Knapzakroute Gasteren

Route: Knapzakroute Gasteren K1
Afstand: 19 km
Start: Parkeerplekken bij Brink 1 Gasteren
Eind: Parkeerplekken bij Brink 1 Gasteren

Zoals Gelderland en Utrecht de Klompenpaden hebben, heeft Drenthe de Knapzakroutes. Dit zijn niet-gemarkeerde lokale rondwandelingen van gemiddeld 15 kilometer lang in heel Drenthe die vaak door minimaal één dorp komen. De eerste route stamt al uit 1984 en sindsdien zijn er heel wat gemaakt. Op dit moment zijn er zo’n 65 actueel. De routebeschrijvingen en uitgebreide cultuurhistorische informatie vind je in de gidsjes van de routes. Sinds het voorjaar 2020 zijn verscheidende routes ook digitaal te downloaden op knapzakroutes.nl.

Twee collega’s liepen de Knapzakroute Gasteren en waren verbaasd dat ik ‘m nog niet gelopen had. Zij vonden het prachtig. Ook Frank van frankwandelt.nl is zeer te spreken over de route: “Een van de mooiste knapzakroutes” noemt hij het. Hoog tijd dus om eens de omgeving van Gasteren opnieuw te verkennen. Opnieuw, want het gebied is niet geheel onbekend. Ik liep hier in 2018 ook met het Pieterpad. Regelmatig komen we de markering tegen.

Op een koude zonovergoten zaterdag in november parkeren we onze auto op de Brink in Gasteren, een typisch Drents dorp uit de 13e eeuw met oude boerderijen. De Knapzakroute bestaat uit twee lussen, een grotere en een kleinere, en is dus ook goed in twee afzonderlijke wandelingen te lopen. Het voordeel van de route is dat de twee lussen elkaar in het midden kruisen, precies waar we de auto hebben geparkeerd. Je kunt tussendoor dus nog even wat in de auto leggen, of eruit halen. Daarnaast staat er op die plek Pannenkoekboerderij Brinkzicht waar ze naast pannenkoeken ook lekkere wafels serveren. Cappuccino met wafels zo halverwege de route bevalt uitstekend, hebben wij ervaren.

Gasteren

Wij lopen namelijk allebei de lussen. De 17,5 kilometer op de site blijkt volgens de GPS 19 kilometer te zijn. Wij doen er nog een paar kilometer bij als we twee keer verkeerd lopen. De omgeving is overal prachtig dus dat vinden we helemaal niet erg. De route leidt ons over voornamelijk onverharde paden door een authentiek Drents landschap met hunebedden, grafheuvels en heidevelden zoals de Gasterse Duinen. Dit laatste gebied ligt er mooi bij in dit stralende zonnige weer. We zijn vrijwel de enige en genieten van het golvende heidelandschap met hier en daar een ven. In augustus zal het hier ook prachtig zijn als de heide in bloei staat.

Gasterse Duinen

De route wordt verder gekenmerkt door diepjes, heel veel diepjes. De kronkelende beekjes hebben namen als het Anlooërdiepje, het Gasterensche Diep, het Oudemolensche Diep en het Schipborgsche Diep. De smalle stroompjes lopen door een soms glooiend landschap. De route loopt regelmatig parallel aan de beken of kruist ze. De beekdalen zijn af en toe knap vochtig en ik ben blij dat ik mijn hoge wandelschoenen aangetrokken heb.

Anlooërdiepje
Oudemolensche Diep

Veel bomen hebben nog hun herfstige bladeren. De zonnestralen vallen erop en erdoorheen waardoor bos(rand)paadjes stuk voor stuk prachtig uitgelicht worden. Het ene pad nog mooier dan de andere. En we belopen nogal wat paden tijdens deze route, singletracks met en zonder mountainbikers, vlonderpaden, brede bospaden bezaaid met bladeren of over twee planken naast elkaar als overbrugging van een nat stuk. Ik blijf maar foto’s maken.

Dit is inmiddels mijn zesde knapzakroute en ik moet zeggen dat het inderdaad een van de mooiste was tot nu toe, samen met Knapzakroute Linde-Zuidwolde. Een aanrader dus, mocht je eens in deze contreien zijn. Dank voor de tip, collega’s!

Benieuwd naar de andere Knapzakroutes die ik gelopen heb? Je vindt ze hier.

Advertentie

Koningspad XL etappe 13: Rondje bossen Oranjewoud

Route: Koningspad XL
Afstand: 10 km
Start: Parkeerplaats Tjaarda’s Laan Oranjewoud
Eind: Parkeerplaats Tjaarda’s Laan Oranjewoud

In februari 2022 beginnen we aan een nieuwe route: het Koningspad XL. Dit pad loopt door het stroomdal van het Koningsdiep in Friesland, beginnend bij Allardsoog en eindigend bij Raerd. Tegenwoordig is het Koningsdiep een beekje, maar in vroeger tijden was het een machtige rivier die onder de naam Boorne uitmondde in de voormalige Middelzee. Ik lees in het routeboekje dat dit stroomdal een van de mooist bewaarde en meest karakteristieke beekdalen is van Noord-Nederland. Dat maakt nieuwsgierig. Het pad volgt de knooppunten van wandelnetwerk Fryslân.

De vorige etappe liepen we in augustus van Raerd naar Akkrum. Vandaag besluiten we alvast de laatste etappe te wandelen van het Koningspad XL, een rondje door de bossen van Oranjewoud. Het is prachtig herfstweer en we zijn benieuwd hoe de herfstkleuren daar zijn. De volgende keer pikken we de route in Akkrum weer op richting Allardsoog.

Het is een zonnige ochtend als we de auto parkeren op de parkeerplaats aan Tjaarda’s Laan. We starten bij twee wandelknooppunten voor Parkhotel Tjaarda, waar we niet de enige zijn. Op deze zaterdagochtend is dit een populaire wandel-, fiets en hondenuitlaatplek. Het eerste stuk lopen we over verharde paden langs imposante landhuizen en duiken dan een bospad in. Er zit nog veel blad aan de bomen voor begin november. Het was een goede zet om nu deze etappe te lopen.

Een van de imposante landhuizen langs de route

We schampen de bebouwde kom van Oranjewoud maar vervolgen de route dieper de bossen in. Naast loslopende honden komen we ook groepen hardlopers tegen. Zou dit een vast trainingsrondje zijn op de zaterdagochtend? Er zijn mindere plekken om hard te lopen. Midden in het bos stuiten we op een houten uitkijkbrugje met toegangsdeur. Vanaf het brugje kijk je uit op een kunstmatige heuvel met de grafkelder van de familie Bienema uit 1810. Eromheen ligt een gracht. De kelder is afgesloten met een grote rechthoekige sluitsteen. In deze bossen ligt meer historie dan je op het eerste gezicht zou zeggen.

Zicht op de grafkelder van de familie Bienema

Naarmate we zuidelijker komen, bij Oudeschoot in de buurt, zien we steeds minder wandelaars. Ook voor mij en mijn mede-wandelaars is dit zuidelijke deel van de Oranjewoudse bossen onbekend terrein. We vinden een bankje in de zon en drinken daar onze koffie te midden van herfstkleuren.

Koffiebankje

Op het zuidelijke deel van het rondje zien we veel omgevallen bomen, waarschijnlijk de gevolgen van de drie stormen aan het begin van dit jaar. Er lijkt een domino-effect te hebben plaatsgevonden.

Dan zien we drie reeën nieuwsgierig naar ons kijken. Altijd leuk als je tijdens een wandeling reeën ziet. Verderop echter blijkt dit nog maar een voorproefje. In de weiden en in het bos lopen hele kuddes damherten. Ik lees dat er een paar jaar geleden stemmen opgingen om de herten af te schieten. Er kwamen er te veel, ze veroorzaakten verkeersongelukken en aten tuinen kaal. Als reactie werden er petities gestart door tegenstanders. Hoe het er nu voorstaat, kan ik niet terugvinden. Ze zijn in ieder geval niet verdwenen.

Na de herten lopen we tegen een 30 meter hoge toren aan. De Belvédère uitkijktoren is van beton en stamt uit 1924. Er is geen mens en we besluiten de bossen van boven te bekijken. Al klimmend lijkt het alsof we in een Escher kunstwerk lopen. Bovenop worden we getrakteerd op mooie uitzichten. Op een rond plakkaat is uitgetekend wat er met helder weer allemaal te zien is, zoals de Martinitoren in Groningen.

Belvédère uitkijktoren

De lucht begint te betrekken en we overbruggen de laatste paar kilometer naar Hotel Tjaarda waar we in het Grand-café 1834 genieten van een late lunch. Het jaartal verwijst naar het bouwjaar van het hotel. De route die we hebben gelopen blijkt nauwelijks 10 km te zijn in plaats van de 12 die in het boekje stond. Na de lunch besluiten we nog een rondje te maken door wandelpark de Overtuin waar we net praktisch langskwamen. Een paar jaar geleden kwam ik hier een mooi gedicht tegen. Toen was het voorjaar en zag de tuin er heel anders uit. Maar ook nu verbazen we ons over de grootte van het park, de dikke, hoge bomen, het vele blad en de prachtige kruidentuin.

Als je etappe 13 loopt over landgoed Oranjewoud is de Overtuin een leuk extraatje. Al met al was deze laatste etappe van het Koningspad XL ook zeer de moeite waard. We liepen over voornamelijk onverharde paden. Ik kan me voorstellen dat het hier in elk jaargetijde mooi is. Voor mij is het Koningspad XL nog niet ten einde. Er liggen nog vijf etappes in het verschiet.

Benieuwd naar de andere etappes van het Koningspad XL? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Snorrenhoefpad: herfstige bossen en nieuwsgierige schapen

Route: Klompenpad Snorrenhoefpad
Afstand: 10 km
Start: Café-restaurant de Roskam, Hessenweg 212, Achterveld
Eind: Café-restaurant de Roskam, Hessenweg 212, Achterveld

Met een vriendin spreek ik op een zondag eind oktober af voor een lunch. Het blijkt verrassend mooi weer te worden voor de tijd van het jaar en dus knopen we er een wandeling aan vast. Het Snorrenhoefpad kennen we allebei niet, ook in de startplaats Achterveld bij Leusden zijn we nog nooit geweest. Genoeg te ontdekken dus.

Sint-Jozefkerk in Achterveld

We parkeren de auto’s naast café-restaurant De Roskam dat al open blijkt te zijn. Aangezien we beide een tijdje in de auto hebben gezeten, starten we met koffie en warme apfelstrudel. Het blijkt een passende aftrap voor de rest van de wandeling. Aan dit Klompenpad liggen heel wat horecagelegenheden. Ideaal voor een gezellige bijpraatwandeling (kan ik nu uit ervaring zeggen).

We lopen het Klompenpad tegen de klok in en starten als we het dorp uit zijn met een onverhard paadje langs de Modderbeek. Zoals veel beken is deze beek in het verleden rechtgetrokken om overstromingen tegen te gaan. Aan onze rechterhand ligt een Achterveldse nieuwbouwwijk.

Modderbeek

De naam van dit Klompenpad komt van het buurtschap Snorrenhoef dat hier in de buurt ligt. Volgens de klompenpad-app verwijst de naam vermoedelijk naar de snorders en bedelaars die in dit gebied te vinden waren. Wikipedia zegt iets anders: het zou verwijzen naar de hoeve van Snorre (een persoonsnaam). Die hoeve komen we niet tegen, maar we zien wel mooie boerderijen liggen terwijl we over boerenland en kleine paadjes lopen. We worden verrast door een volop bloeiende akkerrand. Dat verwacht je niet eind oktober.

Bloeiende bloemen eind oktober

De route is goed aangegeven maar als we bij Hoeve Groot Zandbrink komen, beginnen we te twijfelen. Toevallig zie ik de markering op het erf maar de pijltjes lijken nergens heen te gaan. We dwalen tussen de oude gebouwen door van de monumentale boerderij. Hoewel er een theehuis is gevestigd komen we geen mens tegen. Het theehuis is nog niet open. Wel spotten we een leugenbankje en B&B Toktok (het kippenhok). Met behulp van de klompenpad-app weten we de juiste weg weer te vinden en wandelen verder.

Hoeve Groot Zandbrink

De herfstbladeren komen door de stralende zon goed tot hun recht. Wat hebben we een goede dag uitgekozen. In shirtje wandelen we richting De Glind, bekend van Jeugddorp De Glind. Al meer dan 100 jaar worden hier veel uithuisgeplaatste kinderen opgevangen en zijn er veel jeugdzorg organisaties actief. Wij vinden er een lunchplek bij Bistro Ons en genieten op het terras van een lekker broodje.

Na de lunch wandelen we in 2,5 kilometer terug naar Achterveld met als intermezzo een kleine fotosessie met een totaal niet verlegen schaap. Gedurende de wandeling kwamen we steeds meer mensen tegen. Afgezien van het prachtige najaarsweer is het niet vreemd dat ze dit pad uitkiezen om te wandelen. Het is nagenoeg onverhard en leidt de wandelaar door een diverse omgeving langs beken, akkers en door bossen en weilanden.

Nieuwsgierig schaap

Terug in Achterveld is het op het terras dat we vanmorgen nog bijna voor onszelf hadden nu een drukte van belang. Fietsers, motorrijders maar ook veel wandelaars genieten van het mooie najaarsweer. En geef ze eens ongelijk. Dit kan zomaar het laatste terrasje van het jaar zijn.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Friese Woudenpad etappe 4: Beetsterzwaag – Drachtstercompagnie

Route: Friese Woudenpad
Afstand: 19 km
Start: Parkeerplaats Commissieweg Beetsterzwaag
Eind: Parkeerplaats Tsjerkebuorren Drachtstercompagnie

Het Friese Woudenpad loopt van Steenwijk naar Lauwersoog en is 147 km lang. Als je hier de drie varianten bij rekent is dat nog eens 86 km extra. Het pad loopt door drie provincies en het gevarieerde gebied van de Weerribben, het Drents-Friese Wold, de Friese Wouden en het Nationaal Park Lauwersmeer. Samen met het Pionierspad en het Floris V-pad vormt het Friese Woudenpad het Diagonaalpad. De naam zegt het al, het pad loopt diagonaal door Nederland van de noordoosthoek naar het zuidwesten. Het Pionierspad loop ik ook. Hier vind je de verslagen tot nu toe.

Qua wandelweer lijkt het de beste dag van het weekend te worden vandaag en dus vertrekken we met auto en fietsen naar het eindpunt in Drachtstercompagnie. Vanaf daar fietsen we naar Beetsterzwaag om de vierde etappe te lopen van het Friese Woudenpad. De dag kent meerdere verrassingen. De zon was niet voorspeld maar laat zich geregeld zien. De regen was ook niet voorspeld en ook die valt geregeld. Het gebied is voor ons deels onbekend en is de moeite waard. Op sommige plekken is het zelfs glooiend te noemen, iets dat we niet verwachtten in Friesland.

Hoofdstraat Beetsterzwaag

Vanaf Beetsterzwaag lopen we heerlijk in het zonnetje langs de historisch tropische kassen en over een oud kerkenpad door de bossen aan de noordkant van de Hoofdstraat. Regelmatig duiken er oude, statige, maar ook nieuwe huizen op. Hier woon je niet gek! Midden in het bos, bij de Sint-Hippolytuskerk van Olterterp maak ik een foto in de zon. Met de Trage Tocht Beetsterzwaag liep ik hier eerder maar toen waren de bossen in mist gehuld. De herfstkleuren komen nu mooi uit.

Sint-Hippolytuskerk van Olterterp

Bij Het Witte Huis in Olterterp houden we ons devies aan ‘sla nooit een koffiemogelijkheid over, je weet niet wanneer de volgende komt’ en genieten van een cappuccino met lekkers. De bospaden die volgen zijn knap modderig. De regen van afgelopen tijd laat zijn sporen achter. Vanaf Heidehuizen verlaten we de bossen en komen via het Verbindingskanaal in het open landschap richting Ureterp uit.

Verbindingskanaal

De akkers en weiden worden wat glooiend. Een vreemd gezicht hier in deze provincie. Ik lees later dat we hier op een zandrug lopen tussen de riviertjes de Drait en het Koningsdiep. Het begint te spetteren en we lopen gestaag door naar Ureterp. In deze best wel grote plaats met de nodige winkels begint de regen serieus te worden. Op een parkeerplaats onder bomen wachten we de bui af. Het zal niet de laatste bui zijn vandaag. Buiten Ureterp lopen we over onverharde en verharde paden naar de A7.

We kruisen de A7

We wandelen nu het gebied van de veencompagnieën in. In de 17e eeuw begonnen deze compagnieën met het afgraven van het hoogveen voor de turf. De dwarswijken uit die tijd zijn nog steeds te zien in het landschap. Je ziet het o.a. aan de smalle, kleine percelen, omzoomd door elzensingels. Dit coulisselandschap kwamen we ook veelvuldig tegen tijdens het wandelen van het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad. Bordjes verwijzen vandaag de dag naar de oude namen van de wijken, inclusief jaartal. De jaartallen zijn niet zeker, want, zo zegt een informatiebord, “de veenbazen staken hun energie liever in graafwerk dan in schrijfwerk.”

Verwijzing naar de wijken

Onze plaats van bestemming van vandaag is een van de nederzettingen die is ontstaan met het oprukken van de turfspitters: Drachtstercompagnie. Regen en zon wisselen elkaar in een rap tempo af als we de laatste kilometer naar de auto afleggen. We kijken terug op een afwisselende etappe van bossen, weilanden, akkers en veengebied. Opvallend was dat vrijwel iedereen die we onderweg tegenkwamen ons groette, fietsers jong en oud, automobilisten, een oude mevrouw met een rollator, een graafmachinebestuurder maar ook een viertal Friese Woudenpad wandelaars. Een goede gewoonte waar wij uiteraard ook aan meedoen.

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Friese Woudenpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Noardlike Fryske Wâlden etappe 11: Earnewâld – Burgum

Route: Noardlike Fryske Wâlden (Streekpad 20)
Afstand: 17 km
Start: Parkeerplaats bij TOP Earnewâld
Eind: Parkeerplaats Markt Burgum

Ruim een half jaar geleden eindigden we de tiende etappe in Earnewâld. We hadden nog slechts één etappe van het Noardlike Fryske Wâlden Streekpad te gaan, dwars door De Alde Feanen naar Burgum. Alleen, het broedseizoen stond op het punt van beginnen en zou tot juli duren. In de zomer, dachten we, lopen we die laatste etappe wel. Het is inmiddels oktober en het is er eindelijk van gekomen. Vandaag kwamen we aan op de plek waar we in februari 2019 begonnen. De route is rond, in 165 kilometer hebben we het gevarieerde landschap van de Noardlike Fryske Wâlden gezien. Het was de moeite waard.

Deze laatste etappe beginnen we in Earnewâld waar het vaarseizoen over zijn hoogtepunt heen is. Er varen nog wel wat jachtjes, op het parkeerterrein staan zeker nog auto’s en ook de campers ontbreken niet. Het zonnetje schijnt, het waait stevig en er trekken wat buien over als we het watersportdorp uitlopen langs hotel Princenhof en een camping. Van de zomer zagen we dit alles vanaf het water tijdens ons kanotochtje. Nu lopen we aan de andere kant van de vakantiehuizen aan het water. We blijven erbij, het is niet verkeerd om hier een zomerhuisje te hebben.

Langs de Lange Sloot

We wandelen een stuk over een fietspad langs de Lange Sloot en duiken dan echt het natuurgebied in. Voor ons nemen trailrunners hetzelfde pad. Leuk zaterdagochtendrondje dit! Over brede en smalle graspaden trekken we verder het gebied in. Hier en daar is het knap drassig. In de winter zijn waterdichte schoenen hier geen overbodige luxe.

Het gebied in

Over een Kuierpad wandelen we het natuurreservaat It Wikelslân in. Op sommige plekken is de ondergrond echt te nat en zijn vlonders neergelegd. Bij het Ooievaarsbuitenstation It Eibertshiem drinken we op een bankje onze koffie met uitzicht op de ooievaarsnesten. De meeste ooievaars zijn alweer vertrokken naar zonniger streken.

Koffiebankje bij Ooievaarsbuitenstation It Eibertshiem

Na een boswachter met groep gepasseerd te zijn, zien we een uitzichttoren boven het land uitsteken. Uiteraard beklimmen we ‘m en hebben een prachtig uitzicht over de omgeving. Zelfs Leeuwarden is duidelijk te zien.

Rechts de uitkijktoren
Het uitzicht

We komen in broedseizoengebied en genieten extra van de omgeving, nu we hier gewoon weer kunnen lopen. Helaas is ook De Alde Feanen eindig en uiteindelijk komen we weer op een verharde weg uit. De komende kilometers lopen over asfalt. We passeren de N31 bij Sigerswâld en wandelen over kleine landweggetjes naar Sumarreheide. Onderweg vinden we een uitstekend lunchbankje in de zon.

Asfalt na natuurgebied

Na de Centrale As te hebben gekruist komen de laatste kilometers van de etappe in zicht. Naar Sumar wandelen we over een smal paadje langs geoogste maisvelden. We komen hier veel hondenuitlaters tegen, een teken dat de bebouwing niet ver weg is. En inderdaad, de route leidt ons niet veel later door de buitenwijken van Sumar en langs het dorpshuis waar een feest op het punt van beginnen staat.

Naar Sumar

De laatste anderhalve kilometer lopen we over een fietspad langs een drukke weg over het Prinses Margrietkanaal. De luchten worden steeds donkerder en als we net over de brug zijn, begint het te regenen. Het valt nog mee en we lopen stug door. Ik maak nog wel een foto van de fierljepbanen die aan het voet van het talud liggen. Zouden hier officiële wedstrijden gesprongen worden?

Prinses Margrietkanaal bij Burgum
Fierljepbanen

Niet veel later staan we op de grote drukke parkeerplaats in het centrum van Burgum waar we vanmorgen de auto hebben geparkeerd. Het regent inmiddels aardig door en we zijn blij dat we in de auto kunnen stappen. Onze fietsen staan nog in Earnewâld. Daar aangekomen besluiten we deze laatste etappe te vieren met een cappuccino met lekkers bij de Coop, net als de vorige keer. Dat waren de Noardlike Fryske Wâlden. Op naar andere paden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Streekpad Noardlike Fryske Wâlden? Hier vind je de verhalen over de etappes.

Klarenbeeksepad: vallende eikels en uitgestrekte weilanden

Route: Klompenpad Klarenbeeksepad
Afstand: 13 km
Start: Parkeerplaats Restaurant Pijnappel, Hoofdweg 55, Klarenbeek
Eind: Parkeerplaats Restaurant Pijnappel, Hoofdweg 55, Klarenbeek

Mijn laatste Klompenpad liep ik in maart van dit jaar bij Veessen. Op een woensdag begin oktober wandel ik mijn tweede in het mooie buitengebied van Klarenbeek. De zon wil ondanks beloften van de weerman niet echt doorbreken, maar dat mag de pret niet drukken. Dit pad in herfstige sferen en door veel weilanden is ook bij bewolkt weer de moeite waard.

Molen De Hoop

Het eerste en laatste deel van de route is hetzelfde en brengt de wandelaar langs windkorenmolen De Hoop uit 1905 en het ervoor gelegen hertenkamp. Wij lopen de route met de klok mee en struinen, na de molen, eerst over Landgoed Klarenbeek door bossen met enkele beken en historische gebouwen.

Op Landgoed Klarenbeek

Op een fietspad moeten we de keuze maken om de route te blijven volgen of de routeverkorter te gebruiken. Uiteraard kiezen we voor het eerste en dat is geen verkeerde keuze. De route maakt hier een lus door de Loenense Hooilanden (natuurgebied Lampenbroek). Ruim een eeuw geleden was dit een (blauw)grasland met veel orchideeën. Later is het gebied gebruikt voor landbouw. Tegenwoordig is er een herstelplan in werking getreden en is er weer vegetatie die er van oudsher groeide. Dit lijkt me een gebied om nog eens in de lente en zomer te bezoeken.

Loenense Hooilanden

Op Joop’s bankje, mooi gelegen aan de Beekbergse Beek, drinken we onze koffie. We vragen ons af wie Joop was en of hij hier vaak heeft gezeten. Om ons heen vallen met elke windvlaag tientallen eikels uit de bomen op het fietspad en in de beek. Als al deze eikels eikenbomen worden valt hier volgend jaar niet meer te lopen.

Joop’s bankje

We volgen een tijd de Beekbergse Beek. Stukken heb ik eerder gelopen met het Marskramerpad. De eikels blijven vallen. Het lijkt wel alsof op deze route enkel eikenbomen staan. We komen meerdere fietsers met helmen tegen. Zou dat ook tegen de eikels zijn? Het is in ieder geval geen overbodige luxe in dit jaargetijde.

Beekbergse Beek

Het pad loopt vrijwel alleen over onverharde paden en gaat opvallend vaak door boerenland. Ik geloof dat ik nog niet eerder bij een Klompenpad zoveel door weilanden heb gelopen. Het Klarenbeeksepad mag zich met recht een Klompenpad noemen.

Door boerenland

Na het Poezepad waar we overigens geen poes kunnen bespeuren en een deel van het Grenspalenpad dat de in 1750 uitgezette grenzen van de heerlijkheid Het Loo volgt, komen we weer in Klarenbeek uit. De zon laat zich voorzichtig zien. Restaurant Pijnappel is open en het misschien wel laatste terrasje van het jaar kunnen we niet ongemerkt voorbij laten gaan. Met een cappuccino concluderen we dat dit echte Klompenpad erg mooi was.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Trage Tocht Doldersum: oude snelwegen over heidevelden

Route: Trage Tocht Doldersum: Doldersummerveld, Vledder Aa en Wapserveld
Afstand: 14 km
Start: Parkeerplaats Restaurant Grenzeloos en Zo, Boylerstraat 12 Doldersum
Eind: Parkeerplaats Restaurant Grenzeloos en Zo, Boylerstraat 12 Doldersum

In het Nationaal Park Drents-Friese Wold ligt het dorpje Doldersum. Geen onbekend terrein voor mij. Ik was hier twee keer eerder, precies op deze parkeerplaats. De ene keer liep ik de zonovergoten Knapzakroute Zorgvlied – Doldersum op Hemelvaartsdag vorig jaar. De andere keer was bijna twee jaar geleden in november. Ik had hier met mijn ouders afgesproken om dezelfde Trage Tocht te lopen die ik vandaag ga doen. Toen zei buienradar dat het droog zou blijven. Niets was minder waar. Na een kilometer of zes hebben we toen de wandeling afgebroken, flink doorweekt en verkleumd.

Ook vandaag is droog weer en zon voorspeld en zo ziet het er ook uit als ik de auto parkeer. Ik loop de route nu alleen en ben benieuwd hoe het nog niet gelopen stuk van de tocht eruit ziet. Ik loop de route met de klok mee, net als de vorige keer.

Tijdens deze tocht loop ik over en langs twee uitgestrekte heidevelden: het Doldersummerveld en het Wapserveld. Het Doldersummerveld ligt er in het ochtendzonnetje prachtig bij. Het is nog vroeg en rustig. Als ik bij de uitkijktoren kom die een toegang vormt tot het veld is er niemand. Dat was bij de Knapzakroute wel anders. Ik pak mijn kans om de uitkijktoren te beklimmen en word beloond met een prachtig uitzicht.

Het uitzicht vanaf de uitkijktoren

In de daarop volgende kilometers doorkruis ik het Doldersummerveld. Op een informatiebord lees ik dat op dit veld verschillende karrensporen zijn teruggevonden die teruggaan tot de prehistorie. Grote delen van Drenthe bestonden vroeger uit veen en waren nat en moeilijk begaanbaar. Handelsroutes liepen daarom over hoger gelegen delen zoals het Doldersummerveld waar karren en koetsen niet bleven steken. Het bord zegt het mooi: “Verborgen in de heide ligt hier de A28 van toen”. Wielen in het veld illustreren dit nu.

De wielen verwijzen naar de snelweg van toen

Op het veld zie ik ook de eerste paddenstoelen. Je merkt dat het herfst is, de bomen beginnen te kleuren en je ruikt de herfst in de lucht. Qua temperstuur lijkt het daarentegen wel zomer. De zon brandt aardig, zo midden op het veld. In een shirtje met zonnebril en pet vervolg ik mijn route. Op dit verharde pad dwars over het veld ben ik niet de enige. Fietsers, wandelaars, hardlopers, ik kom ze allemaal tegen.

Knap warm zo midden op het Doldersummerveld
Herfst!

Nadat ik de Huenderweg over ben gestoken ben ik alleen. Tot aan een fietspad bij Wateren kom ik niemand tegen. Ik zie enkel de sporen en uitwerpselen van grote runderen waar borden de wandelaar voor waarschuwen: ‘blijf op minimaal 25 meter afstand’. De runderen zijn vanmorgen elders. Ik loop hier in het stroomdal van de Vledder Aa. Omgevallen bomen die over het pad zijn gevallen zijn zover weggezaagd dat er een doorgang is ontstaan. Het ziet er groen, begroeid en vochtig uit. Hoewel, waar de Vledder Aa hoort te stromen is nu slechts een drooggevallen bedding te zien.

Er is een doorgang gezaagd

Op een bankje bij Wateren drink ik mijn koffie en zie in de verte toch nog grote donkere runderen naderen. Met die 25 meter (en een wildrooster) zit het wel goed. Op naar het Wapserveld. De lucht begint te betrekken en de eerste spetters vallen. “Dat was niet voorspeld” zegt een voorbijrijdende fietser enigszins verontwaardigd tegen haar mede-fietser. Gelukkig blijft het bij een buitje. Als ik daadwerkelijk het veld opga is het droog. Ik kom langs de Meeuwenplas waar ook niet veel water lijkt te staan. Hopelijk trekt het bij de komende maanden.

Wapserveld

Het laatste deel brengt me terug naar Doldersum. Ik kruis nog een keer de Vledder Aa en hier lijkt toch een laagje water aanwezig. Over verharde wegen wandel ik langs de brink Doldersum weer in. Na bijna twee jaar heb ik deze Trage Tocht toch in zijn geheel gelopen. En hij was zeker de moeite waard. Dit lijkt me zo’n wandeling die er in elk seizoen anders uitziet. Eentje om nog eens te wandelen dus.

Een laagje water in de Vledder Aa

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Groene Wissel Oudemirdum: kliffen en bossen in Gaasterland

Route: Groene Wissel Oudemirdum 1: Gaasterlands Klif
Afstand: 15 km
Start: Parkeerplaats Hegewei bij de kerk Oudemirdum
Eind: Parkeerplaats Hegewei bij de kerk Oudemirdum

IJsselmeer met in de verte de windmolens voor de kust van de Noordoostpolder

Lang lang geleden gingen we met groep 7 en 8 van de basisschool op schoolreisje naar het Friese Oudemirdum. We verbleven op camping de Wigwam, deden ’s avonds het (enge) dierengeluidenspel in het bos en vermaakten ons in de speeltuin/vogelpark van Rijs. Sinds die tijd ben ik niet meer in Oudemirdum geweest. Tot vandaag. Met een vriendin heb ik afgesproken om er een Groene Wissel te wandelen.

Oudemirdum blijkt een plek te zijn waar de halve schoonfamilie van mijn vriendin woont of woonde. Voor haar dus ook geen onbekend terrein. Desalniettemin ziet ook zij tijdens deze wandeling nog een aantal onbekende plekken. Verder is het prachtig weer en zijn er voldoende horecagelegenheden onderweg. Kortom, genoeg ingrediënten voor een geslaagde tocht.

Oudemirdum

We parkeren de auto bij de kerk van Oudemirdum en duiken gelijk het bos in. En er zijn nogal wat bossen hier, Gaasterland staat erom bekend. Het Elfbergenbos en het Rijsterbos zijn uitgestrekt en herbergen tal van bospaden in allerlei soorten en maten. Door de zon lijken we in een voorjaarsgroen bos te lopen, hoewel het september is. Aan de spinnenwebben te zien (en te voelen) die over de paden zijn gespannen, zijn wij de eerste op deze zondagochtend. Op enkele hondenuitlaters na is het ook niet druk.

We passeren enkele houtsnijwerken van dieren. Een mol steekt zijn kop boven de grond, een hertje staat even stil en een eekhoorn kijkt ons nieuwsgierig aan met in zijn poten een enorme dennenappel. De artiest, Banzai-John, noemt het kettingzaagkunst, lees ik op zijn site.

Een mol door Banzai-John

We drinken koffie op een bankje bij de parkeerplaats van het Rijsterbos. Terwijl we er zitten, komen er steeds meer auto’s bij. Je merkt dat het later op de ochtend is. Mensen zijn wakker geworden. Als we na de koffie door het bos lopen, zien we al die mensen niet meer terug. Totdat we het IJsselmeer in zicht krijgen. Opeens zijn daar de wandelaars, sommige in zondagse kleding, andere in volledige wandeloutfit.

Bij ’t Mirnser Klif

Langs het water lopen we naar ’t Mirnser Klif, compleet met strandje en horeca. In de verte zien we de windmolens voor de kust van de Noordoostpolder. We zijn niet de enige hier. Op deze zonnige septemberdag is dit natuurlijk een uitgelezen plek om te genieten van de nazomer. Het terras is vol, maar met een ijsje van een foodtruck zijn wij ook tevreden.

Over de Séfonsterdyk lopen we langs het IJsselmeer. Af en toe moeten we over een hek klimmen en wat schapen omzeilen. Twee wandelaars (in wandeloutfit) komen ons tegemoet. Na een groet vragen ze ons welke route we lopen. De Groene Wissel kennen ze niet, maar het Zuiderzeepad dat hier loopt, wel. ‘Prachtige wandeling, zeker een aanrader’ zeggen de twee al wat oudere vrouwen die, naar eigen zeggen, sinds dat pad verslaafd zijn geraakt aan wandelen. Zelf lopen ze een rondje m.b.v. wandelknooppunten. Ik raad nog – op hun vraag of ik nog een LAW-wandeltip heb – het Marskramerpad aan en dan wandelen we verder.

Op de Séfonsterdyk

Het is inmiddels best wel warm geworden en we zijn blij dat we de dijk in de volle zon verlaten om weer richting een bos te gaan, het Jolderenbos. Enkele kilometers later zijn we weer in Oudemirdum. Op de Brink strijken we neer op een terrasje voor een welverdiende koffie met oranjekoek. Oudemirdum en omgeving zijn prachtig en de moeite waard om nog eens terug te gaan. Echt herkennen doe ik het niet meer, maar na een blik op de kaart blijkt Camping de Wigwam nog altijd te bestaan. De speeltuin/vogelpark in Rijs is verhuisd naar het IJsselmeer, toerist-technisch een aantrekkelijker plek.

Benieuwd naar de andere Groene Wissels die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Knapzakroute Roderwolde – Foxwolde

Route: Knapzakroute Roderwolde – Foxwolde K24
Afstand: 15 km
Start: Parkeerplekken tegenover molen Roderwolde
Eind: Parkeerplekken tegenover molen Roderwolde

Zoals Gelderland en Utrecht de Klompenpaden hebben, heeft Drenthe de Knapzakroutes. Dit zijn niet-gemarkeerde lokale rondwandelingen van gemiddeld 15 kilometer lang in heel Drenthe die vaak door minimaal één dorp komen. De eerste route stamt al uit 1984 en sindsdien zijn er heel wat gemaakt. Op dit moment zijn er zo’n 65 actueel. De routebeschrijvingen en uitgebreide cultuurhistorische informatie vind je in de gidsjes van de routes. Sinds het voorjaar 2020 zijn verscheidende routes ook digitaal te downloaden op knapzakroutes.nl.

De derde Knapzakroute dit jaar brengt ons naar Noord-Drenthe en wel Roderwolde. Ik ken het van de molen Woldzigt, olie- en korenmolen, en de Jacobskerk. In 2017 liep ik met het Jacobspad door dit plaatsje heen. Vijf jaar geleden alweer, wat gaat de tijd snel.

Molen Woldzigt

We parkeren voor de molen die er verlaten, maar statig bij ligt. Dit is niet de officiële start van de route maar er is genoeg parkeerplek en de route loopt hier langs. Parkeren bij een café, zoals de routeomschrijving aangeeft, is vaak niet helemaal de bedoeling. Voor ons ligt een haventje er aantrekkelijk bij in het vroege zonlicht. ‘Schippershaoven’ staat er op een bordje. Door een klaphekje zien we een paadje langs de Schipsloot de verte in lopen. Na een blik op de digitale kaart blijkt dit ook de route te zijn. Als we de wandeling tegen de klok inlopen, starten we met dit pad. De keuze is snel gemaakt.

Schippershaoven

Over een graspad lopen we door Polder Zuidermaden en later door De Kleibosch. In dit gebied kan het flink nat zijn, maar in deze droge tijden hebben we nergens last van. Op een paar hondenuitlaters na zijn we alleen. We kijken uit over het water waar diverse vogels drijven, zwemmen en vliegen. Hier komt de zware potklei aan de oppervlakte. In vroeger tijden werden van deze klei kloostermoppen (bouwstenen) gemaakt.

Polder Zuidermaden

We zeggen tegen elkaar dat deze route nu al geslaagd is met deze mooie onverharde paden. Even later lopen we over asfalt. De lange schaduwen van de bomen op de weg geven ons een nazomergevoel. En dat asfalt loopt wel makkelijk. De zon begint echter steeds hoger te klimmen en het wordt warmer (het wordt vandaag 29 graden). Tijd voor weer wat onverharde paden.

We wandelen door Leutingewolde en lopen via een populair fietspad over de Sandebuursedijk. Als we de Rodervaart kruisen zien we een uitnodigend koffiebankje. Naast enkele wilgen drinken we onze koffie en verwonderen ons over de vele fietsers (voornamelijk wielrenners en oudere e-bikers) die we eerder helemaal niet zagen. Waarschijnlijk is deze plek makkelijk te bereiken vanuit Groningen en grijpen Groningers de kans om op deze zonnige zondagochtend een tochtje te maken. Al een tijdje zien we enkele markante gebouwen van de stad Groningen aan de horizon. De stad is niet ver weg.

Rodervaart

Door Sandebuur lopen we naar het Leekstermeer. Staand op een bankje vang ik er net een glimp van op. Tijdens de rest van de route blijft het meer verscholen achter het vele riet. In een ander jaargetijde zijn de uitzichten wellicht wat beter. We lopen inmiddels weer onverhard en blijven dat met wat onderbrekingen ook doen.

Leekstermeer

We wandelen over onlangs gemaaide dijken in de Onlanden waar het gemaaide gras nog ligt te drogen. In dit gebied zijn in 2008 boomstronken gevonden van 8000 jaar oud. Een gedicht van Albert Boelen en het monument Oerwold van kunstenaar Evert van Fucht met gestileerde eikenbladeren op hoge staken verwijzen naar deze vroegere oerbossen.

Een monument en gedicht voor vroegere oerbossen

De dijken en een asfaltweg brengen ons uiteindelijk weer bij de molen in Roderwolde. Op het bankje bij het haventje eten we onze boterhammen. Door het klaphekje aan de andere kant van de haven komen meerdere groepjes wandelaars. Vanmorgen was het daar een stuk rustiger. Zouden er ook mensen bijzitten die de Knapzakroute lopen? Hoe populair zijn die Knapzakroutes eigenlijk?

Heb jij wel eens een Drentse Knapzakroute gelopen?

Het klaphekje in Roderwolde

Benieuwd naar de andere Knapzakroutes die ik gelopen heb? Je vindt ze hier.

Marskramerpad etappe 9: Terschuur – Boeschoten

Route: Marskramerpad
Afstand: 18 km
Start: Bushalte De Tolboom, Terschuur
Eind: Schaapskooi Boeschoten

Na een nachtje op de camping besluiten we de auto bij de camping te laten staan en vanaf daar naar Terschuur te fietsen voor de tweede Marskramerpadetappe van dit weekend. Ons wacht een zonovergoten wandeling die begint in een nieuw gebied, de Gelderse vallei. Waar we gisteren voornamelijk over bospaden en heidevelden liepen, bevinden we ons nu in een open landschap met bomenrijen, weiden en beken.

Net buiten Terschuur

Dit is een omgeving waar ik nog niet eerder was, maar als we in de buurt van Appel komen zien we verschillende klompenpadmarkeringen. Een ervan, het Appelpad, komt me bekend voor. Bij diverse wandelbloggers las ik over dit klompenpad. Dat loopt dus in dit gebied. Ik begrijp de populariteit wel. Zeker met dit zonnige weer. Die komt op het nog-te-wandelen-lijstje.

Hierna volgt de Appelsche Heide. Op de kaart zien al die paarse vlakken er veelbelovend uit. In de praktijk zien we niet veel heide, we wandelen voornamelijk over bospaden. Bomenrijen en struiken blokkeren het uitzicht over het heideveld. We verwachten koffiebankjes, maar ze zijn hier niet dik gezaaid. Ook de app ‘Alle bankjes’ bevestigt dit, geen bankjes in de nabije omgeving. Niettemin hebben we zin in koffie en betitelen een omgevallen boomstam in het bos langs de kant van de weg als bankje. Dat zit ook prima. Een specht zorgt voor het nodige vertier.

Toch nog wat (bijna uitgebloeide) heide

We laten de heidevelden achter ons en wandelen verder over landelijke graspaden, langs paarden en schapen. Er zijn inmiddels wolken aan de hemel verschenen, maar dat maakt de foto’s alleen maar mooier.

Bij Veenhuizerveld verlaten we het open landschap en duiken de bossen weer in. Mulle zandpaden geven aan dat we dichterbij ons eindpunt komen. Tijdens de vorige etappe was er aan mul zand geen gebrek. Om ons heen is de bosgrond op veel plekken omgewoeld door de zwijnen. Misschien wel door de familie die gisteren ons pad kruiste. Het eindpunt nadert. We verlaten de route om de 2 kilometer naar de auto te overbruggen.

De volgende keer lopen we naar Amersfoort en verder. Een nieuwe provincie, een ander landschap, waar we vandaag al van geproefd hebben.

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.