. In de witte en roze bloesem die overal in tuinen en langs plattelandsweggetjes in volle glorie uitbarst. In kleurige voorjaarsbloemen in bermen. In fleurige vlindertjes die je gezichtsveld in fladderen om vrijwel gelijk al weer verder te gaan. Op zo’n dag vol zonneschijn en strakblauwe luchten liepen wij de derde etappe van het Marskramerpad, dwars door het mooie Twente.

Voorjaarsgroen

We beginnen op station Borne waar we weloverwogen de lange Deldensestraat nemen om weer uit te komen bij de route. Dat pakt ietwat anders uit. De weg blijkt achteraf helemaal niet naar de plek te leiden die we in gedachten hadden en we kruisen de route 2 km verder dan de bedoeling was. We beginnen vandaag bij Bokdam en het Bokdammerveld daadwerkelijk met het Marskramerpad. Met heide en watertjes helemaal geen gekke plek voor een etappestart.

Bokdammerveld

Al snel volgt een typisch Twents landschap met bosranden, weiden, boerderijen, oude waterputten en de onlangs gerestaureerde oliemolen ‘Noordmolen’ uit 1325. Met behulp van het waterrad perste men hier in vroeger tijden olie uit koolzaad en lijnzaad. Over de weg met dezelfde naam als de molen lopen we verder en zien voor ons het glooiende landschap van de Deldeneresch. Midden in het weiland staat een eenzame boom, zo te zien nog niet in blad. De tekening van de takken steekt mooi af tegen de blauwe lucht.

De gerestaureerde Noordmolen

Dan lopen we tegen een zijarm van het Almelose Kanaal aan. Langs de kant zit een visser in complete visuitrustig. De grote groene paraplu zal hem vandaag enkel beschermen tegen de zon. Op een bankje ritsen we broeken af en trekken vesten uit. Tijd om in luchtiger kleding verder te wandelen. Op naar de koffie, waar we inmiddels wel aan toe zijn.

Zijarm van het Almelose Kanaal

De koffie komt vlak na de A1, na ettelijke kilometers over zandwegen en de nodige paasvuurbulten en blijkt een heel vakantiepark te zijn. Maar er is ook koffie met lekkers. Na 15 kilometer gaat dat er wel in! De rode Twente-vlag die we vandaag niet voor het laatst zien, wappert in het fikse windje dat er staat.

We zijn in Twente

De zandwegen gaan verder en het mulle zand laat zien dat het al een tijdje niet geregend heeft. En dan komen we bij wandelnetwerkknooppunt N74. Hier zegt het boekje dat we naar links moeten, het wit-rode pijltje wijst heel duidelijk naar rechts. Gelukkig is er mobiel internet en het blijkt dat de beken ook hier aangepakt worden. Het pad langs de Twickelervaart en de Regge zijn niet bewandelbaar. Een beetje teleurgesteld om wat we voor moois we missen, slaan we toch maar rechts af.

Over kleine weggetjes omzoomd door bomen in lentetooi doorkruisen we het gebied en zien af en toe de Regge. Kort nadat de beschrijving en de markering weer overeen komen, strijken we op een bankje neer aan de Regge voor de lunch. Om ons heen lichtgroene en rode blaadjes die er een paar weken geleden nog niet waren. Een oranjetipje komt voorbij gefladderd. Er zijn mindere lunchplekjes.

Het laatste stuk tot aan Rijssen voert over een fietspad langs – ditmaal wel – de Regge en loopt op met het Overijssels Havezatenpad. Echt druk is het niet op deze Goede Vrijdag. Hier en daar zitten jongens te vissen en we zien een heel gezelschap in de – naar wat we later lezen – Enterse zomp ‘Regt door zee’ voorbij komen. Een replica van een in Enter gebouwde platbodem die vroeger over de Regge, maar ook de Vecht goederen vervoerden.

Enterse zomp bij Rijssen

En dan lopen we langs de statige Pelmolen Ter Horst – hier pelde men o.a. gerst – Rijssen binnen. De molen ligt prachtig aan de Regge, een mooie binnenkomst. We volgen de bordjes centrum en trakteren onszelf daar op een welverdiend ijsje. De etappe is klaar en het weekend moet nog beginnen.

Pelmolen Ter Horst

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Salland Pad etappe 4: Luttenberg – Heino

Route: Salland Pad
Afstand: 16 km
Start: Bushalte Heuvelweg Luttenberg
Eind: Bushalte Marktplein Heino

Naast de Langeafstandswandelingen en Streekpaden die Nederland rijk is, zijn er nog vele andere paden die je op mooie plekjes in ons land brengen. Zo kwam ik het Salland Pad tegen, dat gebruik maakt van het wandelnetwerk Salland, een netwerk van wandelwegen tussen de IJssel en de Sallandse heuvelrug. Het Salland Pad is met 130 km de langste van de vijf beborde themaroutes binnen dit netwerk. Andere themaroutes zijn o.a. de Sallandse Zandloper en het Schipbeekpad. Het Salland Pad maakt een rondje door Salland. Je kunt daarom op elk willekeurig punt beginnen. Het boekje met de verschillende etappes koop je voor 2 Euro online of bij een plaatselijke boekhandel.

Op een zonnige en frisse lentedag starten we de vierde etappe van het Salland Pad in Luttenberg. Omdat de buurtbus hier slechts 1 keer per uur rijdt, lopen we deze etappe andersom, van Luttenberg naar Heino, waar we in februari geëindigd zijn. Die twee maanden maken een enorm verschil. De temperatuur is een stuk aangenamer en de natuur staat in bloei. Het lichtgroen van de eerste blaadjes contrasteren met de bloesem van de krentenbomen en de sleedoorn. De brem en de magnolia stralen. Evenals de bloemen in de bermen. De strakblauwe lucht maakt het geheel af.

Bloesem naast de eerste frisgroene blaadjes

In Luttenberg vangen we een glimp op van het glooiende landschap van de volgende etappe, als we een paar honderd meter de verkeerde kant op lopen. Gelukkig komen we hier op tijd achter en keren om, richting het vlakke achterland van Heino. We lopen zuidelijk van Luttenberg over een onverhard pad langs mooie huizen. We komen door bos en langs boerenland waar de boer op zijn tractor hard aan het werk is.

Via een paar kilometer over de doorgaande Luttenbergerweg komen we uit bij het Overijssels Kanaal. Over de Wolthaarsdijk volgen we dit kanaal een tijdje. We lopen over een onverhard pad en komen nauwelijks mensen tegen. Af en toe vliegt een wilde eend op. Zo’n woensdagochtendwandeling heeft zijn voordelen.

Het Overijssels Kanaal

Als we het kanaal verlaten, komen we langs een kraampje met allerlei streekproducten, zoals je ze wel meer ziet langs het Salland Pad. Maar dit kraampje biedt meer. Zo wordt de waarschuwing voor de zachte berm duidelijk geïllustreerd en is er een oplaadpunt voor groene stroom, rechtstreeks uit een boom. Ik vraag me af of er voorbijgangers zijn die geprobeerd hebben gebruik te maken van dit oplaadpunt.

Onderweg komen we regelmatig kraampjes tegen

Sallandse humor deel 1

Sallandse humor deel 2

Kort na deze Sallandse humor komen we langs een recreatieplas bij een camping. Bordjes waarschuwen dat enkel campinggasten gebruik mogen maken van de plas. Ook worden automobilisten erop gewezen dat je niet “Let op! Let op! Let op!” in de berm mag parkeren. Ik vermoed dat het hier in de zomer een stuk drukker is. Nu is er geen mens. Op een picknickbankje met uitzicht over het water eten we onze lunch op.

Hierna volgt een aantal kilometers door het bos en langs de bosrand. De oude boerderijen, de bloeiende bomen en de frisgroene blaadjes laten een schitterend gebied zien. Uiteindelijk kruisen we de N35, de doorgaande weg naar Raalte en lopen Heino in. Op het Marktplein sluiten we de etappe af met een cappuccino.

Benieuwd naar de andere etappes van het Salland Pad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Marskramerpad etappe 2b: Deurningen – Borne

Route: Marskramerpad
Afstand: 18 km
Start: Centrum Deurningen
Eind: Station Borne

Bloeiende bomen langs de Bornsche Beek

Vorige keer strandde ik wegens onverwachte blaren in Deurningen. Hoog tijd om die tweede etappe af te maken. Op een zaterdag in april stap ik, ditmaal met een andere mede-wandelaar, bij de kerk in Deurningen uit de bus om naar Borne te lopen. Het weer is even grijs als twee weken geleden. Alleen nu heeft de weerman zon beloofd. We zoeken de wit-rode markeringen op en lopen na een paar honderd meter het dorp uit.

De kerk van Deurningen

Deze etappe loopt voornamelijk langs beken. Vlakbij Deurningen komen we de eerste tegen: de Deurningerbeek. Een bord laat de voorbijganger weten dat deze beek in ere wordt hersteld. De rechte beekloop krijgt weer het kronkelende karakter van oudsher. Het water krijgt zo meer ruimte en de natuur kan zich beter ontwikkelen. De komende kilometers blijven we deze beek volgen.

Na een paar kilometer ondervinden we die ruimte voor de beek aan den lijve. Het wandelboekje noemt het een drassig stuk waar, zo hoorde ik van andere wandelaars, mensen tot hun knieën in de modder kunnen staan. Het boekje biedt zelfs een shortcut aan over drogere wegen. We wagen het erop en nemen de drassige afslag.

De struinpaden langs de beek, waar de route ons over leidt, zijn inderdaad modderig, maar prima te doen. De beek is breder dan normaal en op een gegeven moment stuiten we op een sloot die in drogere tijden hoogstwaarschijnlijk een ondiepe greppel is. Het pad gaat rechtdoor, maar door het water waden, trekt ons niet zo. Gelukkig is er een stuk verderop een mogelijkheid om met droge voeten naar de overkant te komen.

Het pad gaat rechtdoor. Wat nu?

Na het drassige gedeelte leidt de route ons langs afwisselend terrein. We komen langs kwekers met lange rijen mooi geknipte heggetjes en over bospaadjes waar de bosanemonen en het speenkruid volop bloeien. We blijven de beek volgen. Met Borne in zicht slaan we een klein paadje in, veel gebruikt door hondenliefhebbers en besluiten op een bankje met uitzicht op de beek onze lunch te eten.

Bosanemonen

Na twee broodjes komt er een ouder echtpaar aangeschuifeld. De man lijkt Parkinson te hebben en komt maar langzaam vooruit. De vrouw ziet ons zitten, twijfelt even, maar vraagt dan toch of ze erbij mogen komen zitten. Ze wandelen elke dag het rondje van nog geen 2 kilometer vanuit hun huis in Hertme. Zo blijven ze in beweging. Zij wandelt het in haar eentje in 20 minuten. Met zijn tweeën zijn ze 45 minuten onderweg. Dit bankje is hun vaste pauzeplek. We schuiven op en hebben het over wandelen, het weer en het mooie Twente.

Dan is het tijd om weer op pad gaan. Dit keer volgen we de Bornsche beek waarlangs veel bomen in bloei staan. Een mooi gezicht, zeker bij het doorbrekende zonnetje. We lopen in de richting van Zenderen en komen langs de voormalige havezate Weleveld. In een met hagen omringd grasveld staan allerlei figuren van roestrood ijzer. In het midden zien we de familie van Weleveld zelf, die omstreeks 1300 op dit landgoed woonde. Ze worden omringd door figuren die de geestelijkheid, de adel en de burgers uitbeelden.

Familie Weleveld

Bij Zenderen lopen we langs Theehuis de Karmeliet. Het ziet er leuk uit en we besluiten er een kopje thee te drinken. Een fijne pauzeplek. De naam is niet zonder reden gekozen. Zenderen is bekend van de Karmelkloosters van de paters karmelieten en de zusters karmelietessen. De route voert ons langs dit laatste klooster. Het ziet er indrukwekkend uit in het doorbrekende zonnetje. In de grote ommuurde tuin met hoge bomen is het vast heerlijk toeven.

Het klooster van de zusters karmelietessen in Zenderen

Via paadjes door natuurgebieden en langs weilanden slingeren we richting Borne. We komen nu veel wandelaars tegen, bijna allemaal met het bekende rood-witte boekje in de hand. De zon is inmiddels helemaal doorgebroken en maakt het landschap extra mooi. Voor de Azelerbeek besluiten we af te buigen naar station Borne. Volgende keer richting Rijssen.

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Marskramerpad etappe 2a: Oldenzaal – Deurningen

Route: Marskramerpad
Afstand: 10 km
Start: Centrum Oldenzaal
Eind: Centrum Deurningen

In recreatiegebied Het Hulsbeek lopen heel wat wandelingen

Vorig jaar wandelde ik twee dagen mee met een vriendin die in 5 weken het Pieterpad liep. Helemaal enthousiast besloten we toen om samen een langeafstandswandeling te doen, niet achter elkaar, maar in weekendjes. Het werd het Marskramerpad, dat Nederland van oost naar west doorkruist. Het pad zou ons in streken brengen waar we niet vaak komen. In een weekend in maart staan de eerste twee etappes op het programma. De eerste etappe vind je hier.

Gastvrij Twente

Op de tweede dag van ons wandelweekend hebben we het plan om van Oldenzaal naar Borne te wandelen, ongeveer 25 km. Het weer lijkt in het niets op dat van de dag daarvoor. Het is grijs en frisjes. Het kost ons weinig moeite om de rood-witte markering weer terug te vinden en al snel lopen we over een lange weg de stad uit. We worden ingehaald door een paar mountainbikers. Eerst enkele kinderen in oranje tenues, daarna een paar volwassenen, ook in het oranje. Gevolgd door een auto met MTB’s achterop. In het kwartier daarna zien we een goede afspiegeling van mountainbikend Oldenzaal. Er moet bijna wel een mountainbike-evenement zijn, ergens verderop.

We lopen inmiddels door een bos met allerhande trimbaanapparaten en speeltoestellen boven de vele watertjes. Verderop begint recreatiegebied Het Hulsbeek. We zien een groot meer liggen en het bijbehorende bord ‘Outdoor Challenge Park’ klinkt avontuurlijk. Op een parkeerterrein hebben de in oranje gestoken MTB-ers zich verzameld. Oud, jong, van alles door elkaar. Het lijkt alsof ze elk moment aan een wedstrijd kunnen beginnen. We lopen snel verder en verwachten ze nog wel te zien de komende kilometers (de etappe leidt ons langs een MTB-route).

Recreatiegebied Het Hulsbeek

Over kleine weggetjes lopen we gedeeltelijk om het meer heen. We zien af en toe een mountainbiker in een niet-oranje outfit voorbij komen, maar de grote groep zien we die dag niet meer terug. Jammer, het had spectaculaire foto’s kunnen opleveren. We passeren een camperkampeerplaats in aanleg. Een man in klus-outfit staat op een ladder en bevestigt felgekleurde vogelhuisjes aan bomen. Gezien de grote stapel aan de voet van de ladder is hij voorlopig nog niet klaar. Wij wensen hem succes, hij groet ons vriendelijk terug.

Na een kilometer of 6 verlaten we het recreatiegebied en gaan richting Deurningen. Hier en daar is de route knap modderig, maar de paden zijn nog te bewandelen. We lopen tussen de weilanden en worden, als Deurningen in zicht komt over vee-roosters heen geleid. Een bord waarschuwt de wandelaar voor passerende koeien. “Let op!”, staat eronder, “Er kan nog een koe aankomen”.

Let op!

Bij een cappuccino in Deurningen besluit ik, wegens onverwachte blaren, die de dag daarvoor al hun opwachting hadden gemaakt, niet verder te lopen en pak hier de bus. Mijn vriendin loopt verder naar Borne. Ze is in training voor de 4-daagse en kan de oefening goed gebruiken. Ze blijkt later in totaal 29 km te hebben gelopen. Daar waren mijn voeten niet blij van geworden… Het tweede gedeelte van deze etappe loop ik binnenkort wel een keer.

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.