Elke Maand Een … | Wandelingen in een museum

Elke Maand Een: Museum
Museum: Museum De Pont
Waar: Tilburg

Als ik wandel, probeer ik na die tijd mijn wandeling in woorden te vatten. Wat zag ik, wie kwam ik tegen, hoe beleefde ik de omgeving? Met foto’s visualiseer ik mijn woorden. Kijk, zo mistig was het. Of, zo zag een gele zee van paardenbloemen eruit. Er zijn veel meer mensen die hun wandelervaringen op papier zetten. Wandelboeken en -blogs zijn er te over. Maar sommige wandelaars maken met wandelen kunst. Richard Long is zo’n wandelaar.

Op een vrijdag in mei bezoek ik Museum De Pont in Tilburg. Een van de tijdelijke tentoonstellingen is van beeldhouwer, schilder en fotograaf Richard Long (Bristol, 1945). In de immense hal van de voormalige wolspinnerij liggen verschillende composities van stenen. Een weg van rode platte stenen, een kruis van grotere stenen met vlak afgezaagde kanten, een cirkel van grovere keien. In de voormalige opslagruimtes voor de wol, die om de grote hal heen liggen, hangen foto’s en teksten. Alles refereert aan wandelingen.

En Richard Long heeft al heel wat afgewandeld.

Zo liep hij …

Van Megalithic to subatomic, from Carnac to Cern. A walk of 603 Miles in nineteen days across France to Switzerland in de herfst van 2008

In 1980 liep hij langs en over verschillende Ierse bergen, waaronder de Ballyhoura Mountains. Hier liep ik vorig jaar ook.

Bij de rode weg hangt de volgende tekst. Het zet me aan het denken.

Hours
Miles

A walk of 24 hours: 82 Miles
A walk of 24 Miles in 82 hours

England 1996

In één van de wolopslagruimtes hangt het verslag van een wandeling van 16 dagen in Frankrijk in het voorjaar van 2005.

Ik stel me hierbij voor dat elk woord een dag vertegenwoordigt. Of het is een samenvatting van de wandelroute in de eerste 16 woorden die bij hem opkwamen. Wat een ontzettend leuk idee om op deze manier een wandeling in beeld te brengen. Zo kan ik bijvoorbeeld het Westerborkpad, dat ik in 21 etappes liep, in 21 woorden vatten. Hier ga ik mee aan de slag…

Het werk van Richard Long is nu binnen tentoongesteld, maar hij maakt ook kunst buiten. Sinds eind jaren 60 experimenteert hij door “in te grijpen in het landschap”. Dit klinkt groots, maar is het niet. Het kan een steen zijn die hij ergens anders neerlegt, of een paadje van voetstappen in het gras. De natuur wordt – zoals op de site van het museum staat – “niet veroverd, maar intuïtief behandeld als een soort vriend.” Het kunstwerk buiten gaat uiteindelijk weer op in de natuur. “Wat tentoongesteld wordt, komt voort uit het contact van een levend wezen met zijn omgeving.” Het zet mij als wandelaar in de natuur aan het denken. Wat doet een landschap eigenlijk met je en op welke manieren kun je dit tot uiting brengen?

Deze expositie is nog te zien tot en met 16 juni 2019. Dus mocht je een keer in de buurt zijn van Tilburg, deze tentoonstelling – en ook het museum – zijn zeker een bezoekje waard. De Pont deed me een beetje denken aan Voorlinden in Wassenaar. Grote kunstwerken, bijzondere video’s, mooie schilderwerken in een immense ruimte. Beide zijn particuliere musea. De Pont ontleent zijn naam aan de zakenman en jurist Jan de Pont (1915 – 1987) die na zijn dood een legaat naliet ‘ter stimulering van de hedendaagse kunst’. Op deze bijzondere plek komt de kunst goed tot zijn recht.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Advertenties

Marskramerpad etappe 4: Rijssen – Okkenbroek

Route: Marskramerpad
Afstand: 30 km
Start: Station Rijssen
Eind: Bushalte Koerselmansweg Okkenbroek

Half mei is het lentegroen nog alom aanwezig

De afgelopen etappes liepen we in het mooie Twente. Deze vierde etappe leidt ons Twente uit en over de Sallandse Heuvelrug. We beklimmen een heuse berg en nemen na afloop de buurtbus naar station Deventer in een plaatsje waar we nog niet eerder van gehoord hebben. Het is niet zonovergoten zoals bij de vorige etappes, maar met 14 graden is het prima wandelweer.

We beginnen de etappe in Rijssen en wandelen eerst twee kilometer om de route weer op te pikken. We komen langs plekken waar we een maand geleden ook liepen. Het is nog even mooi. We maken een omtrekkende beweging rond Rijssen, waardoor het plaatsje bijna 15 kilometer lang op ongeveer gelijke afstand blijft liggen. We spreken grappend over het ‘rondje Rijssen’ totdat we de markering ‘rondje Rijssen’ tegenkomen. Het bestaat echt!

Rondje Rijssen bestaat echt!

We steken met een pontje de Regge over. Ik ben de primitievere trekpontjes gewend, waarbij je jezelf overtrekt met een (nat) touw. Dit pontje is groter en een stuk geavanceerder. Door te draaien aan een hendel trek je de ketting strak en zet je jezelf over.

Pontje over de Regge

Aan de overkant volgen we de Regge een tijdje, lopen over het erf van een boerderij (altijd leuk als routes over dit soort privé-gronden mogen lopen) en steken bij een imposante eik akkerland over. We zien weinig wandelaars. De wandelende mensen die we tegenkomen zijn enigszins pissig. Ze volgen de gele pijltjesroute van wandelnetwerk Twente, maar weten niet meer welke kant ze op moeten. “Dit hadden we gisteren ook al!” verzucht de man. Of wij even mee kunnen kijken. Maar wij kunnen ze ook niet helpen. Door de werkzaamheden aan de beken klopt de markering niet meer. Hier liepen we bij de vorige etappe ook tegenaan. We wensen ze succes en vervolgen ons pad.

Imposante eik

We lunchen langs een grindpad waar de bermen goed gemaaid zijn, behalve rondom de bankjes. Gevolg is dat ons lunchbankje omzoomd is door brandnetels en we eerst het bankje brandnetelvrij moeten maken, voordat we kunnen gaan zitten.

Bankje in de brandnetels

Dan komt het gebied van de Holterberg in zicht. Een bord geeft aan dat het verboden is voor auto’s en motors. Dit geldt echter niet voor o.a. 65-plussers. Positieve discriminatie die ik nog niet eerder ergens heb gezien. Over verlaten fietspaden dalen en stijgen we in het bos.

Verboden voor auto’s, tenzij je ouder dan 65 jaar bent

We komen langs de Canadese begraafplaats waar nog de kransen en bloemen van Dodenherdenking liggen. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog is op de Holterberg nog hevig gevochten. Het gemeentebestuur van Holten heeft voor de Canadese soldaten, die in de laatste fase van de oorlog in Noord- en Oost-Nederland omkwamen, deze begraafplaats aangelegd. Het is een van de grootste van Nederland. De Canadian War Cemetery is keurig onderhouden. Bij sommige graven staan foto’s van de gesneuvelden. Een groepje mensen dat langs de graven loopt lijken een familielid te bezoeken. Zo te horen komen ze uit Canada.

Canadese begraafplaats op de Holterberg

Dan is het toch echt tijd voor een kopje koffie. Volgens het boekje zijn er deze etappes heel wat koffiedrinkgelegenheden, gezien de vele kopjes koffie op de kaart. De eerste twee blijken echter gesloten en de derde verdwenen. De vierde is een pannenkoekenrestaurant en bevindt zich op de Holterberg. Dit is wel open en na 20 km genieten we van een cappuccino met lekkers.

Via de Panoramaweg, waar we niet heel veel panorama zien, dalen we de berg weer af en lopen het laatste gedeelte naar Okkenbroek. De in het boekje beloofde bushalte een paar kilometer voor Okkenbroek blijkt er niet te zijn en we moeten flink aanpoten om nog op tijd de bus in Okkenbroek te halen.

Vlak voor het plaatsje rijdt de buurtbus ons tegemoet. Hij stopt en vraagt waar we heen moeten. We noemen Okkenbroek en onze twijfel of we het wel halen. Hij stelt ons gerust, we kunnen sowieso straks mee. Hij moet eerst nog een lusje rijden, maar komt dan weer terug in Okkenbroek. Als we dan nog niet bij de halte zijn, pikt hij ons onderweg wel op. Er is toch maar één weg. We halen het net en laten ons naar station Deventer brengen. 30 km op de teller. Volgende keer wandelen we van Okkenbroek naar Deventer.

Op de Holterberg

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Westerborkpad etappe 21: Beilen – Kamp Westerbork

Route: Westerborkpad
Afstand: 20 km
Start: Station Beilen
Eind: Kamp Westerbork (en terug naar Hooghalen)

Op 4 mei, de dag waarop Nederland stilstaat bij o.a. de Nederlandse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog, lopen wij de laatste etappe van het Westerborkpad. Een toepasselijke dag voor de afsluiting van een historisch interessante, af en toe indrukwekkende, en zeker ook mooie route door vijf provincies. Anderhalf jaar geleden begonnen we op Amsterdam Centraal aan de wandeling en haalden bij de Hollandsche Schouwburg – de daadwerkelijke start van het pad – onze eerste stempel. Nu prijkt er een tweede stempel in het boekje, van Herinneringscentrum Kamp Westerbork.

We beginnen de dag in Hooghalen waar we de auto parkeren en een 8-persoonsbusje nemen naar Beilen, het begin van deze etappe. Het weer is afwisselend en dikwijls dreigen donkere luchten met regen. Het blijft gelukkig, op een buitje na, bij een dreiging. De winterse buien die voorspeld zijn, vallen niet in dit gedeelte van Nederland. Fototechnisch is het ideaal weer, de wolkenluchten met felle zon leveren mooie plaatjes op.

Bij de bushalte in Hooghalen nemen we de bus naar Beilen

Vanaf het station lopen we langs de Domo fabriek richting centrum en over het terrein van psychiatrische inrichting Beileroord. De route slingert over het grote terrein dat vlak langs de spoorlijn ligt. Niet de meest ideale plek voor een dergelijke instelling. Zouden hier vaak mensen voor de trein springen?

We komen langs een Joodse begraafplaats die nu midden in een woonwijk ligt. Het grenst aan een speeltuin en ligt verdekt opgesteld. Pas na een paar honderd meter merken we dat we er al voorbij gelopen zijn. In 1941 telde de Joodse gemeenschap Beilen 64 leden. Van alle Joden die zijn weggevoerd, keerde niemand terug. Enkele Joodse inwoners overleefden de oorlog door onder te duiken.

De Joodse begraafplaats Beilen ligt nu midden in een woonwijk

En dan lopen we Beilen uit en volgen een lange weg langs het spoor. We kruisen het Oranjekanaal waar we met het Jacobspad ook langsliepen. Dit kanaal werd o.a. gebruikt om voedsel, bouwmaterialen, maar ook neergeschoten vliegtuigen te vervoeren naar Kamp Westerbork. Deze vliegtuigen werden in het kamp ontmanteld. In april 1945 was dit kanaal de laatste hindernis voor de Canadezen, voordat zij Kamp Westerbork konden bevrijden. Op dat moment waren hier nog 876 Joodse gevangenen.

Oranjekanaal

De weg tot aan Hooghalen gaat deels door het heuvingerzand, een natuurgebied met bos en heide. De bomen beschermen ons tegen de buitjes die af en toe vallen. Tot aan Hooghalen lopen we langs het laatste stuk spoorlijn van deze wandeling en komen we langs de plek van het voormalige treinstation van Hooghalen. Tot november 1942 was er nog geen directe spoorverbinding met het kamp en vertrokken en arriveerden hier de deportatietreinen. Vandaag de dag is hier niets meer van te zien, het stationsgebouw is in 1960 gesloopt.

De spoorlijn bij Hooghalen

In Hooghalen trakteren we onszelf op koffie met een ambachtelijk gebakje bij de dorpsbakker, voordat we aan het laatste gedeelte van de etappe beginnen. Als de buien overgedreven zijn, lopen we via een bungalowpark over een bospad naar Kamp Westerbork. Het is er verlaten, wat ons aan het denken zet over wat zich hier in deze bossen allemaal heeft afgespeeld.

En dan zien we de vele auto’s en bussen op de parkeerplaats van het Herinneringscentrum. Ik weet niet hoe druk het hier normaal is, maar ik kan me voorstellen dat deze plek op een dag als vandaag wel wat meer mensen trekt. Om ons heen horen we naast Nederlands en Fries, ook veel Amerikaans. In het Herinneringscentrum halen we het certificaat: we hebben het Westerborkpad nu echt afgerond. Ook krijgen we hierbij een speldje van het gestileerde prikkeldraadje, symbool van dit pad en Kamp Westerbork. Uiteraard antwoorden we bevestigend als de baliemedewerkster vraagt of we ook een stempel willen in ons boekje.

Een certificaat, een speldje en een stempel

We leggen de laatste kilometers af naar de plek van het kamp zelf. Overal is men bezig met de voorbereidingen voor de herdenking van vanavond. Paden zijn afgesloten met paarse linten en auto’s rijden af en aan. Langs de weg staan op gelijke afstand van elkaar palen met bordjes. Op elk bordje staan de details van een transport dat vertrok uit het kamp: de bestemming, de datum en het aantal mensen. Confronterend om kilometers lang elke paar meter zo’n paal te zien. In totaal zijn er 93 treinen vertrokken met meer dan 107.000 mensen.

Een van de 93 palen, voor elk transport één

Onderweg komen we langs het Bos van de Toekomst. Hier kunnen mensen een boom planten ter herdenking aan een overleden dierbare of als markering van een geboorte, huwelijk of jubileum. Bordjes bij de bomen geven een korte toelichting. Bij Zwolle waren we ook al een dergelijk bos tegengekomen. Dit bos is vele malen groter.

Een boom in het Bos van de Toekomst

Bij het kamp komen we langs de ‘Tekens in Westerbork’. Deze vijf sarcofagen vermelden de kampen waarheen de gevangenen uit Kamp Westerbork gedeporteerd werden, het aantal gevangenen en het aantal overlevenden.

Tekens in Westerbork

Dan doemt daar het beroemde kampcommandantshuis op. Onder glas is het huis bewaard gebleven van Albert Gemmeker, van oktober 1942 tot en met april 1945 commandant van Kamp Westerbork. De groene verf bladdert af, hier en daar staat een raam open, een rafelig gordijntje hangt naar buiten.

Het kampcommandantshuis

Via de slagboom en roestig prikkeldraad lopen we het kampterrein op. Het is een uitgestrekte vlakte met diverse monumenten. Zo zijn er de 102.000 stenen op de voormalige appelplaats van het kamp. Binnen de contouren van Nederland staat elk steentje voor de moord op een mens. Foto’s geven de mensen een gezicht. Op de achtergrond verheffen zich de schotels van de radiosterrenwacht. Indrukwekkend.

De 102.000 stenen

We lopen verder langs een barak, een voorbeeld van een wagon en uitvergrote briefkaarten die mensen vanuit het kamp verstuurden of zelfs uit de trein wierpen in de hoop dat iemand hem zou posten. De berichten als ‘wij gaan op reis’ en ‘we houden ons flink’ zijn extra schrijnend voor de bezoekers van nu, die weten wat er gebeurd is.

Briefkaarten die verstuurd zijn uit Kamp Westerbork

En dan is daar het symbool van het kamp: de omgebogen spoorlijn. Dit is de plek waar vanavond de herdenking wordt gehouden. Cameramensen zijn druk bezig de boel in te richten. Het podium staat er al en het geluid wordt getest. Een jongetje balanceert op de rails. Voor hem is dit een grote speeltuin. Op de achtergrond is de wachttoren een stille getuige van wat hier zich heeft afgespeeld.

Wij sluiten hier het Westerborkpad af. Weer een langeafstandswandeling afgerond. Een met veel historie ditmaal. En uiteraard ook natuurschoon, hoewel niet iedere etappe even mooi was. De rode draad blijft nu eenmaal de spoorlijn. Ik vond het een mooie combinatie en kan deze LAW dan ook iedereen aanraden.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je alle verhalen over de etappes.

Elke Maand Een … | Zeedruif

Elke Maand Een: Foto
Waar: Hortus Botanicus Leiden

Op het bankje onder de bloeiende prunus is een man verdiept in zijn boek. Onderuitgezakt hangt hij tegen de rugleuning. Zijn rechterenkel rust losjes op zijn linkerbovenbeen. Met één hand houdt hij het pocketboek een stukje voor zich uit. De rug is op meerdere plekken geknakt, de voorkant vaal en omgekruld. De rode springerige letters van deze science fiction cultroman nemen bijna helemaal de kleurige voorkant in beslag. Hij brengt zijn wijsvinger naar zijn mond, likt er kort aan en slaat dan een vergeelde bladzijde om.

Als er een groepje al te luidruchtige bezoekers langskomt, kijkt de lezer op. Hij laat zijn blik over de mensen glijden, kijkt naar de eenden die uit de gracht klauteren en draait dan zijn hoofd naar de grote bruine vazen die in een rechte lijn de Chinese kruidentuin in tweeën delen. Weelderige bloemen en sierlijke vogels die zo uit een sprookje weggevlogen lijken te zijn, sieren de vazen.

Ik sta op een paar meter afstand van de voorste vaas en knijp mijn ogen tot spleetjes tegen de felle voorjaarszon. ‘Zeedruif’ lees ik op het bordje dat uit de vaas steekt. Ik laat de naam even bezinken. Mijn fantasie schotelt mij beelden voor van druifvormig zeewier, velden dobberend op de oceaan, wijnboeren die met bootjes de vruchten oogsten. Ik ben al bij het eindproduct aanbeland – de zeedruifwijn, met een zilte afdronk – als een briesje me doet opkijken.

Onder de witte bloemetjes van de prunus die zachtjes bewegen in de wind, zie ik de lezer met trage bewegingen de mouwen van zijn lichte linnen overhemd opstropen. Uit de bruinlederen schoudertas die naast hem op de bank staat, vist hij een zonnebril met kleine ronde glazen. Hij laat zijn boek nu op zijn bovenbeen rusten en een fractie later gaat hij weer op in het verhaal.

Het boek dat hij leest, The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy, is inmiddels veertig jaar oud, maar brengt zijn lezers nog altijd ver in de toekomst. Naar andere werelden dan de onze. Ook deze lezer wordt duidelijk gegrepen. Ik laat hem achter op zijn bijzondere leesplekje in deze eeuwenoude Hortus. Met uitzicht op een plant die naadloos in zijn verhaal past.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Westerborkpad etappe 20: Hoogeveen – Beilen

Route: Westerborkpad
Afstand: 29 km
Start: Station Hoogeveen
Eind: Station Beilen

Bij de vorige etappe was het grijs, de kortste dag was bijna daar en Drenthe was in kerstsferen. Alweer een tijdje geleden dus. Wat weerhield ons tot nu toe van verder wandelen? Sinds het najaar van 2018 is er tussen Hoogeveen en Beilen een buslijn opgeheven, waardoor de etappe vanaf Hoogeveen nu bijna 30 km is. Niet heel aantrekkelijk op korte, donkere winterdagen. Maar nu de dagen lengen, het weer zonovergoten is en ik met het Marskramerpad al weer meerdere langere etappes heb gewandeld, is het op Tweede Paasdag dan toch tijd voor de 20ste etappe.

Op een stralende voorjaarsdag beginnen we op tijd in Hoogeveen. We hebben al een auto- en treinrit achter de rug en zijn toe aan koffie. Gelukkig heeft de Huiskamer op het station prima cappuccino en beginnen we voldaan aan de wandeling. We lopen al snel Hoogeveen uit en komen in een bos met een bijzondere naam: het Spaarbankbos. Vroeger lagen hier heidevelden. In 1890 koopt de Spaarbank uit Hoogeveen het terrein en plant er een bos voor mijnhout in Limburg. De naam herinnert nog altijd aan deze tijd.

Als wij verder het bos inlopen, dringt de stilte zich op. Na een kilometer tekenen vijf silhouetten zich af tegen de bomen. De zonnestralen werpen schaduwen op de roestbruine metalen mensfiguren. De beeldengroep herdenkt de vijf inwoners van Hoogeveen die begin augustus 1943 op deze plek gefusilleerd zijn, als represaille op een verzetsactie. Het is een indrukwekkend gezicht, hier op deze vroege ochtend.

Monument Spaarbankbos

We verlaten het bos en zoeken de spoorlijn op die steeds dichter bij Kamp Westerbork komt. We komen in een gebied van landweggetjes, buurtschappen, weidevelden en bosstroken. De plaatsen die we op de borden zien staan, klinken ver van alles verlaten en niet al te positief: Siberië, Zwartschaap, Stuifzand. Het verwijst naar het onherbergzame Drenthe van vroeger tijden, toen deze plaatsen ook echt ver van de bewoonde wereld lagen. De ANWB-bordjes met de wandelroute ‘Naar Siberië’ krijgen als ondertitel ‘(en weer terug)’ mee. Voor wie nog twijfelt om deze route te gaan wandelen.

Met een slinger brengt de route ons bij de plek van Werkkamp Kremboong. In 1942 werden hier ongeveer 400 Joodse mannen ingezet als dwangarbeider bij de ontginning van de velden rondom het kamp. Het kamp stond op de akkers naast het monument, dat nu nog herinnert aan die tijd. De naam Kremboong verwijst naar een suikerfabriek op Java. De fabriekseigenaar kocht dit Drentse gebied als belegging en vernoemde het naar zijn plantage.

Monument voor Kamp Kremboong

Na Kremboong volgt de route een tijdje het Oude Diep. De velden om ons heen zien geel van de paardenbloemen. In de bermen bloeien sleutelbloemen en fluitenkruid. Het is volop lente. En dan nadert de berg. Borden verwelkomen ons op het fietsparcours ‘Col du VAM’. Links en rechts van ons rijden de wielrenners ons voorbij en beginnen aan hun klim van de 15% hellingen. Af en toe worden ze ingehaald door een oudere dame op een elektrische fiets met een grote mand voorop.

Uiteraard wagen wij ons ook aan de klim. Een vreemd idee om op een voormalige vuilnisbelt in Drenthe te lopen, terwijl je om je heen een Frans berglandschap ziet. Op de top vereeuwigen wij onszelf voor het ‘col’-bord met de hoogte (4800 cm boven NAP!). We lopen een rondje door het infocentrum de Blinkerd en aanvaarden dan de terugtocht.

Franse taferelen in Drenthe

Op naar Wijster waar we onze hoop hebben gevestigd op een kopje koffie. In het Drentse plaatsje vinden we een bankje met een gedicht over de arbeiders van de VAM (Vuil Afvoer Maatschappij), weinig mensen, maar geen koffie. Aan het einde van het dorp blijkt een snackbar open en we stellen ons tevreden met een ijsje.

Een gedicht over de VAM in Wijster

Het laatste stuk van de etappe loopt voor een groot deel langs het spoor. Bij een boerderij vinden we een stolperstein, ter herinnering aan een verzetsheld die hier woonde. Bij Ter Horst liepen we al eerder, merken we als we markering van het Jacobspad tegenkomen. Door buitenwijken van Beilen naderen we langzaam maar zeker het station. Na 29 km zien we de Domo fabriek, nu Friesland Campina, opdoemen. Hier hebben we vanmorgen vroeg de auto geparkeerd. Na een zonnige, warme en verrassende etappe zijn we er weer. Nog één etappe te gaan naar de plek waar dit langeafstandspad naar vernoemd is.

Benieuwd naar de andere etappes van het Westerborkpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Elke Maand Een … | Making Nature

Elke Maand Een: Museum
Museum: Museum Belvédère
Waar: Oranjewoud

Een oerwoud van cactussen verwelkomt ons, zodra we de zaal binnenlopen. De ene cactus nog hoger dan de andere. Hier en daar afgetopt met rode en oranje bloemetjes. De naar roze neigende lucht suggereert een zonsondergang. Ergens in een woestijn, waar cactuswouden groeien. Waar heeft de fotograaf deze filmisch aandoende foto geschoten?

Detail uit Theatre#8

We lopen verder. Bloemenweiden trekken ons naar zich toe. Klaprozen stralen in een zomerzonnetje, een blauw vlindertje maakt zich klaar voor een landing op een uitgebloeide paardenbloem. Het lijkt zo echt. Alsof de fotograaf op zijn buik in het gras lag, de camera scherp stelde en afdrukte. Zoveel bloemen tezamen. Dat is wat je nu kunt zien, als je buiten loopt. Toch?

Detail uit Voyage Pittoresque#3

Voor we het weten lopen we langs een kleurig bos. Zoveel stammen. Rode en gele bladeren kondigen herfst aan. De basten bevatten alle kleuren van de regenboog. De lucht is felgeel. Ik waan me in een sprookjeswereld en verwacht elk moment een elfje te zien tussen de bomen. Is dit een bestaande plek? Kan ik erheen?

Detail uit Collage#6

Nergens en nee zijn de enige juiste antwoorden op de vragen. De beelden waar we in dit Friese museum naar kijken, bestaan niet in de werkelijkheid. Het zijn wel foto’s, of eigenlijk zijn het heel veel foto’s. We kijken naar een compositie van bij elkaar gebrachte fotofragmentjes. Op meesterlijke wijze heeft fotograaf en beeldend kunstenaar Ruud van Empel (1958) een cactus-oerwoud gecreëerd, een paradijselijke bloemenweide, een herfstig sprookjesbos.

Het lijken bestaande werelden te zijn, maar wie goed kijkt, voelt dat er iets niet klopt. De kleuren, de hoeveelheid aan natuur op die ene plek, de gehele compositie. Toch zijn het plekken waar de bezoeker graag een tijdje doorbrengt. Genietend van de natuurschoon, de sfeer van die plek, de totale rust die daar lijkt te heersen.

Ruud van Empel maakt met zijn composities natuur. Onderwaterwerelden, planten in het maanlicht, een vijver met waterlelies en die ene aalscholver. De bezoeker kan niet anders dan naar voren leunen, de details in zich opnemen, de schoonheid die van de voorstellingen spat, aanschouwen. Zoiets had ik nog niet eerder gezien. Kunsthistoricus Ruud Schenk zegt het mooi:

“Van wat mainstream is in de kunstwereld heeft Van Empel zich nooit veel willen aantrekken en hij heeft zowel wat vorm als inhoud betreft zijn eigen weg gekozen. Het maakt Van Empel tot de componist van zijn volstrekt eigen visuele symfonieën, sonates en nocturnes.”

 

Detail uit Voyage Pittoresque#8

Ook benieuwd naar deze gemaakte natuur? Tot en met 26 mei 2019 kun je de expositie ‘Ruud van Empel – Making Nature’ bezoeken in Museum Belvédère in Oranjewoud.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Marskramerpad etappe 3: Borne – Rijssen

Route: Marskramerpad
Afstand: 24 km
Start: Station Borne
Eind: Station Rijssen

Een eenzame boom op de Deldeneresch

De mooiste wandeldagen zijn in het voorjaar. Althans, dat vind ik. Het zijn die dagen waarop het voorjaar zich uitbundig laat zien. In verse lichtgroene blaadjes die opeens de takken bevolken. In de witte en roze bloesem die overal in tuinen en langs plattelandsweggetjes in volle glorie uitbarst. In kleurige voorjaarsbloemen in bermen. In fleurige vlindertjes die je gezichtsveld in fladderen om vrijwel gelijk al weer verder te gaan. Op zo’n dag vol zonneschijn en strakblauwe luchten liepen wij de derde etappe van het Marskramerpad, dwars door het mooie Twente.

Voorjaarsgroen

We beginnen op station Borne waar we weloverwogen de lange Deldensestraat nemen om weer uit te komen bij de route. Dat pakt ietwat anders uit. De weg blijkt achteraf helemaal niet naar de plek te leiden die we in gedachten hadden en we kruisen de route 2 km verder dan de bedoeling was. We beginnen vandaag bij Bokdam en het Bokdammerveld daadwerkelijk met het Marskramerpad. Met heide en watertjes helemaal geen gekke plek voor een etappestart.

Bokdammerveld

Al snel volgt een typisch Twents landschap met bosranden, weiden, boerderijen, oude waterputten en de onlangs gerestaureerde oliemolen ‘Noordmolen’ uit 1325. Met behulp van het waterrad perste men hier in vroeger tijden olie uit koolzaad en lijnzaad. Over de weg met dezelfde naam als de molen lopen we verder en zien voor ons het glooiende landschap van de Deldeneresch. Midden in het weiland staat een eenzame boom, zo te zien nog niet in blad. De tekening van de takken steekt mooi af tegen de blauwe lucht.

De gerestaureerde Noordmolen

Dan lopen we tegen een zijarm van het Almelose Kanaal aan. Langs de kant zit een visser in complete visuitrustig. De grote groene paraplu zal hem vandaag enkel beschermen tegen de zon. Op een bankje ritsen we broeken af en trekken vesten uit. Tijd om in luchtiger kleding verder te wandelen. Op naar de koffie, waar we inmiddels wel aan toe zijn.

Zijarm van het Almelose Kanaal

De koffie komt vlak na de A1, na ettelijke kilometers over zandwegen en de nodige paasvuurbulten en blijkt een heel vakantiepark te zijn. Maar er is ook koffie met lekkers. Na 15 kilometer gaat dat er wel in! De rode Twente-vlag die we vandaag niet voor het laatst zien, wappert in het fikse windje dat er staat.

We zijn in Twente

De zandwegen gaan verder en het mulle zand laat zien dat het al een tijdje niet geregend heeft. En dan komen we bij wandelnetwerkknooppunt N74. Hier zegt het boekje dat we naar links moeten, het wit-rode pijltje wijst heel duidelijk naar rechts. Gelukkig is er mobiel internet en het blijkt dat de beken ook hier aangepakt worden. Het pad langs de Twickelervaart en de Regge zijn niet bewandelbaar. Een beetje teleurgesteld om wat we voor moois we missen, slaan we toch maar rechts af.

Over kleine weggetjes omzoomd door bomen in lentetooi doorkruisen we het gebied en zien af en toe de Regge. Kort nadat de beschrijving en de markering weer overeen komen, strijken we op een bankje neer aan de Regge voor de lunch. Om ons heen lichtgroene en rode blaadjes die er een paar weken geleden nog niet waren. Een oranjetipje komt voorbij gefladderd. Er zijn mindere lunchplekjes.

Het laatste stuk tot aan Rijssen voert over een fietspad langs – ditmaal wel – de Regge en loopt op met het Overijssels Havezatenpad. Echt druk is het niet op deze Goede Vrijdag. Hier en daar zitten jongens te vissen en we zien een heel gezelschap in de – naar wat we later lezen – Enterse zomp ‘Regt door zee’ voorbij komen. Een replica van een in Enter gebouwde platbodem die vroeger over de Regge, maar ook de Vecht goederen vervoerden.

Enterse zomp bij Rijssen

En dan lopen we langs de statige Pelmolen Ter Horst – hier pelde men o.a. gerst – Rijssen binnen. De molen ligt prachtig aan de Regge, een mooie binnenkomst. We volgen de bordjes centrum en trakteren onszelf daar op een welverdiend ijsje. De etappe is klaar en het weekend moet nog beginnen.

Pelmolen Ter Horst

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Salland Pad etappe 4: Luttenberg – Heino

Route: Salland Pad
Afstand: 16 km
Start: Bushalte Heuvelweg Luttenberg
Eind: Bushalte Marktplein Heino

Naast de Langeafstandswandelingen en Streekpaden die Nederland rijk is, zijn er nog vele andere paden die je op mooie plekjes in ons land brengen. Zo kwam ik het Salland Pad tegen, dat gebruik maakt van het wandelnetwerk Salland, een netwerk van wandelwegen tussen de IJssel en de Sallandse heuvelrug. Het Salland Pad is met 130 km de langste van de vijf beborde themaroutes binnen dit netwerk. Andere themaroutes zijn o.a. de Sallandse Zandloper en het Schipbeekpad. Het Salland Pad maakt een rondje door Salland. Je kunt daarom op elk willekeurig punt beginnen. Het boekje met de verschillende etappes koop je voor 2 Euro online of bij een plaatselijke boekhandel.

Op een zonnige en frisse lentedag starten we de vierde etappe van het Salland Pad in Luttenberg. Omdat de buurtbus hier slechts 1 keer per uur rijdt, lopen we deze etappe andersom, van Luttenberg naar Heino, waar we in februari geëindigd zijn. Die twee maanden maken een enorm verschil. De temperatuur is een stuk aangenamer en de natuur staat in bloei. Het lichtgroen van de eerste blaadjes contrasteren met de bloesem van de krentenbomen en de sleedoorn. De brem en de magnolia stralen. Evenals de bloemen in de bermen. De strakblauwe lucht maakt het geheel af.

Bloesem naast de eerste frisgroene blaadjes

In Luttenberg vangen we een glimp op van het glooiende landschap van de volgende etappe, als we een paar honderd meter de verkeerde kant op lopen. Gelukkig komen we hier op tijd achter en keren om, richting het vlakke achterland van Heino. We lopen zuidelijk van Luttenberg over een onverhard pad langs mooie huizen. We komen door bos en langs boerenland waar de boer op zijn tractor hard aan het werk is.

Via een paar kilometer over de doorgaande Luttenbergerweg komen we uit bij het Overijssels Kanaal. Over de Wolthaarsdijk volgen we dit kanaal een tijdje. We lopen over een onverhard pad en komen nauwelijks mensen tegen. Af en toe vliegt een wilde eend op. Zo’n woensdagochtendwandeling heeft zijn voordelen.

Het Overijssels Kanaal

Als we het kanaal verlaten, komen we langs een kraampje met allerlei streekproducten, zoals je ze wel meer ziet langs het Salland Pad. Maar dit kraampje biedt meer. Zo wordt de waarschuwing voor de zachte berm duidelijk geïllustreerd en is er een oplaadpunt voor groene stroom, rechtstreeks uit een boom. Ik vraag me af of er voorbijgangers zijn die geprobeerd hebben gebruik te maken van dit oplaadpunt.

Onderweg komen we regelmatig kraampjes tegen

Sallandse humor deel 1

Sallandse humor deel 2

Kort na deze Sallandse humor komen we langs een recreatieplas bij een camping. Bordjes waarschuwen dat enkel campinggasten gebruik mogen maken van de plas. Ook worden automobilisten erop gewezen dat je niet “Let op! Let op! Let op!” in de berm mag parkeren. Ik vermoed dat het hier in de zomer een stuk drukker is. Nu is er geen mens. Op een picknickbankje met uitzicht over het water eten we onze lunch op.

Hierna volgt een aantal kilometers door het bos en langs de bosrand. De oude boerderijen, de bloeiende bomen en de frisgroene blaadjes laten een schitterend gebied zien. Uiteindelijk kruisen we de N35, de doorgaande weg naar Raalte en lopen Heino in. Op het Marktplein sluiten we de etappe af met een cappuccino.

Benieuwd naar de andere etappes van het Salland Pad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Marskramerpad etappe 2b: Deurningen – Borne

Route: Marskramerpad
Afstand: 18 km
Start: Centrum Deurningen
Eind: Station Borne

Bloeiende bomen langs de Bornsche Beek

Vorige keer strandde ik wegens onverwachte blaren in Deurningen. Hoog tijd om die tweede etappe af te maken. Op een zaterdag in april stap ik, ditmaal met een andere mede-wandelaar, bij de kerk in Deurningen uit de bus om naar Borne te lopen. Het weer is even grijs als twee weken geleden. Alleen nu heeft de weerman zon beloofd. We zoeken de wit-rode markeringen op en lopen na een paar honderd meter het dorp uit.

De kerk van Deurningen

Deze etappe loopt voornamelijk langs beken. Vlakbij Deurningen komen we de eerste tegen: de Deurningerbeek. Een bord laat de voorbijganger weten dat deze beek in ere wordt hersteld. De rechte beekloop krijgt weer het kronkelende karakter van oudsher. Het water krijgt zo meer ruimte en de natuur kan zich beter ontwikkelen. De komende kilometers blijven we deze beek volgen.

Na een paar kilometer ondervinden we die ruimte voor de beek aan den lijve. Het wandelboekje noemt het een drassig stuk waar, zo hoorde ik van andere wandelaars, mensen tot hun knieën in de modder kunnen staan. Het boekje biedt zelfs een shortcut aan over drogere wegen. We wagen het erop en nemen de drassige afslag.

De struinpaden langs de beek, waar de route ons over leidt, zijn inderdaad modderig, maar prima te doen. De beek is breder dan normaal en op een gegeven moment stuiten we op een sloot die in drogere tijden hoogstwaarschijnlijk een ondiepe greppel is. Het pad gaat rechtdoor, maar door het water waden, trekt ons niet zo. Gelukkig is er een stuk verderop een mogelijkheid om met droge voeten naar de overkant te komen.

Het pad gaat rechtdoor. Wat nu?

Na het drassige gedeelte leidt de route ons langs afwisselend terrein. We komen langs kwekers met lange rijen mooi geknipte heggetjes en over bospaadjes waar de bosanemonen en het speenkruid volop bloeien. We blijven de beek volgen. Met Borne in zicht slaan we een klein paadje in, veel gebruikt door hondenliefhebbers en besluiten op een bankje met uitzicht op de beek onze lunch te eten.

Bosanemonen

Na twee broodjes komt er een ouder echtpaar aangeschuifeld. De man lijkt Parkinson te hebben en komt maar langzaam vooruit. De vrouw ziet ons zitten, twijfelt even, maar vraagt dan toch of ze erbij mogen komen zitten. Ze wandelen elke dag het rondje van nog geen 2 kilometer vanuit hun huis in Hertme. Zo blijven ze in beweging. Zij wandelt het in haar eentje in 20 minuten. Met zijn tweeën zijn ze 45 minuten onderweg. Dit bankje is hun vaste pauzeplek. We schuiven op en hebben het over wandelen, het weer en het mooie Twente.

Dan is het tijd om weer op pad gaan. Dit keer volgen we de Bornsche beek waarlangs veel bomen in bloei staan. Een mooi gezicht, zeker bij het doorbrekende zonnetje. We lopen in de richting van Zenderen en komen langs de voormalige havezate Weleveld. In een met hagen omringd grasveld staan allerlei figuren van roestrood ijzer. In het midden zien we de familie van Weleveld zelf, die omstreeks 1300 op dit landgoed woonde. Ze worden omringd door figuren die de geestelijkheid, de adel en de burgers uitbeelden.

Familie Weleveld

Bij Zenderen lopen we langs Theehuis de Karmeliet. Het ziet er leuk uit en we besluiten er een kopje thee te drinken. Een fijne pauzeplek. De naam is niet zonder reden gekozen. Zenderen is bekend van de Karmelkloosters van de paters karmelieten en de zusters karmelietessen. De route voert ons langs dit laatste klooster. Het ziet er indrukwekkend uit in het doorbrekende zonnetje. In de grote ommuurde tuin met hoge bomen is het vast heerlijk toeven.

Het klooster van de zusters karmelietessen in Zenderen

Via paadjes door natuurgebieden en langs weilanden slingeren we richting Borne. We komen nu veel wandelaars tegen, bijna allemaal met het bekende rood-witte boekje in de hand. De zon is inmiddels helemaal doorgebroken en maakt het landschap extra mooi. Voor de Azelerbeek besluiten we af te buigen naar station Borne. Volgende keer richting Rijssen.

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.

Marskramerpad etappe 2a: Oldenzaal – Deurningen

Route: Marskramerpad
Afstand: 10 km
Start: Centrum Oldenzaal
Eind: Centrum Deurningen

In recreatiegebied Het Hulsbeek lopen heel wat wandelingen

Vorig jaar wandelde ik twee dagen mee met een vriendin die in 5 weken het Pieterpad liep. Helemaal enthousiast besloten we toen om samen een langeafstandswandeling te doen, niet achter elkaar, maar in weekendjes. Het werd het Marskramerpad, dat Nederland van oost naar west doorkruist. Het pad zou ons in streken brengen waar we niet vaak komen. In een weekend in maart staan de eerste twee etappes op het programma. De eerste etappe vind je hier.

Gastvrij Twente

Op de tweede dag van ons wandelweekend hebben we het plan om van Oldenzaal naar Borne te wandelen, ongeveer 25 km. Het weer lijkt in het niets op dat van de dag daarvoor. Het is grijs en frisjes. Het kost ons weinig moeite om de rood-witte markering weer terug te vinden en al snel lopen we over een lange weg de stad uit. We worden ingehaald door een paar mountainbikers. Eerst enkele kinderen in oranje tenues, daarna een paar volwassenen, ook in het oranje. Gevolgd door een auto met MTB’s achterop. In het kwartier daarna zien we een goede afspiegeling van mountainbikend Oldenzaal. Er moet bijna wel een mountainbike-evenement zijn, ergens verderop.

We lopen inmiddels door een bos met allerhande trimbaanapparaten en speeltoestellen boven de vele watertjes. Verderop begint recreatiegebied Het Hulsbeek. We zien een groot meer liggen en het bijbehorende bord ‘Outdoor Challenge Park’ klinkt avontuurlijk. Op een parkeerterrein hebben de in oranje gestoken MTB-ers zich verzameld. Oud, jong, van alles door elkaar. Het lijkt alsof ze elk moment aan een wedstrijd kunnen beginnen. We lopen snel verder en verwachten ze nog wel te zien de komende kilometers (de etappe leidt ons langs een MTB-route).

Recreatiegebied Het Hulsbeek

Over kleine weggetjes lopen we gedeeltelijk om het meer heen. We zien af en toe een mountainbiker in een niet-oranje outfit voorbij komen, maar de grote groep zien we die dag niet meer terug. Jammer, het had spectaculaire foto’s kunnen opleveren. We passeren een camperkampeerplaats in aanleg. Een man in klus-outfit staat op een ladder en bevestigt felgekleurde vogelhuisjes aan bomen. Gezien de grote stapel aan de voet van de ladder is hij voorlopig nog niet klaar. Wij wensen hem succes, hij groet ons vriendelijk terug.

Na een kilometer of 6 verlaten we het recreatiegebied en gaan richting Deurningen. Hier en daar is de route knap modderig, maar de paden zijn nog te bewandelen. We lopen tussen de weilanden en worden, als Deurningen in zicht komt over vee-roosters heen geleid. Een bord waarschuwt de wandelaar voor passerende koeien. “Let op!”, staat eronder, “Er kan nog een koe aankomen”.

Let op!

Bij een cappuccino in Deurningen besluit ik, wegens onverwachte blaren, die de dag daarvoor al hun opwachting hadden gemaakt, niet verder te lopen en pak hier de bus. Mijn vriendin loopt verder naar Borne. Ze is in training voor de 4-daagse en kan de oefening goed gebruiken. Ze blijkt later in totaal 29 km te hebben gelopen. Daar waren mijn voeten niet blij van geworden… Het tweede gedeelte van deze etappe loop ik binnenkort wel een keer.

Benieuwd naar de andere etappes van het Marskramerpad? Hier vind je de verhalen over de etappes tot nu toe.