Herfstkanotocht Dwarsgracht

Route: Kanoroute Dwarsgracht van Natuurmonumenten
Afstand: 11 km
Start: Gemeenschapshuis Dwarsgracht
Eind: Gemeenschapshuis Dwarsgracht

De Dwarsgrachtroute is gemarkeerd

Het is november en wij staan op het punt om een rondje te gaan kanoën. Nog niet eerder was ik zo laat in het najaar op het water te vinden. Vandaag belooft echter een prachtige dag te worden: een zonnetje, 13 graden. Kortom prima kanoweer. We besluiten een rondje Dwarsgracht in De Wieden te doen. Hoewel De Wieden bekend terrein is (lees hier over het rondje Belt-Schutsloot), waren we nog niet eerder op deze plek.

Dwarsgracht

Aan de waterkant zetten wij de kano’s in elkaar. Om ons heen staan boerderijen met veelal rieten daken. Af en toe komt er iemand langs. Allemaal groeten ze vriendelijk en kijken ietwat bevreemdend naar onze half opgeblazen kano’s. Er staat een fiks windje. We besluiten daarom het rondje met de klok mee te kanoën. Zo hebben we meteen in het begin de wind tegen.

Over de Dwarsgracht (zowel het water als het dorp hebben dezelfde naam) varen we langs pittoreske huizen en boerderijen. De zon staat laag en pal voor ons, waardoor we moeite moeten doen om dat wat voor ons is, te zien. De zonnebril ligt nog thuis. Zulk mooie weer hadden we niet verwacht. Gelukkig is het niet druk op het water. Tijdens ons rondje komen we slechts twee andere boten tegen, beide van Natuurmonumenten.

Tegenlicht op de Dwarsgracht

We kanoën langs een zeldzaam trilveengebied, een dunne laag drijvend veen met bijzondere planten. De Wieden is één van de weinige natuurgebieden in Nederland waar je dit nog vindt. Bij een kanoaanlegsteiger met bankje nemen we een koffiepauze. Het blijft heerlijk om ergens in the middle of nowhere met alleen maar stilte om je heen je eigen koffie te drinken.

Na de koffie gaan we verder. Brede en smalle vaarten en sloten wisselen elkaar af. Het riet is geel en steekt fel af tegen de blauwe lucht. Als we een bocht omgaan komen we op een windstille sloot uit met aan weerszijden hoge rietkragen. Alsof we over een spiegel varen!

Als een spiegel

Dan volgt een ruiger stuk. De route pikt een hoekje van de Beulakerwijde mee, een groot water waar de wind vrij spel heeft. De wind komt van zij en we moeten moeite doen om op koers te blijven en over de golven vooruit te gaan. De druppels van de peddels waaien ons bij elke slag in het gezicht. Maar wat is het prachtig. En we zijn helemaal alleen op dit enorme water. In de verte ligt ergens het verdronken dorp Beulake, ten onder gegaan tijdens stormvloeden in de 18e eeuw. Een kunstwerk in de vorm van een kerktoren markeert de plek.

Beulakerwijde

We zijn blij als we door een sluis weer op kleiner water komen. We groeten de drie mannen in de Natuurmonumentenboot die ons door het tegenlicht pas op het laatste moment zien. Over de Walengracht varen we verder langs Jonen. Het plaatsje is niet te bereiken met de auto. Bij fietsers is vooral het pontje van Jonen bekend. Het verbindt Giethoorn en Dwarsgracht met plaatsen als Vollenhove en Blokzijl.

We varen het tweede meer van vandaag op – het Giethoornsche Meer – dat gelukkig een stuk kleiner is dan de Beulakerwijde. De golven zijn hier dan ook minder hoog. Via kleine vaarten komen we op de Thijssengracht uit. Ook hier is het water op verschillende plekken helemaal glad. De bomen in herfsttooi worden er mooi in weerspiegeld.

Windstil op de Thijssengracht

Als we rechtsaf slaan hebben we de wind pal tegen. We zitten weer op de Dwarsgracht en overbruggen het laatste stuk tot aan het Gemeenschapshuis. Het dorp ligt er nog even verlaten bij. Het was een prachtige tocht. En zo buiten het seizoen kanoën bevalt goed. Wie weet wat voor dagen het vroege voorjaar brengt.

De kanoroute Dwarsgracht is door Natuurmonumenten gemarkeerd, maar alleen tegen de klok in. Wij hadden de route ook als GPX-bestand op de telefoon staan, waardoor het geen probleem was dat we de route met de klok mee deden. De route is op deze site als PDF- en GPX-bestand te downloaden. Mocht je nu geen eigen kano hebben, bij café-restaurant De Otterskooi in Dwarsgracht zijn kano’s te huur.

Benieuwd naar andere kanoroutes die ik gevaren heb? Je vindt ze hier.

Kanoën in de Weerribben

Route: Rondje ten noorden van Kalenberg (zelf uitgezette route)
Afstand: 14 km
Start: Camping De Turftente in Wetering
Eind: Camping De Turftente in Wetering

Deze route is het uiteindelijk geworden

De Weerribben is het kanoparadijs bij uitstek. Althans dat zal een ieder denken die op deze zaterdag in september in het natuurgebied was. Zelfs op deze bewolkte dag met af een toe een motregenbui is het druk. Families in huurkano’s, inclusief hond, groepen met zwemvesten in lange ranke kano’s met houten peddels die ook makkelijk een zee kunnen bedwingen en de eenzame kanoër met ingenieuze constructie voor de GPS, we komen ze allemaal tegen.

Het gebied is niet onbekend voor mij, ik kom er al ruim 20 jaar vanaf verschillende opstapplaatsen en met diverse medekanoërs. Deze dag ben ik er met vrienden en hun twee jongens. Zij staan op Camping De Turftente die aan de zuidrand van de Weerribben ligt, direct aan het water. Je kunt er kano’s huren, waarvan wij dankbaar gebruik maken. Wij huren twee tweepersoons kano’s (waaronder een Canadese kano) en een eenpersoons kano. Van de mevrouw van de camping krijgen we een kanokaart mee, inclusief een paar tips.

In de Weerribben zijn drie gemarkeerde routes uitgezet door Staatsbosbeheer, maar wij besluiten zelf onze route te bepalen. Dat blijkt een goed idee. Op de grote wateren en de officiële routes komen we namelijk veel kanoërs tegen. Op de kleinere vaartjes en sloten die niet tot de officiële routes behoren, vrijwel niemand. De Weerribben is uitermate geschikt om zelf je route te bepalen, er zijn geen punten waar je de kano moet overtillen en er zijn legio mogelijkheden.

Mijn medekanoërs moeten even wennen aan de samenwerking in de tweepersoonskano’s. Al zigzaggend leggen we de eerste kilometers af. We wisselen de grote vaarten af met kleinere waterwegen, groeten andere kanoërs en eten een broodje op een van de vele kanoaanlegsteigers met bankje langs het water.

Naast andere kano’s zijn er ook veel sloepjes, fluisterbootjes en grote motorboten op pad. Vooral aan het einde van de route in Kalenberg, een leuk klein dorpje met een grote vaart erdoorheen (de Kalenbergergracht), is het knap druk en moeten we regelmatig de kano’s goed op de hekgolven leggen. We besluiten er een ijsje te eten. Een eend ziet het ijsje ook wel zitten en kijkt mij en vooral mijn ijsje indringend aan. Lang nadat het ijsje op is blijft hij naast mijn kano dobberen.

De eend wil ook graag een ijsje

Na Kalenberg komt het avontuurlijke gedeelte van onze route. Parallel aan de Kalenbergergracht slaan we een slootje in op advies van de campingmevrouw. Het is bochtig, erg smal en overmatig begroeid. Na elke bocht verwachten we dat het ophoudt en we achteruit (want het is te smal om te keren) terug moeten. Maar na elke bocht gaat het toch weer verder. Het water is donker maar heel helder, de waterplanten op de bodem zijn duidelijk zichtbaar. We wringen ons in bochten om de takken, het riet, de struiken en ander groen te ontwijken. Dit lukt af en toe.

Na het smalle slootje kanoën we door een bos

Op het laatst wordt het water wat breder, de zon breekt door en het lijkt wel alsof we door een bos varen. Het water komt uit op een meertje, de Diepe Wiede. Er is niemand. Langs de kanten staan bomen in dichte rijen, sommige blaadjes worden al bruin. Het doet me een beetje aan Zweden denken. Na een laatste stuk over de brede Wetering waar we de drukte weer tegenkomen, zijn we terug bij de camping. Na zo’n middag besef je weer hoe leuk kanoën is. Ondanks de spierpijn en de extra zigzagkilometers.

De Diepe Wiede

Benieuwd naar andere kanoroutes die ik gevaren heb? Je vindt ze hier.

Avontuurlijk kanoën op de Linde

Route: De Linde van N353 naar de stuw en v.v.
Afstand: 10 km
Start: Kanosteiger bij brug N353 tussen Oldeberkoop en Noordwolde
Eind: Kanosteiger bij brug N353 tussen Oldeberkoop en Noordwolde

In de rode cirkel de route die wij gevaren hebben

We banen ons een weg door het lange gras, de brandnetels en de bloeiende berenklauw om bij het water te komen. Door een hekje stappen we op een overwoekerd trapje, dat leidt naar een kanosteiger en jawel het water. Althans, daar gaan we van uit. Dit stuk is helemaal dichtgegroeid met riet, pijlkruid en andere waterplanten.

Ons overwoekerde opstappunt met aan het einde van de afrastering een hekje naar de steiger

We bevinden ons bij een brug in de N353 tussen Oldeberkoop en Noordwolde. Volgens het boek Kanoparadijs Nederland van Frank van Zwol en Jolanda Linschooten is hier het startpunt van een prachtige tocht over het stille gedeelte van de Linde, een riviertje in Friesland. Vanaf dit punt is het water te bevaren en zul je weinig andere watersporters tegenkomen, staat er. Een eind verderop wordt de Linde breder en moet je als kanovaarder “het water delen met jachtjes en ander motorgeweld”.

Deze beschrijving sprak ons zeer aan en op een van de heetste dagen van het jaar rijden we al vroeg naar het opstappunt. Door de groene jungle die we daar aantreffen begin ik wel een beetje te twijfelen, maar mijn medekanoër ziet geen enkel probleem. We blazen de kano’s op en krijgen ze in het water. Met een hoop duw- en trekwerk weten we weg te komen van de steiger. De eerste paar honderd meter varen we midden tussen het overvloedig aanwezig pijlkruid. De witte bloemetjes en de pijlvormige bladen maken van het smalle water echt een plaatje.

Bij de steiger, nu nog zien weg te komen

Na een bruggetje is er aanzienlijk minder begroeiing in het water, hoewel de lange slierten van waterplanten tijdens de hele route aanwezig blijven. Regelmatig blijven onze peddels haken achter een bruingroene sliert en maken we creatieve schud- en draaibewegingen om het groen kwijt te raken. Op het wateroppervlak lijken er geregeld bijeenkomsten van schrijvertjes plaats te vinden, die uit elkaar stuiven als wij naderen. Grote libellen en kleine ranke felblauwe juffers scheren over het water. Het valt ons op dat we nauwelijks watervogels zien.

De Linde wordt breder en aan weerszijden wisselen maisvelden, hoge rietkragen en grasland elkaar af. Af en toe werpt een overhangende boom schaduw over het water. Een roestige windmolen vangt het beetje wind dat er is en draait kalm zijn rondjes. Als we even stilhouden horen we alleen stilte, af een toe doorbroken door het gezoem van insecten, het geruis van de molen en het geluid van een peddel die het water raakt. Wat is het hier mooi en rustgevend. In de verste verte is er geen bebouwing of een weggetje te bekennen.

De windmolen draait traag door het beetje wind dat er is

Volgens de kaart is er na 5 kilometer een stuw, waar we met behulp van een kanosteiger onze kano’s kunnen overdragen. Onze bedoeling was om daarna nog een paar kilometer door te varen, ergens pauze te nemen en dan hetzelfde stuk weer terug te gaan. Helaas moeten we onze plannen bijstellen. We bereiken de stuw waar in geschreven tekst duidelijk gemaakt wordt dat daar geen doorvaart mogelijk is. Een steiger zien we echter niet.

Totdat mijn medekanoër de GPS erbij pakt en in de begroeide rechteroever de smalle doorgang vindt die op zijn kaart zo duidelijk aanwezig is. Zonder GPS hadden we hem niet gevonden. Ook hier heeft het groen bezit genomen van het water. Takken van bomen hangen met veel overtuiging over de gehele breedte. Riet, pijlkruid en vele andere waterplanten tieren welig. In de verte zien we de steiger liggen, maar er is geen doorkomen aan. Een hovercraft was een beter vervoersmiddel geweest hier.

De steiger lonkt maar er is geen doorkomen aan

We besluiten om te keren en de Linde na de sluis te laten voor wat ze is. Dat is een route voor een ander jaargetijde waarin het groen nog niet zo weelderig aanwezig is. Niet ver van de sluis zagen we op de heenweg een nieuw uitziende steiger met bankjes en een strandje. We besluiten daar onze pauze te houden. We kanoën de kano’s het strand op en stappen in het zand. Wat een onverwacht plekje!

Johannes Visser zien plakkien

En het blijkt zelfs een naam te hebben: ‘Johannes Visser zien plakkien’, in authentiek Weststellingwerfs. In de jaren 30 van de vorige eeuw was hier het zwembad van Nijeholtpade. Johannes Visser heeft er indertijd voor gezorgd dat het zwembad er kwam en was er badmeester. In de oorlog hield het zwembad op te bestaan. Pas driekwart eeuw later, in 2017, probeerde men het zwembad nieuw leven in te blazen. Een zwembad is er niet gekomen, wel is er sinds 2019 dit natuurbelevingspunt.

Na een appel, wat water en een nieuwe zonnebrand-insmeerronde vangen we de terugweg aan. De Linde ligt er nog even mooi bij. Zonder dat we iemand tegenkomen varen we op ons gemakje terug naar het beginpunt. Het riet en de waterplanten bij de steiger lijken weer ondoordringbaar, maar met wat kunst- en vliegwerk weten we er toch te komen.

Wat een prachtige tocht was dit door het stille beekdal van de Linde. Als we deze tocht niet in Kanoparadijs Nederland hadden gezien, hadden we hem nooit gevonden. Op internet vind ik deze opstapplaats niet, hoewel er met een hekje, trapje en steiger duidelijk moeite is gedaan voor kanoërs. Zonde eigenlijk, maar des te beter voor de enkeling die wel van het bestaan af weet.

Wil je ook kanoën op de Linde, maar heb je zelf geen kano? Na de sluis, als de Linde wat breder wordt, vind je Kanoverhuur De Lindevaarders. Vanaf daar kun je de rest van de Linde ontdekken. Of natuurlijk ook het stuk dat wij hebben gedaan. In een ander jaargetijde.

Benieuwd naar andere kanoroutes die ik gevaren heb? Je vindt ze hier.

Kanoën in De Wieden

Route: Kanoroute Belt-Schutsloot van Natuurmonumenten
Afstand: 12 km
Start: Parkeerplaats Belterweg 12, Belt-Schutsloot
Eind: Parkeerplaats Belterweg 12, Belt-Schutsloot

Een boek met inspirerende kanotochten

Dit jaar kwam de herziene versie uit van het boek Kanoparadijs Nederland van Frank van Zwol en Jolanda Linschooten. Het bevat 43 leuk beschreven kano- en suptochten in heel Nederland. Nu had ik mezelf voorgenomen om meer te gaan kanoën dit jaar. Dit boek biedt daar volop inspiratie voor. Ik kocht het in februari. Hoewel het buiten nog lang geen kanoweer was, genoot ik op de bank van al van de mooie tochten die op me lagen te wachten. Vandaag was het zover en kanoden we de tocht door De Wieden. Deze tocht volgt de door Natuurmonumenten uitgezette route.

Nu is De Wieden geen onbekend terrein. Ik was er al vaker, ook met de kano. De laatste keer was vorig jaar zomer. We kwamen er toen na een paar kilometer achter dat onze vouwkano een gaatje in de bodem had. We namen de kortste weg terug naar de auto in de hoop niet nog een heel stuk te hoeven zwemmen. Dat lukte. De vouwkano is inmiddels gemaakt, maar vandaag betreden we het water met onze opblaaskano’s.

Het is kwart over 8 op een doordeweekse dag als we de verlaten parkeerplaats vlak voor Belt-Schutsloot oprijden. Op ons gemakje maken we de kano’s kano-klaar en beginnen aan onze tocht. Officieel is het rondje 10 km, maar onze opstapplaats ligt niet aan de route waardoor we nog een paar kilometers meer varen. Als eerste komen we door een stil Belt-Schutsloot, een idyllisch dorpje. De boerderijen hebben veelal rieten daken. Riet genoeg in de omgeving. De tuinen die aan het water grenzen vormen een kleurige bloemenzee en liggen er keurig bij.

Belt-Schutsloot

De Wieden is onderdeel van Nationaal Park Weerribben – Wieden, in de kop van Overijssel. Zowel De Weerribben als De Wieden zijn ontstaan door veenafgravingen. Bij de Weerribben heeft dat geresulteerd in haaks op elkaar gelegen rechte vaarten en sloten, bij de Wieden is alles veel kronkeliger. Het is elke keer weer een verrassing wat de volgende bocht je brengt. Je komt er uitgestrekte rietpercelen tegen, maar ook moerasbossen, allerhande plassen, meren, slootjes en veel bijzondere plant- en diersoorten.

De route die we varen maakt als het ware twee lussen die doorsneden worden door de Arembergergracht, een bredere vaart met veel motorbootjes. We volgen de markering van Natuurmonumenten die met genummerde bruine wegwijzers de kanoërs de goede kant op stuurt. Met alleen die markering waren we er niet gekomen. Er zijn teveel aftakkingen onderweg waar geen markering staat. De GPS-route bij dit boek komt dan ook goed van pas. Ik kan me levendig voorstellen dat je in dit gebied kunt verdwalen. Zeker in deze tijd van het jaar. Het riet staat nu hoog, waardoor je geen overzicht meer hebt over waar je bent.

Markering onderweg, dit is bij het eerste uitstappunt

Het wordt vandaag warm en dat merk je nu al. Een hoed met brede rand is geen overbodige luxe en de zonnebrand in de tas gebruiken we straks een tweede keer. Aanvankelijk staat er nauwelijks wind, waardoor het wateroppervlak er als een spiegel bij ligt. Boven het water zweven libellen, in het riet horen we het alles overstemmende gezang van de rietzanger en op de top van een rietstengel zit een rietgors onbekommerd zijn ding te doen. Als kanoër vaar je welhaast geruisloos voorbij waardoor je veel dieren kunt spotten.

Na 4 kilometer komen we het eerste uitstappunt tegen. De enige andere (tweepersoons) kano die we vandaag zien, vaart er net weg. Dus we hebben geluk. De al wat oudere kanoërs groeten vriendelijk. Het uitstappunt blijkt ook een kanokampeerplek te zijn. Je mag er de nacht doorbrengen met maximaal 3 trekkerstentjes binnen 10 meter van de paal. Er zijn verder geen voorzieningen. Wildkamperen in Nederland mag niet, maar dit komt aardig in de buurt. Wat leuk dat dit er is. Zou hier veel gebruik van gemaakt worden?

Kanokampeerplek en uitstappunt

Na een stroopwafelpauze varen we verder over de kronkelige slootjes en vaarten. Langzaamaan komt er wat meer wind. Heerlijk. We komen verschillende kolken (poelen) tegen met namen als het Toppenkolkje en het Stobbenkolkje, maar ook wijdes, zoals de Kleine Belterwijde. Een wijde (spreek uit: wiede) is nu een plas maar vroeger lagen hier trekgaten en ribben (legakkers), ontstaan door de veenafgravingen. Door stormen zijn verschillende ribben onder water verdwenen en ontstonden deze plassen.

De tweede lus is korter dan de eerste en na meerdere kolken en plassen, sommige vol met bloeiende waterlelies en hier en daar een zwaan, komt Belt-Schutsloot weer in zicht. Dit was een prachtige tocht door de natuur, waardoor ik me nog meer in mijn voornemen gesterkt voel om meer te gaan kanoën. Ik sluit me helemaal aan bij de zin uit Kanoparadijs Nederland:

“[…] want bij een kanotocht beleef je niet alleen het water, maar ook het weer, je stemming, de vrienden om je heen, het moment van de dag of de periode van je leven.”

Mocht je nu geen eigen kano hebben, dan is er genoeg keuze in kanoverhuurbedrijven. Op de site kanoparadijs vind je verschillende adressen, maar ook routes en overnachtingen in Nationaal Park Weerribben-Wieden. Tot slot nog een tip: als je echt rust zoekt en wil genieten van de vogels en insecten onderweg, ga dan op een doordeweekse dag buiten de zomervakantie. Uit eerdere ervaring weet ik dat het hier ook aardig druk kan zijn met fluisterbootjes en huurkano’s.

Benieuwd naar andere kanoroutes die ik gevaren heb? Je vindt ze hier.

Elke Maand Een … | Kanoroute Noordoost-Veluwe

Elke Maand Een: Route
Route: Kanoroute Noordoost-Veluwe bij Wapenveld
Afstand: 5 km
Start: Opstapplaats Bruggenhoek bij Wapenveld
Eind: Opstapplaats Bruggenhoek bij Wapenveld

Wij kanode de driehoek aan vaarten in de rode cirkel, met begin en eind bij knooppunt 6

Begin maart liepen we het Klompenpad Paddenpad bij Wapenveld. Op verschillende plekken kwamen we bordjes met kanoknooppunten tegen. We namen ons voor om op een zonnige voorjaarsdag dit gebied per kano te bekijken. Twee-en-een-halve maand later is het zover en ziet de wereld er compleet anders uit. Afgezien van een wereldwijde crisis is het waterpeil dramatisch gezakt. Moesten we begin maart nog omlopen vanwege het hoge water, nu wordt opgeroepen om zo weinig mogelijk water te gebruiken. Delen van de route zijn zelfs bijna drooggevallen.

Aan de Revelingseweg bij Wapenveld ligt het kano-opstappunt Bruggenhoek, tevens knooppunt 6. Twee stromen komen hier samen, de Wetering en de Nieuwe Wetering. Op beide plekken zijn kanosteigers gemaakt. Wij parkeren de auto bij de Wetering en maken onze opblaasbare kano’s kano-klaar. Het is er stil, op wat wandelaars na, waardoor we in alle rust kunnen bedenken hoe dat ook alweer moest, zo’n kano kano-gereed maken. Een eerste keer kanoën is elk jaar weer even puzzelen.

Klaar om het water in te gaan

We besluiten een niet al te lang rondje te doen en varen eerst de bredere Wetering op. Het water loopt parallel aan de dijk waarop we liepen met het Paddenpad, het gebied van de hoogwatergeul tussen Veessen en Wapenveld. De 8 kilometer lange geul wordt geopend als het waterpeil in de IJssel een kritiek punt bereikt. Hoogspanningsmasten domineren het landschap. Vanaf het water ziet zo’n gebied er weer heel anders uit.

Op de Wetering

Op het water is niemand, op een enkele meerkoet na. Op de oever staat een visser die net zijn lijn uitwerpt. Hij hoort ons niet aankomen. Ik waarschuw mijn mede-kanoër voor de lijn, maar geluid draagt ver op het water. “Geen probleem hoor”, roept de visser, trekt de lijn weer in en wacht tot we voorbij zijn. Ik vraag me af hoe vaak hij hier kanoërs tegenkomt.

De Wetering eindigt bij het Gemaal Veluwe. Bij een steiger tillen we beide kano’s uit het water en bieden daarmee vertier voor een stel koffiedrinkende fietsers op een picknickbankje. Ze willen weten of het opblaasbare kano’s zijn en of ze makkelijk te tillen zijn. We antwoorden bevestigend en illustreren ons antwoord door met zijn tweeën de twee kano’s op te tillen (ik de twee voorkanten en mijn mede-kanoër de achterkanten) en naar de steiger aan de andere kant van de weg te lopen. “Veel plezier nog” horen we achter ons. Glimlachend lopen we verder. Kano’s in elkaar zetten, te water laten, overtillen en zelfs het kanoën zelf zijn altijd een goede aanleiding voor een praatje.

De knooppunten zijn duidelijk aangegeven

Aan de andere kant van het gemaal kun je via de Zwarte Kolk verder richting Hattem, maar daar staat bijna geen water meer. Wat een verschil met maart toen dit hele gebied onder water stond. Wij hadden gelukkig al besloten om de andere kant op te gaan. In de beduidend smallere Nieuwe Wetering leggen we de kano’s er weer in en varen terug in de richting waar we vandaan kwamen. Aanvankelijk is het water overgroeid met struiken en bomen, maar al snel kanoën we langs grote nieuwbouwhuizen met tuinen aan het water. Koeien in een verderop gelegen weiland vinden ons interessant en rennen een heel stuk luid loeiend met ons mee. Dan volgt een camping waar campers en een enkele caravan netjes op een rij staan. Ze zijn er lekker even uit met het mooie pinksterweekend.

Geïnteresseerde koeien

Bruggenhoek komt weer in zicht. We tillen de kano’s eruit en lopen nog een paar honderd meter naar de plek waar we de auto hebben geparkeerd. Het is een stuk drukker geworden. De steiger waar we vanochtend erin zijn gegaan is nu bezet door twee zonnebadende mensen. Verderop heeft een gezin het zich gemakkelijk gemaakt aan het water. De kinderen zwemmen joelend in de Wetering. Twee wandelaars zitten op een picknickbankje en zijn benieuwd naar onze kano’s. Uiteraard beantwoorden we hun vragen.

Het was een mooie kanoroute, hier in het overgangsgebied tussen de IJssel en de Veluwe. Kanoknooppunt-bordjes wijzen in de richting van de volgende kanosteigers. De steigers zelf zijn nieuw. En het was rustig, we hebben geen andere kanoërs gezien hoewel het uitgelezen kanoweer was. Ik vraag me af hoe bekend deze route is. We hebben slechts een deel van de route gedaan. De officiële kanoroute loopt tussen Hattem en Veessen en is 12 km lang. Er zijn verschillende opstappunten. Mocht je geen eigen kano hebben, bij Vadesto in Hattem kun je kano’s huren. Meer informatie over het kanogebied vind je hier.

Net als vorig jaar is de Elke Maand Een …- uitdaging in 2020 een combinatie van eerdere uitdagingen. Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Ook dit jaar komen alle eerdere categorieën aan bod. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Benieuwd naar andere kanoroutes die ik gevaren heb? Je vindt ze hier.

Elke Maand Een … 2019 | Terugblik

2019 was een lustrumjaar voor de Elke Maand Een-uitdaging. Vijf jaar geleden begon ik met de uitdaging om elke maand over een museum te schrijven. De jaren daarop schreef ik over een foto met een verhaal, een route en een straatgedicht. In dit lustrumjaar besloot ik gedurende 2019 over alle vier de uitdagingen te schrijven.

Hoe is het me bevallen? Erg goed. Dit was geen lastig opgave. In enkele maanden schreef ik zelfs over meerdere zaken. Vooral die afwisseling maakte het leuk. Niet elke maand een museum, maar ook eens een route, een straatgedicht of een bijzondere foto waarbij het verhaal zich makkelijk laat schrijven.

Straatgedicht

Nog steeds kijk ik op de plekken waar ik kom om me heen, in de hoop een straatgedicht te spotten. Vaak lukt dat ook. Zo ontdekte ik dit jaar in de Passage in Den Haag, op station Utrecht Centraal, in Tilburg en in de veerterminal van Harlingen mooie exemplaren waar ik over schreef. Ik zag er echter veel meer, zoals deze in Naarden-Vesting.

Jana Beranová in Naarden-Vesting

Genoeg materiaal dus om volgend jaar mee verder te gaan.

Route

Kanoën in de Mastenbroekerpolder

Naast wandelroutes in Zeeland, het Rijk van Nijmegen en het Eiland van Schalkwijk schreef ik dit jaar ook een artikel over een kanoroute. Een activiteit die ik graag, maar veel te weinig doe. Ik ben wel benieuwd of dit de kanoërs onder de lezers aangezet heeft tot kanoën.

Foto

De lezer in de Hortus Botanicus Leiden

Als ik iets aparts, bijzonders of gewoonweg moois zie, maak ik er een foto van. Soms leidt dit tot een verhaal. Zo kon ik dit jaar de lezer in de Hortus in Leiden niet ongemerkt voorbij laten gaan en werd het ook hoog tijd om de stiltecoupé in een artikel te verwerken. Daarnaast inspireerden een zak glutenvrij hondenvoer en een roze post-it me tot verhalen. Door foto’s als uitgangspunt te nemen krijg je verrassende posten.

Museum

Detail uit Collage#6 van Ruud van Empel in Museum Belvédère Oranjewoud

Ik kom niet elke maand meer in een museum, maar toch wel met enige regelmaat. En altijd valt er weer iets op. Een kunstwerk, een persoon, een sfeer. Genoeg stof tot schrijven. De beschreven musea van dit jaar lagen verspreid over het (buiten)land, namelijk in Rheine in Duitsland, Oranjewoud en Tilburg.

Dus

Een behaalde uitdaging dus in 2019. Een overzicht van alle blogposten vind je hier. De afwisseling tussen de verschillende onderwerpen is me zo goed bevallen dat ik hier in 2020 mee doorga. Elke maand een Museum, Foto, Route of Straatgedicht in 2020!

Elke Maand Een … | Kanoën in de Mastenbroekerpolder

Elke Maand Een: Route
Route: Kanoroute Mastenbroekerpolder
Afstand: 10,8 km
Start: Opstapplaats Kerkwetering / Oude Wetering Mastenbroek
Eind: Opstapplaats Kerkwetering / Oude Wetering Mastenbroek

Kanonetwerk Mastenbroekerpolder, in rood onze route

Al enkele decennia is mijn man de trotse bezitter van een Oost-Duitse tweepersoons vouwkano van zeker 50 jaar oud. In gevouwen vorm past de kano op de achterbank van onze auto en is dus makkelijk mee te nemen naar een kano-plek naar keuze. Eenmaal daar aangekomen passen we de gelakte latjes in elkaar en schuiven het geheel in het blauwe doek, waardoor er een kano ontstaat. Vaak ontlokt dit construeren verbaasde blikken bij de andere watersporters. Soms ook wel uitroepen van herkenning.

Op de ochtend van een warme zomerdag in juli hebben we geen toeschouwers. Nog voor negenen liggen de latjes al uitgespreid over de steiger in Mastenbroek, een dorp in de gelijknamige polder tussen Kampen en Zwolle. De kerk van het buurtschap staat op een steenworp afstand. Een informatiebord toont de geschiedenis van een van de oudste polders van Nederland. Al in de 14e eeuw is dit gebied – toen een moerasbos – drooggelegd. Al ruim 10 jaar zijn er verschillende kanoroutes te vinden in deze polder. Hoog tijd om eens op ontdekking te gaan.

Het start- en eindpunt in Mastenbroek van ons kanorondje

Als de kano in elkaar zit, leggen we hem in het water en varen de brede sloot op. Links van ons loopt een lange rechte weg waar zelfs op deze vroege zaterdag veel auto’s rijden. Rechts is weiland. Allerhande waterplanten bloeien kleurig langs de oever. Een fris windje maakt golfjes op het glinsterende water.

De waterwegen in de polder zijn net als de autowegen lang en recht. Het had me van tevoren wat saai geleken, maar niets is minder waar. Vanaf het water ziet de wereld er heel anders uit. Doordat je laag zit, zie je alleen maar de natuur om je heen. Een waterhoentje dat geschrokken opvliegt, een koe die enkel haar kop even opheft om vervolgens weer onverstoorbaar verder te kauwen, de libellen in verschillende soorten en maten die voor je over het water scheren. De weg merk je enkel op als er een auto of fietser langskomt.

We maken een rondje (of eigenlijk een vierkantje) van ruim 10 km door sloten, vaarten en over een meertje. We pauzeren bij een steiger aan het brede water langs de Kamperzeedijk en kijken uit op het stoomgemaal Mastenbroek, door de Zeediekers ‘d’Olde Mesiene’ genoemd. De schoorsteen zagen we al van verre. Ik lees later dat dit uit 1885 stammende gemaal de oudste horizontaal draaiende stoommachine van Europa is. Het gemaal heeft een prachtig uitzicht over het water. Ganzen drijven voorbij en doorkruisen de velden met waterlelies.

Stoomgemaal Mastenbroek, oftewel ‘d’Olde Mesiene’

Onderweg komen we veel bruggetjes tegen die de wegen met elkaar verbinden of de oprit vormen naar een boerderij. Bij de meeste bruggetjes hoeven we niet te bukken. Bij sommige wel. Dit zijn betonnen exemplaren die wel 10 meter lang zijn, smal, laag en zonder uitzondering vol spinnenwebben. Peddelen lukt niet in zo’n smalle tunnel en dus trekken we ons er aan de muren doorheen. Geen optimale doorgang, maar we hebben tijdens ons rondje de kano niet één keer hoeven overtillen.

Na ruim 2 uur zijn we weer terug bij de steiger in Mastenbroek. Het is er nog net zo rustig als toen we begonnen. Ook onderweg zijn we geen andere watersporters tegengekomen. Op een zonnige zaterdag in de zomervakantie hadden we dit wel verwacht. Misschien moet de Mastenbroekerpolder nog ontdekt worden door de kanoënde medemens? Aan de natuur ligt het in ieder geval niet. Dit mooie gebied is zeker een kanotocht waard.

Mocht je nu ook een kanotochtje willen maken in de Mastenbroekerpolder, maar je hebt geen eigen kano? Bij Boer Pelleboer kun je een kano huren.

2019 is een lustrumjaar voor Elke Maand Een… Afgelopen jaren schreef ik elke maand over respectievelijk een museum (2015), een route (2016), een foto (2017) en een straatgedicht (2018). Dit jaar laat ik alle eerdere categorieën aan bod komen. Een overzicht van de artikelen vind je hier.

Benieuwd naar andere kanoroutes die ik gevaren heb? Je vindt ze hier.