Pieterpad etappe 1: Pieterburen – Winsum

Route: Pieterpad
Afstand: 12 km
Start: Pieterplein, Pieterburen
Eind: Station Winsum

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Al tijden was het plan er. Aan de uitvoering schortte het. Maar drie jaar na mijn eerste schreden op het Pieterpad loop ik dan eindelijk de eerste etappe vanaf Pieterburen. We zijn inmiddels in Braamt aanbeland, maar dat mag de pret niet drukken. Op een mistige zaterdagochtend in oktober stappen we even na negen uur uit de bus in Pieterburen. En meteen zien we de kenmerkende beelden die elke Pieterpadder op de foto zet: het muurtje met de gele letters ‘Start – Pieterpad’, het houten beginbord met de totale afstand, het gele startbord en de pijlen die naar alle plaatsen met ‘Pieter’ wijzen.

Na een cappuccino in het reeds geopende hotel Waddengenot waar een grote groep oudere mannen aan het ontbijt zit, vangen we de tocht aan. We passeren het huis van Sjors, een hond die steeds zijn bal kwijt is. Voorbijgangers kunnen de gevonden bal in de bak gooien. Wij zien geen bal en lopen door naar de St. Petruskerk. Deze kerk uit 1425 heeft ook een botanische tuin (Domies Kerk en Toen). We lopen een rondje om de kerk maar laten de tuin voor een ander moment. Tijd om het Groninger land in te gaan.

Wij hebben de bal van Sjors niet gevonden
St. Petruskerk Pieterburen

Over een betonnen fietspaadje lopen we Pieterburen uit, werpen een blik op de zeehondencrèche en wandelen door tussen de akkers. In de verte zien we twee andere wandelaars en het kenmerkende hoge bruggetje. De foto’s die ik zie van andere wandelaars laten vaak deze brug tegen een strakblauwe hemel zien. Nu is het grijs en mistig.

Buiten Pieterburen
Het typische Pieterpadbruggetje

Dat is niet zo erg. De mist levert mooie plaatjes op van de akkers. De zon doet zijn best zich te laten zien, maar dat zal nog even duren. We wandelen over een lange asfaltweg en door het Oosterbos naar Eenrum. Achter ons lopen opeens drie wandelstellen. Waar die nu vandaan komen. Misschien staan we te vaak stil om een foto te maken.

In Eenrum bekijken we het kerkje uit de 13e eeuw en raken daarmee meteen de wandelstellen kwijt. Elke eerste zaterdag van de maand kun je in deze kerk galmen. Met je instrument of je stem (zang of rap, staat er op het aanplakbiljet) kun je de bijzondere akoestiek ervaren. Wat een leuk initiatief!

Kerk van Eenrum

Niet veel later komen we in het voormalige wierdedorp Mensingeweer. De molen is van verre te zien. Ook zien we voor het eerst de zon en wat blauwe lucht. Via een bruggetje komen we langs het Mensingeweersterloopdiep te lopen. Het is een lange rechte asfaltweg die helemaal doorloopt tot aan het Winsumerdiep.

Molen Mensingeweer

We kijken uit over de akkers. Zien twee mannen met een metaaldetector in de weer, koeien en een steeds blauwer wordende lucht. De schaarse bankjes zijn bezet door de andere wandelstellen, dus we lopen door tot aan het Winsumerdiep. Hier vinden we een lunchbankje in het zonnetje.

Het Mensingeweersterloopdiep met links de lange rechte asfaltweg

Het is nog een paar kilometer naar het mooiste dorp van Nederland in 2020. In het zonnetje ligt het er inderdaad prachtig bij. De kerk op de wierde, het Winsumerdiep dat het dorp doorsnijdt. De terrasjes zitten vol, de molens liggen er mooi bij. Dit is een heel ander plaatje dan in december 2019 toen ik de tweede etappe liep die hier startte. Een mooi einde van de eindelijk gelopen eerste etappe.

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Groene Wissel Haulerwijk: paarse paddenstoelen in het Blauwe Bos

Route: Groene Wissel Haulerwijk: Friese Wouden, route 5
Afstand: 13 km
Start: Hoofdweg Boven, Haulerwijk
Eind: Hoofdweg Boven, Haulerwijk

Aan het eind van deze zaterdagochtend schijnt de zon nog steeds uitbundig ondanks de sombere voorspellingen. Wij zijn er blij mee. Haulerwijk bij zon ziet er niet slecht uit. Er staat vandaag een Groene Wissel op het programma die voornamelijk door het Blauwe Bos gaat. Onbekend gebied voor ons.

Schapen in het Blauwe Bos

Haulerwijk ligt in Friesland, tegen de grens met Drenthe aan. Het plaatsje wordt in tweeën gedeeld door de in 1756 gegraven Haulerwijkstervaart. De vaart werd ooit gebruikt bij de vervening van turf. Nu ligt het er vredig bij. Hier en daar zie ik kano’s op de kant liggen. Zou dit een leuk kanogebied zijn?

Haulerwijk

We lopen de Wissel tegen de klok in, waardoor we al snel in een boomgaard terechtkomen. Even denken we dat het pad niet doorloopt, maar dat blijkt wel het geval. De boomgaard lijkt wat overgroeit, zou deze nog onderhouden worden?

Door een boomgaard

Na de boomgaard komen we via druk bespeelde sportvelden en een fietspad in het Blauwe Bos. Het heeft zijn naam te danken aan de blauwachtige sparren. Over onverharde paden passeren we naast sparren een grote variatie aan bomen.

Het Blauwe Bos

We lopen afwisselend door het bos en langs de bosrand met uitzicht op boerenland. Af en toe zien we een heideveld en vennetjes. Sommige veldjes worden begraasd door schapen. We lunchen bij een stroompje met de naam Layer. Op het bankje zit een bordje van Nieske. “Diep ademhalen” zegt het.

Een bankje met een boodschap
De Layer

De stekelige bolsters van kastanjes liggen op de weg en ook de paddenstoelen zijn in groten getale aanwezig. De gele aardappelbovist, de paarse amethistzwam en de lila springbalsemien geven kleur aan het al kleurige Blauwe Bos.

Aanvankelijk zien we weinig andere mensen op de bospaden, maar naarmate de middag vordert wordt het drukker. Althans, we zien enkele wandelaars. De fietsers zijn beter vertegenwoordigd. Elektrische fietsers en mountainbikers wisselen elkaar af. Het is voor deze laatste groep goed toeven op deze bosweggetjes.

Over een lang fietspad wandelen we weer terug naar Haulerwijk. De zon is weg maar de vaart ligt er nog net zo rustig bij als toen we begonnen. Het Blauwe Bos is zeker de moeite waard. Als de bladeren echt gaan kleuren zal het er nog mooier en kleurrijker zijn.

Benieuwd naar de andere Groene Wissels die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Noardlike Fryske Wâlden etappe 6: Buitenpost – Twijzel

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 14 km
Start: Station Buitenpost
Eind: Carpoolplaats Kootstermolen bij Twijzel

Het is een jaar geleden dat we een etappe van het Streekpad Noardlike Fryske Wâlden hebben gelopen, als we in Buitenpost van de fiets stappen. De auto staat op een carpoolplek net buiten Twijzel. Er liggen 14 zonnige kilometers voor ons.

In Buitenpost lopen we langs de botanische tuin de Kruidhof, waar we vanmiddag nog een bezoekje aan brengen. We zijn nu toch hier. Zeer de moeite waard. Het is prachtig weer. De boerderijen buiten Buitenpost liggen er mooi bij tussen de groene weiden en de blauwe lucht. We zien opvallend veel palen met ooievaarsnesten.

Net buiten Buitenpost

Via een weg met de opmerkelijke naam Egypte komen we op smalle fietspaden. Bij een picknickbankje drinken we onze koffie. Als we alles weer inpakken, stopt er een fietser die om een praatje verlegen zit. Hij praat wat moeilijk omdat hij een hersenbloeding heeft gehad, maar gelukkig kan hij nog fietsen. We hebben het over wandelen, thuiswerken en treinstations. Hij neemt plaats op het bankje, wij gaan weer verder.

Het volgende plaatsje is Veenklooster, waar een aantal eeuwen geleden een klooster stond. Nu zijn er statige panden, zoals de Fogelsanghstate en een brink, opvallend voor een plaats in Friesland. Het boekje vermeldt dat Veenklooster geen echt brinkdorp is zoals dorpen in Drenthe waar de brink gemeenschappelijk bezit was. Deze brink is ontstaan door de afbraak van een boerderij.

Fogelsanghstate
De Brink van Veenklooster

Richting Twijzel neemt de route een leuk, niet direct pad. We lopen over een laarzenpad langs Bootsma’s Poel, een pingo die ontstaan is in de laatste ijstijd. Er staat een bankje, maar de muggen zijn ook talrijk, dus we lopen door. Het laarzenpad gaat door een weiland waar de koeien met tegenzin opstaan om ons erdoor te laten.

Bootsma’s Poel

Als we aan het einde van het weiland zoeken naar de uitgang, komt er net een andere wandelaar aan via een opstapje over het schrikdraad. Dat pad moeten we hebben. De man loopt een ommetje en woont hier vlakbij. Het is een mooi pad, vindt hij, maar ze mogen het wel wat beter onderhouden. Voor mensen met korte broek is het hier geen pretje. Dat merken wij ook als we verder lopen tussen de brandnetels. Gelukkig horen wij vandaag tot de langgebroekten.

Het pad loopt door een weiland met koeien

Het pad steekt een weg over en krijgt de naam Simkepaad. Het loopt door een langgerekt weiland (zonder koeien) naar de Sânsleat. We komen een groepje wandelaars tegen en verder is het stil. Ganzen vliegen over en wij lopen in het zonnetje langs het water. Heerlijk!

Langs de Sânsleat

Over een fietspad lopen we naar Twijzel waar we de njoggen âlde mantsjes (negen oude mannetjes) passeren. Dit zijn negen knotwilgen die vroeger een herkenningspunt vormden voor bewoners die langs dit voormalige zandpad naar Twijzel liepen. Dat was in vroeger tijden een hele onderneming, zeker in het donker. Bij de bomen was je al een heel eind. De oorspronkelijke bomen staan er niet meer, maar er zijn negen nieuwe knotwilgen geplant als herinnering.

De nieuwe njoggen âlde mantsjes

In Twijzel is het niet ver meer. Bij de rotonde zien we de carpoolplaats al liggen. Het was een mooie etappe met afwisselend verharde en onverharde wegen. Het streven is om met de volgende etappe niet weer een jaar te wachten. Het Streekpad Noardlike Fryske Wâlden is het bewandelen waard.

Benieuwd naar de andere etappes van het Streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Netelenburchpad: struinen door weilanden en langs de Eem

Route: Klompenpad Netelenburchpad
Afstand: 5,5 km (7 km, inclusief de aanlooproute van en naar de carpoolplaats)
Start: Carpoolplaats bij afrit 11 (Eembrugge) bij Baarn
Eind: Carpoolplaats bij afrit 11 (Eembrugge) bij Baarn

Na een verjaardag in Houten besluiten we nog een korte route te wandelen. We komen niet regelmatig in deze contreien, dus dit is de kans om nog een Klompenpad mee te pakken. Het wordt het Netelenburchpad bij Baarn dat met zijn 5,5 km een mooi namiddagrondje lijkt.

In de Klompenpaden-app lees ik dat de route eigenlijk start bij het gemaal Zeldert, maar dat daar een beperkt aantal parkeerplaatsen is. We nemen het zekere voor het onzekere en parkeren op een carpoolplaats waarvandaan een aanlooproute ons ook naar het pad brengt.

We hebben de auto nog niet geparkeerd of achter ons ontwikkelt zich een ware optocht. Oude trekkers met af en toe een vlag rijden achter elkaar de parallelweg van de A1 op. Verkeersregelaars houden auto’s tegen. Boerenprotest, denken wij allebei meteen. Dit is al de tweede keer dat ik ze tegenkom bij een wandeling.

Aan de horizon zie je de hele rij trekkers

Het toeval wil dat wij dezelfde kant op moeten als de trekkers. Vrijwel de hele aanlooproute lopen wij in de berm terwijl de ene na de andere trekker ons inhaalt. Aangekomen bij het Klompenpad passeert net de laatste. Op zijn aanhanger staat een bord: het blijkt een optocht (geen boerenprotest!) van oldtimer trekkers, 120 in totaal. Daar hebben wij er dus heel wat van gezien!

We lopen het rondje met de klok mee. Over een rustig landweggetje en later door weilanden heen waarderen we de stilte des te meer. We kijken uit op de A1, maar horen de weg niet. We wandelen van weiland naar weiland via de bekende Klompenpad-bruggetjes en zijn creatief met schrikdraad.

In de verte de A1

Het is bewolkt, maar ik kan me voorstellen dat bij een zonnetje het pad door het weiland met nabijgelegen sloot een stuk mooier is. In het broedseizoen loopt de route overigens over de verharde wegen. We hebben dus de goede tijd uitgekozen.

Als we bij het gemaal Zeldert bij de Eem komen, bereiken we ook de officiële start van het pad. Er is nog genoeg parkeerplek. Blijkbaar is een zaterdagnamiddag niet een heel populair wandelmoment. Ook komen we hier langs de naamgever van het pad: boerderij Netelenburch.

Boerderij Netelenburch

Hierna volgt wat ons betreft het mooiste gedeelte van deze wandeling. Over een klein paadje met wilgen volgen we de Eem. Vissers varen op het water en staan erlangs. Een visser in een minuscuul rubberbootje heeft beet. De vissende jongens aan de kant complimenteren de man en vragen wat hij gevangen heeft. “Helaas niet één van 1 meter 7 zoals laatst” antwoordt de desalniettemin blije visser.

En dan zijn we weer terug bij waar we op de route kwamen. We besluiten in restaurant Eemlust de wandeling af te sluiten met een cappuccino aan – juist – de Eem. Een fijne korte wandeling voor tussendoor of om de dag ‘s avonds mee af te sluiten.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Trage Tocht Beetsterzwaag: coulisselandschap, heidevelden en statige huizen

Route: Trage Tocht Beetsterzwaag: Olterterp, Koningsdiep, Lippenhuisterheide
Afstand: 13 km
Start: Parkeerplaats Het Witte Huis, Olterterp
Eind: Parkeerplaats Het Witte Huis, Olterterp

De bossen bij Beetsterzwaag

Jaren geleden liep ik al eens een deel van de Trage Tocht Beetsterzwaag. Met alleen een kaart verdwaalden we hopeloos. Nu heb ik een GPX-bestand op mijn telefoon en vind zonder één keer verkeerd lopen de route. Ik begin op de parkeerplaats bij Restaurant Het Witte Huis in Olterterp en loop de route tegen de klok in.

Parallel aan de hoofdweg loop ik over kleine bosweggetjes naar de Sint Hippolytuskerk van Olterterp. Het kerkje uit 1500 staat in het bos en wordt omringd door een kerkhof met oude en nieuwe graven. Tegenwoordig wordt het vooral gebruikt voor concerten, exposities en als trouwlocatie. Hier zie ik ook de wit-rode markering van het Friese Woudenpad die ik gedurende de hele tocht tegenkom. Een LAW om toch maar eens in overweging te nemen.

Sint Hippolytuskerk Olterterp

Over een oud kerkenpad en langs statige huizen kom ik in het centrum van Beetsterzwaag terecht. De route leidt me via de Overtuin (met een historisch kassencomplex) naar een volgend statig huis en tevens trouwlocatie: het Lycklamahuis. Als ik een foto maak van het huis word ik aangesproken door iemand die voor het huis in de weer is met een bord.

Lycklamahuis

Of ik binnen wil kijken, vraagt de man. Daar zeg ik geen nee op. Ik blijk met een bode van gemeente Opsterland mee te lopen. De gemeente is sinds 1971 eigenaar van het huis. De bode doet kort de geschiedenis van de familie Lycklama à Nijeholt uit de doeken en laat me de trouwzaal zien. Zelf is hij ook fervent wandelaar en is van mening dat bij wandelen koffie hoort. Een verdieping hoger krijg ik een cappuccino-to-go, wissel kort een paar woorden met een aantal andere medewerkers en vervolg dan mijn weg. Wat ontzettend leuk, mijn wandeling is nu al geslaagd!

Door het Lycklamapark achter het Lycklamahuis slenter ik met mijn koffie langs verschillende beelden. Na een paar straten loop ik Beetsterzwaag weer uit en duik dan het bos in. Je merkt dat de herfst is begonnen. De bomen beginnen te kleuren en overal om me heen zijn bedauwde spinnenwebben die door de zonnestralen lijken te fonkelen.

Ik kom op de Âld Hearrewei uit, een smal fietspad met een zandweg en steek met een bruggetje het Alddjip of Koningsdiep over. Een bordje geeft aan dat dit vroeger de enige verbinding was over het water tussen Lippenhuizen en Beetsterzwaag. Het pad doorsnijdt de Lippenhuisterheide. Ook hier zijn de herfstkleuren volop aanwezig. Ik zie meerdere vennetjes. Op de lange rechte weg is het rustig, ik kom welgeteld drie fietsers tegen

Het Alddjip of Koningsdiep
Herfst op de Lippenhuisterheide

De route maakt een U. Over de Bûtewei heb ik mooie doorkijkjes in het coulisselandschap en op de maisvelden. Het Hemrikerpaed voert me weer in de richting van Olterterp. Ik kan ver kijken over de Hemrikkerscharren. Een hoge glijbaan en uitkijktoren die langs het pad staat heeft de toepasselijke naam Skarrekieker (scharrenkijker).

De Skarrekieker

Na het Alddjip wandel ik weer het bos in. Via kleine paadjes kom ik op het Alpherveld dat een verrassend mooi heideveldje blijkt te zijn. Op landgoed Lauswolt loopt de route bijna helemaal rond een idyllisch gelegen meertje. Met het zonnetje en de herfstsferen doet het me denken aan mijn eerste Trage Tocht bij Paleis Het Loo.

Alpherveld
Meertje op landgoed Lauswolt

Een lange rechte bosweg brengt me weer terug bij mijn auto. De ochtend is nog niet voorbij en ik heb al een afwisselende wandeling gelopen en onverwacht een landhuis bezichtigd. Ik heb wel eens mindere woensdagochtenden gehad.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Straatgedicht | Onder de bomen

Soort gedicht: Muurgedicht
Dichter: Fetze Pijlman
Plaats: Nunspeet

Soms heb je dat. Dat je een gedicht leest en meteen denkt, ja, heel herkenbaar. In dit geval ging het om een straatgedicht, waar ik onverwacht tegenaan liep naast de ingang van het Bezoekerscentrum Nunspeet van Staatsbosbeheer.

Ik had daar afgesproken met een vriendin om een ANWB-wandeling te lopen. De weersvoorspellingen waren niet al te best en daarom kozen we voor een bosrijke omgeving. Dan zit je bij Nunspeet wel goed.

Het gedicht van Fetze Pijlman past perfect in zijn omgeving. Overal waar je kijkt zijn bomen. De schaduwen die Pijlman beschrijft, het schommelende licht, zal veel wandelaars bekend voorkomen. Wij zagen het niet die dag. Voor schaduwen is zon nodig.

Het gevoel dat spreekt uit het gedicht ervaar ik vooral als ik alleen loop. Zonder wandelmaatje, zonder mountainbikers. Ik in een verlaten bos. Zoals laatst nog op een vroege woensdagochtend bij Dalfsen Hessum.

Daar in het Vechtdal droegen de imposante stammen een dicht bladerdek. Maar de zon wist toch haar stralen er doorheen te werpen. Op het pad voor me verschenen banen licht. Dansend bij ieder briesje.

Mijmeren wil goed te midden van dat groen, te midden van die lichtbanen. Die er elk jaargetijde weer anders uitzien. Onder de bomen is het goed toeven. Dat heeft Pijlman goed gezien en vooral goed beschreven.

Het gedicht ‘Onder de bomen’ van Fetze Pijlman komt uit de dichtbundel Een ander pad. De Zonnewijzer (1986) en hangt al sinds 2014 op de gevel van het bezoekerscentrum. Het valt onder de Stichting Muurgedichten Nunspeet die de wijde omgeving van straatgedichten voorziet. Zo kwam ik in 2018 het mooie gedicht ‘Landschap 2’ van Jozef Deleu tegen in Hulshorst. Ook dit gedicht heeft heel toevallig het wandelende licht als onderwerp.

Benieuwd naar de andere straatgedichten die ik afgelopen jaren tegenkwam? Hier vind je een overzicht.

Trage Tocht Zwolse Bos: bloeiende heide en paddenstoelen

Route: Trage Tocht Zwolse Bos: Landgoed Petrea en Tonnenberg
Afstand: 13 km
Start: Parkeerplaats Dreefseweg Wapenveld
Eind: Parkeerplaats Dreefseweg Wapenveld

De route ligt tussen Wapenveld en Heerde

Het is eind augustus. Op social media zie ik al een paar weken foto’s van bloeiende heidevelden voorbij komen. Om dit jaar ook wat van de paarse zeeën mee te krijgen, rijd ik op een vroege zaterdagochtend naar het startpunt van de Trage Tocht Zwolse Bos. Ik rijd de Dreefseweg bij Wapenveld, een onverharde weg met veel kuilen, helemaal af totdat ik begin te twijfelen. Dan zie ik de parkeerplaats, volledig verlaten.

Om de drukte op het glooiende heideveld Tonnenberg te vermijden, besluit ik de route tegen de klok in te lopen zodat ik al na een kilometer de Tonnenberg bereik. De heide bloeit en hoe! Zelfs met dit bewolkte weer kijk ik mijn ogen uit. Op de uitgestrekte heuvels, doorkruist met zandpaden, is het paars zover het oog reikt. Hier en daar zorgt een jong boompje voor een groen contrast. Een jaar geleden liep ik het klompenpad Vosbergenpad dat ook over dit heideveld ging. Het was toen stralend weer, de heide net zo paars maar – aan het einde van een woensdagochtend – een stuk drukker.

Op de Tonnenberg
Op de Tonnenberg

Na een lus door de bosrijke glooiende Kamperklippen doet de route nog een keer de Tonnenberg aan. Inmiddels zijn de hondenuitlaters wakker geworden. Het geblaf weerklinkt over het veld. Over smalle paadjes waar loslopende honden verboden zijn, duik ik uiteindelijk weer het Zwolse Bos in.

In het Zwolse Bos

Langs de paden staan bosbessenplantjes maar ook heide. Gedurende de hele wandeling, die verder hoofdzakelijk door bos gaat, duiken de paarse bloemetjes overal op. Langs de kant van de weg staan ze, maar ik kom ook diverse heideveldjes tegen. Bovenop de Hooge Berg geniet ik van mijn koffie met uitzicht op – jawel – een heideveld.

Een heideveldje onderweg. Dit was ook een leuk koffiedrinkbankje geweest

Naast heide zijn ook de paddenstoelen al in grote getalen aanwezig. De gele aardappelbovist zie ik overal maar ook de roodbruine slanke amaniet is goed vertegenwoordigd. Als klap op de vuurpijl zie ik aan het einde van mijn wandeling het opvallend geel/oranje van de koraalzwammetjes.

Volgens ObsIdentify boven van links naar rechts: kleverig koraalzwammetje, dennenvoetzwam, roodbruine slanke amaniet. Beneden van links naar rechts: gele aardappelbovist, viltige maggizwam, dennenvoetzwam.

Ik loop dan door een verdiepte sleuf, een ‘kret’ waar vroeger waterbuizen in lagen voor de Zwolse Waterleiding. Veluws drinkwater werd hier tussen 1892 en 1960 naar Zwolle gepompt. In het Zwolse Bos staat nog de gevelsteen van het voormalige pompstation.

Gevelsteen voormalig pompstation

En dan ben ik weer terug bij mijn auto. Er staat inmiddels één andere auto. Op het picknickbankje zitten wandelaars. Achter me rijden mountainbikers voorbij. Ik kwam tijdens de wandeling meerdere tegen, delen van de Trage Tocht lopen gelijk op met een gemarkeerde mountainbikeroute. Nu was het nog rustig, maar ik kan me voorstellen dat je het pad op een mooie zondagmiddag met heel wat meer MTB-ers moet delen. Loop deze tocht daarom ’s morgens of door de week. Hij is de moeite waard. En met 100% onverharde wegen mag deze wandeling zich met recht een Trage Tocht noemen.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Pieterpad etappe 15 Zelhem – Braamt

Route: Pieterpad
Afstand: 18 km
Start: Bushalte Markt Zelhem
Eind: Bushalte Buiting Braamt

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Na dagen van wisselvallig weer is er één mooie dag voorspeld die precies op onze vrije zaterdag valt. Wij besluiten de laatste etappe van het Pieterpad te lopen die vanuit huis nog een redelijke reistijd heeft: Zelhem – Braamt. De volgende etappes komen onder de grote rivieren. Deze willen we met overnachtingen gaan doen.

Door onoplettendheid rijden we op de heenweg verkeerd en komen net op tijd aan in Braamt, parkeren de auto en snelwandelen naar de bushalte waar een minuut later de bus arriveert. Via een overstap in Doetinchem staan we om 9 uur in Zelhem. Het plaatsje is nog stil, we zien zelfs geen pieterpadders. Langs de boterfabriek Buisman, een naam die we toch echt alleen maar associeerden met koffie, en een veld vol zonnebloemen lopen we Zelhem uit.

Zonnebloemen in Zelhem

Via onverharde wegen komen we bij Heidenhoek, een buurtschap waar een van de Kathedralen van het Platteland te vinden is. Een hoge silo van een voormalige graanmaalderij is gered van de sloop en is nu een woning. Het ligt er mooi bij met aanbouw, tuin en uiteraard het weidse uitzicht. De route loopt eromheen en vanaf de andere kant zien we op het hoog gelegen dakterras twee stoeltjes staan. Geen verkeerde plek om je ontbijt te nuttigen.

Een van de Kathedralen van het Platteland bij Heidenhoek

Richting IJzevoorde wandelen we over het Kolkstroeterpad, dat door een actie van buurtbewoners gespaard werd binnen de ruilverkaveling Hengelo Zelhem in 2000. Het pad loopt langs een oude houtwal en is genoemd naar het naastgelegen weiland. Er groeien 137 soorten wilde planten, waarvan er nu meerdere in bloei staan.

Kolkstroeterpad

Door een bos met diverse ontwortelde bomen komen we bij een bekend kasteel uit. In maart stonden we met het Graafschapspad ook bij Kasteel Slangenburg. Toen was de horeca alleen open voor coffee-to-go en waren we heel blij met onze cappuccino’s op een bankje aan de slotgracht. Nu is er een groot terras waar we uiteraard gebruik van maken. Met uitzicht op het kasteel genieten we net als in maart van onze cappuccino met lekkers. Het is nu veel minder druk dan toen. Je merkt goed dat er nu naast wandelen veel meer andere dingen te doen zijn.

Cappuccino met uitzicht
Kasteel Slangenburg

We lopen een paar kilometers op met het Graafschapspad. In maart was het op de kronkelende weggetjes een stuk kaler. Nu staan op de velden de gewassen klaar om geoogst te worden. Vlak voor de spoorlijn Doetinchem – Winterswijk scheiden onze wegen en wandelen we weer enkel over het Pieterpad . Bij de Oude IJssel lopen we over een sluis uit de tijd van de ijzerindustrie bij Ulft. Een bekende ijzergieterij uit deze plaats is DRU, Diepenbrock en Reigers in Ulft. De fabriek in Ulft is al ruim 20 jaar gesloten maar deze sluis is behouden gebleven.

Sluis in de Oude IJssel

Langs de vistrap die uitkomt bij de sluis volgen we het water. Met zelfs een stukje over een vlonderpad komen we op zonovergoten plattelandsweggetjes uit. Hoge hoogspanningsmasten torenen boven de maisvelden uit. Op een bankje genaamd ‘Warm’ bij het buurtschap Warm eten we in de koelte van de schaduw onze lunch op. Er zijn weinig wandelaars, wel veel fietsers, waarvan een aanzienlijk deel Duits spreekt.

Hoogspanningsmasten en mais
Hier zit je er warmpjes bij

Na nog een laatste onverhard pad door een weiland heen zien we Braamt liggen. We zijn er al weer. Het ging vlot vandaag. De volgende etappe belooft heuvels, we zagen ze vandaag al liggen, en een stukje Duitsland. Of het dit jaar nog gaat lukken om een wandelweekend in te plannen is de vraag. Ik heb er in ieder geval nu al zin in, na deze zomerse etappe vol natuur.

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Beekweidenpad: volksverhalen en afwisselende natuur

Route: Klompenpad Beekweidenpad
Afstand: 17 km
Start: Parkeerplaats dorpshuis Voorst
Eind: Parkeerplaats dorpshuis Voorst

Het is een mooie augustusdag als we bij achten de auto parkeren bij het dorpshuis in Voorst. Het is nog stil in het dorp. De grote kerk staat statig te wachten op wat de dag gaat brengen. Het Klompenpad dat we gaan lopen, bestaat uit drie lussen. We besluiten de cijfervolgorde op het Klompenpadbord te volgen en beginnen het pad bij de grootste lus en bewaren de kleinste lus voor het laatst.

Kerk van Voorst

Net buiten het dorp worden we al meteen het weiland in gestuurd, zoals het een waar Klompenpad betaamt. Langs de randen van meerdere weiden, een boerderij en over enkele overstapjes komen we bij SVR camping De Adelaar uit, genoemd naar de gelijknamige rijksmonumentale boerderij. Gezien de volle parkeerplaats lijkt de camping goed bezet. Het ligt dan ook in een prachtig gebied. De oude boerderij, waarvan het voorhuis al uit 1609 stamt, vormt een mooie toegangspoort.

Boerderij De Adelaar

We zijn nu op landgoed Beekzicht waarover een belangrijk deel van het Beekweidenpad loopt. Op het parkachtige terrein dat volgt staan verschillende schildersezels met informatie over het landgoed. Als je alles leest, ben je hier wel even zoet. Dit park is bekend terrein, met het Marskramerpad liep ik hier drie maanden geleden ook.

Informatieborden op landgoed Beekzicht

We lopen de eerste lus tegen de klok in en komen al snel het Juffersgat tegen. Dit is een kolk, een poel ontstaan bij een dijkdoorbraak. De naam komt uit een oud volksverhaal. Er zou hier een witte vrouwgedaante rondwaren met vurige ogen en in wapperende witte kleding. Ze is alleen ‘s nachts te zien en huist ergens in een boom. En dat is niet het enige verhaal dat de ronde doet. Ook het spook van Voorst schijnt hiernaartoe te zijn verbannen. Het krijgt pas zijn vrijheid terug als het hem lukt de poel met een vingerhoed leeg te scheppen. Als ik naar de – nog lang niet leeg geschepte – poel kijk, zie ik enkel een lieflijk water. De bomen zien zichzelf weerspiegeld in het gladde wateroppervlak.

Juffersgat

Over kleine weggetjes met oude boerderijen lopen we langs landgoed Appen. Bij de Zutphenseweg zien we opvallend veel wandelaars. Is het Klompenpad zo populair? Al snel horen we dat er een Kennedymars aan de gang is. Het eerste stel dat we spreken is de weg kwijt, maar dat geeft niet want ze doen ‘maar’ 30 kilometer. Dat geldt niet voor iedereen. Een oudere man met indrukwekkende buik vraagt of we ook aan de mars meedoen. Hijzelf is al sinds die nacht onderweg en heeft er al 40 kilometer opzitten. Hij doet er 60 dus het is nog maar een klein eindje. We durven bijna niet te zeggen dat we een Klompenpad lopen van 16 kilometer…

Leuke boerderijen (met houtsnijwerk!) bij landgoed Appen

In het bosgebied dat volgt, zien we regelmatig wandelaars en de witte lintjes die zij volgen. Bij de grafheuvels van rond 2200 voor Chr. in het beboste Appense Veld scheiden onze wegen. Wij lopen verder naar de Voorster Beek waar we een goed koffiebankje vinden.

Grafheuvel
Voorsterbeek

Na de koffie lopen we verder langs de beek. De zon schijnt uitbundig, de sigaren staan fier overeind langs de waterkant, libellen vliegen af en aan en rechts van ons liggen de strobalen klaar om opgehaald te worden. Een zomerser plaatje is bijna niet mogelijk.

Hoogzomer langs het Beekweidenpad

Langs een monument voor een in 1943 neergehaalde Engelse bommenwerper lopen we via het park met de schildersezels naar de tweede lus. Dat de IJsselbiënnale nog steeds bezig is, merken we als we in een ruïne van een korenmolen aan De Halmen een woekerend kunstwerk zien van Henrique Oliveira. Het lijkt alsof er immense wortels door de ruïne kronkelen.

Mill van Henrique Oliveira

We komen op het Middelbeekspad uit, een dijk waar wij als wandelaars veruit in de minderheid zijn. Dit blijkt een favoriet fietspad. We lopen langs een gemaal en buigen dan weer af richting Voorst. We zien de kerktoren al weer liggen als we afslaan voor de laatste lus.

Over enkel smalle paadjes (vroeger was dit een kerkenpad) lopen we langs weiden en poelen. Bij een kleiput, een meertje ontstaan door kleiwinning voor de verderop gelegen steenfabriek het Hoendernest, staat een vogelscherm. In dit stille water zitten heel wat watervogels, aldus de borden die er hangen. Wij zien welgeteld één kuifeend die het hele water voor zichzelf lijkt te hebben.

Kerkenpad met de kerk van Voorst in de verte

Terug bij de parkeerplaats geeft mijn Garmin 17 kilometer aan in plaats van 16. Het is niet veel drukker geworden. Heeft elke wandelaar uit de nabije omgeving zich ingeschreven voor de Kennedymars? Onderweg zijn we ook maar een handjevol Klompenpadwandelaars tegengekomen. Op dit prachtige, afwisselend pad over boerenland, door bos, landgoederen en mooie natuur had ik heel wat meer wandelaars verwacht.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Trage Tocht Broekland: op avontuur langs de Grote Vloedgraven

Route: Trage Tocht Broekland: Stapelhaarspad, Grote Vloedgraven en Neppelerbroek
Afstand: 17 km
Start: Parkeerplaats Oerland Broekland
Eind: Parkeerplaats Oerland Broekland

De eerste dag waarop er geen regen wordt voorspeld in lange tijd, valt precies op mijn roostervrije dag. Daar maak ik graag gebruik van. Voor achten parkeer ik bij een stralend zonnetje mijn auto in Broekland, een dorpje bij Wijhe in Salland. Vandaag staat er een Trage Tocht op het programma in het buitengebied van Broekland en Wesepe.

Buiten het dorp leidt de route mij richting een boerderij en verder over kleine paadjes langs maisvelden en een bosrand. De zon schijnt over de natte weiden. Koeien lopen in optocht het land op. Geen fietsers, geen wandelaars, het is heerlijk rustig.

Het mais staat hoog

Het Stapelaarspad dat ik volg is een oud kerkenpad en loopt dwars door de akkers en weilanden heen. Het koren is net van het land, de stoppels lichten fel op onder de blauwe lucht. In de verte ligt een mooi wit boerderijtje.

Hierna volgt een bosgebied van Stichting IJssellandschap. De paden lijken aanvankelijk prima begaanbaar, maar worden allengs drassiger. Grote plassen bedekken het pad, hier en daar zijn al korte omweggetjes ontstaan tussen de bomen en struiken door. Hoge wandelschoenen waren hier geen overbodige luxe.

Bosgebied van Stichting IJssellandschap

Maar deze bospaden zijn slechts een voorproefje op wat komen gaat. Via het niet heel druk bezette natuurkampeerterrein Boxbergen, dat mooi verscholen in het bos ligt, kom ik uit bij de Grote Vloedgraven. De oever van het stroompje is overvloedig begroeid met riet, winde, distels, brandnetels en nog veel meer hoge planten. Het ziet er idyllisch uit. Mijn GPS-route en de pijltjes van het wandelnetwerk (waaronder de Sallandse Zandloper) zeggen dat het pad langs die oever gaat, dwars door de begroeiing.

Grote Vloedgraven

Even twijfel ik of ik toch niet door het naastgelegen weiland moet aan de andere kant van het prikkeldraad. Maar gesterkt door de wandelnetwerkpijltjes en de lange broek die ik draag waag ik mij toch in de begroeiing. Na een paar stappen zijn mijn schoenen en broek redelijk doorweekt, maar ik kom vooruit. Verderop wordt het lastiger. Ik zie niet meer waar het water ophoudt en de vaste grond begint. Ik loop op het richeltje langs het prikkeldraad en stap meermaals mis.

Bij het einde van het weiland wordt het pad nog smaller en is het ook nog eens begroeid met boompjes en heel veel meer brandnetels. Er valt nauwelijks doorheen te komen, maar terug is ook geen goede optie. Ik ben al 20 minuten aan het ploeteren en ben al ver over de helft. Een korte omweg vanaf het begin van de Grote Vloedgraven is er eigenlijk niet, besef ik met een blik op OsmAnd. Ik worstel mij een weg door het struikgewas en kom uiteindelijk bij een weg uit. Tussen mij en de weg staan hoge hekken. Vanaf deze kant blijkt er (logischerwijs) een omleiding te zijn. Aan de andere kant stonden geen hekken en heb ik geen bordje met omleiding gezien. Via een tuin van een boerderij kan ik om het hek heenkomen en sta dan op asfalt.

Het wandelpad dat afgesloten blijkt te zijn

Opgelucht sla ik al het groen van me af, leeg mijn schoenen en loop richting Wesepe. Asfalt liep nog nooit zo lekker. Op een bankje bij wederom de Grote Vloedgraven drink ik mijn welverdiende koffie en zie dat de route hier weer langs het water gaat. Gelukkig biedt het GPX-bestand nu wel een alternatief. Ik twijfel geen moment.

Asfaltwegen en zandpaden wisselen elkaar af. Ik zie weer veel maisvelden maar ook de aardappelvelden zijn ruim vertegenwoordigd. In één zo’n aardappelveld steken af en toe rode en gele gladiolen boven de lage groene plantjes uit. Overblijfselen van vorig jaar?

Aardappels en gladiolen

Door een bosgebied kom ik weer bij Broekland uit. Mijn broek is opgedroogd, mijn schoenen nog niet. Het zonnetje schijnt nog even stralend als vanmorgen en licht de grote kerk mooi uit. Ik ben 17 kilometer verder inclusief alternatieve route. Salland blijft een mooi gebied. En is op zijn tijd best wel avontuurlijk.

Kerk van Broekland

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.