Knapzakroute Linde – Zuidwolde

Route: Knapzakroute Linde – Zuidwolde K33
Afstand: 18 km (ook in 2 afzonderlijke lussen te lopen)
Start: Parkeerplaats Reestkerk, Oud Avereest 5 Oud Avereest
Eind: Parkeerplaats Reestkerk, Oud Avereest 5 Oud Avereest

Zoals Gelderland en Utrecht de Klompenpaden hebben, heeft Drenthe de Knapzakroutes. Dit zijn niet-gemarkeerde lokale rondwandelingen van gemiddeld 15 kilometer lang in heel Drenthe die vaak door minimaal één dorp komen. De eerste route stamt al uit 1984 en sindsdien zijn er heel wat gemaakt. Op dit moment zijn er zo’n 65 actueel. De routebeschrijvingen en uitgebreide cultuurhistorische informatie vind je in de gidsjes van de routes. Sinds het voorjaar 2020 zijn verscheidende routes ook digitaal te downloaden op knapzakroutes.nl.

Elzenkatjes in natuurgebied Takkenhoogte

Op een zonnige vrijdagochtend in de voorjaarsvakantie parkeer ik om 8 uur mijn auto bij de Reestkerk in Oud Avereest. Er staat welgeteld één andere auto. Het plan is om voor het middaguur (lees: de drukte) de 18 kilometer lange knapzakroute Linde – Zuidwolde te hebben gelopen. Officieel is het beginpunt in Zuidwolde, maar Oud Avereest is wat dichterbij, het ligt aan de route én het is bekend terrein. Vanaf dit punt liep ik vorig jaar juli de prachtige Trage Tocht Oud Avereest bij grijs en miezerig weer.

Kerk van Oud Avereest

Ik pik de route op bij nummer 10 op de kaart. Naast de geprinte routebeschrijving heb ik ook het GPX-bestand op mijn telefoon. Dat raad ik iedereen aan. Op papier kwam ik er niet overal uit. Het eerste stuk van de route is gelijk aan de Trage Tocht. Na de begraafplaats bevind je je midden in de prachtige natuur van het Reestdal. Het sterk meanderende riviertje de Reest vormt de grens tussen Overijssel en Drenthe. Het landschap waar het doorheen stroomt is eeuwenoud cultuurlandschap dat door het welhaast ontbreken van menselijk ingrijpen is behouden. Ik steek de Reest over met de lage zon pal tegen en loop helemaal alleen over het graspad. In de verte hoor ik de klepperende ooievaars op hun nest.

Bruggetje over de Reest

Na boerderij De Wildenberg kom ik op een uitgestrekt heideveld uit. Er grazen schapen en om me heen is het een kakofonie aan vogelgeluiden. Ik zie een groenling langs vliegen en hoor een specht. Er is geen mens te bekennen. Dat is het fijne aan vroeg beginnen, je hebt de natuur voor jezelf.

De heide helemaal voor mezelf

Ik kom in het gebied Takkenhoogte, genoemd naar de familie Takke die vanaf de 17e eeuw vele generaties op De Wildenberg heeft gewoond. Net als in juli beklim ik de kijkheuvel, die nu een heel ander uitzicht biedt dan toen. Toen (afbeelding links) stonden de bomen vol in blad met erboven grijze luchten. Nu (afbeelding rechts) zijn de kale bomen veel minder prominent aanwezig, lijkt de natuur een stuk natter en zijn de luchten veel blauwer.

Langs het water bij een stuw en door het bos aan het Nolderveld, waar een eekhoorn langs spurt, geniet ik van de stilte, de vogels en de zon. Dit keer heb ik wel aan de zonnebril gedacht. Er volgt een lang stuk over verharde wegen. Ik loop de Meeuwenweg af en vervolgens een fietspad. Bij de Nolderweg vlakbij een paadje langs en door een bos dat mij naar Zuidwolde brengt, zit ik op de helft van mijn route en strijk neer op een bankje voor koffie. Ik kijk uit over de velden, groet een hardloopster en een enthousiaste fietsster.

Na de koffie pak ik het paadje langs de bosrand dat op een gegeven moment over gaat in een Kabouterpad. Vrolijk beschilderde kabouters van hout lachen me toe. Op verschillende borden staan opdrachten voor de ‘kabouters’ die dit pad lopen. Kinderen kunnen hier een hoop lol hebben, denk ik! Het kabouterpad grenst aan een bungalowpark. Ik kan me voorstellen dat het vanmiddag hier wel eens druk kan zijn.

Kabouterpad

Voor het bungalowpark wijst een bord de wandelaar op Kamp Linde. In 1942 werden Joodse mannen naar dit werkverschaffingskamp gebracht die het zware ontginningswerk van de werkloze veenarbeiders moesten overnemen. Nog in datzelfde jaar werden zij naar Westerbork overgebracht, De rest van de oorlog diende dit kamp als opvangcentrum voor mensen uit de Randstad die uit hun huizen moesten vanwege de Atlantikwall. Er rest nu nog één barak van dit kamp.

Door de Zuidwolder esbosjes nader ik Zuidwolde. De route gaat de plaats in naar het officiële startpunt. Dit is een heen-en-weertje, dus ik besluit dat stukje over te slaan. Ik steek de doorgaande Ommerweg over en neem aan de overkant de Hooiweg, een onverhard pad dat langs de achterkant van het bungalowpark van net loopt. Over deze weg brachten boeren eeuwenlang het hooi van de Reestlanden naar huis.

De Hooiweg

Hierna voert de route me langs de Reestvervangende leiding. Deze vaart voert sinds 1971 overtollig Reestwater af en voorkomt daarmee wateroverlast. In de jaren 60 gingen stemmen op om de Reest zelf te normaliseren, maar het feit dat de rivier de grens vormt tussen twee provincies bemoeilijkte dit. Want wie betaalt het? Door de Reestvervangende leiding is de loop van de Reest behouden gebleven.

De route langs de leiding is een smal paadje met aan de ene kant water en de andere kant schrikdraad. Ik ben blij dat ik niemand tegenkom. Passeren is vrijwel onmogelijk, laat staan met anderhalve meter afstand. De route verlaat halverwege de leiding om een lusje door een productiebos te maken, waar men volop aan het zagen is. Hierna volg ik weer het water.

Reestvervangende leiding met een smal wandelpad

Bij het Rabbingerveld staat het water hoog. De paden zijn goed begaanbaar maar de graslanden staan onder water. Hier is een nieuw natuurgebied ingericht dat zich waarschijnlijk gaat ontwikkelen tot heidegebied. Nu vind je er veel zonnedauw en moeraswolfsklauw. Het ligt er mooi bij.

Rabbingerveld

Het laatste deel van de route brengt me over de Holtberg (eerder een klein heuveltje) naar de Reest. Ik blijk opeens op een kerkenpad te lopen. Sinds de middeleeuwen gingen boeren in het Reestdal aan de overkant van de Reest, in Overijssel, naar de kerk. Op deze plek gingen ze naar de kerk van Oud Avereest. Ik steek net als de boeren van toen het riviertje over en bewonder de weerspiegeling van de wolken in de Reest.

De Reest vanaf het kerkenpad

Niet veel later sta ik weer voor de kerk van Oud Avereest. De parkeerplaats is een stuk voller. Op het laatste deel van het pad was het ook aanmerkelijk drukker. Het was een goede zet om vroeg te beginnen. Ik kijk terug op wederom een prachtige wandeling in het Reestdal.

Benieuwd naar de andere knapzakroutes die ik gelopen heb? Je vindt ze hier.

Sponsored Post Learn from the experts: Create a successful blog with our brand new courseThe WordPress.com Blog

WordPress.com is excited to announce our newest offering: a course just for beginning bloggers where you’ll learn everything you need to know about blogging from the most trusted experts in the industry. We have helped millions of blogs get up and running, we know what works, and we want you to to know everything we know. This course provides all the fundamental skills and inspiration you need to get your blog started, an interactive community forum, and content updated annually.

Pieterpad etappe 12: Holten – Laren

Route: Pieterpad
Afstand: 17 km (inclusief 2 km over het Dikke Boompad)
Start: Station Holten
Eind: Dorpsstraat Laren

Pieterpad, het pad der paden. Of in ieder geval het eerste langeafstandspad in Nederland. Het loopt van Pieterburen naar de Sint Pietersberg en spreekt tot de verbeelding. Vele mensen lopen het en doen er soms jaren over om het uit te lopen. Een vriendin van mij liep het pad in 2018 in anderhalve maand, vrijwel achter elkaar. Ik liep toen twee etappes met haar mee. Hoog tijd voor de rest.

Een week geleden was Nederland bedekt onder een dikke laag sneeuw en zakten de temperaturen ver onder het vriespunt. Vandaag tikt de thermometer de 16 graden aan. Boven nul, wel te verstaan. Overal steken sneeuwklokjes en krokussen hun kopjes boven de grond uit. We wanen ons in de lente, niet in de laatste plaats door de uitbundig schijnende zon. Kortom, een ideaal Pieterpaddagje. Samen met veel andere wandelaars besluiten we deze zaterdag in Holten te starten met alweer de twaalfde etappe van het pad der paden.

Nadat we de auto in Laren achter hebben gelaten, richting Holten zijn gefietst, vervolgens weer terug naar Laren voor een vergeten telefoon en daarna toch echt station Holten bereiken, vangen we de etappe aan. Het gedownloade GPX-bestand van Wandelnet blijkt al na een paar honderd meter anders dan de markering. Door schade en schande wijs geworden volgen we de markering en die brengt ons op een smal pad, vermomd als oprit, tussen een huis en een schuur door. Het blijkt een onverwacht prachtig paadje dat het dorp uit leidt.

Uitzicht op Holten en het paadje vanaf ons bankje

Het eerste bankje dat we tegenkomen heeft een mooi uitzicht op Holten, het onverwachte paadje en de pieterpadders die na ons over het paadje aan komen lopen. Na de onbedoeld lange fietstocht lonkt de koffie. We strijken neer op het bankje. Met een beker koffie in onze hand groeten we de langslopende wandelaars. Na de koffie volgen we ze over de holle weg waar de sneeuwresten nog herinneren aan afgelopen weekend.

Herinneringen aan vorig weekend

Bij het buurtschap Beuseberg, gelegen op de uitlopers van de Overijsselse stuwwallen, vinden we een grote steen met wijze woorden over ‘onzen mooi’n Beusebarg’. We volgen de Beusebergerweg tot over de A1 en passeren intussen meerdere wandelaars op bankjes die ons bij Holten enthousiast groetten. Ook voor hen is de koffietijd aangebroken.

Wijze woorden in Beuseberg

Bij de Schipbeek – een oude bekende, tijdens het Salland Pad liepen we bij Bathmen langs deze 19e-eeuwse verbinding tussen Deventer en de Achterhoek en Twente – hebben we een prachtig zicht op de brede beek met de dubbele rij beuken aan weerszijden. Na de Schipbeek wijkt de route in het boekje af van de markering in het veld. Een pad over een erf is niet meer toegankelijk, waardoor we een andere route volgen.

Schipbeek

Als we de Bolksbeek overgaan, verlaten we Overijssel en bevinden ons in Gelderland. De vierde provincie op dit pad tot nu toe. We komen uit op de Vellerweg, een authentieke boerenweg in een gebied dat rond 1930 is ontgonnen. Dit zie je nu nog aan de boerderijen die van hetzelfde type zijn en af en toe het jaartal 1931 op hun gevel hebben staan.

Vellerweg

Vlak voor Landgoed Verwolde vinden we een leeg bankje aan de Dortherbeek om een broodje te eten. In de familie-app komen foto’s binnen van een eerste lunch buiten. Dat geldt ook voor ons, heerlijk in het zonnetje en zonder jas! Het landgoed was oorspronkelijk een belangrijke vesting van Gelre, vlakbij Oversticht (Overijssel) en wordt al in de 14e eeuw genoemd. Het huidige landhuis stamt uit 1776. Op het landgoed zijn meerdere boerderijen te vinden, waaronder Groot Dengerink met luiken in de kleuren van het landgoed.

Landhuis Verwolde
Boerderij Groot Dengerink

Vlakbij het landhuis begint het Dikke Boompad. Het pad leidt de wandelaar via een slinger naar de dikste eik van Nederland. Hoewel het geen onderdeel is van deze etappe, kunnen we deze uitzonderlijke boom niet links laten liggen. Een jaar geleden zagen we de dikste fladderiep van Nederland tijdens het Graafschapspad, deze dikke eik is een mooie toevoeging aan de verzameling. We volgen de gele bordjes ‘Dikke Boom’ en de spanning wordt opgevoerd. Eerst is er de boom van Oom Frits – zowel de man als de boom zijn al lang geleden overleden – , daarna een in 2000 geplante eik ter gelegenheid van de opening van het Dikke Boompad. Tenslotte is daar de Dikke Boom.

De Dikke Boom, oftewel de dikste eik van Nederland

De boom is waarschijnlijk de dikste eik van Nederland. Hij is ongeveer 25 meter hoog en heeft een stamomvang van 7,60 meter. Naar schatting moet de boom rond 1500 zijn geplant. Als we er aankomen is het er rustig. Twee dames zitten op het bankje naast de boom. Ik maak wat foto’s en een minuut later staan er tien mensen om ons heen. De boom maakt zijn naam als trekpleister waar. Wij houden het voor gezien en lopen via het Dikke Boompad weer terug naar de route.

Hoewel de paden op deze etappe nauwelijks modderig te noemen zijn, staan veel bomen op Landgoed Verwolde met hun voeten in het water. Ook staat het water in de vaarten hoog en zijn enkele weilanden onder een laag water verdwenen. Het levert mooie plaatjes op.

Vanaf landgoed Verwolde is Laren niet ver meer. Een onverhard bosweggetje brengt ons via een oorspronkelijk 18e-eeuwse pastorie met de naam ‘De Binnenhof’ terug naar Laren. De Wereldbakker aldaar biedt coffee-to-go aan met lekkers. Dat laten we ons geen twee keer zeggen. Met een beker cappuccino in de hand lees ik over wereldbakker Wijnand: “Hij ging de wereld over om bij ambachtelijke bakkers in de leer te gaan en kwam thuis met een grote verzameling authentieke bakrecepturen.” Mijn appelnotentaartje smaakt nu nog lekkerder. Een smakelijke afsluiting van een mooie etappe.

Benieuwd naar de andere gelopen etappes van het Pieterpad? Hier vind je de etappes tot nu toe.

Trage Tocht Heino landgoederen: in de sneeuw

Route: Trage Tocht Heino landgoederen: Landgoederen Velner, ’t Nijenhuis en ’t Rozendael
Afstand: 12 km
Start: Station Heino
Eind: Station Heino

Op de laatste dag dat de temperaturen ’s nachts ver onder het vriespunt zakken, Nederland massaal de ijzers onder bindt én er vrijwel overal sneeuw ligt, rijd ik al vroeg naar station Heino voor een sneeuwwandeling over drie landgoederen in de buurt van de Overijsselse plaats. Tijdens de wandeling kom ik bekende maar ook onbekende paden tegen. O.a. met het Salland Pad liep ik een aantal paden eerder. De wereld zag er toen een stuk groener uit.

De grotere wegen zijn sneeuwvrij, maar de rest is nog bedekt door een witte laag. Vanaf het station dat buiten Heino ligt, volg ik de groen-blauwe markering van het Salland Pad en loop over kleine paadjes een bosgebiedje in. Ik kom een enkele hondenuitlater tegen en een wandelaar met stokken die er flink het tempo in heeft. Ik loop langs het Go Challenge Outdoorpark (dat ook hoopt op betere tijden) en een dierenpark waar de herten en kippen mij aandachtig opnemen. Ik zie ze denken: “Zou ze eten hebben?”.

De herten hebben me in het vizier

Het zonnetje schijnt uitbundig. Over de Hondenmotsweg loop ik na een tijdje langs de Hondenmotswetering. Er is weinig ijs te bekennen ondanks de lage temperaturen afgelopen nachten. Ik kom langs Ekoboerderij Overesch. Bezoekers kunnen er terecht voor de boerderijwinkel, een belevingspad, de skybox boven de varkensstal en koffie. Ook is er een bezoekersruimte waar je meer informatie kunt krijgen over hun visie op ecologische landbouw. Op deze zondagochtend is de Overesch echter gesloten.

Weinig ijs

Als de verharde weg overgaat in een onverhard fietspad strekt zich naast mij een witte vlakte uit. Rijen imposante beuken flankeren het pad verderop. Ik sla af op de Stobbenbroekerweg en groet twee hardlopers die hun best doen om niet uit te glijden op de door autobanden spekglad geworden sneeuw.

Onverhard gedeelte van de Hondenmotsweg

Over het huidige Landgoed Windesheim loop ik via een door de zon mooi uitgelichte beukenlaan naar de Velner-allee. Ooit was dit landgoed De Velner. Op de plek waar nu een boerderij staat, stond tot 1838 havezate de Velner. Waarschijnlijk al sinds de 14e eeuw. Op de kaart zie je de blauwe lijntjes van een slotgracht. Rond de boerderij kan ik geen water ontdekken.

Via een beukenlaan loopt ik naar de Velner-allee

Langs meerdere boerderijen loop ik over de Velnerweg door open land en over de Assendorperdijk naar het volgende landgoed: Landgoed ’t Nijenhuis. Op dit landgoed staat Kasteel ’t Nijenhuis, tegenwoordig een museum dat onderdeel uitmaakt van Museum De Fundatie in Zwolle. Ik ben hier regelmatig geweest. Het museum met beeldentuin is zeer de moeite waard. Ook kun je tijdens je bezoek een wandelingetje maken over het landgoed. Ik hoop dat het museum snel weer open kan.

Velnerweg

De Trage Tocht maakt een lus over het landgoed. Via een draaideur in een hek kun je het gebied in komen. Deze draaideur is gemaakt voor dunne mensen zonder rugzak, weet ik van eerdere bezoeken. En dus maak ik mijn rugzak alvast los. Er is echter geen beweging te krijgen in het draaimechanisme. Gelukkig ligt er op het slootje naast het hek ijs en kan ik op die manier langs het (ook aan de zijkant) puntige hek komen.

Het hek met de niet werkende draaideur en rechts het reddende ijs

Ik zie het kasteel van meerdere kanten als ik me door de sneeuw een weg baan. Op een vijver aan de achterkant zijn schaatssporen zichtbaar. Nu is er nog niemand, maar ik kan me voorstellen dat dit nog wel gaat veranderen vandaag. Een koperwiek hipt voor me uit en lijkt zich niet aan me te storen. Eten zoeken heeft een hogere prioriteit.

Kasteel ’t Nijenhuis

Kasteel ’t Nijenhuis en station Heino liggen niet ver van elkaar, maar de route maakt nog een lus langs een derde landgoed. Over onverharde bosweggetjes die ik nog ken van het Salland Pad en een verharde sneeuwvrije weg kom ik langs landhuis ’t Rozendael. Al in de 14e eeuw wordt de naam vermeld. ’t Rozendael ontwikkelde zich door de eeuwen heen van gewoon boerenerf tot een buitenplaats. In de 20e eeuw wordt de familie Van Ittersum eigenaar en brengt het in 1939 onder in een stichting. In het weiland voor het witte landhuis staat een rood-witte duiventil, de kleuren van het wapen van de familie Van Ittersum. Ook de luiken van de boerderijen op het landgoed hebben deze kleuren.

’t Rozendael met duiventil

Via de onverharde Centsweg kom ik weer bij het station uit. Mijn wandeling is voorbij, de ochtend nog niet. Hoewel ik de omgeving van Heino goed ken, zag ik het nog niet eerder in de sneeuw. Het landschap ziet er compleet anders uit. Ik sluit niet uit dat ik deze wandeling nog een keer loop, in een groener jaargetijde. De tocht is zeker de moeite waard.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Groene Wissel Den Ham: op een winterdag

Route: Groene Wissel Den Ham: De Zandstuve en Linderbeek
Afstand: 17 km
Start: Parkeerplaats Goosensplein Den Ham
Eind: Parkeerplaats Goosensplein Den Ham

Het belooft een echte winterse dag te worden: zon, blauwe luchten en een paar graden onder nul. Ideaal wandelweer dus. We besluiten weer eens een Groene Wissel te wandelen en komen uit op Den Ham, een brinkdorp in Twente. Mijn schoonmoeder noemt het ‘het goddeloze Den Ham’ als ze later hoort dat we hier gewandeld hebben. Deze uitdrukking blijkt terug te voeren naar 1500 als veel reizigers op doorreis naar Duitsland in de herbergen van de plaats de nodige drank naar binnen gieten. Een hardnekkige bijnaam, 500 jaar later blijkt dit nog steeds het eerste te zijn waar mensen (of in ieder geval mijn schoonmoeder) aan denken als ze de plaatsnaam horen.

In Den Ham

We parkeren voor negenen de auto op het grote parkeerterrein midden in Den Ham waar welgeteld twee andere auto’s staan en gaan op weg naar de rand van het dorp. We komen meerdere warme bakkers en speciaalbier-cafés tegen. Ook valt de weg door het dorp op. Aan weerszijden liggen rode fietsstroken. Het zwarte asfalt dat in het midden overblijft, is smaller dan de gemiddelde auto. Ik had dit nog niet eerder gezien. Wel ken ik de helemaal rode asfaltwegen, de zogenaamde fietsstraten.

Mageler Es

Als de route het dorp uit loopt wacht ons een prachtig uitzicht over de Mageler Es, een gebied met eeuwenoude akkerlanden. Glooiende berijpte weiden zover het oog strekt, een klinkerpaadje naar de einder waar de lichtblauwe lucht in een zacht oranje eindigt. Aan de horizon een groepje bomen dat een Joodse begraafplaats blijkt de omringen. Op de begraafplaats zijn geen grafstenen meer. Wel staat er een gedicht dat hoort bij de Hammer bezinningswandeling. Het blijkt één van twaalf plaquettes te zijn met een gedicht of lied over bezinning, geloof of natuur.

Joodse begraafplaats op de Mageler Es

We lopen verder over onverharde wegen die modderig lijken maar door de vorst hard bevroren zijn. Ook de plassen die regelmatig de hele weg beslaan zijn overdekt met een dun laagje ijs. Een paar dagen geleden was deze wandeling zonder hoge waterdichte wandelschoenen ongetwijfeld nog een flinke uitdaging geweest.

Het wandelpad, gelukkig vriest het

Langs een van de wegen zien we een pad naar een huis vol beelden. Langs de weg even verderop staat een beeld van een meisje met wapperende haren. Hier blijkt kunstenaar Peter Weenink te wonen. De beelden zijn van zijn hand. Voor de geïnteresseerde is Peter’s Paradijs ook toegankelijk voor gasten.

Beeld van kunstenaar Peter Weenink

De wandeling duikt de Zandstuve in, een bosgebied tussen Den Ham en Vroomshoop. Tot eind 19e eeuw was hier voornamelijk veen en zand(verstuiving) te vinden, vandaar de naam Zandstuve. Doordat er minder gegraasd en geplagd werd, vormde zich hier een bos. We lopen over kleine bospaadjes en komen langs een zwembad en zelfs een ijsbaan met een eiland in het midden. Als het nog even doorvriest kun je op deze beschutte plek waarschijnlijk snel de ijzers onderbinden.

Een ijsbaan in het bos

We drinken onze koffie op een bevroren bankje. Een zonnestraal valt door de takken en geeft de beschaduwde witte wereld wat kleur. Dit bos blijkt een geliefd wandel-, hardloop- en hondenuitlaatgebied. Ook klootschieters voelen zich hier thuis. Vier oudere mannen gooien de met lood verzwaarde ballen zo ver mogelijk over het pad. Ze gaan netjes voor ons opzij en vertellen enthousiast over hun sport.

Koffiedrinkbankje

Op de Zandstuve kun je goed klootschieten

De omgeving van Den Ham lijkt ook toeristen aan te trekken. We komen langs meerdere bungalowparken, een groepsaccommodatie in Amerikaanse blokhutstijl en lopen zelfs over een camping. De boerderijcamping ligt direct aan de Linderbeek. Je kunt vanaf je kampeerplek zo je hengel uitwerpen of je kano te water laten. Iets om te onthouden voor een kanoweekend.

Rechts bij de gebouwen de camping aan de Linderbeek

De route volgt de Linderbeek over een breed schouwpad. Er staat nauwelijks wind en het wateroppervlak is zo glad als een spiegel. We zien zwanen, maar ook een grutto en een ijsvogel over het water scheren. In het bos spotten we al een goudhaantje, staartmezen en een grote bonte specht. Een mooie vogelspotopbrengst vandaag, jammer dat we dit gebied niet tot onze achtertuin kunnen rekenen (dit weekend vindt de tuinvogeltelling plaats)!

Linderbeek

Als we de Linderbeek verlaten is Den Ham niet ver meer. Via een kerk waar de zonnepanelen in kruisvorm op het dak liggen (creatief!), lopen we het nog steeds rustige dorp weer in. Op de parkeerplaats is er één auto bij gekomen. We kijken terug op een schitterende wandeling. De afwisseling van glooiende eeuwenoude akkers, het bosgebied en de beek zorgden vandaag samen met de stralende winterzon voor mooie plaatjes.

Benieuwd naar de andere Groene Wissels die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Straatgedicht | Terug naar Oranjewoud

Soort gedicht: Steengedicht
Dichter: Baukje Wytsma
Plaats: Oranjewoud

Toen
Op een stralende voorjaarsdag vorig jaar spraken een collega en ik af voor een korte wandeling. We werkten al enkele maanden thuis en hadden sterk de behoefte om elkaar weer eens in levende lijve te zien. Op zo’n schermpje bestaan collega’s immers enkel uit een hoofd en schouders (en een hand als je geluk hebt).

Op Landgoed Oranjewoud bij Heerenveen maakten we omstreeks lunchtijd een rondje, genoten van de zonnestralen en de bloeiende planten om ons heen. En passant pikten we nog enkele gedichten mee uit het Poëzijpaad Oranjewâld dat de wandelaar gedurende 10 kilometer vergast op allerhande gedichten, voornamelijk in het Fries. Helemaal vol energie door de zon, de bloeiende natuur en de gesprekken in levende lijve stapten we in onze auto’s en keerden terug naar onze laptops.

Nu
We zijn acht maanden verder. In de Poëzieweek 2021 is het grijs, regenachtig en koud. We werken nog steeds thuis. De positiviteit van dat zonnige voorjaar is steeds lastiger op te roepen. Hoe lang gaat deze situatie nog duren, wanneer breekt nou eindelijk dat voorjaar eens aan? Op social media en blogs zie ik veel gedichten voorbijkomen. De variatie kan niet groter zijn. Welk gedicht zou ik de wereld in willen sturen?

Ik denk terug aan die wandeling. Het lijkt zo lang geleden. Ik klik de foto van het gedicht van Baukje Wytsma open, dat we toen in de Overtuin tegenkwamen. In de felle zon lichten de witte letters op. De schaduw van mijn hand met telefoon vangt een deel van de strofen van het sonnet in een slordige rechthoek.

De Friese woorden brengen mij terug naar dat moment, wekken een gevoel op van een lang vervlogen tijd. Het helpt. Poëzie helpt. Dit is het gedicht dat ik de wereld in stuur.

Wat doet het gedicht met jou?

De dichter en de plek
Baukje Wytsma (1946) schrijft veel, voornamelijk in het Fries. Zo heeft ze negen dichtbundels, vele kinderboeken, toneel, liedteksten, musicals en cabaret op haar naam staan. Op de site frieseliteratuur.nl wordt zij de Friese Rutger Kopland genoemd.
Over delen van het Poëzijpaad Oranjewâld liep ik al eerder met de prachtige Trage Tocht Oranjewoud.

Benieuwd naar de andere straatgedichten die ik afgelopen jaren tegenkwam? Hier vind je een overzicht.

Holhorsterpad: een pad vol tegenstellingen

Route: Klompenpad Holhorsterpad
Afstand: 11 km
Start: Dorpshuis, Beemterweg 25A, Beemte Broekland
Eind: Dorpshuis, Beemterweg 25A, Beemte Broekland

Hoewel de weersvoorspellingen niet geweldig zijn, willen we er deze ochtend toch even uit. Het wordt het korte Klompenpad Holhosterpad. De reacties in het gastenboek op de Klompenpadensite zijn voor dit pad wisselend. De ene wandelaar vindt (het geluid van) de snelweg een afknapper, de ander prijst juist de routemakers die de leuke kleine paadjes door de natuurgebieden hebben gezocht. Het maakt me nieuwsgierig.

Het is net licht en miezerig weer als we de auto bij het dorpshuis in Beemte parkeren. Dit dorp van 300 inwoners ligt net boven Apeldoorn en behoort tot de kern Beemte Broekland. In 2018 is het nog tot mooiste plaats van Gelderland verkozen. Met dit donkere, grijze weer kunnen we ons daar nu weinig bij voorstellen.

Mooiste plaats van Gelderland

We verlaten het dorp en komen al snel tussen het Apeldoorns Kanaal en de Grift te lopen. Deze laatste is een in de 14e eeuw gegraven vaart van Apeldoorn naar Heerde. Het voert het water van de beken en sprengen af waar ooit veel papiermolens langs stonden (op het niet ver hier vandaan gelegen Horsthoekerpad bij Heerde loop je zelfs nog langs zo’n voormalige papiermolen). In de Grift komt de Papagaaibeek uit. Ook loopt er een Papagaaiweg. Beide namen voeren terug naar Hoeve de Papagaai. De oorspronkelijke boerderij uit 1700 staat er niet meer, maar een herbouwde versie draagt dezelfde naam en staat er nu nog steeds.

Leuke bruggetjes

Over een mooi ambachtelijk ogend bruggetje steken we het water over en lopen over kleine weggetjes naar een Apeldoorns industrieterrein. Vlak voor een grote weg hebben we twee mogelijkheden, een voor natte en een voor droge tijden. Hoewel deze ochtend geenszins droog te noemen is, nemen we toch het droge tijden-paadje. Door de modder lopen we door een brede houtwal en zien puttertjes, winterkoninkjes en een goudvink. Ons schoeisel is gelukkig modderproof.

Na een drukke weg overgestoken te hebben, lopen we over een klein paadje langs het industrieterrein. Het Apeldoorns Kanaal ligt aan onze linkerhand. We nemen wat afslagen, komen nog meer bedrijven tegen en lijken dan weer de stad uit te lopen. Aan het wolvenbos zien we een aantal onverwachte boerderijen. De geluidswal denken we even weg, evenals het geluid van de Oost-Veluweweg en een hoog kantoorgebouw dat we ettelijke kilometers blijven zien. Het is een vreemde gewaarwording, deze plattelandsbeleving midden in de bedrijvigheid. Ik vraag me af hoe de bewoners het hier vinden.

Tegenstelling platteland en stad

We lopen door een jong bosje met veel water. Dit stukje natuur heeft de gemeente Apeldoorn ontwikkeld als compensatie voor de uitbreiding van het bedrijventerrein vlakbij. Drassige weilanden volgen en we komen op de Holhorsterweg uit. Holhorst is een oud gebied in Beemte Broekland (en de naamgever van het Klompenpad). Een horst duidde een met bomen begroeide hoogte in een laag gebied aan. Aan de Holhorsterweg stonden ooit twee boerderijen met de naam Holhorst, waarvan er nu nog één terug te vinden is.

Nieuwe, enigszins drassige natuur

We gaan onder de Oost-Veluweweg door via een tunnel vol mooie street art. 15 street art en graffiti kunstenaars hielden in augustus 2020 een zogenaamde jam met het thema natuur. Dat zie je goed terug op deze Laan van Zodiak. Mijn eerste Klompenpad met street art!

Street art Laan van Zodiak

We kruisen de A50 en komen in de Weteringse Broek uit, een agrarisch natuurontwikkelingsproject waar veel knobbelzwanen voorkomen. Wandelaars waarschuwden op de Klompenpadensite voor modder op dit pad. Ze hebben niks teveel gezegd. In dit natte gebied met akkers, graslanden en water van het Apeldoorns Kanaal, de Grift en de weteringen ploegen we door de modder en is het pad af en toe verdwenen onder een laag water. Laarzen of hoge waterdichte wandelschoenen zijn aan te bevelen in deze natte jaargetijden.

Weteringse Broek

Nadat we wederom de A50 kruisen is het niet ver meer naar het startpunt in Beemte. We concluderen dat dit niet één van de mooiste Klompenpaden is, maar wel een bijzondere. De tegenstelling tussen natuur en snelweg, kleine paadjes en industrieterrein is enorm. Op de achtergrond is tijdens een groot deel van de wandeling het continue gezoem van grote wegen aanwezig. Dit is ook Nederland. Complimenten aan de routemakers dat ze in deze stedelijke omgeving toch nog de natuur en de leuke paadjes hebben weten te vinden.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Pionierspad etappe 2: Giethoorn – Vollenhove

Route: Pionierspad
Afstand: 16 km
Start: Parkeerplaats Eendrachtsplein Giethoorn
Eind: Parkeerplaats Aan Zee Vollenhove

Pionierspad etappe 2 Wandelnet.nl

In 2019 is het Pionierspad van Steenwijk naar Muiden vernieuwd. De Lange Afstandswandeling van 217 kilometer volgt het spoor van de pioniers in de polder. Je loopt dwars door Flevoland over de voormalige zeebodem. De LAW gaat door polderlandschappen en (nieuwe) natuurgebieden. Het Pionierspad vormt samen met het Friese Woudenpad en het Floris V-pad, het Diagonaalpad. De naam zegt het al, het pad loopt diagonaal door Nederland van de noordoosthoek naar het zuidwesten. Er is op dit moment geen wandelboekje van deze (vernieuwde) route verkrijgbaar. Op wandelnet.nl vind je wandelkaarten en de GPX-bestanden.

Veel ganzen en weilanden

Het belooft een mooie dag te worden als we de auto parkeren Aan Zee in Vollenhove. Tot de aanleg van de Afsluitdijk in 1932 lag dit middeleeuwse stadje daadwerkelijk aan zee, de Zuiderzee. We halen de fietsen van de auto en overbruggen de 13 kilometer tot aan Giethoorn met grotendeels een windje in de rug. Bij de Plus laten we de fietsen achter en vangen de weg naar Vollenhove aan.

Het is nog rustig als we het anders zo toeristische plaatsje verlaten. We steken het kanaal over en volgen het een stukje. Meerdere vissers zitten in volle uitrusting naar hun dobbers te turen. De stoelen waarin ze zitten zijn complete bouwwerken waar hengels, haakjes, netten en wat dies meer zij allemaal een plekje hebben. Ze dragen stuk voor stuk regenpakken. Geen overbodige luxe, want hoewel de zon inmiddels uitbundig schijnt, is het met 2 graden Celsius knap koud als je lang stil zit.

Kanaal bij Giethoorn

We lopen langs mooie boerderijen die allemaal iets bij lijken te verdienen in het toerisme met een B&B, een camperkampeerterrein en een cursus buitenkoken. Bij boerderij de Schouwenburg slaan we een onverhard pad in en lopen meerdere kilometers over de lange rechte weg. Op een hardloopster na komen we niemand tegen. Bij de Cornelisgracht gaan we De Wieden in. Over een klein smal pad met aan weerszijden een waterrijk gebied met riet lopen we naar Dwarsgracht.

De Wieden in

Dwarsgracht is geen onbekende plek voor ons. In november vorig jaar kanoden we hier nog. Nu lopen we over het smalle paadje door het pittoreske dorpje langs de riet gedekte boerderijen. Regelmatig gaan we bruggetjes over. Op de plek waar we in november de kano’s te water lieten drinken we nu onze meegebrachte koffie, heerlijk in het zonnetje.

Dwarsgracht

Na Dwarsgracht voert de route ons naar Jonen, een klein dorpje dat niet per auto bereikbaar is. Het is aanmerkelijk drukker met wandelaars. Wij slaan echter als enigen het Joneger wandelpad in. Het onverharde pad van ruim anderhalve kilometer is knap modderig. Om niet al te natte voeten te krijgen manoeuvreren we ons langs de kanten van het pad en blijven regelmatig met onze rugzakken en wanten in stekelstruiken hangen. Een omgevallen boom verspert het pad compleet. Met enig kunst- en vliegwerk weten we ons er een weg overheen en onderdoor te banen.

Een boom over het Joneger wandelpad

Vlak voor Jonen staat een paaltjasker, een kleine watermolen die water op- of wegpompt. De molens zijn specifiek te vinden in Noord-west Overijssel. In Jonen komen we uit bij het beroemde ‘pontje van Jonen’. Gezien de vele wandelaars waren we bang voor rijen, maar blijkbaar keert men bij het pontje weer om naar Dwarsgracht. We zijn de enige die naar de overkant gaan. We stappen op het zelfbedieningspontje en trekken onszelf over, over de Walengracht. Vanaf het voorjaar ligt hier een betaalde pont met schipper.

Een paaltjasker vlak voor Jonen
Het pontje van Jonen

Aan de overkant staan de auto’s van de bewoners van Jonen geparkeerd, ieder op zijn eigen parkeerplek. Over een lange rechte asfaltweg lopen we een heel ander landschap in. Overal waar we kijken zijn weilanden, ganzen bevolken het gras en vliegen regelmatig luid gakkend op. De eerste paar kilometer komen we niemand tegen. In de verte zien we Blokzijl liggen. Het leuke plaatsje laten we ditmaal rechts liggen.

Na Jonen zijn er lange rechte stille wegen

Op een parkeerplaatsje met betonnen platen zetten we onze fietsstoeltjes in elkaar en genieten in het zonnetje van onze lunch. Het uitzicht van riet, weilanden, water en blauwe lucht is kenmerkend voor deze etappe.

Lunch with a view

Via Leeuwte komen we in Moespot. Al in de 17e eeuw was hier een herberg te vinden die de nodige klandizie had. Het lag aan de Zuiderzeedijk tussen Vollenhove en Blokzijl, die de enige landverbinding vormde richting het noorden. Tussen 1913 en 1934 was hier zelfs een halte van de stoomtram Blokzijl – Zwolle. Ook nu nog is er een café te vinden.

Wij lopen door naar Vollenhove. Door de oude straatjes komen we bij de imposante kerk van de Hervormde Gemeente Vollenhove die aan de haven ligt. Hier liep ik in het najaar van 2019 ook toen ik het Christoffelpad wandelde. Er stond vandaag gelukkig een stuk minder wind dan toen! Bij de haven staat ook onze auto. We hebben er 16 kilometer op zitten. Ons rest nog een ritje naar Giethoorn om de fietsen op te halen. De volgende keer lopen we Flevoland in en staat het Waterloopbos op het menu. Ik ben benieuwd!

Kerk in Vollenhove

Benieuwd naar de andere etappes van het Pionierpad? Kijk dan hier.

Loobrinkerpad: door Kievitsveld en Vossenbroek

Route: Klompenpad Loobrinkerpad
Afstand: 10 km
Start: Dorpshuis De Hezebrink, Ds. van Rhijnstraat 69, Emst
Eind: Dorpshuis De Hezebrink, Ds. van Rhijnstraat 69, Emst

Het is nog schemerig als ik aankom bij het dorpshuis in Emst. Ik had de zonsopgang vanmorgen iets te enthousiast ingeschat. Er wordt sneeuw en gladheid voorspeld vanmiddag, daarom ben ik al vroeg uit de veren. Een maand geleden stond ik hier ook. Er beginnen hier namelijk twee Klompenpaden. In december liep ik het Schaverensepad, westelijk van Emst. Vanochtend staat het Loobrinkerpad op het programma, aan de oostkant van het dorp. Het buurtschap Loobrink is de naamgever van dit pad.

Het is stil in Emst. Al snel ben ik het dorp uit en loop over kleine weggetjes naar de Smallertsweg. In de verte zie ik een hoop mensen en een aantal retro bushokjes. Is het een motorcross, een dorpsfeest, een busstation? Ik kom niet dichtbij genoeg om er een goede blik op te werpen, maar de Klompenpaden-app geeft het antwoord. Hier zit een forellenkwekerij met visvijvers. Wat ik daar zie zijn vissers die al vroeg in de kou, in een bushokje, aan het vissen zijn. Zij liever dan ik!

Even later loop ik langs de parkeerplaats. Borden maken duidelijk dat hier naast visvijvers ook een speelpark, horeca en een kaarsenmakerij zit. Een plek voor een dagje uit. Hoewel in deze tijden van lockdown waarschijnlijk alleen de visvijvers open zijn. Het ligt aan de Smallertsebeek, aangelegd voor de papierindustrie. Een naam die ik bij het Schaverensepad ook al tegenkwam.

Smallertsebeek

Na enig gezigzag kom ik in Recreatiegebied Kievitsveld uit. Ik loop langs verschillende plassen, sommige al rond 1900 aangelegd als kweekvijvers, andere zijn bij de aanleg van de A50 ontstaan door zandwinning. De Smallertse plas is de grootste en uitgerust met een waterskibaan. Op een paar hondenuitlaters is het er verlaten. Meerkoeten en aalscholvers hebben de plas voor zichzelf.

Smallertse plas

In het gastenboek op de Klompenpadensite wordt bij dit pad gewaarschuwd voor modder. Daarom heb ik vanochtend mijn lage wandelschoenen verruild voor mijn bergschoenen. Dat blijkt geen verkeerde keuze. Het pad naar de plassen is knap modderig, maar ook de route die volgt door natuurgebied Het Vossenbroek vormt een modderige uitdaging.

Modder in Het Vossenbroek

Het natuurgebied wordt doorsneden door de A50, die ook duidelijk te horen en af en toe te zien is. Het is geen wonder dat het er modderig is. Het gebied ligt laag, water kan niet weg en er komt kwelwater uit de Veluwe aan het oppervlak. In andere jaargetijden bloeien hier bijzondere planten. Ook is er een elzenbroekbos, vrij zeldzaam in Nederland. Zoals wandelblogger Klaske de Jong mij op Instagram aanraadt: hier moet ik in de lente of de zomer nog maar eens terugkomen.

Door afwisselend open en bosrijk landschap loop ik weer richting Emst. Het Loobrinkerpad loopt een stukje op met het tracé van het voormalig baronnenlijntje van Apeldoorn naar Hattem. Er ligt nu een fietspad, de straat heeft de toepasselijke naam ‘Spoorstraat’. Oorspronkelijk liep het spoor van Apeldoorn naar Paleis het Loo waar koning Willem III woonde. In 1886 werpt de lobby van een paar adellijke burgemeesters (vandaar de naam ‘baronnenlijntje’) zijn vruchten af en wordt de lijn doorgetrokken naar Hattem. Tot in 1950 werden er personen vervoerd op het lijntje.

Spoorstraat

Vlak voor Emst kom ik op de route die ik een paar uur daarvoor ook liep. Het is nog een klein stukje naar het dorpshuis waar de bronzen jongen nog steeds verdiept is in een spelletje mens-erger-je-niet (zie mijn wandelverslag van het Schaverensepad voor een toelichting). In tegenstelling tot vorige keer is het niet beduidend drukker geworden. Onderweg heb ik ook slechts één wandelaar gezien. Zou de sneeuwvoorspelling de mensen binnen hebben gehouden? Of is het de vroege zaterdagochtend?

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Trage Tocht Doornspijk: Een zandverstuiving en een zebra

Route: Trage Tocht Doornspijk: Landgoederen Klarenbeek en De Haere
Afstand: 14 km
Start: Parkeerplaats Spar, Oude Hogeweg 2A Doornspijk
Eind: Parkeerplaats Spar, Oude Hogeweg 2A Doornspijk

De eerste Trage Tocht van 2021 brengt ons naar Doornspijk, bij Elburg. Het is een van de oudste dorpen van de Noordwest-Veluwe. Al in 800 werd het als ‘Villa Thornspic’ vermeld. ‘Villa’ betekent nederzetting, ‘thorn’ doornstruik en ‘spic’ is een spijk, een landpunt. Het Klompenpad met dezelfde naam, het Thornspiccerpad, loopt hier ook. Wij wandelen er verschillende kilometers mee op. Dit is het overgangsgebied tussen de Veluwe en de voormalige Zuiderzee. Dat zie je terug in het afwisselende landschap. Je loopt door bossen, over een zandverstuiving, maar ook in een halfopen coulissenlandschap.

In de regen beginnen we vanaf de parkeerplaats en lopen over het landgoed Klarenbeek. We wandelen over bomenlanen en kleine paadjes die af en toe knap modderig zijn. Als de zon doorbreekt valt er mooi strijklicht op de half verharde weg. In de verte hangt nevel. Hier en daar blijkt het (vooral op de asfaltwegen) af en toe best glad. Met temperaturen net boven het vriespunt is dat te verwachten.

We wandelen Landgoed De Haere op en staan midden in de bossen. Het is er stil, we komen geen andere wandelaars tegen. De route pikt de rand van een zandverstuiving mee, genaamd De Zoom. Doordat alles bevroren is, hoeven we niet door het rulle zand te ploegen. Ik kan me voorstellen dat het hier op een warme zomerse dag heel anders wandelen is.

De Zoom

De tocht loopt een heel stuk over De Haere. Onverharde paadjes worden afgewisseld met gladde asfaltwegen. We komen regelmatig karakteristieke boshuisjes tegen. Dit is een leuke plek voor een vakantiehuis of wellicht zelfs een permanente woning. In een weiland staan een ezel en – verrassenderwijs – een zebra uit een ruif te eten. Ik kwam al eerder een zebra tegen tijdens een Trage Tocht (door de Duursche Waarden). Die bleek echter van hout te zijn.

Door een open landschap met nieuwe wandelpaden door weilanden zoals het Poppepad, lopen we terug naar Doornspijk. Het is rustig. Af en toe komen we hondenuitlaters en houthakkende mannen tegen, al dan niet met behulp van een machine. Wandelaars zien we niet. Misschien ligt het aan het weer. Misschien is dit gebied gewoon niet zo bekend.

Dus als je op zoek bent naar een rustige, afwisselende wandeling door mooie natuur, dan kan ik je deze Trage Tocht zeker aanraden.

Benieuwd naar de andere Trage Tochten die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.

Horsthoekerpad: over heideveld en langs sprengen

Route: Klompenpad Horsthoekerpad
Afstand: 17 km (15 km zonder routeverlenger)
Start: Parkeerplaats Uitspanning de Schaapskooi, Elburgerweg 31 Heerde
Eind: Parkeerplaats Uitspanning de Schaapskooi, Elburgerweg 31 Heerde

De Renderklippen kom ik regelmatig tegen op Instagram. De meest mooie foto’s komen voorbij van de glooiende uitgestrekte heidevelden tussen Heerde en Epe. Al dan niet met schapen. Het is een van de gebieden in Nederland waar het ’s nachts nog echt donker is, door de ligging ver van steden. Hoog tijd om zelf het gebied te verkennen. Een korte zoektocht leert dat er een Klompenpad door het gebied loopt. De keuze is snel gemaakt. Op de tweede dag van het jaar betreed ik bij het eerste daglicht op aanwijzing van twee rode klompjes de grote stille heide.

Alhoewel, stil kan ik het niet noemen. Ondanks de weinige auto’s op de parkeerplaats word ik na twee meter al gepasseerd door twee hardlopers, stap ik opzij voor een elektrische fietser en hoor ik in de verte het geblaf van meerdere honden. Ik loop langs de uitspanning die nu dicht is. Opvallend is dat er behalve fietsen ook paarden geparkeerd kunnen worden. Hoewel ik geen enkel paard tegenkom, blijkt bij terugkomst op de parkeerplaats deze niet alleen helemaal vol te staan met auto’s maar ook met meerdere paardentrailers. Blijkbaar is dit een goed gebied om paard te rijden.

Veluwse heideschapen

De heide is in mist gehuld, wat het een mysterieus tintje geeft. De schaapskudde van Veluwse heideschapen staat vandaag in een veld achter een hek bij de schaapskooi. De schaapshonden zitten in hun hokken en zijn van verre te horen. Ik besluit de twee kilometer lange routeverlenger te doen. Deze brengt me naar het pluizenmeer, genoemd naar het veenpluis dat hier vroeger stond. Eens was dit een schapenwasplaats. Zomers trekt dit water veel dieren aan, waaronder verschillende soorten libellen. Nu ligt het meertje er verlaten bij.

Pluizenmeer

Ik kom steeds meer hondenuitlaters tegen. De honden mogen hier loslopen. Nu ben ik geen groot fan van loslopende enthousiaste honden. Daarom wandel ik vandaag de route bewust tegen de klok in zodat ik eerst over de Renderklippen kom. Het plan was om de grote massa hondenuitlaters voor te zijn. Hoewel ik nu een stuk of 20 honden tegenkom, vermoed ik dat het vanmiddag nog een stuk drukker is. Iedereen groet vriendelijk, de honden rennen vrolijk voorbij.

Renderklippen in de mist

Ik beklim een paar heuvels die onderdeel zijn van de Veluwse stuwwal en duik dan het bos in. Naast de mist is het ook zachtjes gaan regenen. Ik ga ervan uit dat het slechts een buitje is en loop stevig door. In het bosgebied liggen meerdere sprengenbeken die je als wandelaar af en toe kruist over kleine houten bruggetjes. De Noordelijke, Middelste en Zuidelijke Horsthoekerbeek zijn aangelegd voor de papierindustrie.

Bruggetje over een sprengenbeek

Nadat ik – in inmiddels een stevige regen – bij buurtschap Horsthoek (de naamgever van het Klompenpad en de beken) een groot transferium en de A50 passeer, loop ik via kleine paadjes over boerenland naar een oorspronkelijke papiermolen aan de Noordelijke Horsthoekerbeek. Na 1840 ging het niet meer zo goed met het papier maken. Deze molen van Rakhorst is toen omgebouwd tot korenmolen.

Molen van Rakhorst, oorspronkelijk een papiermolen

Ik wandel langs akkers en door boomgaarden en geleidelijk wordt het droog. Op een nat bankje spreid ik een plastic zak uit en geniet van mijn warme koffie (lang leve de thermoskan!). Verder maar weer, naar het landgoed rondom Huize Bonenburg, een landhuis uit de 17e eeuw. Hier maakt het pad een lus langs het Apeldoorns Kanaal en door het bos om weer uit te komen aan de andere kant van het landhuis.

Huize Bonenburg

De route duikt hier Heerde in. Langs de randen van oudere en nieuwere woonwijken, waarvan sommige nog in aanbouw, slagen de routemakers erin veelal op onverharde paden te blijven. De uit één plank bestaande bruggetjes over sloten en natte gedeelten maken het uitdagend. Aan de rand van Heerde kom ik de eerste andere klompenpadwandelaars tegen. Voor mij is het nog een paar kilometer, zij zijn net begonnen.

Over planken, door boomgaarden en over boerenland

Via een viaduct over de A50 kom ik weer in het bos bij de Renderklippen terecht. Gezien de vele mountainbikesporen in de modder, lijken deze paden niet alleen door wandelaars gebruikt te worden. Ik zie echter vandaag geen enkele MTB-er. Wel twee paard en wagens die naast elkaar in volle draf voorbij komen. Een opmaat voor wat ik op de parkeerplaats bij de schaapskooi aantref. Verschillende mensen in paardrij-outfit zadelen hun paarden voor een frisse rit in een mooi gebied. Hier kom ik zeker nog een keer terug als de zon schijnt.

Benieuwd naar de andere Klompenpaden die ik heb gelopen? Je vindt ze hier.