Maak jezelf een poosje kwijt

Soort gedicht: raamgedicht
Waar: Leeuwarden
Dichter: Judith Nieken

Het straalt huiselijkheid uit. Aan de muur hangen zwart-wit foto’s uit verschillende decennia. Gebouwen staan erop en mensen uit vervlogen tijden, trots poserend in de deuropening. De vensterbank is gevuld met groene planten in witte potten. De moderne peertjes geven sfeer. Mensen drinken gezellig keuvelend hun koffie. Wat ze zeggen versta ik niet. Ik sta buiten.

De steeg waarin ik sta, vormt de verbinding tussen de winkelstraat langs de gracht en het grote uitgestrekte plein. Winkeltjes en horecagelegenheden openen in deze steeg dagelijks hun deuren. Zetten hun rekken neer en stallen hun borden uit. De vele dagjesmensen slenteren al slalommend richting de Nieuwestad of het Zaailand.

Ik ook, op een zaterdag in september. Eindelijk dan toch een bezoekje aan de Culturele Hoofdstad van 2018. De stad doet internationaal aan. Om me heen hoor ik allerhande talen. Na de bibliotheek in de oude gevangenis en het Lân van Taal (Land van Taal), loop ik nu door de steeg en valt mijn oog op het gedicht.

De eerste zin intrigeert me meteen en eigenlijk de hele eerste strofe. De haast, de deadlines en gedoe heb ik gisteravond inderdaad gelaten voor wat ze waren. Nu eerst een weekend helemaal niks. Geen afspraken, niks hoeven, zelf bedenken wat ik eventueel wil gaan doen. Het werd een dagje Leeuwarden.

Om me heen blijven mensen staan. Kijken naar wat ik zie en lezen zelf ook. Een moment van rust te midden van de drukte. Ik lees de laatste strofe van het gedicht en vind het helemaal geen gek idee.

Thuis

Vind een stoel en trek je haast uit
hang haar traag over de leuning
naast je deadlines en gedoe

leeg je hoofd en leg de wereld
aan je voeten, laat maar liggen
kom je later wel aan toe

maak jezelf een poosje kwijt

neem een koffie
en DE tijd.

© 2017 Judith Nieken | lttrvreters.nl

Even later zit ik aan de andere kant van het gedicht, dat op het raam van het Douwe Egberts Café gedrukt is. Voor me staat een cappuccino. Ik leun achterover en kijk om me heen. Een van de foto’s aan de muur toont het gebouw waarin ik nu zit, alleen dan in een ver verleden. ‘Hoogstins’ staat er op de gevel. In de jaren dertig gebouwd als tandartspraktijk, lees ik later. Wat een wereld van verschil.

Internationale studenten wachten in de rij om te bestellen. Lachend en met handgebaren lijken zij zich prima te vermaken. Zij hebben de tijd. Aan de andere kant van het raam zie ik de mensen voorbij lopen. Sommige blijven staan, lezen wat er geschreven staat. Fronsen, glimlachen, werpen een blik naar binnen en gaan dan door.

Ik blijf hier voorlopig even zitten. Er is genoeg te zien. Vandaag hoef ik niets meer. Ik maak mezelf nog een poosje kwijt.

Dit gedicht van Judith Nieken is niet de enige in Leeuwarden. Meerdere panden in de stad en daarbuiten hebben inmiddels een gedicht van haar hand. Alle afgestemd op de bewoners, gebruikers of functie van het gebouw. Wat maakt hen tot wie ze zijn? Wat is hun kracht? Verwerkt in een gedicht is dit nu – ook buiten openingstijden – te lezen voor de oplettende voorbijganger. Lees hier meer over Judith Nieken en dit project.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welk straatgedicht is jou opgevallen?

Advertenties

Westerborkpad etappe 15: Wezep – Zwolle

Route: Westerborkpad
Afstand: 17 km
Start: Station Wezep
Eind: Station Zwolle

Paddestoelen langs de Willemsvaart in Zwolle

Op een zonnige dag in september keren wij terug naar Wezep om het Westerborkpad te vervolgen richting Zwolle. Het belooft een afwisselende etappe te worden met heidevelden, bossen, de IJssel en maar liefst twee Hanzesteden.

Vanaf station Wezep sta je in een oogwenk tussen de paars bloeiende (en af en toe helaas ook bruine) heide van de Wezepsche Heide. We zijn niet de enige op deze zondagochtend. Hondenuitlaters, wandelaars, mountainbikers en niet te vergeten de Schotse Hooglanders (met een fotografe in hun kielzog) bevolken het gebied.

Schotse Hooglanders op de Wezepsche Heide

De 25 meter afstand tot de dieren die wij in acht zouden moeten nemen volgens de bordjes, redden wij – maar ook zeker de fotografe – niet. De beesten liggen ontspannen midden op het pad en lijken zich in het geheel niet te storen aan al dat volk dat al zo vroeg in de ochtend op de been is. Met enige omtrekkende bewegingen lopen we langs de dieren, wijken uit voor een groep mountainbikers en vervolgen onze weg richting de A50.

De Wezepsche Heide is een mooi mountainbike-gebied

Aan de overkant van de snelweg komen we al snel in het buitengebied van Hattem terecht. Via een heuvel met de intrigerende naam Vuursteenberg komen we uit bij een herberg met een heus waterrad. De rood-gele luiken geven dat beetje extra jeu aan Herberg Molecaten. Na een cappuccino gaan we richting het stadje.

Herberg Molecaten in de bossen bij Hattem

Het is druk in het bos. We passeren vooral veel groepjes wandelaars van een zekere leeftijd. In afritsbroeken, bergschoenen en fleecevesten stappen ze stevig door. Aanvankelijk schrijven we het toe aan de populariteit van wandelen en natuurlijk het mooie gebied. Maar de groepjes blijven maar komen. Na een korte zoektocht op internet blijkt dat dit deelnemers zijn aan de jaarlijkse Bos- en Heidewandeltocht over o.a. de Wezepsche Heide. Tot aan het startpunt van de wandeltocht in Hattem blijven we ze tegenkomen en blijven wij hen vriendelijk groeten.

Hattem, Hanzestad op de Veluwe

We komen Hattem via een omweg binnen. De route leidt ons eerst langs de Joodse begraafplaats die onderdeel uitmaakt van de algemene begraafplaats van Hattem. Via het Daendelspoortje gaan we uiteindelijk het oude centrum in. De Markt baadt in het zonnetje en staat bijna helemaal vol met terrasjes. Vanmiddag zal het hier waarschijnlijk wel vol zitten, als is het maar met de deelnemers aan de wandeltocht.

De Markt in de Hattem

We maken een zigzagbeweging door het centrum en lopen onverwacht tegen een straatgedicht van Toon Tellegen aan. Die komt bij de verzameling van Elke Maand Een Straatgedicht! Even verderop vinden we de voormalige synagoge van Hattem. Op de gevel staan de namen van de 28 Joden uit Hattem, Epe en Heerde die de synagoge bezochten en de oorlog niet overleefd hebben.

Voormalige synagoge van Hattem

Via de stadspoort verlaten we Hattem en lopen via de Geldersedijk richting de imposante rode spoorbrug. Met uitzicht op de IJssel en Hattem verlaten we via deze brug Gelderland en begroeten Overijssel. Naast ons denderen de treinen voorbij.

Via de rode spoorbrug steken we de IJssel over

Aan de overkant lopen we langs de uiterwaarden van de IJssel naar de Katerveersluizen, een idyllisch stukje Zwolle, waar we onze boterhammen opeten met uitzicht op de Willemsvaart. Via een lange laan met aan weerszijden oude bomen en al een hele hoop paddestoelen lopen we tenslotte richting het station. Een mooie etappe op een zonovergoten nazomerdag.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Snoekduik

De lucht ruikt naar herfst als ik in alle vroegte, rond half 6, de achterkant van het station nader. Vooral in deze maanden zijn er altijd wel een paar parkeervakken bezet met touringcars die wachten op hun vakantiegangers. De vaak wat oudere mensen staan – opvallend wakker op dit vroege uur – met grote koffers klaar om hun vakantie naar de zon aan te vangen. Een grote tegenstelling met de duffe treinreizigers, die op de automatisch piloot hun weg naar de perrons vinden.

In de treintunnel is het niet druk. Een man in pak loopt met ferme pas de roltrap op naar zijn perron. Een meisje in een fladderig jurkje en gympen slentert, haar blik gericht op haar telefoon, naar de AH to go voor een shot cafeïne. De man van middelbare leeftijd met baard, in korte broek en wandelschoenen springt eruit. Hij draalt wat bij de poortjes, maar heeft noch een papieren kaartje noch een OV-chipkaart in de aanslag.

Hij lijkt te twijfelen welke vervoerder hij moet nemen, maar loopt dan toch naar het gele poortje van de NS. Hij spiedt om zich heen en maakt dan een snoekduik. Met zijn rugzak nog op zijn rug probeert hij onder het poortje door te tijgeren. Behalve dat er opeens een enorm gepiep klinkt – nog indringender in de stille stationstunnel – past hij, met zijn rugzak op, ook simpelweg niet onder de poortjes door.

Snel staat hij weer op en loopt quasi-onverschillig richting de kaartautomaat. Om zich een houding te geven pakt hij zijn telefoon en begint een gesprek tegen een al dan niet fictief persoon aan de andere kant van de lijn.

Het beeld dat ik had van baardige wandelaars van middelbare leeftijd is op die vroege ochtend aan het einde van de zomer danig veranderd. Wat ook de reden was van zijn illegale actie, onder OV chipkaart poortjes door tijgeren helpt je imago niet. Het jammerlijk mislukken ervan, nog minder.

Westerborkpad etappe 14: ’t Harde – Wezep

Route: Westerborkpad
Afstand: 14 km
Start: Station ‘t Harde
Eind: Station Wezep

Station Wezep is vandaag het eindpunt

We zijn terug in ’t Harde. Een maand geleden stonden we hier ook en liepen toen in de brandende zon naar Elburg en weer terug. Vandaag is het veel beter wandelweer, een zonnetje, af en toe een wolk en 22 graden. Het ruikt al wat herfstig. Vanaf nu geen rondwandelingen meer tijdens het Westerborkpad, maar alleen nog maar van A naar B. En die B is vandaag Wezep.

In ’t Harde nemen we eerst een cappuccino op het terras van de La Place aan de A28. Een goed begin van de wandeling. Hierna duiken we via de carpoolplaats het bos in. Bekend terrein voor ons. Hier liepen we tijdens de Groene Wissel ’t Harde ook.

In het bos bij ’t Harde

We slaan alleen dit keer niet af vóór het heideveld maar blijven er langs lopen. De heide bloeit mooi paars en de planten lijken de droogte overleefd te hebben. Bedauwde spinnenwebben hebben zich aan de bloemen langs het pad vastgezet. Het doet me denken aan de herfstwandelingen van afgelopen jaren. We gaan weer een fotogeniek jaargetijde tegemoet.

De heide bloeit

Over bospaadjes vervolgen we de route. Het geluid van de A28, waar we min of meer parallel aan lopen, blijft gedurende deze hele etappe voor een monotoon achtergrondgeluid zorgen. Als we tegen de Bovendwarsweg aan lopen, zien we een huis met een wel heel bijzondere naam: Zeezicht. Hier midden in het bos, zonder enige zee in de nabije omtrek, niet een naam die je zou verwachten.

Eén van de laatste namen die je zou verwachten in een bos

Over asfaltwegen, maar voornamelijk over onverharde bosweggetjes belanden we uiteindelijk op bungalowpark Landal Landgoed ’t Loo. Overal staan huisjes en in de grote zwemvijver zijn kinderen enthousiast bezig op een survivalbaan in het water. Om ons heen horen we niet alleen Duits en Engels maar ook Scandinavische klanken.

Landalpark Landgoed ’t Loo

We verlaten de drukte en komen weer in het bos terecht. Ditmaal wel heel dicht bij de snelweg. Een snelweg waar ik wel vaker overheen rijd, maar het is me nooit opgevallen dat hier een wandelpad langs loopt.

De A28 is wel heel dichtbij

Over smalle kruipdoor-sluipdoorpaadjes en af en toe een mountainbikepad steken we uiteindelijk de A28 over en komen in Wezep uit. Een ‘milieuzone voor vliegtuigen op kerosine’, aldus een aangeplakt A4-tje. Een plaats om rekening mee te houden.

Wezep, milieuzone voor vliegtuigen op kerosine

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Wandelen langs straatpoëzie in Zutphen

Soort gedicht: muurgedicht, glasgedicht
Waar: Zutphen
Dichters: Ida Gerhardt, J.C. Bloem, Paul Rodenko, Eke Mannink, H.C. ten Berge, Henk Gombert, Charuk Suebrak, Rosa van den Bos, Emma van Wijngaarden, Tim Pardijs, Sabine Kars

Zicht op de IJssel en de skyline van Zutphen

De afspraak stond al een tijdje. Bijkletsen met een vriendin onder het genot van een cappuccino en dan op jacht. Op jacht naar straatgedichten wel te verstaan. Ik voor mijn Elke Maand Een Straatgedicht-uitdaging, zij als dichter en bijzondere teksten-fan. Plaats van handeling is de Hanzestad Zutphen, die – niet geheel toevallig – een poëzieroute aanbiedt.

Meerdere steden maar ook natuurgebieden kennen inmiddels dit fenomeen. Wandelen langs gedichten in de openbare ruimte. Zo kun je o.a. in Leeuwarden, Gorinchem, Harderwijk en op de Veluwezoom (John Jansen van Galen pad) een wandeling maken langs straatgedichten. De poëzie is aan een opmars bezig. Goed nieuws voor Elke Maand Een Straatgedicht. Daarom deze maand niet één enkel gedicht maar een hele route.

In Zutphen kun je bij de VVV, Houtmarkt 75, voor 2 Euro de folder ‘Stadswandeling Literair Zutphen’ halen, waarin je een kaartje en routebeschrijving vindt van de 5 kilometer lange route. De nummers 1 t/m 32 verwijzen naar de literaire bezienswaardigheden onderweg. Als je de hele wandeling loopt, heb je de meeste straatgedichten, boekhandels en optrekjes van Zutphense schrijvers gezien die zich op beloopbare afstand van de binnenstad bevinden.

Stadswandeling Literair Zutphen

Onze ervaring is dat je dan zeker een paar uur verder bent. Gedichten lezen, foto’s maken van de leuke straatjes en verrassende doorkijkjes, in bijzondere winkeltjes rondlopen en pauzeren voor vlierbessensap met citroentaart in een hofje kosten nu eenmaal tijd.

Ook dit is Zutphen

De folder biedt ons, zoals mijn dichter-vriendin het formuleert “de contouren van een route met ruimte om te dwalen”. Onze kaartleeskwaliteiten en tekstintepretatievaardigheden worden danig op de proef gesteld. We halen makkelijk onze stappen en moeten eigenlijk nog een keer terugkomen op een doordeweekse dag om de gedichten in het (op zondag gesloten) gemeentehuis en de (op zondag gesloten) koffiewinkel De Pelikaan te kunnen aanschouwen.

Maar ook zonder die gedichten blijven er nog genoeg over. We herkennen poëzie van gevestigde namen zoals Ida Gerhardt, J.C. Bloem en Paul Rodenko. Alle drie hebben ze in de Hanzestad gewoond en hebben daarmee een plekje in de openbare ruimte verdiend.

Gedichten van Paul Rodenko, J.C. Bloem en Ida Gerhardt (het beroemde gedicht waar de ‘d’ aanvankelijk ontbrak in de titel)

Ook de dichtregels van de initiatiefnemer van de poëzieroute Henk Gombert, P.C. Hooftprijs-winnaar H.C. ten Berge, Zutphense stadsdichters, en zelfs enkele middelbare scholieren laten niets vermoedende voorbijgangers stilstaan. De gedichten bevinden zich hoog boven onze hoofden op witte muren in de oude binnenstad, verborgen achter steigers, op glasplaten in de Walburgiskerk en op huizen in achterafstraatjes.

Gedichten van Henk Gombert in de Walburgiskerk, middelbare scholieren, voormalig stadsdichter Eke Mannink en een gedicht in de steigers van H.C. ten Berge

Maar ook in de Noorderhaven vinden we straatpoëzie. Gestanst in een roestig-rode metalen plaat lezen we de boodschap van voormalig stadsdichter Tim Pardijs voor de bootjes die in deze haven hebben aangelegd: “Kom hier terug, lees andere steden in de golven”.

Gedicht van voormalig stadsdichter Tim Pardijs in de Noorderhaven

De Zutphense straatgedichten zijn overal en beperken zich niet tot de route van deze stadswandeling. Inside information leidt ons over de brug naar de andere oever van de IJssel, naar het buurtschap De Hoven. Daar op een wit huisje met gele raampjes is onlangs een van de nieuwste straatgedichten van Zutphen aangebracht. De strofe uit een gedicht van dichteres Sabine Kars steekt fel af tegen de witte muur en beschrijft de gewaterverfde lucht die we boven het huisje uit zien steken. De woorden kijken uit op de IJssel en de skyline van Zutphen.

Een strofe uit een gedicht van Sabine Kars in De Hoven

Met heel wat kilometers in de benen zoeken we aan het einde van de middag weer het centrum op en concluderen op een van de terrasjes dat een poëzieroute een leuke en originele manier is om een stad te leren kennen. In Zutphen is er aan gedichten geen gebrek. En de voorraad straatpoëzie lijkt alleen maar uit te dijen. Een uitbreiding van de folder ‘Stadswandeling Literair Zutphen’ is slechts een kwestie van tijd.

“Hoezeer heeft deze kleine stad allure …”

Ik kan het alleen maar eens zijn met Ida Gerhardt

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welk straatgedicht is jou opgevallen?

Ierland | De wildernis in

In juni 2018 doorkruisen wij de zuidelijke helft van Ierland. We zijn met onze eigen auto en tent en kamperen op kleine campings. Af en toe slapen we in een Bed & Breakfast. Met de auto en te voet genieten we van de schoonheid van het groene eiland. De komende tijd lees je hier een greep uit onze belevenissen.

Onze eerste Ierse camping ligt in Donard, aan de rand van de Wicklow Mountains

Het veld is ruim, enigszins glooiend, met her en der wat boompjes en een stapel stenen in het midden. Het gras ligt er groen en verzorgd bij. Het heeft duidelijk kort geleden nog een grasmaaier gezien. Een incidentele bruine rechthoek herinnert aan een tent die er meer dan een paar dagen heeft gestaan. De kampeerders zijn doorgetrokken, op zoek naar nieuwe gebieden om te ontdekken.

Het uitzicht is weids. In de verte zijn de bergen van de Wicklow Mountains te zien. Door de drizzling rain zijn het vandaag slechts vage omtrekken. Ervoor lopen schapen op een stuk land dat door een hek gescheiden wordt van de camping. Zij laten elk uur van de dag enthousiast van zich horen. In de caravans en campers die op de verharde plekken om het veld heen staan, zitten de eigenaren met een warme kop koffie. Af en toe dwaalt hun blik van hun boek of tablet over het veld en in de verte.

Ierland – Wicklow Mountains

De rust is voelbaar op dit middaguur. De caravankampeerders vermaken zich prima. Wellicht dat er nog een ommetje in zit vanmiddag. Over een uurtje of zo. Als de regen wat minder is geworden. Nu eerst nog een mailtje naar de kleinkinderen. Met een foto van het uitzicht uit de caravan. Maar dan komt in een rustig tempo een donkergroene landrover het beeld in rijden.

In de auto zitten een vader en een zoon van een jaar of 8. Ze rijden helemaal door tot aan het hek met de schapen, alwaar ze de auto parkeren. De zoon sprint naar de berg stenen en lijkt zich prima te vermaken. De vader laadt de auto uit. Een tent, stoeltjes, een tafel, een koelbox, kratjes bier, een vuurkorf, blokken hout, alle ingrediënten voor een vader-zoon weekend lijken aanwezig.

De zoon is inmiddels naar de ingang van de camping gerend waar meer landrovers verschenen zijn. Ook hier weer vaders met zonen, af en toe een man alleen. De landrovers hebben alle denkbare soorten, maten en kleuren. Oud en nieuw, klein en groot, met en zonder daktent, met en zonder aanhanger (al dan niet volgeladen met hout). Achter elkaar rijden ze naar het hek en voegen zich bij hun soortgenoot. Enthousiaste begroetingen bij de mannen, joelende kinderen op de berg stenen.

Met een peuk en een flesje bier zetten de mannen de tenten op. Vuren branden vrolijk. Nog meer landrovers voegen zich bij de groep. Het lijkt een dorp op zich te worden. Van stoere mannen en jongens. De geur van gebraden worstjes verspreidt zich over de camping. De niet-Ierse kampeerders kijken verbaasd toe – sommige met een zweem van jaloezie. Een enkeling herkent dit tafereel van een vorige camping.

Het is vrijdagavond en Ierse landrover-eigenaren verzamelen zich op campings in de Ierse natuur. Voor een nacht, soms twee, bevinden ze zich in een echte landroverreclame-setting. Mannen onder elkaar, kampvuren, off-road rijden: kortom, the Land Rover experience onder het motto One life, live it. Maandag wacht het kantoor weer met de rapporten en de cijfertjes.

De camping op zondagmiddag, als de landrovers weer vertrokken zijn

Wij slaan het tafereel verbaasd gade op onze eerste nacht op onze eerste camping in Ierland. Een week later zien we hetzelfde, op een andere camping in een ander deel van het land. De groep is dan nog een stuk groter. Het grasveld een stuk kleiner. De natuur even mooi. Het zijn dan niet alleen vaders en zonen, maar ook stelletjes en zelfs hele gezinnen.

Een weekend de wildernis in. De landrover gebruiken waarvoor hij is bedoeld. Samen met gelijkgestemden. Ik was het fenomeen nog niet eerder tegengekomen in mijn kampeercarrière. De Ieren doen het gewoon, weer of geen weer, in het weekend trek je erop uit. Met de landrover, je zoon en desnoods de hele familie. Back to nature. En waarom niet?

Westerborkpad etappe 13: Rondwandeling ’t Harde – Elburg

Route: Westerborkpad
Afstand: 20 km
Start: Carpoolplaats ‘t Harde aan de A28
Eind: Carpoolplaats ‘t Harde aan de A28

In Elburg heb je leuke straatjes

Afgelopen weken was het zinderend heet. Geen wandelweer vonden we. Vandaag is er 29 graden voorspeld. Nog warm, maar met een windje en de schaduw van de bomen onderweg te doen, hopen we. Vanaf de carpoolplaats ‘t Harde aan de A28 gaan we op pad.

De eerste kilometers zijn goed te doen. We duiken al snel het bos in en de temperatuur is aangenaam. Na een kilometer of 3 zien we de A. Vogel Tuinen liggen. Deze omgeving is bekend terrein. Met de Groene Wissel ‘t Harde liepen we hier al eens eerder. Alleen zagen we toen de tuinen in het vroege voorjaar en waren ze vooral kaal. Nu bloeit alles volop. Wat een verschil.

De A. Vogel tuinen staan volop in bloei

Het is rustig en we besluiten een slinger door de tuinen te maken om daarna de route weer op te pakken. De planten staan er nog redelijk fris bij. Hier moet haast wel gesproeid worden. De tuinman die we even later tegenkomen, bevestigt dit. Ze sproeien ‘s nachts met grondwater. “Nu het nog mag” voegt hij eraan toe. “Er mogen wel meer buien komen zoals die bui van zaterdag, maar voorlopig zit dat er niet in”. Wij hopen met hem mee, wensen hem nog een prettige werkdag en verlaten de tuinen.

Groetjes!

Niet veel later komen we langs kasteel Zwaluwenberg, een statig landhuis. De route loopt hier langs omdat hier in het najaar van 1942 twee Joodse broertjes van 10 en 6 ondergedoken zaten. Ze werden ontdekt tijdens een huiszoeking in datzelfde jaar. Uiteindelijk kwamen ze terecht in Amsterdam in de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg. Het verzet wist de jongens daar weg te krijgen en ze overleefden de oorlog.

Kasteel Zwaluwenberg

Via schaduwrijke plattelandsweggetjes komen we op het Puttenerpad, een schelpenpad door een weiland. We lopen verder langs Kasteel Old Putten en naderen dan Elburg. De vele auto’s op de parkeerplaatsen voor Elburg Vesting doen vermoeden dat het niet rustig is op deze doordeweekse dag. Er blijkt een braderie te zijn en de hoofdstraten staan vol met kraampjes. Er is heel wat publiek op af gekomen.

Elburg met aan de linkerkant van de weg het Agnietenklooster waar nu Museum Elburg in gevestigd is

Het boekje leidt ons met een ingewikkeld patroon door het oude stadje met de kenmerkende Grote of Sint Nicolaaskerk met opvallend klein spitsje. Bij de eerste lus komen we langs de kloostertuin van het voormalige Agnietenklooster (nu Museum Elburg). Het is een oase van rust en we besluiten op een bankje in de schaduw een broodje te eten.

In de kloostertuin eten we onze lunch

Na de lunch banen we ons een weg door de menigte en lopen over de stadswal naar de Joodse begraafplaats. Van alle Joodse bewoners van Elburg die gedeporteerd zijn in de oorlog is niemand teruggekeerd. De Joodse gemeente Elburg werd in 1947 opgeheven.

Joodse begraafplaats Elburg

In het museum Sjoel Elburg, dat we op aanraden van een paar bloggers die reageerden op mijn vorige post bezoeken, komen we meer te weten over de Joodse inwoners van Elburg en de Joden in Nederland door de eeuwen heen. Een enthousiaste medewerker vertelt ons uitgebreid over het gebouw waar van 1855 tot 1947 de synagoge in gevestigd was. We lopen er een uurtje rond, maar moeten dan weer verder. Er is echter nog zoveel te zien. Als we meer tijd hebben, komen we hier zeker nog eens terug.

Museum Sjoel Elburg

We maken onze ronde om Elburg af en gaan dan weer richting ‘t Harde. De zon brandt inmiddels een stuk feller en de schaduwrijke wegen zijn spaars. Over kleine onverharde paadjes en geasfalteerde plattelandswegen lopen we verder. De pet en zonnebrand zijn geen overbodige luxe. Vele weilanden zijn geel, een particuliere tuin nog frisgroen. Of zij alleen ‘s nachts sproeien met grondwater? Ik betwijfel het.

En dan staan we na een bosweggetje weer in de straat waar we de vorige etappe ook liepen. Toen kwamen we uit Nunspeet. Vaag staat ons nog iets bij over blaffende honden bij één van de huizen. Bij een huis met een hek eromheen komt het allemaal weer terug. Drie honden springen uit het niets luid blaffend tegen het hek op. Ik schrik me dood. Even denk ik dat ze eruit kunnen maar het hek blijkt dicht. Ja, dit was precies wat ons vorige keer ook overkwam. Gelukkig hoeven we hier niet nog een keer langs. Volgende keer verlaten we ‘t Harde en lopen we naar Wezep.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Ierland | Een Ierse B&B in Connemara

In juni 2018 doorkruisen wij de zuidelijke helft van Ierland. We zijn met onze eigen auto en tent en kamperen op kleine campings. Af en toe slapen we in een Bed & Breakfast. Met de auto en te voet genieten we van de schoonheid van het groene eiland. De komende tijd lees je hier een greep uit onze belevenissen.

Spiddal ligt in de streek Connemara aan de Ierse westkust

De luchten zijn grijs, de drizzling rain en bijbehorende mist geven het landschap een merkwaardige sfeer. Prachtig, mysterieus en echt Iers. Althans, Iers zoals ik me Ierland voorstelde, totdat ik een paar dagen geleden voet aan land zette van dit groene eiland. Dat er een hittegolf aankomt met on-Iers weer, weten we dan nog niet.

Drizzling rain en mist: echt Iers weer

Met weersvoorspellingen die de komende dagen niet veel beter worden, besluiten we om die nacht een Ierse Bed & Breakfast uit te proberen. We reserveren een kamer in een B&B met de klinkende naam An Caladh Gearr Thatch Cottage. De witte cottage met rieten dak ligt net buiten Spiddal, 25 km van Galway in de Connemara-regio en dus midden in Gaeltacht gebied. Eén van de paar regio’s in Ierland waar de voertaal nog Gaelic is. De Wild Atlantic Way, de 2500 km lange autoroute die langs de hele Ierse westkust loopt, gaat ook hier langs. Onderweg komen we regelmatig de bruine borden tegen met de witte zigzagstreep op een blauwe achtergrond.

De Wild Atlantic Way in Connemara

Die morgen zijn we vertrokken uit het groene Wicklow Mountains-gebied in het oosten van Ierland. Hier aan de westkust is de omgeving compleet anders. Vlak land strekt zich voor ons uit met hier en daar een heuveltje. En uiteraard de talrijke muurtjes. Grotere en kleinere stenen vormen op elkaar gestapeld afscheidingen van de stukken land. Tot nu toe zagen we voornamelijk heggetjes. Af en toe opduikende witte en gele huisjes maken het beeld af en vormen een mooi kleurcontrast met het groen-grijze landschap.

Het landschap in Connemara

Als ’s avonds de zon doorbreekt, rijden we langs de kust naar de havenplaats Rossaveal, waar de boot naar de Aran Islands vertrekt. Wat een leegte, wat een schoonheid. Zo compleet anders dan we tot nu toe gezien hebben. Hier komen we nog een keer terug, besluiten we als we een paar uur later weer richting ons overnachtingsadres rijden.

Muurtjes, waar je ook kijkt

Als we de voordeur opendoen, stappen we gelijk de gezamenlijke woonkamer in. De open haard brandt, geriefelijke fauteuils staan er in een halve cirkel omheen. De naastgelegen ontbijtkamer heeft één grote tafel waar de gasten gezamenlijk een Iers ontbijt kunnen gebruiken. De muren en kasten zijn, net als in de woonkamer, bedekt met talloze beeldjes, schilderijtjes en wat dies meer zij.

De volgende ochtend blijken alle drie de kamers van de B&B verhuurd te zijn en we ontbijten samen met een Duits en een Amerikaans stel, alle vier vijftigers. Het Duitse stel is op de fiets en vindt het knap dat we met de auto links rijden. Op de fiets vinden ze het al een hele toer. Ze vertellen enthousiaste verhalen over hun afgelopen fietsdagen, waardoor het bij ons als vakantiefietsers natuurlijk ook gaat kriebelen.

Het Amerikaanse stel had een bruiloft in Ierland van een familielid. Veel Ieren zijn tussen 1845 en 1850 naar de Verenigde Staten vertrokken tijdens de great famine. In die periode mislukten de aardappeloogsten en stierven vele mensen door honger en ziekte. Maar ook daarna zijn ze en masse de oceaan overgestoken, op zoek naar een beter leven. De Amerikaanse vrouw heeft nog goed contact met haar Ierse familie en komt over wanneer ze kan. Links rijden laat zij over aan haar man, veel te gevaarlijk op al die kleine weggetjes. Haar man haalt zijn schouders op. “No problem”, zegt hij met een diepe, kalme stem en weidt vervolgens uit over de bijzonder geologie van The Burren, het gebied waar wij die dag heen willen.

Ik heb het Ierse ontbijt met spek, worstjes, scrambled eggs, black pudding en baked tomatoes aan me voorbij laten gaan. Scones, een bakje yoghurt en een pot sterke thee voldeden prima. Mijn tafelgenoten die ochtend lieten het zich echter goed smaken. De vriendelijke gastvrouw zorgde ervoor dat we niet zonder eten kwamen te zitten en als we gewild hadden, hadden we genoeg voedsel voor de rest van de dag naar binnen kunnen werken, daar in die leuke authentieke cottage aan de Ierse westkust.

An Caladh Gearr Thatch Cottage net buiten Spiddal

Veel verhalen rijker en met een goed gevulde maag stappen we in de auto. Op weg naar andere onbekende Ierse streken. De drizzle rain valt nog steeds. Arme vakantiefietsers, denken we. En even zijn we blij dat we dit jaar voor een ander soort vakantie hebben gekozen.

Ode aan een straat

Soort gedicht: muurgedicht
Waar: Zwolle
Dichter: Trijntje Gosker

Als je van station Zwolle naar het centrum van de stad loopt, is de wijk Assendorp niet te missen. Oude huizen staan gebroederlijk aan weerszijden van smalle straatjes. Velen staan er al meer dan een eeuw. Van oorsprong was het een wijk voor (spoor)arbeiders, nu wonen alle bevolkingsgroepen er door elkaar. De bakfiets, het studentenbarrel en de rollator vinden naast elkaar een plekje op de stoep.

Er zijn een paar routes die vanaf het station naar het oude centrum van de Hanzestad leiden. Een ervan is door de Venestraat, een niet al te lange, typische Assendorper straat. Niets bijzonders, zou je zeggen. Trijntje Gosker dacht hier anders over. Zij schreef speciaal voor de Venestraat een gedicht, dat menig voorbijganger even om zich heen laat kijken.

Venestraat

De straat die recht is en toch golft
Die langs het spoor al 100 jaar
De doorgang is voor wie de stad bezoekt
En weer verlaat met kofferwieltjes
Of studentenpraat

Een straat van formaat die overgaat
In handige huisjes zonder lastige trappen
En rijen met bellen in het portaal
Een oude straat die denkt en speelt
Een straat met een verhaal

Trijntje Gosker

Trijntje Gosker is een Zwolse dichter en lid van het Zwols dichterscollectief. Van haar hand verschenen meerdere gedichten over de stad. Daarnaast is Gosker bedenker van de pictopoëzie. Dit is, zoals zij zelf schrijft, “een dichtvorm waarbij gebruik gemaakt wordt van het spanningsveld tussen woord en beeld”. Iets wat in het muurgedicht in Assendorp goed te zien is. De kunstenaars Marcin & Milou van Studio mmmade zijn verantwoordelijk voor de vormgeving. Tekst en vorm lopen hier heel mooi door elkaar en passen goed in het straatbeeld.

Voor de nieuwsgierige Zwolle-bezoeker: Je vindt het gedicht op de zijgevel van de oude verffabriek van Klinkert en Co.

Ik hou ervan, gedichten op onverwacht plekken. Poëzie, die soms letterlijk op straat ligt. Straatgedichten heten ze, ‘streetpoetry’ in het Engels. Instagram staat er vol mee. Ikzelf heb inmiddels ook een kleine fotoverzameling aangelegd. Kijk maar eens om je heen als je door een plaats of zelfs over een station loopt. Het zijn er meer dan je denkt en hun aantal groeit gestaag. In 2018 staat op deze blog elke maand een straatgedicht centraal (#EMES2018). De straatgedichten vind je hier. Welk straatgedicht is jou opgevallen?

Westerborkpad etappe 12: Nunspeet – ’t Harde

Route: Westerborkpad
Afstand: 12 km
Start: Station Nunspeet
Eind: Station ‘t Harde

Door de droogte beginnen de bomen al geel te kleuren

In verband met onze wandelvakantie in Ierland was het al weer een maand geleden dat we een etappe liepen van dit pad. Hoog tijd dus voor een ochtend Westerborkpad. Er staat een korte etappe op het programma die ons van Nunspeet naar ‘t Harde brengt. We beginnen op station Nunspeet waar we afgelopen etappes al meerdere malen stonden. Ditmaal was het (voorlopig) toch echt de laatste keer.

De route leidt ons Nunspeet in, richting winkelstraat. Het is 10 uur, en er zijn al veel mensen op de been op deze zonnige zaterdagochtend. Ik was al bijna de Stichting Muurgedichten Nunspeet vergeten (lees hier mijn blogpost over een bijzonder straatgedicht in Hulshorst), maar het liefdesgedicht van K. Schippers op een gevel herinnert aan de vele straatgedichten die in Nunspeet en omgeving te vinden zijn.

K. Schippers in Nunspeet, één van de vele gedichten in de gemeente

De huizen langs de route zijn authentiek zoals het oude gemeentehuis met monument ter ere van het 100-jarige bestaan van het regiment dat in april 1945 Nunspeet bevrijdde: Lord Strathcona’s Horse (Royal Canadians).

Het monument dat herinnert aan de bevrijding van Nunspeet in april 1945

Af en toe is zo’n oud huis met naambord niet direct wat je verwacht. Zoals onderstaand bedrijf waarbij de uitstraling van het bordje een oude ambacht doet vermoeden, terwijl het om iets veel moderners gaat.

Een modern ambacht …

De route gaat verder door een park waar we langs een monument komen voor de gefusilleerde en gesneuvelde Nunspeters. Hierna gaat het al snel het bos in over een lange laan met grote huizen. Als we bij een nieuwe rotonde komen – zo te zien gesponsord door Stella Fietsen – zeggen het boekje, de GPS-route en de stickers elk wat anders. We besluiten de stickers te volgen en lopen via een nieuw fietspad het bos weer in

Gesponsorde rotonde

Langs het bungalowpark De Witte Wieven volgen we een lange weg door het bos waar we samen oplopen met het Zuiderzeepad. Als onze wegen scheiden, zien wij een prachtige zandvlakte voor ons liggen: De Haere. Er is geen mens te zien. Zoveel mogelijk het mulle zand vermijdend, lopen we langs de rand van de zandverstuiving verder.

De Haere ligt er prachtig bij

De stickers van de route zijn hier schaars en we zijn blij dat we op de GPS kunnen lopen. Als we op een kruising van paadjes stilstaan, komen we een wandelaar tegen met een klein hondje. Ze wijst ons op de verschillende rondwandelingen die hier lopen en vraagt waar we heen moeten. Het Westerborkpad kent ze niet en het spijt haar dat ze ons niet kan helpen. “Maar”, zegt ze, “jullie zien eruit alsof jullie het vaker gedaan hebben, dus dat komt vast goed”. Ik denk dat onze bergschoenen, rugzak, routeboekje, pet en wat dies meer zij, ons verraden hebben!

De Haere

We laten De Haere achter ons en in het bos dat volgt, zien we aan de bomen briefjes met nummers voor levend ganzenbord hangen. Even verderop rent een hele schare kinderen vrolijk rond. Zij horen vast bij het Clubkamp (er is geen naam vermeld) dat straks een levend bordspel gaat spelen. We komen nog een paar nummers tegen en slaan dan af.

Levend ganzenbord

Je ziet hier goed dat het een tijd niet geregend heeft. De bomen beginnen geel te worden, hoewel het pas begin juli is. Naast het waterleidinggebouw van Vitens, dat hier opeens midden in het bos staat, ligt een prachtig meertje, inclusief bankje. De prikkeldraadafrastering denken we even weg. Hier eten we een broodje, terwijl we uitkijken op de waterlelies in het glinsterende water.

Ons lunchplekje

Daarna is het niet ver meer en lopen we recht op ‘t Harde aan. Volgende keer de rondwandeling naar Elburg, ik ben erg benieuwd!

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.