Elke Maand Een … | N70 Natuurwandelroute in het Rijk van Nijmegen

Elke Maand Een: Route
Route: N70 Natuurwandelroute
Afstand: 16 km
Start: Beek centrum
Eind: Beek centrum

Naast de N70 lopen in dit gebied ook veel andere wandelpaden

Al tijden staat de N70 op mijn nog-te-wandelen lijstje. In 2016 liep ik in dit gebied de Trage Tocht Berg en Dal en kwam ik de N70-bordjes tegen. Ik wist toen niet dat ze de markering waren van een schitterende wandeling. De N70 verwijst naar het jaar 1970, dit was het natuurbeschermingsjaar.

Op een nazomerdag eind september is het zover. Samen met mijn moeder wandel ik de populaire wandeling die ons over 8 bergen voert. We parkeren de auto in Beek en vinden al snel de route. Na een paar honderd meter komen we bij de Muur van Beek. Een steen verwijst naar de Giro di Berg en Dal. De cijfers liegen er niet om (althans niet voor Nederlandse begrippen): een hoogte van 21,7 meter, een stijging van maximaal 10% en de top pas na 1170 meter. Vol goede moed beginnen we aan onze eerste stijging, er zullen nog vele volgen.

Muur van Beek

De route leidt ons naar het natuurgebied de Duivelsberg. Onderweg zien we een richtingaanwijzer die al meer dan 100 jaar op deze plek staat. Tot 1949 liep hier de grens met Duitsland, nu ligt de landsgrens twee kilometer oostelijker. Op de twee armen staat de spreuk ‘laat vriendschap heelen wat grenzen deelen’.

Een 100 jaar oude richtingaanwijzer

De omgeving is schitterend. Stijgend en dalend hebben we regelmatig mooie uitzichten. We lopen door de vallei de Assekuul met oude eiken en vlechtheggen langs het pad. Ook komen we veel tamme kastanjes tegen, soms hele lanen. De paden liggen bezaaid met de kastanjes die vaak nog in hun puntige schil zitten. De algemene veronderstelling is dat de Romeinen hier de bomen ooit geplant hebben als voedselvoorziening.

Veel tamme kastanjebomen onderweg

De namen van de bergen, dalen en beken spreken tot de verbeelding. We beklimmen o.a. de Duivelsberg, de Boterberg, de Sterrenberg en de Ravenberg, we lopen door het Filosofendal en komen langs de Heksendans. Deze laatste is een pannenkoekenrestaurant maar ook een plek met leemkuilen en een lugubere geschiedenis. In de 19e eeuw is hier een dienstmeisje dood gevonden, in de Tweede Wereldoorlog is op deze plek flink gevochten. Maar de naam Heksendans stamt van veel eerder. Voor het christendom zijn intrede deed, vereerden mensen hier waarschijnlijk watergeesten.

De Heksendans, een plek met historie

We lopen in een lus vlak langs de Duitse grens naar Berg en Dal en door naar Nijmegen. De route is aangegeven met witte bordjes met N70 erop en – zoals de Vlaamse wandelaars zeiden die we tegenkwamen – kleine witte mannekes. De bordjes zijn niet overal even duidelijk aanwezig, waardoor we niet precies het pad van de kaart lopen. Met onze routebeschrijving, kaart en Endomondo komen we echter elke keer weer op de goede weg terecht. En het maakt ook niet zoveel uit, het is in dit gebied overal even prachtig.

Een lange lindenlaan

Als we wederom met omwegen weer in Beek uitkomen heb ik volgens mijn fitness tracker 105 verdiepingen gelopen. Op een gemiddelde dag kom ik niet verder dan 15. Er waren vandaag dan ook weinig vlakke stukken bij. Voor wie in Nederland wil trainen voor een wandelvakantie in de bergen raad ik deze wandeling ten zeerste aan. En ook aan iedereen die een dag door on-Nederlands doch schitterend landschap wil wandelen. Ik kom hier zeker nog eens terug!

Mooie uitzichten en paden

Ik liep de N70 met behulp van een papieren wandelkaart en omschrijving die ik bij de Fiets- en Wandelbeurs in Utrecht haalde dit jaar. Hier kun je deze wandelfolder downloaden. In het veld is de route gemarkeerd met witte plaatjes waar met zwarte letters ‘N70’ op staat. Ook kun je de kleine witte ‘mannekes’ op verschillende kleuren bordjes volgen. Af en toe wijst een richtingaanwijzer de wandelaar in de goede richting. De route is een rondwandeling dus je kunt zelf je startpunt bepalen.

De wandelfolder

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier

Advertenties

Christoffelpad etappe 1: Hasselt – Vollenhove

Route: Christoffelpad
Afstand: 25 km
Start: Bushalte Hasselt centrum
Eind: Bushalte Zwembad in Vollenhove

Het Christoffelpad is gemarkeerd met een rood-groene pijl

Naast de Langeafstandswandelingen en Streekpaden die Nederland rijk is, zijn er nog vele andere paden die je op mooie plekjes in ons land brengen. Zo is er sinds 2018 het Christoffelpad, dat gebruik maakt van de wandelnetwerken van IJsseldelta en Weerribben-Wieden. Eigenlijk net als het Salland Pad dat doet met Wandelnetwerk Salland. Het Christoffelpad is ruim 40 km lang en kan dus prima in een weekend gelopen worden. Het pad maakt een rondje langs de grotere plaatsen Hasselt, Zwartsluis, Vollenhove en Genemuiden. De routekaart koop je voor EUR 4,50 in deze en omliggende plaatsen. Bijvoorbeeld in het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten bij Sint Jansklooster (zoals ik).

Ik begin de eerste dag van de herfst in bus 71 naar Emmeloord, die ook in Hasselt stopt. Met mij zitten er nog 4 andere passagiers in de bus, allen wandelaars. Ze kennen elkaar niet, maar wisselen ervaringen uit over het Overijssels Havezatenpad en het Zuiderzeepad waar ze naar op weg zijn. Over één ding zijn ze het eens. Op zondag rijden er weinig bussen in dit deel van het land! Ik ken het probleem met het Salland Pad…

Mooie woorden in Hasselt

In een zonovergoten Hasselt stap ik uit en dwaal door het oude plaatsje op zoek naar de markering. Begin 2018 was ik hier ook met het Jacobspad. Toen was de tekst bij het Oude Stadhuis, nu Toeristisch Informatiepunt, ‘Hoe velen zijn niet deze weg gegaan’ goed leesbaar. Nu staat er een marktkraam over de woorden. Ik laat de markt voor wat hij is en loop op goed geluk in de richting van de route.

Hasselt ligt er mooi bij op deze eerste herfstdag

Gelukkig is Hasselt niet zo groot en heb ik mijn eerste rood-groene markering snel gevonden. Door Hasselter buitenwijken loop ik zo de natuur in, langs weilanden, schapen, sloten en door een nieuw natuurgebied: de Olde Maten. Dit natuurgebied is in 2014 helemaal heringericht. Van oorsprong was het een veengebied, waarna boeren het ontgonnen. Het streven is nu dat verdwenen dieren en planten het gebied weer in bezit nemen. Er zijn nu, 5 jaar later, in ieder geval al heel wat mooie plaatjes te schieten.

Natuurgebied de Olde Maten

Door de Olde Maten kom ik in Zwartewatersklooster uit. Een ingeslapen gehucht waar af en toe een voorbijrijdende wielrenner de rust verstoort. Geen spoor van een klooster. Maar het plaatsje heeft niet voor niets zijn naam gekregen. In de 13e eeuw werd op deze plek namelijk een nonnenklooster gesticht. Ook gaat het verhaal dat hier ridders begraven liggen, die sneuvelden bij de Slag bij Ane in 1227 (Ane ligt in de huidige gemeente Hardenberg). De ridders waren in dienst van het leger van de bisschop van Utrecht en streden tegen opstandige Drenten. De Drenten wonnen, de bisschop sneuvelde. Als boetedoening voor de dood van de bisschop werd het klooster in Zwartewatersklooster opgericht. Met zo’n verhaal bekijk ik zo’n ingeslapen plaatsje met een hele andere blik.

Een plek met een lange geschiedenis

Na Zwartewatersklooster kom ik al snel op de Sluizerdijk uit en loop parallel aan de weg richting Zwartsluis. Ik ben niet de enige die op weg is naar deze plaats aan het water. Onophoudelijk rijden er auto’s voorbij en de brug in de verte bij Zwartsluis zie ik meerdere keren opengaan. In het plaatsje zelf zijn er veel bootjes op het water en de terrassen zitten vol. Iedereen geniet nog even van wellicht één van de laatste nazomerdagen. En geef ze eens ongelijk.

Na Zwartsluis kom ik via lange smalle wegen in het Nationaal Park Weerribben-Wieden uit. Het is druk met fietsers en auto’s. Een aantal is ongetwijfeld op weg naar het even verderop gelegen Belt-Schutsloot. Giethoorn in het klein en nog niet ontdekt door Chinezen. Ik ga de andere kant op.

Lunchuitzicht in Nationaal Park Weerribben-Wieden

Via de kleine dorpjes Barsbeek en Heetveld loop ik richting Sint Jansklooster. Vandaag vindt hier het Jeugdbloemencorso plaats. Hoewel ik niet door het plaatsje kom, zie ik wel een wagen staan met daarop een levensgroot beest, gemaakt uit vuurrode bloemen. Bij een koffie- en theeschenkerij op het landgoed Oldenhof las ik een pauze in. 20 kilometer op de teller, tijd voor thee met echte Oldenhover plaatkoek. Het terras ligt er schitterend bij tussen de hoge bomen.

Een mooie pauzeplek

En dan is het tijd voor het laatste stuk. Vollenhove is niet ver meer en de bus gaat maar één keer per uur. Ik loop flink door, pik in Vollenhove landgoed Oldruitenborgh, inclusief ruïne, mee en haal nog net op tijd mijn bus. Ik neem me voor om de volgende keer nog een rondje door het centrum te doen.

Het was een prachtige etappe, uiteraard hielp de mooie nazomerdag ook mee. De volgende etappe gaat deels langs de andere oever van het Zwarte Water. Ook belooft de routekaart een pontje en wellicht een zeearend. Ik kan niet wachten!

Noardlike Fryske Wâlden etappe 2: Gytsjerk – Feanwâlden

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 18 km
Start: Nieuwe Straatweg, Gytsjerk
Eind: Station Feanwâlden

Indrukwekkende wolkenluchten boven Oer de Wiel

Op 12 april 2018 opent weerman Gerrit Hiemstra Frieslands nieuwste streekpad: Noardlike Fryske Wâlden. Zoals de naam al zegt, loopt deze 165 km lange rondwandeling door de noordelijke Friese Wouden, de noordoosthoek van Friesland. Deze streek staat bekend om het coulisselandschap: kleinschalig boerenland omzoomd door houtwallen en elzensingels. Het is aangewezen als Nationaal Landschap. Wandelaars Jaap en Anneke Jongejan zijn de initiatiefnemers van de route. Op Wandelnet staat het volgende: “Ze combineerden onverharde paden, klinkerwegen en dorpsommetjes tot een prachtige route door een gebied dat wel ‘het best bewaarde geheim van Friesland’ wordt genoemd.”

Veel springbalsemien onderweg

Een half jaar geleden liepen we de eerste etappe van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden. Het was verrassend mooi en we waren het er over eens dat we snel de tweede etappe moesten lopen. Heel snel is het niet geworden, maar op een zonnige dag tussen regenachtige dagen in augustus stappen we in Gytsjerk uit de auto voor de tweede etappe. Over de Canterlandseweg lopen we al snel het dorp uit en lopen dwars door de weilanden in noordelijke richting. Een mountainbiker haalt ons in, groet en rijdt door in een zigzaggende lijn. Al die kuilen en hoge graspollen rijden niet al te prettig. Dan komt Oentsjerk in zicht.

Volgens de kaart zou hier een koffiegelegenheid zijn, maar het café blijkt gesloten i.v.m. zomervakantie. Ook Stania State – vroeger een landhuis met landgoed van Friese adellijke families, nu een mooi gelegen restaurant, conferentiecentrum en trouwlocatie – is dicht. Jammer, want we hadden op deze mooie plek best een kopje koffie willen drinken. We lopen door de Engelse landschapstuinen en door het bos richting Griekenland en Turkije.

Stania State is helaas dicht

Een aparte naam voor een klein bos dat ooit in het bezit was van de familie Van Sminia. Met de opbrengst van Griekse en Turkse staatsobligaties kochten zij dit gebied. Op dit moment zijn de bosjes in het bezit van het Fryske Gea. Via het dorpje Readtsjerk komen we uit bij het natuurgebied Oer de Wiel.

We klimmen over het hek, zoals de route aangeeft en bevinden ons in uitgestrekte weilanden. Rechts van ons zien we water. Meerkoeten en waterhoentjes dobberen er op hun gemakje. Er is geen mens te bekennen. Enthousiast door het uitzicht volgen we het water, klimmen over nog veel meer hekken en lopen te midden van schapen die zich weinig van ons aantrekken. Dan wordt het tijd voor de lunch.

We klimmen over meerdere hekken

In dit natuurgebied zijn weinig bankjes, dus eten we zittend in het gras met uitzicht op het water onze broodjes. De indrukwekkende wolkenluchten maken het plaatje compleet. Erg mooi! Als we verder lopen zien we na 10 minuten een bankje (het lijkt wel een wetmatigheid). Aan de rand van het weiland staat een kunstwerk van Nynke Rixt Jukema, dat tevens een verhoogd bankje is. Het kijkt uit over het water en was een mooie lunchplek geweest.

Dit was een mooi lunchbankje geweest

Na een paar kilometer komen we bij een weg, waar we de route verlaten. Het natuurgebied en de route gaan aan de overkant van de weg verder. Daar lopen we volgende keer, besluiten we. Hopelijk niet pas over een half jaar. Over de weg lopen we terug naar het station van Feanwâlden, waar we die ochtend de tweede auto hadden geparkeerd. Het Noardlike Fryske Wâlden pad is nog steeds zeer de moeite waard.

Benieuwd naar de andere etappes van het streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Salland Pad etappe 5: Luttenberg – Haarle

Route: Salland Pad
Afstand: 16 km
Start: Bushalte Heuvelweg in Luttenberg
Eind: Bushalte ‘t Kruuspunt in Haarle

Naast de Langeafstandswandelingen en Streekpaden die Nederland rijk is, zijn er nog vele andere paden die je op mooie plekjes in ons land brengen. Zo kwam ik het Salland Pad tegen, dat gebruik maakt van het wandelnetwerk Salland, een netwerk van wandelwegen tussen de IJssel en de Sallandse heuvelrug. Het Salland Pad is met 130 km de langste van de vijf beborde themaroutes binnen dit netwerk. Andere themaroutes zijn o.a. de Sallandse Zandloper en het Schipbeekpad. Het Salland Pad maakt een rondje door Salland. Je kunt daarom op elk willekeurig punt beginnen. Het boekje met de verschillende etappes koop je voor 2 Euro online of bij een plaatselijke boekhandel.

We lopen over kleine paadjes tussen weiland en sloot

 

In april liepen we de vorige etappe van het Salland Pad. De natuur was toen in lentetooi met frisgroene blaadjes, bloesem en allerhande bloemen in de bermen.  Het groen van de bomen is nu, drie maanden later, dieper, zwaarder. Langs de akkers staan korenbloemen, klaprozen en andere bloemen in allerlei kleuren. En laten we vooral niet de insecten vergeten. In april waren eikenbomen nog onschuldig, nu loopt een groot deel van de voorbijgangers er met een grote boog omheen. Uiteraard komen we deze bomen – en hun tijdelijke bewoners – ook tijdens deze mooie etappe tegen.

We starten vandaag in Luttenberg, waar we met de buurtbus arriveren. De eerste paar honderd meter liepen we vorige keer ook, toen we per ongeluk de verkeerde kant op liepen. Nu mogen we verder het glooiende landschap in. Het is 18 graden, in de blauwe lucht drijven wolken en de zon schijnt regelmatig. Kortom, prima wandelweer.

De route leidt ons over plattelandsweggetjes, door bossen boordevol eikenbomen en over kleine, net gemaaide paadjes tussen weilanden en sloten. Libellen vliegen af en aan, kikkers kwaken in de sloten, de sigaren van de lisdodden maken het plaatje af. We wanen ons in een Jac. P. Thijsse landschap! Het is rustig op deze dinsdagochtend. Af en toe passeert er een auto of een fietser, wandelaars zien we niet. Op een dagcamping luistert een groep kinderen aandachtig naar hun juffen, op camping De Luttenberg zitten vakantievierende echtparen voor hun caravans met een kopje koffie.

In Mariënheem drinken we bij de bakkerij en buurtwinkel van Stichting de Parabool – een organisatie voor o.a. dagbesteding voor mensen met een verstandelijke beperking – een kopje koffie. Hier komen we ook twee andere wandelaars tegen. De oudere heren hebben op deze doordeweekse dag ook hun wandelschoenen aangetrokken en lopen een rondje uit een wandelgids van Gegarandeerd Onregelmatig. We wensen elkaar een goede wandeling en vervolgen onze weg.

Na Mariënheem lopen we al snel het natuurreservaat Boetelerveld in. Het is het enige overgebleven natte heidegebied in Salland en behoort tot de Natura 2000-gebieden (een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden). Er komen bijzondere dier- en plantsoorten voor en er is een vogeltrektelpost gevestigd. Wat ons vooral opvalt, zijn de vele eiken. Met een boog eromheen lopen, is er niet bij. Door het hoge gras en de struiken kunnen we enkel het smalle pad volgen, dat pal onder de laaghangende eikentakken doorloopt.

Vogeltrektelpost op het Boetelerveld

We zien links en rechts diverse nesten vol eikenprocessierupsen tegen de stammen geplakt zitten. We blijven niet staan, maar houden het tempo erin. Hoe sneller we dit gebied uit zijn, hoe beter. Dit is niet een plek om te zijn op dit moment. Na 2,5 kilometer komt het einde in zicht en zijn we blij weer bredere wegen te zien.

Op een bankje ver weg van eikenbomen eten we onze broodjes en leggen dan de laatste kilometers af naar de buurtbushalte in Haarle. Het Salland Pad hebben we dan al verlaten. Dit buigt voor Haarle af richting het natuurgebied De Sprengenberg. Hier komen we terug als de rupsen vlinders zijn geworden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Salland Pad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Stadswandeling in zomers Middelburg

Route: Groene Wissel Middelburg
Afstand: 8 km
Start: Station Middelburg
Eind: Station Middelburg

Een van de vele straatgedichten in Middelburg

Als je een stad wilt verkennen waar je nog niet eerder bent geweest, is een stadswandeling de ideale manier om een aantal hoogtepunten te zien. Maar hoe kom je aan een route? Ik kijk altijd eerst op wandelzoekpagina.nl of er een zogenaamde Groene Stadswissel is. Dit zijn goed beschreven routes, vaak niet meer dan 10 km, die je gratis van de site kan halen. Tot nu toe waren ze zeer de moeite waard. Zo liep ik al eerder in Leiden, Maastricht, Apeldoorn en op Urk leuke routes. Ook Middelburg blijkt een Groene Stadswissel te hebben.

Op een lentedag met zomerse temperaturen parkeren we de auto achter station Middelburg. Het KNMI voorspelt 30 graden vandaag. Het is nog vroeg, maar je voelt nu al dat het warm gaat worden. We besluiten de route tegen de klok in te lopen, zodat we aan het einde over de schaduwrijke vestingwallen komen. Vanaf het station lopen we door straatjes met allerlei eetgelegenheden naar de binnenstad. Een boter-kaas-en-eieren vogelhuisje doet ons even stilstaan. Wat een leuk idee.

Boter, kaas en eieren

In het centrum gaat de wandeling langs de bekende bezienswaardigheden van Middelburg. We lopen over het Abdijplein, langs het Zeeuws Museum, over de Markt en blijven stilstaan voor het imposante voormalige stadhuis. Op beide pleinen staan podia en worden stoelen neergezet. Medewerkers in kraampjes zijn druk bezig met de voorbereidingen voor het korenfestival ‘Middelburg VÓLkoren’ dat dit weekend wordt gehouden.

Het Abdijplein met het Zeeuws Museum

 

Stadhuis van Middelburg

Overal waar we lopen, beieren de klokken. Kerkgangers haasten zich door de straten. Door open deuren zien we kerkdiensten die aan de gang zijn. Wij wandelen verder, langs de Lange Jan, door de winkelstraat. Hier en daar zet ik een straatgedicht op de foto. Want er zijn straatgedichten genoeg in de Zeeuwse hoofdstad.

Veel straatgedichten in Middelburg verwijzen naar het water en de zee

Het project Sprekende Gevels, waarbij straatgedichten aangebracht worden op gevels in Middelburg, heeft inmiddels 21 (en waarschijnlijk nog wel meer) straatgedichten opgeleverd. Van tevoren heb ik de kaart met de locaties van de gedichten geprint. Ik loop deze Groene Wissel met deze kaart in de hand, mijn man heeft de GPS-route op zijn telefoon. Een goede verdeling. Af en toe wijk ik uit naar een gedicht in een zijstraatje. We zijn er nu toch. Ik kom zelfs twee gedichten tegen die niet op mijn kaartje staan. Een daarvan staat rondom de roos met de naam ‘Rosa Middelburg’, die is aangeboden aan de stad Middelburg, ter gelegenheid van Middelburg 800 jaar stadsrechten.

Een gedicht rond de ‘Rosa Middelburg’ door stadsdichter Karel Leeftink

Via de Volkssterrenwacht Philippus Lansbergen – in 1967 opgericht en daarmee de oudste nog bestaande publiekssterrenwacht van Nederland – lopen we langs de gracht. Het is tijd voor koffie en we strijken neer op een terrasboot bij het leuke HoneyPie voor een cappuccino met heerlijke carrotcake. Vanachter de geraniums kijken we uit over het water en de bootjes die voorbij komen. We zien twee hoofden en een meisje drijven in het water. Kunstwerken van Sjer Jacobs, lees ik later. De hoofden zijn van piepschuim en zijn omhuld door een laagje beton. Ze drijven er inmiddels ruim een maand en trekken veel bekijks. Ik kan me er iets bij voorstellen.

De gracht met het meisje, in de verte de hoofden en de terrasboot

De temperatuur stijgt en we besluiten verder te wandelen. De route brengt ons bij de vestingwallen. Door de bomen is het hier heerlijk schaduwrijk. We lopen bijna alleen over de paadjes langs het water en volgen de punten van het bastion. De witte molen De Hoop steekt fel af tegen de blauwe lucht.

Over de vestingwallen en langs molen De Hoop

Bij het Noordbolwerk is een stuk afgezet waar schapen grazen. Of eigenlijk liggen ze nu voornamelijk in de schaduw. Een bordje geeft aan dat het terrein op een ecologische manier wordt onderhouden door een schaapskudde, die hier een aantal keren per jaar graast. De schapen worden op meerdere plaatsen in Walcheren ingezet, waardoor ze allerlei zaden en sporen van planten verspreiden. Dit leidt tot ecologische verbindingen. Goed dat hier over nagedacht wordt!

Voor schapen is 30 graden ook best wel warm

Na de vestingwallen gaan we door de Koepoort weer het centrum in. De route leidt ons door kleine steegjes. Regelmatig twijfelen we of ze niet doodlopen. Maar elke keer kunnen we doorlopen. Via de binnenhaven tenslotte brengt de route ons weer terug naar het station.

Veel steegjes lijken dood te lopen

Grote groepen mensen komen ons tegemoet, elke groep in een eigen kleur outfit. Koren die op weg zijn naar het festival. Wij lopen door en verlaten deze mooie middeleeuwse stad. Zeer de moeite waard en door de Groene Stadswissel (en de kaart met straatgedichten) zijn we op plekken geweest waar we anders niet gekomen waren. Een aanrader!

Elke Maand Een … | Wandelen in en om Zoutelande

Elke Maand Een: Route
Route: Trage Tocht Zoutelande
Afstand: 15 km
Start: Parkeerplaats aan de Nieuwstraat tegenover het Oranjeplein
Eind: Parkeerplaats aan de Nieuwstraat tegenover het Oranjeplein

Aan mooie uitzichten geen gebrek tijdens deze wandeling

Het zonovergoten Hemelvaartweekend brengen we door in een provincie waar ik slechts één keer eerder was: Zeeland. Uiteraard willen we wandelen in het Zeeuwse. Bij een korte zoektocht op internet valt mijn oog op de Trage Tocht Zoutelande. Een bekende plaatsnaam. Toen twee jaar geleden de Zeeuwse band Bløf een grote hit had met het nummer Zoutelande kende opeens heel Nederland het Zeeuwse plaatsje. Ik ook. Voor die tijd had ik er nog nooit van gehoord. Dit is mijn kans om de bezongen plaats in het echt te zien. De zeer positieve recensie van een enthousiaste wandelaar, die bij de routebeschrijving staat, helpt uiteraard ook.

“Zo’n beetje alles wat het onvolprezen landschap van Zeeland heeft te bieden komt op deze tocht wel voorbij.”

De wandeling begint op een groot gratis parkeerterrein vlakbij het strand. We zijn er om half 10 en er is nog genoeg plek. ‘s Middags blijkt dat een heel ander verhaal en zijn twee Duitse vrouwen blij dat we weggaan. Maar nu lopen we samen met andere vroege badgasten richting strand. Zoutelande maakt zich in dit zonnige Hemelvaartweekend op voor veel toeristen.

Het is altijd bijzonder als je weer de zee ziet, ook ditmaal. We lopen steil omhoog over een klinkerpaadje en komen dan op een wandelpad uit langs de zee. Voor ons zien we een vrijwel verlaten breed strand en een kalme zee. Op gelijke afstand van elkaar staan golfbrekers. In de verte zweven deltavliegers boven de duinen. Het ochtendzonnetje en de strakblauwe lucht maken het plaatje compleet. Mooi hoor, Zoutelande.

Langs de weg verwijzen een beeld van een renner en een plaquette naar de Marathon van Zeeland. Deze marathon loopt langs de kust van Burgh-Haamstede naar Zoutelande. Een mooi gebied om doorheen te lopen. Maar ook zwaar, over het strand en door de duinen. Ik lees later dat het de mooiste en zwaarste marathon van Nederland genoemd wordt. ‘Verder dan ver’ staat er onder de plaquette, ik kan me voorstellen dat dat zo voelt voor de renners.

Beeld renner Marathon Zeeland

We volgen de route richting Westkapelle. We verlaten al snel de boulevard en gaan verder over het strand. Vlakbij de vloedlijn lopen we het stuk tussen twee strandpaviljoens in. Geregeld zoeken we een plekje met genoeg ruimte om tussen de palen van de golfbrekers door te lopen. Gelukkig zijn we niet de eersten en is het een kwestie van de voetsporen in het zand volgen.

Geregeld lopen we tussen de golfbrekerpalen door
We zien veel grote zeeschepen voorbij varen

We verlaten het stand via hoge trappen, lopen nog een stuk door de duinen en gaan dan het binnenland in.

Om van het strand over de duinen te komen zijn er hoge trappen

Overal waar we kijken zijn campings, vakantiehuisjes (sommige erg mooi gelegen) en hotels. Over kleine weggetjes omzoomd door hoge meidoornheggen, onverharde paadjes langs akkers en sloten en bosweggetjes maken we een lus terug naar Zoutelande. We lopen langs een van de vele bunkers die over zijn van het landfront Vlissingen, dat deel uitmaakte van de Atlantikwall. Vlissingen had tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke positie en moest goed verdedigd worden.

Een boerderij onderweg

En dan zijn we weer in Zoutelande en beginnen aan de tweede lus. Het is een stuk drukker dan toen we hier begonnen. Het vakantieseizoen lijkt echt begonnen te zijn. Via allerlei onverharde bospaadjes doorkruisen we Zoutelande. Bij Klein Valkenisse lopen we door een mooi duinbos en gaan dan weer de duinen in. We lunchen bij een van de vele strandtenten.

Na de lunch klimmen we weer naar boven over de lange trap en hoog boven de zee kijken we uit op de grote containerschepen die dicht langs de kust varen. Het zijn schitterende uitzichten. Het strand is inmiddels een stuk drukker, overal zitten mensen en staan tentjes en parasols. Kinderen spelen in de branding. Het strand is ook aanzienlijk minder breed dan vanmorgen. Het is duidelijk vloed. De golfbrekers zijn grotendeels verdwenen in zee.

De weg terug naar Zoutelande is erg mooi. Het pad stijgt en daalt door de hoge duinen. Allerlei bloemen steken scherp af tegen het helmgras, het lichte zand en de blauwe lucht. Het ene uitzicht is nog mooier dan het andere. We komen langs een verbleekt bordje ‘Let op vliegplaats’. Dit blijkt de plek waar deltavliegers en paragliders kunnen opstijgen. De duinen zijn blijkbaar hoog genoeg voor een vliegtochtje.

Over een glooiend pad lopen we weer richting Zoutelande
Let op vliegplaats

Als we bijna weer in Zoutelande zijn, zien we een huis dat mooi opgaat in de duinen. Elke verdieping is bekleed met zand en helmgras. Dit was vast een leuke uitdaging voor de architect. En dan komt daar weer de plek in zicht waar we vanmorgen begonnen. We laten de zee achter ons en via het klinkerpaadje lopen we terug naar de auto.

Het huis gaat op in de duinen

De wandelaar die op wandelzoekpagina.nl reageerde op de Trage Tocht Zoutelande eindigt zijn reactie met “Hulde, heer Wolfs, u heeft ons een grandioze dag bezorgd.” Ik kan dit alleen maar beamen.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Marskramerpad etappe 4: Rijssen – Okkenbroek

Route: Marskramerpad
Afstand: 30 km
Start: Station Rijssen
Eind: Bushalte Koerselmansweg Okkenbroek

Half mei is het lentegroen nog alom aanwezig

De afgelopen etappes liepen we in het mooie Twente. Deze vierde etappe leidt ons Twente uit en over de Sallandse Heuvelrug. We beklimmen een heuse berg en nemen na afloop de buurtbus naar station Deventer in een plaatsje waar we nog niet eerder van gehoord hebben. Het is niet zonovergoten zoals bij de vorige etappes, maar met 14 graden is het prima wandelweer.

We beginnen de etappe in Rijssen en wandelen eerst twee kilometer om de route weer op te pikken. We komen langs plekken waar we een maand geleden ook liepen. Het is nog even mooi. We maken een omtrekkende beweging rond Rijssen, waardoor het plaatsje bijna 15 kilometer lang op ongeveer gelijke afstand blijft liggen. We spreken grappend over het ‘rondje Rijssen’ totdat we de markering ‘rondje Rijssen’ tegenkomen. Het bestaat echt!

Rondje Rijssen bestaat echt!

We steken met een pontje de Regge over. Ik ben de primitievere trekpontjes gewend, waarbij je jezelf overtrekt met een (nat) touw. Dit pontje is groter en een stuk geavanceerder. Door te draaien aan een hendel trek je de ketting strak en zet je jezelf over.

Pontje over de Regge

Aan de overkant volgen we de Regge een tijdje, lopen over het erf van een boerderij (altijd leuk als routes over dit soort privé-gronden mogen lopen) en steken bij een imposante eik akkerland over. We zien weinig wandelaars. De wandelende mensen die we tegenkomen zijn enigszins pissig. Ze volgen de gele pijltjesroute van wandelnetwerk Twente, maar weten niet meer welke kant ze op moeten. “Dit hadden we gisteren ook al!” verzucht de man. Of wij even mee kunnen kijken. Maar wij kunnen ze ook niet helpen. Door de werkzaamheden aan de beken klopt de markering niet meer. Hier liepen we bij de vorige etappe ook tegenaan. We wensen ze succes en vervolgen ons pad.

Imposante eik

We lunchen langs een grindpad waar de bermen goed gemaaid zijn, behalve rondom de bankjes. Gevolg is dat ons lunchbankje omzoomd is door brandnetels en we eerst het bankje brandnetelvrij moeten maken, voordat we kunnen gaan zitten.

Bankje in de brandnetels

Dan komt het gebied van de Holterberg in zicht. Een bord geeft aan dat het verboden is voor auto’s en motors. Dit geldt echter niet voor o.a. 65-plussers. Positieve discriminatie die ik nog niet eerder ergens heb gezien. Over verlaten fietspaden dalen en stijgen we in het bos.

Verboden voor auto’s, tenzij je ouder dan 65 jaar bent

We komen langs de Canadese begraafplaats waar nog de kransen en bloemen van Dodenherdenking liggen. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog is op de Holterberg nog hevig gevochten. Het gemeentebestuur van Holten heeft voor de Canadese soldaten, die in de laatste fase van de oorlog in Noord- en Oost-Nederland omkwamen, deze begraafplaats aangelegd. Het is een van de grootste van Nederland. De Canadian War Cemetery is keurig onderhouden. Bij sommige graven staan foto’s van de gesneuvelden. Een groepje mensen dat langs de graven loopt lijken een familielid te bezoeken. Zo te horen komen ze uit Canada.

Canadese begraafplaats op de Holterberg

Dan is het toch echt tijd voor een kopje koffie. Volgens het boekje zijn er deze etappes heel wat koffiedrinkgelegenheden, gezien de vele kopjes koffie op de kaart. De eerste twee blijken echter gesloten en de derde verdwenen. De vierde is een pannenkoekenrestaurant en bevindt zich op de Holterberg. Dit is wel open en na 20 km genieten we van een cappuccino met lekkers.

Via de Panoramaweg, waar we niet heel veel panorama zien, dalen we de berg weer af en lopen het laatste gedeelte naar Okkenbroek. De in het boekje beloofde bushalte een paar kilometer voor Okkenbroek blijkt er niet te zijn en we moeten flink aanpoten om nog op tijd de bus in Okkenbroek te halen.

Vlak voor het plaatsje rijdt de buurtbus ons tegemoet. Hij stopt en vraagt waar we heen moeten. We noemen Okkenbroek en onze twijfel of we het wel halen. Hij stelt ons gerust, we kunnen sowieso straks mee. Hij moet eerst nog een lusje rijden, maar komt dan weer terug in Okkenbroek. Als we dan nog niet bij de halte zijn, pikt hij ons onderweg wel op. Er is toch maar één weg. We halen het net en laten ons naar station Deventer brengen. 30 km op de teller. Volgende keer wandelen we van Okkenbroek naar Deventer.

Op de Holterberg

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 21: Beilen – Kamp Westerbork

Route: Westerborkpad
Afstand: 20 km
Start: Station Beilen
Eind: Kamp Westerbork (en terug naar Hooghalen)

Op 4 mei, de dag waarop Nederland stilstaat bij o.a. de Nederlandse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog, lopen wij de laatste etappe van het Westerborkpad. Een toepasselijke dag voor de afsluiting van een historisch interessante, af en toe indrukwekkende, en zeker ook mooie route door vijf provincies. Anderhalf jaar geleden begonnen we op Amsterdam Centraal aan de wandeling en haalden bij de Hollandsche Schouwburg – de daadwerkelijke start van het pad – onze eerste stempel. Nu prijkt er een tweede stempel in het boekje, van Herinneringscentrum Kamp Westerbork.

We beginnen de dag in Hooghalen waar we de auto parkeren en een 8-persoonsbusje nemen naar Beilen, het begin van deze etappe. Het weer is afwisselend en dikwijls dreigen donkere luchten met regen. Het blijft gelukkig, op een buitje na, bij een dreiging. De winterse buien die voorspeld zijn, vallen niet in dit gedeelte van Nederland. Fototechnisch is het ideaal weer, de wolkenluchten met felle zon leveren mooie plaatjes op.

Bij de bushalte in Hooghalen nemen we de bus naar Beilen

Vanaf het station lopen we langs de Domo fabriek richting centrum en over het terrein van psychiatrische inrichting Beileroord. De route slingert over het grote terrein dat vlak langs de spoorlijn ligt. Niet de meest ideale plek voor een dergelijke instelling. Zouden hier vaak mensen voor de trein springen?

We komen langs een Joodse begraafplaats die nu midden in een woonwijk ligt. Het grenst aan een speeltuin en ligt verdekt opgesteld. Pas na een paar honderd meter merken we dat we er al voorbij gelopen zijn. In 1941 telde de Joodse gemeenschap Beilen 64 leden. Van alle Joden die zijn weggevoerd, keerde niemand terug. Enkele Joodse inwoners overleefden de oorlog door onder te duiken.

De Joodse begraafplaats Beilen ligt nu midden in een woonwijk

En dan lopen we Beilen uit en volgen een lange weg langs het spoor. We kruisen het Oranjekanaal waar we met het Jacobspad ook langsliepen. Dit kanaal werd o.a. gebruikt om voedsel, bouwmaterialen, maar ook neergeschoten vliegtuigen te vervoeren naar Kamp Westerbork. Deze vliegtuigen werden in het kamp ontmanteld. In april 1945 was dit kanaal de laatste hindernis voor de Canadezen, voordat zij Kamp Westerbork konden bevrijden. Op dat moment waren hier nog 876 Joodse gevangenen.

Oranjekanaal

De weg tot aan Hooghalen gaat deels door het heuvingerzand, een natuurgebied met bos en heide. De bomen beschermen ons tegen de buitjes die af en toe vallen. Tot aan Hooghalen lopen we langs het laatste stuk spoorlijn van deze wandeling en komen we langs de plek van het voormalige treinstation van Hooghalen. Tot november 1942 was er nog geen directe spoorverbinding met het kamp en vertrokken en arriveerden hier de deportatietreinen. Vandaag de dag is hier niets meer van te zien, het stationsgebouw is in 1960 gesloopt.

De spoorlijn bij Hooghalen

In Hooghalen trakteren we onszelf op koffie met een ambachtelijk gebakje bij de dorpsbakker, voordat we aan het laatste gedeelte van de etappe beginnen. Als de buien overgedreven zijn, lopen we via een bungalowpark over een bospad naar Kamp Westerbork. Het is er verlaten, wat ons aan het denken zet over wat zich hier in deze bossen allemaal heeft afgespeeld.

En dan zien we de vele auto’s en bussen op de parkeerplaats van het Herinneringscentrum. Ik weet niet hoe druk het hier normaal is, maar ik kan me voorstellen dat deze plek op een dag als vandaag wel wat meer mensen trekt. Om ons heen horen we naast Nederlands en Fries, ook veel Amerikaans. In het Herinneringscentrum halen we het certificaat: we hebben het Westerborkpad nu echt afgerond. Ook krijgen we hierbij een speldje van het gestileerde prikkeldraadje, symbool van dit pad en Kamp Westerbork. Uiteraard antwoorden we bevestigend als de baliemedewerkster vraagt of we ook een stempel willen in ons boekje.

Een certificaat, een speldje en een stempel

We leggen de laatste kilometers af naar de plek van het kamp zelf. Overal is men bezig met de voorbereidingen voor de herdenking van vanavond. Paden zijn afgesloten met paarse linten en auto’s rijden af en aan. Langs de weg staan op gelijke afstand van elkaar palen met bordjes. Op elk bordje staan de details van een transport dat vertrok uit het kamp: de bestemming, de datum en het aantal mensen. Confronterend om kilometers lang elke paar meter zo’n paal te zien. In totaal zijn er 93 treinen vertrokken met meer dan 107.000 mensen.

Een van de 93 palen, voor elk transport één

Onderweg komen we langs het Bos van de Toekomst. Hier kunnen mensen een boom planten ter herdenking aan een overleden dierbare of als markering van een geboorte, huwelijk of jubileum. Bordjes bij de bomen geven een korte toelichting. Bij Zwolle waren we ook al een dergelijk bos tegengekomen. Dit bos is vele malen groter.

Een boom in het Bos van de Toekomst

Bij het kamp komen we langs de ‘Tekens in Westerbork’. Deze vijf sarcofagen vermelden de kampen waarheen de gevangenen uit Kamp Westerbork gedeporteerd werden, het aantal gevangenen en het aantal overlevenden.

Tekens in Westerbork

Dan doemt daar het beroemde kampcommandantshuis op. Onder glas is het huis bewaard gebleven van Albert Gemmeker, van oktober 1942 tot en met april 1945 commandant van Kamp Westerbork. De groene verf bladdert af, hier en daar staat een raam open, een rafelig gordijntje hangt naar buiten.

Het kampcommandantshuis

Via de slagboom en roestig prikkeldraad lopen we het kampterrein op. Het is een uitgestrekte vlakte met diverse monumenten. Zo zijn er de 102.000 stenen op de voormalige appelplaats van het kamp. Binnen de contouren van Nederland staat elk steentje voor de moord op een mens. Foto’s geven de mensen een gezicht. Op de achtergrond verheffen zich de schotels van de radiosterrenwacht. Indrukwekkend.

De 102.000 stenen

We lopen verder langs een barak, een voorbeeld van een wagon en uitvergrote briefkaarten die mensen vanuit het kamp verstuurden of zelfs uit de trein wierpen in de hoop dat iemand hem zou posten. De berichten als ‘wij gaan op reis’ en ‘we houden ons flink’ zijn extra schrijnend voor de bezoekers van nu, die weten wat er gebeurd is.

Briefkaarten die verstuurd zijn uit Kamp Westerbork

En dan is daar het symbool van het kamp: de omgebogen spoorlijn. Dit is de plek waar vanavond de herdenking wordt gehouden. Cameramensen zijn druk bezig de boel in te richten. Het podium staat er al en het geluid wordt getest. Een jongetje balanceert op de rails. Voor hem is dit een grote speeltuin. Op de achtergrond is de wachttoren een stille getuige van wat hier zich heeft afgespeeld.

Wij sluiten hier het Westerborkpad af. Weer een langeafstandswandeling afgerond. Een met veel historie ditmaal. En uiteraard ook natuurschoon, hoewel niet iedere etappe even mooi was. De rode draad blijft nu eenmaal de spoorlijn. Ik vond het een mooie combinatie en kan deze LAW dan ook iedereen aanraden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je alle verhalen over de etappes.

Westerborkpad etappe 20: Hoogeveen – Beilen

Route: Westerborkpad
Afstand: 29 km
Start: Station Hoogeveen
Eind: Station Beilen

Bij de vorige etappe was het grijs, de kortste dag was bijna daar en Drenthe was in kerstsferen. Alweer een tijdje geleden dus. Wat weerhield ons tot nu toe van verder wandelen? Sinds het najaar van 2018 is er tussen Hoogeveen en Beilen een buslijn opgeheven, waardoor de etappe vanaf Hoogeveen nu bijna 30 km is. Niet heel aantrekkelijk op korte, donkere winterdagen. Maar nu de dagen lengen, het weer zonovergoten is en ik met het Marskramerpad al weer meerdere langere etappes heb gewandeld, is het op Tweede Paasdag dan toch tijd voor de 20ste etappe.

Op een stralende voorjaarsdag beginnen we op tijd in Hoogeveen. We hebben al een auto- en treinrit achter de rug en zijn toe aan koffie. Gelukkig heeft de Huiskamer op het station prima cappuccino en beginnen we voldaan aan de wandeling. We lopen al snel Hoogeveen uit en komen in een bos met een bijzondere naam: het Spaarbankbos. Vroeger lagen hier heidevelden. In 1890 koopt de Spaarbank uit Hoogeveen het terrein en plant er een bos voor mijnhout in Limburg. De naam herinnert nog altijd aan deze tijd.

Als wij verder het bos inlopen, dringt de stilte zich op. Na een kilometer tekenen vijf silhouetten zich af tegen de bomen. De zonnestralen werpen schaduwen op de roestbruine metalen mensfiguren. De beeldengroep herdenkt de vijf inwoners van Hoogeveen die begin augustus 1943 op deze plek gefusilleerd zijn, als represaille op een verzetsactie. Het is een indrukwekkend gezicht, hier op deze vroege ochtend.

Monument Spaarbankbos

We verlaten het bos en zoeken de spoorlijn op die steeds dichter bij Kamp Westerbork komt. We komen in een gebied van landweggetjes, buurtschappen, weidevelden en bosstroken. De plaatsen die we op de borden zien staan, klinken ver van alles verlaten en niet al te positief: Siberië, Zwartschaap, Stuifzand. Het verwijst naar het onherbergzame Drenthe van vroeger tijden, toen deze plaatsen ook echt ver van de bewoonde wereld lagen. De ANWB-bordjes met de wandelroute ‘Naar Siberië’ krijgen als ondertitel ‘(en weer terug)’ mee. Voor wie nog twijfelt om deze route te gaan wandelen.

Met een slinger brengt de route ons bij de plek van Werkkamp Kremboong. In 1942 werden hier ongeveer 400 Joodse mannen ingezet als dwangarbeider bij de ontginning van de velden rondom het kamp. Het kamp stond op de akkers naast het monument, dat nu nog herinnert aan die tijd. De naam Kremboong verwijst naar een suikerfabriek op Java. De fabriekseigenaar kocht dit Drentse gebied als belegging en vernoemde het naar zijn plantage.

Monument voor Kamp Kremboong

Na Kremboong volgt de route een tijdje het Oude Diep. De velden om ons heen zien geel van de paardenbloemen. In de bermen bloeien sleutelbloemen en fluitenkruid. Het is volop lente. En dan nadert de berg. Borden verwelkomen ons op het fietsparcours ‘Col du VAM’. Links en rechts van ons rijden de wielrenners ons voorbij en beginnen aan hun klim van de 15% hellingen. Af en toe worden ze ingehaald door een oudere dame op een elektrische fiets met een grote mand voorop.

Uiteraard wagen wij ons ook aan de klim. Een vreemd idee om op een voormalige vuilnisbelt in Drenthe te lopen, terwijl je om je heen een Frans berglandschap ziet. Op de top vereeuwigen wij onszelf voor het ‘col’-bord met de hoogte (4800 cm boven NAP!). We lopen een rondje door het infocentrum de Blinkerd en aanvaarden dan de terugtocht.

Franse taferelen in Drenthe

Op naar Wijster waar we onze hoop hebben gevestigd op een kopje koffie. In het Drentse plaatsje vinden we een bankje met een gedicht over de arbeiders van de VAM (Vuil Afvoer Maatschappij), weinig mensen, maar geen koffie. Aan het einde van het dorp blijkt een snackbar open en we stellen ons tevreden met een ijsje.

Een gedicht over de VAM in Wijster

Het laatste stuk van de etappe loopt voor een groot deel langs het spoor. Bij een boerderij vinden we een stolperstein, ter herinnering aan een verzetsheld die hier woonde. Bij Ter Horst liepen we al eerder, merken we als we markering van het Jacobspad tegenkomen. Door buitenwijken van Beilen naderen we langzaam maar zeker het station. Na 29 km zien we de Domo fabriek, nu Friesland Campina, opdoemen. Hier hebben we vanmorgen vroeg de auto geparkeerd. Na een zonnige, warme en verrassende etappe zijn we er weer. Nog één etappe te gaan naar de plek waar dit langeafstandspad naar vernoemd is.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Marskramerpad etappe 3: Borne – Rijssen

Route: Marskramerpad
Afstand: 24 km
Start: Station Borne
Eind: Station Rijssen

Een eenzame boom op de Deldeneresch

De mooiste wandeldagen zijn in het voorjaar. Althans, dat vind ik. Het zijn die dagen waarop het voorjaar zich uitbundig laat zien. In verse lichtgroene blaadjes die opeens de takken bevolken. In de witte en roze bloesem die overal in tuinen en langs plattelandsweggetjes in volle glorie uitbarst. In kleurige voorjaarsbloemen in bermen. In fleurige vlindertjes die je gezichtsveld in fladderen om vrijwel gelijk al weer verder te gaan. Op zo’n dag vol zonneschijn en strakblauwe luchten liepen wij de derde etappe van het Marskramerpad, dwars door het mooie Twente.

Voorjaarsgroen

We beginnen op station Borne waar we weloverwogen de lange Deldensestraat nemen om weer uit te komen bij de route. Dat pakt ietwat anders uit. De weg blijkt achteraf helemaal niet naar de plek te leiden die we in gedachten hadden en we kruisen de route 2 km verder dan de bedoeling was. We beginnen vandaag bij Bokdam en het Bokdammerveld daadwerkelijk met het Marskramerpad. Met heide en watertjes helemaal geen gekke plek voor een etappestart.

Bokdammerveld

Al snel volgt een typisch Twents landschap met bosranden, weiden, boerderijen, oude waterputten en de onlangs gerestaureerde oliemolen ‘Noordmolen’ uit 1325. Met behulp van het waterrad perste men hier in vroeger tijden olie uit koolzaad en lijnzaad. Over de weg met dezelfde naam als de molen lopen we verder en zien voor ons het glooiende landschap van de Deldeneresch. Midden in het weiland staat een eenzame boom, zo te zien nog niet in blad. De tekening van de takken steekt mooi af tegen de blauwe lucht.

De gerestaureerde Noordmolen

Dan lopen we tegen een zijarm van het Almelose Kanaal aan. Langs de kant zit een visser in complete visuitrustig. De grote groene paraplu zal hem vandaag enkel beschermen tegen de zon. Op een bankje ritsen we broeken af en trekken vesten uit. Tijd om in luchtiger kleding verder te wandelen. Op naar de koffie, waar we inmiddels wel aan toe zijn.

Zijarm van het Almelose Kanaal

De koffie komt vlak na de A1, na ettelijke kilometers over zandwegen en de nodige paasvuurbulten en blijkt een heel vakantiepark te zijn. Maar er is ook koffie met lekkers. Na 15 kilometer gaat dat er wel in! De rode Twente-vlag die we vandaag niet voor het laatst zien, wappert in het fikse windje dat er staat.

We zijn in Twente

De zandwegen gaan verder en het mulle zand laat zien dat het al een tijdje niet geregend heeft. En dan komen we bij wandelnetwerkknooppunt N74. Hier zegt het boekje dat we naar links moeten, het wit-rode pijltje wijst heel duidelijk naar rechts. Gelukkig is er mobiel internet en het blijkt dat de beken ook hier aangepakt worden. Het pad langs de Twickelervaart en de Regge zijn niet bewandelbaar. Een beetje teleurgesteld om wat we voor moois we missen, slaan we toch maar rechts af.

Over kleine weggetjes omzoomd door bomen in lentetooi doorkruisen we het gebied en zien af en toe de Regge. Kort nadat de beschrijving en de markering weer overeen komen, strijken we op een bankje neer aan de Regge voor de lunch. Om ons heen lichtgroene en rode blaadjes die er een paar weken geleden nog niet waren. Een oranjetipje komt voorbij gefladderd. Er zijn mindere lunchplekjes.

Het laatste stuk tot aan Rijssen voert over een fietspad langs – ditmaal wel – de Regge en loopt op met het Overijssels Havezatenpad. Echt druk is het niet op deze Goede Vrijdag. Hier en daar zitten jongens te vissen en we zien een heel gezelschap in de – naar wat we later lezen – Enterse zomp ‘Regt door zee’ voorbij komen. Een replica van een in Enter gebouwde platbodem die vroeger over de Regge, maar ook de Vecht goederen vervoerden.

Enterse zomp bij Rijssen

En dan lopen we langs de statige Pelmolen Ter Horst – hier pelde men o.a. gerst – Rijssen binnen. De molen ligt prachtig aan de Regge, een mooie binnenkomst. We volgen de bordjes centrum en trakteren onszelf daar op een welverdiend ijsje. De etappe is klaar en het weekend moet nog beginnen.

Pelmolen Ter Horst

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.